J Definitieve reflectie onderzoek LJW dd 14-06-22 (Woo)
Tekst van het document
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022
Reflectie op het onderzoeksrapport en het proces Woord
vooraf
Deze reflectie gaat in op de ontwikkelingen die in de afgelopen maanden hebben plaatsgevonden, de door de gemeente gevolgde procedure, het onderzoeksrapport van Hoffmann en de hierop volgende besluitvorming van de gemeente. Deze reflectie vloeit
voort uit mijn eerdere concept-reflectie van 22 mei 2022. Ik heb destijds gekozen voor het geven van een concept-reflectie omdat ik een onafhankelijke derde partij had verzocht een contra-expertise te doen naar het onderzoeksrapport van Hoffmann. Ik was nog in afwachting van dat rapport toen de
burgemeester mij gebood om mijn mondelinge zienswijze te geven. Hierover later meer. Inmiddels heb ik het rapport van de contra-expertise ontvangen en ongewijzigd ter beschikking gesteld aan de gemeenteraad van Zutphen. De inhoud van de contra-expertise heeft niet geleid tot inhoudelijke aanpassingen van deze reflectie. Wel heb ik deze reflectie
verder verduidelijkt en aangevuld naar aanleiding van de ontwikkelingen die na oplevering van het rapport van Hoffmann hebben plaatsgevonden. Vanaf het begin heb ik steeds gewezen op het belang van een zorgvuldig proces voor alle betrokken partijen. Ik heb gevraagd om zorgvuldig hoor en wederhoor en mij onthouden van
het doen van inhoudelijke uitspraken in het openbaar en in de pers. In het belang van alle betrokken partijen en van het onderzoek. Ik heb mijn volledige medewerking verleend en, in tegenstelling tot wat door andere wordt gesuggereerd, heb ik het proces niet getraineerd of enige vorm van openbaarheid van documenten tegengehouden. Sterker nog, ik heb meermaals aangegeven niets te verbergen te hebben en dit per email aan zowel de
voorzitter van de gemeenteraad als de fractievoorzitters laten weten. Tot mijn verdriet is het mij structureel onmogelijk gemaakt mijzelf te verdedigen en ondanks mijn herhaalde verzoeken is het proces verre van zorgvuldig verlopen. Besluitvorming vanuit de zijde van de gemeente is in gang gezet, zonder dat men kennis had genomen van mijn
volledige zienswijze, zonder dat men — ondanks dat ik in mijn concept-reflectie al de nodige kritische kanttekeningen had geplaatst ten aanzien van het rapport van Hoffmann - de contra-expertise heeft afgewacht. Alle zaken hebben twee kanten. Maar in deze kwestie lijkt men maar o0g te hebben voor één kant. Ondanks dat de nodige besluiten en gevolgen zich
al hebben gerealiseerd, acht ik het van groot belang hieronder een overzicht van mijn kant van het verhaal te geven. Inleiding Na een anoniem bericht aan de krant over een wethouder, drie weken voor de
gemeenteraadsverkiezingen, meldde de burgemeester mij dat zij een interview zou geven omdat zij het vermoeden had dat de anonieme brief over mij ging. Gevraagd naar de reden van dat vermoeden, gaf de gemeentesecretaris aan een week eerder een gesprek met een medewerker te hebben gehad over mij. De betreffende medewerker zou een ‘signaal’ hebben gegeven over mij. Het is goed te benadrukken dat de betreffende medewerker geen
concrete melding in het licht van grensoverschrijdend gedrag of de klokkenluidersregeling had gedaan.
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022 Op geen enkel moment gedurende het proces en het onderzoek wordt duidelijk wat nu precies de signalen zijn. Ondanks herhaaldelijk verzoek van mijn kant om informatie en
duidelijkheid. Zelfs tijdens het moment dat ik door Hoffmann werd gehoord (en dus “wederhoor” wordt toegepast) werd ik niet geïnformeerd over de inhoud van de signalen dan wel meldingen. Pas bij het lezen van het definitieve rapport krijg ik een summier beeld van wat er speelt, maar de volledige context ontbreekt nog altijd. Hierdoor is het naar mijn oordeel nog steeds niet mogelijk om volledig wederhoor toe te passen. De meldingen gaan over het ervaren van gekwetstheid of intimidatie. Hoewel ongrijpbaar, is dat iets wat ik altijd heb geprobeerd te vermijden. Ik heb mij altijd gericht op de inhoud van het werk en nooit de bedoeling gehad medewerkers persoonlijk te kwetsen. Samenwerking
moet voor alle partijen prettig en constructief zijn en daar horen deze gevoelens niet bij. Hierbij dan ook mijn excuses aan de anonieme mensen die deze gevoelens ervaren hebben. Op geen enkele wijze probeer ik om met deze reflectie afbreuk te doen aan de gevoelens van mensen. Toch ontkom ik er niet aan enkele zeer kritische noten te plaatsen bij het
onderzoek. Om daarbij zo transparant en objectief mogelijk te zijn, heb ik een onafhankelijke derde partij verzocht het onderzoek en het rapport te beoordelen. Deze contra-expertise is op 13 juni 2022 opgeleverd. Voor mij als beklaagde is deze reflectie de enige mogelijkheid om mijn kant van het verhaal
te laten horen. Tot op heden is mij elke mogelijkheid tot weerwoord en verdediging ontzegd. Ik vind het van groot belang dat een zorgvuldig proces plaatsvindt waarbij op adequate wijze invulling wordt gegeven aan hoor en wederhoor en waarbij recht wordt gedaan aan de belangen van alle partijen in het proces. Naar mijn mening is dat tot op de dag van vandaag niet aan de orde.
Voor mij betekent een zorgvuldig proces onder meer dat mijn eerdere concept-reflectie, deze definitieve reflectie en de contra-expertise op het onderzoekrapport onderdeel moeten uitmaken van de documentatie van het onderzoek en hier onlosmakelijk aan verbonden zijn. Dit heb ik tot op heden ook als zodanig gecommuniceerd. Hierdoor kan het
onderzoekrapport van Hoffmann nooit zonder mijn reflectie en de bijbehorende contraexpertise worden verstrekt of ter inzage worden gelegd. Dit omdat anders een eenzijdig en onvolledig beeld ontstaat dat mede voortkomt uit het feit dat de insteek van het onderzoek een quasi strafrechtelijk voorkomen heeft en uitgevoerd is door een recherchebureau dat onderzoeken uitvoert gericht op het vinden van daders. Tot mijn spijt moet ik concluderen dat de gemeente geen gehoor heeft gegeven aan het feit
dat mijn (concept-)reflectie onlosmakelijk verbonden zou moeten zijn met het rapport. Hoewel dit in een kort overleg op 23 mei 2022 in aanwezigheid van de wederzijdse
advocaten nadrukkelijk is gesteld, heeft de gemeente besloten toch de samenvatting van het rapport nog diezelfde avond openbaar te maken zonder mijn concept-reflectie en ook zonder mijn gespreksverslag uit het rapport van Hoffmann. Ik heb geen enkel bezwaar tegen openbaarmaking en heb niets te verbergen. Echter ben ik wel van mening dat de gemeente in deze onzorgvuldig gehandeld heeft en hiermee bewust een frame heeft gecreëerd wat
heeft geleid tot verdere onterechte beschadiging en aantasting van mijn reputatie in de (landelijke) media.
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022 Wederom getuigt dit handelen er naar mijn mening, van dat er onvoldoende 008 is voor de belangen van mij als beklaagde. Meldingen over grensoverschrijdend gedrag dienen voor
zowel de slachtoffers als beklaagden zorgvuldig te worden behandeld. Dit vraagt een vergaande mate van professionaliteit en zorgvuldigheid van betrokken partijen. Helaas kan ik niet anders concluderen, dan dat dit in deze situatie niet voldoende is nagestreefd. Proces
Toen de burgemeester en gemeentesecretaris mij op dinsdag 22 februari 2022 op de hoogte stelden van het feit dat er een anonieme brief aan de pers was gestuurd over een wethouder en dat zij het vermoeden hadden dat dit over mij ging, heb ik aangegeven mijn volledige medewerking te geven aan het proces en een eventueel onderzoek.
De burgemeester heeft verklaard dat ik zelf om een onderzoek heb verzocht. Dit is niet correct. Ik heb aangegeven medewerking te verlenen aan een eventueel onderzoek. Deze nuance dient wel gemaakt te worden. Mijn medewerking heb ik in de afgelopen maanden
naar eer en geweten geleverd. Toch heb
ik van het begin af aan en ook gedurende het proces, grote vraagtekens gehad bij de werkwijze, de gevolgde procedures en de rol die verschillende partijen hebben gespeeld. Vanaf het eerste moment heb ik geen enkele steun ervaren. Ik ben niet gewezen op mijn rechten en kreeg geen informatie over wat er nu daadwerkelijk aan de hand was. Meermaals heb ik gevraagd of er officiële klachten waren en welke procedures zouden worden gevolgd.
Hierover kreeg ik geen duidelijkheid. De gemeentesecretaris meldde mij alleen dat zij ruim een week daarvoor een gesprek had gehad met een medewerker. Om even later te melden dat het opeens ging om meerdere medewerkers. Het blijft voor mij nu nog steeds onduidelijk wat de aanleiding is geweest om te komen tot een zwaar en belastend onderzoek.
Ook als het gaat om de kosten die gemaakt worden in dit proces blijft de gemeente in gebreke. De ‘klachten’, zeker die van de externen, zijn ingediend tegen mij in mijn functie als
wethouder. Niet als privépersoon. Dit betekent dat de gemeente mij had moeten ondersteunen en mijn verdediging had moeten organiseren. Hiervoor is de gemeente, net
als alle andere gemeenten in Nederland, zelfs verzekerd. De gemeente heeft nagelaten dit te doen en ik heb mijn eigen verdediging en ondersteuning met alle bijkomende kosten moeten regelen. Hetgeen mij vreemd genoeg zelfs werd verweten door de burgemeester. Men stelde dat ik door mijn eigen verdediging te regelen, zelf de verhoudingen op scherp had gezegd. Dit verwijt kan ik in geheel niet plaatsen en acht ik ook onbegrijpelijk. Dit terwijl
de gemeente wel allerlei onderzoeken naar mij is gestart en royaal gebruik maakt van de diensten van de huisadvocaat op kosten van de gemeenschap. Klokkenluidersregeling
Uiteindelijk gaf de gemeente aan dat het onderzoek zou plaatsvinden op basis van de klokkenluidersregeling. Aangezien ik inhoudelijk niet bekend was met deze regeling heb ik deze opgevraagd. Ik kreeg slechts een aantal pagina's uit de totale regeling toegezonden. Uit
deze pagina's bleek dat niet werd voldaan aan de voorwaarden om over te gaan tot (extern) onderzoek. Op grond van de klokkenluidersregeling moeten er namelijk meldingen zijn die
schriftelijk zijn bevestigd.
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022 Daarnaast stelt de klokkenluidersregeling ook nog voorwaarden aan de melders. Zij dienen binnen 12 maanden na het vertrek uit de organisatie, de melding doen. Onduidelijk is of aan dit vereiste
is voldaan.
Meermaals heb ik gevraagd om inzage te krijgen in eventuele klachten en meldingen. Er bleken geen klachten en ook geen schriftelijk bevestigde meldingen te zijn. Mijns inziens betekent dit dat er geen grondslag was om de klokkenluidersregeling toe te passen. Toch
heeft de gemeente gemeend dat het, in het kader van een zorgvuldig proces, juist was om de klokkenluidersregeling toe te passen. Ik ben van mening dat de gemeente hier heeft
nagelaten de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit! in overweging te nemen. Onderzoeksopdracht en uitspraak Volt Toch ging de gemeente over tot onderzoek. Mij werd gemeld dat dit een intern onderzoek zou zijn dat door een externe partij (Hoffmann Bedrijfsrecherche) zou worden uitgevoerd. Ik heb geen inspraak gehad in de keuze voor het onderzoekbureau. Daarnaast heb ik ook geen inspraak gehad in de geformuleerde onderzoeksopdracht. Deze is mij toegezonden op het
moment dat deze ook al was toegezonden aan het college. Ik heb dan ook geen enkele invloed meer kunnen uitoefenen. Mijn advocaat heeft nog aanvullende vragen gesteld, maar hier is niets meer mee gedaan. Omdat op dat moment de situatie rond Volt speelde heb ik de gemeente gewezen op de uitspraak van de Rechtbank over het mee kunnen beslissen
over de keuze voor een onderzoeksbureau en de onderzoeksopdracht.? Interessant hierbij is ook de analyse van Capra Advocaten over deze uitspraak’. Capra Advocaten is ook de huisadvocaat van de gemeente. Saillant detail is dat in de
brochure* van Capra duidelijk te lezen valt dat Hoffmann Bedrijfsrecherche de partner is van Capra. Dat roept de vraag op hoe de gemeente gekomen is tot het besluit om Hoffmann
Bedrijfsrecherche in te schakelen voor dit onderzoek en of de gemeente bij het verlenen van de opdrachten de eigen aanbestedingsregels wel heeft gehanteerd? Klachten
inwoners
Ondertussen had de lokale pers meermaals bericht over de situatie. Hierbij werd vooral de
gemeentesecretaris veelvuldig geciteerd. Persoonlijk ben ik van mening dat enige terughoudendheid van de gemeentesecretaris hierin had gepast. Zorgen voor het welbevinden van medewerkers hoeft niet te worden gerealiseerd door het veelvuldig stigmatiseren van een wethouder in de pers.
De aandacht in de pers heeft ertoe geleid dat inwoners klachten hebben ingediend bij de gemeente. De burgemeester informeerde mij op 15 maart 2022 in een informeel gesprek dat er twee klachten waren binnengekomen. Daarnaast gaf zij aan dat deze klachten in handen van Hoffmann waren gesteld om mee te nemen in het lopende onderzoek. Ook
vernam ik dat één van de klachten al inhoudelijk was gedeeld en besproken met alle fractievoorzitters. Ik kreeg pas inzage in de twee klachten nadat mijn advocaat hier officieel om
had
verzocht.
+ https://www.burgemeesters.nl/themas/openbare-orde-en-veiligheid/proportionaliteit-en-subsidiariteit,
? https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBAMS:2022:1089 3 https://capra.nl/wat-we-kunnen-leren-van-de-zaak-g-tegen-volt, * https://capra.nl/wp-content/uploads/2019/10/Brochure-Feiten-en-integriteitsonderzoeken-201910.pdf
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022 Klachtenregeling De gemeente Zutphen kent een duidelijke klachtenregeling waarbij eerst altijd een informeel
gesprek plaatsvindt met de klagers. Wanneer de klachten niet naar tevredenheid van de klagers zijn besproken/opgelost dan is de volgende stap het inschakelen van de ombudsman. Bij de behandeling van deze twee klachten van inwoners is de gemeente afgeweken van de eigen procedures en heeft gekozen voor escalatie. Hoffmann voert het vooronderzoek uit op
grond van de nog vast te stellen concept ‘Gedragscode integriteit burgemeester en wethouders gemeente Zutphen 2022'. Een gedragscode die niet vast is gesteld en zelfs nog niet besproken is in de gemeenteraad. Naar mijn mening raakt dit aan het
legaliteitsbeginsel5 en worden mijn rechten hier opnieuw geschonden. Ook hier ben ik van mening dat de gemeente heeft nagelaten de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit in overweging te nemen. Selectie respondenten Uit het rapport van Hoffmann blijkt dat gesproken is met 16 (oud)medewerkers. Mij is
steeds verteld dat er 15 personen waren die meldingen hadden gedaan. Inmiddels is duidelijk geworden dat dit niet het geval is. Verschillende personen hebben aan mij aangegeven gericht te zijn benaderd om in gesprek te gaan met Hoffmann zonder dat zij een melding hebben gedaan. Daarnaast hebben enkele oud-medewerkers aangegeven te zijn gebeld door de HRM afdeling met de vraag of zij een klacht hadden. Ook heeft de gemeentesecretaris meermaals berichten op intranet geplaatst om mensen op te roepen zich te melden. Hoewel dit laatste lijkt te getuigen van goed werkgeverschap, wordt hiermee ook een 'sfeer’ gecreëerd waarbij elke medewerker die enig vorm van onvrede ervaart zich kan melden om anoniem de wethouder aan de schandpaal te nagelen. Daarnaast is gebleken dat verschillende medewerkers zich gemeld hebben bij de directie met de mededeling dat zij het niet eens waren met de gang van zaken en een ander geluid wilden laten horen. Deze medewerkers is structureel de toegang tot het onderzoek en Hoffmann geweigerd. Dit betekent dat er een filter zat op wie er gehoord zijn en specifiek
geselecteerd is op mensen die aangaven negatieve ervaringen met mij te hebben gehad. Het doel was dus niet om een compleet en objectief beeld te verkrijgen, maar het onderzoek lijkt puur en alleen gericht op het brandmerken van mij als dader en het toebrengen van reputatieschade.
Uit het rapport van Hoffmann blijkt dat van de 16 (oud)medewerker die Hoffmann gesproken heeft4 personen geen eigen ervaringen hadden waarbij mijn gedrag als kwetsend of intimiderend is ervaren. Dit lijkt niet te stroken met het feit dat de gemeente steeds gesteld heeft dat 15 personen een melding hebben gedaan en dat deze allemaal gehoord
zouden worden. Daarnaast lijkt het mij dat de 4 personen die geen eigen ervaringen hadden mogelijk ontlastende verklaringen hebben afgelegd. Hiervan is echter niets terug te vinden in de rapportage van Hoffmann.
https://prodemos.nl/kennis-en-debat/publicaties/informatie-over-politiek/wat-is-een-
rechtsstaat/legaliteitsbeginsel/
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022 Terwijl Hoffmann wel stelt (Rapport, dossier 22203003 pagina 11): ‘Met deze medewerkers is wel gesproken om een zo zuiver mogelijk beeld te krijgen. Als vanzelfsprekend zijn ook de
uitkomsten van deze gesprekken betrokken in het onderzoek.’ Heeft Hoffmann er dus bewust, al dan niet op verzoek van de opdrachtgever, voor gekozen om alleen belastende verklaringen in het rapport op te nemen? Daar komt bij dat Hoffmann in datzelfde rapport (pagina 11) ook duidelijk aangeeft dat er
gespreksverslagen zijn gemaakt van de gesprekken met de desbetreffende medewerkers, maar dat deze in het kader van de vertrouwelijkheid niet aan de medewerkers en de opdrachtgever, de gemeente Zutphen, zijn verstrekt. Dit betekent dat er geen mogelijkheid is om te toetsen of naast allerlei belastende verklaringen er ook ontlastende verklaringen
zijn gegeven die (bewust) niet zijn opgenomen in het rapport. Dat roept de vraag op waarom de gespreksverslagen niet, net als bij het externe onderzoek, geanonimiseerd beschikbaar kunnen worden gemaakt? Dit om een echt compleet en mogelijk meer genuanceerd beeld te krijgen van wat er precies door de (oud)medewerkers is
ingebracht. Wat ik aantrof in 2018
Misschien is het goed om, voordat ik verder inhoudelijk op het onderzoek in ga, iets te schetsen over wat ik aantrof bij mijn aantreden in 2018. Het is namellijk niet voor niets dat
de VVD in mei 2018 een wethouder van buiten heeft voorgedragen. Bij de start van het college in 2018 kregen wij namelijk de boodschap mee ‘orde op zaken’ te stellen omdat het binnen de organisatie een ‘puinhoop’ was. Al vanaf de start merkte ik op dat er geen structuur was. Er waren geen overdrachtsdossiers.
Afspraken met inwoners, organisaties en bedrijven, maar ook intern binnen de eigen organisatie werden niet vastgelegd. Dat tast de rechtszekerheid van partijen aan. Veel inwoners en bedrijven voelden zich daardoor in de kou gezet omdat gemaakte afspraken niet meer terug te vinden waren.
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) Dit terwijl het college er net achter was gekomen dat de gemeente structureel £ 13,5 miljoen moest bezuinigen. Er was geen financieel besef, geen structuur en geen verslaglegging. Ambtenaren kwamen even langs op de kamer van de wethouder om te vragen hoe die in een dossier zat om er vervolgens verder mee te gaan naar eigen believen. Geen duidelijke afspraken, geen politieke richting en duiding, maar wel een groot afbreukrisico voor een
wethouder. Ik was de enige wethouder die in de eerste drie maanden structureel portefeuillehoudersoverleggen had omdat ik die zelf had ingeregeld.
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022 Personeelsdossiers waren niet op orde. De vorige interim-gemeentesecretaris concludeerde dat er sprake was van een verwaarloosde organisatie. Deze conclusie is door de huidige
gemeentesecretaris overgenomen. De vraag is wat heeft zij de afgelopen jaren met deze conclusie gedaan? Zeker wanneer medewerkers geen gebruik lijken te maken van interne faciliteiten zoals de vertrouwenspersoon, maar drie weken voor de verkiezingen wel een anonieme brief over een wethouder naar de pers sturen. Het onderzoek
Onderzoeksopdracht De onderzoeksopdracht lijkt te zijn ingegeven door een signaal dat bij de gemeentesecretaris
is binnengekomen. Een signaal dat de gemeentesecretaris nooit met mij heeft besproken, maar dat wel meteen leidt tot een onderzoek nadat er een anonieme brief, drie weken voor
de verkiezingen, naar de pers is gestuurd. Daar komt bij dat de onderzoeksopdracht die de gemeente (zonder inspraak van mijn kant)
heeft verstrekt aan Hoffmann zeer beperkt is. Er is sprake van een gesloten, bevooroordeelde en vooringenomen opdracht. Het enige dat Hoffmann diende te doen was
‘Vaststellen welke interne signalen/meldingen er over de wethouder zijn, en deze zoveel als mogelijk te kwalificeren’.
De vraag is wat onder ‘kwalificeren’ wordt verstaan? Daarnaast is het optekenen van signalen/meldingen vrij eenvoudig te realiseren. Dat betekent echter niet dat deze hiermee ook bewezen zijn. Immers uit het rapport blijkt dat voor bijna 90% van de meldingen geen ondersteunend bewijs aanwezig is. Ook blijkt dat meer dan 50% van de ervaren incidenten niet besproken zijn met een leidinggevende en 80% nooit met mij is besproken. De grote vraag is dus hoe ik kan weten dat er iets aan de hand is of kan proberen mijn gedrag te veranderen als het niet met mij besproken wordt? Periode
Opvallend is ook dat 50% van de beschreven incidenten in de eerste twee jaar van mijn
wethouderschap hebben plaatsgevonden. Ik kan mij voorstellen dat mensen in het begin moesten wennen aan mijn bestuurlijke stijl en tempo. Immers ik kwam als wethouder van buiten, uit de Randstad. Daar gaat het er anders aan toe. De problemen waar we mee te maken kregen, waren groot. Er moest structureel 13,5 miljoen Euro bezuinigd worden. Dat vroeg om harde keuzes en ‘doorpakken’, ook in de organisatie. Ik heb er alle begrip voor dat
dit voor sommige medewerkers een omslag betekende in werken en denken. Toch ben ik van mening dat ik met het overgrote deel van de medewerkers een goede relatie heb ontwikkeld en dat wij vervolgens samen fantastische resultaten hebben bereikt. Immers
het merendeel van de door mij ingediende raadsvoorstellen is in de afgelopen vier jaar unaniem of met de grootst mogelijke meerderheid vastgesteld. Ik ben al die medewerkers daar dan ook zeer dankbaar voor.
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022 Onterecht beeld
Het beeld dat Hoffmann in het rapport schets dat er een ‘algemeen en consistent beeld
ontstaat dat huidige en voormalige medewerkers kwetsende en/of intimiderende gebeurtenissen en sociale onveiligheid hebben ervaren’ in de samenwerking met mij, kan ik dan ook niet plaatsen. Van de ruim 400 medewerkers die werkzaam zijn bij de gemeente hebben 12 personen een melding gedaan waarvan 4 voormalig medewerkers. Het gaat dus om nog geen 3% van de medewerkers.
Nogmaals ik wil op geen enkele wijze afbreuk doen aan de gevoelens van deze medewerkers, maar het feit blijft dat zij deze signalen niet met een leidinggevend of met mij hebben besproken. Daarnaast kan een algemeen en consistent beeld niet ontstaan als
iedereen opgeroepen wordt om anoniem melding te doen en tegelijk het tegengeluid niet aan de onderzoekers wordt doorgegeven. Daarom is de aanname die Hoffmann doet in het rapport mijns inziens onjuist en onterecht en zeer beschadigend voor mij als persoon. Hoor en wederhoor
Een ander belangrijk feit dat ik niet onvermeld wil laten is het proces rond hoor en wederhoor. Het is goed om te melden dat bureau Hoffmann bij het delen van de voorlopige onderzoeksbevindingen met mij, van de opdrachtgever geen toestemming heeft gekregen
om inhoudelijke de voorbeelden met mij te bespreken. Hoffman heeft mij tijdens het 2 uur durende gesprek over de signalen van de medewerkers slechts zeer beperkt en op
hoofdlijnen geïnformeerd. Hoffmann meldde bijvoorbeeld dat mensen zich gekwetst voelden en of ik mij daarin herkende. Of dat mensen zich geïntimideerd voelden en wat daarop mijn reactie was. Gedurende het gesprek heb ik meermaals gevraagd om concrete voorbeelden. De
medewerkers van Hoffmann bleven tijdens het gesprek aangeven dat ik in het definitieve rapport wel zou lezen welke ‘beschuldigingen’ er waren. Dit betekent dat ik tijdens het verhoor niet in staat ben gesteld om inhoudelijk te reageren op de zaken die ‘mij ten laste’
werden gelegd door de (oud)medewerkers. Wanneer ik wel die mogelijkheid had gehad, had ik zaken kunnen duiden en de context kunnen schetsen. Daarnaast is er bij enkele
voorbeelden sprake van feitelijke onjuistheden. Omdat de context ontbreekt, ontstaat een eenzijdig/vertekend beeld en blijft de rol en het functioneren van de medewerker in het proces onbelicht. In ieder geval kan ik mij niet aan de indruk onttrekken dat (geanonimiseerd)
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) Opmerkelijke details In het rapport staan twee opmerkelijke opmerkingen van (oud)medewerkers die ik hier wil
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) benoemen.
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022 Aangezien ik vanuit de Randstad kwam en voorafgaand aan mijn aantreden in 2018 twee jaar lang geen politiek functie heb bekleed, komt dit mij als uiterst merkwaardig voor.
Daarnaast heeft de gemeente Gouda, na publicaties in de pers, schriftelijk laten weten dat zij het niet herkennen en dat er geen sprake was van de geschetste signalen tijdens mijn wethouderschap in Gouda. Bij het lezen van de uitspraken in het rapport krijg ik het gevoel dat ik geen eerlijke kans heb
gekregen en één of meerdere medewerkers geprobeerd hebben vanaf het begin mijn positie te ondermijnen. Ten tweede wordt in het rapport een medewerker geciteerd die het volgende aangeeft:
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) Het bovenstaande citaat in combinatie met de anonieme brief naar de pers, drie weken voor
de verkiezingen, is opmerkelijk te noemen. Op basis van het citaat lijkt het niet ondenkbaar dat één of meerdere ambtenaren
deze anonieme brief hebben verzonden
en daarmee de
uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen hebben willen beïnvloeden. Naar mijn mening dient hier verder onderzoek naar te worden gedaan.
Definitieve oplevering rapport en besluitvorming daarover Hoffmann heeft op 25 april 2022 aan mij aangegeven het rapport nog die week (dus uiterlijk 29 april 2022) op te leveren aan de gemeente. Hoffmann heeft mij tijdens dit gesprek expliciet aangegeven dat men het rapport nagenoeg gereed had, maar dat men enkel nog mijn definitief verslag moest toevoegen. Pas bij navraag twee weken later bleek dat de
gemeente het definitieve rapport nog niet ter beschikking had. Het is uiteindelijk pas op woensdag 11 mei 2022 aan het einde van de werkdag opgeleverd. Dat roept de vraag op wat er in die tussenliggende twee weken is gebeurd? Zijn er in die periode aanpassingen aan het conceptrapport gedaan op verzoek van de gemeente en zo ja, welke?
De gemeente bleek in ieder geval geen haast te hebben met de oplevering van het rapport. Daar kwam verandering op het moment dat het definitieve rapport was opgeleverd. Vanuit de gemeente werd mij te kennen gegeven dat mijn zienswijze kort daarna op de maandag of
dinsdag werd verwacht. Aangezien in het rapport allerlei nieuwe ‘feiten’ benoemd werden die nooit eerder met mij gedeeld waren, heb ik aangegeven dat het onmogelijk was om in
zo’n korte tijd een gedegen inhoudelijke schriftelijke reflectie te maken. Daarnaast lieten zowel de agenda van mijn advocaat als mijzelf het niet toe om op zo’n korte termijn het rapport te bespreken en te toetsen.
Daarnaast had ik een onafhankelijke derde partij gevraagd om een contra-expertise te verrichten op het rapport. Deze contra-expertise zou niet binnen 3 werkdagen beschikbaar zijn. Hetgeen ook zeer begrijpelijk is. Opnieuw heb ik het belang van een zorgvuldig proces
voor alle betrokken partijen benadrukt. De gemeente heeft hier geen gehoor aan gegeven. Sterker nog, de burgemeester heeft de griffier gevraagd de fractievoorzitters te informeren
over het proces waarbij aangegeven is dat ik mijn zienswijze mondeling kon geven op maandag 16 of dinsdag 17 mei 2022.
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022 Ondanks protest van mijn kant over deze gang van zaken werd de druk verder opgevoerd en mij is te verstaan gegeven dat, wanneer ik niet deel zou nemen aan een gesprek op korte
termijn met burgemeester en gemeentesecretaris, het rapport gedeeld zou worden met presidium en de raad zonder mijn zienswijze. Naar mijn mening komt dit een zorgvuldig proces niet ten goede. Mondelinge zienswijze
Vanuit de gemeente is mij verzocht om te verschijnen om te spreken over het rapport. Dit gesprek heeft op 23 mei 2022 om 1515 uur plaatsgevonden in de kamer van de burgemeester. Mij is op dat moment gevraagd een mondelingen zienswijze op het rapport te geven. Ik heb aangegeven in afwachting te zijn van de contra-expertise en dat het
gebruikelijk is om een schriftelijke zienswijze in te dienen die integraal onderdeel is van de documenten die behoren tot het onderzoek. Ik heb dan ook nogmaals verzocht om de contra-expertise af te wachten omdat deze onderdeel van mijn zienswijze is. Die gelegenheid is mij niet geboden. Tijdens het gesprek op 23 mei 2022 is mij een
ultimatum gesteld door de burgemeester. Voor 17.00 uur diezelfde dag diende mijn zienswijze ingediend te zijn bij de gemeente. Ik heb aangegeven dat het dan een concept zou zijn omdat de contra-expertise mogelijk nog zou leiden tot aanpassingen van mijn definitieve reflectie. De sfeer tijdens het gesprek heb ik als uitermate vijandig ervaren en mijn appel om in het belang van alle partijen een zorgvuldig proces te doorlopen werd afgewezen.
Ondanks pogingen van mijn advocaat en mijzelf om met elkaar op constructieve wijze te spreken over het proces en het rapport, bleef de sfeer vijandig en was er geen ruimte voor mijn inbreng. Dit heeft ons doen besluiten om het gesprek af te breken. Besluit college B&W
Ik heb mijn conceptreflectie om 16.57 uur op 23 mei 2022 aangeleverd. Binnen 2 uur na ontvangst van de concept zienswijze werd ik gebeld (18.51 uur) en ontving ik een app van de burgemeester met de mededeling dat het college (zonder mij) had vergaderd over het rapport en een besluit had genomen en dat de stukken vanaf dat moment vertrouwelijk ter inzage lagen bij de griffier. Deze gang van zaken bevreemdt mij op meerdere punten. Normaal duurt het een week voordat stukken die aangeleverd zijn op de agenda van het college van B&W worden geplaatst. Nu was er binnen 2 uur een besluit genomen en waren alle relevante collegestukken en memo's uitgewerkt. Dit doet vermoeden dat alle stukken en het besluit al
lang waren voorbereid en dat mijn conceptreflectie slechts voor de vorm is toegevoegd. Immers om een zorgvuldig en een goed besluitvormingsproces te realiseren is meer tijd nodig. Op het moment dat dit alles plaatsvond was ik lid van het college van B&W. Ik heb geen agenda, geen stukken en ook geen verslag van deze bijeenkomst gezien. De bijeenkomst is in het geniep voorbereid en gehouden zonder dat ik daar ooit over geïnformeerd ben. Er is een besluit genomen over een rapport dat over mij gaat zonder dat ik daar ooit een toelichting op heb kunnen geven. Ik acht het namelijk niet geloofwaardig dat men mijn 8 pagina’s tellende reflectie zorgvuldig en aandachtig heeft doorgenomen
voorafgaand aan de besluitvorming.
10
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022 Wanneer men mijn stuk wel grondig had bestudeerd, had het in lijn der verwachting gelegen om gemotiveerd mijn onderbouwing in de besluitvorming mee te nemen. Althans, om
gemotiveerd aan te geven waarom mijn onderbouwing onvoldoende vond. Dit is niet gebeurd. Wat ik mij steeds afvraag is wat er was gebeurd als ik op die bewuste middag wel een mondelinge zienswijze had gegeven in aanwezigheid van de burgemeester en
gemeentesecretaris. Had dan de ambtenaar die aanwezig was geweest een verslag gemaakt waarin mijn zienswijze was opgetekend? Had ik dan, gezien het korte tijdsbestek, tussen de bespreking en de besluitvorming nog het verslag ontvangen om mijn goedkeuring eraan te geven? Ik verwacht dat dit niet mogelijk was. Immers, de notulen van het gesprek dat wij
hebben gevoerd, hebben wij — wederom nadat mijn advocaat hier om heeft verzocht — pas op 2 juni 2022 (dus bijna twee weken later) ontvangen. Of had men dat niet nodig gevonden? Of misschien wilden de burgmeester en de gemeentesecretaris wel volstaan met het mondeling overbrengen van mijn zienswijze aan de andere 2 collegeleden om vervolgens over te gaan tot het collegebesluit waarin ze mij veroordelen? Hoe dan ook ben ik van
mening dat dit hele proces volstrekt niet transparant en zorgvuldig is verlopen. Normatief kader ontbreekt Het uiteindelijke besluit dat het college heeft genomen, is op basis van de klokkenluidersregeling en men concludeert dat er sprake is van een misstand. Uit de contra-expertise blijkt het volgende: ‘In het onderzoek 22203003 heeft Hoffmann de ‘Regeling melding vermoeden misstand’ en de Arbeidsomstandighedenwet aangegrepen als kader, maar feitelijk is dit geen kader, maar eerder een kapstok uit de Arbowet ‘dat medewerkers hun werk moeten kunnen doen zonder lichamelijke of geestelijke problemen
op te lopen’. De aangehaalde regeling is een klokkenluidersregeling die een andere werkwijze voorschrijft dan is gevolgd voor melders van misstanden bij een vertrouwenspersoon. Gesteld kan worden dat Hoffmann zonder concreet normatief kader onderzoek heeft verricht.’®
De vraag is dus of het college wel het besluit had kunnen nemen dat er sprake is van een misstand als het normatieve kader ontbreekt? Daarnaast is het opmerkelijk te noemen dat het college volledig voorbijgaat aan het feit dat Hoffmann in het rapport concludeert dat ‘Gelet op het subjectieve element in deze, zijn de ervaringen van medewerkers dan ook beschreven, zonder dat er daarbij een conclusie wordt getrokken of er sprake is van —
mogelijk — grensoverschrijdend gedrag’. En daar was het toch allemaal om begonnen?! Dat er sprake zou zijn van grensoverschrijdend gedrag. Dat kennelijk dus niet kan worden vastgesteld. Ook heeft Hoffmann niet in het rapport vastgesteld dat sprake is van een misstand dan wel een vermoeden van een misstand. Het is dan ook voor mij onbegrijpelijk
dat het college wel tot deze conclusie is gekomen op basis van het rapport.
$ Rapportage inzake second opinion L. Werger — gemeente Zutphen — Hoffmann Bedrijfsrecherche, uitgevoerd door GvB Integrity Services d.d. 13 juni 2022
1
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022 Conclusie
Alles overziend vraag ik mij af of het procedureel juist en gerechtvaardigd was om een
dergelijk zwaar en belastend onderzoek alleen naar mij te starten. Waarom kon niet worden volstaan met het bespreekbaar maken van de signalen en gevoelens van medewerkers? Er is sprake van een zeer beperkte onderzoeksopdracht met een gesloten, bevooroordeeld en vooringenomen karakter, gericht op het aanwijzen van mij als dader. Enig inbreng van
mijn kant op de onderzoeksopdracht en bij de keuze van het onderzoeksbureau was niet aan de orde. Hierdoor worden essentiële vragen niet gesteld en onderzocht. Vragen als:
e
Wat medewerkers ervan weerhoudt om zaken bespreekbaarte maken?
e
Waarom er een anonieme brief naar de pers is gestuurd en hoe de gemeente daarmee omgaat? Welke rol het management van de gemeente speelt in het omgaan met signalen en het
e
creëren van een veilige werksituatie? e
Waarom heeft men de signalen niet eerder met mij besproken? Wat is de rol van teamleiders geweest?
Het hele proces is ingestoken als aanklacht. Waarbij mij stelselmatig informatie is onthouden. Hierdoor is het mij onmogelijk gemaakt mijzelf te verdedigen. Daarnaast is door de gemeentesecretaris en de burgemeester actief gebruik gemaakt van de
pers om de situatie eenzijdig vanuit de gemeente te belichten. Hierbij is voorbijgegaan aan mijn belangen. Ik ben van mening dat het de gemeentesecretaris en burgemeester gesierd had wanneer zij enige terughoudendheid in het communiceren met de pers hadden betracht.
Ook de burgmeester had uit hoofde van haar functie als beschermer van het college zorgvuldigheid moeten betrachten, mij in bescherming moeten nemen en moeten deescaleren. lemand is immers onschuldig tot het tegendeel bewezen is. In plaats daarvan heeft de burgemeester onmiddellijk afstand van mij genomen en getracht mij te overreden een stap terug te doen. Mij hiermee impliciet veroordelend. Treffend hierbij is dat de
burgemeester eenzijdig besloten heeft op 23 februari 2022 de fractievoorzitters te informeren zonder dat ik hierbij aanwezig mocht zijn. Net als het feit dat de burgemeester een klacht van een inwoner inhoudelijk met de fractievoorzitters heeft besproken voordat ik überhaupt op de hoogte was van het feit dat er
een klacht was. En dat de burgemeester heeft besloten, zonder dat hiertoe naar mijn mening gegronde redenen waren, om de af te wijken van de procedures en de twee klachten van de inwoners voor te leggen aan Hoffmann. Het lijkt er sterk op dat het onderzoek, het rapport, de uiteindelijke besluitvorming en
openbaarmaking puur en alleen tot doel hadden ervoor te zorgen dat ik als wethouder niet zou terugkeren en mij maximaal te beschadigen in de publieke opinie.
12
Definitieve reflectie op onderzoeksrapport en proces van L.J. Werger d.d. 14 juni 2022 Ik ben van mening dat de werkwijze van de gemeente onzorgvuldig en beschadigend is. Het heeft alle schijn van karaktermoord en ‘politieke femicide’. Te meer omdat de signalen over
de gehele periode van mijn wethouderschap gaan. Dit roept de vraag op waarom niemand in de afgelopen vier jaar iets heeft gezegd, maar drie weken voor de verkiezingen wel een anonieme brief aan de pers wordt gestuurd? Waarom heeft de gemeente geen kritische vragen gesteld als het gaat om het momentum?
Naar mijn mening is die anonieme brief aan de pers de bijl aan de wortel van de democratie. Wanneer deze brief daadwerkelijk door een medewerker is verstuurd, drie weken voor de verkiezingen, dan heeft dit alle schijn van een poging tot beïnvloeding van de verkiezingsuitslag. Dit moet op zijn minst onderzocht worden. Dat heb ik ook gemeld aan de
burgemeester die hierin als hoeder van de integriteit van de gemeente, een taak heeft. Ook vanuit haar verantwoordelijkheid voor het realiseren van vrije en onafhankelijke verkiezingen zou de burgemeester hierop actie moeten ondernemen. Juist de anonieme brief en de implicaties hiervan voor het democratische proces blijft
onderbelicht en wordt niet onderzocht. Een uiterst kwalijke zaak omdat degene die belast is met het realiseren van en het toezien op het plaatsvinden van vrije en onafhankelijke verkiezingen in onze gemeente, dit lijkt te hebben nagelaten. En niet voornemens lijkt om
juist dit punt (alsnog) te laten onderzoeken. Mogelijk dat de gemeenteraad, nu alle rapporten en feiten in beeld zijn, op grond van artikel 1552 van de Gemeentewet een onderzoek wil starten naar het gehele proces en de gang van zaken rond de anonieme brief, om zo alle betrokken partijen officieel te kunnen ‘horen’ en om zo de onderste steen boven te krijgen in deze kwestie.
Voor mijzelf geldt dat ik mij de afgelopen vier jaar vol energie heb ingezet voor de gemeente Zutphen. Er is veel gerealiseerd en ik heb samen met heel veel bevlogen medewerkers mooie resultaten weten te bereiken. Ik ben hen hiervoor dankbaar en trots op wat wij samen bereikt hebben. Het doet mij verdriet dat aan het einde van die vier jaar hierover een donkere schaduw geworpen wordt. Dat heeft niemand verdiend. Misschien is het meest verdrietige wel het feit dat door dit hele proces medewerkers tegenover elkaar zijn komen te staan en het gevoel van onveiligheid in de organisatie is gegroeid. Met het aantreden van een nieuw college verandert deze situatie niet. Daarom is het belangrijk dat naar de feiten gekeken wordt en de gehele gang van zaken alsnog
onderzocht wordt. In het belang van de medewerkers, de organisatie en de toekomstige bestuurders.
Drs. L.J. Werger
Raadslid, oud-wethouder en bestuurskundige
13