Bijlage 1 - Discussienotitie herziening Omgevingsvisie 1.0 (1)
Tekst van het document
Discussienotitie Herziening Omgevingsvisie Zwartewaterland
Datum
10 januari 2023
Versie
1.0
Auteur
Remco Kok
1
Inhoudsopgave 1.
Bestuurlijke samenvatting ...............................................................................................................3
1.
Aanleiding ........................................................................................................................................5
2.
Wat willen we toevoegen aan de huidige Omgevingsvisie?............................................................6 2.1 Omgevingsvisie in de wet ..............................................................................................................6 2.2 Bestaande omgeving, voorgenomen ontwikkelingen en doelen ..................................................6 2.3 Ontwikkelingsgericht & integraal ..................................................................................................7 Discussie- en besluitpunten.................................................................................................................8
3.
Bouwstenen.....................................................................................................................................9 3.1 Ontwikkeling Omgevingsvisie aan de hand van bouwstenen .......................................................9 3.2 Welke bouwstenen? ......................................................................................................................9 3.3 Systematiek bouwstenen ............................................................................................................10 3.4 Beschrijving en insteek per bouwsteen .......................................................................................11 3.5 Discussie- en besluitpunten .........................................................................................................15
4.
Planning .........................................................................................................................................17
5.
Organisatie & middelen .................................................................................................................18
2
1. Bestuurlijke samenvatting Deze notitie bevat een voorstel voor een aanpak om te komen tot een volledige en actuele Omgevingsvisie. Doel is om aan de start van het actualisatietraject de koers van de visie te bepalen. Hiermee stelt de gemeenteraad het kader voor de visie en de hoofdlijnen van het ruimtelijk beleid vast. De hoofdlijnen van de visie zijn onder te verdelen in een beschrijving van de inhoudelijke focus en de voorgenomen procesaanpak. Deze beschrijving is in de notitie kernachtig samengevat tot een aantal discussie- en besluitpunten. Onderstaand treft u een opsomming van deze punten aan:
1. Bij de herziening van de omgevingsvisie kiezen we voor een ontwikkelingsgerichte focus. 2. We hanteren voor de visie een tijdshorizon tot 2040. 3. De herziening van de omgevingsvisie doen we door middel van modulaire aanpassingen; we noemen deze bouwstenen. 4. Bouwstenen zijn integraal. Dit betekent dat wordt afgewogen wat het effect is op de bestaande beleidskeuzes in de omgevingsvisie. Voorbeeld: bij nieuwe zoekgebieden voor wonen moet dus rekening worden gehouden met wat het effect is op bestaande zoekgebieden voor wind en zon. 5. We starten met de volgende bouwstenen en hanteren daarbij de planning en volgorde zoals uitgewerkt is in het planningsoverzicht (bijlage 1): 1. Herziening omgevingsvisie (basis op orde) incl. verwerken geactualiseerde bouwsteen wonen 2. Ontwikkellocaties wonen en bedrijvigheid 3. Ontwikkellocaties grootschalige opwek duurzame energie 4. Buitengebied 5. Inzet grondbeleidsinstrumenten 6. Bovenwijkse voorzieningen 6. We werken de bouwstenen uit op basis van de beschrijvingen en de insteek per bouwsteen zoals beschreven in paragraaf 3.4. 7. Vorm en detailniveau van de bouwsteen zijn volgend op de aard en omvang van het vraagstuk. 8. Bouwstenen bevatten in ieder geval de volgende hoofdstukken: 1. Voorgestelde aanpassingen omgevingsvisie; 2. Indien gewenst een uitgewerkt programma of voorgestelde aanpassingen op een bestaand programma; 3.
Indien gewenst voorgestelde aanpassingen omgevingsplan. De voorgestelde aanpassingen zijn één-op-één te verwerken in het betreffende kerninstrument. Het bevat de gewenste tekstwijzigingen inclusief de locatie in het document.
3
Het voorstel is om te starten met het ‘op orde maken’ van de huidige omgevingsvisie. Dit betekent dat we aan de wettelijke standaarden van de Omgevingswet voldoen, bestaand beleid verwerken die nog niet in de huidige visie is opgenomen, de indeling van de visie verbeteren en meer informatie ontsluiten via de (interactieve) kaart. De planning is erop gericht dat deze actualisatie in het vierde kwartaal van 2024 aan de raad wordt aangeboden ter vaststelling. Parallel starten we met enkele verdiepingen op de visie aan de hand van bouwstenen. We starten met de bouwsteen ontwikkellocaties wonen en bedrijvigheid, buitengebied en inzet grondbeleidsinstrumenten. De vaststelling van nieuwe ontwikkellocaties is beoogd in oktober 2025.
4
1. Aanleiding De omgevingsvisie Zwartewaterland is op 30 september 2021 door de raad vastgesteld (zie kader). De visie is participatief tot stand gekomen, met onder andere het ‘reisbureau kijk ‘38’ en daaropvolgend een aantal verdiepende gesprekken met inwoners. Er is gesproken over diverse thema’s en op elk daarvan zijn een aantal richtinggevende principes ontwikkeld. Ten aanzien van toekomstige ontwikkellocaties is er toen voor gekozen om deze over te nemen van de oude Structuurvisie (beleidsarm). Het uitgangspunt van de visie is dat het een dynamisch document betreft. In de toekomst kunnen nieuwe onderdelen, ambities en keuzes worden toegevoegd. Voorliggend discussiedocument is een aanzet voor de ontwikkelrichting van de visie voor de komende jaren.
De visie is in 2021 geamendeerd vastgesteld. De drie unaniem aangenomen amendementen hadden betrekking op: -
-
-
Het opstellen van een bouwsteen wonen en deze op te nemen in het uitvoeringsprogramma. Deze bouwsteen gaat in op locaties voor woningbouw, de afweging tussen inbreiden en uitbreiden, sociale woningbouw en het woningbouwprogramma met daarin bijzondere aandacht voor starters en levensloopbestendige woningen. Stand van zaken: bouwsteen is vastgesteld. In de bouwsteen wonen zijn ontwikkelprincipes opgenomen en is aandacht voor het woningbouwprogramma, maar zijn nog geen concrete keuzes gemaakt voor woningbouwlocaties. De bouwsteen wordt op onderdelen geactualiseerd. Voorstel voor vaststelling van de geactualiseerde bouwsteen is beoogd in juli 2024. Het maken van een differentiatie in beleidsarme (jaarlijkse) actualisaties en bredere beleidsrijkere aanpassingen. Voor de laatste is het uitgangspunt dat hiervoor een uitgebreider proces wordt doorlopen zodat inwoners inbreng kunnen leveren en een integrale afweging wordt gemaakt. Stand van zaken: voorliggend discussiedocument is de aanzet tot uitvoering van dit amendement. Het uitvoeren van een evaluatie. Waarbij in ieder geval wordt ingegaan op de leerervaringen van het participatieproces. Stand van zaken: evaluatie is uitgevoerd. In 2023 is een nieuwe participatievisie en -beleid vastgesteld.
Leeswijzer Het doel van deze discussienotitie is om bestuurlijk op uitgangspuntenniveau de inhoudelijke focus en het gewenste proces van de herziening van de visie te bepalen. In de volgende hoofdstukken is dit uitgewerkt: Hoofdstuk 2:
Wat willen we toevoegen aan de huidige omgevingsvisie?
Hoofdstuk 3:
Bouwstenen
Hoofdstuk 4 & 5:
Welke processtappen zijn hiervoor nodig + organisatie en middelen
5
2. Wat willen we toevoegen aan de huidige omgevingsvisie? 2.1 Omgevingsvisie in de wet De omgevingsvisie vormt samen met het omgevingsprogramma, het omgevingsplan en de omgevingsvergunning de gemeentelijke kerninstrumenten van de Omgevingswet. De visie dient integraal te zijn en bevat strategische hoofdkeuzen van het beleid voor de fysieke leefomgeving voor de lange termijn. De wet geeft veel vrijheid om te bepalen wat de visie precies moet bevatten, als het maar de volgende elementen bevat1: -
-
Een beschrijving van de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving (wat is er en wat is de kwaliteit daarvan); De hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming en het behoud van het grondgebied (wat gebeurt er/gaat er gebeuren aan ontwikkelingen en instandhouding van het grondgebied); De hoofdzaken van het voor de fysieke leefomgeving te voeren integrale beleid (wat zijn de na te streven doelen en op welke manier worden die bereikt).
Naast de inhoudelijke vereisten moet de visie ook aan een aantal vormvereisten voldoen. Deze zijn beschreven in de STandaard Officiële Publicaties met ToepassingsProfielen voor OmgevingsDocumenten (STOP/TPOD)2. De visie moet in ieder geval raadpleegbaar zijn via het DSO en op een bepaalde manier zijn opgebouwd, zodat het gericht opvragen van informatie mogelijk is.
2.2 Bestaande omgeving, voorgenomen ontwikkelingen en doelen Zoals eerder beschreven dient de visie zowel in te gaan op de bestaande leefomgeving als de toekomstige. Wanneer we kijken naar de gehele instrumentenkoffer van de Omgevingswet, is de visie met name onderscheidend in het bepalen van de lange termijn koers. Welke kant willen we op en hoe gaan we dat bereiken? Het omgevingsplan daarentegen is meer gericht op de bescherming van de bestaande omgeving. Een belangrijk kenmerk is dat het plan, net als het bestemmingsplan onder de Wro, algemeen verbindende voorschriften bevat. De regels binden dus niet alleen het vaststellend orgaan zelf, maar eenieder. Deze reikwijdte maakt het mogelijk om bestaande waarden te beschermen, en binnen door de gemeente bepaalde kaders (beperkte) ontwikkelingen mogelijk te maken. Hiermee wordt een zekere rechtsbescherming gegarandeerd. De omgevingsvisie is in tegenstelling tot het plan in principe alleen zelfbindend. Dit houdt in dat de gemeente in haar besluiten rekening moet houden met de visie. Indirect heeft de visie door deze besluiten overigens wel degelijk een doorwerking richting inwoners en ondernemers in de gemeente. Met de huidige bestemmingsplannen, en de onderzoeken die hieraan ten grondslag liggen, is in de gemeente Zwartewaterland een bestaand beschermingsregime aanwezig.
Bij de onderzoeken kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het Landschapsontwikkelingsplan IJsseldelta, waarin we de kwaliteiten en waarden van ons landschap hebben beschreven. Deze zijn vervolgens vertaald naar een passende regeling in het bestemmingsplan. Deze gaan in eerste instantie beleidsarm over naar een omgevingsplan. Een ander voorbeeld is de bescherming van beeld- en structuurbepalende panden in het centrum van Genemuiden. Deze zijn in het bestemmingsplan Centrum Genemuiden onderzocht en van een beschermingsregeling voorzien. Er is dus al veel onderzoek en informatie voorhanden voor een passend beschermingsregime. Waar nodig worden de hoofdlijnen hiervan opgenomen in de omgevingsvisie.
1 Artikel 3.2 Omgevingswet (inhoud omgevingsvisie)
2 Zie link: Toepassingsprofiel omgevingsvisie (geostandaarden.nl). Versie 2.0.2 van 7 april 2023
6
Naast het beschrijven van de bestaande situatie is het schetsen van de gewenste toekomstige situatie in de omgevingsvisie wellicht dus nog wel belangrijker. Immers, het kerninstrument omgevingsplan biedt al een goede basis voor de bescherming van het bestaande. Het meest concreet landen keuzes voor ontwikkelrichtingen in nieuwe locatiekeuzes. In de huidige omgevingsvisie zijn deze keuzes overgenomen van de vorige structuurvisie. Deze oude structuurvisie was overigens destijds ook al enkel een actualisatie op vorm en niet op inhoud. De locatiekeuzes die nu in de visie staan dateren van de Structuurvisie 2005. Inmiddels zijn de meeste locaties hiervan in ontwikkeling of zelfs bijna afgerond (Zevenhont Oost, Tag West, Binnenveld, Hasselt om de Weede, uitbreiding bedrijventerrein Hasselt Zuid). In onderstaande afbeelding zijn de locatiekeuzes weergegeven.
Afbeelding 1: Structuurvisie 2012
2.3 Ontwikkelingsgericht & integraal Voor diverse maatschappelijke behoeftes is er de komende jaren sprake van een ruimtevraag. Ruimte die in onze gemeente per definitie ten koste gaat van andere behoeftes en functies, en die niet meer inpasbaar zijn in de locatiekeuzes die in 2005 zijn gemaakt. Om deze reden is het voorstel om bij de herziening van de omgevingsvisie te kiezen voor een ontwikkelingsgerichte focus, en een tijdshorizon te hanteren tot 2040. Aan de hand van data-analyse, trends en ontwikkelingen kunnen richtinggevende keuzes worden gemaakt, met de kanttekening dat het natuurlijk steeds onzekerder wordt naarmate verder in de toekomst wordt gekeken. Voor bijvoorbeeld het toewijzen van ontwikkellocaties betekent dit dat we met een redelijke bandbreedte kunnen prognosticeren wat de behoefte is voor de komende 10 jaar, en daarvoor concrete locaties kunnen aanwijzen. Voor de periode daarna is het gezien alle onzekerheden echter denkbaar dat daarvoor enkel een (mogelijke) ontwikkelrichting wordt bepaald (de zogeheten pijlen op de kaart). 7
Onderstaand overzicht geeft een niet limitatieve opsomming van een aantal belangrijke ruimtestructurerende beleidsprincipes (van onszelf maar ook van hogere overheden) en vraagstukken in onze gemeente: -
-
Klimaat: bodemdaling, overstromingsrisico, hittestress, beleidsprincipe bodem en water sturend Landelijk gebied & natuur: stikstofuitstoot, (extensivering) landbouw, groot oppervlak aan weidevogelbeschermingsgebieden, Natura-2000: uiterwaarden Zwarte Water en Vecht, Zwarte meer, Weerribben, De Wieden, Olde Maten & Veerslootslanden, Rijntakken incl. randzones, compensatiemogelijkheden Landschap & stedenbouw: landschappelijke kwaliteit, stadsranden, beleidsprincipe inbreiding voor uitbreiding en beleidsprincipe uitbreiding aansluitend aan stedelijk gebied Milieu & gezondheid: geluid (zoneringen), luchtkwaliteit, bodemkwaliteit, externe veiligheid Wonen & werken: voldoende woningaanbod en werklocaties (zowel kwalitatief als kwantitatief). Energie: netwerkinfrastructuur, grootschalige duurzame opwek Verkeer & bereikbaarheid: wegeninfrastructuur, netwerk openbaar vervoer, laadinfrastructuur, duurzame bereikbaarheid
Voor de meeste thema’s kan onderscheidt gemaakt worden in ‘bestaande situatie’ en ‘nieuwe ontwikkelopgaven’. De bestaande situatie is de huidige ruimteclaim en functionele toedeling van de ruimte. Dit bepaalt welke ruimte er nog is voor nieuwe ontwikkelopgaven. Deze opgaven zijn deels te combineren (bijv. wonen en stadsranden, of transformatie van een bestaand gebied), maar voor het grootste deel hebben ze elk hun eigen ruimtebeslag. In de omgevingsvisie zal bij elke (thematische) herziening voor nieuwe locatiekeuzes een integrale afweging moeten worden gemaakt.
Discussie- en besluitpunten -
Bij de herziening van de omgevingsvisie kiezen we voor een ontwikkelingsgerichte focus. We hanteren voor de visie een tijdshorizon tot 2040.
8
3. Bouwstenen 3.1 Ontwikkeling omgevingsvisie aan de hand van bouwstenen In de huidige omgevingsvisie Zwartewaterland zijn reeds uitgangspunten opgenomen voor het actualisatieproces. De belangrijkste zijn: -
-
Omgevingsbeleid is een continu proces. Bij nieuwe ontwikkelingen of voortschrijdend inzicht passen we de visie aan; Deze aanpassingen kunnen modulair. Dus alleen dat deel aanpassen waar behoefte aan is. Het verwerken van gerichte (sectorale) aanpassingen moet wel integraal afgewogen worden. Bijvoorbeeld een aanpassing in nieuwe woonlocaties. Hierbij wordt dan afgewogen wat hiervan het effect is op andere thema’s zoals verkeer, natuur, milieu, enz.; Modulaire aanpassingen (beleidswijzigingen) kennen een eigenstandig (participatie)proces.
Deze uitgangspunten blijven intact bij deze actualisatie. Voorgesteld wordt om deze modulaire aanpassingen ‘bouwstenen’ te noemen. Eerder is de ‘bouwsteen wonen’ opgesteld, door dit voort te zetten creëren we een eenduidig begrippenkader. Een bouwsteen is de voorbereiding van een herziening van de omgevingsvisie. Een bouwsteen start altijd met een thematische of gebiedsgerichte aanleiding/ strategische opgave.
3.2 Welke bouwstenen? Onderstaand volgt een korte opsomming van de voorgestelde bouwstenen om de komende jaren te komen tot een actuele en volledige omgevingsvisie. Later kunnen naar wens en/of als de actualiteit daar aanleiding toe geeft nog andere bouwstenen volgen. In paragraaf 3.4 is de insteek en inhoudelijke focus per bouwsteen verder uitgewerkt. Met het voorstel in deze discussienotitie wordt beoogd op een aantal onderwerp te prioriteren. Deze prioritering bestaat uit de onderstaande opsomming van voorgestelde bouwstenen en het planningsoverzicht waarin de volgorde en snelheid is aangegeven waarin de bouwstenen worden opgesteld. -
Bouwsteen herziening omgevingsvisie: Omgevingswetproof maken en bestaand beleid verwerken in de huidige visie. Met deze bouwsteen maken we de basis op orde. De visie wordt naar de standaarden van de Omgevingswet ontwikkeld. Ook verbeteren we de indeling van de visie en ontsluiten we meer informatie via de (interactieve) kaart. Als laatste verwerken we relevant bestaand beleid, zoals de (geactualiseerde) bouwsteen wonen. Deze herziening is beleidsarm en kent een beperkt participatietraject.
-
Bouwsteen ontwikkellocaties wonen en bedrijvigheid Insteek van deze bouwsteen is dat we voldoende locaties aanwijzen voor woningbouw en bedrijvigheid om tot (minimaal) 2040 aan de gemeentelijke behoefte te kunnen voorzien. De bouwsteen bevat zowel inbreidings- als uitbreidingslocaties.
-
Bouwsteen duurzame energie De bouwsteen bevat een herijking van onze energieopgave en ambitie. Daarnaast wordt, indien gewenst en mogelijk, onderzocht welke nieuwe ontwikkellocaties voor zon en wind na 2030 mogelijk en gewenst zijn om onze ambitie te kunnen verwezenlijken. Voor de periode tot 2030 hebben we reeds zoekgebieden aangewezen.
-
Bouwsteen buitengebied In het buitengebied spelen diverse grote opgaven. De landbouwtransitie, natuurbehoud en ontwikkeling (o.a. stikstof en N2000), klimaatverandering en daarmee samenhangend een 9
robuust watersysteem ontwikkelen, bodemdaling, enz. In de bouwsteen buitengebied wordt op hoofdlijnen beschreven hoe we deze opgaven het hoofd willen bieden. -
Bouwsteen grondbeleidsinstrumenten In deze bouwsteen geven we aan welke (en eventueel waar we) grondbeleidsinstrumenten willen inzetten. In de nota Grond- en vastgoedbeleid zijn op hoofdlijnen de doelen en voorwaarden beschreven van de instrumenten. Het gaat onder andere om de toepassing van voorkeursrecht, onteigening, kostenverhaal en anticiperende / strategische aankopen.
-
Bouwsteen bovenwijkse voorzieningen De gemeente doet grote investeringen in de openbare infrastructuur en voorzieningen om een gezonde en veilige leefomgeving te behouden. Deze bovenwijkse voorzieningen zijn voorzieningen waar meerdere gebieden profijt van hebben en heeft een positief effect op de waarde van vastgoed, bijvoorbeeld woningen en bedrijventerreinen. In deze bouwsteen is uitgewerkt welke partijen baat hebben bij bepaalde investeringen, en welke bijdrage we van hen verlangen.
-
Bouwsteen openbare ruimte Steeds meer ontwikkelingen landen in de openbare ruimte, zoals klimaatadaptatie, warmtetransitie, biodiversiteit, mobiliteit en inbreidingen. Hierdoor kunnen botsende belangen ontstaan. Belangrijk daarbij is het om goede keuzes te maken die toekomstgericht zijn. We willen onderzoeken op welke manier we een visie en strategie kunnen ontwikkelen voor het beheer van de openbare ruimte, zodat we goed kunnen inspelen op een flexibele, robuuste en toekomstgerichte fysieke leefomgeving.
3.3 Systematiek bouwstenen Een bouwsteen start altijd met een thematische of gebiedsgerichte aanleiding/ strategische opgave. De onderwerpen en de gewenste inhoudelijke focus waarvoor bouwstenen worden opgesteld verschillen dus van geval tot geval. De systematiek is hierop volgend en wordt dus grotendeels vormvrij gelaten. Wel is het voor de herkenbaarheid en enkele inhoudelijke vereisten gewenst om een aantal vaste elementen terug te laten komen in elke bouwsteen. Voorstel is om de volgende hoofdstukken standaard op te nemen: -
-
-
Voorgestelde aanpassingen omgevingsvisie; Bij een thematische bouwsteen (bijv. wonen) wordt naast de inhoudelijke verdieping op dat thema ook kritisch gekeken naar de effecten op andere thema’s. Eventuele koppelkansen en/of botsende belangen worden in beeld gebracht en vormen een onderdeel in de afweging welke wijzigingen in de omgevingsvisie worden doorgevoerd. Om dit in het proces te borgen is er, naast natuurlijk participatie, een ambtelijke werkgroep integraliteit die een bouwsteen hierop toetst (zie voor meer informatie hoofdstuk 5: organisatie en middelen). Indien gewenst een uitgewerkt programma of voorgestelde aanpassingen op een bestaand programma. Indien er een programma gewenst is, maar dit een toekomstige uitwerking betreft, wordt ingegaan op de inhoudelijke hoofdlijnen en de planning. Indien gewenst de voorgestelde aanpassingen van het omgevingsplan. Indien er wel aanpassingen gewenst zijn, maar dit een toekomstige uitwerking betreft, wordt ingegaan op de inhoudelijke hoofdlijnen en de planning.
10
De voorgestelde aanpassingen zijn één-op-één te verwerken in het betreffende kerninstrument. Het bevat de gewenste tekstwijzigingen inclusief de locatie in het document. Dit vergroot de herkenbaarheid voor de lezer, maakt het concreter hoe de bouwsteen beleidsmatig doorwerkt en maakt het mogelijk om de gewenste wijzigingen efficiënt door te voeren.
3.4 Beschrijving en insteek per bouwsteen Herziening omgevingsvisie: Omgevingswetproof maken en bestaand beleid verwerken In deze beleidsarme bouwsteen leggen we de basis voor de nieuwe omgevingsvisie. De aanpassingen zijn samen te vatten in vier hoofdpunten: -
Volledig en actueel: De huidige visie is in 2021 vastgesteld. Op een aantal thema’s zijn in de tussentijd nieuwe beleidsstukken en ruimtelijke keuzes gemaakt. Ook zijn een aantal oudere beleidsstukken vanwege het globale karakter van de huidige visie nog niet opgenomen. Met de herziening voeren we een inventarisatie uit naar ons bestaande beleid en verwerken de strategische en ruimtestructurerende keuzes in de visie. Het gaat o.a. om de volgende beleidsdocumenten: ▪ Bestemmingsplannen/ omgevingsplan. In de toelichting van bestemmingsplannen zijn een aantal belangrijke beleidsoverwegingen en keuzes opgenomen. Omdat het omgevingsplan anders van opzet is, meer zoals een verordening, is het van belang om deze overwegingen een plek te geven in de omgevingsvisie. Bijvoorbeeld de keuze waarom we voor bepaalde gebieden een striktere beschermingsregeling hebben opgenomen, zoals beschermd stadsgezicht Binnen de Veste. ▪ (geactualiseerde) bouwsteen wonen. In deze bouwsteen wordt o.a. de kwantitatieve en kwalitatieve woningbehoefte vastgelegd. Dit gebeurt op basis van een woonbehoefte-onderzoek dat in principe in een 4-jaarlijkse frequentie wordt uitgevoerd. Er worden in de bouwsteen geen locatiekeuzes gemaakt. In september 2022 is deze bouwsteen door de gemeenteraad vastgesteld.
Beoogd is dat de bouwsteen voor de zomer 2024 op onderdelen wordt geactualiseerd, waaronder een nieuw woonbehoefte onderzoek zodat meer gedetailleerd in beeld komt wat de behoefte op kernniveau is. ▪ Programma energietransitie inclusief aangewezen zoekgebieden en belendend beleid zoals transitievisie warmte. ▪ Gemeentelijk verkeers- en vervoersplan. ▪ Programmering bedrijventerreinen. ▪ Leefbaarheidsplannen ▪ Beleidsregel Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving. ▪ Beleidsregel huisvesting arbeidsmigranten. ▪ Beleidsregel wonen in het buitengebied. ▪ Beleidsregel E-commerce. ▪ Buitenruimteplan. ▪ Groenbeleidsplan. ▪ Gemeentelijk Rioleringsplan. ▪ Beleidsplan openbare verlichting. ▪ Preventienota.
11
-
Kaartgericht: We maken de visie meer kaartgericht. Uitgangspunt is dat we ruimtelijke keuzes waar mogelijk op de kaart duiden. Deze keuzes kunnen zowel gericht zijn op nieuwe ontwikkelingen als de beschrijving en bescherming van bestaande gebieden en waarden. Ter illustratie: het opnemen van de landschapstypologieën uit het LOP, ontwikkellocaties en zoekgebieden voor wonen, bedrijvigheid en grootschalige energie, de archeologische waardenkaart, zoekgebieden voor nieuwe fietsverbindingen, duiding van cultuurhistorisch waardevolle gebieden en locaties, enz. De kaart bevat op diverse thema’s informatie. Om de leesbaarheid en het gebruiksgemak van de kaart te vergroten verdelen we de kaart op themaniveau in lagen. Zo kan de gebruiker kiezen welke informatie die wil inzien. De omgevingsvisie van de provincie Overijssel is reeds op deze wijze opgebouwd. Zie volgende link: viewer (tercera-ro.nl)
-
Thematisch gemakkelijk aanpasbaar: De huidige visie kent reeds een thematische benadering. Met de herziening bouwen we hierop voort. Deze thema’s vormen qua opbouw zowel in het tekstdocument als op de kaart de basis. Het gaat om de thema’s: ▪ Landschap en natuur ▪ Cultuur ▪ Economie ▪ Wonen ▪ Energie ▪ Gezondheid ▪ Klimaat ▪ Onderwijs ▪ Openbare ruimte ▪ Toerisme en recreatie ▪ Veiligheid ▪ Verkeer ▪ Voorzieningen In bijlage 1 is het planningsoverzicht opgenomen van de voorgestelde bouwstenen. Hierin is per bouwsteen aangegeven op welke thema’s het betrekking heeft. Voor de thema’s die niet in een bouwsteen terugkomen zijn dus geen wijzigingen voorzien, en wordt aangesloten bij de uitgangspunten en teksten van de huidige omgevingsvisie 2021.
-
Omgevingswetproof: de visie moet via het Digitaal Stelstel Omgevingswet raadpleegbaar zijn en aan een aantal vormvereisten voldoen. Deze eisen zijn beschreven in de STandaard Officiële Publicaties met ToepassingsProfielen voor OmgevingsDocumenten (STOP/TPOD).
12
Bouwsteen ontwikkellocaties wonen en bedrijvigheid Omdat de programmering3 voor wonen en bedrijvigheid niet past in de huidige vastgelegde voorgenomen ontwikkellocaties is het gewenst om deze locaties te herijken en waar nodig nieuwe locaties aan te wijzen. Gezien de mogelijke significante effecten van nieuwe ontwikkellocaties voor wonen en bedrijvigheid op Natura-2000 is er bij deze bouwsteen sprake van een MER-plicht. De m.e.r. is een procedure met als hoofddoel het milieubelang volwaardig te laten meewegen bij de voorbereiding en vaststelling van plannen en besluiten. Hierbij moet het begrip milieu breed worden opgevat. In de procedure worden de milieugevolgen, de alternatieven en de ingebrachte zienswijzen en adviezen meegewogen in de vaststelling van de visie. Aangezien het een transparante en navolgbare procedure is, leent het zich daarbij goed voor participatie en als onderlegger voor de bouwsteen zelf. Onderdeel van de m.e.r. is het opstellen van een notitie detailniveau en reikwijdte. Dit gebeurt aan het begin van het traject, waarbij de insteek van het onderzoek en de gewenste aanpak worden bepaald. De planning is dat deze in het najaar van 2024 wordt besproken in de gemeenteraad.
Afbeelding 2: Natura-2000 gebieden (geel gearceerd)
3 Bouwsteen wonen, programmeringsafspraken bedrijventerreinen West-Overijssel, Woonafspraken West-
Overijssel
13
Bouwsteen duurzame energie Het programmaplan Energietransitie wordt geactualiseerd. Hierin zijn de volgende thema’s aan de orde: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
▪
Herijken ambitie opwek duurzame energie Opwek duurzame energie (grootschalige opwek duurzame energie heeft ruimtelijk impact; windmolens en zonneparken) en verbinding met Regionale Energie Strategie Verduurzamen gebouwde omgeving (voor de warmtetransitievisie is wettelijk vastgelegd dat deze in de omgevingsvisie opgenomen moet worden ) Verzwaren netwerk en het faciliteren van flexibele oplossingen (heeft ruimtelijke impact in zowel bestaande omgeving als nieuwe locaties) Verduurzamen industrie/bedrijven(terreinen) (ruimtelijke impact vanwege de ruimte die nodig is voor opwek of flexibele oplossingen) Verduurzamen eigen organisatie/vastgoed Duurzame mobiliteit (ruimtelijke impact laadvoorzieningen, wat te doen met tankstations in de toekomst, duurzaam vervoer als voorkeur kan impact hebben op ruimtebeslag en keuzes voor inrichting van de ruimte) Verduurzamen landbouw/agrarische sector
Daarbij is het idee om een nieuwe tussenstand (monitoring) weer te geven van de realisatie van de verduurzamingsambitie en op basis daarvan het gesprek aan te gaan over een (mogelijke) bijstelling van deze ambitie. Sinds het vorige programma energietransitie zijn er veel ontwikkelingen geweest die maken dat de basisuitgangspunten kunnen wijzigen. Bouwsteen buitengebied Er komen meerdere transities op het landelijk gebied af. Dit is niet anders voor het buitengebied van de gemeente Zwartewaterland. Veel van deze opgaven zoals het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) met de water-, natuur- klimaatdoelen, het toekomstperspectief voor de landbouw, de veenweidestrategie en het principe water en bodem sturend zijn nog in ontwikkeling. Op veel van deze transities hebben we weinig of zeer beperkte invloed. Met de visie op het buitengebied gaan we bekijken welke opgaven op Zwartewaterland afkomen en hoe we als gemeente kunnen anticiperen op die opgaven. Dit bekijken we vanuit de bevoegdheden van de gemeente, daar hebben we namelijk wel grip op. Bouwsteen inzet grondbeleidsinstrumenten De omgevingsvisie is een instrument waarmee strategische beslissingen worden genomen over de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling. Welke rol(len) de gemeente bij die ontwikkelingen wil vervullen definieert in hoge mate welke grondbeleidsinstrumenten daarvoor ingezet kunnen worden.
Daarbij moet in eerste instantie worden gedacht aan de inzet van de verwervingsinstrumenten strategisch aankopen en vestiging van het voorkeursrecht. Strategisch verwerven kan gericht zijn op het ondersteunen van een actieve opstelling van de gemeente, maar ook op samenwerking met andere partijen of het ondersteunen van een faciliterende opstelling. Toepassing van het voorkeursrecht is zinvol als de gemeente zelf toekomstige functiewijzingen wil realiseren. De omgevingsvisie spreekt zich ook uit over de vraag welke maatregelen via kostenverhaal (ten dele) zullen worden verhaald op activiteiten, waar de gemeente zelf een faciliterende houding wil aannemen.
14
Om via de omgevingsvisie op strategisch niveau uitspraken te kunnen doen, is het wenselijk om inzicht te hebben in de financiële haalbaarheid van die strategische doelen. Hier ontstaat een koppeling met het nieuwe instrument meerjarenprognose grondbeleid (MPG). Bij de (verdere) ontwikkeling van het MPG wordt aangesloten bij het tempo waarin de omgevingsvisie tot stand komt. De MPG wordt in 2 fases ontwikkeld. In fase 1 wordt een nulmeting uitgevoerd. In dit MPG worden de prognoses van alle Uitvoeringsprojecten (vastgestelde grondexploitatie en gesloten anterieure overeenkomsten) en Ontwikkelingsprojecten (wordt aan gewerkt, komt binnen afzienbare termijn een GREX voor of wordt een anterieure overeenkomst gesloten). In combinatie met inzicht in de beschikbare grondposities ontstaat daarmee een beeld van het ‘werkkapitaal’ waar bij de actualisatie van de omgevingsvisie rekening kan worden gehouden. Het daarop volgende jaar (=2025) zal fase 2 van het MPG opgesteld worden. Hierin wordt door het combineren van de resultaten van de uitvoerings- en Ontwikkelingsprojecten met de bouwsteen ontwikkellocaties wonen en bedrijvigheid een eerste inzicht geboden in de financiële haalbaarheid. Dit proces loopt dus parallel aan het opstellen van de bouwstenen ontwikkellocaties wonen en bedrijvigheid.
Bovenwijkse voorzieningen De gemeente doet grote investeringen in de openbare infrastructuur en voorzieningen om een gezonde en veilige leefomgeving te behouden. In deze bouwsteen is uitgewerkt welke partijen baat hebben bij bepaalde investeringen, en welke bijdrage we van hen verlangen. Het gaat om de volgende investeringen: -
Bovenwijkse voorzieningen zoals fietspaden Aandeel sociale huur in woningbouwprojecten KGO-investeringen Infrastructuur waaronder parkeren Sociale/maatschappelijke voorzieningen
3.5 Discussie- en besluitpunten -
-
-
De herziening van de omgevingsvisie doen we door middel van modulaire aanpassingen; we noemen deze bouwstenen. Bouwstenen zijn integraal. Dit betekent dat wordt afgewogen wat het effect is op de bestaande beleidskeuzes in de omgevingsvisie. Voorbeeld: bij nieuwe zoekgebieden voor wonen moet dus rekening worden gehouden met wat het effect is op bestaande zoekgebieden voor wind en zon. We starten met de volgende bouwstenen en hanteren daarbij de planning en volgorde zoals uitgewerkt in het planningsoverzicht (bijlage 1): ▪ Herziening omgevingsvisie (basis op orde) incl. verwerken geactualiseerde bouwsteen wonen ▪ Ontwikkellocaties wonen en bedrijvigheid ▪ Duurzame energie ▪ Buitengebied ▪ Inzet grondbeleidsinstrumenten ▪ Bovenwijkse voorzieningen We werken de bouwstenen uit op basis van de beschrijvingen en de insteek per bouwsteen zoals beschreven in paragraaf 3.4. 15
-
Vorm en detailniveau van de bouwsteen zijn volgend op de aard en omvang van het vraagstuk. Bouwstenen bevatten in ieder geval de volgende hoofdstukken: ▪ Voorgestelde aanpassingen omgevingsvisie; ▪ Indien gewenst een uitgewerkt programma of voorgestelde aanpassingen op een bestaand programma; ▪ Indien gewenst voorgestelde aanpassingen omgevingsplan. De voorgestelde aanpassingen zijn één-op-één te verwerken in het betreffende kerninstrument. Het bevat de gewenste tekstwijzigingen inclusief de locatie in het document.
16
4. Planning In bijlage 1 is het planningsoverzicht opgenomen voor de herziening van de omgevingsvisie en de diverse bouwstenen.
17
5. Organisatie & middelen De herziening van de omgevingsvisie en het opstellen van de voorgestelde bouwstenen vraagt langjarig ureninzet van de interne organisatie. Daarnaast zijn voor sommige bouwstenen externe begeleiding en expertise benodigd. In dit hoofdstuk wordt een voorstel gedaan voor de organisatie van de middelen en de inzet ervan. Inzet vanuit het programma Omgevingswet In de programmabegroting 2023-2026 zijn structureel financiële middelen opgenomen voor de implementatie en uitvoering van de Omgevingswet. O.a. de inzet van externe advisering en expertise, de aanschaf van nieuwe software, het aanbieden van trainingen voor het personeel en de deelname aan kennisplatformen wordt hieruit bekostigd. De projectleiding voor de beleidsarme herziening van de omgevingsvisie wordt door de programmaregisseur Omgevingswet uitgevoerd. Voor het omgevingswetproof en meer kaartgericht maken van de huidige visie zal een ruimtelijk adviesbureau ingeschakeld worden, omdat deze kennis en capaciteit niet in de organisatie aanwezig is. De kosten worden gedekt vanuit het budget Omgevingswet. De bouwsteen ontwikkellocaties wonen en bedrijvigheid is een kernonderdeel van de omgevingsvisie. Om deze reden wordt voorgesteld om deze te bekostigen vanuit het budget Omgevingswet.
De programmaregisseur wonen & economie doet de projectleiding van de bouwsteen in nauwe afstemming met de programmaregisseur Omgevingswet. De voortgang en kwaliteit van de beleidsarme herziening van de omgevingsvisie en de bouwsteen ontwikkellocaties wonen en bedrijvigheid vallen onder de verantwoordelijkheid van het programma Omgevingswet. Inzet vanuit de lijnorganisatie Vanwege de scope van het instrument omgevingsvisie zal vanuit vrijwel de hele breedte van de organisatie bouwstenen geleverd worden voor de visie. De lijnorganisatie is verantwoordelijk voor de voortgang en kwaliteit van de bouwstenen en het leveren van voldoende ambtelijke capaciteit en financiële dekking. Het toetsen op de integraliteit en het kunnen verwerken van de bouwsteen in de omgevingsvisie valt onder de verantwoordelijkheid van het programma Omgevingswet.
18
Projectorganisatie
Stuurgroep Portefeuillehouder ruimte – bestuurlijk opdrachtgever Eenheidsmanager - Ambtelijk opdrachtgever Programmaregisseur Omgevingswet
Kernteam Programmaregisseur Omgevingswet Programmaregisseur wonen & economie Strategisch adviseur Adviseur communicatie Projectleider omgevingsplan Inhoudelijke disciplines afhankelijk van onderwerp/bouwsteen
Adviesteam integraliteit Programmaregisseur Omgevingswet Programmaregisseur wonen & economie Programmaregisseur energietransitie Projectleider omgevingsplan Projectleider Omgevingsvergunning Adviseur verkeer Adviseur buitengebied Adviseur grondbeleid Strategisch adviseur sociaal domein Coördinator beheer
Werkgroep Bouwsteen X
Werkgroep Bouwsteen Y
Werkgroep Bouwsteen Z
19