2. Brief college van 25 april 2022 over Voornemen vaststelling beleidsregel 'Extra woning in het buitengebied van gemeente Zwartewaterland'
Tekst van het document
-\ gemeente ì
Zti)ørtewøtarlønd, Aan de raad van de gemeente Zwaftewaterland
Uw brief van
Behandeld door I. Bieleman/I. Boerman
Uw kenmerk
Bijlage(n)
Ons kenmerk 20.797
Ondentlerp
HasselÇ 25 april2022
Voornemen vaststelling beleidsregel 'Extra woning in het buitengebied van de gemeente Zwaftewaterland'
Geachte raadsleden,
Vrij regelmatig ontvangen wij initiatieven met betrekking tot het toevoegen van een woning op erven in het buitengebied. Het huidige beleid, verankerd in het bestemmÍngsplan'Buitengebied Zwaftewaterland' en het'Parapluplan Wonen', biedt onvoldoende ruimte om tegemoet te kunnen komen aan al deze initiatieven. In de afgelopen periode hebben wij onderzocht of we meer flexibiliteit kunnen bieden. Op basis van ons onderzoek hebben wij een beleidskader ontwíkkeld, waaryan wij voornemens zijn deze vast te stellen. Omdat thema's als wonen en het buitengebied regelmatig onderwerp van gesprek zijn tijdens uw raadsvergaderingen, willen wij uw raad in kennis stellen van ons voornemen. Het beleidskader dat wij nu aan u kenbaar maken omvat regels voor het toevoegen van een permanente woonfunctie. De vaststellíng van een beleidsregel is een collegebevoegdheid. Wij hebben de beleidsregel nog niet
vastgesteld, omdat deze op grond van de Inspraakverordening Zwartewaterland, eerst 6 weken voor inspraak ter inzage ligt. Inspraakreacties worden meegewogen bij de uiteindelijke besluiWorming.
Wat hebben we bij de afweging betrokken? Het buitengebied kent primair een (groen) agrarisch karakter in combinatie met reguliere woonfuncties. Zowel provinciaal beleid als gemeentelijk beleid is gericht op tegengaan van verstening van het buitengebied en het behouden en versterken van de ruimtelijke kwaliteiten. Gevolg hiervan is dat ontwikkelmogelijkheden vooral gericht zijn op bestaande erven en zeer terughoudend wordt omgegaan met uitbreiding van het aantal eruen. Deze grondhouding is ook meegenomen in de gemaakte afweging. Het aanvullende beleid past bíj de uitgangspunten van onze Omgevingsvisie, Woonvisie en sluít aan op onze leefbaarheidsplannen. Ook is rekening gehouden met de in ontwikkeling zijnde bouwsteen Wonen en toekomstige ontwikkeling van beleid Buitengebied. WU hebben als uitgangspunt genomen dat per perceel één woning toegevoegd kan worden. Dit l¡jkt ons passend bij het karakter van het buitengebied. In uitzonderlijke situaties ís er altijd de ruimte om maatwerk te leveren. Naast de actuele thema's die zijn beschreven in onze visiedocumenten spelen ook nog tal van andere opgaven in de toekomst een rol. Bijvoorbeeld maatregelen die kunnen volgen uit de Gebiedsgerichte aanpak Noordwest Overijssel en de Regionale Energie Strategie. Ook deze thema's zullen van invloed zijn op de toekomstige invulling van het buitengebied.
Op welke wijze is echter nu nog niet volledig duidelijk.
Welke mogelijkheden bieden we? Met een scenarioanalyse hebben we geïnventariseerd welke scenario's aan de orde kunnen zijn wanneer een woning op een erf wordt toegevoegd. Er is onderscheid gemaakt tussen de aanwezige functies (wonen of bedrijfsmatig), omdat de gebruiksfunctie mede bepaalt of wonen de primaire functie is of ondergeschikt is aan de hoofdfunctie. Na añrueging van de voordelen en nadelen zijn de volgende scenario's nader geduid in het beleidskader:
Woone¡f
1. Realiseren van een tweede woning binnen een þestaand hoofdvolume, aldan niet met een uitbrerding hierop of veruanging hieruan.
2. Realiseren van een tweede woning binnen een þestaand bi¡'gebouw. 3. Herontwikkeling van het volledige erf
4 &n nleuwe vrllMande wonlng ap een þætaønd sf toevrye¡l, vefgroten om
5.
lúruln¡te te
De scenario's 1 tot en met 3 zien wij als passende mogelijkheid voor het realiseren van een extra woning. Deze scenario's hebben ruimtelijk gezien een relatief lage impact en concentreren zich binnen de
bestaande erfcontouren. Afhankelijk van de situatie ter plaatse kan bepaald worden welk van deze scenario's het meest passend is. Gezien de impact op het landschap en de mogelijke invloed op omliggende (agrarische) bedrijven worden scenario's 4 en 5 in beginsel als niet wenselijk beschouwd. Hierb¡- is het denkbaar dat deze scenario's in een zeer uitzonderlijk geval en tegen de juiste compensatie toch mogelijk zijn. In dit geval moet worden aangetoond dat de scenario's 1 tot en met 3 niet haalbaar zijn.
Dit scenario leidt tot extra verstening in het buitengebied en heeft grote invloed op de landschappelijke en karakteristieke waarden van het buitengebied. Ook kan dit scenario beperkingen opleveren ten opzichte van andere opgaven in het buitengebied. Dit is ongewenst, hierom wordt scenario 6 in beginsel uitgesloten.
(Agra risch) bedrijfseú
1. Het realiseren van een tweede bedrijfswoning door het realiseren van een'twee-onder-ééndakcwoning, al dan niet door uitbreiden van de bestaande bedr¡¡'fswoning of veruanging hieruan.
Voor de (agrarische) bedrijfserven zijn er twee scenario's geanalyseerd. De keuze hiervoor vindt z'n grondslag in de primaire gebruiksfunctie (=bedrijfsmatig) waarbij het wonen ondergeschikt is. Wel kan een woning grote impact hebben op het eigen bedrijf en dat van naastgelegen bedrijven, met name op gebied van milieu. Om deze reden menen wij toch enigszins terughoudend om te moeten blijven gaan met wonen op (agrarische) bedrijfserven.
Het uitgangspunt is huisvesting van twee huishoudens binnen één volume. Een nieuwe vrijstaande bedrijfswoning blijft enkel mogelijk op basis van de huidige bepalingen van het bestemmingsplan.
Welke randvoorwaarden zijn van toepassing? initíatiefnemers zijn er zelf verantwoordelijk voor om aan te tonen dat hun ontwikkelingen geen significante negatieve effecten op de omgeving hebben. Een extra woning mag bijvoorbeeld geen nadelige gevolgen hebben voor de bedrijfsvoering van eventuele omliggende bedrijven of aanwezige ka rakteristieke en- natuurlijke waarden.
-\ qelncente ì
Zwørtewøterlønd Daarnaast dienen ontwikkelingen ruimtelijk te worden ingepast. De'Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving' (KGO) is en blijft van toepassing op ontwikkelingen in het buitengebied. Het basisprincipe van de KGO is dat ontwikkelingsruimte en kwaliteitsprestaties in evenwicht moeten zijn. Uit een ruimtelijke onderbouwing moet blijken welke effecten een woning op de omgeving heeft. Hiervoor zijn randvoorwaarden opgenomen in het beleidskader.
Waar is de beleidsregel niet voor bedoeld? Het is niet de bedoeling dat dit beleidskader een significante bijdrage gaat leveren aan het invullen van onze algehele woonbehoefte. De bouwsteen Wonen zal hier nadere duiding aan gaan geven. Bij transformatie van bestaande agrarische bedrijfserven blijft het huidige VAB (vrijkomende agrarische bebouwing) beleid van toepassing. In deze situaties dient een daarop gerichte maatwerkañrueging te worden gemaakt. Momenteel onderzoeken wij nog op welke manier wij ruimte kunnen bieden voor de behoefte aan prémantelzorgwoningen. Daarnaast is dit beleidskader niet bedoeld om het vigerende beleid te overschrijven. Het kader is bedoeld om, aanvullend op het huidige beleid, meer flexibiliteit te bieden.
Hoe nu verder? Zoals aan het begin van deze brief aangegeven ligt het beleidskader voor inspraak ter inzage. Wanneer inspraakreacties aanleiding geven tot ingrijpende wijziging van het beleidskader zullen wij uw raad
hierover nader informeren.
Wij venruachten uw raad hiermee voldoende geinformeerd te hebben Hoogachtend, Bu rgemeester en wethouders va n Zwa rtewaterla nd de bu de secretaris,
E.J. Bilder
drs. D.S. Ruddijs
Postadres Postbus 23 8060 AA Hasselt
Bezoekadres
Telvorenstraat 2 8061 CB Hasselt
Telefoon 14038
Internet
BNG BanK
info@zwartewaterland. nl wvrrw. zwa ft ewaterla nd. n
IBAN Reken¡ngnummer: NL91 BNGH 0285 0928 71
I