2. Cijfermatige onderbouwing
Tekst van het document
Verkenning Toekomstbeeld Energiesysteem Zwolle Bijlage Cijfermatige onderbouwing Publieksversie – 21.01.2026
Leeswijzer Deze bijlage bevat de cijfermatige en methodische onderbouwing van de verkenning Toekomstbeeld Energiesysteem Zwolle en laat zien hoe de energievraag en het energieaanbod in Zwolle richting 2040 en 2050 zich kunnen ontwikkelen. Deze bijlage vormt daarmee de technische basis onder de inhoud van het hoofdrapport. De berekeningen en aannames zijn gebaseerd op bestaand Zwols beleid, aangevuld met data van gemeente Zwolle, de provincie Overijssel en landelijke bronnen. Het toekomstbeeld Zwols beleid vormt daarbij het vertrekpunt. De drie invalshoeken Centrale Regie, Noaberschap Energie en All-In zijn variaties op deze basis. In deze bijlage wordt toegelicht: • De uitgangspunten en de methodiek achter de berekeningen voor wonen, bedrijven en mobiliteit. • De afwijkende aannames per invalshoek, samengevat in een overzichtstabel. Deze bijlage gaat uitsluitend in op de rekenkundige onderbouwing. De ruimtelijke, bestuurlijke en maatschappelijke afwegingen die horen bij de scenario’s worden behandeld in de hoofdtekst van het Toekomstbeeld. Ook de flexibiliteitsbehoefte, zoals opslag of netimpact, valt buiten de scope, omdat deze nauw samenhangt met energie-infrastructuur en de tekort- en overschot-hoeveelheden beïnvloedt.
Met deze toelichting biedt de bijlage inzicht in de onderliggende cijfers, aannames en rekenstappen die samen de basis vormen voor het toekomstbeeld van Zwolle richting 2050.
Begrippenlijst Begrip
Definitie
Energievraag
De hoeveelheid energie die inwoners, bedrijven en mobiliteit nodig hebben voor verwarming, stroom, vervoer en processen.
Energieaanbod
De hoeveelheid energie die binnen Zwolle wordt geproduceerd, zoals zon, wind, warmte en groengas.
Energiebalans
De vergelijking tussen vraag en aanbod. Een tekort betekent dat import nodig is; een overschot kan worden geëxporteerd of opgeslagen.
All-electric
Woningen en gebouwen die volledig op elektriciteit draaien (verwarming + warm water + koken), meestal met een warmtepomp.
Warmtenet (LT/MT/HT)
Een netwerk van leidingen dat warm water levert aan woningen. LT = lage temperatuur, MT = middel, HT = hoog. Lagere temperaturen zijn efficiënter maar vragen beter geïsoleerde woningen.
WKO (Warmte-Koudeopslag)
Een techniek waarbij warmte of koude in de bodem wordt opgeslagen en later wordt gebruikt om gebouwen te verwarmen of te koelen.
TEO (Thermische Energie uit Oppervlaktewater)
Warmte winnen uit water zoals het Almelose kanaal, Overijsselse Vecht of stadsgrachten. De warmte wordt met warmtepompen opgewerkt voor warmtenetten.
TEA (Thermische Energie uit Afvalwater)
Warmte winnen uit riool- of afvalwater. Deze warmte kan worden gebruikt voor warmtenetten.
Geothermie (diep/ondiep)
Warmte uit de aarde. Diepe geothermie komt uit grotere diepte (warmter), ondiepe geothermie uit lagere dieptes. Beiden kunnen warmtenetten voeden.
Restwarmte
Warmte die overblijft bij bedrijven (bijv. industrie of datacenters) en kan worden hergebruikt voor verwarming van huizen of bedrijven.
Groengas
Duurzame vervanger van aardgas, gemaakt uit o.a. mest en organisch afval. Kan worden gebruikt in bestaande gasnetten.
Waterstof (H₂)
Een energiedrager die gebruikt kan worden voor industrie, zwaar vervoer of als brandstof. Kan lokaal worden gemaakt of worden aangevoerd via de landelijke waterstofbackbone.
Moleculen
Verzamelnaam voor gasvormige energiedragers zoals groengas en waterstof.
COP (Coefficient of Performance)
Geeft aan hoe efficiënt een warmtepomp werkt. COP 4 betekent: 1 deel elektriciteit → 4 delen warmte.
Energiegemeenschap
Een groep bewoners of bedrijven die samen lokaal energie opwekken, opslaan en gebruiken.
Zwols beleid
De uitgangspunten die de gemeente Zwolle hanteert voor de energietransitie, zoals isolatie, warmtenetten, zon-op-dak en woninggroei.
Invalshoeken
Drie mogelijke manieren waarop Zwolle het energiesysteem in 2050 kan inrichten: Centrale Regie, Noaberschap Energie, All-In.
Centrale Regie
Scenario met veel centrale oplossingen zoals grote warmtenetten, geothermie en clustering van energie-infrastructuur.
Noaberschap Energie
Scenario waarin energie lokaal wordt georganiseerd in buurten en wijken, met kleinschalige opwek en opslag.
All-In
Scenario met maximale energiebesparing, inzet op innovatie en zoveel mogelijk lokale opwek; komt het dichtst bij zelfvoorzienendheid.
Import / Tekort
Energie die Zwolle elders ergens vandaan moet halen als er onvoldoende lokale productie is.
Overschot / Export
Energie die Zwolle over heeft en kan leveren aan de regio.
Flexibiliteit
Mogelijkheid om vraag en aanbod te verschuiven in de tijd, bijvoorbeeld via batterijen, warmtebuffers of slim laden.
Bronnenstrategie Zwolle
Document dat beschrijft welke duurzame warmtebronnen Zwolle kan inzetten (bijv. geothermie, TEO, TEA, restwarmte).
RTP (Ruimtelijk Toekomstperspectief)
Document waarin staat hoeveel woningen en bedrijven er bij komen en waar die komen; basis voor energievraag in 2050.
Overzicht uitgangspunten Variabelen Toekomstbeeld Energie
Invalshoek ‘Zwolse beleid’
Invalshoek 'Centrale Regie'
Invalshoek 'Noaberschap'
Invalshoek ‘All-In'
Aantal woningen
Ruimtelijk Toekomst Perspectief
Ruimtelijk Toekomst Perspectief
Ruimtelijk Toekomstperspectief
Ruimtelijk Toekomstperspectief
Reductie energievraag
Zwolse Besparingsaanpak
Geen besparing
Zwolse Besparingsaanpak
Aanvullende regelgeving
Energiebronnen
Bronnenstrategie: 3,6% groengas 60% all-electric 36% warmtenet
Wonen
Energie vraag
80% 60% 40% 20%
Inzet op variatie: 10% groengas 40% all-electric 50% warmtenet
100% 80% 60% 40% 20%
0%
Inzet op all-electric 0% groengas 70% all-electric 30% warmtenet
100% 80% 60% 40% 20%
0%
Inzet op warmte en groengas 10% groengas 30% all-electric 60% warmtenet
100%
0%
80% 60% 40% 20% 0%
Aantal bedrijven
Ruimtelijk Toekomst Perspectief
Ruimtelijk Toekomst Perspectief
Ruimtelijk Toekomst perspectief
Ruimtelijk Toekomst perspectief
Reductie energievraag
Zwolse Besparingsaanpak
Geen besparing
Zwolse Besparingsaanpak
Aanvullende regelgeving
Energiebronnen
Mix van groengas, H2, all-electric
Mix van groengas, H2, all-electric
Voornamelijk all-electric
Mix van groengas, H2, all-electric
Type vooertuigen
Wegvoertuigen (auto's, bestelwagens, trucks). Wegvoertuigen (auto's, bestelwagens, trucks). Wegvoertuigen (auto's, bestelwagens, trucks). Wegvoertuigen (auto's, bestelwagens, trucks). Deelmobiliteit en OV buiten beschouwing. Deelmobiliteit en OV buiten beschouwing. Deelmobiliteit en OV buiten beschouwing. Deelmobiliteit en OV buiten beschouwing.
Vraag elektriciteit
Elaad midden-scenario
Elaad midden-scenario
Vraag brandstoffen
Prognose Provincie Overijssel
Diepe geothermie
500 TJ (Bronnenstrategie)
Ondiepe geothermie
Geen
Restwarmte
Beschikbaarheid
194 TJ (Bronnenstrategie)
TEO
Beschikbaarheid
407 TJ (Bronnenstrategie)
TEA
Beschikbaarheid Zon-pv op dak Zon-pv op land
Werklocaties
Mobiliteit & transport
Prognose Provincie Overijssel
Elaad midden-scenario -10% (minder elektra, meer waterstof) Prognose Provincie Overijssel
Elaad midden-scenario -10% (minder elektra, meer waterstof) Prognose Provincie Overijssel
500 TJ (Bronnenstrategie)
Geen
500 TJ (Bronnenstrategie)
Geen
1200 TJ
1200 TJ
194 TJ (Bronnenstrategie)
194 TJ (Bronnenstrategie) 1365 TJ (Zwolse beleid + 30% bronnen > 500 TJ uit Bronnenstrategie) 194 TJ (Bronnenstrategie)
194 TJ (Bronnenstrategie) 867 TJ (Zwolse beleid + 30% bronnen < 500 TJ uit Bronnenstrategie) 194 TJ (Bronnenstrategie)
194 TJ (Bronnenstrategie) 1825 TJ (Zwolse beleid + Centrale Regie + Noaberschap) 194 TJ (Bronnenstrategie)
Reële potentie (Provincie Overijssel)
Reële potentie (Provincie Overijssel)
Maximale potentie (Provincie Overijssel)
Maximale potentie (Provincie Overijssel)
Huidige situatie
Huidige situatie
Huidige situatie
Verruiming van provinciale regelgeving
Grote turbines
10 turbines
12 turbines
10 turbines
16 turbines
Miniturbines
Geen
Geen
7000 mini turbines a 1 kW
7000 mini turbines a 1 kW
Beschikbaarheid
Groengasinstallatie
Groengasinstallatie
Groengasinstallatie
Groengasinstallatie
Waterstof
Beschikbaarheid
Import mogelijk door aansluiting op waterstofnetwerk. Geen lokale waterstofproductie.
Import mogelijk door aansluiting op waterstofnetwerk. Geen lokale waterstofproductie.
Per bedrijventerrein 10 MW voor lokale waterstofproductie. Geen aansluiting op het waterstofnetwerk.
Per bedrijventerrein 10 MW voor lokale waterstofproductie. Geen aansluiting op het waterstofnetwerk.
SMR
Beschikbaarheid
Geen
Geen
Geen
80 MW
Geothermie
Energie aanbod
100%
Zonne-energie Windenergie Groengas
Toekomstbeeld Zwolse beleid (I) De onderstaande staafdiagrammen laten zien hoe de energievraag en de potentie van hernieuwbare energie zich tot 2050 ontwikkelen op basis van het huidige Zwolse beleid. Zwolle groeit de komende jaren in inwoners, woningen en bedrijven, waardoor de totale vraag naar energie toeneemt. Tegelijkertijd neemt de vraag af door isolatie, energiebesparing, gedragsverandering en de overstap naar efficiëntere technieken, zoals warmtepompen en elektrische mobiliteit. Ook het gebruik van duurzame warmtebronnen en andere vormen van hernieuwbare energie draagt bij aan deze daling.
Ontwikkeling energievraag (PJ) gemeente Zwolle
Huidig en potentieel hernieuwbare energie in Zwolle (PJ)
12
6
10
5 Toename vraag door groei van de stad Groengas
4
Besparing door gedragsverandering
Restwarmte
Besparing door technische vooruitgang 6
Groengas/ waterstof Warmte Elektriciteit
4
Energie (PJ)
Energievraag (PJ)
8
Thermische Energie Afvalwater Thermische Energie Oppervlaktewater
3
Diepe geothermie Zon-op-land Zon-op-dak
2
Windenergie grootschalig
Fossiele brandstoffen (mobiliteit) Aardgas 2
1
0
0 2020
2040
2050
Huidig
2040
2050
Toekomstbeeld Zwolse beleid (II) De onderstaande staafdiagrammen laten zien hoe de energievraag in 2050 is verdeeld naar sectoren (wonen, bedrijven, mobiliteit en landbouw) en naar energiedragers (elektriciteit, warmte en duurzame brandstoffen). Tevens wordt de energiebalans voor 2050 weergegeven volgens het huidige Zwolse beleid. Hoewel het aantal woningen en bedrijven richting 2050 toeneemt, blijft de totale energievraag voor deze sectoren ongeveer gelijk. Dit komt doordat energiebesparing, zoals betere isolatie en efficiëntere technieken, de groei grotendeels compenseren. Voor mobiliteit verandert de vraag wél duidelijk. Naarmate voertuigen steeds meer elektrisch worden, neemt de totale energievraag af door het hogere rendement van elektromotoren. Hierdoor verschuift de vraag binnen mobiliteit vooral van fossiele brandstoffen naar elektriciteit. In totaal leidt dit tot een hogere vraag naar elektriciteit en in mindere mate tot een toename in de vraag naar warmte en duurzame brandstoffen. De potentie voor duurzame warmte is in Zwolle relatief groot, met name door warmte uit oppervlaktewater (TEO). De vraag naar duurzame brandstoffen blijft bestaan in alle sectoren: groengas in de woningvoorraad en waterstof voor zware logistiek en industrie. Verdeling energievraag (PJ) naar sector
Verdeling energievraag (PJ) naar energiedrager
12
12
10
10
Energiebalans Zwolle 2050 (PJ) 9 8 7
6
6 Energie (PJ)
8 Energie (PJ)
Energie (PJ)
8
6
4
4
2
2
5 4 3 2 1
0
0 2020 Woningen
Mobiliteit
2050 Bedrijven
Agrarische sector
0 2020
Fossiele brandstoffen
Aardgas
2050 Elektriciteit
Warmte
Duurzame brandstoffen
Vraag Elektriciteit
Aanbod Warmte
Tekort
Overschot
Duurzame brandstoffen
Wonen
Energievraag Bedrijven
Mobiliteit & transport
Wonen Huidig en toekomstige woningvoorraad In de energiemonitor worden gegevens gepresenteerd over de bestaande woningvoorraad, het aantal inwoners en het energiegebruik. Hiermee is de verhouding aardgas, elektra en warmte in de energiemix berekend en het gemiddeld aantal inwoners per woning. De prognose van het aantal huishoudens komt uit het Ruimtelijk Toekomstperspectief. Het aantal woningen en aantal inwoners is afkomstig van het CBS. Met het gemiddelde aantal inwoners per woning en het aantal woningen is een schatting gemaakt voor het aantal inwoners in de toekomst. Verwachte groei inwoners en woningvoorraad in Zwolle
Woningen Aardgas TJ Elektra TJ Warmte TJ Totaal
2020 2053 502 55 2610
79% 19% 2% 100%
160000 140000 120000 Inwoners
80000
Woningen
60000 40000 20000 0 2020
2030
2040
2050
77% 21% 2% 100%
Woningvoorraad Zwolle (Energiemonitor + Ruimtelijk Toekomstperspectief) Woningvoorraad Aantal woningen Aantal inwoners Inwoners/woning
2020 58492 128840 2,20
2022 60228 130668 2,17
Aardgas 53449 woningen in 2020 All-electric 3810 woningen in 2020 Warmtenet 1233 woningen in 2020 Totaal 53449 woningen in 2020
100000
2022 1823 497 36 2356
2025 61693 133810 2,17
2030 70411 155094 2,20
2040 74806 164775 2,20
2050 77722 171198 2,20
Warmtetechniek 2020
180000
Aantal inwoners
Energiemix woningen Zwolle (Energiemonitor)
Aardgas All-electric Warmtenet
Wonen Theoretische warmtebehoefte Over het algemeen geldt dat woningen met energielabel B geschikt zijn om van het aardgas af te gaan (voldoende isolatie, HR++ glas, kierdichting en andere energiebesparende maatregelen). Wanneer een woning zonnepanelen en/of een warmtepomp heeft geldt al snel label A. Er is aangenomen dat alle woningen in de toekomst op bouwkundig vlak gelijk staan aan label B. Hiervoor zijn theoretische kentallen bekend volgens de NTA 8800 methodiek. Met het gemiddelde woonoppervlak in Zwolle (109 m2) en een correctie daarop vanwege niet-verwarmde delen zoals zolder, hal, en berging (15%), is per label berekend wat de theoretisch jaarlijkse warmtebehoefte per woning bedraagt. Voor een deel van de woningvoorraad is het bijhorende energielabel bekend. De woningen waarvan de labels niet bekend zijn, zijn naar rato verdeeld van labels C naar G (aanname dat labels A en B geregistreerd staan). Met de Isolatie Besparingsaanpak zullen de woningen met de laagste energielabels worden geïsoleerd. De labelverdeling kan in werkelijkheid, na het behalen van de doelen van de besparingsaanpak, anders zijn dan hiernaast gepresenteerd, omdat van een aanzienlijk deel niet bekend is wat de status is.
Theoretische warmtebehoefte (kWh/m2) per jaar Label A B C D E F G
Aantal woningen
20000 Niet geregistreerd Geregistreerd
5000 0 labels A en B
label C
label D
label E
label F
label G
gem 160 190 250 290 335 380
133 175 220 270 313 358
Theoretische warmtebehoefte per woning per jaar (gemiddeld voor Zwolle) Jaarlijkse vraag Blabel Clabel Dlabel Elabel Flabel Glabel
25000
10000
max 105 160 190 250 290 335 380
kWh 14824 17604 23163 26869 31038 35207
GJ 53 63 83 97 112 127
m3 1517 1802 2371 2750 3177 3604
Schatting van verdeling energielabels in Zwolle (2020)
Schatting verdeling energielabels in Zwolle (2020)
15000
min
labels A en B label C label D label E label F label G Totaal (aantal) Totaal (%)
Aantal bekend 19270 9380 3470 2315 1490 1020 36945 63%
Aantal onbekend 11435 4230 2822 1816 1243 21547 37%
Bekend + onbekend 19270 20815 7700 5137 3306 2263 58492 100%
Aantal isolatie aanpak 1593 7700 5137 3306 2263 20000 34%
Wonen
Prognose energielabels woningvoorraad in Zwolle 90000
De schatting van de energielabels in Zwolle is gebruikt voor een prognose van de warmtebehoefte in de toekomst (inclusief de Zwolse Isolatiebesparingsaanpak). Voor all-electric woningen ligt het niveau op energielabel B, maar alternatieve technieken zoals groengas of een MT warmtenet zijn ook mogelijk als bouwkundig energielabel B niet haalbaar is. Algemene uitgangspunten energievraag woningen Om tot een prognose te komen voor de toekomstige energievraag, zijn de uitgangspunten voor installaties en huishoudelijk energiegebruik uit de tabel hiernaast gebruikt. Het energieverbruik voor de apparaten is in lijn met de 'berekening toekomstige warmteverbruik voor de Bronnenstrategie’. De uitgangspunten liggen ongeveer in het midden, namelijk tussen de 2.000 tot 3500 kWh per jaar. Afhankelijk van de techniek (rendement) vraagt de bereiding van warm water een bepaalde hoeveelheid energie. In de berekening is rekening gehouden met het gemiddeld aantal bewoners per huishouden.
80000 Aantal woningen
Ontwikkeling energielabels richting de toekomst
70000 60000
Label B
50000 40000
Label C
30000
Label D-G
20000 10000 0 2020
Nieuw B Bestaand al B Iso Aanpak B Label C Label D-G Totaal
2030
2040
2020 0 19270 0 20815 18407 58492
2050
2030 11919 19270 20000 19222 0 70411
2040 16314 19270 39222 0 0 74806
Uitgangspunten energievraag woningen Apparaten Elektrisch koken Aardgas koken Airco Rendement HR-ketel Rendement boiler COP tapwater COP verwarm. COP LT net Warm tapwater Tapwater ketel Tapwater wp Tapwater boiler
2000 175 40 240 0,9 1,0 2,5 4,0 4,0 1000 4,0 400 1000
kWh per jaar kWh per jaar m3 per jaar kWh per jaar
kWh per persoon per jaar GJ per persoon per jaar kWh per persoon per jaar kWh per persoon per jaar
2050 19230 19270 39222 0 0 77722
Wonen Theoretische versus praktische warmtebehoefte De praktische warmtevraag ligt in 2020 lager dan de theoretische warmtevraag voor de huidige situatie en moet dus gecorrigeerd worden met een factor om tot een toekomstige energievraag te komen. Er is geredeneerd vanuit twee verschillende invalshoeken waarbij het werkelijke getal hier tussen zal liggen. •
•
Factor a = Werkelijk verbruik / theoretisch verbruik •
Werkelijk verbruik = 2108 TJ (aardgas + warmte uit energiemonitor)
•
Factor a = 2108 TJ / 4143 TJ = 0,51
Factor b = Werkelijk verbruik gecorrigeerd / theoretisch verbruik •
Werkelijk verbruik gecorrigeerd = werkelijk verbruik– tapwater – koken
•
Werkelijk verbruik gecorrigeerd = 2108 TJ – 471 TJ – 75 TJ = 1562 TJ
•
Factor b = 1562 TJ/ 4143 TJ = 0,38
Volgens CE Delft bedraagt de warmtebehoefte voor ruimteverwarming voor een label B-woning (BVO = 120 m2) ongeveer 35 GJ per jaar. Dit is gebaseerd op het aardgasverbruik van woningen in 2013. Hierom is factor a aangehouden in de vervolgberekeningen. Ook is een schatting gegeven van de toekomstige warmtebehoefte per woning gemiddeld. Het gaat hierbij om de warmtebehoefte en niet hoeveel energie daadwerkelijk nodig is voor het verwarmen. Dat gaat namelijk samen met de techniek (warmtepomp, warmtenet, groengas, etc.).
Theoretische warmtebehoefte (TJ) TJ Label B Label C Label D Label E Label F Label G Totaal
2020 1028 1319 642 497 369 287 4143
2030 2732 1218 0 0 0 0 3950
2040 3992 0 0 0 0 0 3992
2050 4148 0 0 0 0 0 4148
2030 3950 2010 1489
2040 3992 2031 1505
2050 4148 2111 1564
2030 56 29 21
2040 53 27 20
2050 53 27 20
Totale warmtebehoefte (TJ) in Zwolle TJ Theoretisch Praktisch a Praktisch b
2020 4143 2108 1562
Warmtebehoefte (GJ) per woning GJ Theoretisch Praktisch a Praktisch b
2020 71 36 27
Wonen Energieverbruik per huishouden naar techniek (2020) Per techniek is berekend wat de jaarlijkse energievraag is voor warmte en elektriciteit. De bovenste twee tabellen rechts laten de energiebehoefte zien exclusief rendement. Onderstaande grafiek is het eindresultaat waarbij rekening is gehouden met de rendementen van een warmtepomp (ruimteverwarming en tapwater), HR-ketel, elektrische boiler, een warmtenet en de praktische energievraag voor tapwater, koken en ruimteverwarming. Er zijn nu nog geen lage temperatuur warmtenetten in Zwolle. Daarom staat deze techniek op 0 GJ in de tabel. Verder is aangenomen dat de woningen aangesloten op een warmtenet elektrisch koken. Ook is een inschatting gemaakt van het totaal jaarlijkse energieverbruik voor Zwolle ter validatie. Energiemix per type woning (GJ) 70
Energievraag (kWh)
Energievraag (GJ)
60 50 40 30 20 10 0 HR-ketel
Groengas
Aardgas GJ
Groengas GJ
All-electric
Warmtenet LT Warmtenet MT
Warmte net GJ
Elektra GJ
Jaarlijkse vraag naar warmte per techniek in GJ (2020) Techniek HR-ketel All-electric Warmtenet-MT/HT Warmtenet-LT
Apparaten 0
Verwarmen 36,0
Tapwater 8,8
Koken 1,4
Totaal 46,3
0 0
44,6 0
0 0
0 0
44,6 0,0
Koken 0 175 175 175
Totaal 2200 4320 4378 3056
Warmte TJ 2472 0 55 2527 2108
Elektra TJ 423 59 19 502 502
Jaarlijkse vraag naar elektriciteit per techniek in kWh (2020) Techniek HR-ketel All-electric Warmtenet-MT/HT Warmtenet-LT
Apparaten 2000 2000 2000 2000
Verwarmen 200 1264 0 0
Tapwater 0 881 2203 881
Totaal jaarlijks energieverbruik naar techniek (2020, schatting) Techniek HR-ketel All-electric Warmtenet Totale 'schatting' Totaal werkelijk Warmte Warmte Elektriciteit
Aandeel 91,4% 6,5% 2,1% 100%
Aantal woningen 53449 3810 1233 58492
Aantal bewoners 117733 8392 2715 128840
43,21 GJ per woning gemiddeld 1229 m3 aardgas per woning gemiddeld 2384 kWh per woning gemiddeld
Wonen Ontwikkeling woningvoorraad en techniek in de toekomst Het totaal aantal woningen tot 2050 is bepaald in het Ruimtelijk Toekomst Perspectief. Het aantal inwoners is daarvan afgeleid met het gemiddelde van 2020 per woning. Een deel van de bestaande woningvoorraad is all-electric, een deel is aangesloten op een warmtenet en het overgrote deel wordt nog verwarmd met een HR-ketel. Het aantal woningen dat nog aangesloten is op het aardgas neemt in de loop van de tijd af. Er is aangenomen dat de gehele binnenstad de overstap zal maken naar groengas en dat de productie in Zwolle plaatsvindt door een nog te realiseren groengas-fabriek. Voor de overige bestaande woningen zal een deel all-electric worden en het resterende deel worden aangesloten op een warmtenet. De verhouding (60/40) is afkomstig van de Bronnenstrategie. Dezelfde verhouding is ook aangenomen voor de nieuwe woningvoorraad; de gemeente zet immers sterk in op WKO en bodemlussen.
Aantal woningen
Ontwikkeling techniek Zwolse woningvoorraad
Ontwikkeling techniek in bestaande woningvoorraad
HR-ketel
Groengas
All-electric
Warmtenet Totaal
100%
80000
90%
70000
80%
60000
All-electric
60%
50000
Warmtenet
50%
40000
Totaal
40%
30000
30%
20000
20%
10000
10% 0%
HR-ketel
All-electric
2040 Warmtenet
Groengas
2030 70% 40944 12505 0% 0 0 15% 8774 4964 15% 8774 7541 58492 100%
2040 40% 23397 17548 3,6% 2095 2095 36% 21057 12283 20% 11943 3169 58492 100%
2050 0% 0 23397 3,6% 2095 0 60% 35095 14038 36% 21302 9359 58492 100%
2020
2030
2040
2050
0%
60%
60%
60%
0
7151
9788
11538
6,5% 3810 0 2,1% 1233 0 58492 100%
Techniek nieuwe woningvoorraad
70%
2030
2020 91% 53449 0 0% 0
Aandeel techniek woningvoorraad
90000
0 2020
% aantal delta % aantal delta % aantal delta % aantal delta % aantal
2050
2020 HR-ketel
2030
2040
All-electric
Warmtenet
2050 Groengas
% aantal %
0%
40%
40%
40%
aantal
0
4768
6526
7692
aantal
0
11919
16314
19230
Wonen Praktische energievraag (GJ) per type woning
Praktische warmtevraag in de toekomst
Techniek HR-ketel Groengas All-electric Warmtenet LT Warmtenet MT
Met de energievraag per type woning en het geschatte aantal woningen per type woning is de praktische warmtevraag richting de toekomst berekend. Deze bevat diverse onzekerheden, mede doordat is aangenomen dat alle woningen uiteindelijk energielabel B behalen en de huidige situatie is geëxtrapoleerd naar de toekomst.
Groengas GJ Warmte net GJ 0 0 50,3 0 0 0 0 25,1 0 44,0
Techniek HR-ketel Groengas All-electric Warmtenet LT Warmtenet MT
Aardgas kWh Groengas kWh 13961 0 0 13961 0 0 0 0 0 0
Energiemix woningvoorraad Zwolle (TJ)
100%
4000
90%
3500
80%
3000 Energievraag TJ
70% 60% 50% 40% 30%
2500 2000 1500 1000
20%
500
10% 0% 2015 Aardgas
2020 All-electric
2030 LT warmte
2040 MT warmte
2050 Groengas
0 2015 Aardgas
Elektra GJ 8 8 44 18 9
Praktische energievraag (kWh) per type woning
De uitgangspunten voor de energievraag zijn hiernaast nogmaals weergegeven. Per type woning (aangesloten op een HR-ketel, groengas, all-electric of een warmtenet) is de energievraag berekend waarbij rekening is gehouden met de verschillen in rendement.
Energiemix woningvoorraad Zwolle
Aardgas GJ 50,3 0 0 0 0
2020 Elektriciteit
2030 LT warmte
2040 MT warmte
Groengas
2050
Warmte kWh 0 0 0 6979 12214
Elektra kWh 2200 2200 12136 4942 2375
Bedrijven Energiegebruik van bedrijven in Zwolle
Aanvullend is aan de hand van SBI-codes en oppervlak een schatting gemaakt voor het toekomstig energieverbruik van alle bedrijven in Zwolle. Voor de twintig grootste bedrijven in Zwolle (zware industrie) is afzonderlijk gekeken hoe het toekomstig energieverbruik eruit kan komen te zien in zowel de invalshoek voor meer elektrificatie als voor een hogere inzet op duurzame brandstoffen. Hierbij wordt rekening gehouden met ruimteverwarming en proceswarmte. Voor de commerciële en publieke gebouwen is uitgegaan van volledige elektrificatie met uitzondering van de gebouwen gevestigd in de binnenstad. De mogelijkheden van aansluiten op een warmtenet zijn buiten beschouwing gelaten.
Schatting energieverbruik werklocaties 2020 (TJ) (energiemonitor + omgevingsdienst) Energiedrager Aardgas Elektriciteit Totaal
Zware industrie 1006 463 1468
Lichte industrie 507 678 1186
Commercieel en publiek 116 438 554
Totaal 1629 1579 3208
Schatting energieverbruik werklocaties na verduurzaming (TJ) Energiedrager Aardgas Elektriciteit Groengas Moleculen Warmte Totaal
Zware industrie 0 577 0 663 0 1240
Lichte industrie 0 814 0 101 0 915
Commercieel en publiek 0 229 88 0 0 317
Totaal 0 1620 88 765 0 2472
Ontwikkeling energievraag bedrijven Zwolle (TJ) 1800 1600 1400 Energie (TJ)
De bedrijven zijn alle bedrijven in Zwolle. Zowel de bedrijven op de bedrijventerreinen Hessenpoort, Marslanden, Voorst en Oosterenk, de Vrolijkheid en Berkum (OVB) als de bedrijven daarbuiten. Bedrijven en instellingen met een jaarverbruik > 50.000 kWh of 25.000 m3 aardgas zijn verplicht deze éénmaal per 4 jaar te melden bij de Omgevingsdienst. Deze bedrijven zijn volgens de Omgevingswet en de Europese richtlijn EED verplicht om energiebesparende maatregelen te nemen. Na opschoning is deze data gebruikt voor het Toekomstbeeld Energie.
1200 1000 800 600 400 200 0 2020
2050
Zware industrie Aardgas
2020
2050
Lichte industrie Elektriciteit
Duurzame brandstoffen
2020
2050
Commercieel en publiek
Mobiliteit Personenauto’s De drie groeiscenario’s van Elaad (laag, midden en hoog) voor personenauto’s zijn hiernaast weergegeven. Deze zijn specifiek voor Zwolle. Het midden-groeiscenario is vertaald naar een verwachte jaarlijkse energievraag voor personenauto’s. Hierbij is uitgegaan dat één auto gemiddeld 13.000 km per jaar aflegt en hierbij 17 kWh/ 100 km verbruikt.
Prognose aandeel elektrische personenauto's in Zwolle (Elaad) 100% 90% Aandeel elektrische auto’s
Voor een prognose van het toekomstbeeld van mobiliteit en transport in de gemeente Zwolle is uitgegaan van het middenscenario van Elaad voor personenauto’s, bestelbusjes en vrachtwagens. De energievraag voor openbaar vervoer en deelmobiliteit (bijv. scooters) is buiten beschouwing gelaten.
80% 70% 60%
laag-scenario
50%
midden-scenario
40%
hoog-scenario historisch
30% 20% 10% 0% 2013
2016
2019
2022
2030
2040
2050
Prognose jaarlijkse Zwolse energievraag (TJ) personenauto’s
Ontwikkeling energievraag personenauto's
600
3000 500 Hoeveelheid energie (TJ)
Energievraag (TJ)
2500 2000 1500 1000
laag-scenario 300
midden-scenario hoog-scenario
200 100
500 0 Huidig
400
0 2030 Fossiele brandstof-voertuigen
2040 Elektrische voertuigen
2050
2030
2040
2050
Mobiliteit Prognose aantal elektrische bestelauto's Zwolle 7000
De drie groeiscenario’s van Elaad (laag, midden en hoog) voor elektrische bestelbusjes zijn hiernaast weergegeven. Deze zijn specifiek voor Zwolle. Het midden-groeiscenario is vertaald naar een verwachte jaarlijkse energievraag voor bestelbusjes. Hierbij is uitgegaan dat één bestelbus gemiddeld 25.000 km per jaar aflegt en hierbij 27 kWh/ 100 km verbruikt. Dit kan ook in een andere verhouding zijn, maar komt overeen met landelijke gemiddelden.
6000
Aantal bestelauto's
Elektrische bestelauto’s
5000 historisch
4000
laag-scenario 3000
midden-scenario hoog-scenario
2000 1000 0 2020
2025
2030
2040
2050
Ontwikkeling energievraag bestelauto's TJ 350 300 Energievraag (TJ)
Verder is landelijke en provinciale CBS-data gebruikt voor het bepalen van het aantal bestelbusjes op fossiele brandstoffen. In de Provincie Overijssel zijn ongeveer 7,3% van het totaal aantal bestelbusjes geregistreerd. Verder is er vanuit gegaan dat Zwolle een aandeel van 10% heeft van het totaal in Overijssel (7500 bestelauto’s in 2025). Vervolgens is hiermee een schatting gemaakt van de ontwikkeling van de energievraag van bestelauto’s in het middenscenario.
250 200 150 100 50 0 2025
2030 Fossiele brandstoffen
2040 Elektrisch
2050
Mobiliteit Prognose aantal elektrische vrwachtwagens Zwolle
Elektrische vrachtwagens 1.400
Er is uitgegaan van een afstand van 50.000 km per jaar voor regionaal transport. Hierbij verbruikt een diesel-vrachtwagen 25 liter per 100 km en een elektrische vrachtwagen 120 kWh per 100 km. Een diesel-vrachtwagen verbruikt dan 0,45 TJ per jaar, terwijl een elektrische vrachtwagen 0,22 TJ per jaar gebruikt.
1.200 Aantal vrachtwagens
Net als bij de elektrische bestelauto’s, is landelijke en provinciale CBS-data gebruikt voor het bepalen van het aantal fossiele vrachtwagens. In de Provincie Overijssel zijn ongeveer 7,1% van het totaal aantal Nederlandse vrachtwagens geregistreerd. Het is aangenomen dat Zwolle voor 25% meetelt in het Overijsselse aantal, omdat de gemeente Zwolle een logistieke hub en knooppunt is in de regio.
1.000 historisch
800
laag-scenario 600
midden-scenario hoog-scenario
400 200 0 2020
2025
2030
2040
2050
Ontwikkeling energievraag elektrische vrachtwagens TJ 600 500
Energie (TJ)
Met behulp van bovenstaande is een schatting gemaakt van de ontwikkeling van de energievraag van de vrachtwagens in het laagscenario.
400 300 200 100 0 2025
2030 Fossiele brandstoffen
2040 Elektrisch
2050
Mobiliteit Duurzame brandstoffen De mogelijke ontwikkelingen in duurzame brandstoffen zijn tot dusver niet meegenomen in de berekeningen. Mogelijk spelen deze brandstoffen wel een rol in de toekomst en daarom zijn de uitgangspunten van de Provincie Overijssel hiervoor overgenomen en toegevoegd aan het toekomstbeeld.
Toekomstbeeld mobiliteit Ontwikkeling vraag naar fossiele brandstoffen (TJ)
Ontwikkeling vraag naar elektriciteit (TJ)
3500
Ontwikkeling energievraag mobiliteit (TJ)
1200
4000 3500
3000
1000 3000
2500 800
1500
Energie (TJ)
Energie (TJ)
Energie (TJ)
2500 2000
600
2000 1500
400 1000
1000 200
500
0 Huidig
500
2030 Personenauto's
2040 Bestelauto's
Vrachtwagens
2050
0 Huidig
2030 Personenauto's
2040 Bestelauto's
Vrachtwagens
2050
0 Huidig Fossiele brandstoffen
2030 Elektriciteit
2040 Duurzame brandstoffen
2050
Windenergie
Energieproductie
Zonne-energie Warmte Groengas Waterstof SMR
Collectieve warmtebronnen Voor de Bronnenstrategie is onderzoek gedaan naar de theoretisch beschikbare warmtebronnen binnen Zwolle die geschikt zijn voor het voeden van collectieve warmtesystemen. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen geothermie, TEO, TEA en restwarmte. Voor het toekomstbeeld is ervan uitgegaan dat 100% van de potentie in 2050 benut wordt met een tussenstap van 60% in 2040. Geothermie Diepe geothermie met een temperatuurniveau tussen de 70 en 90 graden Celsius (HT) is mogelijk beschikbaar. Hiervoor zijn een warmtecentrale en installaties t.b.v. backup nodig. Een potentiële bron ligt in stadsdeel Noord met een theoretische capaciteit van 500 TJ per jaar. MT is ook mogelijk. De capaciteit van ondiepe geothermie is momenteel onbekend en daarmee 0 TJ per jaar. Thermische Energie uit Afvalwater (TEA) en Oppervlaktewater (TEO) Uit rioolwater kan warmte gewonnen worden middels plaatsing van een WKO en centrale warmtepomp. Back-up en buffering dient hierbij geborgd te worden. Deze warmtebron betreft ZLT. Voor warmte uit oppervlaktewater is enkel de werkelijk inzetbare warmte meegenomen uit de bronnenstrategie. Restwarmte Van een aantal bedrijven is de theoretische capaciteit voor restwarmte inzichtelijk gemaakt. Het beoogde temperatuurniveau ligt tussen de 30 en 70 graden Celsius. Wel zijn er risico’s over beschikbaarheid op de lange termijn.
Potentie collectieve warmtebronnen (PJ) 1,4
1,2
1,0
0,8
0,6
0,4
0,2
0,0 2020
2040 Restwarmte Thermische Energie Afvalwater Thermische Energie Oppervlaktewater Ondiepe geothermie Diepe geothermie
2050
Zonne-energie Opgesteld vermogen (MW)
Uit het dashboard is het geschikte dakoppervlak voor het aanbrengen van zonnepanelen overgenomen. Hierbij is al rekening gehouden dat 60% van het oppervlak niet benut kan worden vanwege dakkapellen en andere belemmeringen. Ook daken met een noord-oriëntatie of gelegen in de schaduw zijn buiten beschouwing gelaten. Aanvullend is aangenomen dat nog 20% van de daken constructief niet geschikt is. Op sommige daken liggen zonnepanelen, maar is nog ruimte over; de monitor heeft deze ruimte aangemerkt als ‘niet-benut’ en dat wordt in deze studie gezien als maximale potentie. Verder is het aannemelijk dat de al geïnstalleerde panelen op den duur worden vervangen. Hierdoor ontstaan meerdere scenario’s voor de toekomst wat betreft zonneenergie. Een factor van 0,9 is aangehouden voor het rendement. Voor het toekomstbeeld is aangenomen dat de huidig liggende panelen op den duur worden vervangen door nieuwe panelen met een groter vermogen (400 Wp). Het oppervlak ‘niet-benut’ is daarentegen niet meegenomen t.b.v. een realistisch toekomstbeeld.
1200
Vermogen (MW)
1000 800 600 400 200 0
Huidige situatie
Bestaand (259 Wp) & potentie reëel (400 Wp)
Kleinschalig
Bestaand (400 Wp) & potentie reëel (400 Wp)
Bestaand (400 Wp) & potentie max (400 Wp)
Grootschalig
Jaarproductie zonnestroom (TJ) 4000 3500 3000 Vermogen (MW)
Voor zonnestroomproductie is onderscheid gemaakt in installaties op daken en installaties op land. Installaties op daken hebben de categorieën grootschalig (>15 kW) en kleinschalig. In de huidige plannen wordt zon-op-land niet verder uitgebreid in de toekomst. Het Dashboard zon-op-dak, ontwikkeld door de Provincie Overijssel, is als bron gebruikt voor het beschikbare dakoppervlak.
2500 2000 1500 1000 500 0
Huidige situatie
Bestaand (259 Wp) & potentie reëel (400 Wp)
Zon-op-land
Kleinschalig
Bestaand (400 Wp) & potentie reëel (400 Wp)
Grootschalig
Bestaand (400 Wp) & potentie max (400 Wp)
Overige energiebronnen Windenergie In de huidige situatie staan 4 windturbines in de gemeente Zwolle waarbij wordt uitgegaan van een jaarproductie van 17 GWh per turbine. In de toekomst worden nog 6 extra turbines gerealiseerd. Hierbij wordt uitgegaan van een jaarproductie van 20 GWh per turbine. De huidige 4 turbines zullen op den duur vervangen worden. Dat resulteert in een totaal van 792 TJ per jaar vanaf 2040. Groengasinstallatie De gemeente onderzoekt de haalbaarheid van een groengasinstallatie op bedrijventerrein Hessenpoort; een co-vergister die mest uit de regio vergist in combinatie met organisch afval. Deze kan 20 tot 30 miljoen m3 groengas per jaar produceren. In het toekomstbeeld is uitgegaan van 20 miljoen m3 groengas per jaar vanaf 2040, wat neerkomt op 703 TJ per jaar. Hier zal in de eerste plaats de binnenstad mee bediend worden (~ 90 TJ per jaar). Waterstof Waterstof is een mogelijke oplossing voor verschillende sectoren in de gemeente. Dit kan geproduceerd worden met overproductie uit hernieuwbare energie binnen de gemeente óf worden geïmporteerd m.b.v. de nationale waterstofbackbone. De backbone is een gepland landelijk netwerk voor het transport van waterstof bedoeld om industriële regio’s en sectoren zoals zware industrie, logistiek en transport te verduurzamen. Als de backbone er komt, volgt er mogelijk een aftakking naar Zwolle via Ommen.
Omliggende gemeenten hebben hier mogelijk ook baat bij. De beschikbaarheid van waterstof is vooralsnog niet meegenomen in het toekomstbeeld vanwege onzekerheid over beschikbaarheid.
Invalshoeken in beeld De onderlinge verschillen in resultaten tussen de invalshoeken op het Toekomstbeeld Energiesysteem Zwolle.
Invalshoek Centrale Regie
Invalshoek Noaberschap Energie
Invalshoek All-In
Energievraag – Wonen Centrale Regie
Noaberschap Energiemix woningvoorraad Zwolle (PJ)
Energiemix woningvoorraad Zwolle (PJ)
4,0
4,0
3,5
3,5
3,5
3,0
3,0
3,0
2,5
2,5
2,5
2,0
Energie (PJ)
4,0
Energie (PJ)
Energie (PJ)
Energiemix woningvoorraad Zwolle (PJ)
All-In
2,0
2,0
1,5
1,5
1,5
1,0
1,0
1,0
0,5
0,5
0,5
0,0 2015 Aardgas
2020 Elektriciteit
2030
2040
LT warmte
MT warmte
2050 Groengas
0,0 2015 Aardgas
2020 Elektriciteit
2030
2040
LT warmte
MT warmte
2050 Groengas
0,0 2015 Aardgas
2020 Elektriciteit
2030
2040
LT warmte
MT warmte
2050 Groengas
Energievraag – Bedrijven Centrale Regie
Noaberschap Ontwikkeling energievraag bedrijven (PJ)
Ontwikkeling energievraag bedrijven (PJ)
4,0
4,0
4,0
3,5
3,5
3,5
3,0
3,0
3,0
2,5
2,5
2,5
2,0
2,0
1,5
1,5
1,5
1,0
1,0
1,0
0,5
0,5
0,5
0,0 Huidig
2030 Aardgas
Elektriciteit
2040 Groengas/ waterstof
2050
Energie (PJ)
Energie (PJ)
Ontwikkeling energievraag bedrijven (PJ)
All-In
0,0 Huidig
2030 Aardgas
Elektriciteit
2040 Groengas/ waterstof
2050
2,0
0,0 Huidig
2030 Aardgas
Elektriciteit
2040 Groengas/ waterstof
2050
Energievraag – Mobiliteit Centrale Regie
Noaberschap Ontwikkeling energievraag mobiliteit (TJ)
Ontwikkeling energievraag mobiliteit (PJ)
4,0
4,0
3,5
3,5
3,5
3,0
3,0
3,0
2,5
2,5
2,5
2,0
Energie (PJ)
4,0
Energie (PJ)
Energie (PJ)
Ontwikkeling energievraag mobiliteit (TJ)
All-In
2,0
2,0
1,5
1,5
1,5
1,0
1,0
1,0
0,5
0,5
0,5
0,0 Huidig
2030
Fossiele brandstoffen
2040 Elektriciteit
Groene brandstoffen
2050
0,0 Huidig Fossiele brandstoffen
2030
2040 Elektriciteit
2050
Duurzame brandstoffen
0,0
Huidig
Fossiele brandstoffen
2030
2040
Elektriciteit
Duurzame brandstoffen
2050
Energieproductie Centrale Regie Potentie hernieuwbare energie (PJ)
12
8 Energie (PJ)
Energie (PJ)
10
6
All-In
Potentie hernieuwbare energie (PJ)
Potentie hernieuwbare energie (PJ)
14
14
12
12
10
10
8
8
Energie (PJ)
14
Noaberschap
6
6
4
4
4
2
2
2
0
0 Huidig
2040
2050
0 Huidig
2040
2050
Huidig
2040
2050
Energiebalans Centrale Regie
Noaberschap Energiebalans Zwolle 2050 (PJ)
Energiebalans Zwolle 2050 (PJ)
14
14
12
12
12
10
10
10
8
8
8
6
Energie (PJ)
14
Energie (PJ)
Energie (PJ)
Energiebalans Zwolle 2050 (PJ)
All-In
6
6
4
4
4
2
2
2
0
0 Vraag
Aanbod
Elektriciteit
Warmte
Tekort
Overschot
Duurzame brandstoffen
0 Vraag
Aanbod
Elektriciteit
Warmte
Tekort
Overschot
Duurzame brandstoffen
Vraag
Aanbod
Elektriciteit
Warmte
Tekort
Overschot
Duurzame brandstoffen
Toelichting bij de invalshoeken De energievraag in de invalshoeken bestaat uit de totale vraag naar energie voor wonen, bedrijven, mobiliteit én, indien relevant, de lokale productie van waterstof. Voor de invalshoeken Noaberschap Energie en All-In is deze waterstofproductie onderdeel van de berekening, omdat in deze varianten binnen de gemeentegrenzen waterstof wordt gemaakt via elektrolyse. Dit zorgt voor een hogere elektriciteitsvraag in deze scenario’s. In All-In wordt lokaal veel energie geproduceerd, waardoor er ondanks de hogere elektriciteitsvraag nog steeds sprake is van een elektriciteitsoverschot. In Noaberschap Energie ontstaat een tekort: er is ongeveer 1,2 PJ extra elektriciteit nodig voor waterstof, bovenop de 1,6 PJ voor wonen, mobiliteit en bedrijven. De elektriciteit voor lokale waterstofproductie is bewust opgenomen in de totale energievraag om een volledig beeld van het systeem te geven. De totale energievraag in All-In komt lager uit dan in de andere invalshoeken. Dat komt doordat in deze variant meer energiebesparing wordt toegepast. Het grootste deel daarvan zit in elektriciteitsbesparing, bijvoorbeeld door efficiëntere apparaten, beter geïsoleerde gebouwen en slimme technieken. In vergelijking met Noaberschap Energie is deze daling duidelijk zichtbaar.
Ten opzichte van Centrale Regie is het verschil kleiner, omdat All-In binnen de gemeente extra elektriciteit gebruikt voor de productie van waterstof. Dat verhoogt lokaal de elektriciteitsvraag, maar zorgt er ook voor dat er meer energie in een andere vorm beschikbaar komt (namelijk waterstof), wat de totale energiebalans beïnvloedt. Daarnaast spelen in alle invalshoeken enkele algemene factoren een rol: • Elektrificatie neemt toe door warmtepompen, elektrisch vervoer en efficiëntere technologie. • Moleculen zoals groengas en waterstof blijven nodig voor toepassingen waar elektrificatie niet volstaat, zoals delen van de industrie en zwaar transport. • De bronkeuze (warmtenetten, zon, wind, geothermie, waterstof) verschilt per invalshoek en heeft daardoor effect op de energievraag én op de verdeling van energie over warmte, elektriciteit en duurzame brandstoffen. • De lokale productie binnen Zwolle verschilt per invalshoek en bepaalt of er sprake is van een tekort of een overschot aan energie.