Technische vragen en antwoorden jaarverslag 2025
Tekst van het document
Technische vragen programmaverantwoording 2025 11 juni 2025 1. Pensioenvoorziening wethouders – Wat is de reden dat een bedrag van bijna € 800.000 bijgestort is? Antwoord: De gemeente is zelf verantwoordelijk voor de pensioenvoorziening van wethouders. Ieder jaar wordt een berekening gemaakt van de benodigde omvang van de voorziening om voldoende geld te hebben om in de toekomst de pensioenen van wethouders te kunnen betalen. Per 1 januari 2028 gaat een nieuw pensioenstelsel gelden. Ook voor wethouders. De pensioenvoorziening gaat dan over naar het ABP. Voor de overgang naar het ABP moet de gemeente een storting in het ABP doen. Voor de hoogte van die storting gelden rekenregels. Door de toepassing van de nu bekende rekenregels moet de voorziening met bijna € 800.000 worden verhoogd. In 2026 / 2027 worden de rekenregels definitief. Mogelijk moet dan nog een extra bedrag worden gestort. Voor een aantal voormalige wethouders (van na de herindeling) werd de uitkering ten laste van de exploitatie gebracht, in plaats van via een voorziening. Voor deze groep is nu ook een voorziening gevormd; deze maakt onderdeel uit van de storting van € 800.000. Hierdoor komen de jaarlijkse lasten in de begroting te vervallen. De pensioenuitkeringen komen ten laste van de voorziening. 2.
Gaat de rijksbijdrage voor de opvang van Oekraïners veranderen? Antwoord: Op rijksniveau is de intentie om de vergoeding voor de opvang van alle vluchtelingen gelijk te trekken en de systematiek van normbedragen te vervangen door vergoeding van de werkelijke kosten (op declaratiebasis). 3. Wat is de reden voor de lagere kosten WMO Voorzieningen van € 900.000? Antwoord: De lagere kosten dan begroot hebben twee redenen. Het wordt veroorzaakt door lagere lokale Wmo-kosten en het is het gevolg van de regionale financiële afrekening over Beschermd Wonen. Het voordeel binnen de lokale Wmo is ongeveer € 480.000. Dit is geen generieke onderschrijding op alle onderdelen, maar een saldo van verschillen per kostensoort. Lagere lasten of hogere baten komen voor bij begeleiding, dagbesteding, huishoudelijke verzorging, valpreventie, hulpmiddelen vervoer, rolstoelen, vervoersvoorzieningen en pgb woonvoorzieningen. Daartegenover staan hogere lasten bij onder meer maatschappelijke opvang, woonvoorzieningen, pgb vervoer, pgb huishoudelijke hulp en het eerstelijnsloket. In het najaar van 2025 zijn kosten deels doorgeschoven naar 2026, doordat inwoners door wachtlijsten en beperkte beschikbaarheid bij aanbieders niet altijd direct konden starten met ondersteuning of voorzieningen. Dit deel van het voordeel moet daarom niet als structurele besparing worden gezien.
Daarnaast wordt de afwijking verklaard door lagere kosten voor Beschermd Wonen. Beschermd Wonen wordt regionaal uitgevoerd via centrumgemeente Zwolle loopt. Jaarlijks vindt een afrekening plaats met de deelnemende gemeenten. In 2025 is er een voordeel van ongeveer € 440.000 boven het al begrote voordeel van € 800.000. De totale afwijking is daarmee €1,24 miljoen.
4. Een toelichting op de afwaardering van Overwaters. Antwoord: Gesprekken vinden plaats over mogelijke ontwikkelingen. De concrete voortgang wordt belemmerd door factoren zoals stikstofproblematiek, netcongestie en de ligging van de locatie in en nabij een Natura 2000-gebied. Eind 2025 moest worden geconcludeerd dat er op korte termijn geen concrete ruimtelijke ontwikkeling wordt verwacht die de boekwaarde van € 3 miljoen rechtvaardigt. Conform de geldende regelgeving moet daarom de grond gewaardeerd worden tegen de actuele marktwaarde bij de huidige bestemming. Uit een taxatierapport van maart 2026, opgesteld door een onafhankelijke en lokaal bekende makelaar, blijkt dat de marktwaarde op dit moment € 1.985.000 bedraagt. Dit leidt ertoe dat in deze jaarrekening een afwaardering van € 1.015.000 op deze gronden is verwerkt. 5. Een toelichting op het BTW-compensatiefonds. Antwoord: Het Btw-compensatiefonds (BCF) is een speciaal fonds van de Rijksoverheid waarmee gemeenten en provincies de btw kunnen terugvragen die zij betalen over ingekochte goederen en diensten. Het is ooit in het leven geroepen om te voorkomen dat btw een rol speelt bij de keuze om taken zelf uit te voeren of uit te besteden. Dit zorgt voor gelijke financiële concurrentieverhoudingen tussen overheid en bedrijfsleven.
Omdat decentrale overheden geen btw-ondernemer zijn, kunnen zij de btw niet via de normale weg bij de Belastingdienst verrekenen. Via het BCF wordt betaalde btw grotendeels gecompenseerd. De precieze regels en administratieve verplichtingen rondom declaraties en eventuele voorschotten zijn vastgelegd in de Wet op het BTWcompensatiefonds. Het fonds is gevuld met een bijdrage uit het Gemeentefonds. Overschotten en tekorten in het BCF worden jaarlijks verrekend met het Gemeentefonds. 6. Reserves en voorzieningen Er is een nieuwe nota reserves en voorzieningen gemaakt. Daarin zijn criteria opgenomen voor het vormen en opheffen van reserves. Op grond van de nieuwe criteria wordt voorgesteld een deel van de bestemmingsreserves op te heffen en het saldo toe te voegen aan de algemene reserve. Na verwerking van dit voorstel heeft de algemene reserve een omvang van ruim € 33 miljoen.