CConstaterende datZwartewaterland
Koppel je AI →
Document · PDF

a. Bijlage 1 - Toelichting Wijzigingsverordening 2022 Verordening Sociaal Domein gemeente Zwartewaterland 2020

Raadsvergadering 2 februari 2023, gemeente ZwartewaterlandBij agendapunt: Raadsvoorstel Wijzigen van de verordening Sociaal Domein gemeente Zwartewaterland2.414 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toelichting Wijzigingsverordening 2O22 Verordening Sociaal Domein gemeente Zwa¡tewaterland 202O Algemeen Door de wijzigingen van deze wijzigingsverordening is de verordening Sociaal Domein gemeente Zwartewaterland geactualiseerd en zowel technisch als correctief aangepast. De Wijzigingsverordening2022 Verordening Sociaal Domein gemeente Zwartewaterland 2020 betreft 38 wijzigingen op verschillende vlakken. Navolgend wordt per categorie de betreffende wijzigingsonderdelen vermeld, In de paragraaf Toelichting per wijzigingsonderdeel worden de wijzigingsonderdelen toegelicht.

Wäzigingsonderdelen per categorte GewUzigde wetqevinq

- Participatiewet Onderdelen: 25 (herziene regeling studietoeslag), 38

- (Nieuwe) Wet inburgering202L De (nieuwe) Wet inburgering 2021 verandert het inburgeringsstelstelwaarbij de gemeenten de regie voeren over de uitvoering van de inburgering van inburgeringsplichtigen. Onderdelen: 7 , 9, 10, 11, 33 (ontzorgen inburgeringsplichtigen) Leesbaarheid

Onderdelen: t,2,3 Transparantie - Transparantie van de uiWoering Onderdelen: LO,23 Technische wUzigingen - Invoeging van juiste wetsverwijzingen Onderdelen:. 4,5, 6, B, L2, 13, L4, 15, 16, L7, L9,2I,23,24 Correcties

Onderdelen: 23, 26, 29, 30 (de regeling collectieve zorgverzekering betreft discretionaire bevoegdheid van het college), 35,37 Gewijzigde inzichten

Onderdelen: 18 (maatwerk),22 (kostenefficiëntie), 27 (aansluiting doelstelling inkomenstoeslag), 34 (borging onafhankelijke advisering Adviesraad Sociaal Domein) Verduidelijkinq

Onderdelen: 20,26 Aanqepaste bedragen (naar aanleiding van indexering)

Onderdelen: 27 Nieuw beleid

Onderdelen: 28 (participatieregeling voor minima van jong tot oud met ingang van 1 januari 2023), 3L (de regeling Bijdrage eigen risico vervalt vanwege betere ondersteuning van de doelgroep door de herziene regeling collectieve zorgverzekering),32 (beschikkingstermijn schuldhulpverlening) Pafticipatieregeling voor volwassen minima Uw raad heeft met de vaststelling van het Beleidsplan voor aanpak armoede en schulden 2022-2026 in de raadsvergadering van 3 maart 2022 ingestemd met het instellen van een participatieregeling voor volwassen minima. Onderdeel 28 van de wijzigingsverordening, betreffende het nieuwe artikel 7.S.La, regelt de participatieregeling voor jong tot oud met ingang van 1 januari 2023 onder gelijktijdig vervallen van de pafticipatieregeling voor kinderen, het Kindpakket.

-7 -

Jurisprudentie Onderdelen: 36 (Wmo 2015: een maatregel zoals een woningaanpassing kan enkel een algemeen gebruikelijke voorziening zijn als die maatregel fínancieel gedragen kan worden met een inkomen op minimumniveau)

Toelichting per wijzigingsonderdeel Overeen kom stige o n de rde le n

- Overeenkomstige onderdelen: L,2 en 3. Deze onderdelen betreflen het verhogen van de leesbaarheid van de verordening door het invoegen van respectievelijk "Artikel", "Paragraaf" en "Hoofdstuk" voor betreffend nummer,

- Overeenkomstige onderdelen: 4,5,6,8, 12, 13, L4, 15,16 en 17. Wijzigingen betreffende invoegen c.q. toevoegen "(de) Wet inburgering" De verordening stelt eveneens (algemeen verbindende) voorschriften in het kader van de Wet inburgering. Door invoeging c.q, toevoeging van die wet is de omissie hersteld.

Onderdelen 7

Op grond van de nieuwe Wet inburgering 202L die van kracht is met ingang van 1 januari 2022, voert de gemeente de regie over de verplichte inburgering van vreemdelingen die in het bezit zijn van een verblíjfsvergunning voor een niet-tijdelijk doel. Voor de doelgroep asielzoekers die een verblijfsvergunning asiel hebben gekregen en daardoor asielstatushouders zijn geworden, begint de regie, en de start van de Brede intake (een onderzoek naar de mogelijkheden die de inburgeringsplichtige heeft om aan de inburgeringsplicht te voldoen), vanaf het moment dat het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) betreffende asielstatushouder heeft toegewezen (gekoppeld) aan een gemeente. De gemeente is vanaf dat moment verantwoordelijk voor een aantal praktische zaken, zoals het zorgdragen voor de voorziening in de huisvesting (overeenkomstig de voor de gemeente geldende taakstelling) en het inschrijven in het basisregistratie personen (BRP). 9 Deze wijziging betreft een wijziging in het kader van de inwerkingtreding van de (nieuwe) Wet

inburgering 2021 met ingang van 1januari2022. Op grond van artikel 28 van de huisvestingswet 2014 is de asielstatushouder (houder verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd) gehuisvest in de gemeente waaraan hij door het Centraal Orgaan Asielzoekers (COA) is toegewezen (gekoppeld). Na de toewijzing vangt voor de gemeente de regie over de uitvoering van de inburgering van de inburgeringsplichte in de Nederlandse samenleving aan. De gemeente is dan verantwoordelijk voor de ondersteuning van de toegewezen inburgeringsplichtige die zelf verantwoordelijk is om te voldoen aan de inburgeringsplicht. De uitvoering start met maatschappelijke begeleiding (aftikel 13 Wi 2021), de Brede intake (aftikel 14 Wi 2021), zijnde een onderzoek naar de mogelijkheden die de inburgeringplichtige heeft om aan de inburgeringsplicht te voldoen en, indien de inburgeringplichige bijstand ontvangt, ontzorgen gedurende een periode van zes maanden waarin het college voor de inburgeringsplichtige bepaalde betalingen verricht uit diens bijstandsuitkering (artikel 56a Participatiewet). 10.

De wijzigingen 2 en 3 hebben betrekking op de inwerkingtreding van de Wet inburgering 2021 met ingang van 1januari2022 en het verhogen van de transparantie van de gemeentelijke uiWoering. De gemeente voert vanaf het moment dat de inburgeringsplichte toegewezen is aan de gemeente de

regie over de uitvoering van de inburgering van de inburgeringsplichtige die, naast maatschappelijke

-8-

begeleiding, begint met de brede intake. In het kader van die intake verricht het college een onderzoek naar de mogelijkheden die de inburgeringsplichtige heeft om aan de inburgeringsplicht te voldoen. De toegevoegde onderdelen e en f hebben daarop betrekking. De mogelijkheden resulteren in een persoonlijk plan inburgering en participatie (PIP). 11.

Op grond van artikel 15, vijfde lid van de Wet inburgering 202Iin samenhang met artikel 5.3, eerste lid van het Besluit inburgering 2021 stelt het college het persoonlijke plan inburgering en participatie (PIP) vast binnen uiterlijk 10 weken na de dag waarop de inburgeringsplichte, die op grond van aftikel 28 van de Huisvestingswet 20L4 in de gemeente is gehuisvest, in de basisregistratie personen (BRP) in de gemeente is ingeschreven. 18.

Omwille van het bieden van maatwerk gericht op ondersteuning richting (duurzaam) volwaardige deelname aan de samenleving wordt het uitgangspunt dat re-integratie niet duurder mag zijn dan de uitkering geschrapt. 19,

Deze wijziging betreft verhoging van de transparantie gelet op de kosten van de uiWoering, alsmede gelet op de wijze waarop plaatsen beschut werk worden toebedeeld.

20. Deze wijziging betreft verduidelijking van het begrip mantelzorger die zelf ook een vrijwilliger is, mede in het kader van de begrippen "gebruikelijke hulp" en "hulp van andere personen uit zijn sociale

netwerk." Mantelzorger Een mantelzorger verleent mantelzorg als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wmo 2015 en betreft een

persoon die onbetaalde en vrijwillige boven gebruikelijke hulp verleent (Kamerstukken II 201312014, 33841, nr.64, pag. 87¡ NL:RBMNE:20I7:67) aan een hulpvrager die al dan niet zijn huisgenoot is. Gebruikeli¡'ke hulp

Hulp die de zwaarte gelet op de duur en intensiteit van gebruikelijke hulp door huisgenoten niet overstijgt is onbetaald maar niet vrijwillig in die zin dat het college voor die hulp geen maatwerkvoorziening (hulp-op-maat) verleent.

Hulp van andere personen uit z¡¡'n sociale netwerk Hulp verleend door andere personen uit zijn sociale netwerk die de zwaate van gebruikelijke hulp (door huisgenoten) niet overstijgt is vrijwillig en onbetaald, 2L.

Op grond van artikel 1.1.1 van de Wmo 2015, alsmede aftikel 8.1.1 van de Jeugdwet, dient een (maatwerk)voorziening betrokken te worden van een derde (naast het college en de hulpvrager). Dat betekent dat de pgb beheerder niet de hulpverlener kan zijn (die namens het college uit het persoonsgebonden budget betaald wordt). 22.

Het tweede lid wordt gewijzigd gelet op kostenefficiëntie, hetgeen bijdraagt aan toekomstbestendige uitvoering van de zorgplicht van de gemeente wat de samenleving ten goede komt'

23.

-9-

Het vervallen van de zinsnede in het tweede lid betreft een technische correctie, Toevoeging van onderdeel e Verhuiskostenvergoeding betreft het verhogen van de transparantie van de huidige werkwijze dat er geen bijdrage verschuldigd is b¡j een maatwerkvoorziening Verh u iskostenverg oed i n g.

Het zesde lid verualt vanwege dat het abusievelijk was opgenomen in de verordening. 24. Deze wijziging betreft correctie van verwijzing.

25. Met ingang van l april 2022is de herziene regeling studietoeslag in werking getreden, Doordat de verordeningsplicht is komen te veruallen en de uitvoering van de regeling studietoeslag een discretionaire en gebonden bevoegdheid is van het college, verualt paragraaf 7.3 Studietoeslag en daarmee de artikelen 7 .3.L, 7.3.2 en 7.3.3. die regels stelden voor het verlenen van de (oude) studietoeslag. De uiWoering van de herziene regeling studietoeslag wordt geregeld via beleidsegels.

26. Deze wijziging betreft verduidelijking van de doelgroep, mede gelet op rechtsgelijkheid en

rechtszekerheid. 27

Door deze wijziging sluit de regeling beter aan op de doelstelling van de individuele inkomenstoeslag: personen die langdurig zijn aangewezen op een laag inkomen zonder in aanmerking te nemen vermogen en geen uitzicht hebben op inkomensverbetering te ondersteunen, zonder dat die ondersteuning direct gerelateerd is aan bepaalde kosten.

28. De grondslag voor deze pafticipatieregeling berust op artikel 108 van de Gemeentewet in samenhang met artikel 149 van de Gemeentewet. Deze regeling betreft derhalve buitenwettelijk begunstigend beleid aangezien deze regeling niet is gebaseerd op de Participatiewet.

De regering staat een categoriale regeling gericht op het bevordering van maatschappelijke participatie door culturele, maatschappelijke en sportieve activiteiten toe omdat bij deze vorm duidelijk is waarvoor de ondersteuning van het college door de belanghebbende wordt aangewend (TK, 33 801, MvT, nr.3, blz.27). De insteek van deze regeling betreft het bevorderen van het doen van uitgaven (gelet op het doel en binnen het gestelde kader), in tegenstelling tot ondersteuning door middel van bijstandverlening op grond van de Pafticipatiewet die gericht is op het voorzien in noodzakelijke kosten van het bestaan van personen die in zodanige omstandigheden verkeren of dreigen te geraken dat zij niet over de middelen beschikken om daarin te voorzien. De doelgroep van deze regeling betreft inwoners van jong tot oud van de gemeente Zwartewaterland

die behoren tot de categoriale doelgroep minima. Zij worden door deze regeling bevorderd deel te nemen aan culturele, maatschappelijke en spoftieve voorzieningen en activiteiten gericht op volwaardig en naar vermogen deelnemen aan de samenleving. In die zin draagt deze regeling op zowel preventieve als curatieve wijze bij aan (integrale) ondersteuning voor velerlei facetten die de zorgplicht van de gemeente in het sociale domein beslaan zoals het bevorderen van positieve gezondheid en re-integratie naar werk,

10

Het is noodzakelijk dat er regels zijn omtrent de doelgroep omdat deze regeling niet is gebaseerd op de Participatiewet maar op de gemeentewet. Daarnaast is bepaald wat onder inwoner verstaan wordt. 29 Deze wíjziging is als gevolg van het veruallen van artikel 7.6.1. die de collectieve zorgverzekering

regelde. 30

De regeling collectieve zorgverzekeríng, ook bekend onder de naam Gemeentepolis, betreft een discretionaire bevoegdheid van het college op grond van artikel 35 in samenhang met artikel 7, eerste lid, onderdeel b, van de Participatiewet en is gelet daarop abusievelijk opgenomen in de verordening hetgeen (pro forma) wordt gecorrigeerd door het laten veruallen van dit artikel. Het college heeft de uítvoering van de collectieve zorgverzekering geregeld via beleidsregels. 31 Deze regeling werd mogelijk gemaakt op grond van artikel 2.t.7 van de Wmo 2015 als opvolger van

de per 2015 veruallen landelijke regelingen Wtcg en CER voor chronisch zieken en gehandicapten. Deze regeling komt inwoners financieel tegemoet die als gevolg van een chronische ziekte of beperking hun eigen risico van de basiszorgverzekering voor minimaal €250,- in betreffend kalenderjaar hadden volgestort met €250,- . Zoals door de raad geaccordeerd bij de raadsbehandeling van het beleidsplan voor aanpak armoede en schulden 2022-2026 in de raadsvergadering van 3 maart 2022, vewalt deze regeling doordat de doelgroep via de herzíene regeling collectieve zorgverzekering (beter) wordt ondersteund, Dit betekent dat betreffende Wmo-doelgroep vanaf kalenderjaar 2022 via de regeling collectieve zorgverzekering tegemoetgekomen wordt door verhoogde tegemoetkomingen in de kosten van de premie voor de zorgverzekering. Voor met name de kwetsbare Wmo-doelgroep is deelname aan de collectieve zorgverzekering extra gunstig doordat zij altijd kunnen deelnemen aan de collectieve (aanvullende) zorgverzekering vanwege afwezigheid van een medische acceptatieprocedure. Dit artikel vervalt met terugwerkende kracht met ingang van 1 januari 2022 gelet op de systematiek van de zorgverzekeringswet die regelt dat een zorgverzekering (in de regel) met ingang van 1 januari wordt afgesloten voor de duur van één kalenderjaar.

Vanwege het benodigde bewijs aangaande de omvang van het volgestorte eigen risico dat bij de aanvraag van deze regeling Bijdrage voor mensen met een chronische ziekte of beperking bijgevoegd dient te worden, en het tijdstip waarop die door de zorgverzekeraar wordt verstrekt, kunnen inwoners tot uiterlijk 31 mei 2022 een aanvraag indienen voor deze vervallen regeling met betrekking tot het kalenderjaar 2021.

32. Door invoeging van het tweede lid wordt voldaan aan de verordeningsplicht aangaande de beschikkingstermijn als bedoeld in artikel 4a, derde lid, van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. De beschikkingstermijn is aangenomen bij de raadsbehandeling van het beleidsplan voor aanpak armoede en schulden 2022-2026 in de raadsvergadering van 3 maart 2022. 33

Met ingang van 1januari2022 is de Wet inburgering 202lin werking getreden. In dat kader is met ingang van dat tijdstip in de Participatiewet het artikel 56a met opschrift Ontzorgen ingevoegd. Het artikel verplicht het college een inburgeringsplichtige die recht heeft op bijstand zes maanden te ontzorgen vanaf de dag waarop dat recht bestaat door in naam van de belanghebbende betalingen te verrichten uit de toegekende bijstand van gas, water en stroom en de verplichte zorgverzekering.

- 11-

Op grond van het artikel 56a wordt aan de bijstandsverlening de verplichting van de belanghebbende verbonden mee te werken aan het verplichte ontzorgen, hetgeen de reden vormt voor deze wijziging.

34. Deze wijziging betreft het borgen van de onafhankelijke positie van de Adviesraad sociaal Domein met

het oog op onafhankelijke advisering. 35 Deze wijziging herstelt de omÍssie in het eerste lid zodat de Adviesraad Sociaal Domein (eveneens) kan adviseren over wijzigingen en is daarmee in overeenstemming gebracht met het vierde lid. 36. Deze wijziging wijzigt de begripsbepaling van een algemeen gebruikelijke voorziening in overeenstemming met de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep (ECLI:NL:CRVB:2019:3535). Een algemeen gebruikelijke voorziening is een voorliggende voorziening op een maatwerkvoorziening binnen het kader van de Wmo 2015.

Op grond van het toegevoegde criterium kan een maatregel zoals een woningaanpassing enkel als "algemeen gebruikelijke voorziening" worden beschouwd, als die maatregel financieel gedragen kan worden met een inkomen op minimumniveau. De hoogte van het inkomen van belanghebbende is daarbij niet van belang. Dat betekent dat er eerder recht zal zijn op een maatwerkvoorziening. 37 De verordening stelt eveneens (algemeen verbindende) voorschriften in het kader van de Wet inburgering. Door invoeging die wet is de omissie hersteld. 38

Doordat de studietoeslag als gevolg van herziening van de regeling door de wetgever met ingang van 1 april 2022 niet meer geregeld wordt in de verordening (maar via beleidsregels), verualt de laatste volzin van de begrípsomschrijving "Wettelijk minimumloon": "De vorige zin geldt niet bij het toepassen van artikel 7.3.3 van deze verordening (studietoeslag).".

-12-

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12338222/1