a. Bijlage 1 Toelichting ruimtelijke procedure de Meente
Tekst van het document
BIJLAGE 1 Ruimtelijke procedure de Meente Genemuiden De nieuwbouw maakt deel uit van de herontwikkeling van De Meente. De nieuwbouwplannen zijn niet in overeenstemming met het geldende bestemmingsplan “Woonwijken Zwartewaterland”. De bestemming van het gebied is wel passend (namelijk maatschappelijk), maar de situering van de gebouwen en de bouwhoogtes zijn niet passend. Een volledig nieuw bestemmingsplan voor de locatie is daarom niet perse nodig. In voorliggend geval kan van het bestemmingsplan worden afgeweken en medewerking worden verleend middels een omgevingsvergunning conform artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 30 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Deze afwijking van het bestemmingsplan moet gemotiveerd worden met een ruimtelijke onderbouwing waarin wordt aangetoond dat de ontwikkeling in overeenstemming is met ‘een goede ruimtelijke ordening’. Goede ruimtelijke ordening moet worden aangetoond in een ruimtelijke onderbouwing. De ruimtelijke onderbouwing moet de afwijking van het bestemmingsplan motiveren. De weging van het initiatief en van de ruimtelijke inpasbaarheid ervan moeten in de ruimtelijke onderbouwing duidelijk worden gemaakt. Deze onderbouwing hoeft niet in alle gevallen even omvangrijk te zijn.
In het algemeen zal dit afhangen van: de aard en omvang van het project; de mate van ingrijpendheid in de ruimtelijke structuur; de actualiteit van het (gemeentelijk) ruimtelijk beleid en de relevantie van het beleid van andere overheden; de aanwezige waarden (in de meest brede zin van het woord); de milieugevolgen en; de aard en het aantal te verwachten of ingebrachte zienswijzen. De ruimtelijke onderbouwing is goed te vergelijken met de toelichting van een bestemmingsplan. Met behulp van de toelichting/de ruimtelijke onderbouwing en de eventueel benodigde onderzoeken wordt aangetoond dat wordt voldaan aan de eisen van goede ruimtelijke ordening. Over welke thema’s hebben wij het dan: Huidige situatie; Toekomstige situatie; Stedenbouwkundige inpassing; Stedenbouwkundige randvoorwaarden; Volkshuisvesting; Archeologie; Cultuurhistorie; Flora en fauna; Geluid; Bodem; Luchtkwaliteit; Bedrijven en milieuzonering; Externe veiligheid; Verkeer en parkeren; Participatie (maatschappelijke uitvoerbaarheid); Economische uitvoerbaarheid. De ruimtelijke onderbouwing beschrijft waarom gelet op de bovengenoemde aspecten medewerking moet of kan worden verleend. Er moet dus de afweging worden gemaakt en beschreven die doorslaggevend is voor het toestaan van het gevraagde project. Bij deze procedure is niet de planologische strijdigheid leidend.
Dat wil zeggen er wordt niet eerst een bestemmingsplan gewijzigd waarin het bouwplan later wordt ingepast. Maar het bouwplan is leidend. Er wordt een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van het plan en tegelijkertijd worden die delen van het bouwplan die in strijd zijn met het bestemmingsplan ook meevergund. Voor de procedure geldt de uniforme voorbereidingsprocedure uit de Algemene wet bestuursrecht.
Dit betekent concreet dat er een ontvankelijke en volledige vergunningaanvraag voor bouwen wordt ingediend. Van de vergunning wordt eerst een ontwerp vergunning zes weken ter inzage gelegd. Een ieder wordt dan in de gelegenheid gesteld zienswijzen naar voren te brengen. De zienswijzen worden door de gemeente beoordeeld. Daarna wordt een definitieve omgevingsvergunning opgemaakt en wederom zes weken ter inzage gelegd (voor beroep). Voor de doorlooptijd van deze uitgebreide omgevingsvergunningprocedure geldt een streeftermijn van 26 weken. Dit is aanzienlijk sneller dan de procedure waarbij eerst het bestemmingsplan wordt gewijzigd en daarna een bouwplan wordt vergund dat past in het gewijzigde bestemmingsplan. Immers het wijzigen van het bestemmingsplan neemt al snel 9 maanden tot een jaar in beslag waarbij daarna nog een omgevingsvergunningprocedure moet worden doorlopen. Het nadeel van de beschreven uitgebreide omgevingsprocedure is dat deze aanhaakt aan het bouwplan. Het bouwplan moet dus volledig uitgewerkt zijn en kan (op zeer ondergeschikte delen na) in principe niet meer worden gewijzigd.