2. Notitie NIOD opties wetenschappelijk onderzoek
Tekst van het document
1 Notitie: Onderzoek Ontrechting en rechtsherstel, gemeente Zwolle Conform afspraak met Liselotte Bredie op 26 oktober 2020 volgen hieronder verschillende mogelijkheden naar het doen van onderzoek naar Ontrechting en rechtsherstel in de gemeente Zwolle. Voor een dergelijk onderzoek zien we als Nederlands Instituut voor Oorlogs-, Holocaust en Genocidestudies (NIOD) een drietal opties. Optie 1 voldoet aan de recent gestelde commotie rond de vraag hoe gemeenten zijn omgegaan met roof en ontrechting van Joods onroerend goed tijdens de bezettingsjaren. Het gaat dan onder meer om de vraag of de gemeente Joods bezit heeft gekocht en op welke wijze na de oorlog rechtsherstel heeft plaatsgevonden. Ook speelt de kwestie in hoeverre de gemeente haar Joodse inwoners achterstallige belastingen heeft opgelegd of op andere manier kil en bureaucratisch is opgetreden. In een dergelijke rapportage gaat het om zakelijke gegevens die het thema betreffen en is er weinig tot geen ruimte voor de context waarbinnen een bepaalde gemeente handelde. Een voorbeeld is het in juni van dit jaar verschenen rapport over Rotterdam.1 Optie 2 is een drie jaar durend gedegen onderzoek. Een dergelijk onderzoek zal grotendeels worden uitgevoerd door een onderzoeksassistent die zijn/haar werk zal doen onder leiding van Kees Ribbens die in 1995 het boek Bewogen jaren. Zwolle in de Tweede Wereldoorlog schreef.
Ribbens zal (eventueel samen met de onderzoeksassistent) het resultaat van het onderzoek in boekvorm doen verschijnen. Optie 3 is een promotietraject, met als eindresultaat een toegankelijk geschreven proefschrift in boekvorm. Bij een dergelijk traject ligt de duur vast op vier jaar. Vanwege deze tijdspanne zal halverwege het onderzoek worden voorzien in een tussenrapportage vergelijkbaar met die van Rotterdam (zie noot 1). Het promotietraject heeft de voorkeur van het NIOD omdat het niet alleen voldoet aan de voorliggende maatschappelijke vraag (wat was de rol van de gemeente Zwolle inzake roof, ontrechting en rechtsherstel?), maar ook omdat het NIOD het als een belangrijke doelstelling ziet om vragen uit de samenleving te combineren met het opleiden van jonge wetenschappers.2 Wanneer er voor dit traject wordt gekozen, zal Kees Ribbens als promotor optreden en als zodanig intensief bij het hele onderzoek betrokken zijn. Het NIOD ziet interessante mogelijkheden om de gemeente Zwolle in de context van bezetting, bevrijding en nasleep te onderzoeken en derhalve volgt hieronder een korte uiteenzetting over de richting die een dergelijk onderzoek uit zou kunnen gaan. Richting van het onderzoek De Joodse gemeenschap in Zwolle bestond aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog uit meer dan 800 mannen, vrouwen en kinderen.
De Duitse bezettingsautoriteiten dwongen hen huis en haard op te geven, daarbij gebruikmakend van Nederlandse overheidsorganen. Niet minder dan 450 Zwolse Joden overleefden de Duitse bezetting niet. Degenen die na de bevrijding terugkeerden uit de kampen of de onderduik, overheerst door gevoelens van verlies en een drang om toch aan een toekomst te bouwen, ervoeren niet zelden een bureaucratische kilte. Door het recent toegenomen besef van de systematische ontrechting tijdens de bezetting en de vaak tekortschietende naoorlogse afhandeling van de vervolging en ontrechting is meer oog ontstaan voor deze lotgevallen van Joodse medeburgers. De omgang met hun onteigende bezit zowel tijdens als na de Duitse bezetting vraagt 1
Hinke Piersma en Marleen van den Berg, Ontrechting & rechtsherstel. Het Rotterdamse gemeentebeleid inzake ontrechting en rechtsherstel van Joodse oorlogsslachtoffers 1940-1950 (juni 2020). Raadpleegbaar online: https://www.niod.nl/nl/rapport-%E2%80%98ontrechting-en-rechtsherstel%E2%80%99-rotterdam 2 Op deze manier is ook het onderzoek naar de gemeente Rotterdam ingericht.
2 om aandacht; aandacht voor de ambtelijke gang van zaken, maar ook aandacht voor de ervaringen van degenen die tijdens de oorlog sociaal-economisch werden uitgesloten. Bestudering van de wijze waarop Joodse Zwollenaren met dit alles geconfronteerd werden, daarin zelf actie ondernamen en de interactie die vervolgens op lokaal - maar ook (inter)nationaal – niveau gestalte kreeg (met inbegrip van de gemeente, de Joodse gemeenschap, de landelijke overheid, hulporganisaties), biedt zicht op hoe de plaatselijke samenleving zich rekenschap gaf van de recente bezettingsgeschiedenis die voor verschillende groepen zeer uiteenlopende consequenties had. Met de beëindiging van de vijandelijkheden was de oorlog geen afgesloten geschiedenis en de nadruk in vroege Zwolse oorlogsherdenkingen op eensgezindheid en heroïek, op een collectief doorstane periode, deed onvoldoende recht aan moeilijk voorstelbare ervaringen die meer dan eens met onbegrip werden benaderd. Ontrechting en rechtsherstel zijn administratieve en juridische processen. Maar omdat ze diep en vaak langdurig ingrijpen in het bestaan van individuele burgers en families, hebben ze de levens van veel Zwollenaren en hun nakomelingen getekend.
Joodse stadsgenoten probeerden na de oorlog een bestaan op te bouwen in Zwolle, verhuisden naar Amsterdam, trokken naar de jonge staat Israël of emigreerden – zoals Selma Wijnberg – naar Noord-Amerika. Hoe werden zij getroffen door de ontrechting, welke rol speelden deze ervaringen in hun bestaan, hoe worstelden zij met de materiële erfenissen van de bezetting, hoe verhielden zij zich tot hun medeburgers en, niet in de laatste plaats, hoe stelden bestuurders en overheden zich zowel tijdens als na de bezetting op? Het in beeld brengen van de zienswijzen en ervaringen aan beide zijden – van burgers en overheid – geeft deze geschiedenis een gezicht dat deel uitmaakt van de bredere Zwolse geschiedenis in de 20e en 21e eeuw. Een dergelijk onderzoeksproject streeft ernaar deze ervaringen en het daarop volgende streven naar herstel vanuit een tweezijdig perspectief inzichtelijk maken met oog voor zowel het formele proces als de menselijke impact daarvan op langere termijn.
(NIOD, Hinke Piersma en Kees Ribbens, 29 oktober 2020)
3 Indicatie van de kosten Wanneer de gemeente Zwolle een besluit heeft genomen dan zullen we uiteraard een gespecificeerde begroting opstellen. Optie 1. Rapport3 Indicatie van de kosten op grond van freelancetarief. Minimale kosten: twee maanden voltijds: € 26.000 ex. BTW. Dit bedrag is inclusief reiskosten en bureaukosten. De praktijk heeft geleerde dat twee maanden voltijds werken aan een dergelijke rapportage aan de krappe kant is vanwege het vele en vaak complexe archiefmateriaal. Maximale kosten derhalve € 52.000
Optie 2. Onderzoek voor de duur van drie jaar. Onderzoeksassistent gedurende drie jaar voltijds inclusief overhead: € 300.000; personeelskosten Kees Ribbens, jaar 1 en 2 voor 1,5 dag per week; jaar 3 voor 3 dagen per week: € 180.000. Totale personeelskosten: € 480.000
Optie 3. Promotieonderzoek inclusief een rapportage halverwege het onderzoek Promovendus-onderzoeker voor vier jaar: € 350.000 euro (dit is inclusief materiële kosten zoals onderzoekskosten en dergelijke); personeelskosten senioronderzoeker voor het schrijven van het rapport gedurende van zes maanden voor 1 dag per week: € 12.000 (inclusief overhead). Totale personeelskosten: € 365.000
3
Recentelijk heeft het NIOD gemeend zijn beleid ten aanzien van ‘onderzoek in opdracht’ te moeten aanscherpen. Alleen in die gevallen waarin er ruimte is voor diepgravend onderzoek, ziet het instituut een wezenlijke rol weggelegd. Wetenschappelijke opvattingen over het vernieuwende karakter van historisch onderzoek liggen hieraan ten grondslag. Een goed begrip van de gebeurtenissen uit het verleden vraagt om een bestudering in context. In dit specifieke geval gaat het om uitsluiting en ontrechting van Joodse burgers in Zwolle, een beladen verleden dat alleen in samenhang en binnen de dynamiek van de stad goed kan worden begrepen.