CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Lokaal: Projectplan Veilig Samenspel Zwolle

Raad Besluitvormingsronde 9 maart 2026, gemeente ZwolleBij agendapunt: Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming3.152 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Veilig Samenspel DOORONTWIKKELING ACTIEONDERZOEK ZWOLLE 12-2024 TOEKOMSTSCENARIO KIND-GEZINSBESCHERMING REGIO IJSSELLAND

Doorontwikkeling Actieonderzoek Zwolle Toekomstscenario à VEILIG SAMENSPEL

Inleiding en context: In het voorjaar van 2024 is de start geweest van actieonderzoek in Zwolle, in samenwerking met het Instituut Publieke Waarden (IPW). Dit actieonderzoek maakt deel uit van het landelijke programma Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming (TKSC). Het doel is/ was om samen met regionale partners tien casussen te verkennen aan de hand van de Doorbraakmethode. Deze werkwijze probeert gangbare patronen en standaardoplossingen te doorbreken, gericht op het bevorderen van duurzame veiligheid, van 0-100 jaar en een integrale benadering in de regio. Op 2 oktober 2024 vond een bestuurlijk overleg (BO IPW) plaats waarin de voorlopige resultaten zijn gedeeld. Wat opviel, was dat oplossingen voor de casuïstiek vooral voortkomen uit aandacht voor bestaanszekerheid, waaronder huisvesting, netwerkondersteuning/informele zorg, en financieel maatwerk. Deze bevindingen onderstrepen het belang van systeemgericht werken en het leren van casuïstiek om duurzame veiligheid te bevorderen. Het BO reageerde positief op de voorlopige uitkomsten en benadrukte het belang van borging in de regio IJsselland. In de gemeente Zwolle wordt momenteel een (vervolg) pilot voorbereid. Deze pilot is een belangrijk onderdeel binnen het regionale project Toekomstscenario IJsselland en de actielijnen A en B.

Actielijn A richt zich op het faciliteren van ‘evalueren en leren van gezamenlijke casuïstiek’, terwijl actielijn B inzet op regionaal werken volgens de visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid en kwaliteitskaders. Deze pilot draagt bij aan het bredere gesprek over de ontwikkeling van stevige lokale teams en het regionale veiligheid team (RVT). Door te werken en ervaringen op te doen in duo’s willen we de landelijke opgave en uitdagingen vertalen naar de praktijk. Het werken in duo's binnen de kind- en gezinsbescherming wordt gezien als een belangrijk alternatief voor het estafettemodel, omdat het diverse voordelen biedt die bijdragen aan betere resultaten voor gezinnen en een effectievere werkwijze voor professionals. Dit biedt niet alleen een manier om Bottom-up te leren en ontwikkelen, maar helpt ook andere gemeenten om (in de toekomst) aan te sluiten bij deze aanpak. De pilot biedt concreet handvatten om de ambities van het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming tastbaar te maken (zie figuur).

1

Een belangrijke randvoorwaarde voor het succes van deze pilot is het commitment vanuit alle betrokken gemeenten aan de voorkant. Dit commitment is nodig om de pilot goed te positioneren binnen de regio en de inzichten te benutten voor systematisch leren en ontwikkelen gericht op het versterken van de samenwerking in situaties van onveiligheid. Hieronder wordt de vervolg pilot verder uiteen gewerkt Het door ontwikkeltraject ‘Veilig Samenspel’ concreet: Binnen het door ontwikkeltraject benut Zwolle de ervaringen van de proeftuin(werkwijze) 'Samenspel in de wijk'. In deze werkwijze staat een systeemgerichte aanpak centraal. Deze werkwijze integreert systeemgerichte en integrale casuïstiek benadering waarbij zowel formele als informele netwerken betrokken worden. Samen met regionale partners richten we ons op het verminderen van veiligheidsrisico’s en versterken we de ondersteuning rond gezinnen 0-100 jaar. Deze aanpak sluit aan op de ervaringen die zijn opgedaan met het IPW-traject.

2

Visie op gezamenlijk leren en systeemgericht werken Samenwerken aan veiligheid is altijd maatwerk. Gezamenlijk evalueren en leren is essentieel voor een effectieve aanpak. Het gezamenlijk leren van casuïstiek in de regio IJsselland is geworteld in de systeemgerichte benadering en de visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid. Deze benadering erkent dat duurzame veiligheid alleen bereikt kan worden door rekening te houden met de bredere context van gezinnen, waaronder hun sociale netwerken, leefomgeving en toegang tot voorzieningen. Het uitgangspunt is dat veiligheid niet losstaat van andere factoren, zoals bestaanszekerheid, informele steun en dat samenwerken in fases – van directe veiligheid en risico gestuurde zorg tot duurzaam herstel en toekomstperspectief – essentieel is voor een integrale aanpak. Door het leren van casuïstiek vanuit deze visie wordt niet alleen gereageerd op acute situaties, maar worden ook onderliggende patronen en systeemfactoren blootgelegd. Dit biedt de mogelijkheid om structurele verbeteringen door te voeren en gezamenlijk domein overstijgend kennisopbouw te realiseren. “Samenwerken aan Veiligheid” fungeert hierbij als een rode draad, met de nadruk op preventie, verbinding en maatwerk.

Naast de ontwikkeling in Zwolle, waar op het gebied van systeemgericht werken al belangrijke stappen zijn gezet, wordt ook op regionaal niveau een beweging ingezet om te leren en te ontwikkelen op systeemgericht werken en met aandacht voor de visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid. In dit kader worden sleutelfiguren van gemeenten en regionaal werkende organisaties uitgenodigd (planning Q1 / Q2 2025) voor een gezamenlijk dagdeel waarin systeemgericht werken centraal staat. Dit dagdeel biedt niet alleen ruimte voor reflectie en kennisdeling, maar dient tevens als opstap naar een structureel aanbod voor training en verdere professionalisering, ondersteund door de ambities zoals gesteld in de regionale startfoto Toekomstscenario. Dit versterkt de regionale samenhang en versnelt de implementatie van een integrale, systeemgerichte werkwijze. 3

Te bereiken doelstelling • Systematisch leren van actuele casuïstiek waarin veiligheidsrisico’s spelen, voor alle leeftijden. • Versterken van samenwerking als een netwerk om het gezin/ het huishouden, in plaats van het estafettemodel waarbij casussen worden overgedragen. Professionals van een regionale organisaties werken flexibel, voegen in en uit en delen een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het bevorderen van veiligheid. • Bevorderen van een systeemgerichte en integrale werkwijze om anders te kijken en te handelen in complexe casuïstiek. • Ervaring opdoen met de samenwerking in duo’s, waarin een medewerker van het SWT en een professional van een regionale organisatie als aanspreekpunten voor het gezin fungeren. • Doorontwikkeling van het duurzaam regionale veiligheidsplan, gebaseerd op gefaseerd samenwerken aan veiligheid, gericht op directe veiligheid, risico gestuurde zorg, herstel en het gezamenlijk werken aan een duurzame toekomst. • Voorkomen van escalaties die leiden tot gedwongen maatregelen, zoals ondertoezichtstellingen (OTS) en spoedzaken (VOTS), door preventief en duurzaam maatwerk.

Leervragen: -

-

-

-

-

-

Welke voorwaarden zijn nodig om regionale organisaties/ expertise flexibel te laten in- en uitvliegen, terwijl gezamenlijke verantwoordelijkheid voor veiligheid gewaarborgd blijft? Wat is er nodig om te verschuiven van een estafettemodel naar een netwerkmodel waarin organisaties structureel samenwerken? Hoe gaan we om met het gevoel van ongemak bij professionals? Hoe kunnen we professionals en management ondersteunen in het constructief omgaan met uitdagingen en complexiteit bij onveilige casuïstiek. Zodat dit bijdraagt aan groei, samenwerking met betrokken professionals rondom het gezin/ huishouden en bijdraagt aan innovatieve oplossingen? Hoe ontwikkelen we een samenwerkingsnetwerk van betrokken professionals die elkaar vertrouwen en ondersteunen, ook buiten de gebruikelijke structuren? Hoe stimuleren we een steunend netwerk van informele en formele personen rondom het gezin om duurzame veiligheid te creëren? Hoe ga je om met meldingsdilemma’s rondom onveiligheid, vooral in situaties waarin de professionals twijfelen aan de toegevoegde waarde van een melding? Hoe kunnen we de rol van Veilig Thuis en de Raad voor de Kinderbescherming beter bespreekbaar maken bij ouders en een open dialoog bevorderen, zodat ouders actief betrokken blijven? Hoe kunnen we zorgen dat we expertise erbij halen, zonder het gevoel van onveiligheid te versterken? Hoe komen we tot een meer

gemeenschappelijkere taal rondom veiligheid, die begrijpelijk en toepasbaar is voor alle betrokkenen? 4

-

Wat is er nodig om vanuit een systeemgerichte benadering te blijven werken, ook als de druk om tot een oplossing te komen buiten het gezin toeneemt. Hoe kunnen we gezamenlijk inzetten op maatwerk op basis van legitimiteit, betrokkenheid en rendement om dit maatwerk te onderbouwen? Wat kan de rol van de RvdK zijn bij het toevoegen van expertise bij de casuïstiek zonder in te boeten op rechtsbescherming.

Werkproces: We willen de komende twee jaar, 1 keer per 3 weken met elkaar casuïstiek bespreken. Deze casuïstiek wordt gezamenlijk met de verschillende professionals (organisaties) besproken. Hierbij zijn professionals aanwezig van de volgende organisaties: SWT, VTIJ, JBOV, WSS,LJ&R,LdH, RvdK, Kadera, manager Lokaal Team en beleidsmedewerker Zwolle. De casusbespreking wordt geleid door een voorzitter. De casuïstiek is actueel en we gaan actie onderzoekend aan de gang. •

•

•

•

•

• •

•

Doelgroep: We beginnen met gezinnen met kinderen waarin onveiligheid speelt. De focus vanuit het Toekomstscenario is op 0-100 jaar. In deze pilot kiezen we in eerste instantie voor gezinnen met kinderen. Waarin de ambitie op de langere termijn ook gericht is op huishoudens zonder kinderen. Voorzitterschap: De projectleider van het Toekomstscenario IJsselland neemt het voorzitterschap van de casusbesprekingen op zich en richt zich teven op ‘het opleiden’ van medewerkers die dit in de toekomst kunnen overnemen. Duo’s: We werken met duo’s als aanspreekpunten voor elk gezin. Duo’s worden samengesteld uit een SWT-medewerker en een professional van JBOV, VTIJ, WSS. In de 1e casusbespreking van de casus wordt besloten wie welke duo’s vormt. Regionaal Veiligheidsplan: Het plan wordt iteratief ontwikkeld en afgestemd op behoeften. Projectleider Toekomstscenario IJsselland leidt dit proces, samen met een medewerker van Veilig Thuis. Opbrengsten uit deze pilot worden verbonden aan actielijn B. Casusbesprekingen: Bijeenkomsten vinden elke drie weken plaats om casussen, waaronder spoedzaken, te bespreken. De bijeenkomst kent een tijdsduur van twee uur. In deze bijeenkomst worden 2 tot maximaal 4 casussen per keer besproken. Het doel is om 30 tot 40 casussen in 2025 en 2026 te behandelen. Waarbij tussentijdse evaluatie kan leiden tot aanpassing van dit aantal.

Opstart: Voor aanvang wordt er een gezamenlijke bijeenkomst gepland met alle betrokkenen om het werkproces bij en vast te stellen. Aanmelden casuïstiek: Casuïstiek kan door het SWT worden aangemeld. We verwachten dat zij de meeste casuïstiek inbrengen. Echter willen we ook ruimte laten voor de andere betrokken organisaties om casuïstiek aan te melden. Casuïstiek kan worden aangemeld bij de voorzitter van het overleg. Gegevens worden vermeld op het definitieve werkproces. Bij aanmelding heeft de betrokken professional aandacht voor de rol van ouders en kinderen in de casusbespreking. Toestemming wordt gevraagd of ouders/kinderen zijn aanwezig. We nemen explicieter de tijd om de verdiepende analyse gezamenlijk te maken bij iedere nieuw ingebrachte casus. 5

Organisaties en deelnemers in het doorontwikkelproces: • • • •

ADF-veiligheid van team Zuid en West (5 per team dus totaal 10) VT – medewerkers aangesloten bij team Zuid en West (totaal 2) RvdK- medewerkers aangesloten bij team Zuid en West (totaal 2) 3 GI’s – medewerkers aangesloten bij team Zuid en West (JBov 2, WSS 1, LdH 1, gedragswetenschapper van JBov (1) (totaal 5) • Kadera – medewerker verbonden aan team Zuid en West (totaal 1) • Een systeemtherapeut die al verbonden is bij het SWT. Afhankelijk van de casus wordt er expertise bijgehaald of afgeschaald denk aan bijv. GGZ-expertise of woningbouw. Taken en rollen deelnemers WIE Taak en rol Voorzitter - Verwerken (evt. bespreken) aanmelding casus - Agenda uitnodiging- planning - Voorzitten van het overleg/ procesbegeleider - Bewaken voortgang - Evaluatie en monitoring Swt

-

RvdK

-

Inbrengen casus Voorspreken en toestemming vragen aan het gezin Regiefunctie voor het gezin Vormen van duo’s Acties voortkomend uit bespreking oppakken en indien nodig ook terugkoppelen. Inbrengen casus Expertise toevoegen/ inbrengen

Jbov/ WSS / LdH

-

Inbrengen casus Expertise toevoegen/ inbrengen Vormen van duo’s

Kadera

-

Inbrengen casus Expertise toevoegen/ inbrengen Expertise toevoegen/ inbrengen

-

Stimuleren inbrengen casuïstiek Leidinggeven medewerkers SWT Signalen knelpunten in de praktijk Evaluatie en monitoring Verbinding met projectgroep Toekomstscenario Alternatieve oplossingen aandragen Inbrengen casus Expertise toevoegen/ inbrengen

Systeemtherapeut/ Gw-er Manager lokaal team

Beleidsmedewerker Zwolle VTIJ

6

Monitoren en (tussentijds) evalueren We evalueren zowel tussentijds als op het eind na 2 jaar. In de evaluatie is er aandacht voor de geformuleerde doelstellingen en leervragen. Relevante opbrengsten of ervaringen worden gedeeld met de regio en gebruikt om de aanpak in de regio verder vorm te geven. De ambitie is om het leren centraal te stellen en de resultaten inzichtelijk te krijgen maken we gebruik van monitoring via de dynamische leeragenda. Dit is een vorm van reflexieve monitoring waar in de proeftuin van het SWT Zwolle mee gewerkt wordt. Of dit mogelijk is is afhankelijk van organisatieontwikkeling. In Q1 2025 zal hier meer duidelijkheid over zijn. Als we gebruik kunnen maken van de bestaande medewerker reflexieve monitor hebben we het volgende doel (zie bijlage). Het doel is om vanuit 1e (verbeteren), 2e (transformatie) en 3e orde (transitie) te veranderen. De methodiek reflexieve monitoring in actie is bedoeld om in de praktijk te leren en verbeteren. De medewerker reflexieve monitor, ondersteunt en monitort het veranderproces door aanwezig te zijn bij de casusbesprekingen. Zij vertaalt de knelpunten, dilemma’s en verhalen naar leer- en ontwikkelvragen. Zo houden we focus op onze doelen, blijven we scherp op het veranderproces en op wat er nodig is om te blijven leren. We reflecteren continu op wat we doen terwijl we het doen.

Zie verder bij de bijlage Reflexieve monitoring. Training Als eerste stap doorloopt het vaste team een gezamenlijke (systemische) training. We denken hier aan 1 of 2 dagen maar willen dit graag in afstemming met de Swolsche School doen. Doel is samen anders te kijken (vanuit de transformatiegedachte van het normaliseren), denken en handelen bij casuïstiek waarbij het leren centraal staat en het komen tot gemeenschappelijke taal. Managementtafel Naast het proces op de uitvoering wordt een management tafel ingericht waar alle betrokken vaste kernpartners op managementniveau aan deelnemen. Deze tafel vindt 1 x per 4 maanden plaats. Op deze tafel wordt o.a. het volgende besproken: 1. Het volgen van de voortgang pilot; 2. Knelpunten uit de praktijk van pilot oplossen of escaleren naar de bestuurlijke trekkers als men er niet uit komt; 3. Reflecteren en leren van de praktijk. Samenhang met de projectgroep Toekomstscenario De voortgang van deze pilot wordt ook geborgd binnen de bredere projectgroep Toekomstscenario, waar partners samenwerken aan de regionale doorontwikkeling van het TKSC. Regionaal leren Het is mogelijk dat kleine gemeenten aansluiten bij deze aanpak. Zij kunnen gebruikmaken van de infrastructuur die gedurende dit traject wordt opgebouwd door casuïstiek in te brengen uit hun gemeente, uiteraard met de inzet van de betreffende lokale professionals. 7

Kleine gemeenten worden specifiek genoemd omdat het voor hen vaak niet haalbaar is om een vergelijkbare lokale structuur op te zetten, gezien het relatief lage aantal casussen waarin onveiligheid speelt. Hoe deze aansluiting vorm kan krijgen, gaan we gaandeweg ontdekken. Dit proces is een onderwerp van gesprek binnen de regionale projectgroep TKSC. Om deze ontwikkeling goed te positioneren en te stimuleren, maken we gebruik van de bestaande structuren in de regio, zoals: - Ambtelijk Overleg Huiselijk Geweld; - De Werkgroep Toegang; - Bestuurlijk Overleg TKSC Via deze structuren kunnen we de aanpak verder ontwikkelen, evalueren en bijsturen, zodat zowel grote als kleine gemeenten baat hebben bij de leerpunten en de opgebouwde structuur. Financiën In de basis wordt een kostenraming gemaakt die na drie maanden geëvalueerd wordt, omdat we op dit moment niet exact weten wat de werkwijze, zoals werken in duo's, aan inzet en middelen gaat vragen. Voor de startfase worden de volgende afspraken voorgesteld: 1. Werken in duo’s o Organisaties die gaan werken in duo's worden in eerste instantie tegemoetgekomen door 3 uur per week, per professional te compenseren. o Voor de praktijk wordt gekeken hoe dit structureel vorm kan krijgen. Een mogelijke optie is dat de professional van de gecertificeerde instelling (GI) wordt gedetacheerd naar het sociaal wijkteam (SWT). 2.

Deelname aan overleggen o Overige partners die deelnemen aan de overleggen ontvangen een tegemoetkoming van 3 uur per overleg (2 uur overleg, 1 uur voorbereiding). 3. Facturering o Alle uren kunnen worden gefactureerd aan de centrumgemeente Zwolle, gericht aan het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming.

8

Kostenraming De uiteindelijke kosten zullen, afhankelijk van de uitkomsten van de evaluatie na drie maanden, verder worden gespecificeerd en waar nodig worden aangepast. Wat Wie Toelichting Kosten (per uur) Training

Swolsche School

Nader te bepalen bij aanvang

Systeem therapeut Deelname Pilot: - Inbrengen casus - Expertise toevoegen - Werken in duo’s

JBOV, Kadera, WSS en VTIJ

100,- per uur

Samenhang met andere ontwikkelingen: Verklarende analyse - Ronde tafels; ernstige zorgen De ronde tafel ernstige zorgen is een aanpak die zich richt op complexe situaties waarin ernstige zorgen spelen rond de veiligheid, welzijn of ontwikkeling van een jeugdige. Het doel van deze ronde tafel is om op een gestructureerde en multidisciplinaire manier tot een gezamenlijke analyse en aanpak te komen, waarbij de betrokken professionals en het gezin zelf deelnemen. Het starten van deze pilot kan in de praktijk betekenen dat de casusbespreking binnen deze pilot in plaats van de Ronde Tafel ernstige zorgen is. Mocht er toch opschaling naar de RvdK nodig zijn wordt er gezamenlijk gewogen hoe dit het beste vorm gegeven kan worden

9

Bijlage Proces/Planning Om de pilot zorgvuldig voor te bereiden en te starten, volgen we de volgende stappen: Bespreking plan in Projectgroep Toekomstscenario Datum: 17 december 2024 Doel: Het plan bespreken en commitment ophalen en feedback Bespreking plan in AO Huiselijk Geweld Datum: 17 december 2024 Doel: Het plan bespreken en de regionale feedback ophalen bij betrokken partners en ambtelijk commitment bespreken. Bespreking plan in BO Kartrekkers Datum: 18 december 2024 Doel: besluitvorming m.b.t. regionaal commitment ophalen bij alle betrokken partijen. Er wordt besproken hoe commitment van alle gemeenten geborgd kan worden: Er is gekozen om een BO te beleggen in januari of februari 2025. Voorbereidende startbijeenkomst met betrokkenen Datum: januari - februari 2025 Doel: Op uitvoerend niveau de pilot gezamenlijk doornemen en vaststellen. Hierin worden bijv. de volgende onderwerpen besproken: De route van aanmelden. Samenwerkingsafspraken. Contactgegevens uitwisselen. Praktische organisatie van de pilot. Start pilot Datum: Q2- 2025 Doel: De pilot officieel van start laten gaan op basis van de voorbereidingen en het commitment. Langere termijn Het BO TKSC in mei 2025 zal een belangrijk moment zijn om de voortgang van de pilot te bespreken alsook het bespreken van de voortgang n het AO alsook in de maandelijkse projectgroep Toekomstscenario.

10

Bijlage Reflexieve monitoring: Reflexieve monitoring en dynamische leeragenda De pilot in Zwolle beoogt een veranderbeweging naar een andere manier van kijken, denken en doen bij casuïstiek waarbij onveiligheid speelt. We willen niet zozeer focussen op de aandacht van gedrag en individuele oplossingen maar meer nog naar inzicht in de betekenis, relaties en interacties. Dat betekent ook dat gezinnen en de professionals kunnen verdragen dat er soms geen directe of snelle oplossing voorhanden is. We laten het bekende los, en zoeken samen naar volgende stappen en duurzame veiligheid waarbij we zoveel als mogelijk blijven binnen het vrijwillige kader. Reflexieve monitoring We willen de monitoring vormgeven via de methode van reflexieve monitoring in actie. Dit is een manier van continue reflecteren op wat we doen, terwijl we het doen. De methodiek reflexieve monitoring in actie is bedoeld om in de praktijk te leren en verbeteren. De reflexieve monitor ondersteunt en monitort het veranderproces door aanwezig te zijn bij de casuïstiek besprekingen. De knelpunten, dilemma’s en verhalen worden vertaald naar leer- en ontwikkelvragen. Zo houden we focus op onze doelen, blijven we scherp op het veranderproces en op wat er nodig is om te blijven leren.

Dynamische leeragenda De leer- en ontwikkelvragen van de professionals en betrokkenen in de pilot houden we bij in de dynamische leeragenda. We werken kort cyclisch. Periodiek verzamelen en toetsen we de opbrengsten en bespreken we de leeropbrengsten met de deelnemers in de pilot. Zijn we nog op de goede weg? Is er vooruitgang? Wat kunnen we hieruit leren voor de verdere ontwikkeling gericht op het toekomstscenario en de gestelde doelen? Wat gaan we anders doen?

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=e269911a-0675-4d3d-8731-75ca4e1a8f06