CConstaterende datZwartewaterland
Koppel je AI →
Document · PDF

2a. Bijlage - Laaggeletterdheid Regioplan basisvaardigheden vs 1.8

Raadsvergadering 25 maart 2021, gemeente ZwartewaterlandBij agendapunt: Brieven van het college4.660 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de slag met basisvaardigheden in de arbeidsmarktregio Zwolle Taal, rekenen en digitale vaardigheden als basis om te participeren.

Opgesteld door regiogemeenten arbeidsmarktregio Zwolle

November 2020

Voorwoord Door taal doe je mee. Kun je een uitnodiging versturen, of een liefdesbrief. Kun je je post lezen en digitale betalingen doen. De krant lezen, op vragen reageren en je mening opschrijven. Zonder goed te kunnen lezen en schrijven is meedoen ontzettend moeilijk. Op alle terreinen. Zo is taalvaardigheid van groot belang voor je gezondheid. Pas als je voldoende taalvaardig bent, kun je de bijsluiter bij medicijnen lezen en begrijpen. Snappen wat de huisarts voorschrijft, of op internet zoeken. Lezen en begrijpen hoe een dieet werkt. Dit plan is opgesteld door en voor de regio. Om extra in te zetten voor inwoners. Inwoners die niet goed kunnen lezen, schrijven, rekenen of internetten. Deze inwoners willen we ondersteunen met basisvaardigheden. Zodat ze volop mee kunnen doen in de samenleving. Hartelijke groet, namens Burgemeester en Wethouders van Zwolle

Michiel van Willigen Wethouder Onderwijs, Jeugd, Gezondheid

Voorwoord 1

Inleiding

4

2 2.1 2.2 2.3

Beleid, landelijk, regionaal en lokaal Landelijk beleid Regionaal beleid Lokaal beleid

4 4 5 6

3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Opgave, visie, ambitie en doelstellingen Opgave met basisvaardigheden Visie op basisvaardigheden: essentieel voor meedoen Ambitie met basisvaardigheden Drie doelstellingen met basisvaardigheden Scope van het programma

6 6 8 8 8 9

4 4.1 4.2 4.3 4.3.1 4.3.2 4.3.3 4.3.4 4.3.5 4.4 4.5

Integrale aanpak in de uitvoering Signaleren, werven, toeleiden en scholing Regie op de integrale aanpak in het sociale domein Specifieke doelgroepen Inwoners met Nederlands als eerste taal (NT1) Vroegtijdige schoolverlaters Ex-inburgeraars Inwoners die ondersteuning nodig hebben met taal op de werkvloer Ouderen met onvoldoende digitale vaardigheden Inzet van ervaringsdeskundigheid: de taalambassadeur Basisvaardigheden in Coronatijd

10 10 10 11 11 11 11 12 12 12 12

5

Programma met activiteiten

12

6 6.1 6.2

Financiën Bedragen voor arbeidsregio Zwolle Besteding extra budget

14 14 15

1

Inleiding Sinds 2015 werken de gemeenten in de arbeidsmarktregio Zwolle intensief samen op basis van de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB). Landelijk zijn er in september 2019 bestuurlijk afspraken gemaakt voor de komende 5 jaar. Een van die afspraken is dat er onder regie van de centrumgemeente een regionaal programma komt. De regionale programma’s worden door het rijk ondersteund met extra budget en 10 landelijke maatregelen. Dit regioplan is het resultaat van de regionale samenwerking over wat we de komende 4 jaar willen bereiken. We beschrijven wat we regionaal en lokaal gaan doen. We bouwen daarbij voort op eerder ingezet beleid. De uitdaging de komende jaren is om dit beleid goed te borgen op regionaal en lokaal niveau, waarbij de regie bij gemeenten wordt belegd. Het VNG heeft in juni 2020 het landelijk bestuursakkoord opgezegd. Er wordt gewerkt aan een nieuw bestuursakkoord. Er vinden nog gesprekken plaats over kwaliteitscontrole, monitoring en budgetten. Op dit moment (november 2020) is er zekerheid over de extra budgetten 2020 en 2021. Dit regioplan is dan ook bedoeld voor een periode van 2 jaar, opgesteld op hoofdlijnen en om aan de slag te gaan. Zodra er een nieuw bestuursakkoord is zal het regioplan mogelijk worden aangepast voor de gehele beoogde periode van 2021 tot 2025.

2

Beleid, landelijk, regionaal en lokaal De aanpak van laaggeletterdheid staat hoog op de landelijke agenda. In het regeerakkoord “Vertrouwen in de Toekomst” heeft het kabinet de ambitie uitgesproken laaggeletterdheid terug te dringen. Het budget voor de aanpak wordt jaarlijks verhoogd met € 5 miljoen per jaar.

2.1

Landelijk beleid De ambitie in het regeerakkoord is verder uitgewerkt in bestuurlijke afspraken tussen 4 Ministeries (OCW, SZW, BZK en VWS) en het VNG. Hoofddoel is dat eind 2024 een meetbare verbetering is gerealiseerd met laaggeletterdheid. De aanpak bestaat uit 3 onderdelen: 1. Meer laaggeletterden bereiken met een passend aanbod, met name de groep met Nederlands als eerste taal. 2. Meer inzicht krijgen in kwaliteit en effectiviteit van het aanbod. 3. Gemeenten nemen de regie in deze aanpak. Landelijk worden deze 3 onderdelen verder uitgewerkt in 10 maatregelen en activiteiten die ondersteunend zijn aan de regionale programma’s. Die maatregelen en activiteiten zijn: 1. Landelijke impuls voor meer bereik, specifiek op NT1-doelgroep. 2. Bestuurlijke afspraken Basisvaardigheden en ambitieuze aanpak in elke arbeidsmarktregio. 3. Extra budget voor gemeenten in verband met de regierol. 4. Vraaggericht landelijk ondersteuningsprogramma voor gemeenten. 5. Extra investeren in basisvaardigheden op de werkvloer.

6. Effectieve preventieve aanpak gericht op leesbevordering en laagtaalvaardige gezinnen. 7. Extra inzet op kwaliteit van taalhuizen en non-formeel aanbod. 8. Onafhankelijk expertise centrum. 9. Landelijk beeld van het bereik van lesaanbod basisvaardigheden. 10. Lerende aanpak: ruimte voor experimenteren.

2.2

Regionaal beleid De arbeidsmarktregio Zwolle bestaat uit 14 gemeenten: Kampen, Zwartewaterland, Westerveld, Raalte, Hattem, Oldebroek, Meppel, Steenwijkerland, Staphorst, Dalfsen, Ommen, Hardenberg, Westerveld en Zwolle. De afgelopen jaren is er door taalaanbieders, gemeenten en met ondersteuning van stichting Lezen en Schrijven nauw samengewerkt. Het beleidsresultaat van deze regionale samenwerking tot nu toe is: 1. Elke gemeente heeft een Taalpunt voor het verbinden van taalvragen en taalaanbod op maat. Het Taalpunt levert tevens een essentiële bijdrage aan de lokale taalsamenwerking. Die samenwerking vindt plaats met bibliotheken, provincie, ROC’s, vluchtelingenwerk, gemeenten (sociaal wijkteams) en werkgevers. 2. Jaarlijks wordt het WEB budget verdeeld door de centrumgemeente Zwolle. Met dit budget koopt elke gemeente zelf taalondersteuning in: formeel (klassikaal) en non-formeel (met taalvrijwilliger. Daarbij wordt ook zelfstandig een keuze gemaakt tussen de verhouding formeel en non-formeel leren. Of een combinatie daarvan. 3. In verband met het bereiken van de doelgroep wordt een screeningsinstrument (bijvoorbeeld de Taalmeter) ingezet. 4. Jaarlijks verantwoording aan de centrumgemeente over de bestede middelen conform de WEB en SiSa. 5. Informatie uitwisseling met stakeholders, zoals taalaanbieders, bibliotheken en provincie.

De komende jaren wil de regio Zwolle met dit regioplan nauw aansluiten bij de landelijke doelstellingen en maatregelen. Regionaal willen we het bestaande beleid voortzetten en in de uitvoering en de samenwerking vergroten en verdiepen. Passend bij de opgave die we met basisvaardigheden in de regio hebben in een snel veranderende tijd. Om die reden worden ook de gevolgen van Corona in dit regioplan benoemd. In de regio komen we minimaal 4 keer per jaar bij elkaar. Aan de orde komen dan:  Uitvoering van regiobeleid en lokaal beleid  Kennisuitwisseling, met name op het bereik en de aandacht voor NT1.  Afstemming landelijke, regionale en lokale ontwikkelingen. Op deze niveaus is er grote uitwisseling en afhankelijkheid.  Kwaliteit van trajecten en monitoring.  Regionale ondersteuning en aansturing van de Taalpunten.  Taal samenwerking en de wijze waarop regie plaatsvindt op de samenwerking.

 

Gesprek met samenwerkingspartners: werkgevers, provincie, bibliotheken, ROC’s, welzijnsinstellingen en andere taalaanbieders, stichting Lezen en Schrijven. Jaarlijkse verdeling van het regiobudget. Afstemming met andere beleidsterreinen i.v.m. preventie laaggeletterdheid, zoals VVE (vroegtijdige en voorschoolse educatie), Inburgering, RMC (regionaal meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten), Participatiewet Sisa-verantwoording

De regionale samenwerking is van groot belang om het WEB-budget zo effectief mogelijk in te kunnen zetten voor de inwoners die ondersteuning nodig hebben.

2.3

Lokaal beleid In de regio Zwolle is eerder gekozen om het beleid basisvaardigheden vooral lokaal vorm te geven. Daarbij kijkt de gemeente naar wat de inwoner nodig heeft. Ook kijkt de gemeente naar de eigen lokale beleidsterreinen die samenhangen met laaggeletterdheid. Zoals gezondheid, kinderopvang, inburgering, participatie en onderwijs. Taalondersteuning kan hiermee vaak niet los gezien worden van een brede integrale aanpak per inwoner. Het is de bedoeling dat gemeenten in de uitvoering meer gaan sturen op deze integrale aanpak. Het Taalpunt is in elke gemeente het centrale punt voor de samenwerking. Elke gemeente faciliteert die samenwerking en het Taalpunt met beleid en budget. Er is onderzocht of een meer centrale en regionale inkoop voordelen kan hebben op de bestaande lokale inkoop. Daar is bij de gemeenten in de regio Zwolle geen draagvlak voor. De zelfstandige inkoop dichtbij de lokale opgave in het sociale domein heeft sterk de voorkeur.

3

Opgave, visie, ambitie en doelstellingen In de regio Zwolle willen we werken vanuit de opgave met basisvaardigheden. Daarom is het van belang goed zicht te krijgen en te houden op die opgave. De visie moet helderheid geven over het belang van basisvaardigheden en hoe dat doorwerkt in andere levensgebieden van inwoners. De ambitie moet nauw aansluiten bij wat we in de regio willen doen en bereiken met inwoners in de regio Zwolle. De doelstellingen willen we in de regio zo concreet mogelijk formuleren. Hoewel er op dit moment landelijk onduidelijkheden zijn met budgetten en de 10 ondersteunende maatregelen.

3.1

Opgave met basisvaardigheden Uit het PIAAC (Program for the International Assessment of Adult Competences) (2013) onderzoek van de OESO blijkt dat het gaat om 1,3 miljoen mensen tussen de 16 en 65 jaar die moeite hebben met taal en/of rekenen. Volgens de Algemene Rekenkamer (2016) gaat het om minstens 2,5 miljoen mensen wanneer in aanvulling op de groep die de OESO in kaart heeft gebracht, ook mensen van 65 jaar en ouder worden meegeteld en mensen die alleen lage rekenvaardigheden hebben (en dus geen lage taalvaardigheid). Onderzoek leert dat laaggeletterdheid vaak generatie overstijgend is. Problemen die bij ouders worden geconstateerd, kunnen zich herhalen bij kinderen. Kinderen waarvan beide ouders laaggeletterd zijn, hebben een drie maal grotere kans om ook zelf

laaggeletterd te worden. Daarnaast wijst onderzoek naar laaggeletterdheid uit dat 10% van de basisschoolleerlingen de basisschool verlaat met 2 jaar taalachterstand. 24% van de 15-jarigen in Nederland grote moeite heeft met het begrijpen van hun schoolboeken en later zeer waarschijnlijk onder de noemer laaggeletterdheid vallen. 1 op de 8 van de leerlingen verlaat het vmbo zonder het vereiste taalniveau (2F). De regio Zwolle verschilt niet veel van de landelijke cijfers. Ook in onze regio is een onverminderde grote opgave met basisvaardigheden. In onderstaand beeld wordt per gemeente weergegeven wat het percentage laaggeletterden zijn.

Een grote groep heeft moeite met lezen, schrijven en/of rekenen. Een groot deel van hen heeft bovendien beperkte digitale vaardigheden. De eisen die worden gesteld aan de vaardigheden van mensen worden hoger en technologische/ digitale ontwikkelingen maken het dagelijks leven complexer. Een groeiend aantal mensen verliest de aansluiting met deze veranderingen. Laaggeletterden hebben niet alleen moeite met basisvaardigheden, maar hebben ook vaak (daardoor) te maken met andere problemen die verband houden met werk(loosheid), gezondheid, participatie, inburgering en integratie. Ook hebben zij vaker schulden en behoefte aan maatschappelijke ondersteuning. De groep laaggeletterden vertoont een grote diversiteit in leervraag, behoefte en leerstijl. Een groot deel van hen wordt onvoldoende bereikt met het huidige aanbod educatie-activiteiten. Dit betreft in het bijzonder de groep met Nederlands als moedertaal (de NT-1 groep). Zij vormen ruim twee-derde van de doelgroep, maar minder dan 20 % van het aantal deelnemers aan lesaanbod. We willen daarom extra

inzetten op de wijze waarop we inwoners met onvoldoende basisvaardigheden vinden, motiveren en doorverwijzen voor ondersteuning.

3.2

Visie op basisvaardigheden: essentieel voor meedoen We spreken over basisvaardigheden als het geheel van vaardigheden op het gebied van taal, rekenen en gebruik van internet. Basisvaardigheden zijn essentiële vaardigheden om informatie te verwerven, te verwerken en gericht te gebruiken. Dit betekent met taal, cijfers en grafische gegevens kunnen omgaan en gebruik kunnen maken van informatie op internet. Basisvaardigheden zijn essentieel om zelfstandig te functioneren en te participeren in de samenleving en om zich persoonlijk te kunnen ontwikkelen. Het vergroten van basisvaardigheden is geen doel op zich, maar vooral een middel om zo zelfstandig mogelijk te kunnen functioneren op het gebied van financiën, (online) overheidsinformatie, gezondheid, werk, opvoeding en re-integratie. Ondersteuning bij basisvaardigheden is om die reden zoveel mogelijk onderdeel van een breder en integraal plan van aanpak. De gemeente voert hierop regie op het niveau van de inwoner in samenwerking met lokale partners. De verbetering van basisvaardigheden heeft grote positieve gevolgen, voor het welzijn van mensen zelf, maar ook voor de samenleving als geheel. Basisvaardigheden hebben invloed op het zelfbeeld van mensen, hun interactie met anderen, hun welbevinden en inzetbaarheid. Wie het probleem van laaggeletterdheid op lange termijn wil oplossen moet investeren in het preventieve beleid.

Daar ligt de sleutel om generatie overstijgende problemen op te lossen. Economisch gezien wordt het meest geïnvesteerd aan de curatieve kant. Toch lijkt er een verschuiving te komen en is er landelijk en regionaal steeds meer aandacht voor de preventieve kant van laaggeletterdheid. Binnen de regio willen we de initiatieven en inzet zo verbinden dat een gebrek aan basisvaardigheden op den duur in volgende generaties niet meer voorkomt. Dat zal vooral lokaal, in andere beleidsvelden en bij betrokken partners (onderwijs, bibliotheek) aandacht moeten krijgen.

3.3

Ambitie met basisvaardigheden We willen voor alle inwoners gelijke kansen op een gezond en kansrijk leven. Wij willen dat iedere inwoner van de regio Zwolle de kans krijgt om zich te ontplooien en ontwikkelen, om een gezonder leven te leiden, zijn of haar welbevinden te vergroten en volwaardig mee te kunnen doen in de samenleving. Wij willen dit bereiken door iedere inwoner die daar behoefte aan heeft de kans te bieden een passend traject basisvaardigheden te volgen. Wij willen nog meer inwoners bereiken die moeite hebben met basisvaardigheden, vooral ook inwoners met Nederlands als eerste taal, door het taboe te doorbreken en bewustwording te vergroten.

3.4

Drie doelstellingen met basisvaardigheden We sluiten in onze regio aan bij de landelijke doelstellingen: 1. In 2024 hebben we meer inwoners bereikt met een aanbod op maat. Daarbij extra aandacht voor NT1.

a. We ontwikkelen en borgen nieuwe werkwijzen in het signaleren, motiveren en bereiken van inwoners met onvoldoende basisvaardigheden. b. Jaarlijks willen we regionaal 250 unieke deelnemers aan NT1 aanbod bereiken c. Er is binnen het bestaande aanbod meer aandacht voor de individuele leerbehoefte van deelnemers gericht op behoud van werk, participatie en zelfredzaamheid. Daarmee is ondersteuning bij basisvaardigheden een integraal onderdeel van een brede ondersteuningsvraag, planmatige aanpak en de regie daarop door de gemeente. 2. We hebben geïnvesteerd in monitoring en kwaliteit waardoor we weten wat werkt a. Binnen het formele en non-formele aanbod wordt gewerkt vanuit een persoonlijk ontwikkelingsplan waarin de leerbehoefte van deelnemers zichtbaar en meetbaar wordt gemaakt. b. Er is landelijk een kwaliteitskader voor taalpunten ontwikkeld zodat het non-formele aanbod en de ondersteuning van vrijwilligers voldoet aan de eisen in het kwaliteitskader. Dat kwaliteitskader is uiterlijk 2021 ingevoerd. c. Gemeenten zijn uiterlijk 2022 aangesloten op een landelijke monitor basisvaardigheden. Hiermee worden resultaten in termen van basisvaardigheden, participatie, zelfredzaamheid en gezondheid meetbaar gemaakt. d. De monitor wordt tevens als instrument ingezet om de regierollen van (centrum)gemeente te vervullen.

En wel op het niveau van de inwoner, lokale en regionale samenwerking. 3. Gemeenten hebben de regie in de aanpak van basisvaardigheden en werken hierbij integraal samen met betrokken partijen a. De vakinhoudelijke ondersteuning van Taalpunten door Stichting Lezen en Schrijven is in 2021 teruggebracht. Taalpunten beschikken regionaal en gezamenlijk over voldoende kennis en expertise en zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor het organiseren van deskundigheidsbevordering, zodat het regiobeleid basisvaardigheden eenduidig wordt uitgevoerd. b. Gemeenten werken nauw samen met taalaanbieders, bibliotheken, (voorschoolse) opvang, consultatiebureaus, welzijnsinstellingen en onderwijs. Daarbij is ieders rol duidelijk, waarbij we meer inzetten op preventie. De gemeente heeft een regierol in die samenwerking. Rollen en samenwerking zijn helder beschreven. c. De bestaande verdeling van het WEB-budget wordt onder regie van de centrumgemeente voortgezet en de inkoop wordt lokaal ingevuld.

3.5

Scope van het programma In de visie is duidelijk gemaakt dat basisvaardigheden essentieel zijn om te kunnen functioneren in de samenleving. Dat begint al op jonge leeftijd. Dat is ook het terrein van

Inburgering. De WEB en het budget richt zich (echter) op inwoners in de leeftijd vanaf 18 jaar. Het budget kan niet ingezet worden voor preventieve activiteiten. Wel kunnen we aansluiten op een van de tien maatregelen die landelijk worden uitgewerkt. Regionaal hebben we afgesproken te onderzoeken of we voldoende doen op het gebied van het voorkomen van laaggeletterdheid. Zwolle gaat dat doen door het ontwikkelen van een breed preventiebeleid. Steenwijkerland heeft doelgerichte projecten om te voorkomen dat kinderen met onvoldoende taalniveau het basisonderwijs verlaten. Beide lokale initiatieven worden regionaal gedeeld met het doel om na 2 jaar vast te stellen of we hier ook regionaal verder beleidskeuzes in willen maken. Verplichte inburgeraars zijn wettelijk expliciet uitgesloten als doelgroep voor de WEB. De WEB heeft wel een aanvullende functie op de Inburgeringswet. Nieuwe inwoners met een inburgeringsdiploma of een ontheffing inburgering kunnen een beroep doen op de WEB om hun basisvaardigheden te vergroten. Daarbij is het doel om door scholing participatie te bevorderen.

4

Integrale aanpak in de uitvoering We willen de integrale aanpak in de uitvoering verder uitbouwen en borgen. Dat begint bij signaleren en toeleiding. Dat betekent ook dat taalondersteuning niet losgezien kan worden van een brede ondersteuningsvraag van inwoners. De gemeente heeft een regierol op de samenhang tussen taalondersteuning en de (leer)effecten op andere levensgebieden.

4.1

Signaleren, werven, toeleiden en scholing Dit is de kern om doelstelling 1 te bereiken. Dat betekent dat we per gemeente gaan onderzoeken hoe dat in de uitvoering werkt. Wat zijn vindplaatsen van inwoners met onvoldoende basisvaardigheden. Hoe kunnen mede-inwoners, vrijwilligers en professionals het gesprek met deze inwoners zodanig voeren, dat zij gemotiveerd raken om een beroep te doen op het onderwijsaanbod?

4.2

Regie op de integrale aanpak in het sociale domein Er is in het bestuursakkoord gekozen voor een duidelijke regierol bij gemeenten, omdat de ondersteuning bij onvoldoende basisvaardigheden een relatie heeft met andere levensgebieden. Gemeenten hebben samen met partners al een grote rol in het sociale domein in de ondersteuning van (kwetsbare) inwoners. Vanuit de eigen gemeentelijke dienstverlening (publiekszaken, schulddienstverlening, bijstandsverlening, sociaal wijkteams) heeft de gemeente een signalerende taak. Maar ook de stakeholders hebben een signalerende rol bij het bereiken en activeren van inwoners. De brede ondersteuningsvraag en het naar vermogen mee kunnen doen in de samenleving van inwoners is leidend voor welke instrumenten worden ingezet. Vergelijkbaar met de regierol die gemeenten vanaf 2021 (weer) gaan krijgen met inburgering. Ondersteuning bij basisvaardigheden is daarmee onderdeel van een planmatige integrale aanpak. We onderscheiden bij de aanpak van laaggeletterdheid 4 niveaus van regie die elkaar aanvullen of ondersteunen:

1. Landelijk: bestuursakkoord VNG met de ministeries, voldoende budget en de 10 maatregelen en/of activiteiten. 2. Regionaal: een programma met doelstellingen en activiteiten voor een periode van 4 jaar, verdeling van het regiobudget, verantwoording van de besteding, de ondersteuning van de Taalpunten, afstemming met samenwerkingspartners en periodieke evaluaties op basis van monitorgegevens of aanvullende onderzoeken. 3. Lokaal: In lijn met het regioplan uitvoering geven aan de doelstelling door het opstellen van een lokaal actieplan op maat, waarin met stakeholders en/of contractpartners resultaten worden overeengekomen met de beschikbare middelen. 4. Inwoner: de brede vraag van inwoners staat centraal bij de ondersteuning van basisvaardigheden. Daarbij kunnen meerdere partners uitvoerende rollen hebben. De gemeente voert hierop regie op basis van een individueel en integraal plan. Deze regierol wordt in het programma met activiteiten vermeld in 2021 nader uitgewerkt door de regionale werkgroep in samenspraak met de stakeholders.

4.3

Specifieke doelgroepen In de regio wordt de leervraag van inwoners als uitgangspunt genomen om ondersteuning op maat te leveren. Die leervraag is in de praktijk zeer divers. Uiteraard wordt bij de aanpak gebruik gemaakt van specifieke kenmerken van doelgroepen. Sommige inwoners hebben slechts tijdelijk ondersteuning nodig. Andere inwoners gaan eerst aan de slag met dringende ondersteuningsvragen die eerst aandacht vragen, voordat achterliggende problematiek als basisvaardigheden wordt opgepakt. Sommigen hebben langdurig ondersteuning nodig om te voorkomen dat het geleerde niveau vermindert. We willen in de regio de komende periode langs 5 sporen werken met doelgroepen:

4.3.1

Inwoners met Nederlands als eerste taal (NT1) Het is algemeen bekend dat deze groep moeilijk te bereiken is en schaamte en taboe een grote rol spelen. Zij hebben een groot aandeel in de groep laaggeletterden, maar nemen verhoudingsgewijs maar heel beperkt deel aan een taalcursus. We willen in de regio vooral in de taalsamenwerking het proces “signaleren, toeleiden en scholingsaanbod” verbeteren voor deze doelgroep.

4.3.2

Vroegtijdige schoolverlaters In de regio Zwolle willen we nauw samen werken met de sub-regionale RMC’s. Het doel is dat voortijdig schoolverlaters alsnog een startkwalificatie behalen als dat mogelijk is. Wij willen voortijdig schoolverlaters, door middel van een passend traject basisvaardigheden, de mogelijkheid bieden om een opleiding te kunnen volgen en/of hun positie op de arbeidsmarkt te verbeteren en werk te vinden.

4.3.3

Ex-inburgeraars We werken samen met Inburgering om de doorstroom van inburgering naar nonformele en formele taaltrajecten te bevorderen. In de regio Zwolle stemmen we de

aanpak laaggeletterdheid af op het inburgeringsbeleid. Specifiek in Zwolle stemmen we het taalbeleid af op de Rotterdamse aanpak Statushouders. 4.3.4

Inwoners die ondersteuning nodig hebben met taal op de werkvloer Er worden momenteel projecten uitgevoerd in opdracht van de provincie. Daarbij is het doel werkgevers te motiveren om werknemers met onvoldoende taalvaardigheid te ondersteunen. Specifiek gericht op vaktaal. Deze vorm van ondersteuning zal een ander profiel vragen van bijvoorbeeld taalvrijwilligers, maar ook van professionals.

4.3.5

Ouderen met onvoldoende digitale vaardigheden In de regio Zwolle zetten wij ons in om de digitale vaardigheden van ouderen te bevorderen en de participatie van digibete ouderen te vergroten. Een deel van de digibete ouderen bestaat waarschijnlijk uit NT1’ers. Gemeente Zwolle stelt bijvoorbeeld geld beschikbaar voor het ouderenbeleid, onder meer voor het verbeteren van de digitale vaardigheden.

4.4

Inzet van ervaringsdeskundigheid: de taalambassadeur Taalambassadeurs worden, via de Stichting ABC, ingezet voor het bereiken van laaggeletterden. In verband met doelstelling 1 is het van belang om de inzet van ervaringsdeskundigheid in de regio te vergroten. Taalambassadeurs kunnen via Stichting ABC worden ingezet als werver, voorlichter, tester van communicatiemiddelen en als betrokkene bij inspraak.

4.5

Basisvaardigheden in Coronatijd Sinds half maart 2020 zijn de corona-maatregelen ingevoerd. Fysiek lesgeven was niet meer mogelijk. In snel tempo en in overleg met gemeenten zijn de aanbieders overgegaan op digitaal lesgeven. Zowel de gemeente als de aanbieders bieden op een begrijpelijke manier informatie hierover. De digitale lessen waren even wennen zowel voor de deelnemers als de docenten. Er is continu contact met de deelnemers. Het grootste deel van de deelnemers kan goed meekomen met de digitale lessen. Maar de nieuwe werkelijkheid vraagt veel van deelnemers en docenten. Het vraagt mogelijk ook structureel aandacht voor het anders vormgeven van taalondersteuning en de combinaties van formeel en non-formeel taalonderwijs. Een ander effect is dat duidelijk wordt welke inwoners wel of niet beschikken over digitale vaardigheden en middelen. Sommige inwoners hebben op dit moment andere prioriteiten dan het leren van de taal, zoals werk, inkomen en gezondheid. Dit geldt ook voor bedrijven, waar taal op de werkvloer op dit moment geen prioriteit heeft. Er zijn ook deelnemers voor wie het even niet mogelijk was, omdat ze met hun kinderen thuis zaten. We willen regionaal uitwisselen wat deze grote verandering van ons vraagt en hoe we daar onze aanpak op kunnen bijstellen.

5

Programma met activiteiten Zoals in de inleiding is aangeven: er lopen landelijk nog bestuurlijke gesprekken over essentiële randvoorwaarden voor dit regioplan: budgetten, monitorsystemen en kwaliteitseisen. Het extra budget in de vorm van een decentralisatie-uitkering is

beschikbaar gesteld voor 2020 en 2021. Om die reden wordt ook het programma met activiteiten voor de duur van 1 jaar opgesteld. Zodra er meer duidelijkheid is over het bestuursakkoord en budgetten over de periode 2022 tot 2025 zal het programma met activiteiten worden uitgebreid. De volgende activiteiten zijn in de regionale werkgroep afgestemd en overeengekomen:

Doelen Doelstelling 1 (bereik en NT1)

Doelstelling 2 Kwaliteit en monitor

Activiteit Regionale communicatie van regioplan:  Bestuurlijk (Regionaal werkbedrijf)  Stakeholders  Doelgroepen Opstellen plan van aanpak per gemeente. Gemeenten stellen daarvoor een format op. Onderdeel hiervan zijn borging van de screening op basisvaardigheden, regievoering op inwonerniveau en procesbeschrijving in de lokale taalsamenwerking. Participeren faciliteren van een onderzoeksvoorstel naar werkzame interventies bij inwoners op het raakvlak van laaggeletterdheid en armoede. Jaarlijks bespreken van de lokale methodieken op regionaal niveau op basis van gezamenlijke rapportage van Taalpunten. De werkgroep stelt hier een format met vragen op. Bijstellen doelstellingen op basis van nulmeting monitor en de 10 landelijke maatregelen. Verkenning, besluitvorming en aansluiting monitorsysteem:

Planning 2021Q:

regie Centrumgemeente in afstemming met de regio

2021Q1

Gemeenten

2021Q1

Centrumgemeente

2020Q2

Regionale werkgroep geeft opdracht aan regionaal ondersteuner van de Taalpunten.

2021Q3

Resultaat eerste resultaat monitor

2021Q1

Regionale werkgroep

Bespreken resultaat certificering Taalpunten en taalsamenwerking (wat zijn ontwikkelpunten voor de regio?) Voortzetting regionale ondersteuning Taalpunten. Opdracht is nu voor 1 jaar verstrekt. Voorstel is om voor 1 jaar te verlengen en in september 2022 te evalueren. Budgetverdeling WEB jaarlijks

2021Q1 (of eerder)

Werkgroep

2022Q2

Regionale werkgroep

2021Q4 tot 2024Q4

Doelstelling 3 Regie gemeenten

6

Verdere uitwerking van de visie op regie (centrum)gemeente samen met stakeholders. Resultaat leidt regionale werkafpraken over rollen, financieringsstromen en samenwerking tussen bibliotheken, Taalpunten, gemeenten, provincie, leerwerkloket, Stichting Lezen en Schrijven en UWV. Verkenning beleid laaggeletterdheid in relatie andere beleidsvelden en integrale uitvoering. Om de 2 jaar bespreken van behaalde doelen en bijstelling van het programma.

2021Q2

Centrumgemeente organiseert in afstemming met de werkgroep.

2021Q1

Zwolle, Hardenberg en Steenwijkerland met Stichting Lezen en schrijven Centrumgemeente organiseert

2022Q3 en 2024Q3

Financiën In het oorspronkelijke bestuursakkoord wordt een extra budget verstrekt in de vorm van een decentralisatie-uitkering. Daarmee wordt beoogd de gemeentelijke regierol verstrekken: “het Rijk aan de 35 contactgemeenten per 2020 een decentralisatie-uitkering in het Gemeentefonds beschikbaar voor het versterken van hun regierol op beleidsniveau. Het beschikbare bedrag loopt op van € 5 miljoen in 2020 tot € 7,3 miljoen in 2024 (2021 € 5,5; 2022 € 6,05; 2023 € 6,65 miljoen). Contactgemeenten besteden het budget, in overleg met de andere gemeenten in hun regio, op een manier die aansluit bij de regionale en gemeentelijke opgaven en doelen. Zo ontstaat bijvoorbeeld ruimte voor coördinatie, signalering, werving, toeleiding, innovatie, kwaliteitsimpuls, monitoring en/of terugkomactiviteiten. Voor de verdeling van de middelen wordt een verdeelsleutel gehanteerd waarbij elke arbeidsmarktregio een jaarlijks basisbedrag van € 100.000 ontvangt, aangevuld met een variabel bedrag dat wordt berekend op basis van dezelfde verdeelsleutel als de WEB-middelen.” Gemeenten wenden desgewenst eigen middelen aan ter versterking van de aanpak. Ook kunnen zij gelet op hun eigen regionaal programma laaggeletterdheid andere Rijksmiddelen sterker in verband brengen met de aanpak van laaggeletterdheid.” Dat laatste is het geval in de gemeenten Zwolle bij Steenwijkerland en Zwolle.

6.1

Bedragen voor arbeidsregio Zwolle Het specifieke WEB budget:  2020 inclusief wijziging  2021 met indexering

€ 1.256.750,€ 1.258.296,-

Decentralisatie-uitkering gemeentelijk regierol:  2020 € 130.738, 2021 € 140.000,In de september circulaire 2019 is dit als volgt gespecificeerd: Arbeidsmarkregio Zwolle totaal € 130.738

6.2

Dalfsen Hardenberg Hattem Heerde Kampen Meppel Oldebroek Ommen Raalte Staphorst Steenwijkerland Westerveld Zwartewaterland Zwolle

€ 1.223 € 3.532 € 562 € 960 € 3.245 € 2.079 € 1.424 € 867 € 1.927 € 895 € 2.392 € 867 € 1.201 € 109.564

Totaal

€ 130.738

Besteding extra budget Voor de specifieke en wettelijke rol van de centrumgemeente zijn tot 2020 door het rijk geen extra middelen verstrekt. Het rijk wil vanaf 2021 de regie op laaggeletterdheid bij gemeenten beleggen. Centrumgemeente Zwolle vervult daarin een coördinerende beleidsrol naast de jaarlijkse verdeling en verantwoording van het WEB budget. Door de besteding aan deze rol wordt de extra inzet van de centrumgemeente geborgd. In de regionale werkgroep de volgende besteding overeengekomen in 2020 en 2021: a. Voor de rol van de centrumgemeente: projectkosten NT1 € 40k per jaar, beleidsregie en coördinatie, verdeling regiobudget en verantwoording € 40k per jaar. b. Kosten van de regionale ondersteuning van alle Taalpunten in de regio € 20k per jaar en voor de duur van 2 jaar.. c. Regionale Verkenning naar en invoer van een passend monitorsysteem: € 20k. d. Regionale communicatie om het bereik van de doelgroep bij stakeholders te vergroten € 10k. Als gevolg. het opzeggen van het bestuursakkoord is de planvorming vertraagd. Hierdoor zal een leeuwendeel van het budget 2020 ingezet worden in 2021. Dit wordt nader afgestemd in de regionale werkgroep.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9883930/2