Bijlage 1a Uitspraak Raad van State
Tekst van het document
Vv,BE e
Afdeling bestuursrechtspraak
AANTEKENEN
Raad van de gemeente Zwartewaterland Postbus
8060
23
AA
HASSELT
Datum
1 mei
Ons nummer
2024
Uw
kenmerk
202203298/1/R3
Pagina 1 van 1
(geanonimise rd)
(geanonimiseerd)
Inlich
Onderwerp Zwartewaterland
070-4264827
Bp Uitbreiding begraafplaats De Sandvoirt Hasselt
Procedure
Beroep
Geachte
heer/mevrouw,
In bovengenoemde procedure heeft de Afdeling een tussenuitspraak gedaan. Een afschrift van deze uitspraak treft u hierbij aan.
De behandeling van de zaak is daarmee nog niet beëindigd. In de uitspraak kunt u lezen welke opdracht de Afdeling heeft gegeven.
De verdere behandeling wordt voortgezet onder het zaaknummer:
202203298/2,
Voor zover de opdracht met zich brengt dat er een nieuw IMRO-bestand geupload moet worden, kunt u gebruikmaken van de gebruikersnaam en het wachtwoord dat u eerder hebt ontvangen.
Aangezien dit bericht geautomatiseerd is aangemaakt, is dit niet ondertekend. Hoogachtend, de griffier
De griffie is op 10 mei gesloten.
Tee
4148913(CA7)
‘Postbus 20019 - 2500 EA Den Haag - T 070 426 44 26 - F 070 365 13 80 - www.raadvanstate.nl
Bij correspondentie de datums en het nummer van deze brief vermelden
Raad
vanState 202203298/1/R3.
Datum
uitspraak:
1 mei 2024
AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
Tussenuitspraak met toepassing van artikel 8:51d van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb)
in het geding tussen:
(geanonimiseerd) wonend te Hasselt, gemeente Zwartewaterland, appellant, en
de raad van de gemeente verweerder.
Zwartewaterland,
202203298/1/R3
2
1
mei
2024
Procesverloop Bij besluit van 7 april 2022 heeft de raad het bestemmingsplan begraafplaats De Sandvoirt Hasselt” vastgesteld.
“Uitbreiding
Tegen dit besluit heeft (geanonimiseerd) MMM] beroep ingesteld. De raad heeft een verweerschrift ingediend. De raad heeft nadere stukken
ingediend.
De Afdeling heeft de zaak behandeld op een zitting van 2 april 2024, (geanonimiseerd) bijgestaan door (geanonimiseerd) rechtsbijsta! te Amsterdam, en de raad, vertegenwoordigd doos (geanonimiseerd)
waar
(geanonimiseerd) zijn verschenen. Overwegingen Overgangsrecht
1
inwerkingtreding
Op 1 januari 2024
Omgevingswet
zijn de Omgevingswet
en de Invoeringswet
Omgevingswet in werking getreden. Op grond van artikel 4.6, derde lid, van de Invoeringswet Omgevingswet blijft op een beroep tegen een besluit tot vaststelling van een bestemmingsplan waarvan het ontwerp vóór het tijdstip van
inwerkingtreding
van de Omgevingswet ter inzage
is gelegd
het recht
zoals dat gold onmiddellijk vóór dat tijdstip van toepassing tot het bestemmingsplan onherroepelijk is. Het ontwerpplan is op 1 juli 2021 ter inzage gelegd. Dat betekent dat op deze beroepsprocedure het recht, waaronder de Wet ruimtelijke
ordening (hierna: de Wro), zoals dat gold vóór 1 januari 2024, van toepassing
blijft.
Inleiding 25
Het plan voorziet in de uitbreiding van de begraafplaats Sandvoirt in
Hasselt. Het plangebied ligt ten oosten van Hasselt, aan de Dr. H.A.W. van der Vechtlaan, op het perceel kadastraal bekend gemeente Hasselt, sectie F, nummer 656. . De uitbreiding is gepland op gronden van het naastgelegen
volkstuincomplex dat ten oosten van de huidige begraafplaats ligt. Naast de uitbreiding van de begraafplaats wordt het ook wenselijk geacht om op de begraafplaats een gebouw te realiseren, dat gebruikt zal worden als beheerdersgebouw (opslaglocatie). Voor dit gebouw is al een vergunning verleend. In dit bestemmingsplan wordt het als zodanig bestemd.
3.
(geanonimiseerd)Weert op het perceel Dr. H.A.W. van der Vechtlaan 15 in B
Hasselt, direct en ten oosten van het volkstuincomplex uitbreiding van de begraafplaats gepland is.
Toetsingskader
waar de
202203298/1/R3
4,
3
1 mei
2024
Bij de vaststelling van een bestemmingsplan moet de raad
bestemmingen aanwijzen en regels geven die de raad uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening nodig acht. De raad heeft daarbij beleidsruimte en moet de betrokken belangen afwegen. De Afdeling oordeelt niet zelf of het plan in overeenstemming is met een goede ruimtelijke
ordening. De Afdeling beoordeelt aan de hand van de beroepsgronden of het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan
in overeenstemming
is met
het recht. Daarbij kan aan de orde komen of de nadelige gevolgen van het plan onevenredig
zijn in verhouding tot de met het plan te dienen doelen.
Beroepsgronden
(geanonimiseerd) Woon- en leefklimaat van BT]
5.
(geanonimiseerd) MC): eee: dat als gevolg van het plan zijn uitzicht verdwijnt,
direct zonlicht wordt weggenomen,
zijn privacy
wordt geschonden
en het
gebruik van zijn tuin wordt beperkt. Voies (geanonimiseerd) evin zijn uitzicht
en zonlicht omdat de gronden van de begraafplaats met 2 meter worden opgehoogd. Ook kunnen bezoekers van de begraafplaats daardoor zijn tuin in (geanonimiseerd) stelt verder dat hij uit goed fatsoen geen gebruik kan maken
van zijn tuin,
laat staan een feest of barbecue houden, als er een begrafenis
is,
(geanonimiseerd) e=: dat er eenwaarbij voorwaardelijke verplichting worden aan opgenomen de uitvoering van het in het
plan had moeten
inrichtingsplan en daarmee de landschappelijke inpassing van de uitbreiding worden
geborgd.
Op de zitting heeft (geanonimiseerd) BM] oegelicht dat zijn bezwaren zich
voornamelijk richten tegen de ontwil 5.1.
eling ten zuidoosten van zijn perceel.
De raad stelt zich op het standpunt dat het plan het woon-
en
leefklimaat van (geanonimiseerd) niet op onaanvaardbare wijze aantast. De raad stelt dat het inrichtingsplan de basis is voor de uitvoering van het plan. Daarbij is
er zoveel mogelijk rekening gehouden met de belangen vn (geanonimiseerd) NE) De door
(geanonimiseerd) geleverde input op het inrichtingsplan is hierin ook verwerkt.
Ook stelt de raad dat de kans klein is dat er een begrafenis is terwijl een feest of barbecue houdt in zijn tuin. Er zijn gemiddeld genomen (geanonimiseerd) maar 13 begrafenissen en 5 bijzettingen per jaar op de gemeentelijke begraafplaats in Hasselt. De kans dat dit samenvalt met een
(geanonimiseerd) :s dus klein. Daarnaast duurt een privéaangelegenheid van MMM] gemiddelde begraving of bijzetting tot maximaal 30 minuten. Ook heeft de raad toegelicht dat hij het niet nodig acht het
inrichtingsplan vast te leggen met een voorwaardelijke verplichting. Volgens de raad volgt uit vaste rechtspraak van de Afdeling dat een voorwaardelijke verplichting niet nodig is als de gronden in het bezit zijn van de gemeente
en
er daarom op vertrouwd kan worden dat het inrichtingsplan uitgevoerd wordt. De raad heeft op de zitting toegelicht dat verder overleg met (geanonimiseerd) over het inrichtingsplan mogelijk is.
5.2.
De Afdeling stelt vast dat het inrichtingsplan, zoals de raad in zijn
nader stuk heeft aangeleverd, ten zuidoosten van het perceel van (geanonimiseerd) de volgende situatie weergeeft. Dit volgt uit de dwarsdoorsnede D die op het inrichtingsplan is weergeven. Deze dwarsdoorsnede D begint bij het perceel
202203298/1/R3
4
1 mei
2024
van (geanonimiseerd) en loopt in zuidoostelijke richting naar de eerste graven. Als eerste ligt er een strook van
1,50 meter gazon,
bodembedekkers en lage beplanting met bomen. Daarna volgt een sloot van 2,00 meter breed. Vervolgens ligt er een strook van 2,30 meter gazon, bodembedekkers en lage beplanting met daarnaast een pad van 3,00 meter breed. Dit pad komt op een hoogte tussen de 7 timeter en 13 centimeter
(geanonimiseerd) pan voiot een strook te liggen ten opzichte van het perceel van BMW] van 0,50 meter gazon, bodembedekkers en lage beplanting met daarnaast een talud van 5,00 meter breed waarop heesters in combinatie met onderbeplanting staan. Dit talud loopt omhoog tot een hoogte van 1,90 meter.
Bovenop
het talud volgt een strook van 0,80 meter breed
gazon, bodembedekkers en lage beplanting. Daarnaast ligt een pad van 4,00 meter breed op een hoogte van 1,90 meter. Dit pad begint op een
(geanonimiseerd) naast het afstand van meer dan 15 meter vanaf het perceel van MM] pad ligt een strook van 6,60 meter aan gazon, bodembedekkers en lage beplanting met bomen
waarna het eerste graf ligt.
(geanonimiseerd) De Afdeling zal bij de beoordeling van de bezwaren van EC]
over uitzicht, schaduwhinder, privacy en het gebruik van zijn tuin uitgaan van de situatie waarin het inrichtingsplan wordt uitgevoerd.
5.3.
De Afdeling stelt voorop dat er geen recht op een blijvend vrij
uitzicht bestaat
(geanonimiseerd) heeft niet aannemelijk gemaakt dat de
voorgestelde inrichting van het plangebied zijn uitzicht op onaanvaardbare
wijze aantast. De raad heeft als doel de landschappelijke inpassing met het inrichtingsplan te verbeteren. Gelet op het inrichtingsplan overweegt de
Afdeling dat de raad zich op het standpunt heeft mogen stellen dat het plan niet zal leiden tot een onaanvaardbare aantasting van het uitzicht van
(geanonimiseerd)
5.4.
Gelet op de afstand van het perceel van (geanonimiseerd) NE: de ophoging
en de hoogte daarva als weergegeven in het inrichtingsplan, overweegt de Afdeling dat (geanonimiseerd) iet aannemelijk heeft gemaakt dat het plan onaanvaardbare
5.5.
schaduwhinder op zijn perceel veroorzaakt.
De Afdeling overweegt ook dat de raad zich, gelet op het
inrichtingsplan, op het standpunt heeft mogen stellen dat er van een onaanvaardbare
aantasting van de privacy van
opgehoogde pad ligt op een afstand van
meer dan
sprake is
(geanonimiseerd) Het
15 meter van zijn perceel.
(geanonimiseerd) komen meerdere stroken met verschillende soorten beplanting die het zicht op de tuin van (geanonimiseerd) BM Jzuiien Tussen
dat pad en het perceel van
beperken.
5.6
Verder overweegt de Afdeling dat het gebruik van de tuin van
(geanonimiseerd) et ouscanio beperkt wordt door de begraafplaats dat de raad bij MZ]. de afweging van de belangen hieraan een groter gewicht had moeten toekennen dan hij heeft gedaan. De raad heeft toegelicht dat er gemiddeld
13 begrafenissen en 5 bijzettingen per jaar zijn en dat deze gemiddeld 20 tot 30 minuten duren. De Afdeling acht het niet aannemelijk dat het gebruiksgenot van de tuin van (geanonimiseerd) hierdoor onaanvaardbaar wordt aangetast.
(geanonimiseerd) Ten overvloede merkt de Afdeling op dat MM 2 len de
202203298/1/R3
5
1
mei
2024
begraafplaats onderling afspraken kunnen maken over eventuele mededelingen
5.7.
van begrafenissen
en bijzettingen.
Gelet op de voorgaande overwegingen
acht de Afdeling het plan
ruimtelijk aanvaardbaar als het inrichtingsplan wordt uitgevoerd. Het inrichtingsplan is echter niet geborgd in het bestemmingsplan. De Afdeling
stelt vast dat de gronden waarop het plangebied ligt in eigendom zijn van de gemeente. Omdat de gemeente eigenaar is van deze gronden, heeft het gemeentebestuur het in zijn macht om het inrichtingsplan uit te voeren. Dit
zal volgens de raad ook gebeuren. Onder deze omstandigheden in beginsel afzien van het opnemen
kan de raad
van een voorwaardelijke verplichting in
de planregels.
In dit geval vereisen het criterium van een goede ruimtelijke ordening van artikel 3.1, eerste lid, van de Wro en de rechtszekerheid van
(geanonimiseerd)J at oe raad het inrichtingsplan wel met een voorwaardelijke (2 verplichting in het bestemmingsplan vastlegt. Omdat het gehele plangebied de globale bestemming “Maatschappelijk — Begraafplaats” toegekend heeft
gekregen, hangt de inrichting van de begraafplaats af van het inrichtingsplan. Zonder dit inrichtingsplan te borgen, is de inrichting van de begraafplaats onzeker, hetgeen ook geldt voor de onder 5.2 genoemde afstanden. Daarbij
neemt de Afdeling in aanmerking dat de uitvoering van het inrichtingsplan ook naar het oordeel van de raad van belang is voor de aanvaardbaarheid de gevolgen van het bestemmingsplan.
van
De Afdeling komt daarom tot het oordeel dat de raad ten onrechte geen voorwaardelijke verplichting in het plan heeft opgenomen
waarbij de
uitvoering van het inrichtingsplan en de instandhouding van de daarin neergelegde inrichting van de begraafplaats worden geborgd. Het plan in de huidige vorm is daarom in strijd met artikel 3.1, eerste lid, van de Wro en de rechtszekerheid. In dit verband wijst de Afdeling op haar uitspraken van 15 december 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2782, onder 6.4, en van 11 oktober 2023, ECLI:NL:RVS:2023:3779, onder 9.10 en 9.11.
Het betoog slaagt. Richtafstanden
6.
VNG-brochure
(geanonimiseerd)Jeetooot dat de berekening van afstanden in het kader van MZ
het aspect geluid
uit de publicatie “Bedrijven en milieuzonering” van de
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
(hierna: de VNG-brochure)
niet juist
is. De raad heeft ten onrechte de afstand berekend tot de woning van
(geanonimiseerd) terwijl er gerekend moet worden tot de perceelsgrens. 2] 6.1.
De raad stelt zich op het standpunt dat de berekening juist is
uitgevoerd. Volgens de raad worden de afstanden bepaald tussen enerzijds de grens van de bestemming die de milieubelastende functie toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een milieugevoelig object. Voor een begraafplaats geldt een richtafstand van 10 meter voor het aspect
‘geluid’. De dichtstbijzijnde gevoelige functie betreft de woning van (geanonimiseerd) Het woonperceel
ligt direct aangrenzend
aan de beoogde
begraafplaats.
De
daadwerkelijke woning staat echter in het bouwvlak, op een afstand van ongeveer
15 meter uit de grens van het plangebied.
Deze woning vormt dan
ook geen belemmering voor de gewenste ontwikkeling. Wanneer aan de
202203298/1/R3
afstandsnormen
6
1 mei
2024
wordt voldaan, is in beginsel sprake van een goede
ruimtelijke ordening in de zin van artikel 3.1, eerste lid, van de Wro. 6.2,
De Afdeling stelt vast dat uit de VNG-brochure volgt dat de
richtafstand voor een begraafplaats 10 meter is. De richtafstanden in de VNG-brochure gelden tussen enerzijds de grens van het bestemmingsvlak dat de milieubelastende functie mogelijk maakt en anderzijds de uiterste situering
van de gevel van een woning die op grond van het bestemmingsplan of via vergunningvrij bouwen mogelijk is. De Afdeling overweegt dat de in de
VNG-brochure opgenomen richtafstanden indicatief zijn en dat hiervan gemotiveerd kan worden afgeweken. 6.3.
Om te bepalen of aan de richtafstand wordt voldaan moet in
beginsel rekening worden gehouden met de maximale planologische en vergunningsvrije bouwmogelijkheden ten behoeve van een woonfunctie op een perceel. Naar het oordeel van de Afdeling heeft de raad bij de vaststelling van het plan ten onrechte geen rekening gehouden met de bovengenoemde mogelijkheden om vergunningvrij te bouwen op het perceel (geanonimiseerd) van BN 2 | De raad heeft daarom niet zorgvuldig onderzocht of aan de in de VNG-brochure
aanbevolen
richtafstand van
10 meter wordt
voldaan.
Als
blijkt dat er niet wordt voldaan aan die richtafstand, moet de raad met
behulp van de resultaten van een geluidonderzoek nader motiveren waarom er ondanks de kleinere afstand een goed woon- en leefklimaat is
gegarandeerd. Gelet op het vorenstaande is het plan onzorgvuldig voorbereid.
Het betoog
slaagt.
Scheurvorming
7.
(geanonimiseerd) voer: aan dat er door de ophogingen die gepland zijn MJ
gevaar is voor scheurvorming en verzakking van zijn huis. Zale
De raad stelt dat er een nulmeting
plaats zal vinden zodat
toekomstige schades vanwege de werkzaamheden
kunnen worden
gemonitord en eventueel worden vergoed. De raad heeft op de zitting toegelicht dat er trillingsmetingen en ook hoogtemetingen gedaan kunnen worden.
725 Uit het feit dat de raad metingen zal doen om eventuele schade te monitoren en te kunnen vergoeden, blijkt dat de raad eventuele schade door uitvoeringswerkzaamheden in zijn belangenafweging heeft meegenomen. Naar het oordeel van de Afdeling heeft de raad zich op het standpunt mogen
stellen dat het belang van de aanleg van de begraafplaats zwaarder weegt dan het belang van (geanonimiseerd) 7] Het betoog slaagt niet. Planschade
8.
(geanonimiseerd)J betoogt dat het plan leidt tot waardevermindering van zijn 7
woning en dat er daarom sprake is van planschade.
202203298/1/R3
8.1.
7
1 mei
2024
Wat de eventueel nadelige invloed van het plan op de waarde van
de woning van (geanonimiseerd) MMM Jbetref:, bestaat geen aanleiding voor de verwachting dat d jardevermindering zo groot zal zijn dat de raad bij de afweging van de belangen hieraan een groter gewicht had moeten toekennen dan hij heeft gedaan. Voor eventuele tegemoetkoming
in planschade bestaat een aparte
procedure met eigen rechtsbeschermingsmogelijkheden. Het betoog
slaagt niet.
Conclusie
9.
Gelet op wat
(geanonimiseerd) eeft aangevoerd ziet de Afdeling aanleiding
voor het oordeel dat het bestreden van de Awb,
besluit is genomen
in strijd met artikel
:2
artikel 3.1, eerste lid, van de Wro en het
rechtszekerheidsbeginsel.
10.
Met het oog op een spoedige beslechting van het geschil zal de
Afdeling de raad opdragen om binnen 20 weken uitspraak de gebreken te herstellen.
na verzending van deze
De raad kan het in overweging 5.7 geconstateerde gebrek herstellen door, met inachtneming van wat in die overweging
is overwogen,
de uitvoering van het inrichtingsplan en de instandhouding van de daarin neergelegde inrichting van de begraafplaats met een voorwaardelijke verplichting in het bestemmingsplan te borgen, dan wel een gewijzigd of nieuw
besluit te nemen.
De raad kan het in de overwegingen 6.2 en 6.3 geconstateerde gebrek herstellen door, met inachtneming van wat in die overwegingen is
overwogen,
alsnog zorgvuldig te onderzoeken of voldaan wordt aan de in de
VNG-brochure
aanbevolen
richtafstand
van
10
meter
tussen
een
begraafplaats en de gevel van een woning die op grond van het bestemmingsplan of via vergunningvrij bouwen mogelijk is, en als blijkt dat dit niet zo is met behulp van de resultaten van een geluidonderzoek nader te
motiveren waarom
kan worden afgeweken van de richtafstand, dan wel een
gewijzigd of nieuw besluit te nemen.
11. De raad moet de Afdeling en (geanonimiseerd) de uitkomst meedelen en een eventueel gewijzigd of nieuw besluit zo spoedig mogelijk op de wettelijk voorgeschreven
wijze bekendmaken
en meedelen.
12. In de einduitspraak wordt beslist over vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht.
202203298/1/R3
8
1 mei 2024
Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
draagt de raad van de gemeente Zwartewaterland naar aanleiding van het beroep van (geanonimiseerd) op om: -__binnen 20 weken na verzending van deze tussenuitspraak met
inachtneming van wat is overwogen onder 5.7, 6.2 en 6.3 de daarin
geconstateerde gebreken in het besluit van de raad van de gemeente Zwartewaterland van 7 april 2022 tot vaststelling van het bestemmingsplan
“Uitbreiding begraafplaats De Sandvoirt Hasselt” te
herstellen, dan wel een gewijzigd of nieuw besluit te nemen en
(geanonimiseerd) -_de Afdeling en MMM 2] de uitkomst mee te delen en een eventueel gewijzigd of nieuw besluit zo spoedig mogelijk op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken
en mee te delen.
Aldus vastgesteld door | (geanonimiseerd) lid van de enkelvoudige
tegenwoordigheid va:
(geanonimiseerd)
griffier.
lid van de enkelvoudige kamer
(geanonimiseerd)
Uitgesproken in het openbaar op 1 mei 2024 288-1076
Verzonden:
1 mei
2024
(geanonimiseerd)
me
kamer, in