Bijlage 1c - Inrichtingsplan en ruimtelijke toelichting LQ
Tekst van het document
Inrichtingsplan en ruimtelijke toelichting
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt 17 juli 2023
Inrichtingsplan |
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
COLOFON
Opdrachtgever Vrijopnaam Ericssonstraat 2 5121 ML Rijen
Opdrachtnemer Bright - member of The Cloud Collective Asterdwarsweg 5 1031 HR Amsterdam
Datum 17 juli 2023
INHOUDSOPGAVE
1
LOCATIE 1.1 Aanleiding 1 1.2 Ligging 1 1.3 Projectlocatie 3
2
KADERS 2.1 Beleid grootschalige duurzame energieopwekking Zwartewaterland 5 2.2 Bestemmingsplan 5
3
LANDSCHAPPELIJKE ANALYSE 3.1 Historische ontwikkeling 7
4
INPASSINGSONTWERP 4.1 Inrichting 11 4.2 Principetekening 13 4.3 Principedoorsneden 15 4.4 Hoogtekaart 21 4.5 Doorsneden NAP 23 4.6 Impressie 27 4.7 Beheerplan 29
Inrichtingsplan |
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
1.
LOCATIE
1.1
AANLEIDING
Duurzame energieopwekking is een ontwikkeling die ons allemaal aangaat. Het is niet alleen een kwestie van andere energiebronnen inpluggen, maar een transitie van mondiale opwekking naar lokale opwekking, van ondergrondse bronnen naar bovengrondse bronnen, van een relatief kleine ruimtelijke impact naar een groot ruimtebeslag, van enkele energiegiganten naar veelvoud aan burgerinitiatieven en coöperaties. De energietransitie verandert het landschap en de manier waarop inwoners betrokken zijn. Vrijopnaam maakt werk van deze energietransitie en heeft het voornemen een zonnepark te realiseren in Hasselt. Dit zonneveld levert een bijdrage de duurzame energieproductie van de gemeente Zwartewaterland, en daarmee de ambitie om aardgasvrij te worden in 2040 1. Met de realisatie van dit zonnepark van 6,5 hectare (bruto) wordt voor een deel bijgedragen aan deze duurzaamheidsdoelstellingen. Dit document toont de inrichting van het plan, waarbij wordt ingegaan op de locatie, omvang, inpassing en meerwaarde.
1.2
LIGGING
1
De locatie is gelegen tussen de Verkavelingsweg en de Boerweg, ten oosten van Holten, tussen Hasselt en Genne. Het kavel HST00-F-464 (15,4 hectare groot) wordt momenteel agrarisch gebruikt door Natuurboerderij Hogeboom. Op pagina 3 is een kaart met de ligging van het plangebied opgenomen.
1. “Programma Energietransitie”, gemeente Zwartewaterland, april 2019
2
FOTO’S PROJECTLOCATIE
Inrichtingsplan |
1.3
3
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
PROJECTLOCATIE
4
Inrichtingsplan |
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
2. KADERS 2.1
BELEID GROOTSCHALIGE DUURZAME ENERGIEOPWEKKING ZWARTEWATERLAND
Met het “Programma Energietransitie” 2 heeft de gemeente Zwartewaterland de mogelijkheden verkend voor de toekomstige energievoorziening in de gemeente. Om de ambitie - onafhankelijk van aardgas in 2040 - te halen, zijn alle beschikbare duurzame bronnen (binnen de gemeente) noodzakelijk: een bijdrage van 80 hectare zon naast de realisatie van 251.000 zonnepanelen op de geschikte daken. Daarnaast wordt rekening gehouden met 9 (3 MW) windmolens. Het programma verbindt ook concrete acties aan de ambities : • Stimulering zonne-energie door uitwerking afwegingskader zonnevelden en start met pilots • Begeleiding en beoordeling van initiatieven en ontwikkelaars vanuit gemeentelijke doelstellingen en voorwaarden “Om te bezien of het mogelijk is om in Zwartewaterland zonnevelden te ontwikkelen die voldoen aan de hierna genoemde criteria bieden we tot 2020 ruimte voor maximaal 3 initiatieven met een gezamenlijk maximum van 22 ha. Waarvan minimaal 1 kleinschalig / educatief (< 2 ha) en 1 grootschalig (> 5 ha). Deze pilots [...] dienen duidelijkheid te geven over wat gebiedseigen ontwikkelen voor Zwartewaterland betekent en welke schaal en impact voor onze gemeente acceptabel is.” 3 5
Het zonnepark bij Natuurboerderij Hogeboom is één van de genoemde pilots. Bij dit project staat het combineren van opgaven centraal: duurzame energieproductie, agrarisch gebruik en ontwikkeling voor een ecologischrecreatieve functie. In het ontwerp zijn gebiedskenmerken van de omgeving leidend bij de vormgeving van de landschappelijke inpassing. Hierbij is gebruik gemaakt van de “Handreiking zonnevelden” van de provincie Overijssel. 4 In hoofdstuk 4: Inpassingsontwerp wordt verder ingegaan op de aspecten van locatiekeuze, omvang en inpassing van het zonnepark. De uitgangspunten van de landschappelijke inpassing sluiten aan bij de locatie en het beleid. Deze uitgangspunten en de uitwerking kunnen ook op positieve feedback van de provincie Overijssel en Het Oversticht rekenen, zo bleek tijdens de afstemming van 3 maart 2021.
2.2 BESTEMMINGPLAN Het vigerende bestemmingsplan op de projectlocatie is “Bestemmingsplan buitengebied Zwartewaterland”, zoals vastgesteld op 10 oktober 2013. Voor dit kavel geldt de functie: Agrarisch. De realisatie van een zonnepark is niet mogelijk binnen de huidige bestemming bestemming. Voor het kavel geldt een dubbelbestemming voor “Leiding - Hoogspanningsverbinding”.
2. “Programma Energietransitie”, gemeente Zwartewaterland, april 2019
3. “Programma Energietransitie”, gemeente Zwartewaterland, april 2019, p.46
4. “Handreiking zonnevelden: Toepassing van de Overijsselse zonneladder en kwaliteitsimpuls zonnevelden”, provincie
INHOUD
Resultaten van de verkenning van de mogelijke bijdrage van de gemeente Zwartewaterland aan de Energietransitie. Een vertaling in ruimtelijke bouwstenen, mogelijke aanpak van de warmteopgave en intensivering op thema’s.
April 2019
PROGRAMMA ENERGIETRANSITIE
6
Programma Energietransitie
1
UITSNEDE BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED ZWARTEWATERLAND
Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl
Inrichtingsplan |
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
3. LANDSCHAPPELIJKE ANALYSE 3.1 historische ontwikkeling De locatie van het zonnepark bevindt zich in het zogenaamde “Broekgebied”, zoals geïdentificeerd in het Landschapsontwikkelingsplan LOP Zwolle, Zwartewaterland en Kampe 5. Het is een gebied waar de dekzanden overgaan in de veenpolders. Het gebied grenst aan het voormalige getijdengebied van de Zuiderzee. Kleipolders zijn onder invloed van de getijden ontstaan. Onder invloed van de zeespiegelrijzing na de laatste ijstijd en vanwege opwellend grondwater vanaf de stuwwallen hebben zich uitgestrekte laagveenmoerassen ontwikkeld. Geulafzettingen en oeverwallen zijn te vinden in de ondergrond van de IJsseldelta. Het zijn de benedenlopen van de IJssel, de Vecht, het Zwartewater en de Reest (Meppelerdiep).
7
Op de hoger gelegen oeverwal van het Zwartewater liggen de historische nederzettingen. Deze oude zandrug bij Haerst, Genne en Holten vormt ook de ontginningsas van de lager gelegen veengebieden Holtenerbroek en Gennergerbroek. De andere rand van het gebied wordt gevormd door een ontginningsgrens: de Steenwetering. Dit gebied kenmerkt zich door haar openheid met lange, door sloten gescheiden, opstrekkende kavels. De langwerpige kavels en sloten staan haaks op de ontginningsas. Middenin het laagveengebied, en grenzend aan de voorgestelde locatie voor het zonnepark, zijn de Genner Middenwetering en de Boerwegswetering nog herkenbaar in het landschap, zij het met enige moeite. In de jaren 50 en 60 is het gebied gerationaliseerd als onderdeel van het ruilverkavelingsplan Haerst-Genne. Op veel plekken zijn percelen samengevoegd en landschapselementen verdwenen ten behoeve van een efficiëntere agrarische bedrijfsvoering. De projectlocatie kenmerkt zich echter door een redelijk oorspronkelijke waterstructuur. Ook het geriefhoutbosje langs de Genner Middenwetering is een overblijfsel van de tijd voor de ruilverkaveling. Dit lage deel van de polder was weinig bruikbaar voor weiland. De verscheidenheid aan boomsoorten was bedoeld om de boer te voorzien van hout voor het dagelijkse gebruik: essenhout voor gereedschapsstelen, berkentwijgen voor bezems, wilgenhout voor in de kachel.
De sloot is er om de bomen tegen het vee te beschermen. Sinds 1947 loopt de 110 kV-verbinding Hessenweg-Zwartsluis door het gebied, als historisch teken van de energietransitie die steeds meer vorm krijgt. In het volgende hoofdstuk wordt beschreven hoe het zonnepark omgaat met het open landschap met lange, door sloten gescheiden, opstrekkende kavels haaks op de oude ontginningsas.
5. Landschapsontwikkelingsplan Zwolle, Zwartewaterland en Kampen (LOP ZZK), Royal Haskoning, 2010
ZZK
LANDSCHAPSTyPENKAArT
14
Bron: Landschapsontwikkelingsplan Zwolle, Zwartewaterland
LANDSCHAPSTYPENKAART Wolvega
Wolvega
9T7550/R004/CTC/Ensc 18-08-2010
Eesveen
Oldemarkt
Oldemarkt
Eesveen
Kuinre
Beilen
Westerbork
Beilen
en Kampen
Eesveen
Oldemarkt
" "
Kuinre
Westerbork
Westerbork
Beilen
Steenwijk Steenwijk Ossenzijl Ossenzijl Steenwijkerwold Steenwijkerwold Steenwijkerwold
Ossenzijl Kuinre
Wolvega
Emmer-Compascuum
" "
Giethoorn
Blokzijl
Nijeveen
Hoogeveen
Wanneperveen
Emmeloord
Wanneperveen
Meppel
Sint Jansklooster Vollenhove
Sint Jansklooster Vollenhove
Meppel
Genemuiden
Zuidwolde
Zuidwolde
Staphorst Zwartsluis
Kampen
Kampen
IJsselmuiden
"
Kampen
Wilsum
" "
Wilsum
Rouveen
Dedemsvaart
Hasselt
Hasselt Balkbrug Balkbrug Balkbrug Nieuwleusen Nieuwleusen Nieuwleusen
Oudleusen
Hardenberg
Marienberg Kloosterhaar
"
Langeveen
Langeveen
"
Marienheem
Vriezenveen
Vriezenveen Tubbergen
Raalte
Wierden " Almelo
NieuwHeeten
Hengevelde Boekelo
Enschede
Vorden
GEBIEDSKENMERKEN CULTUUR-HISTORISCH
Vorden
Borculo
Sint Isidorushoeve
Haaksbergen
Lochem
Neede
Neede
Borculo
Borculo
Boekelo
"
" " " " Enschede Enschede Gronau Gronau "
Glanerbrug Boekelo
Sint Isidorushoeve
Haaksbergen
"
"
"
"
Hengevelde
"
" "
Hengevelde
Losser
"
"
"
Zutphen
Vorden
"
Delden ""
Catalogus 68 Gebiedskenmerken Catalogus Gebiedskenmerken Overijssel, 12 april 2017 Overijssel, 12 april 2017
Zutphen
Lochem
"
"
Delden "
68
Eerbeek
"
Delden Goor Markelo
Losser
"
"
Zutphen
Eerbeek
"
"
Lochem
Bebouwing
Oldenzaal
Losser Hengelo
"
"
Twello
Oldenzaal Borne
Hengelo "
"
Goor Markelo
Sint Isidorushoeve
Eerbeek
"
Hengelo "
Holten
Goor
Markelo
Apeldoorn
Bebouwing
Rossum
"
Borne
"
Bathmen
"
Twello
Holten
Bathmen
"
Bathmen
Bebouwing
Weerselo
Enter
Lettele Holten
Deventer
Bebouwd gebied Bebouwd gebied Bebouwd gebied
Denekamp
"
""
"
Lettele
Deventer
"
Twello
Diepenveen
"
Diepenveen Lettele
"
"
Deventer
Komgebieden
Nordhorn
Saasveld
"
Borne
Enter
Enter
Ootmarsum
Rossum
Oldenzaal
Rijssen
"
Rijssen
Oeverwallen
Komgebieden
Nordhorn
Denekamp
Albergen Weerselo
Saasveld Zenderen
Saasveld Zenderen
Zenderen
"
"
Rijssen
Diepenveen Vaassen
Nordhorn
Ootmarsum
Rossum
Nijverdal
Oeverwallen
Komgebieden
"
Nijverdal
Heeten NieuwHeeten
Oeverwallen
Lattrop Voormalig Zuiderzeegebied Voormalig Zuiderzeegebied Voormalig Zuiderzeegebied
"
Nijverdal
Lattrop
Tubbergen
Albergen
""
Wesepe
Neuenhaus
Zeekleilandschap Zeekleilandschap Zeekleilandschap
AlmeloWeerselo
"
Heeten NieuwHeeten
Wesepe
Vasse
Ootmarsum
Albergen
Wierden Almelo
"
Olst
" "
Vasse
Vriezenveen Tubbergen
"
Wierden "
"
Heeten
Wesepe
Lattrop
Denekamp
"
Olst
" "
Rivierengebieden Rivierengebieden Rivierengebieden
Neuenhaus Uelsen
Geesteren
Hellendoorn
"
Olst
Neuenhaus Uelsen
Vasse
"
Raalte
Raalte
Apeldoorn
KraggenlandschapKraggenlandschapKraggenlandschap
Uelsen
Geesteren
"
Luttenberg
Hellendoorn
"
Luttenberg
Hellendoorn
"
Apeldoorn
Laagveenontginningen Laagveenontginningen Laagveenontginningen
Langeveen
"
"
"
Marienheem
"
" " Marienheem Wijhe
""
Wijhe
Vroomshoop
"
" "
"
Wijhe
Marienberg Kloosterhaar
Geesteren
't Harde
Vaassen
Veengebieden Veengebieden Veengebieden
"
"
"
Den Ham Lemeler- Den Ham Lemeler- Den Ham Lemele veld Lemele Lemeleveld Heino Vroomshoop Vroomshoop
Lemelerveld Heino
Heino
Nunspeet
Vaassen
Emlichheim
RivierenlandschapRivierenlandschap - rivier en uiterwaarden - rivier en uiterwaarden Rivierenlandschap - rivier en uiterwaarden
Hattem
Oldebroek
" "
Emlichheim
Gramsbergen
Hardenberg
"
" "
Luttenberg
Nunspeet
" "
Hoogveenrestanten Hoogveenrestanten Hoogveenrestanten
Marienberg Kloosterhaar
"
Dalfsen
" "
"
Dalfsen
"
Hattem
" "
Nunspeet
Hardenberg
""
"
Zwolle " Dalfsen
"
"
Zalk
Zwolle "
""
't Harde
Emlichheim
Gramsbergen
Ommen "
Zalk
"
't Harde
" "
8
Jonge heide- en broekontginningslandschap Jonge heide- en broekontginningslandschap Jonge heide- en broekontginningslandschap
Slagharen
GramsDedemsvaart bergen
Dedemsvaart
Ommen
Ommen
Wilsum
Zwolle "
Elburg
Oude hoevenlandschap Oude hoevenlandschap Oude hoevenlandschap
Schoonebeek
Oudleusen
"
Oldebroek
Schoonebeek
Coevorden
Veenkoloniaal landschap Veenkoloniaal landschap Veenkoloniaal landschap
"
Hattem
Elburg
Zandgebieden Zandgebieden Zandgebieden
Hoogveenontginningen Hoogveenontginningen Hoogveenontginningen
" "
Oldebroek
aanduidingen aanduidingen aanduidingen
Klazienaveen
Erica
IJsselmuiden
"
Elburg
Schoonebeek
Rouveen
"
Zalk
Coevorden
Klazienaveen
Erica Nieuw-Amsterdam
Dalen
Maten en flierenlandschap Maten en flierenlandschap Maten en flierenlandschap
Oudleusen "
Coevorden
Slagharen
"
" "
Dalen
Staphorst Slagharen
Rouveen Genemuiden
Hasselt
IJsselmuiden
Erica Nieuw-Amsterdam
Nieuw-Amsterdam
Hollandscheveld Dalen
Essenlandschap Essenlandschap Essenlandschap Zuidwolde
" "
"
Klazienaveen
Hoogeveen
Hollandscheveld
Meppel
Belt-Schutsloot
Staphorst Zwartsluis
Zwartsluis
Hoogeveen
Hollandscheveld
Sint Jansklooster
Belt-Schutsloot
Belt-Schutsloot
Genemuiden
Nijeveen
Blokzijl
Wanneperveen
Vollenhove
Emmen
Giethoorn
Nijeveen Blokzijl
Emmeloord
Emmen
Emmer-Compascuum
Blankenham
Giethoorn
Emmeloord
Emmer-Compascuum
Steenwijk
" "
Emmen Blankenham
Blankenham
LOP ZZK Definitief rapport Gebiedskenmerken Gebiedskenmerken Gebiedskenmerken Laag het van agrarisch Laag van het van agrarisch Laag het agrarisch cultuurlandschap cultuurlandschap cultuurlandschap
"
Glanerbrug
"
Gronau Glanerbrug
nr. 170001_3
0
2,5
5
0 7,5 2,5 10 km5
nr. 170001_3
0 7,5 2,5 10 km5
nr. 170001_3
7,5
10 km
Haaksbergen
Neede
Catalogus Gebiedskenmerken Catalogus Gebiedskenmerken Overijssel, 12 april 2017 Overijssel, 12 april 692017
Bron: Catalogus Gebiedskenmerken Overijssel
69
Inrichtingsplan |
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
PROJECTLOCATIE CA. 1900
Bron: TopoTijdReis
PROJECTLOCATIE CA. 1935
Bron: TopoTijdReis
9
PROJECTLOCATIE CA 1965
Bron: TopoTijdReis
10
PROJECTLOCATIE 2015
Bron: TopoTijdReis
Inrichtingsplan |
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
4. INPASSINGSONTWERP 4.1
INRICHTING
De voorgestelde locatie van zonnepark ligt in het open landschap van de Holtenerbroek. Sinds de ruilverkaveling zijn landschapselementen verdwenen, maar op deze locatie zijn de lange, door sloten gescheiden, opstrekkende kavels behouden. Ook de houtsingel en het geriefhoutbosje langs de Genner Middenwetering vormen herkenbare leestekens in het landschap. Het ‘slagenlandschap’ vraagt om bijzondere aandacht bij de inpassing van een zonnepark. Vanuit de Handreiking zonnevelden6 nemen wij mee dat in dit type landschap een groter zonneveld ingepast kan worden als een logische en zelfstandige plek, op voldoende afstand van het bebouwingslint. Het zonnepark zal daarom een plaats krijgen aan de hoogspanningslijn, een ander teken van de energietransitie. De historische structuur van sloten blijft behouden en vormt een verdeling van het zonnepark in vijf delen.
11
6. “Handreiking zonnevelden: Toepassing van de Overijsselse zonneladder en kwaliteitsimpuls zonnevelden”, provincie
Daarnaast is het combineren van functies een essentiële voorwaarde. In dit geval is het zonnepark onderdeel van de Natuurboerderij Hogeboom. Het zonneveld zorgt ervoor dat het grasland kan verruigen en vernatten, en biedt ruimte voor begrazing door de schaapskudde. Verder zorgt een “Energieroute” ervoor dat bezoekers van de boerderij een rondleiding door het zonnepark kunnen volgen. Landbouwgebieden in Nederland kennen een zware belasting door de intensieve landbouw en veeteelt. Het extensiveren van gebruik van 6,5 hectare agrarische gronden heeft een positief effect op de omgeving, bijvoorbeeld door een vermindering van de stikstofdepositie. Met de inrichting van het zonnepark krijgt de grond de komende decennia ook rust. Monitoring van gerealiseerde zonneparken in Nederland laat zien dat bij een bedekking van 40% voldoende water en zonlicht de bodem bereiken7. Bij de inrichting van het zonnepark volgen we de lessen van dit onderzoek. Zo biedt het zonnepark een kans op het herstel van de bodem en het onder- en bovengrondse leven. De inrichting van het zonneveld (met telkens 3 meter tussen de tafels) biedt ruimte voor kruidenrijke graslanden onder en tussen de zonnepanelen. Bij beheer van graslanden bij zonneveld wordt op steeds meer plaatsen gewerkt aan de ontwikkeling van soortenrijke of structuurrijke vegetaties.
Maaien en afvoeren is daarbij meestal de gevolgde aanpak van het beheer. Het maaien en afvoeren is echter vaak maar beperkt succesvol en levert vaak geen grote natuurwaarden op. Het invoeren van een gerichte vorm van periodieke begrazing met een schaapskudde kan tegenvallende resultaten van maaibeheer
7. “Verkenning van bodem en vegetatie in 25 zonneparken in Nederland: Eerste overzicht van de ligging van zonneparken in Nederland en stand van de kennis over het effect van zonneparken op de bodemkwaliteit”, Schotman,
doorbreken en kan een duidelijke toename van de natuurwaarden betekenen. In dit geval zal de eigen schaapskudde zorgen voor het beheer van het grasland. Om ruimte te bieden aan het meervoudige ruimtegebruik is een minimale hoogte van de tafels van zonnepanelen van 1 meter vereist, zodat de schapen onder de panelen kunnen grazen. De totale hoogte van de opstelling is dan 2,22m. Het deel aan de noordwest zijde (nummer 5 op de volgende pagina) zal, op verzoek van omwonenden, lager worden uitgevoerd. De hoogte van de opstelling hier is 1,92m. Aan deze zijde zal het zonnepark worden ingepast met een strook olifantengras (Miscanthus giganteus). Dit is weliswaar gebiedsvreemd, maar neemt in korte tijd het zonnepark uit het zicht, is niet verspreidend en kan op de boerderij gebruikt worden als stalstrooisel. In het participatieproces hebben omwonenden hun voorkeur aangegeven voor een rand met olifantengras boven een open rand, een rand met knotwilgen, lisdodde of rietgras. Aan de (zuid)oostrand worden enkele knotwilgen geplaatst om het ritme van de panelen op te breken. De bestaande sloot vormt hier de begrenzing van het zonnepark. Aan de noordzijde, aan de kant van de Boerweg, wordt het bestaande geriefbosje doorgetrokken langs de Genner Middenwetering. Aan de zuidzijde wordt de bestaande houtsingel doorgetrokken met een struweelhaag met enkele overstaanders.
Hierdoor is vanuit de omgeving weinig zicht op het zonnepark. Bij deze landschapselementen worden inheemse soorten toegepast. Waar hekwerken nodig zijn, worden deze uitgevoerd in metaal zoals vereist voor verzekeringsdoeleinden. De hekken zijn voorzien van openingen aan de onderzijde voor klein wild en zoogdieren. De paden binnen het zonnepark zijn onverhard. De fundering van de paneeltafels bestaat uit geboorde stalen buispalen. Deze zullen na de exploitatiefase eenvoudig worden verwijderd. Voor de ontsluiting van het zonnepark zijn geen nieuwe toegangswegen nodig aangezien de bestaande infrastructuur voldoet. Op deze manier wordt de impact van het zonnepark op de omgeving en ondergrond verder geminimaliseerd. De terreininrichting is mogelijk met flora die aansluit bij soorten die in de omgeving voorkomen. Bij de aanleg van het eco-zonnepark in Ubbena zijn goede ervaringen opgedaan om ecologische meerwaarde mogelijk te maken.78 Inmiddels zijn hier naast vele holen van veldmuizen, ook vele plantensoorten, diverse paddenstoelen, een bruine kikker en een zwarte roodstaart gespot. Tevens is er sterrenschot ontdekt, volgens de kenners afkomstig van een bunzing.
12
7. “Ecologisch zonnepark is geen geldmachine, maar draagt wel zorg voor de natuur”, Trouw, 8. “Mensen én insecten in hun sas met eco-zonnepark op oude stortplaats Ubbena”, Dagblad van het Noorden, 14 december
Inrichtingsplan |
4.2
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
PRINCIPETEKENING
H4
H3 Z1
13
Z2
H1
H2
2
W1 W2
N1
N2
E1 E2
O1 O2 14
Schaal 1:3000
Inrichtingsplan |
4.3
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
PRINCIPEDOORSNEDEN
PRINCIPEDOORSNEDE NOORD-ZUID
kruidenrijk grasland tussen de panelen
15
ruimte voor schapen onder de panelen
doorsnede houtwal
Z1
Z2 Schaal 1:200
doorsnede onder hoogspanningslijn
H1
H2 Schaal 1:200
doorsnede Genner Middenwetering
N1
16
N2 Schaal 1:200
Inrichtingsplan |
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
PRINCIPEDOORSNEDE HOOGSPANNINGSLIJN
17
H3
18
H4 Schaal 1:500
Inrichtingsplan |
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
PRINCIPEDOORSNEDE OOST-WEST
doorsnede westrand
Schaal 1:100
doorsnede energieroute 19
Schaal 1:100
4
DOORSNEDE EN AANZICHT TECHNISCH
2094
4596 20
2094
4596
1134
15°
20
1923
1223
1223
700
700
1923
15° 700 4439
4439
1500
Schaal 1:50
doorsnede oostrand 20
Schaal 1:100
Inrichtingsplan |
4.4
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
HOOGTEKAART
Z1
21
Z2
H1
H2
2
W1 W2
N1
N2
E1 E2
O1 O2 22
Schaal 1:3000
bron: https://www.ahn.nl
Inrichtingsplan |
4.5
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
DOORSNEDEN NAP
DOORSNEDEN NAP NOORD EN ZUID Hoogte gemeten vanaf NAP
2
H 1
H
Gemeten punt doorsnede hoogspanningslijn
2
N
2
Z 1
Z
Gemeten punt doorsnede houtwal (zuid)
1
N
Gemeten punt doorsnede Genner Middenwetering (noord)
bron: https://www.ahn.nl
23
doorsnede houtwal
Z1
Z2 Schaal 1:200
doorsnede onder hoogspanningslijn
H1
H2 Schaal 1:200
doorsnede Genner Middenwetering
N1
24
N2 Schaal 1:200
Inrichtingsplan |
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
DOORSNEDEN NAP OOST EN WEST
doorsnede westrand
Schaal 1:100
doorsnede energieroute 25
Schaal 1:100
1
W 2
W
Gemeten punt doorsnede westrand
1
O
1
E
2
E
Gemeten punt doorsnede Energieroute
2
O
Gemeten punt doorsnede oostrand bron: https://www.ahn.nl
doorsnede oostrand 26
Schaal 1:100
Inrichtingsplan |
4.6
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
IMPRESSIE
beeld energieroute
27
“energieroute” door het zonnepark
28
Inrichtingsplan |
4.7
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
BEHEERPLAN
Kruidenrijk grasland (ca. 6,5 ha) Aanplant De inrichting van het zonneveld (met telkens 3 meter tussen de tafels) biedt ruimte voor kruidenrijke graslanden onder en tussen de zonnepanelen. Hiervoor wordt een zadenmengsel samengesteld met gebiedseigen soorten waarvan een deel lichtminnende soorten en een deel schaduwplanten voor onder de panelen. Ook de ruimte om het zonnepark wordt ingericht met kruidenrijk grasland. Hiervoor wordt een kruidenmengsel samengesteld op basis van lokale variëteiten die niet giftig zijn voor landbouwdieren in de omgeving. Er wordt gebruik gemaakt van een inheems mengsel met als doel dat de bloeiboog van het bloemrijk grasland zo lang mogelijk is ten behoeve van de wilde bij en anders inheemse insecten. Een bloemrijk resultaat kan vanwege de meerjarige kruiden vanaf het tweede of derde jaar worden verwacht.
29
Ontwikkelingsbeheer (0 t/m 5 jaar) Het voorgestelde beheer is gebaseerd op advies uit het WUR-onderzoek “Verkenning van bodem en vegetatie in 25 zonneparken in Nederland”. De eerste 5 jaar wordt er gekozen voor een verschralingsbeheer, waarbij machinaal wordt gemaaid en het maaisel wordt afvoerd. Door maaisel af te voeren wordt de grond verschraald en krijgen kruiden meer kans ten opzichte van grassen. • Het kruidenrijk grasland drie tot vijf keer per jaar begrazen, met tussenpozen van minimaal 6 weken. • Het maaisel drie dagen laten liggen zodat zaden uit kunnen vallen. • Alternerend maaien. Minimaal 20-30% van de vegetatie laten staan. • Bij droogte eerste paar jaar water geven. • Bij uitval van meer dan 10% bijzaaien. • Het grasland wordt niet kunstmatig bemest. • Invasieve soorten als berenklauw, akkerdistel, ridderzuring, Jacobskruiskruid en Japanse duizendknoop jaarrond bestrijden. Instandhoudingsbeheer (vanaf jaar 5) • Bij een goed ontwikkelde kruidenrijke vegetatie 2 à 3 keer begrazen per jaar. • Alternerend maaien. Minimaal 20-30% van de vegetatie laten staan. • Tussen 1 april en 1 juli wordt niet gemaaid. • Als de vegetatie vergrast dient opnieuw te worden ingezaaid. • Het grasland wordt niet kunstmatig bemest. • Chemische bestrijdingsmiddelen worden niet toegepast m.u.v. pleksgewijze bestrijding van akkerdistel, ridderzuring, Jacobskruiskruid en Japanse duizendknoop.
Struweelhaag met overstaanders 1100m2 (ca. 110m lang x 10m breed) Aanplant • De te beplanten oppervlakte dient te worden bewerkt, bijvoorbeeld door de grond te frezen en/of te planten in bewerkte grond. • De aanplant vindt bij voorkeur plaats in de maanden oktober-november. Als aanleg in deze maanden niet mogelijk is, kan het planten ook nog plaatsvinden in december-maart, mits het niet vriest. • Gebruik van inheems materiaal, passend bij de locatie, waaronder bes- en vruchtdragende soorten. • Struikvormers: Meidoorn, hazelaar, vuilboom, sleedoorn, vogelkers en hondsroos. • Boomvormers: Wilg, zwarte els en zachte berk. • Planten in 3 rijen met een onderlinge afstand van 1.5 bij 1.5 meter. • Planten in groepen van minstens 5-7 stuks per soort om te voorkomen dat langzaam groeiende soorten worden overgroeid. • Voor de aanplant wordt gekozen voor 3-jarig bosplantsoen met de maat 60-100 cm hoogte. • Ontwikkelingsbeheer (jaar 0 t/m 5 jaar) • Plaats een afrastering op 1 meter afstand van de struweelhaag, om de nieuwe aanplant tegen vraat door vee te beschermen. • Geef de jonge aanplant, indien mogelijk, met name de eerste twee jaar na aanplant voldoende water in droge perioden en houd het element zoveel mogelijk onkruidvrij. Instandhoudingsbeheer (vanaf jaar 5) • De struweelhaag eens in de 6 jaar gedeeltelijk terugzetten tot 1 meter.
• Eens in de 15 jaar terugzetten van bomen en struiken tot 10 à 20 cm boven de grond. Gefaseerd (per keer een derde deel) en buiten het broedseizoen (15 maart – 15 september). Zorg voor overstaanders: per 10m tenminste 1. • Snoeihout kan worden gebruikt voor het maken van takkenrillen onder de panelen.
30
Inrichtingsplan |
Zonnepark Natuurboerderij Hogeboom Hasselt
Knotwilgen 6 stuks Salix alba (schietwilg) Aanplant Aan de zuidzijde van het zonnepark komen enkele knotwilgen om het ritme van de constructie te onderbreken. •
Knotwilgen planten als poter (knothout van geknotte wilgen) van enige dikte en tenminste 3m lang. Spitse punt aan maken en stukken bast verwijderen om wortelvorming te stimuleren.
Ontwikkelingsbeheer (jaar 0 t/m 4 jaar) • Plaats een afrastering op 1 meter afstand van de wilgen, om de nieuwe aanplant tegen vraat door vee te beschermen. • Bij droogte de eerste paar jaar watergeven. • Bij uitval van meer dan 10% inboeten. • Scheutvorming op de stam jaarlijks verwijderen, zodat zich bovenop een pruik vormt. Instandhoudingsbeheer (vanaf jaar 4) • De knotbomen elke vier jaar knotten, buiten het broedseizoen (15 maart – 15 september). Hierbij worden alle takken afgezaagd en afgevoerd. • De takken kunnen verwerkt worden in takkenrillen in het zonnepark of als afrastering op het erf.
Olifantengras (Miscanthus giganteus) 1305m2 (ca. 435m lang x 3m breed) 31
Aanplant • De te beplanten oppervlakte dient te worden bewerkt, bijvoorbeeld door de grond te frezen en/of te planten in bewerkte grond. • Gekloofde wortelstokken insteken in april/mei. Ontwikkelingsbeheer (jaar 0 t/m 1 jaar) • Geef de jonge aanplant, indien mogelijk, met name in het eerste jaar na aanplant voldoende water in droge perioden en houd het element zoveel mogelijk onkruidvrij. Instandhoudingsbeheer (jaar 2 t/m 20) • Zeer beperkte bemesting (jaarlijks 30 – 60 kg. N/ha) Oogsten in het voorjaar, vlak voordat het gewas weer gaat uitlopen, in april/mei.
Geriefhoutbos ca. 2750m2 Aanplant • De te beplanten oppervlakte dient te worden bewerkt, bijvoorbeeld door de grond te frezen en/of te planten in bewerkte grond. • De aanplant vindt bij voorkeur plaats in de maanden oktober-november. Als aanleg in deze maanden niet mogelijk is, kan het planten ook nog plaatsvinden in december-maart, mits het niet vriest. • Gebruik van inheems materiaal, passend bij de locatie. • Boomvormers: Wilg, zwarte els en zachte berk. • Struiken: Lijsterbes, meidoorn, sleedoorn, vuurdoorn, Gelderse roos, hondsroos, kardinaalsmuts, vuilboom, zoete kers, krent, hazelaar • Plaats bomen (2 rijen) in het midden. • Plaats struiken met onderlinge afstand van 0.5 tot 1.0 meter, in wildverband met 3 tot 5 stuks van dezelfde soort bij elkaar. • Voor de aanplant wordt gekozen voor 2-jarig struikvormers met de maat 60-80 cm hoogte. Ontwikkelingsbeheer (jaar 0 t/m 5 jaar) • Plaats een afrastering op 1 meter afstand van het geriefhout, om de nieuwe aanplant tegen vraat door vee te beschermen. • Bij droogte de eerste paar jaar watergeven. • Bij uitval van meer dan 10% inboeten. • Breed overhangende takken aan de zijkanten kunnen maximaal eenmaal per 3 jaar worden teruggesnoeid. Instandhoudingsbeheer (vanaf jaar 5) • Het snoeien vindt gefaseerd (per keer een derde deel) en buiten het broedseizoen (15 maart – 15 september) plaats.
Breed overhangende takken aan de zijkanten kunnen maximaal eenmaal per 3 jaar worden teruggesnoeid.
32