2. Brief college van 9 januari 2021 over Gebiedsgericht aanpak noordwest Overijssel
Tekst van het document
rl¡l
R-
qemeente ì
Zwørtewa,terlønd Aan de raad van de gemeente Zwartewaterland
Uw brief van
Behandeld door A.M. Kleine Staarman
Uw kenmerk
Bijlage(n) Lt'
Ons kenmerk 20.665
Onderwerp GebiedsgerichteAanpakNoordwestOverijssel
Hasselt, 9 januari 2021
Geachte raadsleden,
Op L7 november 2020 hebben wij de uitgangspunten voor de Gebiedsgerichte Aanpak Noordwest Overijssel (NWO) vastgesteld, Op basis van deze uitgangspunten zal het gebiedsproces, waarbinnen zowel de Regionale Veenweidestrategie als de Gebiedsgerichte Aanpak Stikstof voor Noordwest Overijssel worden uitgewerkt, verder worden vormgegeven en starten met de werkzaamheden. De besluitvorming in Gedeputeerde Staten, de colleges van Burgemeester en Wethouders van de betrokken gemeenten en in het Dagelijks Bestuur van het waterschap (WDODelta) heeft op dezelfde dag plaatsgevonden en de inhoud van het besluit en van deze brief is afgestemd met deze partners in dit gebiedsproces. In deze raadsbrief informeren wij u over de uitgangspunten, maar eveneens over het hoe en waarom van de gebiedsgerichte aanpak. Tevens hebben we besloten dat het rapport Verkenning bodemdaling veenweidegebied Overüssel, een goede bouwsteen is voor de gebiedsgerichte aanpak NWO.
Uitdagingen en opgaven Noordwest Overijssel is uniek met het Nationaal Landschap lJsseldelta en het grootste veenmoeras van noordwest Europa: Giethoorn als de grootste toeristische trekker van ruraal Nederland, De IJsseldelta is Nederland in het klein, een laaggelegen delta waarin veen, klei en zand tussen oude rivierarmen en hooggelegen stuwwallen en keileembulten het landschap en grondgebruik bepalen. Met een bijzondere verwevenheid van landbouw, natuur, bodem, cultuur en recreatieve infrastructuur Met waardevolle kwaliteiten van natuur, water en landschap. In het gebied liggen daarom het Nationaal Park Weerribben Wieden, het Nationaal Landschap lJsseldelta, een deel van de Unescowaardige Koloniën van Weldadigheid en de Natura 2000 gebieden van Oldematen/Veerslootlanden, Wieden-Weerribben, Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht en de lJssel uiterwaarden, Onder de rook van steden als Zwolle, Kampen en Steenwijk, en met historische plaatsen als Hasselt, Zwaftsluis, Genemuiden, Staphorst, Vollenhove en Blokzijl. Het is een levend landschap, waarin wordt gewoond en gewerkt, recreanten worden ontvangen, bijzondere zuivel wordt geproduceerd en de rietcultuur nog leeft. En waar de hooiwinning en biezenverwerking deel uitmaken van de cultuurhistorie.
Diverse organisaties en een groot aantal inwoners neemt de verantwoordelijkheid om bij te dragen aan dit economisch, sociaal en landschappelijk vitale gebied. Uniek in kwaliteiten betekent ook uniek in gebiedsopgaven. In lopende trajecten wordt gewerkt aan die opgaven, zoals aan de Natura 20O0-gebieden, enkele landinrichtingen, de regiodeal Zwolle, en het Nationaal Landschap Nieuwe Stijl. Maar er is meer. De komende decennia komen, met toenemende urgentie vanwege de klimaaWerandering, enkele grote uitdagingen en veranderopgaven bij elkaar in het landelijk gebied. Het gaat daarbij om vier thema's. De uitstoot uan milieubelastende stoffen moet zover terug dat ze andere functies niet beperkt. Het gaat onder andere om broeikasgassen die vrijkomen bij met name veenafbraak (klimaatakkoord), om nutriënten uit geoxideerd veen die de water- en natuurkwaliteit negatief beïnvloeden (Kaderrichtlijn
Water, Natura 2000) en om verzurende en vermestende stoffen die via mest en de lucht in het gebied terecht komen (stíkstofproblematiek). Er komen grote ruimteclaims voort uit de klimaat-, landbouw en voedsel- en energietransitie. Deze claims moeten ingepast worden. Van belang zijn eveneens het behoud en ontwikkeling van waardevolle natuur en landschap, materieel en immaterieel efgoed, beleefbare historie en het bijbehorende toeristische product. En tenslotte moeten we zorgvuldig omgaan met grondstoffen en producttefactoren, zoals onze veenbodem. Nadrukkelijk ook in verband met de knelpunten die het verzakken van de veenbodems met zich meebrengt, zoals een verminderde waterveiligheid, een niet-duuzaam waterbeheer, schades aan infra en bebouwing. Deze uitdagingen in Noordwest Overijssel staan niet op zichzelf. Behoud en versterking van
leefbaarheid, regionale economie en ruimtelijke kwaliteit zijn randvoorwaarden om de veranderopgaven tot een succes te maken. De opgaven moeten dus verbonden blijven met de sterke sociale kwaliteit, gewenste leefbaarheid voor inwoners en ondernemers, samen gaan met de transformatie van de regionale economie en bijdragen aan sterke, gebiedseigen en klimaatbestendige landschappen met ruimtelijke kwaliteit,
Langetermijn perspectief is nodig, visie en strategie Het is duidelijk dat er vele opgaven zijn voor het gebied (zie ook bijlage 1). Bovendien hangen veel opgaven met elkaar samen. Een integrale benadering van die opgaven, om te komen tot een gedragen toekomstperspectief, is daarom essentieel. De gemeenten Steenwijkerland, Staphorst, Zwartewaterland, Zwolle en Kampen, het waterschap Drents Overijsselse Delta en de provincie Overijssel zijn daarom met de voorbereidingen voor een íntegraal gebiedsproces gestaft.
Doel van dit integrale gebiedsproces: Komen tot gedragen regionale veenweidestrategie NWO (Klimaatakkoord) Komen tot gedragen gebiedsagenda stikstof NWO Zorgenvoor duidelijkheid lange termijn voor ondernemers en inwoners Gebiedsgericht en integraal werken aan urgente opgaven Overkoepelend gremium voor lopende gebiedsprocessen Integraal betekent overigens niet persé dat alle opgaven allemaal tegelijkertijd moeten worden samengebracht en uitgevoerd. Het gaat er om de gebiedsgerichte aanpak zo integraal te maken dat je geen essentiële opgaven míst, maar dat is afgebakend daar waar opgaven beter sectoraal of volgordelijk opgepakt kunnen worden. Ook als opgaven een te groot risico vormen voor het proces kan het een keuze zijn die opgaven niet mee te nemen. Belangrijk uitgangspunt is dat we niet vanuit verschillende opgaven steeds opnieuw de mensen in het gebied benaderen, maar dat opgaven en mogelijke oplossingsrichtingen integraal worden opgepakt en zo ook het gesprek over wordt gevoerd. Met een toekomstperspectief willen we zorgen voor duidelijkheid voor de lange termijn voor ondernemers en inwoners.
Ook als we nu alle grote ontwikkelingen en uitdagingen meenemen en we komen tot een toekomstperspectief, zullen er nieuwe uitdagingen komen waar we in Noordwest Overijssel het hoofd aan moeten bieden, Het is daarom de kunst om het toekomstperspectief zo robuust te maken, dat het zich kan aanpassen aan die nieuwe ontwikkelingen.
Samen aan de slag De betrokken overheden werken al enige tijd samen aan een vitaal platteland in het kader van het Interbestuurlijk Programma Vitaal Platteland. In dat kader is een gebiedsagenda opgesteld, waarin bovenstaande uitdagingen zijn verwoord, evenals de aanpak om samen te werken aan dat vitale platteland.
È* o",t,
""r',t"
-l
Zwwtewøterl SamenwerK in Nw-Overijssel
6, Aðñ l¡et werk
o l- rd,/¡, ¡iin b¡jzonder
5. I'leedoen en meebetôler
.'þ ãÊii"1fr
tÌ 2, stëèds ¡n veråñdering ,!_
't
4, Samen de
vorm gevefl
@, 3. Nieuwe vrðtgslukken dðgen uit
We beginnen in noordwest Overijssel niet op nul. Er zijn al veel processen gaande (bijlage 3) en ook versterken we in lBP-verband een aantal projecten dat al is gestart in gemeenten, waterschap en provincie. Voor onze gemeente zijn in deze agenda opgenomen de lopende trajecten en middelen: 1. Versterken, verbinden en herontwikkelen Nationaal Park Wieden Weerribben met aanwezige cultuur-historische hotspots in Noordwest-Overijssel en nieuwe economische drager, 2. Toetsen van de eftectiviteit van onderwaterdrainage met betrekking tot bodemdaling (pilot onderwaterdrainage Rouveen en Zwartewaterland). 3. Onderzoek waterretentie Genemuiden. Het uiWoeren van projecten biedt nieuwe inzichten en geeft energie aan het proces, Verder is er nader onderzoek nodig om beter zicht te krijgen op de veenprocessen, op effecten van maatregelen en op specifieke lokale situaties, Op landelijk niveau, maar ook in Noordwest Overijssel wordt hieraan gewerkt. Visievorming, onderzoek en uitvoering hebben in dit proces een wisselwerking met elkaar.
Verkenning bodemdaling veenweidegebied Noordwest Overijssel Eén van de onderzoeken die al is gedaan en een goede bouwsteen voor de gebiedsgerichte aanpak NWO vormt, is de Verkenning bodemdaling veenwerdegebied Noordwest Overijssel(bijlage 2). Een belangrijke conclusie daaruit is dat er drie deelgebieden zijn te onderscheiden. In de Gebiedsgerichte
aanpak Noordwest Overijssel nemen we die indeling over (met iets gewijzigde benaming): Wieden Weerribben, Staphorster Veld en Polder Mastenbroek / Kamperveen, In de verkenning zijn drie scenario's onderzocht: doorgaan met het peilbeheer zoals dat de afgelopen decennia is gedaan, remmenvan de bodemdaling en stoppen van bodemdaling door veenoxidatie. Per deelgebied is gekeken welke mogelijkheden er voor deze scenario's zijn en welke effecten dat geeft. In het gebiedsproces kunnen vanuit deze basiskennis keuzes worden gemaakt over de inzet van maatregelen voor de verschillende locaties en maatwerk worden betracht.
Inrichting gebiedsproces In het gebiedsproces, zoals dat nu wordt vormgegeven, zal in drie deelgebieden worden gewerkt aan een toekomstperspectief, Dat zal in wisselwerking gaan met de overkoepelende visievorming, zodat het uiteindelijk tot één consistent en gedragen Toekomstperspectief Noordwest Overijssel leidt. Per deelgebied zal er een deelgebiedscommissie worden ingesteld waar overheden en maatschappelijke partners, die betrokken zijn bij dat deelgebied, deel vanuit maken.
Overkoepelend komt er een Regiegroep Noordwest Overijssel die eveneens bestaat uit betrokken overheden en (regionale) maatschappelijke partners. Deze Regiegroep Noordwest Overijssel heeft tevens de rol van Bestuurlijke Gebiedstafel Stikstof. De Regionale Veenweidestrategie en de Gebiedsagenda Stikstof vormen een belangrijk deel van het
toekomstperspectief Noordwest Overijssel. Het korte termijn doel van de Gebiedsgerichte Aanpak Stikstof, het mogelijk maken van stiktofruimte vragende ontwikkelingen, vindt plaats door vraag en aanbod van stiktofruimte bij elkaar te brengen. Die activiteit staat grotendeels los van de strategievorming, maar vindt wel plaats in het kader van de Gebiedsgerichte aanpak Noordwest Overijssel. Om het gebiedsproces vorm te geven, zijn inhoudelijke en organisatorische uitgangspunten opgesteld (zie hieronder). Na accordering van de uitgangspunten door het Bestuurlijk Overleg Noordwest Overijssel (bestaande uit gedeputeerde Ten Bolscher, BD-lid Pereboom en de wethouders Bijl, Mulder, Rietman en Holtland) zijn deze met regionale maatschappelijke partüen besproken en door hen geaccordeerd. Zij hebben ook aangegeven samen met de overheden te willen werken aan het Toekomstperspectief voor Noordwest Overijssel. Vervolgens zijn de uitgangspunten vastgesteld door de Colleges van B&W van de gemeenten Steenwijkerland, Staphorst, Zwartewaterland, Kampen, het DB van het waterschap Drents Overijsselse Delta en GS van Overijssel. Begin 2021 kan het gebiedsproces dan daadwerkelijk van staft.
Uitgangspunten voor gebiedsgerichte aanpak Noordwest Overijssel De uitgangspunten die wij op 17 november 2020 hebben vastgesteld, zijn onder te verdelen in
inhoudelijke (1) en procesmatige (2 t/m 6) uitgangspunten:
I
Met dit gebiedsproces willen we komen tot een toekomstperspectief voor de middellange (2030) en lange termijn (2050) voor Noordwest Overijssel. Een toekomstperspectief voor een leefbaar en vitaal platteland, dat economisch, ecologisch, milieutechnisch en waterhuishoudkundig duurzaam is en goed is om te wonen, werken en recreëren (leefbaarheid). Opgaven die daarbij van belang zijn, zijn: Het tegengaan van bodemdaling (ten behoeve van verminderen uitstoot CO2, opslagcapaciteit van CO2 vergroten, het verduurzamen van de waterhuishouding, het verminderen van schade aan infrastructuur en gebouwen, het tegengaan van verslechtering van de waterueiligheid, het verminderen van de wegzijging van water uit de natuurgebieden, het verbeteren van de waterkwaliteit in de natuurgebieden, verbeteren van de habitat voor weidevogels, tegengaan verdroging) Een duurzame toekomstperspectief voor ondernemers, waarbij'duurzaam' staat voor
a.
b. een evenwicht tussen economie, ecologie en welzijn. c. Vermindering van de stikstofdepositie op de Natura 20O0-gebieden. d. Betere spreiding van recreatie en toerisme (ten behoeve van het voorkomen van het
dichtslibben van het wegennet en watenruegennet, spreiding en eventueel groeimogelijkheden van economische kansen, beleving van de recreanten en toeristen, behoud en beleving cultuurhistorie en leefbaarheid in het gebied). Behouden en ontwikkelen van de verschillende landschappen in het gebied. Energietransitie (bijvoorbeeld ruimte voor zonnevelden, ingepast in het landschap, als bijdrage aan de energietransitie en lokale economie). Bijdragen aan circulaire economie (kringlooplandbouw, gebruik biomassa voor ophogen agrarische grond) Herstel biodiversiteit in natuurgebieden en op agrarische grond. De Gebiedsgerichte Aanpak Stikstof (GGA) voor Noordwest Overijssel maakt integraal deel uit van dit gebiedsproces in Noordwest Overijssel. We nemen kennis van de uitgangspunten Gebiedsgerichte Aanpak Stikstof die Provinciale Staten hebben vastgesteld. We spannen ons in om op basis van de op te stellen gebiedsanalyse een gezamenlijk vertrekpunt te bepalen voor de vervolgens op te stellen Gebiedsagenda. De Regionale Veenweidestrategie Noordwest Overijssel (Klimaatakkoord) maaK integraal onderdeel uit van dit gebiedsproces in Noordwest Overijssel. Het toekomstperspectief Noordwest Overijssel komt samen met gebiedspaftijen tot stand vanuit een overkoepelend perspectief en een perspectief op deelgebiedsniveau. De deelgebiedsperspectieven worden opgesteld door deelgebiedscommissies.
De deelgebiedscommissies worden voorgezeten door een wethouder, die zich ambtelijk kan laten vervangen.
e. f.
S.
2.
3. 4. 5. 6.
h.
È gelneclìte lì
ZwørtewØterlønd i
.,
Hoe wordt u in het proces betrokken? De Gebiedsgerichte aanpak Noordwest Overijssel is de gebiedspecifieke uitwerking van het Interbestuurlijk Programma Vitaal Platteland, van het Klimaatakkoord én van de Gebiedsgerichte Aanpak Stikstof. Binnen de kaders die deze afspraken en programma's stellen, werken we in de gebiedsgerichte aanpak Noordwest Overijssel aan de Regionale Veenweidestrategie en de Gebiedsagenda stikstof voor dit gebied. Rijlç gemeenten en provincies (in IPO verband) tekenden in 2018 het IBP. Provinciale Staten en de VNG hebben in 2019 ingestemd met het Klimaatakkoord en recent in 2020 heeft Provinciale Staten besloten over de Gebiedsgerichte Aanpak Stikstof. De betrokken overheden beschouwen deze opgaven als gezamenlijke verantwoordelijkheid, maar de provincie Overijssel heeft een coördinerende en organiserende rol conform het Klimaatakkoord.
Nadat de Regiegroep Noordwest Overijssel de deelgebiedsperspectieven heeft goedgekeurd, en heeft samengebracht met het overkoepelende perspectief tot één toekomstperspectief Noordwest Overijssel, biedt de RNWO dit ter vaststelling aan, aan de besturen van de betrokken overheden, daar waar het hun grond/werkgebied betreft. De ruimtelijke aspecten van dit toekomstperspectief NWO worden op het juiste schaalniveau opgenomen in een actualisatie van de (provinciale en gemeentelijke) omgevingsvisie, waar de Staten/gemeenteraden over besluiten. Waar mogelijk zullen de resultaten van de participatie van de Omgevingsvisie en Leefbaarheidsplannen als inbreng worden meegenomen. In het Waterbeheerprogramma neemt het waterschap de waterhuishoudkundige aspecten van het toekomstperspectief op.
Financiën De eerder genoemde lBP-VP-gebiedsagenda heeft voor de ingediende projecten van het rijk een
bedrag van 4,39 miljoen euro ontvangen. De regio zet daar van haar kan aanvullend 22 miljoen euro (bestaand budget als regionale bijdrage aan de Regiodeal) naast voor de realisatie van die projecten
In het kader van het Klimaatakkoord, heeft het rijk zogenaamde impulsgelden beschikbaar gesteld voor maatregelen die op korte termijn genomen kunnen worden én daarmee een impuls geven aan de opgave om de CO2-uitstoot door de oxidatie van veen terug te brengen. Noordwest Overijssel heeft hieruoor 15 miljoen euro ontvangen. Alle ontvangen middelen zijn overgemaakt naar de provincie Overijssel, die als beheerder van de middelen optreedt. Dat geld zal voornamelijk worden ingezet voor het aankopen van gronden / bedrijven waar door het opzetten van het peil, veenoxidatie kan worden geremd of gestopt. Inzet is om zoveel mogelijk doelen met de specifieke aankopen te realiseren (stapeling van doelen). Een ander deel van het geld zal worden besteed aan het aankopen van grond, die op een later moment ingezet kan worden als ruilgrond of om extensivering van agrarische bedrijven mee mogelijk te maken, In alle gevallen zal daarmee de CO2-uitstoot mee gereduceerd moeten worden en liefst ook de stikstofuitstoot. Vanuit de provincie Overijssel wordt voor dit doel (impulsgelden Klimaatakkoord) aanvullend 19 miljoen euro bijgedragen, uit bestaand provinciaal budget voor de Natura 2000 opgave. Tenslotte is in het provinciale Coalitieakkoord 3 miljoen euro opgenomen voor de veenweideproblematiek. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Zwartewaterla de
de secretaris,
drs. D.S. Ruddijs
Bilder