CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Verordening Kindregeling gemeente Zwolle 2023

Raad Besluitvormingsronde 19 december 2022, gemeente ZwolleBij agendapunt: Kindregeling gemeente Zwolle 20232.245 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

__________________________________________________________________________ verordeningsnummer: vastgesteld: datum bekendmaking: treedt in werking: 1 jan 2023 inwerkingtreding laatste wijziging: wettelijke grondslag art 149 gemeentewet __________________________________________________________________________

KINDREGELING GEMEENTE ZWOLLE 2023 Artikel 1 Begrippen In deze verordening wordt verstaan onder: a. Wet: Participatiewet b. Belanghebbende: de ouder die ten behoeve van zijn kind of kinderen een vergoeding in het kader van deze verordening vraagt. c. Partner: de persoon die al of niet gehuwd met de belanghebbende een gezamenlijke huishouding voert, tenzij het betreft een bloedverwant in de eerste graad. d. Kind: het eigen kind of stiefkind dat 1. op het zelfde adres als de belanghebbende staat ingeschreven in de gemeentelijke basisregistratie personen van de gemeente Zwolle; en 2. ten laste van de belanghebbende of diens partner komt, dat wil zeggen het kind voor wie de belanghebbende of diens partner aanspraak op kinderbijslag kan maken; en. 3. primair dagonderwijs volgt; e. Jongere: het eigen kind of stiefkind dat 1. op het zelfde adres als de belanghebbende staat ingeschreven in de gemeentelijke basisregistratie personen van de gemeente Zwolle; en 2. ten laste van de belanghebbende of diens partner komt, dat wil zeggen het kind voor wie de belanghebbende of diens partner aanspraak op kinderbijslag kan maken; en. 3. voortgezet dagonderwijs of eerstejaar of tweedejaar middelbaar beroepsdagonderwijs volgt; f. Inkomen: het inkomen van belanghebbende zoals bedoeld in artikel 31, 32 en 33 van de wet verminderd met de ontvangen vakantietoeslag.

Tot het inkomen wordt ook gerekend de bijstand voor algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan zoals genoemd in artikel 5 onder b van de wet. Bij een gehuwde wordt uitgegaan van de som van het inkomen van belanghebbende en zijn partner. g. Peilmaand: de maand voorafgaand aan de maand waarin het verzoek om een tegemoetkoming is gedaan. h. Norm: bedrag voor de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan, zoals bedoeld in artikel 5 onder b van de wet maar verminderd met de in de wet geldende vakantietoeslag; i. Vermogen: het vermogen van belanghebbende zoals bedoeld in artikel 34 van de wet. Bij een gehuwde wordt uitgegaan van de som van het vermogen van belanghebbende en zijn partner. Artikel 2 Kring van belanghebbenden 1. Om voor een vergoeding t.b.v. een kind of jongere in aanmerking te komen dient de ouder: a. een of meer ten laste komende kinderen en/of jongeren te hebben; en b. en zijn partner in de gemeentelijke basisregistratie personen van de gemeente Zwolle ingeschreven te staan; en c. niet meer inkomen over de peilmaand te hebben dan 130% van de norm hoe; en d. niet meer vermogen te hebben dan de van toepassing zijnde vermogensgrens op grond van artikel 34 van de wet.

1

2.

3.

4.

5. 6.

indien als gevolg van wisselende of eenmalige inkomsten het inkomen in de peilmaand hoger is dan de norm wordt uitgegaan van een gemiddeld inkomen. Het gemiddeld inkomen wordt berekend door de som van het inkomen dat gedurende 12 maanden voorafgaand aan de peilmaand is genoten te delen door 12. Indien er sprake is van een inkomen als zelfstandige wordt uitgegaan van het inkomen over het boekjaar, voorafgaand aan het jaar waarin de aanvraag is gedaan. Dit is het inkomen na aftrek van de verschuldigde inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen. Deze belasting en premies worden gesteld op het percentage, zoals vermeld in artikel 6, lid 2, van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004. Hierbij wordt een teruggave inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen niet als inkomen aangemerkt. Het vastgestelde inkomen als zelfstandige wordt, na eventuele vermeerdering met andere inkomsten over het betreffende boekjaar, gedeeld door 12. Indien er sprake is van een situatie waarbij slechts één van de partners voldoet aan de voorwaarden genoemd in lid 1 onder a en of b wordt bij de beoordeling of er aanspraak bestaat op een voorziening en bij de vaststelling van de omvang van de voorziening de partner die niet aan de voorwaarden voldoet buiten beschouwing gelaten.

Indien er sprake is van eigenwoning bezit is artikel 50 lid 1 van de wet op overeenkomstige wijze van toepassing. Indien in hetzelfde kalenderjaar als van de aanvraag gebruik is gemaakt van een Zwolse gemeentelijke inkomensondersteunende voorziening of kwijtschelding van Zwolse gemeentelijke belastingen over het jaar van aanvraag is verleend, kan het college oordelen dat aan de inkomen-en vermogensnorm in lid 1 is voldaan.

Artikel 3 Schuldenaren In afwijking van het gestelde in artikel 2 lid 1 onder c kan een belanghebbende ouder ongeacht de hoogte van het inkomen voor een vergoeding in aanmerking komen als hij: a) in het kader van een minnelijke schuldregeling een relatie heeft met de gemeentelijke Schulddienstverlening en alleen het vrij te laten bedrag van zijn inkomen overhoudt ter besteding; b) in het kader van een wettelijke schuldregeling onder WSNP-bewind staat en alleen het vrij te laten bedrag van zijn inkomen overhoudt ter besteding; Artikel 4 Wie komt niet voor de vergoeding in aanmerking? 1. Een vergoeding wordt niet verstrekt als een belanghebbende en zijn partner als vreemdeling niet rechtmatig verblijf houdt in Nederland in de zin van artikel 8 onder a tot en met e en l van de Vreemdelingenwet 2000. 2. Het eerste lid is niet van toepassing als een belanghebbende en zijn partner als vreemdeling na rechtmatig verblijf te hebben gehouden in de zin van artikel 8 onder a tot en met e en l van de Vreemdelingenwet 2000, rechtmatig in Nederland verblijf heeft op grond van artikel 8, onder g of h van de Vreemdelingenwet 2000. 3.

Indien een situatie zoals genoemd in lid 1 of 2 zich slechts ten aanzien van één van de partners voordoet, wordt bij de beoordeling of er aanspraak bestaat op een voorziening en bij de vaststelling van de omvang van de voorziening de partner op wie het gestelde in lid 1 van toepassing is buiten beschouwing gelaten. Artikel 5 Hoogte vergoeding 1. De hoogte van de vergoeding voor het kind bedraagt maximaal € 600,00 per kalenderjaar per kind voor schoolkosten, culturele of recreatieve activiteiten niet zijnde sport. De vergoeding kan tot het maximum worden uitgekeerd na indiening van facturen met een minimum van €20,00 of eventueel zonder voor maximaal € 300 aan contanten. 2. De hoogte van de vergoeding voor de jongere bedraagt maximaal € 920,00 per kalenderjaar per jongere voor schoolkosten, culturele en recreatieve activiteiten niet zijnde sport. De vergoeding kan tot het maximum worden uitgekeerd na indiening van facturen met een minimum van €20,00 of eventueel zonder facturen voor maximaal € 460 aan contanten. Artikel 6 Aanvragen

2

1. Om voor een voorziening in aanmerking te komen dient de belanghebbende een aanvraag in te dienen. 2. De aanvraag voor een vergoeding dient in het kalenderjaar worden ingediend en dus uiterlijk op 31 december van het kalenderjaar. 3. De betaling geschiedt op het opgegeven bankrekeningnummer. De resterende vergoeding wordt overgemaakt op basis van de ingediende factuur. Artikel 7 Terugvordering 1. De belanghebbende bewaart gedurende tenminste twee jaar na afloop van het betreffende kalenderjaar de schriftelijke bewijzen van zijn contante uitgaven voor school, culturele of recreatieve activiteiten niet zijnde sport. 2. De bijdrage kan geheel of gedeeltelijk worden teruggevorderd indien de aanvrager onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en daardoor een te hoge bijdrage heeft ontvangen of weigert te voldoen aan gestelde verplichtingen. Artikel 8 Indexering Het college kan jaarlijks de geldende bedragen van deze verordening verhogen of verlagen conform de ontwikkelingen van de Centraal Bureau voor de Statistiek prijsindex voor gezinsconsumptie, een ander passend indexcijfer of passende maatstaf. Artikel 9 Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen artikel 2, 3, 4, 6 en 7 buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang van belanghebbende leidt tot onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 10 Inwerkingtreding Deze verordening treedt na publicatie in werking op 1 januari 2023.

3

Algemene Toelichting We willen voorkomen dat kwetsbare groepen in de samenleving niet meer participeren in de maatschappij. Huishoudens met een laag inkomen en kinderen die overdag naar school gaan, hebben moeite om rond te komen ondanks rijks- en lokale regelingen. Van rijkswege kunnen ouders en verzorgers van kinderen in het voortgezet onderwijs een inkomensafhankelijke tegemoetkoming krijgen op basis van de Wet Tegemoetkoming Onderwijsen Schoolkosten (WTOS). Deze wettelijke regeling heeft echter niet de intentie gehad om kostendekkend te werken. Het Jeugdfonds Sport Zwolle maakt voor kinderen uit minimahuishoudens sportdeelname mogelijk. Kosten voor het lidmaatschap van een sportclub, kunnen via deze stichting worden vergoed. Dus zijn kosten voor sport uitgesloten van de kindregeling. Artikelsgewijze Toelichting Artikel 1 Begrippen die al zijn omschreven in de participatiewet (Pw), Algemene wet bestuursrecht (Awb) of de Gemeentewet worden niet afzonderlijk gedefinieerd in deze verordening. Deze zijn vanzelfsprekend van toepassing op deze verordening ten behoeve van minima. Inkomen Met inkomen wordt onder andere bedoeld het inkomen zoals bedoeld in artikel 32 Pw. Bijzondere bijstand wordt niet als inkomen in aanmerking genomen. In de artikel 2 wordt de inkomenseis verder uitgewerkt.

Kind en Jongere Voor zowel het kind als de jongere moet het gaan om een ten laste komend kind, waarvoor kinderbijslag kan worden gevraagd. Op het moment dat een kind 18 jaar is, is er geen recht meer op kinderbijslag. Daarmee vervalt ook het recht op de kindregeling. Inwoners van 18 jaar en ouder die dagonderwijs volgen kunnen studiefinanciering of een tegemoetkoming scholieren (art 4.2 wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten) krijgen van DUO. Deze zijn hoger en daarom vervalt voor de ouder de kindregeling zodra een kind 18 jaar wordt. Artikel 2 en 4 Wie komt wel of niet voor vergoeding in aanmerking? In de participatiewet wordt aangegeven wie recht hebben op bijstand. Dit artikel passen we analoog toe in deze autonome verordening. Hieruit volgt dat: • alleen mensen die hier te lande verblijven recht hebben op de vergoeding. • vreemdelingen die rechtmatig in Nederland verblijven en die voldoen aan het gestelde in artikel 11 lid 2 en 3 recht hebben op een vergoeding. De hiervoor aangehaalde bepalingen zijn van belang bij de toetsing van de situatie op het moment van de aanvraag. Eén van de voorwaarden om voor de vergoeding in aanmerking te komen is dat een belanghebbende voldoet aan de vermogensbepalingen. In de wet worden voor eigen woningbezit vermogensvrijlatingen genoemd. Deze vermogensvrijlatingen zijn ook van toepassing op de verlening van de vergoeding.

In de wet wordt echter aangegeven dat als iemand als gevolg van het bezit van een eigen woning meer vermogen heeft dan het vermogen dat vrijgelaten mag worden er bijstand verleend wordt in de vorm van een hypothecaire lening. Het is echter niet de bedoeling om de vergoeding in de vorm van een hypothecaire lening te verstrekken. In de situatie dat iemand als gevolg van het eigen woningbezit meer vermogen heeft dan toegestaan en een inkomen heeft kleiner dan 130% van de bijstandsnorm, hoeft deze vergoeding in beginsel niet te worden terugbetaald.

4

Artikel 5 Hoogte vergoeding Een laag inkomen is meestal wel genoeg om er de lasten voor huur, gas en water van te kunnen betalen en om er eten en kleding van te kunnen kopen. Voor iets extra's, zoals schoolspullen, laptop, schoolreisje, dagje naar een attractiepark, het bezoeken van een concert of het museum, blijft geen geld over. Vooral voor huishoudens met jongeren en kinderen in het dagonderwijs blijft weinig geld over voor participatie. Dat is zorgelijk. We willen voorkomen dat jongeren en kinderen uit een huishouden met een laag inkomen in een sociaal isolement terechtkomen of achter raken op school. De gemeente biedt leerlingen op het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en de jaren één en twee van het middelbaar beroepsonderwijs extra ondersteuning. De bedragen van de vergoeding zijn in 2021 veranderd vanwege de terugtrekking van de Stichting Meedoen en in 2023 zijn de separate budgetten voor dagschool en cultuur samengevoegd tot één budget. Er is voor gekozen om voor dagschoolkosten, culturele en recreatieve activiteiten niet zijnde sport jaarlijks aan gezinnen met jongeren een vergoeding te geven van € 920, - per jongere of een vergoeding van € 600 per kind op de basisschool. Deze bedragen worden voor de helft contant en zonder factuur uitbetaald aan de ouders.

Met uitzondering van de contante betalingen geschiedt betaling op basis van een factuur met een minimum van € 20. De ouder kan de factuur naar de gemeente sturen. Artikel 6 Aanvragen Een belanghebbende ouder kan jaarlijks in het betreffende kalenderjaar in aanvraag voor vergoeding indienen. Het recht op de vergoeding vervalt na afloop van het kalenderjaar. Het kind of de kinderen moet(en) ingeschreven staan op het adres in de gemeente Zwolle van de aanvragende ouder(s). De belanghebbende moet desgevraagd aantonen dat zijn kinderen de basisschool of de middelbare school bezoeken dan wel in het eerste of tweede jaar van het middelbaar beroepsonderwijs zitten. Artikel 7 Terugvordering De belanghebbende ouder moet kunnen aantonen dat de contante vergoeding gebruikt is voor uitgaven aan zijn kinderen voor school, recreatie of het culturele vlak. Te denken valt aan: schoolspullen, schoolreisjes, excursies, schoolavondjes, concert of bezoek aan een museum. De belanghebbende moet de bewijzen van deze uitgaven gedurende twee jaar bewaren, gerekend vanaf 1 januari volgend op het jaar van uitgave. Indien men in onvoldoende mate aan de verplichtingen voldoet kan de gemeente overgaan tot terugvordering van de vergoeding. Artikel 8 indexering De ontwikkelingen rechtvaardigen jaarlijkse aanpassing van cijfers aan de prijsindex.

Afhankelijk van de omstandigheden kan worden gekozen voor een andere maatstaf. Artikel 9 Hardheidsclausule In bijzondere gevallen mag het college van burgemeester en wethouders van de gemeente afwijken van een paar bepalingen in de verordening. Het betreffen de bepalingen over de omvang van de doelgroep, het aanvragen en het terugvorderen van de vergoeding. Het college mag niet afwijken van de hoogte van de vergoeding.

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=45f6913f-548c-4afb-930d-5828a3e4dbaf