CConstaterende datZutphen
Koppel je AI →
Document · PDF

Grondstofrijk Zutphen, Grondstoffenplan 2023-2027

Raadsvergadering 12 december 2022, gemeente ZutphenBij agendapunt: Grondstofrijk Zutphen, Grondstoffenplan 2023-20274.312 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Afval- en grondstoffenplan gemeente Zutphen Kaders grondstoffenbeleid 2023-2027

Zutphen, oktober 2022

Inhoudsopgave 1. Samenvatting

4

2. Landelijke beleidskaders

6

2.1 VANG-programma

6

2.2 Uitbreiding statiegeld

6

3. Terugblik en huidige situatie

8

3.1 Grondstoffenplan 2016-2020

8

3.2 Huidige stand van zaken

9

4. Doelstellingen en randvoorwaarden beleid

10

4.1 Doelstellingen Zutphen

10

4.2 Randvoorwaarden nieuw grondstoffenbeleid

10

5. Mogelijke scenario’s

12

5.1 Instrumentarium afvalbeheer

12

5.2 Maatregelen

13

5.2.1 Maatregel: Frequentieverlaging restafval

13

5.2.2 Maatregel: Omgekeerd inzamelen

13

6. Aanvullend beleid

15

6.1 Inleiding

15

6.2 Aanvullende beleidsmaatregelen

15

7. Financiële consequenties

17

7.1 Kosteneffecten van de maatregelen

17

7.2 Kosteneffecten van de aanvullende maatregelen

17

8. Implementatie en fasering

18

8.1 Nadere uitwerking met de inwoners

18

8.2 Fasering invoering

18

Bijlagen

19

1.

Samenvatting

Voor u ligt het nieuwe Grondstoffenplan 2023-2027 van de gemeente Zutphen. Dit plan richt zich op het verhogen van de kwaliteit van de ingezamelde grondstoffen en het hoogwaardig inzetten van de grondstofstromen uit huishoudens. Het verminderen van de hoeveelheid restafval is een effect van deze inspanning. Grondstoffen worden steeds schaarser. De vraag naar grondstoffen stijgt en makkelijk winbare gebieden voor bijvoorbeeld olie en gas nemen af. Om te kunnen blijven voldoen aan de grote vraag naar grondstoffen, moeten we ervoor zorgen dat we minder waardevolle grondstoffen uit de keten laten ‘lekken’ door verbranding, en meer grondstoffen hergebruiken. De transitie richting een circulaire economie is in Nederland verwoord in het Rijksprogramma ‘Nederland Circulair in 2050’. Onderdeel van deze ambitie is een afvalvrije samenleving in 2050. Voor huishoudelijk afval betekende dat nog maximaal 100 kilo restafval per inwoner per jaar in 2020, en nog slechts 30 kilo in 2025. Ter illustratie, in het peiljaar 2021 produceerde de gemiddelde inwoner van Zutphen 124,6 kg fijn restafval en 12,3 kg grof restafval per inwoner. Gemeenten spelen een cruciale rol in deze ketenoptimalisatie: afvalscheiding kan er namelijk voor zorgen dat waardevolle grondstoffen als kunststof, gft en textiel behouden blijven en niet als restafval naar de verbrandingsoven worden gebracht.

Het Uitvoeringsprogramma VANG (Van Afval Naar Grondstof) – Huishoudelijk afval voor de periode tot en met 2025 richt zich daarnaast expliciet op de recyclepercentages van het huishoudelijk afval. In dit kaderrichtlijn voor afval en grondstofstoffen is een landelijk recyclepercentage van 55% in 2025 en een landelijk recyclepercentage van 60% in 2030 gesteld. Eerdere gesprekken met de raad en met vertegenwoordigers van wijken, hebben geleid tot de formulering van een paar belangrijke uitgangspunten voor nieuw beleid: Een reductie van de hoeveelheid restafval: nog maximaal 70 kilo in 2025. Een recyclepercentage van 55% in 2025. Verhogen en/of op peil houden van de kwaliteit van de gescheiden grondstoffen. Het minimaliseren van de impact van de inzameling van afval (minimaliseren vervoersbewegingen, minder bijplaatsingen en zwerfafval). Uit kostenoverweging, geen dubbele voorzieningen in de wijk. Nadere uitwerking en implementatie van de nieuwe maatregelen vindt plaats in samenspraak met de wijken en bewoners.

Oktober 2022

In het licht van deze laatste randvoorwaarde kan dit grondstoffenplan het beste worden gezien als een kapstokplan. Bij de nadere uitwerking en uitvoering van de maatregelen die worden voorgesteld, worden de wijken uitdrukkelijk betrokken bij het opstellen van maatwerk per wijk. Dit zorgt ervoor dat het draagvlak én de effectiviteit van het nieuwe beleid het grootst zijn. Daarbij zal de implementatie van dit Grondstoffenplan gefaseerd uitgerold worden door middel van meerdere pilots die systematisch gekozen worden in de wijken van Zutphen. Dit, uiteraard in samenspraak diens inwoners. Toe te passen maatregelen De grootste stap in de reductie van het restafval kan in Zutphen worden gezet door het invoeren van Omgekeerd Inzamelen. Kortweg betekent dit dat de service van de inzameling van grondstoffen zo optimaal mogelijk wordt ingericht. En bewoners worden gevraagd om het restafval naar een wijkcontainer (ondergrondse) te brengen. Dit instrument heeft in veel gemeenten inmiddels bewezen effectief te sturen op het beter scheiden van het afval. De hoeveelheid restafval kan door de juiste inzet van omgekeerd inzamelen en aanvullend beleid, dalen tot ca 70-80 kilo per persoon per jaar. In combinatie met het bovenstaande punt, zal ook de inzamelfrequentie van mini restafval containers aangepast worden vanaf 1 januari 2023. Momenteel is de inzamelfrequentie 1 keer per 14 dagen.

Dit zal aangepast worden naar 1 keer per 4 weken. Dit geldt voor geheel Zutphen in combinatie met de buitengebieden. Naast het aanpassen van de restafvalvoorzieningen, is van belang dat er goed wordt gekeken naar de optimalisatie van de voorzieningen voor het scheiden van grondstoffen als papier, glas, pmd en textiel. Bovendien zullen ook alle bewoners van hoogbouw en binnenstad in staat moeten zijn om hun GFE te gaan scheiden. Dit belandt immers nu nog (grotendeels) bij het restafval. Na vaststelling van dit grondstoffenplan zal per wijk worden bekeken welk maatwerk en welke aanvullende maatregelen er in hun specifieke situatie nodig zijn om het nieuwe beleid tot een succes te maken. Dit zal, zoals eerder vermeld, uitgevoerd worden middels het opzetten van pilots in verschillende wijken.

5

2.

Landelijke beleidskaders

Om te komen tot nieuw beleid voor de gemeente Zutphen, is het van belang om te bekijken welke ontwikkelingen zich de afgelopen jaren hebben voorgedaan, en komende jaren gaan voordoen op (inter)nationaal niveau rondom circulaire economie en grondstoffenbeleid. Idealiter sluiten de inspanningen die Zutphen doet op dit vlak aan bij deze ontwikkelingen. 2.1 VANG-programma In 2015 is het programma VANG (Van Afval Naar Grondstof) gestart. De ambitie van het VANGprogramma is om gemeenten te stimuleren stappen te zetten in de richting van een circulaire economie. Concreet zijn hier in 2015 landelijke doelstellingen aan gekoppeld van maximaal 30 kilo restafval in 2025. Het programma Van Afval naar Grondstof (VANG Huishoudelijk) is inmiddels ook opgenomen in het Rijksbrede programma Circulaire Economie, Nederland Circulair in 2050, dat in 2016 van start ging. Daarmee is VANG onderdeel geworden van de landelijke beleidsambitie voor een circulaire economie. In dit CE-programma dat is vastgelegd dat in 2050 grondstoffen efficiënt worden ingezet en hergebruikt, zonder schadelijke emissies naar het milieu.

Waar het VANG-programma de afgelopen jaren met name was gericht op een forse reductie van de hoeveelheid restafval, is het dit jaar (2022) vernieuwde programma meer gericht op een juiste balans tussen de afname van de hoeveelheid restafval enerzijds en het scheiden van schone, hoogwaardig te recyclen grondstoffen uit huishoudelijk afval anderzijds. De kernthema’s van het VANG-programma van de komende jaren zijn: Scheiden van hoogwaardig te recyclen grondstoffen Het behalen van een minimaal recyclepercentage van 55% in 2025 en 60% in 2030 Behouden van kwaliteit van de gescheiden grondstofstromen Verminderen van de hoeveelheid huishoudelijk afval Nog maximaal 30 kilo restafval per inwoner in 2025 Voorkomen van nadelige neveneffecten van afvalscheiding als bijplaatsingen en zwerfafval 2.2 Uitbreiding statiegeld In lijn met de circulaire ambities van het kabinet, is eind 2020 besloten om het huidige succesvolle statiegeldsysteem van grote PET-flessen, uit te breiden naar kleine flesjes. Vanaf 1 juli 2021 werd € 0,15 statiegeld ingevoerd voor alle plastic flesjes onder de 1 liter. Inmiddels is ook een besluit gevallen voor de invoering van statiegeld op blikjes. Vanaf 31 december 2022, zal ook hiervoor een retourpremie moeten worden betaald. De verwachting is dat de uitbreiding van het statiegeld naar kleine flesjes en blikjes tot een forse vermindering van

Oktober 2022

de hoeveelheid zwerfafval, en een forse toename van de recycling van kunststof en metalen verpakkingen zal gaan zorgen. Jaarlijks gaan er namelijk zo'n 900 miljoen kleine plastic flesjes over de toonbank. 100 miljoen daarvan belanden in het milieu. Omdat het de industrie niet gelukt is om 90 procent van de weggooi-flesjes te hergebruiken, kwam er per 1 juli dus statiegeld op. Inleveren kan in supermarkten, bij tankstations, treinstations en via cateraars.

7

3.

Terugblik en huidige situatie

3.1 Grondstoffenplan 2016-2020 Eind 2015 werd het grondstoffenplan 2016-2020 vastgesteld. In dit grondstoffenplan werd beoogt om de toenmalige hoeveelheid restafval van 156 kilo stapsgewijs te gaan verlagen naar 105 kilo per inwoner per jaar. Tevens zou hiermee het scheidingspercentage worden verhoogd van 70 naar 75%, conform landelijke doelstelling. Om deze doelstellingen te verwezenlijken zijn de afgelopen jaren de volgende maatregelen doorgevoerd: Invoering van de BEST-tas (Boeken Elektronica Speelgoed Textiel). Uitbreiden van bestaande milieustraatjes voor alle grondstoffen Stimuleren grof tuinafval door het groenafval gratis te maken tot 500kg. Met nieuwbouw, Noorderhaven, voorsorteren op mogelijk nieuwe inzamelmethodieken door in de nieuwbouw het restafval niet meer aan huis in te zamelen. Evaluatie aantal containers aan huis. Participatie als groeimodel inzetten in de grondstoffeninzameling en beheer openbare ruimte. Educatie op scholen vergroten, Project CleanWise Proeven met centrale GFE inzameling In dit plan waren ook een paar maatregelen opgeworpen die de afgelopen jaren nog niet zijn gerealiseerd: De uitrol van GF-inzameling bij de hoogbouw. Verbeteren van de grondstoffenscheiding van de hoogbouw en de binnenstad.

Verder is er, op verzoek van de raad, een onderzoek gestart naar de mogelijkheden om de inzameling van afval in de binnenstad zodanig te organiseren, dat hierbij minder vervoersbewegingen nodig zijn. De mogelijkheden met betrekking tot het gecombineerd inzamelen van bedrijfsafval met huishoudelijke afvalstromen wordt hierin nadrukkelijk meegenomen. Gezien de brede landelijke interesse in dit onderwerp is RWS vanuit het VANGprogramma betrokken bij de uitvoering van dit onderzoek. De eerste resultaten hiervan zijn ontvangen en worden voorgelegd. Deze resultaten zullen in de implementatie van dit grondstoffenplan worden meegenomen bij de nadere uitwerking van het plan voor het centrumgebied samen met bewoners en ondernemers. Het stuk is als bijlage opgenomen.

Oktober 2022

3.2 Huidige stand van zaken De hoeveelheid restafval was in 2021 teruggebracht tot 124,6 kg fijn restafval en 12,3 kg grof restafval per inwoner per jaar. Dit maakt een totaal van 144,9 kg restafval per inwoner per jaar. In 2020 was er een lichte trend zichtbaar in meerdere Nederlandse gemeenten waarbij het restafval per inwoner per jaar steeg. De rede hiervoor is dat men meer ging thuiswerken door de Covid-19 epidemie en dat daarmee het afval dat normaliter via het bedrijfsafval werd afgevoerd nu terecht kwam in het huishoudelijke afval van Nederlandse burgers. De gemiddelde inwoner in Zutphen produceerde in 2020 144 kg restafval (fijn en grof) per persoon per jaar. Gezien de data van 2021 is er geen trendbreuk zichtbaar. Dit is tevens in lijn met de verwachting aangezien er ook geen ander afval en grondstoffen beleid is doorgevoerd. Maar met deze 144 kilo fijn en grof restafval worden de landelijke -noch de regionaledoelstellingen gehaald. Er zal daarom de komende jaren nieuw beleid moeten worden ingezet om alsnog stappen te zetten richting meer en kwalitatief hoogwaardigere recycling van huishoudelijke grondstoffen. Daarbij is er aanvullend beleid nodig om de circulaire ambities van de gemeente Zutphen de komende jaren wel te gaan verwezenlijken.

9

4.

Doelstellingen en randvoorwaarden beleid

4.1 Doelstellingen Zutphen Zutphen wil graag stappen zetten richting een circulaire economie: het sluiten van grondstoffenketens door middel van meer hoogwaardige recycling van grondstoffen die bij huishoudens vrijkomen. De gemeente sluit hiermee aan bij landelijke en regionale VANG doelstellingen. De gemeente wil de komende jaren beleid inzetten dat ervoor moet gaan zorgen dat: Materiaalketens van grondstoffen die bij huishoudens vrijkomen worden gesloten; Gescheiden materialen zo hoogwaardig mogelijk worden gerecycled; Een recyclepercentage van 55% in 2025 wordt behaald; De hoeveelheid te verbranden restafval hierdoor daalt naar maximaal 70 á 80 kilo per inwoner per jaar. 4.2 Randvoorwaarden nieuw grondstoffenbeleid In verschillende gesprekken met de raad en met vertegenwoordigers uit de wijken, zijn een aantal belangrijke uitgangspunten en randvoorwaarden naar voren gekomen die de basis vormen voor de ontwikkeling van het nieuwe grondstoffenbeleid: Zet in op de inzameling van schone grondstoffen Het beleid van de afgelopen jaren heeft zich met name gericht op vermindering van de hoeveelheid restafval. De kwaliteit van ingezamelde grondstoffen is echter minstens zo belangrijk. Grondstoffenketens zijn alleen te sluiten als de input in de keten van afdoende kwaliteit is.

Geef invulling aan de circulaire ambities sámen met de bewoners en de wijken Om nieuw grondstoffenbeleid tot een succes te maken is het van belang dat er draagvlak is en betrokkenheid bij de nieuwe plannen. Vertegenwoordigers van de verschillende wijken weten vaak heel goed wat er in hun wijk speelt, en welke aandachtspunten er zijn rondom de inzameling van afval. Maatwerk per wijk zorgt er voor dat de betrokkenheid van de bewoners ten aanzien van het onderwerp groeit, en de kans op succesvolle beleidsingrepen wordt vergroot. Deze invulling van de circulaire ambities zullen per wijk middels een pilot gerichte aanpak opgezet worden. Hierbij is het van belang, om nogmaals te vermelden, dat de invulling van de circulaire ambities sámen met de inwoners besproken en geconcludeerd zullen worden. Verkennende gesprekken met de wijken die de afgelopen jaren zijn gevoerd rondom de ideevorming van dit nieuwe beleid laten zien dat de betrokkenheid van de bewoners groot is, en ze graag mee denken over de implementatie van het nieuwe beleid in hun eigen

Oktober 2022

woonomgeving. In dit kader moet dit grondstoffenplan worden bezien als een ‘kapstokplan’. Implementatie van de maatregelen die worden voorgesteld, worden per wijk, en samen mét de wijk, uitgewerkt. Dit zorgt ervoor dat het draagvlak én de effectiviteit van het nieuwe beleid het grootst zal zijn. Verminderen van neveneffecten De negatieve effecten van de inzameling van afval- en grondstoffen moeten zoveel mogelijk beperkt worden. Zo moet er aandacht zijn voor het zo veel mogelijk beperken van vervoersbewegingen ten behoeve van de inzameling (met name in de binnenstad), en is er meer aandacht nodig voor het aanpakken van bijplaatsingen en zwerfafval. Het voorkomen van bijplaatsingen en zwerfafval is een hardnekkig probleem. Om deze rede is Circulus in samenspraak met de gemeente begonnen met het project ‘Bijplaatsingen’ in de Circulus gemeenten. Hierbij wordt de ‘basis op orde’ gemaakt voor alle ondergrondse containers en milieustraatjes. De essentie van het project is dat door de basis op orde men zich niet uitgenodigd voelt om afval als bijplaatsingen neer te zetten. Met dit project wordt er een reeks aan maatregelen in kaart gebracht die tevens in samenspraak met de verschillende wijken uitgewerkt gaat worden. Op deze manier wordt ook dit probleem, wijkgericht aangepakt.

11

5.

Mogelijke scenario’s

5.1 Instrumentarium afvalbeheer Om te komen tot de reductie van restafval, en het behoud van de kwaliteit van grondstoffen zullen er de komende jaren nieuwe beleidsmaatregelen moeten worden doorgevoerd. Een analyse van goed presterende gemeenten in de regio en elders in Nederland laat zien dat er zeker nog mogelijkheden zijn voor Zutphen om de komende jaren stappen te gaan zetten. Grofweg kennen gemeenten drie soorten instrumenten om bewoners aan te zetten tot afvalscheiding: communicatie, financiële prikkels, en serviceprikkels. De best presterende gemeenten in Nederland laten zien dat een gecombineerde inzet van deze drie instrumenten tot de beste resultaten leidt. Hiermee bereik je immers de meeste groepen mensen: met communicatie stimuleer je intrinsiek gemotiveerde mensen, met een financiële prikkel stimuleer je mensen die graag invloed hebben op hun kostenniveau, en met het serviceniveau stuur je aan op deelname van mensen die gevoelig zijn voor gemak. Zutphen heeft de afgelopen jaren (met name) ingezet op communicatie en de financiële prikkel, aanbieden GFT wordt niet doorberekend,. Er wordt via diverse kanalen van de gemeenten en van Circulus hoogfrequent en uitgebreid gecommuniceerd over nut en noodzaak van afvalscheiding. Dat betekent dat een volgende stap zal moeten worden gezocht in het serviceniveau.

Met name met betrekking tot de dienstverlening rondom de inzameling van restafval zit nog groot potentieel om tot minder restafval te komen: waar deze restfractie nu nog elke 2 weken wordt ingezameld, zien we dat andere gemeenten deze frequentie hebben verlaagd naar maximaal eens per 4 weken. Het laatste instrument laat erg goede resultaten zien in andere gemeenten. De gedachte hierachter is dat je vooral ervoor moet zorgen dat je als gemeente de inzameling van waardevolle grondstoffen optimaal faciliteert, en minder investeert in die afvalstroom die je het minst graag wilt hebben: het restafval. Door aan huis (in de juiste frequentie) grondstoffen in te zamelen en de voorzieningen te optimaliseren, kan je de service voor restafval afbouwen. Dit kan dus door middel van het verlagen van de inzamelfrequentie van het restafval en door omgekeerd inzamelen in te voeren.

Oktober 2022

5.2 Maatregelen Om de impact van deze mogelijkheden inzichtelijk te maken, zijn hieronder de maatregelen uitgeschreven en toegelicht. Frequentieverlaging van restafvalinzameling Omgekeerd inzamelen

5.2.1 Maatregel: Frequentieverlaging restafval Door het verlagen van de inzamelfrequentie van het restafval, wordt een eerste stap gezet in het reduceren van de huidige hoeveelheid restafval. Naar verwachting zal een inzamelfrequentie van 1 keer per 4 weken van restafval een reductie van circa 10% tot 15% kunnen opleveren. Oftewel, rond de 20 kg restafval per inwoner per jaar. Uiteraard is het bij het invoeren van een dergelijke frequentieverlaging van restafval belangrijk om goed te bekijken welke huishoudens hierdoor in de problemen zouden kunnen komen doordat ze door omstandigheden onevenredig veel restafval produceren, en maatwerk te bieden waar nodig. Er kan nu al gebruik worden gemaakt van de ondergrondse restcontainer bij een milieustraat. In het geval omgekeerd inzamelen in combinatie met gescheiden GFE inzameling bij hoogbouw en het centrumgebied én optimalisatie van de inzameling van papier, glas en textiel zal dit resulteren in een significante daling van het restafval per inwoner per jaar. Dit beleid wordt vervolgens aangevuld met frequentieverlaging van het ophalen van huis-aan-huis mini restafvalcontainers. Met de combinatie van deze beleidsinterventies zal het restafval per persoon per jaar reduceren tot 70 á 80 kg restafval. Daarmee worden de ambities van de gemeente en de regionale afspraken op het vlak van circulariteit én duurzaamheid dus gerealiseerd.

5.2.2 Maatregel: Omgekeerd inzamelen De grootste stap in de richting van de ambities kan worden gezet door het invoeren van omgekeerd inzamelen. Vergelijkbare gemeenten laten zien dat deze systematiek kan leiden tot een reductie van het restafval én de gescheiden inzameling van fors meer hoogwaardig te recyclen grondstoffen. Aandachtspunten Omgekeerd Inzamelen Bij dit scenario is het, nog meer dan bij de frequentieverlaging, van belang dat er maatwerk wordt geleverd voor bepaalde doelgroepen die hinder zouden kunnen ondervinden van deze systematiek. Bijvoorbeeld mensen die slecht ter been zijn, en daardoor moeilijker gebruik kunnen maken van een verzamelcontainer, of bewoners van het buitengebied, waarvoor de dichtstbijzijnde restafvalcontainer soms kilometers ver weg zou staan.

13

De belangrijkste aandachtspunten rondom het invoeren van omgekeerd inzamelen zijn hieronder beschreven en zullen (na vaststelling van dit plan) met de verschillende belanghebbenden en wijken (in het kader van de betrokkenheid van de bewoners) nader worden uitgewerkt. Maatwerk voor ouderen/mensen met fysieke beperking Om bewoners niet onevenredig zwaar te belasten met de nieuwe manier van afvalinzameling, kiezen we ervoor om maatwerk te bieden voor inwoners die door een fysieke beperking niet in staat zijn om zelf bijvoorbeeld hun restafval of glas weg te brengen. Hoe wordt omgegaan met het buitengebied? Bewoners van het buitengebied (die niet in een kern wonen) zouden onevenredig hard kunnen worden geraakt door het omgekeerd inzamelen door de grote afstand naar een verzamelcontainer. We kiezen ervoor om de inzameling van minicontainers in het buitengebied daarom te handhaven (bijvoorbeeld op afroep om de efficiëntie van de inzameling te handhaven).

Oktober 2022

6.

Aanvullend beleid

6.1 Inleiding In dit hoofdstuk worden de aanvullende beleidsmaatregelen beschreven die een bijdrage kunnen leveren aan het behalen van de doelstellingen. Ook hiervoor geldt dat deze maatregelen na vaststelling van dit plan samen met de wijken nader zal worden uitgewerkt. 6.2 Aanvullende beleidsmaatregelen 1. Uitgebreide communicatie Om de frequentieverlaging of omgekeerd inzamelen in te voeren is het van groot belang dat bewoners worden meegenomen in de veranderingen die hen te wachten staat. Informatievoorziening rondom de wijkcentra is hier een belangrijk instrument in, maar daarnaast zal er ook moeten worden voorzien in brede communicatie over nut en noodzaak van afvalscheiding, scheidingsregels, systeemveranderingen, etc.. Per doelgroep zal, uiteraard in nauwe in samenspraak mét deze bewoners, moeten worden bekeken welke communicatiemiddelen en -inzet het beste werkt. Er wordt extra aandacht gevraagd voor eventuele taalbarrières. Om de kwaliteit van de gescheiden stromen(en de hoogwaardige recycling ervan) te waarborgen, zal de communicatie structureel moeten worden geïntensiveerd 2. Uitrol GFE-inzameling bij hoogbouw Om de doelstelling van 70 kilo restafval te halen, zal de focus moeten komen te liggen op de grootste grondstofstroom die nu nog vaak in het restafval belandt: GFE. Uit analyses van het restafval blijkt dat het hierbij met name gaat om keukenafval.

Tuinafval wordt al redelijk goed gescheiden. Om bewoners te stimuleren om meer gfe te scheiden, moeten hiervoor natuurlijk wel de voorzieningen aanwezig zijn. Bij hoogbouw is dit nu nog niet het geval. Voorstel is om GFE-zuilen (metalen behuizing om een 240-liter container) met toegangscontrole (voor behoud van de kwaliteit van het GFE) te plaatsen bij de hoogbouw. Aandachtspunt hier is de inzamelfrequentie en het schoon houden van deze inzamelvoorzieningen. Enerzijds om draagvlak te vergroten, en anderzijds om de kwaliteit van het gfe te borgen. Voor alle huishoudens (laag- en hoogbouw) zou kunnen worden gedacht aan het verstrekken van kleine aanrechtbakjes voor het keukenafval, om de drempel te verlagen om dit gescheiden te houden. 3. Brengvoorzieningen (wijkcontainers) voor glas en textiel (geen dubbele voorzieningen) Het zwarte kratje is ooit bedacht voor het inzamelen van drankpakken, papier en glas. Momenteel wordt het zwarte kratje alleen nog maar gebruikt voor het inzamelen van glas. Uitgangspunt is dat de inzameling van glas aan huis door middel van het ‘zwarte kratje’ stopt. Ter vervanging zijn/worden er verzamelcontainers voor glas geplaatst in de wijken.

15

Daarbij zal de BEST-tas worden afgeschaft. Er zijn momenteel andere effectievere manieren van inzameling voor de fracties die middels de BEST-tas worden ingezameld. 4. Inrichten van (integrale) wijkcentra Het voorstel is om wijkcentra te gaan inrichten waar (onder andere) de volgende zaken invulling krijgen: 

Acties die inzetten op reparatie en producthergebruik

Afvalcoaches1 die de wijk kennen

Informatievoorziening over (o.a.) afvalscheiding

Kringloopactiviteiten

Medewerkers van Gelrewerkt die nu de zwarte kratjes inzamelen, zouden bijvoorbeeld in kunnen worden gezet bij het uitvoeren van deze activiteiten. Uitgangspunt is uiteraard dat voor deze groep sociale werkgelegenheid behouden blijft. 6. Gescheiden inzameling op scholen en verenigingen (verder) stimuleren Beleid rondom afvalscheiding is het meest effectief als van bewoners overal hetzelfde gedrag wordt gevraagd. Scheiden van afval zou op school en op de sportclub net zo vanzelfsprekend moeten zijn als thuis. Daarom is het voorstel om naast scholen ook bij verenigingen in te gaan zetten op het inrichten van mogelijkheden om ook daar afval te gaan scheiden, via het gebruikelijke CleanWise programma.

1 Dit zijn medewerkers die worden opgeleid en bewoners kunnen helpen bij vraagstukken

rondom afvalscheiding en duurzaamheid.

Oktober 2022

7.

Financiële consequenties

7.1 Kosteneffecten van de maatregelen Om inzicht te verschaffen in de te verwachten kosten van de verschillende onderdelen van dit grondstoffenplan, is een onderscheid gemaakt tussen de ‘hoofd’-maatregelen, aangevuld met de uitrol van gft-scheiding bij hoogbouw), en de kosten van de verschillende aanvullende maatregelen. Maatregel

Eenmalige

Structurele kosten DVO

kosten 1. Omgekeerd inzamelen, per

€ 20.000

- € 30.000

wijk2 2. Frequentieverlaging restafval

€ 31.561,23

- € 120.984,71

7.2 Kosteneffecten van de aanvullende maatregelen De kosten van de verschillende aanvullende maatregelen zijn globaal begroot. De daadwerkelijke kosten zullen namelijk sterk afhankelijk zijn van de nadere uitwerking en implementatie die in samenspraak met de wijken wordt vormgegeven na vaststelling van dit plan. Om toch wat gevoel te krijgen bij de te verwachten kosten van elke maatregel, is deze begroting opgesteld. Maatregel

Eenmalige kosten

Structurele kosten DVO

1. Communicatie

2023 €

10.000,00

€

10.520,41

2. GFE-hoogbouw

€

14.728,57

€

136.765,32

3. Optimalisatie oud papier

€

15.780,61

€

73.642,87

4. Voorzieningen glas

€ €

41.029,60 50.000,00

€

-147.285,73

€

42.081,64

0

€

21.040,82

€ 131.538,79

€

136.765,32

5. Wijkcentra 6. Scholen en verenigingen Totaal

2 Kostenindicatie is indicatief en sterk beïnvloedbaar door op-/afschaling, logistieke indeling van

wijken en keuzes die gemaakt worden mbt de dekkingsgraad van ondergrondse containers.

17

8.

Implementatie en fasering

8.1 Nadere uitwerking met de inwoners Uit de gesprekken met de raad en de vertegenwoordigers uit de wijken is naar voren gekomen dat de nadere uitwerking en invulling van de maatregelen die in het grondstoffenplan zijn uitgewerkt, in samenspraak met de bewoners moet plaatsvinden. Dit zorgt niet alleen voor draagvlak van het nieuwe beleid in de wijken, maar ook effectieve invoering van de maatregelen, toegespitst op de specifieke wensen en gewoontes van de bewoners van elke wijk. Na vaststelling van dit grondstoffenplan zal het nieuwe door middel van bewonersavonden uitgebreid worden besproken met de inwoners van Zutphen, en zal hen worden gevraagd actief mee te denken bij het invullen van het maatwerk en het aanvullend beleid. Op deze manier wordt gezocht naar de beste aanpak per wijk. Dit dient besproken te worden met de desbetreffende wethouder. Er zal doormiddel van pilots gestart worden met het opdoen van ervaring en het monitoren van resultaten met invoering van het omgekeerd inzamelen. 8.2 Fasering invoering De uitrol van nieuw afvalbeleid vergt tijd. Niet alleen doordat er containers moeten worden aangeschaft en geplaatst, maar ook omdat de inwoners uitgebreid bij de implementatie worden betrokken. Onderstaand een voorstel om tot implementatie te komen in beide scenario’s. Q4 2022

Vaststelling Grondstoffenplan Zutphen

Q1 en Q2 2023

Gesprekken met wijken over maatwerk en flankerend beleid

Q3 en Q4 2023

Fysieke voorbereidingen omgekeerd inzamelen in wijken

2024 en 2025

Gefaseerde uitrol omgekeerd inzamelen per wijk

Oktober 2022

Bijlagen Bijlage 2: Inzamelsysteem Zutphen Overzicht huidige inzamelsysteem: Zutphen

19

Basiskenmerken Aantal aansluitingen Aantal inwoners Percentage hoogbouw

22.126 48.330 30%

Inzamelfrequentie (minicontainer) Restafval GFT PMD in zak Papier Glas in krat en BEST-tas

1 * per 2 weken 1 * per 2 weken 1 * per 2 weken 1 * per 4 weken 1 * per 2 weken

Inzameling hoogbouw

Boven en ondergrondse verzamelcontainers

Wijkinzameling

Nabij supermarkten

Recyclepleinen

Zutphen, of één van de andere 8 pleinen van Circulus

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zutphen&id=d3f98127-d1b1-4abe-afd9-4c0b2bb090a6