CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

01 Nota bodembeheer Zwolle 2021

Raad Besluitvormingsronde 6 juli 2021, gemeente ZwolleBij agendapunt: Ontgraven en toepassen grond12.050 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

30/33

Kenmerk

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

Indien uit het vooronderzoek volgt dat de bodemkwaliteitskaart gebruikt kan worden maar dat er tijdens de werkzaamheden afwijkingen worden aangetroffen van hetgeen het vooronderzoek heeft uitgewezen dan vervalt de geldigheid van de bodemkwaliteitskaart alsnog en dient aanvullend onderzoek te worden uitgevoerd.

6 Melden, toezicht en handhaving 6.1

Inleiding

Gemeenten en provincies zijn verantwoordelijk voor alle taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) van de fysieke leefomgeving. Sinds 1 juli 2017 is duidelijk dat de basistaken milieu door een omgevingsdienst moeten worden uitgevoerd. De gemeenten en provincies zijn en blijven echter het bevoegd gezag. Per 1 januari 2018 is de Omgevingsdienst IJsselland opgericht, die bestaat uit elf gemeenten en de provincie Overijssel. In IJsselland is besloten om het basistakenpakket door middel van een convenant uit te breiden tot het basistakenpakket (BTP) + IJssellandse variant. De IJssellandse keuze omvat alle uitvoerende inrichting gebonden milieutaken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving en een aantal specialistische taken. Hieronder vallen geluid, bodem en asbest (Vergunningen, Toezicht en Handhaving, Programma 2020, versie 1.0, 17 december 2019).

6.2

Grondstromencoördinatie

Vanwege de ambities van de gemeente Zwolle in combinatie met de bedreigingen zoals de ‘zeer zorgwekkende stoffen’ (bijvoorbeeld PFAS), invasieve exoten, verdroging, verschraling et cetera, wordt er grote waarde gehecht aan een goede coördinatie op de grondstromen. Zwolle heeft dit ingevuld door het aanstellen van een grondstromencoördinator (GSC) die niet alleen voor de interne projecten maar ook voor externe initiatiefnemers het aanspreekpunt is. De GSC heeft het overzicht over de actuele bodemkwaliteit en geldende regelgeving.

6.3

Melden

Als grond of baggerspecie wordt opgeslagen of toegepast dan geldt er meestal een meldingsplicht. De opdrachtgever dient de opslag of toepassing te melden bij het bevoegd gezag, namelijk de gemeente Zwolle. De Omgevingsdienst handelt deze meldingen in eerste instantie af en stemt indien nodig af met de GSC.

31/33

Kenmerk

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

Het Besluit bodemkwaliteit beschrijft welke meldingsplicht er geldt. Hier is kort toegelicht in welke gevallen er geen melding benodigd is voor toepassen of opslaan van grond: • Toepassen van kleine partijen grond of bagger (max. 25 m³) door particulieren waarbij geen professionele partij (zoals bijvoorbeeld een hovenier) betrokken is • Toepassingen binnen een landbouwbedrijf als de grond of baggerspecie afkomstig is van een tot datzelfde landbouwbedrijf behorend perceel, waarop een vergelijkbaar gewas wordt geteeld als op het perceel waar de grond of baggerspecie wordt toegepast • Het verspreiden van baggerspecie uit een watergang over de aan de watergang grenzende percelen • Het toepassen van schone grond en baggerspecie (kwaliteit AW) in hoeveelheden kleiner dan 50 m3. Voor het toepassen van schone grond en baggerspecie in hoeveelheden groter dan 50 m3 moet eenmalig de toepassingslocatie gemeld worden • Het tijdelijk uitnemen en opslaan van de grond (zie paragraaf 5.2) In alle andere gevallen is een melding verplicht. Toepassen en opslaan van grond of baggerspecie dient minimaal vijf werkdagen van tevoren gemeld te worden bij het landelijk Meldpunt Bodemkwaliteit 1. Via dit Meldpunt kan de initiatiefnemer een digitaal formulier invullen met de vereiste gegevens.

Rapportages van milieuhygiënische verklaringen zoals een partijkeuring of een vooronderzoek voor het gebruik van de bodemkwaliteitskaart kunnen worden toegevoegd. Het bevoegd gezag beoordeelt de melding binnen vijf werkdagen. Bij onduidelijkheden of onvolkomenheden zal de gemeente/Omgevingsdienst contact opnemen met de melder. Als de melding akkoord is, dan hoeft er formeel geen terugmelding plaats te vinden. De melder mag dus na vijf werkdagen starten met de werkzaamheden als er geen bericht is ontvangen. Het bevoegd gezag kan hierna nog wel handhavend optreden. De initiatiefnemer blijft verantwoordelijk voor het voldoen aan de vereisten uit het Besluit Bodemkwaliteit en kan zich dus niet beroepen op het uitblijven van een mededeling op de melding.

6.4

Toezicht en handhaving

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zwolle is verantwoordelijk voor toezicht en handhaving voor toepassingen en opslag van grond en baggerspecie op landbodem (al kan het in de praktijk zijn gemandateerd aan de Omgevingsdienst). Controle op het naleven van de regels kan plaatsvinden tijdens de melding, in het veld (tijdens het transport of bij de toepassing/opslag) en na de feitelijke toepassing of opslag. De controle kan hierbij plaatsvinden op onder andere: • De wijze van toepassing of opslag (conform het beleid) • De tijdige, correcte en volledige melding • De milieuhygiënische verklaringen • Visuele inspectie van de toe te passen grond

1

https://www.bodemplus.nl/onderwerpen/wet-regelgeving/bbk/meldpunt/

32/33

Kenmerk

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

Er vindt ook toezicht en handhaving plaats voor toepassingen en opslag dit niet gemeld zijn. Wanneer de gemeente constateert dat de regels van het Bbk, Rbk of de Nota niet worden nageleefd, dan kan bestuursdwang worden uitgeoefend of een dwangsom worden opgelegd. Daarnaast bestaat de mogelijkheid tot strafrechtelijke handhaving. Overtredingen zoals afwijkingen van normdocumenten, werken zonder erkenning, et cetera kunnen worden gemeld bij de inspectie IL&T 2. De inspectie IL&T kan bij overtredingen dwangsommen opleggen, bedrijven schorsen of erkenningen intrekken.

7 Viewer Zwolle Voor optimaal gebruiksgemak zullen de informatie uit de bodemkwaliteitskaart en de voorschriften uit deze Nota worden opgenomen in de geoviewer van Zwolle. Zo is precies die informatie inzichtelijk voor de werkzaamheden op een specifieke locatie. Informatie over de bodemkwaliteit en de voorschriften, maar ook informatie over andere relevante thema’s in het kader van grondverzet waarvoor niets is geregeld in het Besluit bodemkwaliteit zoals: • De verwachting op niet gesprongen explosieven (NGE) • Archeologische verwachtingswaarden • Gebruiksadviezen (zoals bijvoorbeeld voor lood) • Aanwezigheid van Japanse Duizendknoop of andere ongewenste planten / onkruid Door het werken met een viewer kunnen toekomstige wijzigingen (in informatie of regelgeving) snel inzichtelijk worden gemaakt en voor bedrijven en publiek ontsloten worden. De geoviewer geeft ook een overzicht van de beschikbare bodeminformatie voor de gemeente Zwolle. Hier zijn onder andere puntbronnen inzichtelijk, net als een overzicht van eerder uitgevoerde bodemonderzoeken en saneringen.

2

https://www.ilent.nl/onderwerpen/bodemtoezicht/vragen-en-melden

33/33

Kenmerk

Bijlage 1

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

Wettelijk kader 2020-2022

B1.1 Algemeen Het Besluit bodemkwaliteit heeft als doel om zoveel mogelijk grond en baggerspecie her te gebruiken, zodat minder primaire grondstoffen nodig zijn. Hergebruik is verantwoord als er geen verontreinigingen ontstaan. Het Besluit bodemkwaliteit kent een landelijk geldend generiek kader dat door de gemeenten kan worden toegepast. Als het generiek kader niet volstaat, dan kan een gemeente voor (een deel van) hun beheergebied binnen de regels van het Besluit bodemkwaliteit gebiedsspecifiek beleid ontwikkelen. Hierdoor heeft de gemeente de mogelijkheid verantwoord hergebruik van grond en baggerspecie maximaal af te stemmen op de maatschappelijke ontwikkelingen. Hierbij spelen bodemgebruik, bodemambities en ruimtelijke ontwikkelingen een rol. B1.2 Generiek beleid Voor het vormgeven van het grondverzet zijn een aantal aspecten van belang, namelijk de bodemfuncties, de bodemkwaliteitsklassen en de toepassingseisen. Middels gebiedsspecifiek beleid is het mogelijk om de bodemkwaliteitsklassen en de toepassingseisen aan te passen. Bodemfuncties Het beheergebied van de gemeente dient ingedeeld te worden in verschillende functies, namelijk ‘Wonen’, ‘Industrie’ of geen functie (overig). De verdeling in functies dient op kaart weergegeven te worden in de bodemfunctiekaart.

Uitgangspunt bij de indeling in bodemfunctieklassen is dat de klasse die wordt toegekend aan een gebied overeenkomt met de gevoeligste bodemfunctie binnen het betreffende gebied. Bodemkwaliteitsklassen De landbodem en grond wordt ingedeeld in één van de drie bodemkwaliteitsklassen ‘landbouw/natuur’, ‘wonen’ of ‘ industrie’. In de Regeling bodemkwaliteit staan de normen en toetsingsregels om te bepalen in welke klasse de landbodem of grond valt. De bodemkwaliteitsklassen worden gebruikt om de kwaliteit van de te ontgraven grond en de ontvangende bodem te bepalen. Toepassingseisen In het generieke kader wordt gebruik gemaakt van een dubbele toetsing voor het vaststellen van toepassingseisen voor het hergebruik van grond. Dit houdt in dat er zowel naar de functie als de kwaliteit van de ontvangende bodem gekeken wordt. De dubbele toets houdt in dat de toepassingseis wordt bepaald door de strengste van de twee. Dit is toegelicht in onderstaand figuur.

Kenmerk

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

Figuur B1.1 Werking dubbele toets in het generieke kader. Bron: Handreiking besluit bodemkwaliteit via https://www.bodemplus.nl/onderwerpen/wet-regelgeving/bbk/instrumenten/handreiking-bbk/

B1.3 Gebiedsspecifiek beleid Als het generieke kader te weinig mogelijkheden biedt voor het hergebruik van grond, dan kan de gemeente gebiedsspecifiek beleid ontwikkelen. Uitgangspunt bij gebiedsspecifiek beleid gaat ervanuit dat er geen verslechtering van de bodemkwaliteit ontstaat binnen het beheergebied (stand-still principe). Met gebiedsspecifiek beleid kunnen de volgende zaken worden geregeld: • Het vaststellen van lokale maximale waarden • Het vaststellen van een percentage bodemvreemd materiaal dat afwijkt van het percentage dat in het Besluit is opgenomen Lokale maximale waarden Gemeenten hebben de mogelijkheid om Lokale Maximale Waarden (LMW) voor stoffen op te stellen. Hierdoor wordt afgeweken van de geldende normen uit de Regeling bodemkwaliteit. De LMW bevinden zich tussen het niveau van de Achtergrondwaarden en het Saneringscriterium. Voor het opstellen van LMW dient middels een risicobeoordeling vastgesteld te worden dat er geen risico’s zijn voor mens en milieu. Ter verduidelijk is in figuur B1.2 aangegeven wat de afwegingsruimte is voor de gemeente bij het opstellen van de LMW.

Figuur B1.2 Afwegingsruimte voor LMW

Kenmerk

Bijlage 2

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

Ontgravingskaarten

0

Opdrachtgever

Gemeente Zwolle

Ontgravingskaart standaardpakket bovengrond Landbouw/Natuur Wonen

Uitgesloten

1,5

3 Km

Schaal

Status

Werkkaart

1:70000

A3

Project

Formaat

Projectnummer

Onderdeel

Datum 26-11-20 08:25

Tekeningnummer

BKK Zwolle 2020 Ontgravingskaart STP Bovengrond

Get.

Gec.

SCC #

1276400

12

Postbus 133 7400 AC Deventer Telefoon (0570) 69 99 11 Fax (0570) 69 96 66

Esri Nederland, Community Map Contributors GREEN\evf 20-01-2021 08:40 1276400_10012D.MXD

0

1

Opdrachtgever

Gemeente Zwolle

Ontgravingsklasse standaardpakket ondergrond Landbouw/Natuur Wonen

Uitgesloten

2 Km

Schaal

Status

CONCEPT

1:52000

A3

Project

Formaat

Projectnummer

Onderdeel

Datum 26-11-20 11:31

Tekeningnummer

BKK Zwolle 2020 Ontgravingskaart STP Ondergrond

Get.

Gec.

SCC #

1276400

15

Postbus 133 7400 AC Deventer Telefoon (0570) 69 99 11 Fax (0570) 69 96 66

GREEN\evf 20-01-2021 08:44 1276400_10015D.MXD

0

Opdrachtgever

Ontgravingskaart PFAS Bovengrond

Toepasbaar op landbodem als klasse Wonen/Industrie

Vrij toepasbaar met uitzondering van grondwaterbeschermingsgebieden en onder oppervlaktewater Witte vlek

Extra onderzoek nodig

Grondwaterbeschermingsgebied

Gemeente Zwolle

1,5

3 Km

Schaal

Status

CONCEPT

1:65000

A3

Project

Formaat

Projectnummer

Onderdeel

Datum 26-11-20 09:18

Tekeningnummer

BKK Zwolle 2020 Ontgravingskaart PFAS Bovengrond

Get.

Gec.

SCC

1276400

#

13

Postbus 133 7400 AC Deventer Telefoon (0570) 69 99 11 Fax (0570) 69 96 66

Esri Nederland, Community Map

GREEN\evf 20-01-2021 08:41 1276400_10013D.MXD

0

Opdrachtgever

Gemeente Zwolle

Vrij toepasbaar met uitzondering van grondwaterbeschermingsgebieden Witte vlek

Grondwaterbeschermingsgebied

3 Km

Schaal

Status

CONCEPT

1:65000

A3

Project

Formaat

Projectnummer

Onderdeel

Datum 26-11-20 09:52

Tekeningnummer

BKK Zwolle 2020

Ontgravingskaart PFAS Ondergrond

1,5

Ontgravingskaart PFAS Ondergrond

Get.

Gec.

SCC #

1276400

14

Postbus 133 7400 AC Deventer Telefoon (0570) 69 99 11 Fax (0570) 69 96 66

Esri Nederland, Community Map Contributors GREEN\evf 20-01-2021 08:43 1276400_10014D.MXD

Kenmerk

Bijlage 3

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

Toepassingskaarten

Toepassingskaart bovengrond

0

1,5

3 Km

Extra onderzoek PFAS benodigd Grondwaterbeschermingsgebied

Toepassingseis

Landbouw/natuur (STP/PFAS)

Landbouw/natuur (STP) Wonen/Industrie (PFAS) Maximaal Wonen (STP) Wonen/Industrie (PFAS) Wonen (STP) Wonen/Industrie (PFAS) Industrie (STP/PFAS)

Opdrachtgever

Gemeente Zwolle

Schaal

Status

CONCEPT

1:65000

A3

Project

Formaat

Projectnummer

Onderdeel

Datum 21-12-20 08:42

Tekeningnummer

BKK Zwolle 2020 Toepassingskaart Bovengrond

Get.

Gec.

SCC

1276400

#

20

Postbus 133 7400 AC Deventer Telefoon (0570) 69 99 11 Fax (0570) 69 96 66

Esri Nederland, Community Map

GREEN\evf 20-01-2021 08:50 1276400_10020D.MXD

0

Opdrachtgever

Toepassingskaart ondergrond

Toepassingseis

Landbouw/natuur (STP/PFAS);

Maximaal Wonen (STP) Wonen/Industrie (PFAS) Wonen (STP) Wonen/Industrie (PFAS) Grondwaterbeschermingsgebied

Gemeente Zwolle

1,5

3 Km

Schaal

Status

CONCEPT

1:65000

A3

Project

Formaat

Projectnummer

Onderdeel

Datum 21-12-20 10:42

Tekeningnummer

BKK Zwolle 2020 Toepassingskaart Ondergrond

Get.

Gec.

EVF

1276400

#

21

Postbus 133 7400 AC Deventer Telefoon (0570) 69 99 11 Fax (0570) 69 96 66

Esri Nederland, Community Map

GREEN\evf 20-01-2021 08:49 1276400_10021D.MXD

Kenmerk

Bijlage 4

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

Bodemfunctiekaart

0

Opdrachtgever

Gemeente Zwolle

Bodemfuncties Industrie

Landbouw/Natuur Wonen

1,5

3 Km

Schaal

Status

CONCEPT

1:65000

A3

Project

Formaat

Projectnummer

Onderdeel

Datum 26-11-20 08:21

Tekeningnummer

BKK Zwolle 2020 Bodemfunctiekaart

Get.

Gec.

EVF #

1276400

11

Postbus 133 7400 AC Deventer Telefoon (0570) 69 99 11 Fax (0570) 69 96 66

Esri Nederland, Community Map Contributors GREEN\evf 26-11-2020 08:23 1276400_10011D.MXD

Kenmerk

Bijlage 5

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

Grondverzet onder de Omgevingswet

B5.1 Inleiding In de Omgevingswet, is de bodemkwaliteitszorg geïntegreerd in het omgevingsbeleid. De Omgevingswet zorgt voor een goede balans tussen het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving. In de Omgevingswet staat een integrale afweging centraal. Bodemzorg zal dan meer gericht zijn op het duurzaam gebruik van de bodem. In deze context verschuift ook het accent van de bodemkwaliteitszorg van chemische kwaliteit naar de kwaliteit van het bodemsysteem als geheel. Ondanks de accentverschuiving van chemisch bodemkwaliteit naar de kwaliteit van het volledige bodem- en watersysteem blijft die chemische kwaliteit een belangrijke factor. In deze bijlage is een kort overzicht gegeven van welke mogelijkheden de gemeente heeft voor het grondverzetsbeleid. Dit is ingedeeld naar de verschillende instrumenten die daar mogelijk voor gebruikt kunnen worden: het Omgevingsplan en een vrijwillig programma. Verder is er nog een kort overzicht gegeven van de rijksregels. B5.2 Mogelijkheden gemeentelijk beleid grondverzet in het Omgevingsplan In het Omgevingsplan komen de gemeentelijke regels over de fysieke leefomgeving. Een gemeente moet één Omgevingsplan opstellen. Hier komen dus veel verschillende onderwerpen aan bod, waar bodem er één van is. Het Omgevingsplan moet uiterlijk eind 2029 voldoen aan de eisen.

Tot en met eind 2029 is er een overgangsfase en geldt ook overgangsrecht voor verschillende onderdelen. Het grootste deel van de huidige Nota valt ook onder dit overgangsrecht (zie paragraaf ‘Overgangsrecht’). In het Omgevingsplan kan of moet de gemeente omtrent grondverzet volgende zaken regelen: • Maatwerkregels opnemen voor milieubelastende activiteiten (optioneel) • Aanvullende regels opnemen voor activiteiten (optioneel) • Aanwijzen beheergebied (verplicht, volgt uit instructieregel) • Opstellen bodemfunctiekaart (verplicht, volgt uit instructieregel) De onderwerpen zijn hieronder nader uitgewerkt. Overgangsrecht De bodemkwaliteitskaarten (ontgravingskaarten en bodemfunctiekaart) vallen onder het overgangsrecht. Hieronder valt ook gebiedsspecifiek beleid voor zover dat toeziet op Lokale Maximale Waarden en mate van bijmenging (percentage bodemvreemd materiaal). Dit betekent dat deze onderdelen automatisch onderdeel worden van het tijdelijk deel van het Omgevingsplan. De gemeente moet de regels voor 2029 omgezet hebben naar het nieuwe Omgevingsplan dat voldoet aan de eisen van de Omgevingswet.

Kenmerk

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

In deze Nota zijn geen zaken opgenomen die niet onder het overgangsrecht vallen, met uitzondering van de aanpak van de Japanse Duizendknoop. Voor het voorkomen van verspreiding van invasieve exoten kan de gemeente onder de Omgevingswet regels stellen.. Maatwerkregels Door het Rijk zijn regels opgenomen over de milieubelastende activiteiten (mba). Dit is een nieuw begrip onder de Omgevingswet. Veel van het grondverzet komt terug in deze mba’s. De rijksregels mba’s staan in het Besluit activiteiten leefomgeving. Nadere toelichting op de mba’s voor grondverzet is te vinden in de volgende paragraaf. De gemeente kan met een maatwerkregel afwijken van de algemene regels voor de mba’s. Een maatwerkregel is een algemeen geldende regel (deze geldt dan ook voor eenieder), vergelijkbaar met gebiedsspecifiek beleid in de Nota. Met maatwerkregels kan voor grondverzet: • Gemotiveerd (deels) afgeweken worden van de kwaliteitseisen die bij verschillende kwaliteitsklassen behoren (landbouw/natuur, wonen, industrie, matig verontreinigd, sterk verontreinigd). Dit is vergelijkbaar met het opstellen van Lokale Maximale Waarden in de huidige wet- en regelgeving.

Onder de Omgevingswet is er wel meer afwegingsruimte, het is namelijk ook mogelijk om een norm lager dan de kwaliteitseis landbouw/natuur (=Achtergrondwaarde) te stellen • Gemotiveerd afgeweken worden van het standaard percentage bodemvreemd materiaal (20 %). Dit is nu ook al mogelijk Het is straks ook mogelijk om ook maatwerk toe te passen voor een grootschalige bodemtoepassing (GBT). Dit is nu niet mogelijk, omdat de grootschalige bodemtoepassing al een specifiek toepassingskader is. Daar waar nu de maximale toepassingseis voor de kern van de GBT klasse Industrie is, kan straks bijvoorbeeld (onderbouwd) een hogere waarde worden gehanteerd of lagere waarde worden voorgeschreven. Naast een maatwerkregel is het ook mogelijk om met een maatwerkvoorschrift te werken. Dit voorschrift is niet algemeen geldend, maar kan gebruikt worden voor specifieke situaties. Dit kan bijvoorbeeld gebruikt worden om voor een specifieke toepassing wat soepelere kwaliteitseisen of nou juist strengere kwaliteitseisen te hanteren.

Kenmerk

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

Voorwaarden maatwerk Maatwerk moet wel voldoen aan een aantal voorwaarden. Voor het toepassen van grond geldt in ieder geval het volgende: • Als een projectbesluit genomen is, dan kan een maatwerkvoorschrift dit projectbesluit niet belemmeren • Er moet voldaan worden aan het stand-still principe binnen het beheergebied. Soepelere kwaliteitseisen gelden daarom alleen voor grond uit het eigen beheergebied. Dit is vergelijkbaar met de werking van het huidige gebiedsspecifiek beleid • Er moet altijd rekening gehouden worden met het oogmerk van de regels. Voor toepassen is het ‘met het oog op het beschermen van het milieu’. Maatwerk mag niet strijdig zijn met dat principe. Om overheden hierbij te ondersteunen wordt door het RIVM een risicotoolbox ontwikkeld Uitleg milieubelastende activiteiten in Rijksregels voor grondverzet Voor de milieubelastende activiteiten (mba) waar de handelingen rond grondverzet onder vallen is de gemeente bevoegd gezag. Daarbij zijn de volgende mba’s te onderscheiden: • Graven in bodem met een kwaliteit onder of gelijk aan de interventiewaarde (paragraaf 3.2.21) • Opslaan, zeven, ontwateren en samenvoegen van grond of baggerspecie (paragraaf 3.2.24) • Toepassen van grond of baggerspecie. (paragraaf.

3.2.26) Grondverzet gerelateerde mba’s die straks ook gelden onder de Omgevingswet zijn: • Graven in bodem met een kwaliteit boven interventiewaarde (paragraaf 3.2.22) • Saneren van de bodem (paragraaf 3.2.23) • Toepassen van bouwstoffen (paragraaf 3.2.25) Met de introductie van de milieubelastende activiteiten zijn er voor grondverzet geen grote beleidswijzigingen naast het veranderen in naamgeving. Er zijn wel een aantal wijzigingen, hieronder een aantal voorbeelden: • Tijdelijke uitname valt onder de mba’s voor graven. Voor graven > I en graven < I gelden wel verschillende voorschriften • Het zeven van grond is straks onderdeel van de mba graven • Er is niet langer een onderscheid tussen opslaan binnen en buiten inrichtingen. Onder de Omgevingswet geldt er één mba voor ‘Opslaan’ • De meldingsvereisten voor opslaan veranderen ten opzichte van het Bbk (oud). Er is geen melding per individuele partij meer benodigd

Kenmerk

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

Aanvullende regels opnemen voor activiteiten De gemeente kan ook aanvullende regels opnemen in het omgevingsplan voor mba’s. Voor grondverzet levert dit naar verwachting weinig mogelijkheden op. Het meeste grondverzet valt al onder de mba’s. Hieronder zijn een aantal mogelijkheden genoemd: Er kunnen aanvullende meldings- of vergunningsplichten opgenomen worden. In de mba’s zijn hier al voorschriften voor opgenomen, maar deze kunnen aangevuld worden. Dit betekent echter wel dat deze meldingen en vergunning beoordeeld moeten worden, dus hiervoor is capaciteit nodig. Voor vergunningsplichten is het ook nodig om beoordelingsregels op te stellen voor waar aan voldaan moet worden.’ Het is mogelijk om voor kleinschalig graven (< 25 m3) regels op te nemen. Dit valt namelijk niet onder de mba’s voor graven. De rest van de keten (opslaan en toepassen) kent geen minimum omvang. Voor kleinschalig graven in grond met een kwaliteit boven de Interventiewaarde (sterk verontreinigde grond) komen er automatisch regels in het Omgevingsplan. Hiervoor is namelijk een bruidsschatregel opgesteld. Aanwijzen beheergebied en opstellen bodemfunctiekaart In het Bkl zijn zogenaamde instructieregels opgenomen. Dit zijn regels waarmee het Rijk aangeeft hoe in dit geval de gemeente een bepaalde taak of bevoegdheid moet uitoefenen. In het kader van grondverzet is de instructieregel uit paragraaf 5.1.4.5.3.

Hierin staat dat de gemeente haar beheergebied moet aanwijzen en de landbodem in bodemfunctieklassen moet indelen. Dit is vergelijkbaar met de huidige regelgeving. Deze onderwerpen moeten dus terugkomen in het Omgevingsplan. Overigens is het nu ook al verplicht om het beheergebied te definiëren en een bodemfunctiekaart op te stellen. B5.3 Mogelijkheden gemeentelijk beleid grondverzet in het programma De gemeente kan ook een programma opstellen. Een programma is alleen bindend voor de gemeente zelf en geeft daarmee invulling aan een ambitie van de gemeente om een gewenste kwaliteit te bereiken. Een programma kan verschillende onderdelen omvatten, waaronder de inzet van communicatiemiddelen, beleidsregels en financiële instrumenten (zoals subsidies). Voor grondverzet zijn er naar verwachting geen directe thema’s die uitgewerkt kunnen worden in een programma. De meeste regels zullen in het Omgevingsplan staan of zullen onderdeel zijn van een maatwerkvoorschrift. Een aanverwant onderwerp waar mogelijk wel een programma opgesteld kan worden is voor diffuus lood. B5.4 Overzicht vindplaats Rijksregels grondverzet De voorschriften voor grondverzet zijn straks ‘verdeeld’ over: • Het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) • Het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) • Het Besluit bodemkwaliteit 2021 (Bbk 2021) • De Regeling bodemkwaliteit 2022 (Rbk 2022)

Kenmerk

R002-1276400ODR-V03-mfv-NL

Aanvullende voorschriften die decentrale overheden opstellen. Zo kan de gemeente aanvullende regels opnemen in haar Omgevingsplan Onder de Omgevingswet is een ‘knip’ gemaakt waar regels voor het grondverzet staan. Regels die zich richten tot degene die grond ontgraaft, opslaat en/of toepast staan straks in het Bal. Dit zijn onder de Omgevingswet milieubelastende activiteiten (mba’s) die zijn opgenomen in het Bal. Deze worden besproken in de volgende paragraaf van deze bijlage. Overige regels, over bijvoorbeeld Kwalibo en de verschillende milieuhygiënische verklaringen zijn achtergebleven in het Besluit bodemkwaliteit en de bijbehorende Regeling bodemkwaliteit. Het Besluit bodemkwaliteit bevat onder andere regels over de verschillende milieuhygiënische verklaringen en de bijbehorende kwaliteitsklassen. Eén van de milieuhygiënische verklaringen is en blijft de bodemkwaliteitskaart. De nieuwe Regeling bodemkwaliteit is nog niet vastgesteld en moet nog in consultatie gaan. De verwachting is echter dat er inhoudelijk weinig veranderingen zullen worden doorgevoerd. Een aantal voorbeelden van wijzigingen zijn: • De normen voor het verspreiden van baggerspecie op landbodem worden aangescherpt • De terminologie wordt aangepast. Zo heet de milieuverklaring onder de Omgevingswet de milieuverklaring bodemkwaliteit.

Gebiedsspecifiek beleid heet onder de Omgevingswet een maatwerkregel • Er is meer afwegingsruimte voor gemeente. Zo is het onder de Omgevingswet mogelijk om middels maatwerk normen lager dan de achtergrondwaarde af te leiden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=c599cef7-222d-46b1-a8ba-262662e36aed