1. Rapportage potentiële waarde voetgangersbrug IJsselallee Zwolle – Rebel
Tekst van het document
Voetgangersbrug IJsselallee
Analyse van de potentiële waarde van een brug over de IJsselallee in Zwolle
Rebel
2
Colofon: Voetgangersbrug IJsselallee: Analyse van de potentiële waarde van een voetgangersbrug over de IJsselallee in Zwolle Status: Definitief Opdrachtgever: Gemeente Zwolle in samenwerking met het Windesheim College Auteurs: Jesse Hablé, Judith Gunnink, Martin Guit (Rebel) www.rebelgroup.com Juli 2024
INHOUDSOPGAVE MANAGEMENTSAMENVATTING
4
RAPPORTAGE
7
1.
Aanleiding, doel en aanpak onderzoek
7
2.
Huidige situatie en plannen brug
13
3.
Praktijkonderzoek: geslaagde voorbeelden elders uit het land
18
4.
Conclusie: potentiële waarde brug IJsselallee
21
BIJLAGEN
30
Geraadpleegde literatuur en betrokken personen
31
Analyse ambities en knelpunten
32
Analyse brede welvaart
42
Analyse mobiliteitswaarde
54
Analyse ladder van bekostiging
57
X
raadpleegde literatuur en
55
4
MANAGEMENTSAMENVATTING Achtergrond en doel van het onderzoek Tijdens de behandeling van de Nota van Uitgangspunten van Hanze Habitat heeft de gemeenteraad gevraagd om een extra onderbouwing van de brug over de IJsselallee tussen het Hanzekwartier en de Campus Windesheim. De gemeente Zwolle en de Hogeschool Windesheim hebben daarom gezamenlijk opdracht voor een onderzoek gegeven aan Rebel. Doel van het onderzoek is om de potentiële economisch/maatschappelijke en mobiliteitswaarde van de brug in beeld te brengen. Onderzoeksvragen Het onderzoek beantwoordt vier onderzoeksvragen: 1. Kan de brug een bijdrage leveren aan de opgave in het gebied? a) Draagt de brug bij aan het wegnemen van knelpunten en het realiseren van ambities? b) Draagt de brug bij aan Brede welvaart? 2. Wie zijn de potentiële gebruikers van de brug? 3. Wie zijn de belangrijkste baathebbers van de potentiële waarde van de brug? 4. Wat is er voor nodig om de brug succesvol te laten functioneren? a) Hoe moet de brug worden uitgevoerd? b) Wat zijn randvoorwaarden om te zorgen dat de brug optimaal wordt gebruikt? Onderzoeksaanpak Het onderzoek is in vier delen uitgevoerd: 1. Huidige situatie in beeld brengen, inclusief de planvorming rond de brug en de ambities voor de ontwikkeling van de Spoorzone. 2. Lessen trekken uit geslaagde voorbeelden van nieuwe bruggen elders in het land. 3.
Toegevoegde waarde van de brug in kaart brengen. Daarbij hanteren we drie perspectieven: ambities en knelpunten, brede welvaart, en mobiliteitswaarde. En we bekijken drie schaalniveaus: regionaal, stads- en
4.
wijkniveau. In kaart brengen bij welke partijen de baten van de brug neerslaan: de baathebbers. Hiervoor gebruiken we de ladder van bekostiging.
Huidige situatie en plannen voor de brug Op dit moment zijn er twee relevante verbindingen voor langzaam verkeer (lopen en fietsen) in het invloedsgebied van de potentiële brug: de Parallelweg en de Lünentunnel. Hoewel er over een brug over de IJsselallee nog geen besluitvorming plaats heeft gevonden, wordt er al een tijd gestudeerd op de verbinding. De verbinding wordt vrijwel altijd genoemd in één adem met het Engelenpad: de gehele loopverbinding tussen het Centrum en het zuiden en van de stad. De plannen voor de brug worden genoemd in beleidsdocumenten op lokaal, gebieds-, en gemeentelijk niveau. Zoals de Nota van Uitgangspunten Hanzekwartier, het Ontwikkelkader van de Spoorzone, het visiedocument Engelenpad en het Campusontwikkelplan Windesheim. De functie van de brug is in de verschillende beleidsdocumenten eenduidig: de brug moet de verbinding voor voetgangers verbeteren. We zien ook dat de ruimtelijk-economische programmering rond de route voorsorteert op de komst van een brug. Voorzieningen rondom het hele Engelenpad en in het bijzonder daar waar de brug begint en eindigt creëren de reuring die wordt geambieerd.
5
MANAGEMENTSAMENVATTING Deelconclusie 1: Vraag: Kan de brug een bijdrage leveren aan de opgave in het gebied? De brug draagt bij aan het oplossen van bestaande knelpunten, het realiseren van ambities en het vergroten van de brede welvaart. De brug kan een belangrijke bijdrage leveren aan het oplossen van twee knelpunten in de huidige situatie. Op dit moment is er namelijk sprake van verkeersonveilige situaties rond de Lünentunnel (knelpunt 1) en is de Campus behoorlijk afgesloten van de Spoorzone (knelpunt 2). Een brug over de IJsselallee zou de veiligheid verbeteren doordat er minder voetgangers door de Lünentunnel gaan. De barrièrewerking van de IJsselallee in relatie tot de Campus wordt door een brug niet volledig weggenomen, maar wel verminderd. Daarnaast draagt de brug bij aan de door Zwolle uitgesproken en in beleidsdocumenten vastgestelde ambities. We lichten twee ambities uit: • Ambitie 1: Zwolle wil de Spoorzone verdichten en een aantrekkelijke, levendige en duurzame woon-werkomgeving creëren. De brug kan hier een belangrijke bijdrage aan leveren. Enerzijds omdat de brug voor inwoners van de Spoorzone voorzieningen dichterbij brengt, zoals sportvoorzieningen op de Campus en het achtergelegen groen. Anderzijds omdat de brug zorgt voor meer reuring en levendigheid in het Hanzekwartier.
Als er meer voetgangers zijn, is de kans groot dat zich meer voorzieningen in het gebied vestigen, zoals horeca. • Ambitie 2: Zwolle wil dat het gebied een bruisend innovatie gebied wordt, waar ondernemers en onderwijs nauw samenwerken: de kennis-as. Het Spoorkwartier, het Hanzekwartier en de Campus worden programmatisch verbonden als ‘innovatie-ecosysteem’. Voor het succesvol ontwikkelen van hoogstedelijke gemengde gebieden zijn fysieke verbindingen van groot belang. De brug geeft hier invulling aan.
Vanuit het perspectief van brede welvaart draagt de brug bij aan de thema’s wonen, milieu en arbeid. De brug verbetert de woonomgeving in de Spoorzone en rond de eventuele woningen op de Campus door de afstand tot voorzieningen en groen te verkleinen. De brug kan gebruik van OV verder stimuleren en daarmee bijdragen aan het verlagen van uitstoot en het realiseren van de mobiliteitstransitie. En tot slot kan de brug economische innovatie en de aantrekkelijkheid van onderwijs vergroten.
In Rotterdam en Maastricht zagen we dat de aanleg van een nieuwe loop- en fietsbrug een belangrijke aanjager is geweest van gebiedsontwikkeling. Met de nieuwe verbindingen gaven de gemeenten de boodschap af vertrouwen te hebben in de gebiedsontwikkeling. Hiermee werden private investeerders overtuigd mee te doen en dit leidde tot meer investeringen in het gebied (woningen, horeca, voorzieningen en bedrijvigheid).
6
MANAGEMENTSAMENVATTING Deelconclusie 2: Vraag: Wie zijn de potentiële gebruikers van de brug? De verwachte gebruikers van de brug zijn: • Medewerkers en studenten van Windesheim. Met name die vanuit het station naar de Campus reizen of die dichtbij wonen. • Leerlingen en medewerkers van middelbare school Greijdanus. • Ondernemers en innovators in het gebied (o.a. Hanz, Perron 038, Brainz) • Nieuwe centrumbewoners (woningen Spoorzone en Campus) en Zwollenaren (m.n. richting sportfaciliteiten Windesheim of Engelse werk) • Bezoekers en toeristen indien aansluiting met Engelse werk wordt gezocht. Het precieze aantal dagelijkse gebruikers is niet eenvoudig te schatten. En hangt ook deels af van hoe de omgeving wordt ingericht en hoe randvoorwaarden worden ingevuld. Met data van Windesheim en aannames over groei en mobiliteitstransitie verwachten we alleen al voor medewerkers en studenten van het Windesheim zo’n 7.500 tot 10.000 gebruikers per etmaal. De andere groepen zijn minder goed cijfermatig vast te stellen. We verwachten dat er nog eens enkele duizenden gebruikers kunnen worden verwacht. Ter vergelijking. De Rijnhavenbrug in Rotterdam wordt per etmaal gebruikt door zo’n 2.500-5.000 voetgangers en ca. 4.500 fietsers.
Deelconclusie 3: Vraag: Wie zijn de belangrijkste baathebbers van de potentiële waarde van de brug? De belangrijkste baathebbers van de brug zijn de volgende partijen. • Zwolle en haar inwoners omdat de brug kan de gebiedsontwikkeling doen helpen slagen. Daarnaast kan het bijdragen aan het bereiken van klimaatdoelen als het leidt tot meer gebruik van het OV en meer lopen en fietsen. • Investeerders en ondernemers in het omringende gebied omdat de waarde van hun investeringen naar verwachting hoger is met brug dan zonder brug. Met name op het Hanzekwartier en de Campus. • Hogeschool Windesheim omdat de aantrekkelijkheid van de Hogeschool
•
toeneemt, meer gebruik gemaakt wordt van de voorzieningen (ook buiten lesuren) en het ontwikkelen van Campuswoningen aantrekkelijker en rendabeler wordt. Bedrijven en innovators uit de hele regio die zich vestigen in de Spoorzone, bijvoorbeeld Perron 038 en Hanz, omdat zij nauwer zijn aangesloten op onderwijs. Dat biedt kansen voor innovatie en voor het werven van werknemers.
Deelconclusie 4: Vraag: Wat is er voor nodig om de brug succesvol te laten functioneren? Hoe de brug er precies uit moet zien is afhankelijk van de beschikbare middelen en de ontwerpopgave. In dit onderzoek hebben we ons daar niet over gebogen. Wel trekken we drie conclusies over functionele eisen aan de brug, op basis van wat we in het onderzoek zijn tegengekomen. • De brug is comfortabel voor voetgangers, mogelijk kan de fiets aan de hand worden meegenomen. • De brug verbindt het voorzieningenprogramma in het Hanzekwartier rondom het Hanzeplein zo veel mogelijk met gebouw T en X op Windesheim. • De brug wordt ontwikkeld in de sfeer van (de Visie) Engelenpad, maar wordt toekomstbestendig uitgevoerd door op termijn demontabel en herbruikbaar te zijn. Tot slot hebben we een aantal randvoorwaarden geformuleerd voor het verzilveren van de waarde van de tunnel. Gemeente Zwolle, het Windesheim en ontwikkelaars staan hiervoor aan de lat. Voor de gemeente gaat het bijvoorbeeld om het positioneren van de brug als vanzelfsprekend onderdeel van de looproute waar ook het Engelenpad deel van uitmaakt. Voor Windesheim gaat het o.a. om het ontwikkelen van Campuswoningen en het zorgen voor een open verbinding richting het Greijdanus en het Engelse Werk. En voor ontwikkelaars o.a. om de ontwikkeling van voorzieningen en vastgoed die het Hanzeplein tot het gewenste levendige gebied maken.
1. Aanleiding, doel 1. en aanpak …. onderzoek
7
8
Onderzoek naar onderbouwing potentiële waarde brug IJsselallee toegezegd aan de raad in december 2022 Aanleiding In december 2022 heeft de gemeenteraad Zwolle ingestemd met de Nota van Uitgangspunten (NvU) voor Hanze Habitat. Dit is een nadere uitwerking van het Ontwikkelkader Spoorzone (2020) voor het deelgebied ‘Hanzekwartier’. Tijdens de behandeling van dit document in de gemeenteraad heeft de wethouder toegezegd om een onderbouwing voor de brug over de IJsselallee met de raad te delen. Deze brug verbindt de Spoorzone en de rest van de stad met de Campus van Windesheim en het IJssellandschap. Onderzoeksvragen De gemeente Zwolle en de Hogeschool Windesheim hebben daarom gezamenlijk opdracht gegeven aan Rebel om de potentiële economischmaatschappelijke en mobiliteitswaarde van de brug in beeld te brengen. Het onderzoek gaat in op vier vragen: 1. Kan de brug een bijdrage leveren aan de opgave in het gebied? a) Draagt de brug bij aan het wegnemen van knelpunten en het realiseren van ambities? b) Draagt de brug bij aan brede welvaart? 2. Wat is de mobiliteitswaarde van de brug: wie zijn de potentiële gebruikers van de brug? 3. Wie zijn de belangrijkste baathebbers van de potentiële waarde van de
4.
brug? Wat is er voor nodig om de brug succesvol te laten functioneren? a) Hoe moet de brug worden uitgevoerd? b) Wat zijn randvoorwaarden om te zorgen dat de brug optimaal wordt gebruikt?
Aanpak Wij hebben deze vragen beantwoord via een onderzoek in vier stappen: 1. Huidige situatie in beeld brengen, inclusief de planvorming rond de brug en de ambities voor de ontwikkeling van de Spoorzone. 2. Lessen trekken uit geslaagde voorbeelden van nieuwe bruggen elders in het land. 3. Toegevoegde waarde van de brug in kaart brengen. Daarbij hanteren we drie perspectieven: ambities en knelpunten, brede welvaart1, en mobiliteitswaarde. En we bekijken drie schaalniveaus: regionaal, stads- en wijkniveau. De visualisaties op pagina’s 9 en 10 laten deze aanpak met perspectieven en schaalniveaus zien. 4. In kaart brengen bij welke partijen de baten van de brug neerslaan: de baathebbers. Hiervoor is de ladder van bekostiging gebruikt. Pagina 11 bevat een korte toelichting op de ladder van bekostiging.
1Het CBS definieert ‘brede welvaart’ als de kwaliteit van leven hier en nu, en de mate waarin deze ten koste
gaat van de brede welvaart van latere generaties of van die van mensen elders in de wereld.
9
De waarde van de brug vanuit drie perspectieven: ambities en knelpunten, brede welvaart, en mobiliteit
Ambities en knelpunten
Brede welvaart
Mobiliteitswaarde
Lost de brug bestaande knelpunten op en draagt de brug bij aan het realiseren van de ambities van Zwolle? Wat is daarvoor nodig?
Kan de brug bijdragen aan het vergroten van brede welvaart? Wat is daarvoor nodig?
Wat voegt de brug toe vanuit mobiliteitsperspectief? Wie gaat de brug gebruiken? Wat is daarvoor nodig?
Opmaat voor 1) baathebbers, 2) functionele eisen brug en 3) randvoorwaarden
10
We kijken naar het schaalniveau van de buurt, de stad en de regio De brug over de IJsselallee heeft waarde op drie niveaus: •
Het directe buurt- en wijkniveau. Dit zijn de Spoorzone met de verschillende wijken en de Campus Windesheim.
•
De stad Zwolle. Dit is bijvoorbeeld ook de binnenstad en de verbinding die het Engelenpad door de stad maakt.
•
Stad Zwolle
De regio Zwolle. Dit is het samenwerkingsverband van 22 gemeenten, vier provincies, ondernemers, maatschappelijke organisaties en onderwijsinstellingen. Deze partijen werken o.a. samen in de economic board en de regiodeal.
Buurt / wijk
We beschouwen in het onderzoek de waarde van de brug dan ook op deze drie niveaus.
Regio Zwolle
11
Met behulp van de ladder van bekostiging geven we inzicht in wie baathebbers zijn Nadat we de potentiële impact bepaald hebben, volgt een analyse van de baathebbers: welke baten landen bij welke stakeholders? Die analyse voeren we uit aan de hand van de ladder van bekostiging.
EUR Nietfinanciële, nietmonetariseer bare baten
In de ladder van bekostiging maken we onderscheid naar vier soorten kosten en baten:
1. Directe financiële kosten en baten; dat zijn de directe geldstromen die samenhangen met het project. Als er een brug wordt gebouwd, betekent dat investeringen in bouw en onderhoud (directe financiële kosten).
2. Indirecte financiële kosten en baten; financiële kosten en baten die niet bij de partij terecht komen Nietfinanciële, monetariseer bare baten
die de investering doet, maar bij anderen. Het niet meer in hoeven zetten van parkeerregelaars is een indirecte financiële baat, of het toenemen van de vastgoedwaarde door betere verbinding.
3. Monetariseerbare niet-financiële kosten en baten; kosten en baten die niet tot een geldstroom
leiden, maar waarvan de waarde wel in euro’s kan worden uitgedrukt. De verlaging van de CO2uitstoot door de afname van het autogebruik als gevolg van stimuleren van OV is een monetariseerbare niet-financiële baat. We zouden als benadering daarvoor de kosten van het compenseren van eenzelfde hoeveelheid CO2 kunnen hanteren.
Kosten
Indirecte financiële baten
Directe financiële baten
Kosten
Baten
4. Niet-monetariseerbare niet-financiële kosten en baten; kosten en baten die niet (goed) uit te
drukken zijn in euro’s. De toename van het geluk van wandelaars door de inrichting van de openbare ruimte is een niet-monetariseerbare, niet-financiële baat. Of bewoners die dichter bij de natuur komen.
Doorgaans verschillen de baathebbers per type kost of baat. Tegelijkertijd kunnen bij een partij meerdere soorten kosten en / of baten neerslaan.
12
Leeswijzer Leeswijzer De hoofdtekst van dit rapport bestaat uit vier hoofdstukken. Samen beschrijven zij de belangrijkste bevindingen uit het onderzoek: • Hoofdstuk 2 beschrijft de huidige situatie in het plangebied, bestaande knelpunten en ambities en de plannen ten aanzien van de brug over de IJsselallee. • Hoofdstuk 3 bevat twee case studies van vergelijkbare bruggen in Rotterdam en Maastricht. • Hoofdstuk 4 beantwoordt de vier onderzoeksvragen. In de hoofdtekst wordt verwezen naar achterliggende analyses. Deze analyses zijn opgenomen in de bijlagen.
13
2. 1. Huidige situatie en plannen brug …. Hier foto van het tunneltje nu
Zie voor de uitgebreide analyse p. 32-36
Huidige situatie | Langzaam verkeer kruist de IJsselallee via Parallelweg en Lünentunnel Twee langzaam verkeersverbindingen gaan onder de IJsselallee door Er zijn twee relevante verbindingen voor langzaam verkeer (lopen en fietsen) in het invloedsgebied van de potentiële brug. Dat zijn de Parallelweg (aangeduid met het symbool ‘i’ in de kaart) en de Lünentunnel (aangeduid met het symbool ‘ii’). Deze verbindingen zijn cruciaal voor fietsverkeer, omdat de verbindingen onderdeel zijn van respectievelijk de doorfietsroute en de stadsroute. De Lünentunnel is ook cruciaal voor voetgangers, omdat het de Spoorzone met Schelle en Windesheim verbindt. De Parallelweg kent ook (met name recreatief) voetgangersverkeer. De Hanzenallee (aangeduid met het symbool ‘I’) is alleen geschikt voor autoverkeer. De afgelopen jaren is het gebruik van de Parallelweg en Lünentunnel door voetgangers en fietsers flink gegroeid, mede door de toename van het aantal Windesheim-studenten (ongeveer 25.000 in 2024). Sinds de ontwikkeling van Campus Windesheim zijn er geen nieuwe verbindingen toegevoegd. Onderstaande tabel geeft de omvang van het fiets- en voetgangersverkeer door de Parallelweg en de Lünentunnel weer. De tabel geeft ook de verwachte toename van gebruikers weer.
We zien dat het aantal gebruikers van de Parallelweg en de Lünentunnel fors zullen toenemen als er geen extra verbinding wordt gerealiseerd. Dat komt omdat er veel ontwikkelingen plaats vinden in de Spoorzone. Etmaalverplaatsingen op een drukke dag (huidig)
Verwachte toename rond 2030 zonder brug
Parallelweg (i)
Fietsen
8.000
+ 15 tot 25%
Lopen
Beperkt recreatief verkeer
+ 5 tot 10%
Lünentunnel (ii)
Fietsen
6.800
+ 20 tot 40%
Lopen
15.000 – 20.000
+ 20 tot 40%
i I ii
14
Zie voor de toelichting p. 37-41
Huidige situatie | Knelpunten en ambities Om te bepalen wat de waarde van de brug is, kijken we naar welke problemen en vraagstukken de brug kan oplossen. We hebben twee knelpunten en twee ambities gedefinieerd die relevant zijn voor de brug. Twee knelpunten Er zijn twee knelpunten die zich nu, in de huidige situatie, al voordoen. Knelpunt 1 | bestaande verbindingen zijn voor voetgangers niet ideaal en soms verkeersonveilig. Dit knelpunt is van toepassing op verschillende plekken langs de route tussen het station en Windesheim. De looproute is niet altijd even aantrekkelijk en veilig. Bijvoorbeeld omdat er drukke wegen moeten worden overgestoken of er weinig ruimte is voor voetgangers. Dit knelpunt wordt naar verwachting groter met de komst van meer woningen en arbeidsplaatsen. Knelpunt 2 | de IJsselallee vormt een barrière tussen centrum/station en Windesheim. Door de barrièrewerking van de IJsselallee ligt de Campus enigszins afgesloten van de rest van de Spoorzone. Dit is onwenselijk, omdat mensen zich tussen de twee gebieden bewegen. Studenten studeren niet alleen op de Campus, maar ook in de Spoorzone. En in de Spoorzone is bedrijvigheid en industrie gevestigd die banden heeft met het onderwijs. Gebruikers ervaren de verbinding via de bestaande loop- en fietsroutes (Parallelweg en Lünentunnel) niet als optimaal.
Twee ambities De stad, het Zwolse centrumgebied en de Spoorzone in het bijzonder zijn in ontwikkeling. Er spelen opgaven rond woningbouw, bedrijvigheid, onderwijs, cultuur, natuur en innovatie. Daarvoor is een mobiliteitstransitie noodzakelijk. En die mobiliteitstransitie vergt op zijn beurt weer een beter aaneengesloten stad. De gemeente heeft tal van ambities in beleidsdocumenten vastgelegd. We vertalen dit naar twee relevante ambities voor de brug. Ambitie 1: Spoorzone verdichten en aantrekkelijke, levendige en duurzame woon-werkomgeving creëren. In de Omgevingsvisie staat dat de Spoorzone verdicht wordt en onderdeel gaat uitmaken van het grotere centrumgebied. De ambitie is een levendig en aantrekkelijk gebied met allerlei voorzieningen (o.a. sport en groen) in de buurt van inwoners. Voorwaarde is het stimuleren en faciliteren van langzaam verkeer (lopen en fietsen). Ambitie 2: bruisend innovatiegebied en nauwe samenwerking tussen ondernemers en onderwijs (kennis-as). Het Spoorkwartier, het Hanzekwartier en de Campus worden programmatisch verbonden als ‘innovatieecosysteem’. Het Ontwikkelkader spreekt ook over een gemengd programma in de Campus met (studenten)woningen. De ontwikkeling van de Spoorzone zorgt voor meer economische ontwikkeling, omdat startups, living labs, opleidingen en andere innovatieve werkgelegenheid naar de Spoorzone wordt getrokken.
15
16
Een brug over de IJsselallee | Het plan en de status Planvorming in beleidsdocumenten op alle niveaus Hoewel er over een brug over de IJsselallee nog geen besluitvorming plaats heeft gevonden, wordt er al een tijd gestudeerd op de verbinding. De verbinding wordt vrijwel altijd in één adem met het Engelenpad genoemd: de gehele loopverbinding tussen het Centrum en het zuidelijke deel van de stad. De plannen voor de brug zijn opgenomen in beleidsdocumenten op lokaal, gebieds-, en gemeentelijk niveau : 1. Campusontwikkelplan Windesheim (2019) 2. Ontwikkelkader Spoorzone Zwolle (2020) 3. De Nota’s van Uitgangspunten Hanzekwartier (Hanze Habitat, 2022) en District Z, Werkplaatsen, Lurelui (2021) 4. Het Engelenpad; levensader voor nieuwe stedelijkheid (2023) Hoe moet de brug eruit komen te zien? De functie van de brug is in de verschillende beleidsdocumenten eenduidig: de brug moet de verbinding voor voetgangers verbeteren. Hoe de brug er precies uit moet komen te zien, wordt het meest concreet beschreven in het meest recente beleidsdocument: Het Engelenpad; levensader voor nieuwe stedelijkheid (2023). We zien ook dat de ruimtelijk-economische programmering rond de route sorteert voor op de komst van een brug. Voorzieningen rondom het hele Engelenpad en in het bijzonder daar waar de brug begint en eindigt creëren de reuring die wordt geambieerd.
De volgende pagina laat zien hoe de brug in de verschillende beleidsdocumenten wordt beschreven. De op deze en de volgende pagina beschreven elementen gelden als uitgangspunt voor het beantwoorden van de onderzoeksvragen.
passerelle Brug?
17
Campusontwikkeling (‘19) Windesheim Zwolle tot 2035
Ontwikkelkader (‘20) Spoorzone Zwolle
Hanze Habitat (‘22) Nota van Uitgangspunten Hanzekwartier
Het Engelenpad (‘23) Levensader voor nieuwe stedelijkheid
“Voor Windesheim is de verbinding tussen de stad, het stationsgebied en de campus van groot belang. Al vele jaren wordt gesproken over de fly-over, dan wel de passerelle. Windesheim blijft aandringen op het realiseren van een duidelijke, herkenbare en veilige verbinding voor studenten en medewerkers. Deze verbinding krijgt met de ingezette ontwikkeling van het Engelenpad door de gemeente nu daadwerkelijk vorm.”
“De sloop en nieuwbouw van enkele gebouwen langs de IJsselallee heeft voor een mooie aanlanding gezorgd van de nieuwe Engelenbrug, die het Hanzekwartier verbindt met de Windesheim.”
“Idealiter verkleint juist deze nieuwe verbinding over de IJsselallee ook de psychologisch ervaren afstand van de campus naar de oude binnenstad.”
“Het ensemble van de hub en de aangelegen volumes dienen samen als landing en bruggenhoofd voor de passerelle over de IJsselallee en daarmee de verbinding met de Windesheim Campus. Het ontwerp en de programmering ondersteunen deze functie.”
Rijnhavenbrug in Rotterdam
1.
3. Praktijkonderzoek ….
Geslaagde voorbeelden van brugverbindingen voor voetgangers en fietsers Hoge brug in Maastricht
18
19
Rijnhavenbrug in Rotterdam: brug zorgde voor meer investeringen en daardoor levendiger gebied Omschrijving van de brug De Rijnhavenbrug (2012) is een langzaam verkeersbrug tussen de Wilhelminapier en Katendrecht in Rotterdam. De brug is 160 meter lang en 8 tot 10 meter breed. Fietsers en voetgangers gebruiken dezelfde ruimte; wel is er een brommerverbod. De brug kan deels open voor passerend vaarverkeer. De aantallen gebruikers per etmaal zijn als volgt: •
4.500 fietsers (groeit door)
•
2.500 - 5.000 voetgangers
Belang van de brug voor het gebied Verbindt twee eerder niet verbonden stadsdelen. Voorheen was er geen verbinding tussen de Wilhelminapier en Katendrecht. Nu is die er wel. Fysiek en psychologisch is de afstand kleiner geworden.
Zorgt voor snellere verbinding naar Centrum en metro. Door de brug is de reistijd tussen Katendrecht en Rotterdam Centrum korter, omdat de Rijnhaven nu overgestoken kan worden. Ook metrostation Wilhelminaplein is bereikbaarder geworden vanuit een deel van Katendrecht.
Geeft impuls aan stedelijke en lokale voorzieningen. De brug zorgt voor meer levendigheid op de pier. De verbinding is onderdeel van het rondje Katendrecht – Wlhelminapier en trekt daardoor veel passanten. Voorzieningen op de Wilhelminapier en Katendrecht zijn mede door dit andere publiek tot ontwikkeling gekomen. Omdat inwoners van Katendrecht de brug gebruiken om OV te bereiken, zorgt dit ook voor meer levendigheid in de rustige uren. Geeft voetgangers en fietsers meer keuzevrijheid. Voetgangers en fietsers kunnen de vele bouwactiviteiten op Katendrecht ontwijken door via de Rijnhavenbrug te lopen. Daar waar voor autoverkeer Katendrecht en de Wlhelminapier één in- en uitgang heeft, heeft langzaam verkeer een extra keuze. Ervaringen van gemeente Rotterdam De ervaring van gemeente Rotterdam is dat de brug voor een impuls in investeringen in het gebied zorgde. Het vertrouwen van investeerders in de publieke sector in Katendrecht was niet groot. Mede door de komst van de brug sloten meerdere investeerders aan. Dit zorgde voor meer investeringen in het gebied en maakte ook dat de waarde van de investering door marktpartijen hoger was dan zonder verbinding.
Lessen voor Zwolle Voor Zwolle is deze casus interessant omdat de nieuwe verbinding letterlijk twee niet verbonden stadsdelen met elkaar in contact heeft gebracht. Resultaat was dat de maatschappelijke voorzieningen in beide stadsdelen elkaar versterkten. Daarmee is de gebiedsontwikkeling op een hoger niveau gebracht en was het aanleiding voor meer investeringen in het gebied door private partijen.
Mattijs van Ruijven, hoofd stedenbouw Gemeente Rotterdam:
“ De belangrijkste waarde van de Rijnhavenbrug is het vertrouwen bieden in de gebiedsontwikkeling Katendrecht door de Gemeente. Hierdoor wilden de private investeerders en ontwikkelaars meedoen. “
20
Hoge brug in Maastricht zorgde voor verbinding met binnenstad en levendigheid Plein 1992 Omschrijving van de brug De Hoge brug (2003) is een 261 meter lange en ca. 7 meter brede fiets- en voetgangersbrug over de Maas. Voetgangers kunnen met een trap of lift de brug betreden. Fietsers lopen via een luietrap-constructie met de fiets aan de hand de brug op. Hier is voor gekozen omdat opritten te steil zouden zijn vanwege de vereiste doorvaarthoogte en beperkte ruimte aan beide oevers. De brug is een schakel in het fietsnetwerk van Maastricht en draagt bij aan het vergroten van de stedelijke voorzieningen aan het Plein 1992. Belang van de brug voor het gebied Verbindt binnenstad met andere stadsdelen. De brug verbindt de binnenstad van Maastricht (westelijke oever) met het oude stadsdeel Wyck en het nieuwe stadsdeel Céramique (oostelijke oever). De verbinding met de binnenstad zorgt voor een betere bereikbaarheid van musea, bibliotheek en andere voorzieningen.
Heeft levendigheid Plein 1992 vergroot. De brug komt uit op Plein 1992. Dit plein is door de brug een levendiger onderdeel geworden van de stedelijke verbinding en huisvest nu meer horeca dan voorheen. Onder andere omdat de verbinding (500m van de Servaasbrug) een rondje binnenstad mogelijk maakt en daardoor veel passanten trekt. Verbindt parken. De brug vormt de verbinding tussen het Stadspark Maastricht en het Charles Eyckpark. Ervaringen van gemeente Maastricht
Voor fietsers (met fiets aan de hand) is de brug erg interessant en veel gebruikt. De gebruikservaring is niet altijd positief, maar omdat het de kortste route is, wordt hij ook door fietsers veel gebruikt. Lessen voor Zwolle Voor Zwolle is deze casus interessant omdat het Plein 1992 een mooi voorbeeld is van de ambitie voor het te ontwikkelen Hanzeplein en daarmee de ontwikkeling van de stedelijke voorzieningen.
Jo Coenen, architect:
“De verbinding over de Maas vanuit Céramique naar de binnenstad gaf het Plein 1992 een stedelijke impuls voor nieuwe voorzieningen.”
21
4. Conclusie: Potentiële waarde voetgangersbrug IJsselallee ….
22
Concluderend: brug draagt bij aan oplossen knelpunten en realiseren ambities Op basis van het onderzoek (zie bijlagen) komen we tot antwoorden op de voorliggende onderzoeksvragen. De hoofdconclusie luidt dat de brug bijdraagt aan het oplossen van bestaande knelpunten. Zonder de brug, worden de knelpunten erger. Daarnaast draagt de brug bij aan het realiseren van de ambities in de stad en het gebied. Ook draagt de brug bij aan brede welvaart. Hiervoor moet wel voldaan worden aan een aantal randvoorwaarden.
Op de pagina’s hierna geven we per onderzoeksvraag antwoord. De onderzoeksvragen zijn: 1. Kan de brug een bijdrage leveren aan de opgave in het gebied? a) Draagt de brug bij aan het wegnemen van knelpunten en het realiseren van ambities? b) Draagt de brug bij aan Brede welvaart? 2. Wie zijn de potentiële gebruikers van de brug? 3. Wie zijn de belangrijkste baathebbers van de potentiële waarde van de brug? 4. Wat is er voor nodig om de brug succesvol te laten functioneren? a) Hoe moet de brug worden uitgevoerd? b) Wat zijn randvoorwaarden om te zorgen dat de brug optimaal wordt gebruikt?
Zie voor de uitgebreide analyse p. 37-38
Ambitie en knelpunten
Vraag 1a | Knelpunten in het gebied vragen nu al om een oplossing die de brug kan bieden Knelpunt 1 | Bestaande verbindingen zijn voor voetgangers niet ideaal en soms verkeersonveilig Knelpunt 2 | IJsselallee vormt barrière tussen centrum/station en Windesheim
De brug kan een oplossing zijn voor de toenemende fiets- en voetgangersdrukte en veiligheidsknelpunten. Deze knelpunten in de Lünentunnel en bij de Burgemeester van Walsenlaan kunnen worden weggenomen door de brug, omdat er een alternatief voor de Lünentunnel wordt geboden. Er zijn dan wel maatregelen nodig om voetgangers (met uitzondering van mensen die naar Schelle willen) zo veel mogelijk te stimuleren gebruik te maken van de brug in plaats van de Lünentunnel. De barrièrewerking van de IJsselallee wordt verminderd door de brug. Door een snellere en aantrekkelijkere verbinding voor voetgangers over de IJsselallee wordt de barrièrewerking van de IJsselallee verminderd. Dit is met name relevant voor mensen die zich verplaatsen tussen Campus en innovatielocaties (zoals Perron 038, Hanz en Brainz) in de stad. We benadrukken dat ook met de brug de IJsselallee nog steeds een barrière vormt voor voetgangers en fietsers. Voor voetgangers is er geen fijnmazig netwerk tussen Campus en Spoorzone. Om de barrièrewerking volledig weg te nemen zijn uitgebreidere, dure en minder
haalbare maatregelen nodig. Zoals het ondergronds brengen van de IJsselallee en deze volledig te overkluizen, of een brede tunnel onder de weg door.
23
Zie voor de uitgebreide analyse p. 39- 41
Ambitie en knelpunten
Vraag 1a | De brug helpt Zwolse ambities voor de Spoorzone en het Hanzekwartier waar te maken Ambitie 1 | Spoorzone verdichten en aantrekkelijke, levendige en duurzame woonwerkomgeving creëren. Ambitie 2 | Bruisend innovatiegebied en nauwe samenwerking tussen ondernemers en onderwijs (kennis-as).
Overweging vooraf: toekomstgericht investeren in brug trekt investeringen in gebied aan. De voorbeelden uit Rotterdam en Maastricht laten zien dat investeren in een gebied en vooruitlopen op wat het in de toekomst kan zijn, ook weer investeringen aantrekt. Door verbindingen aan te leggen gaven Rotterdam en Maastricht als publieke partij de boodschap af vertrouwen te hebben in de gebiedsontwikkeling. Dit overtuigde private investeerders mee te doen, en leidde tot meer investeringen in het gebied (woningen, horeca, voorzieningen en bedrijvigheid). Die investeringen van marktpartijen werden vervolgens ook meer waard door die publieke investeringen in de brug. De brug kan een belangrijke bijdrage leveren aan het bereiken van de ambities in het gebied. Door te investeren in de verbinding is de kans op het bereiken van de ambities op lokaal en regionaal niveau groter. Op regionaal en stadniveau kan een voetgangersbrug bijdragen aan de ambities, doordat er conform het STOMP-principe meer ruimte komt voor lopen en fietsen. Dat geeft een impuls aan de mobiliteitstransitie. De brug levert op twee manieren een bijdrage aan ambitie
1. Enerzijds brengt een brug voorzieningen dichterbij bewoners van de Spoorzone, zoals de sportvoorziening op de Campus en het achtergelegen groen. Anderzijds speelt de brug een belangrijke rol in het levendig maken van het Hanzekwartier. Meer voetgangers in het gebied en voetgangersbewegingen tussen wonen, werken en leren in de Spoorzone en de Campus stimuleren dat er meer voorzieningen in het gebied komen, zoals horeca. Voor het succesvol ontwikkelen van hoogstedelijke gemengde gebieden zijn fysieke verbindingen van groot belang1. De brug levert dan ook een bijdrage aan ambitie 2 omdat het een fysieke verbinding creëert tussen de Campus en de Spoorzone. In de Spoorzone wordt onderwijs gegeven en zitten innovatie-labs en startups. Een toegankelijkere en directe verbinding met het onderwijs, maakt het gehele gebied aantrekkelijker als innovatiedistrict.
1: Guiding Principles Metro Mix: Hoe gemengde hoogstedelijke milieus met meerwaarde voor Nederland te ontwikkelen, College van Rijksadviseurs:, 2019
24
Zie voor de uitgebreide analyse p. 42- 53
Brede Welvaart
Vraag 1b | De brug kan brede welvaart verhogen, door verbeteren woonomgeving en impuls aan onderwijs en innovatie Brede welvaart-indicatoren waar brug impact op kan hebben WONEN
1. Tevredenheid woonomgeving 2. Afstand tot sportterrein 3. Afstand tot café e.d.
MILIEU
De brug kan de directe woonomgeving van het Centrumgebied verbeteren (en geschikt maken) door afstand tot voorzieningen, sport, natuur en OV te verkleinen en door bij te dragen aan de mobiliteitstransitie.
4. Afstand tot groen
5. Natuur- en bosgebieden 6. Broeikasgasemissies
De brug kan het gebruik van OV en daarmee de modal shift verder stimuleren door een aantrekkelijkere verbinding tussen Campus en station (afname CO2 en fijnstof).
7. Fijnstof ARBEID EN VRIJE TIJD
8. Reistijd werk / OV 9. Arbeidsparticipatie
10. Hoogopgeleide bevolking
De brug kan economische innovatie en aantrekkelijkheid van het onderwijs vergroten omdat het functies en mensen met elkaar verbindt en daarmee juist voor de regio onderwijs nog aantrekkelijker te maken.
25
Mobiliteitswaarde
Zie voor de uitgebreide analyse p. 55-56
Vraag 2 | Gebruikers brug Als potentiële gebruikers van de brug onderscheiden we de volgende groepen. Medewerkers en studenten Windesheim. De grootste gebruikers van de brug zijn medewerkers en studenten van Windesheim. De brug wordt voorzien tussen het Hanzeplein en gebouw D van de Campus. Gebouw D ligt meer richten het westen. Helemaal in het westen van de Campus liggen gebouwen T en X waar de meeste leerlingenplaatsen zijn. Met name medewerkers en studenten die vanuit het station naar de Campus reizen maken gebruik van de brug. Leerlingen en medewerkers Greijdanus. Ten zuiden van de Campus bevindt zich een middelbare school, het Greijdanus. Dit is een school met ongeveer 2.400 leerlingen en medewerkers. Leerlingen en medewerkers die vanuit het station komen kunnen ook gebruik maken van de brug. Om deze groep te faciliteren is een logische looproute tussen de brug en de school nodig. Werknemers en bezoekers van bedrijvigheid Spoorzone. Ondernemers en initiators van innovatieve bedrijvigheid in de Spoorzone staan in nauwe verbinding met de onderwijsfuncties in de Campus. Zo zijn er nu al enkele onderwijsfuncties in de Spoorzone aanwezig (Hanz, Perron 038, Brainz). In de plannen voor de deelgebieden Werkplaatsen en Hanzekwartier volgen andere onderwijsfuncties.
Tussen Campus en de onderwijs- en innovatiefuncties in de Spoorzone verwachten we een sterke stroom voetgangersverkeer over de brug. De omvang van deze stroom is afhankelijk van de mate waarin innovatieve bedrijvigheid naar de Spoorzone getrokken wordt.
Nieuwe Centrumbewoners en Zwollenaren uit de bestaande stad. Zwolle heeft momenteel zo’n 130.000 inwoners. In de Spoorzone worden ca. 5.000 nieuwe bewoners verwacht (zo’n 3.000 – 4.000 woningen). Mogelijk komen er ook nieuwe bewoners op de Campus, omdat er ontwikkelpotentie voor woningen is bij Gebouw D. Op de Campus bevinden zich voorzieningen voor bewoners van de stad, met name sportfaciliteiten. Als de brug volgens de filosofie van het Engelenpad eveneens de poort is naar het Engelse Werk en het natuurgebied rond de IJssel, biedt de brug Zwolse bewoners letterlijk het pad naar de natuur. Bewoners uit de Spoorzone, maar ook verder noordelijk in de stad, zullen naar verwachting de brug gebruiken.
Bezoekers en toeristen. Als de brug verbonden wordt met het Engelse Werk, krijgt de brug ook een toeristische functie. Mensen die Zwolle bezoeken voor de combinatie natuur en stad kunnen dan de brug gebruiken om beide bestemmingen met elkaar te verbinden. Hoeveel gebruikers? Het is niet eenvoudig in te schatten hoeveel mensen dagelijks gebruik zouden maken van de brug. Met data van Windesheim en aannames over groei en mobiliteitstransitie verwachten we voor de eerste groep – medewerkers en studenten Windesheim – al zo’n 7.500 tot 10.000 gebruikers per etmaal. De andere groepen zijn minder goed cijfermatig vast te stellen. In de bijlage laten we wel zien hoe groot de groepen zijn. Daaruit concluderen we dat er bovenop de medewerkers en studenten van Windesheim nog eens enkele duizenden gebruikers kunnen worden verwacht. Het gebruik is afhankelijk van hoe de omgeving wordt ingericht en andere randvoorwaarden. Dit benoemen we op pagina’s 26 en 27.
26
Zie voor de uitgebreide analyse p. 57-59
Vraag 3 | Baathebbers van de brug zijn Zwolle en haar inwoners, investeerders en ondernemers, Windesheim en bedrijven uit de regio
De belangrijkste baathebbers van de brug zijn de volgende partijen. •
Zwolle, haar inwoners en bezoekers (m.n. van Windesheim) omdat de brug de gebiedsontwikkeling van de Spoorzone kan doen helpen slagen, zorgt voor meer verkeersveiligheid en een prettigere route naar Windesheim en eventueel het Engelse Werk biedt. Daarnaast kan de brug bijdragen aan het bereiken van klimaatdoelen als het leidt tot meer gebruik van het OV en meer lopen en fietsen.
•
Investeerders en ondernemers in het omringende gebied omdat de waarde van hun investeringen naar verwachting hoger is met brug dan zonder brug. Dat geldt het sterkst voor de gebieden rond de brug, zoals het Hanzekwartier en de Campus.
•
Hogeschool Windesheim omdat de aantrekkelijkheid van de Hogeschool toeneemt, de voorzieningen (ook buiten lesuren) meer gebruikt worden en het ontwikkelen van Campuswoningen aantrekkelijker en rendabeler wordt.
•
Bedrijven en innovators uit de hele regio die zich vestigen in de Spoorzone, bijvoorbeeld Perron 038 en Hanz, omdat zij nauwer zijn aangesloten op onderwijs. Dat biedt kansen voor innovatie en voor het werven van werknemers.
27
28
Vraag 4a | Om meerwaarde brug te verzilveren moet aan een aantal eisen voldaan worden Functionele eisen om meerwaarde te verzilveren
•
De brug verbindt het voorzieningenprogramma in het Hanzekwartier rondom het Hanzeplein zo veel mogelijk met gebouw T en X op Windesheim (zie bijlage C). Het Hanzekwartier is in de plannen voorzien als de plek met de meeste reuring in het gebied. Het gebruik van de brug wordt geoptimaliseerd door de plekken met de meeste reuring met elkaar te verbinden. Omdat op de Campus Windesheim de meeste leerlingenplekken bij T en X zijn, dient de brug zo veel mogelijk daar naar toe te leiden. Op deze manier wordt de brug de meest logische route voor Campusverkeer.
•
De brug wordt ontwikkeld in de sfeer van (de Visie) Engelenpad, maar wordt toekomstbestendig uitgevoerd door op termijn demontabel en herbruikbaar te zijn. Het kan zijn dat in de verre toekomst er verdergaande plannen komen voor de IJsselallee, zoals het ondergronds brengen ervan. De brug flexibel en herbruikbaar ontwerpen houdt rekening met dit toekomstscenario, en voorkomt kapitaalvernietiging.
Hoe de brug er precies uit moet zien is afhankelijk van de beschikbare middelen en de ontwerpopgave. We hebben ons in dit onderzoek niet gebogen over dit type vragen. Wel trekken we op basis van dit onderzoek drie conclusies over functionele eisen aan de brug:
•
De brug is comfortabel voor voetgangers. De toepassing van het STOMP-principe betekent dat hoogwaardige verbindingen voor voetgangers en fietsers gewenst zijn. Voor voetgangers ontbreekt nu een hoogwaardige verbinding tussen Campus en Spoorzone. De aanleg van een brug over de IJsselallee kan de gewenste hoogwaardige verbinding bieden. Om te kunnen spreken van een hoogwaardige voetgangersverbinding, is het belangrijk dat voetgangers hun ruimte op de brug niet met fietsers hoeven te delen. Dat kan op twee manieren bewerkstelligd worden. De eerste optie: voetgangers en fietsers hebben allebei eigen stroken op de brug, die voldoende breed zijn. De tweede optie: de volle breedte van de brug is bedoeld voor voetgangers, fietsers maken alleen met fiets aan de hand gebruik van de brug. Vanuit het perspectief van hoogwaardige verbindingen voor de fiets zijn beide opties acceptabel. Want als voetgangers gebruik maken van een brug, ontstaat er meer ruimte voor fietsers in de Lünentunnel. Fietsers beschikken daarmee als gevolg van de aanleg van de brug sowieso over een betere verbinding dan nu het geval is.
29
Vraag 4b | Randvoorwaarden waar gemeente, Windesheim en ontwikkelaars voor aan de lat staan Randvoorwaarden Zwolle
belegd
bij
Gemeente
✓
De toegangen naar de brug over de IJsselallee zijn een vanzelfsprekend onderdeel van de route waar ook het Engelenpad deel van uitmaakt.
✓
Het is het overwegen waard om het Engelenpad compleet te maken door ook ten zuiden van de Campus looproutes te realiseren richting natuur. Op deze manier is voor bewoners groen en natuur dichterbij.
✓
Het wandelpad door de Lünentunnel moet worden behouden vanwege de verbinding tussen Hanzewonen en Schelle. Daarom blijft de oostzijde de juiste plek voor het trottoir. Dit trottoir kan eventueel smaller worden gemaakt. Dit heeft als effect dat de fietsroute tussen de Pilotenlaan en Koggelaan versterkt wordt.
Randvoorwaarden belegd bij Windesheim ✓
✓
✓
✓
Windesheim zorgt dat de loopentree aan de burgemeester van Walsenlaan minder aantrekkelijk is om gebruikers zo een nudge te geven om de brug te gebruiken in plaats van de Lünentunnel. In het mobiliteitsbeleid van Windesheim verdergaande ambities opnemen op het gebied van duurzame mobiliteit. Dat betekent hogere parkeertarieven. Windesheim versterkt de verbinding met de Spoorzone ruimtelijk-programmatisch door bijvoorbeeld extra voorzieningen voor de stad te realiseren op de Campus en ruimte te geven voor woningen bij gebouw D. Windesheim heeft een open, doorlaatbare campus. Dat betekent dat wandelende scholieren van Greijdanus vanaf Hanzeplein over de brug, via de Campus op school komen. Het Engelenpad doorkruist dus de Campus.
Randvoorwaarden ontwikkelaars
belegd
bij
coalities
✓
Ontwikkelaars maken de noordelijke voet van de brug aantrekkelijk: op het Hanzeplein worden voorzieningen en aantrekkelijke plinten ontwikkeld, en er wordt reuring gecreëerd.
✓
Ontwikkelaars trekken passende beleggers aan waarbij onderwijs gebonden innovatieve bedrijvigheid ontstaat voor leer- en stageplekken.
✓
Ontwikkelaars woningbouwcorporaties woningen op de Campus.
en/of ontwikkelen
30
BIJLAGEN …. 1.
2. 3. 4. 5.
Geraadpleegde literatuur en betrokken personen Analyses Ambities en Knelpunten Analyse Brede Welvaart Analyse Mobiliteitswaarde Ladder van Bekostiging
31
Lijst van geraadpleegde literatuur en betrokken personen Documentenanalyse
Betrokken personen
•
Campusontwikkelplan Windesheim (2019)
Begeleidingsgroep:
•
Ontwikkelkader Spoorzone Zwolle (2020).
•
•
De Nota’s van Uitgangspunten Hanzekwartier (Hanze Habitat, 2022) en District Z, Werkplaatsen, Lurelui (2021)
Gemeente Zwolle: Florian van Dijk, Bernadet Assink, Gerjan Timmerman, Pieter de Jong
•
Windesheim: Dirk-Pieter Halbesma, Raimond Hutten
•
Het Engelenpad; levensader voor nieuwe stedelijkheid (2023)
Geïnterviewden:
•
Omgevingsvisie 2030 Ons Zwolle van Morgen (2020)
•
Gemeente Zwolle: Henk Snel
•
Mobiliteitsvisie Zwolle (2019)
•
Coalities Spoorzone: Marius Woldberg, Thijs van Dieren, Marc Numann
•
Rijnhavenbrug: Mattijs van Ruijven
•
Hoge Brug: Jo Coenen
32
Analyse Ambities en knelpunten
Ambities en knelpunten
Brede welvaart
Mobiliteitswaarde
Lost de brug bestaande knelpunten op en draagt de brug bij aan het realiseren van de ambities van de gemeente Zwolle? Wat is daarvoor nodig?
Kan de brug bijdragen aan het vergroten van Brede Welvaart? Wat is daarvoor nodig?
Wat voegt de brug toe vanuit mobiliteitsperspectief? Wie gaat de brug gebruiken? Wat is daarvoor nodig?
Opmaat voor 1) programma van eisen en 2) randvoorwaarden
Ambities en knelpunten
Verkeersintensiteiten fiets huidige situatie (2019)
Huidige verkeersintensiteiten fiets (Verkeersmodel)
33
34
Ambities en knelpunten
Loopverkeer door de Lünentunnel Aantallen studenten en prognose Er zijn zo’n 22.000 studenten en 2.800 werknemers ‘gevestigd’ op de Campus. Een deel daarvan komt van buiten de stad en reist via het station naar Zwolle. Verwacht wordt dat het aantal studenten op de Campus tot aan 2030 ongeveer gelijk blijft. Windesheim heeft de ambitie meer capaciteit te creëren op de Campus. De pendel voetgangers tussen Windesheim en het station Uit een enquête onder gebruikers van Windesheim Zwolle Campus is gebleken dat dinsdag de drukste dag is op de Campus. 81% van de medewerkers is aanwezig en 30% komt met de trein. Van de studenten is 62% aanwezig en 51% komt met de trein. Als we aannemen dat al deze gebruikers lopend komen vanaf het station, kunnen we een inschatting maken van het voetgangersverkeer. werknemers: 2,800 x 0.81 x 0.3 = 520 voetgangers Studenten: 22,000 x 0.62 x 0.51 = 6,956 voetgangers Deze stroom van ongeveer 7,500 mensen reist op een ‘reguliere drukke dag’ heen en weer. We schatten in dat deze voetgangersstroom hoofdzakelijk via de Lünentunnel gaat (100%). Om van de Lünentunnel naar de Campus te komen, steken voetgangers de Burgemeester van Walsumlaan over. Dit leidt tot verkeersknelpunten omdat er geen goede oversteekvoorzieningen zijn. op drukke momenten staan er files en moeten er zelfs verkeersregelaars worden ingezet.
Naast gebruikers van Windesheim zijn, is er ook nog een stroom voetgangers tussen Schelle en de Spoorzone. Deze stroom is lastig in te schatten maar is volgens experts zo’n 2,500 mensen per dag. In totaal verwachten we dus zo’n 15,000 tot 20,000 voetgangers die dagelijks door de Lünentunnel gaan. medewerkers
studenten
medewerkers
studenten
Ambities en knelpunten
Geprognotiseerde groei huishoudens, arbeidsplaatsen en leerlingenplaatsen
In deze figuren zien we hoeveel huishoudens, arbeidsplaatsen en leerlingenplaatsen toegevoegd worden (bron: Verkeersmodel). Dit is nog een voorzichtige schatting.
35
36
Ambities en knelpunten
Verwachte toename langzaam verkeer zonder brug We zien in het verkeersmodel dat er al een toename van wordt verwacht van het verkeer. Lünentunnel stijgt van 6,800 naar 8,300. dat is 22% De Parallelweg stijgt van 8,000 naar 9,200. dat is een stijging van 15%. De aannames van groei in huishoudens, arbeidsplaatsen en leerlingenplaatsen die de stijging van verkeersbewegingen veroorzaken staan op de vorige pagina. Het verkeersmodel is een schatting. En kan het effect hoger zijn. We nemen aan dat de toename ook hoger kan zijn, afhankelijk van de mate waarin mensen meer gaan lopen en fietsen en er verder verdicht wordt. Geprognotiseerde verkeersintensiteiten fiets 2030 (Verkeersmodel)
37
Ambities en knelpunten
Knelpunt 1 | Bestaande verbindingen zijn voor voetgangers niet ideaal en soms verkeersonveilig Er zijn in de huidige situatie al een aantal verkeersonveilige situaties op de bestaande infrastructuur. Zo is de Lünentunnel (ii) in de huidige situatie al te smal. Met name de voetgangersstrook is te smal om de stroom voetgangers tijdens drukke momenten te kunnen verwerken. De stroom voetgangers (studenten) naar de Campus is tijdens de spitsen zo talrijk, dat voetgangers zich op het fietsgedeelte begeven. Dit is een onwenselijke situatie, omdat het leidt tot gevaarlijke situaties. Fietsverkeer door de Lünentunnel zal in de toekomst toenemen als gevolg van de ontwikkeling in de Spoorzone. Dit knelpunt zal dus verder toenemen. De voetgangersstroom tussen Campus en Lünentunnel moet de Burgemeester van Walsumlaan kruisen, terwijl er geen zebrapaden of verkeerslichten zijn, dat leidt tot files en er is in het verleden een noodzaak geweest tot verkeersregelaars in de spitsen. Al met al maakt dit de looproute vanaf het station niet optimaal waardoor de OV-potentie niet volledig wordt benut. Een extra voetgangersbrug kan dit knelpunt wegnemen. Het voetgangersverkeer naar Windesheim verder heeft in die situatie namelijk een alternatief.
Als de looproute station – Windesheim met de brug niet meer de Hanzelaan, de Lünentunnel en de Burgemeester van Walsumlaan kruist, worden deze knelpunten weggenomen. Het kan voorkomen dat voetgangers toch de Lünentunnel nemen. Daarom verwachten we dat zonder aanvullende maatregelen om het voetgangersverkeer ook daadwerkelijk gebruik te laten maken van de brug, het knelpunt niet volledig wordt weggenomen.
Parallelweg
Lünentunnel
i I ii
Ambities en knelpunten
Knelpunt 2 | IJsselallee vormt barrière tussen centrum/station en Windesheim Op de foto rechts is de Ring in het rood getoond waar de IJsselallee onderdeel van is. Je ziet aan de noordkant van de IJsselallee vooral het station en het Centrum (gearceerd in het groen) als belangrijke bestemmingen. Aan de zuidkant van het spoor bevindt zich de Spoorzone, dat momenteel vooral een kantorengebied is, maar waar de komende jaren flink ontwikkeld wordt. We gaan daar dieper op in. Aan de zuidkant bevinden zich de Campus Windesheim (aangegeven in het roze), met aansluitend ten zuiden het Greijdanus, een middelbare school. Deze onderwijsfuncties kennen een intensief gebruik. Een groot deel van de gebruikers komt met het openbaar vervoer, de trein en de bus komen aan op het station Zwolle. Ten zuiden van de Campus begint zich het Engelse werk en verder naar het Zuiden de IJssel. IJsselallee vormt barrière tussen centrum/Spoorzone/station en Windesheim/natuur De Campus Windesheim is enigszins afgesloten van de Spoorzone door de barrièrewerking van de IJsselallee. Dit is ongewenst, omdat er uitwisseling plaats vindt tussen stad en Campus (studenten, voorzieningenprogramma campus, innovators etc.). Zo zijn er bijvoorbeeld studentenplekken (minors, andere locaties) in bij Perron38, Hanz en Brains.
Idealiter is het gebied goed verbonden zodat het aantrekkelijk wordt om deze uitwisseling verder uit te breiden. Ook is IJsselallee een barrière tussen stad en natuur. Met minder barrièrewerking van de IJsselallee worden stad en natuur beter verbonden. Dat is aantrekkelijke voor bewoners en bezoekers van Zwolle. Een brug kan deze barrière verminderen. Er is echter geen sprake van het wegnemen van de barrière bij een brug, omdat de IJsselallee nog steeds een afschermende werking heeft.
38
Ambities en knelpunten
Ambitie 1 | Spoorzone verdichten en aantrekkelijke,
levendige, duurzame woon-werkomgeving creëren (1/2) Ons Zwolle van morgen 2030 Zwolle staat voor een opgave. In de Omgevingsvisie wordt deze opgave ruimtelijk verstaald. We zien dat de Spoorzone onderdeel zal uitmaken van het grotere centrumgebied en dat de Spoorzone onderdeel is van de stadruit. In de Stadsruit is voornamelijk ruimte voor de woningbouwopgave. Aan de zuidkant van de Spoorzone bevindt zich pal aan het grotere Centrumgebied de verbinding met het groene landschap. De Spoorzone De Spoorzone wordt herontwikkeld. In 2020 is het Ontwikkelkader vastgesteld, waarin staat dat er flink wordt verdicht. Het programma wordt qua metrage ongeveer verdubbeld, met het toevoegen van veel meer woningen, ruimte voor innovatieve bedrijvigheid, cultuur, onderwijs gebonden werkgelegenheid en voorzieningen.
Groen De gewenste doorwaadbaarheid tussen het Centrum van de stad en het groen ten Zuiden van de stad is er niet vanwege de barrièrewerking van de IJsselallee en de beperking op de bestaande verbindingen. De gemeente Zwolle werkt aan een nieuw groenbeleidsplan. Kern is voor elke nieuwe woning op stadsniveau zoeken naar 75m2 nieuw groen. Daarnaast realiseren van groen dichtbij huis door de 2-22-200-regel: iedere woning zicht op twee (toekomst)bomen, 22% groenbedekking en binnen 200 meter toegang tot een park of plantsoen. Een betere verbinding naar het Engelse werk verbetert de nabijheid van groen.
39
40
Ambities en knelpunten
Ambitie 1 | Spoorzone verdichten en aantrekkelijke,
levendige, duurzame woon-werkomgeving creëren (2/2) Schone mobiliteit Met de herontwikkeling wordt de Spoorzone ontwikkeld toe een gebied vol reuring en groen, gericht op schone mobiliteit. Er zijn twee dragers van de verkeersstructuur, die samen een assenkruis vormen. Het Koggepark is een groene oost-werkverbinding waar het primaat ligt op fietsen. Het Engelenpad is de Noord-Zuid verbinding die start in het historische centrum en via de stations passerelle door de Spoorzone meandert tot aan het groene buitengebied richting de IJssel. Onderdeel van de ambitie in de Spoorzone is om de Hanzeallee bij het Hanzeplein te knippen. De Hanzeallee is dan voor bestemmingsverkeer vanuit de IJsselallee te gebruiken als bestemmingsweg naar de parkeerhubs aan de randen van autoluwe gebieden. Op deze manier wordt het Hanzeplein als epicentrum van reuring langs het Engelenpad niet meer gekruist door autoverkeer. Consequenties voor mobiliteit in het Zwolle van Morgen Zwolle omarmt het STOMP-principe. Dat staat voor Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Mobility as a Service (Maas) en de Privé auto. Het is een ordeningsprincipe voor duurzame mobiliteit. Het geeft aan dat Zwolle zo veel mogelijk inzet op duurzame verplaatsingen lopen en fietsen. Daarna wordt gebruik van openbaar vervoer en deelvervoer (Maas) gestimuleerd.
Voor verplaatsingen die niet met S, T, O en M kunnen worden gefaciliteerd, is de privé auto een optie. STOMP landt niet alleen in de Omgevingsvisie, maar ook in de Mobiliteitsvisie, de nieuwe parkeerstrategie en de filosofie in nieuwe gebiedsontwikkeling. Zwolle zet in op optimale loopverbindingen en een optimale benutting van de potentie van het station Zwolle, het tweede OV-knooppunt in Nederland (na Utrecht) en de poort naar het Noorden van het land. De Buitenring (waar de IJsselallee onderdeel van uitmaakt) word opgewaardeerd naar de Binnenring. Kortom, om de groei van Zwolle waar te maken zij betere langzame verkeersroutes nodig, met name in het gebied waar het drukker wordt, zoals rondom de IJsselallee in de Spoorzone.
Station passerelle
Koggepark
HanzekwartierHanzeplein
Voetgangersbug??
Campus
District Z
Koggepark
41
Ambities en knelpunten
Ambitie 2 | Bruisend innovatiegebied en nauwe
samenwerking tussen ondernemers en onderwijs Ontwikkeling Hanzekwartier en Campus: kennis-as In 2021 en 2022 zijn de Nota’s van Uitgangspunten voor het Hanzekwartier, Hanze Habitat, en het Spoorkwartier (Werkplaatsen, District Z, Lurelui) vastgesteld. De ontwikkeling wordt bezield door een brede coalitie van ontwikkelaars, de gemeente, het Windesheim, woningcorporatie en ondermens/innovators. Het Spoorkwartier, het Hanzekwartier en de Campus worden programmatisch met elkaar verbonden door een innovatie ecosysteem te creëren (zie plaatje rechts). In het Ontwikkelkader wordt eveneens gesproken over de ruimte in de Campus voor gemengd programma met de toevoeging van woningen. Studentenwoningen zouden daarvoor voor de hand liggen.
Economische uitwisseling over de IJsselallee vraagt om een optimale verbinding Op dit moment strekt de Campus zich in wezen al een beetje uit over de IJsselallee doordat er bij plekken als Perron 038, Hanz en Brainz al onderwijs plaatsvindt. De economische uitwisseling neemt naar verwachting in de toekomst verder toe, omdat met de ontwikkeling van de Spoorzone startup, living labs, minors en andere innovatieve werkgelegenheid naar de Spoorzone wordt getrokken. De ambitie is dat de Spoorzone een bruisend gebied wordt waar innovatie plaatsvindt en nauwe samenwerking tussen ondernemers en onderwijs (kennis-as). En dat de inwoners van het gebied vele voorzieningen op korte afstand hebben.
Station passerelle Koggepark
District Z
Hanzekwartier Hanzeplein
Koggepark
Voetgangersbug??
Campus
42
Analyse Brede Welvaart
Ambities en knelpunten
Brede welvaart
Mobiliteitswaarde
Lost de brug bestaande knelpunten op en draagt de brug bij aan het realiseren van de ambities van de gemeente Zwolle? Wat is daarvoor nodig?
Kan de brug bijdragen aan het vergroten van Brede Welvaart? Wat is daarvoor nodig?
Wat voegt de brug toe vanuit mobiliteitsperspectief? Wie gaat de brug gebruiken? Wat is daarvoor nodig?
Opmaat voor 1) programma van eisen en 2) randvoorwaarden
43
Brede Welvaart
Van de drie thema’s uit Brede Welvaart nemen we indicatoren uit ‘Hier en Nu’ en ‘Later’ mee in de analyse
HIER EN NU
LATER
Brede welvaart ‘hier en nu’ betreft de persoonlijke kenmerken van mensen, de kwaliteit van de omgeving waarin zij leven en meer in het algemeen hun materiële welvaart en welzijn.
Brede welvaart ‘later’ betreft de hulpbronnen die volgende generaties nodig hebben om een zelfde niveau van welvaart te kunnen bereiken als de huidige generatie.
Focus
ELDERS
Brede welvaart ‘elders’ betreft de effecten van Nederlandse keuzes op banen, inkomens, (niet-hernieuwbare) hulpbronnen en het milieu in andere landen.
44
Brede Welvaart
14 indicatoren zijn relevant en kunnen mogelijk beïnvloed worden door een brug over de IJsselallee HIER EN NU
LATER
Thema
Indicator
Thema
Indicator
Thema
Indicator
Wonen
Tevredenheid met woonomgeving
Bruto binnenlands product
Economisch kapitaal
Gemiddelde schuld / huishouden
Tevredenheid met woning
Materiele welvaart
Afstand tot basisschool
Samenleving
Contact familie, vrienden of buren
Menselijk kapitaal
Arbeidsduur per week
Gezondheid
Afstand tot sportterrein
Vertrouwen in anderen
Afstand tot café e.d.
Vertrouwen in instituties
Ervaren gezondheid
Vrijwilligerswerk
Levensverwachting bevolking
Milieu
Mediaan besteedbaar inkomen
Mediaan vermogen huishoudens Ervaren gezondheid Hoogopgeleide bevolking
Natuurlijk kapitaal
Bebouwd terrein
Tevredenheid met het leven
Overgewicht
Subjectief welzijn
Tevredenheid met vrije tijd
Fosfaatuitscheiding landbouw
Personen langdurig ziek
Veiligheid
Aantal ondervonden delicten
Groen-blauwe ruimte ex landbouw
Afstand tot openbaar groen
Geregistreerde misdrijven
Natuur- en bosgebieden
Broeikasgasemissies per inwoner
Vaak onveilig voelen in de buurt
Particuliere zonne-energie
Tevredenheid reistijd werk / OV
Stikstofuitscheiding landbouw
Emissies van fijnstof naar lucht Kwaliteit zwemwater
Arbeid en vrije tijd
Bruto arbeidsparticipatie
Natuur- en bosgebieden
Hoogopgeleide bevolking
Natuurgebied per inwoner
Netto arbeidsparticipatie Vacaturegraad Werkloosheid
Sociaal kapitaal
Emissies van fijnstof naar lucht
Sociale cohesie
Mogelijk impact door brug, meenemen in analyse
Legenda
Bron https://www.cbs.nl/nl-nl/visualisaties/regionale-monitor-brede-welvaart/beschrijving-indicatoren
45
Brede Welvaart
Monitoring Brede Welvaart indicatoren gebeurt op niveau Zwolle (CBS) en op niveau Regio (Regio Deal) Gemeente Zwolle – Wonen
Gemeente Zwolle – Milieu
Regio Zwolle– Arbeid en vrije tijd
Bron: CBS, 2023
Bron: CBS, 2023
Bron: voortgangsanalyse regio deal Zwolle (2021)
46
Brede Welvaart
Voor elke indicator bepaalden we of de impact op wijk, Zwolle of regio niveau kan plaatsvinden Indicator
Wonen
Schaal
1, Tevredenheid met woonomgeving 2. Afstand tot sportterrein 3. Afstand tot café e.d.