Inspraakreactie A. Faber - Initiatief OKG-Windmolens - Argumenten weidevogelgroep IJsseldelta
Tekst van het document
Waarom geen windmolens in Mastenbroek Ieder jaar werkt de Weidevogelgroep IJsseldelta samen met 150 betrokken boeren in de Mastenbroekpolder. Zij hebben met elkaar elk broedseizoen zorg voor de weidevogels in dat gebied. De veldcoördinator vanuit het collectief spreekt met alle boeren individueel, en maakt afspraken voor het komende seizoen. De meewerkende boeren kunnen wat betreft het beheer van hun gebied een keuze maken uit een of meer van de volgende opties: • Plas-dras gebieden: hiervoor zijn pompen nodig. • Stroken ongemaaid, bloemrijk gras langs de slootkanten. Hier kunnen de jonge vogels zich verbergen – de zogeheten ‘kuikenvelden’ • Kruidenrijke stroken die de biodiversiteit bevorderen. Een rijk insectenleven vormt een goede basisvoeding voor de jonge vogels. • Gedeeltelijke beweiding – hierdoor ontstaat een natuurlijke bemesting op het land. De koeienmest trekt vliegen aan, die weer voeding vormen voor de weidevogels. • Uitgesteld maaien op diverse kuikenvelden. Door de ervaringen van de Weidevogelgroep met de boeren zijn de precieze aantallen vogels over de jaren heen bekend. Uit die gegevens blijkt een stijgend aantal jonge vogels aan het eind van de zomer bij verantwoord weidebeheer. Als de boer aandurft om een of meer van bovengenoemde verbeterpunten in zijn weidegrond te implementeren, krijgt hij gegarandeerd de weidevogels terug op zijn velden.
Of de bestaande aantallen zullen toenemen. Voor de verbetering van de leefomstandigheden voor de weidevogels ontvangt hij een subsidie van de provincie. Echter, deze subsidies zijn niet bedoeld als extra inkomen, maar als vergoeding voor het werk aan de weidegronden,
of voor het verlies van bepaalde stroken grond die niet of pas later bemaaid mogen worden. De winst moet zijn: meer leven, meer vogels in het land.
De diverse subsidies In het gebied van de Mastenbroekerpolder spreken we over een jaarlijkse beheersvergoeding van €600.000,- Hierbij komen dan de kosten voor de Plas-dras pompen ten bedrage van € 50.000,In het gebied dat vanavond ter discussie staat gaat het om de aanleg van 6 plasdras gebieden en 30 ha. kruidenrijk grasland. Door de jarenlange proactieve aanpak van de Weidevogelgroep IJsseldelta is het zichtbaar en meetbaar dat bij de implementatie van genoemde elementen de weidevogels terug zullen komen. Uiteraard zijn er, behalve verstoringen door de mens in het weidegebied, ook natuurlijke predatoren. Daar wordt veel aandacht aan besteed. Overtallige vossen worden weggeschoten, de steenmarter wordt gemonitord door cameravallen en eventueel gevangen en elders weer uitgezet. De ganzen worden gecontroleerd bejaagd. Daarnaast is er een moeilijk controleerbare overlast van huiskatten en verwilderde katten in het veld.( in Nederland verantwoordelijk 35 miljoen dode vogels per jaar) Naast de subsidies voor de boeren staan er dus nog bijkomstige kosten op het budget, te weten • Cameravallen • Vossevallen • Bejaging • Weidevogeldrones
Afgelopen seizoen werkte de Weidevogelgroep met 45 vrijwilligers. Zij brachten alle nesten en broedsels van de weidevogels in kaart in de Boeren Land Vogel Monitor. (BLVM) Dat gebeurt digitaal. Dit jaar hebben we een totaal bereikt van 837 legsels inclusief Kamperveen, Kamper eiland, Mandjeswaard en de Pieper. Van de legsels werd 71% uitgebroed. Het is de taak van de Weidevogelgroep om te zorgen dat dit percentage stijgt, zowel het aantal legsels als het percentage van uitgebroede vogels. De overlevingskansen van een pulletje is de laatste jaren sterk afgenomen, vooral door gebrek aan voedsel. Vandaar ook dat hun leefomstandigheden sterk verbeterd moeten worden. De vrijwilligers en de boeren die bij het project zijn betrokken doen vanaf begin maart tot eind juni alles wat zij kunnen om hiervoor te zorgen. Dat ervaren zij als hun opgave, omwille van onze nationale vogel, de grutto, maar ook voor de kievit, de wulp, de tureluur, de scholekster en voor de bijna verloren schoonheid van een bloeiend grasland. Als de windmolens bij Genemuiden er gaan komen dan zal het uiteindelijke resultaat met zekerheid zijn dat er grote schade aangebracht wordt aan de aantallen en soorten vogels in dit gebied. Dat is pure vernietiging van onze regionale en nationale fauna rijkdom..
Ambtenaren van de provincie Overijssel schrijven hieromtrent het volgende: Windmolens hebben een sterk verstorend effect op de broedgebieden voor de weidevogels, die verstoring is tot een straal van 200 meter van de verstoring van dat broedgebied. Om het goed te doen zouden de broedgebieden als uitsluitingsgebieden op een kaart moeten komen te staan.
Belangrijk in dezen is het Sovon rapport van september 2021 Achtergronddocument windenergie gevoeligheidskaart vogels: dit
rapport is samengesteld in opdracht van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Hierin wordt duidelijk aangegeven dat voor de Wulp, Scholekster, Grutto, Tureluur en Kievit het bedreigingsrisico, aanvaringsrisico en verstoringsrisico ten gevolge van windmolens onverantwoordelijk hoog is. Los van de verstoring en schade aan weidevogels, zijn zeer grote windmolens ook dodelijke objecten voor vogels als buizerd, kiekendief, torenvalk, zilverreiger, purperreiger, blauwe reiger, lepelaar, roerdomp, kleine zwaan, knobbelzwaan en de ooievaar. Landelijk gaat het om 50.000 omgekomen vogels per jaar.(2021) Waar ik nog niet over gesproken heb, en wat u zeker zal interesseren, is het kostenplaatje van al werk, zowel proactief als herstellend. De subsidies in de Mastenbroekpolder belopen zo’n 600.000 euro per jaar. De aanschaf van plas-draspompen bedraagt 50.000 euro. Bij deze bedragen zijn nog niet opgeteld de kosten voor drones, vallen, en bejaging. Dit geld voor door de gemeenschap betaald. In het kwetsbare gebied waar de windmolens zouden moeten worden gebouwd, wordt dan het werk en het geld vernietigd. Om nog maar te zwijgen van de immateriële schade door verlies aan natuur.
Afrondend wil ik benadrukken dat wij, vrijwilligers en boeren van de Weidevogelgroep IIsseldelta, absoluut niet tegen alternatieve energiebronnen zijn. Alleen: de tijd is voorbij dat wederom het kwetsbare en zeldzame van onze natuur het moet afleggen tegen massale windhandel.