CConstaterende datZutphen
Koppel je AI →
Document · PDF

BIJ 9 Aanmeldnotitie vormvrije mer beoordeling

Raadsvergadering 25 april 2022, gemeente ZutphenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Lunette Eiland, eerste herziening4.557 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling

Lunette-eiland, Zutphen

Oktober 2021

Status: definitief

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

AANMELDNOTITIE VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING ‘LUNETTE-EILAND, ZUTPHEN’

Naam:

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-eiland, Zutphen

Datum:

Oktober 2021

Versie:

Definitief

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

1

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING .................................................................................... 3 HOOFDSTUK 2 KENMERKEN VAN HET VOORNEMEN ................................................... 5 HOOFDSTUK 3 BESCHRIJVING VAN DE MILIEUEFFECTEN .............................................. 7 HOOFDSTUK 4 CONCLUSIE ................................................................................ 12

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

2

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

HOOFDSTUK 1

INLEIDING

Deze aanmeldnotitie heeft betrekking op de locatie Lunettestraat 1 tot en met 13 en het achterliggende terrein van de voormalige jeugdgevangenis, beter bekend als ‘Lunette Eiland’, gelegen in de stad Zutphen. De locatie was tot 2008 in gebruik als jeugdgevangenis. In 2017 is het grootste gedeelte van de voormalige jeugdgevangenis gesloopt, met uitzondering van het gevangenisgebouw (hoofdgebouw met daarachter het cellengebouw), de directeurswoning en de vijf voormalige dienstwoningen. De locatie vrijgekomen voor herontwikkeling. In dat kader heeft het Rijksvastgoedbedrijf de locatie verkocht aan initiatiefnemer. Initiatiefnemer is voornemens het gebied te herontwikkelen met woningbouw met bijbehorende groen-, water- en infrastructurele voorzieningen, waarbij het hoofdgebouw (voorgebouw) en het cellengebouw gesloopt zal gaan worden. In eerste instantie was het de bedoeling om het hoofdgebouw te verbouwen en te renoveren. Uit nader bouwkundig onderzoek is echter gebleken dat dit geen reële optie betreft, waardoor gekozen is voor sloop en nieuwbouw. Het plan voorziet in het realiseren van 20 grondgebonden woningen en een kleinschalig appartementengebouw. De grondgebonden woningen bestaan uit 12 vrijstaande woningen en twee blokken met 4 rijwoningen. Het appartementengebouw zal bestaan uit 9 appartementen en wordt gerealiseerd ter plaatse van het te slopen hoofdgebouw.

De directeurswoning wordt gehandhaafd en is in gebruik genomen als reguliere woning. Tot slot worden de voormalige dienstwoningen overeenkomstig de bestaande situatie gehandhaafd ten behoeve van reguliere bewoning. Het binnenterrein wordt een groen hof waar mede het parkeren een plaats krijgt. De gewenste ontwikkeling is niet in overeenstemming met het geldende bestemmingsplan ‘Lunette Eiland’. Om voornoemde ontwikkeling planologisch mogelijk te maken dient het geldende bestemmingsplan te worden herzien. Vanuit het ruimtelijke spoor is een vormvrije toets aan het Besluit Milieueffectrapportage noodzakelijk. In dit document worden de milieueffecten van deze ontwikkeling beschouwd. Eerst wordt een nadere toelichting op de M.e.r.-beoordeling gegeven. M.e.r.-beoordeling De milieueffectrapportage is een wettelijk instrument met als doel het aspect milieu een volwaardige plaats in de integrale ruimtelijke afweging te geven. Een bestemmingsplan kan op drie manieren met milieueffectrapportage in aanraking komen: • Op basis van artikel 7.2a, lid 1 Wm (als wettelijk plan); Er ontstaat een m.e.r.-plicht wanneer er een passende beoordeling op basis van art. 2.8, lid 1 Wet natuurbescherming nodig is.

• Op basis van het Besluit milieueffectrapportage (bestemmingsplan in kolom 3); Er ontstaat een m.e.r.-plicht voor die activiteiten en gevallen uit de onderdelen C en D van de bijlage van dit besluit waar het bestemmingsplan genoemd is in kolom 3 (plannen). • Op basis van het Besluit milieueffectrapportage (bestemmingsplan in kolom 4); Er ontstaat een m.e.r.-(beoordelings)plicht voor die activiteiten en gevallen uit de onderdelen C en D van de bijlage van dit besluit waar het bestemmingsplan genoemd is in kolom 4 (besluiten). In het Besluit m.e.r. neemt het bestemmingsplan een bijzondere positie in, want het kan namelijk tegelijkertijd opgenomen zijn in zowel kolom 3 als in kolom 4 van het Besluit m.e.r.. Of het bestemmingsplan in deze gevallen voldoet aan de definitie van het plan uit kolom 3 of aan de definitie van het besluit uit kolom 4 is afhankelijk van de wijze waarop de activiteit in het bestemmingsplan wordt bestemd. Als voor de activiteit eerst één of meerdere uitwerkings- of wijzigingsplannen moeten worden vastgesteld dan is sprake van ‘kaderstellend voor' en voldoet het bestemmingsplan aan de definitie van het plan. Is de activiteit geheel of gedeeltelijk als eindbestemming opgenomen voldoet het aan de definitie van het besluit. In voorliggend geval gaat het om directe eindbestemmingen en is sprake van een besluit.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

3

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

Een belangrijk element in het Besluit m.e.r.. is het (in feite) indicatief maken van de gevalsdefinities (de drempelwaarden in kolom 2 in de D-lijst). Dit betekent dat het bevoegd gezag meer moet doen dan onder de oude regelgeving. Kon vroeger worden volstaan met de mededeling in het besluit dat de omvang van de activiteit onder de drempelwaarde lag en dus geen m.e.r. (beoordeling) noodzakelijk was, onder de nu geldende regeling moet een motivering worden gegeven. Voor deze toets wordt de term vormvrije m.e.r.beoordeling gehanteerd. Voorliggende ontwikkeling is niet als activiteit opgenomen in de C-lijst van het Besluit MER. In de D-lijst de volgende activiteit opgenomen: ‘De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’. Het realiseren van het plan is als een stedelijk ontwikkelingsproject aan te merken, waardoor toetsing aan de drempelwaarden dient plaats te vinden. De drempelwaarden zijn ten aanzien van de hiervoor genoemde activiteit als volgt: 1. 2. 3.

een oppervlakte van 100 hectare of meer, een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat, of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer.

In voorliggend geval is geen sprake van het realiseren van 2000 of meer woningen. Van een directe m.e.r.plicht is dan ook geen sprake. Desalniettemin dient, gelet op de aard en omvang van het project, wel een vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden uitgevoerd. Voorliggende aanmeldnotitie voorziet hierin.

Inhoud en doel van de vormvrije m.e.r.-beoordeling Inhoudelijk gaat de vormvrije m.e.r.-beoordeling in op de mogelijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu als gevolg van het initiatief. Deze belangrijke nadelige gevolgen worden beoordeeld aan de hand van de selectiecriteria opgesomd in Bijlage III van de EEG-richtlijn Milieueffectbeoordeling, die drie hoofdthema’s noemt: • • •

De kenmerken van de activiteit; De plaats van de activiteit (ligging en samenhang met andere activiteiten (cumulatie); De kenmerken van de belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu die de activiteit kan hebben.

Het doel van de notitie is om op objectieve wijze informatie over mogelijke, relevante milieugevolgen van het project te verzamelen en te presenteren. Betrokken partijen Bij het project zijn de initiatiefnemer en de gemeente Zutphen betrokken. Voor het vaststellen van het bestemmingsplan is de gemeenteraad van Zutphen het bevoegd gezag. Daarnaast worden de provincie Gelderland, het waterschap Rijn en IJssel en eventueel andere vooroverlegpartners gedurende het proces bij het project betrokken en zal het bestemmingsplan in het kader van het wettelijk vooroverleg (artikel 3.1.1. Bro) naar deze partijen worden toegezonden. Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt het voornemen beschreven. Daarbij komen aanleiding, achtergronden en uitgangspunten aan bod. Hoofdstuk 3 gaat in op de mogelijke milieueffecten van het project. In hoofdstuk 4 wordt bij wijze van samenvatting de beoordeling gedaan van de omstandigheden van het voornemen. Hierin wordt tevens de conclusie van de vormvrije m.e.r.-beoordeling beschreven.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

4

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

HOOFDSTUK 2

KENMERKEN VAN HET VOORNEMEN

Dit hoofdstuk gaat in op de voorgenomen ontwikkeling, de projectlocatie en eventuele (samenhangende) ontwikkelingen in de omgeving waarmee rekening dient te worden gehouden.

Voorgenomen ontwikkeling Concreet bestaat de ontwikkeling uit het slopen van het hoofdgebouw en het cellengebouw en het realiseren van 20 grondgebonden woningen en een kleinschalig appartementengebouw met 9 appartementen. In afbeelding 1 is de beoogde invulling van de projectlocatie weergegeven.

Afbeelding 1: Inrichtingstekening (bron: Brummelhuis)

Locatiekenmerken De projectlocatie is gelegen centraal in de wijk Waterkwartier op korte afstand van het centrumgebied van Zutphen. De locatie wordt aan de zuidzijde begrensd door de gracht die grenst aan de Vijfmorgenstraat, aan de oostzijde door de gracht die grenst aan een nieuwe woonbuurt (de Lunettetuin) waar voorheen de voormalige sportvelden van de jeugdgevangenis hebben gelegen, aan de noordzijde door de gracht die grenst aan de woonbebouwing van de Spittaalderkamp en tot slot vormt in het westen de gracht langs de Lunettestraat de grens. De functionele structuur van de omgeving van het plangebied is overwegend wonen, waarbij aan de zuidwestzijde wijkcentrum Hart van de Wijk gelegen is. In afbeelding 2 is de ligging van de projectlocatie in de stad Zutphen en ten opzichte van de directe omgeving aangegeven. De locatie van de projectlocatie is aangegeven met de rode cirkel en rode omlijning.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

5

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

Afbeelding 2: ligging projectlocatie in Zutphen en de directe omgeving (bron: PDOK)

Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen en productie van afvalstoffen Bij de realisatie van de woningen zal gebruik worden gemaakt van natuurlijke hulpbronnen. De woningen zullen in de gebruiksfase qua energiegebruik duurzaam zijn, immers worden de nieuwe woningen niet voorzien van een gasaansluiting. Daarnaast worden de woningen conform het Bouwbesluit gebouwd. De productie van afvalstoffen betreft voor de woningen uitsluitend de productie van huishoudelijke afvalstoffen. Deze worden zoveel mogelijk gescheiden om nuttige afvalstoffen op eenvoudige wijze te kunnen inzamelen en vervolgens te verwerken/recyclen. Er is geen sprake van de productie van gevaarlijk afval. Verontreiniging en hinder In de bouwfase kan mogelijk sprake zijn van tijdelijke verkeers- en geluidhinder van bouwverkeer en bouwwerkzaamheden op locatie. Het gaat dan om geluid en stof vanuit de bouwplaats en bouwverkeer van en naar de projectlocatie. Vanwege de ligging, de kleinschalige omvang van de ontwikkeling en de geschatte tijdsduur, is er geen noodzaak om verkeer tijdelijk om te leiden, met de daarbij behorende effecten. Na afronding van de bouwwerkzaamheden zal deze mogelijke tijdelijke hinder volledig vervallen. Het aspect tijdelijke hinder leidt dan ook niet tot mogelijk belangrijke milieugevolgen.

In de gebruiksfase zullen ten gevolge van de activiteiten geen nadelige effecten op het milieu en de omgeving plaatsvinden. De gewenste woningen worden namelijk niet gezien als milieubelastende functies. Zoals in hoofdstuk 3 wordt geconstateerd is geen sprake van een onevenredige aantasting van beschermende natuurgebieden en/of het woon- en leefklimaat ter plaatse. Risico op ongevallen, specifiek met gevaarlijke stoffen of technologieën De beoogde ontwikkeling zorgt niet voor een toename van risico’s voor de omgeving. Er worden geen gevaarlijke stoffen geproduceerd, opgeslagen of vervoerd. Daarnaast zal als gevolg van de ontsluiting van de projectlocatie van een verkeersonveilige situatie geen sprake zijn.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

6

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

HOOFDSTUK 3

BESCHRIJVING VAN DE MILIEUEFFECTEN

Voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling zijn de mogelijk negatieve milieueffecten van het voornemen relevant. Zoals in het vorige hoofdstuk is aangegeven, gaat het om een kleinschalige woningbouwontwikkeling op een bestaande bebouwde locatie. Relevante milieuaspecten zijn verkeer, geluid, luchtkwaliteit, geur, water, bodem, externe veiligheid en ecologie, waaronder ook specifiek de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. In dit hoofdstuk worden de te verwachten (tijdelijke) effecten per aspect beschreven. Verder wordt ingegaan op tijdelijke hinder als gevolg van de ontwikkeling. Voor een aantal van deze aspecten zijn door diverse externe bureaus onderzoeken uitgevoerd. De conclusies van deze onderzoeken zijn samengevat in onderstaande alinea’s.

Verkeer Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de extra verkeersgeneratie die ontstaat door een nieuwe ontwikkeling. Op basis van de publicatie 'Toekomstbestendig parkeren, publicatie 381 (december 2018)' van het CROW kan de verkeersgeneratie van de ontwikkeling berekend worden. De kencijfers zijn gebaseerd op literatuuronderzoek en praktijkervaringen van gemeenten. De kencijfers zijn landelijk (en juridisch) geaccepteerd en worden gezien als de meest betrouwbare gegevens met betrekking tot het bepalen van de verkeergeneratie en het benodigde aantal parkeerplaatsen. Overigens wordt opgemerkt dat bij iedere functie, in de CROW-publicatie, een maximum en minimum wordt genoemd. Dit is de bandbreedte. Veelal wordt bij nieuwe ontwikkelingen het gemiddelde gehanteerd. Bij het berekenen van de verkeersgeneratie wordt uitgegaan van de volgende uitgangspunten: • •

Verstedelijkingsgraad: Sterk stedelijk (bron: CBS Statline) Stedelijke zone: Rest bebouwde kom

In onderstaand tabel zijn de kencijfers en het verwachte aantal verkeersbewegingen opgenomen. Hierbij wordt opgemerkt dat hierin zowel de bestaande als nieuwe woningen zijn meegenomen. Voor de appartementen is hierbij uitgegaan van woningen in het hoge segment (worst-case). Woningtype Koop, huis, vrijstaand Koop, huis, tussen/hoek Koop, appartement, hoog Huur, huis, vrije sector Totaal

Aantal 13 8

Kencijfer 8,2 7,1

Totaal 106,6 56,8

9

7,1

63,9

5

7,1

35,5 262,8

In de toekomstige situatie is sprake van 262,8 (afgerond 263) verkeersbewegingen per weekdagetmaal. De projectlocatie wordt ontsloten via de Lunettestraat. De capaciteit van de in- en uitrit (twee richtingen) en de Lunettestraat is van voldoende omvang om het verwachte aantal verkeersbewegingen veilig en eenvoudig te kunnen afwikkelen. De toekomstige verkeerssituatie leidt niet tot mogelijk belangrijke nadelige gevolgen.

Geluid Woningen zijn niet opgenomen in de VNG-uitgave, omdat woningen in beginsel niet aan te merken zijn als milieubelastende objecten. Echter zal wel sprake zijn van enig geluid als gevolg van de woonfuncties (leefgeluiden), hiervoor gelden overigens geen normen. Het voornemen leidt niet tot mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen op het gebied van geluid.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

7

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

Luchtkwaliteit Beoordeeld dient te worden of het effect als gevolg van het project wel of niet in betekenende mate bijdraagt aan de luchtkwaliteit. Het begrip ‘niet in betekenende mate’ is gedefinieerd als 3% van de grenswaarden uit de Wet milieubeheer. Het gaat hierbij uitsluitend om stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM10). In de Regeling NIBM is een lijst met categorieën van gevallen (inrichtingen, kantoor- en woningbouwlocaties) opgenomen die niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. Enkele voorbeelden zijn: • • •

woningen: 1.500 met een enkele ontsluitingsweg; woningen: 3.000 met twee ontsluitingswegen; kantoren: 100.000 m2 bruto vloeroppervlak met een enkele ontsluitingsweg.

Als een ruimtelijke ontwikkeling niet genoemd staat in de Regeling NIBM kan deze nog steeds niet in betekenende mate bijdragen. De bijdrage aan NO2 en PM10 moet dan minder zijn dan 3% van de grenswaarden. Het plan heeft zoals geconstateerd bij het onderdeel verkeer ten opzichte van de huidige situatie extra verkeersbewegingen tot gevolg. Via een NIBM-tool berekening is onderzocht of de ontwikkeling wel of niet in betekende mate bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. In deze berekening zijn de vervoersbewegingen gehanteerd zoals berekend bij het onderdeel verkeer, met dien verstande dat de verkeersbewegingen ten gevolge van de bestaande woningen achterwege zijn gelaten. De NIBM-tool gaat namelijk uit van extra verkeersbewegingen ten opzichte van de bestaande situatie. Het aandeel vrachtverkeer is op 0% gezet, aangezien het voornemen uitsluitend voorziet in woonkavels. Voor de overige invoergegevens wordt in de NIBM-tool uitgegaan van worst-case omstandigheden. In afbeelding 3 zijn de resultaten van deze worst-case berekening opgenomen.

Afbeelding 3: Uitsnede resultaten worst-case berekening voor de bijdrage van het extra verkeer als gevolg van het plan op de luchtkwaliteit (Bron: InfoMil)

Uit de berekening is gebleken dat de bijdrage van het extra verkeer niet in betekende mate bijdraagt. Er is dan ook geen nader onderzoek noodzakelijk. Het effect van de voorgenomen ontwikkeling op de luchtkwaliteit is neutraal.

Geur Binnen het voornemen worden geen geurbelastende objecten gerealiseerd. De voorgenomen ontwikkeling leidt ten aanzien van geur dan ook niet tot mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

8

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

Water De projectlocatie is niet gelegen in een grondwaterbeschermings-/intrekgebied. Voor deze locatie een waterhuishoudkundig plan1 opgesteld. Afvoerend oppervlak, bergingsberekening en hemelwatersysteem Met behulp van de inrichtingstekening is het toekomstig afvoerend oppervlak bepaald. In totaal bedraagt het verhard oppervlak in de toekomstige situatie 7.180 m². Conform de eisen uit bijlage 7 van het Watertakenplan Zutphen 2021 - 2025 is de bergingsopgave voor Lunette Eiland bepaald. De bergingsopgave is grofweg onder te verdelen in: • •

berging in nieuwbouw kavels: 63 m3; berging in centrale hemelwaterberging: 312 m3.

In de nieuwe kavels moet in totaal 63 m3 waterberging gerealiseerd worden. De overstort van de particuliere waterbergingen voert rechtstreeks af naar de gracht. Voor de bestaande bebouwing moet in totaal 19 m 3 waterberging gecreëerd worden In dit plan is het uitgangspunt dat de bergingseis voor de bestaande kavels en het dakoppervlak van het toekomstige appartementencomplex in de centrale waterberging van het plangebied gecompenseerd wordt. Het hemelwater dat in het openbaar domein valt komt op 2 manieren in de waterberging in het hart van het plangebied terecht: • •

bovengrondse afstroming; via een i.t.-riool met kolken en goten.

De openbare hemelwaterberging bestaat uit een wadi met een aanvullende ondergrondse bergings- en infiltratievoorziening. De ondergrondse voorziening bestaat uit RockFlow pakketten. In totaal kan in de hemelwaterberging 312 m3 water geborgen worden. Het hemelwatersysteem kan een neerslaggebeurtenis T=5 verwerken. Voor de ontlasting van de waterberging wordt het systeem voorzien van een overstortleiding richting de gracht. Buien > T = 5 worden bovengronds en via de overstortleiding richting de gracht afgevoerd. In het vervolg van de planvoorbereiding van Lunette Eiland wordt het hemelwatersysteem nader gedimensioneerd en getoetst aan de theoretische neerslaggebeurtenissen uit bijlage 7 van het watertakenplan Zutphen 2021 - 2025. Afvalwater Het afvalwater van Lunette Eiland wordt met behulp van een riool afgevoerd naar het gemengde stelsel in de Lunettestraat. Op Lunette Eiland blijven enkele bestaande opstallen staan. Vanuit deze opstallen wordt hemelwater samen met afvalwater naar het bestaande gemengde riool afgevoerd In de praktijk is het moeilijk om in bestaande opstallen afval- en hemelwater 100% te ontvlechten. Voor het ontwerp van het nieuwe afvalwaterstelsel wordt dit stelsel daarom als een nieuw gemengd riool getypeerd en berekend.

Het feit dat vanuit Lunette Eiland onder vrijverval wordt aangesloten op een gemengd stelsel is een extra argument om het nieuwe afvalwaterstelsel als gemengd stelsel te beschouwen. Op het nieuwe gemengde stelsel wordt 939 m2 afvoerend oppervlak, zijnde het dakoppervlak van het te handhaven kantorencomplex (toekomstig appartementengebouw) en 50% van het oppervlak van de bestaande kavels aangesloten. Voor het ontwerp van het afvalwaterstelsel wordt verwezen naar bijlage 4 van het rapport. In een later stadium van de planvorming wordt het stelsel op basis van toetsing met de eerder vermelde theoretische neerslagsituaties nader gedimensioneerd en uitgewerkt. De bergingseis voor het afvoerend oppervlak van de bestaande kavels en het appartementencomplex kan niet op de bestaande percelen en in het nieuwe gemengde stelsel gerealiseerd worden. De gewenste berging wordt daarom in de waterberging in het hart van het plangebied gecompenseerd.

1

Waterhuishoudkundig plan Lunette Eiland Zutphen, Smit Civiele Techniek, 16 juli 2021

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

9

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

Geconcludeerd wordt dat het aspect water niet leidt tot mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen

Bodemkwaliteit Binnen het voornemen worden geen functies gerealiseerd die negatieve effecten kunnen hebben op de bodemkwaliteit. De voorgenomen ontwikkeling leidt ten aanzien van bodemkwaliteit dan ook niet tot mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen.

Externe veiligheid Binnen de projectlocatie wordt geen gebruik gemaakt van gevaarlijke stoffen. Het voornemen heeft ten aanzien van de externe veiligheid geen mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen.

Ecologie Bescherming in het kader van de natuur wet- en regelgeving is op te delen in gebieds- en soortenbescherming. Bij gebiedsbescherming heeft men te maken met de Natuurbeschermingswet en het Nederlands Natuurnetwerk (voorheen EHS). Soortenbescherming gaat uit van de bescherming van dier- en plantensoorten. Sinds 1 januari 2017 is het wettelijk kader ten aanzien van gebieds- en soortenbescherming vastgelegd in de Wet natuurbescherming. Gebiedsbescherming Volgens het wettelijk kader ten aanzien van gebiedsbescherming, zoals vastgelegd in de Wet natuurbescherming, zal Nederland aan de hand van een vergunningenstelsel de zorgvuldige afweging waarborgen rond projecten die gevolgen kunnen hebben voor Natura 2000-gebieden. Hiernaast is het Natuurnetwerk Nederland (NNN) de kern van het Nederlands natuurbeleid. Het NNN is in provinciale structuurvisies uitgewerkt. In of in de directe nabijheid van het NNN geldt het 'nee, tenzij'- principe. In principe zijn er geen ontwikkelingen toegestaan als zij de wezenlijke kenmerken of waarden van het gebied aantasten. De locatie is niet gelegen binnen een Natura 2000-gebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is gelegen ten zuiden van de projectlocatie op circa 850 meter afstand. Dit betreft het Natura 2000-gebied “Rijntakken”.

Ondanks de ruime onderlinge afstand is sprake van een ontwikkeling waarbij gedurende de gebruiks- en aanlegfase stikstof wordt uitgestoten, zoals bij de verbranding van fossiele brandstof, welke kan neerslaan in kwetsbare natuur. Ten behoeve van het voornemen zijn twee AERIUS-berekeningen2 uitgevoerd ten aanzien van de stikstofdepositie als gevolg van het project. Deze bestaan uit een berekening voor de aanlegfase (realisatie voornemen) en een berekening voor de gebruiksfase (gebruik voornemen). Uit de AERIUS-berekening met betrekking tot de gebruiksfase blijkt dat geen sprake is van rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j. Gelet op het vorenstaande is hiermee dan ook geen sprake van een stikstofdepositie met significant negatief effect op Natura 2000-gebieden. Het project is in het kader van de Wet natuurbescherming, ten aanzien van de effecten van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden, niet vergunningsplichtig. Gezien het feit dat sprake is van een ontwikkeling buiten het GNN en gezien de aard en omvang van dit plan wordt geconcludeerd dat er geen aantasting plaatsvindt van de wezenlijke kenmerken en waarden van het GNN. Er hoeft geen nader onderzoek uitgevoerd te worden en er hoeft geen ontheffing aangevraagd te worden om de voorgenomen activiteiten uit te mogen voeren in het kader van de Omgevingsverordening Gelderland.

2

AERIUS berekening Lunette-eiland, datum: augustus 2021

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

10

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

Soortenbescherming Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling is ter plaatse van de projectlocatie een quickscan natuurwaarden uitgevoerd3. Hierna zijn de resultaten uit het onderzoek opgenomen. De inrichting en het gevoerde beheer maken het plangebied niet tot een geschikte groeiplaats voor beschermde planten, maar wel tot geschikt functioneel leefgebied voor verschillende beschermde dieren. Mogelijk benutten vleermuizen, amfibieën, vogels en grondgebonden zoogdiersoorten het plangebied als foerageergebied, bezetten vleermuizen er een vaste rust- en voortplantingsplaats, bezetten beschermde grondgebonden zoogdieren er een vaste rust- en voortplantingsplaats, bezetten sommige amfibieën er een vaste rustplaats en nestelen er vogels. Vermoedelijk nestelen er vogels in het plangebied waarvan uitsluitend het bezette nest beschermd is, maar er nestelen mogelijk ook vogels waarvan de nestplaats (jaarrond) beschermd is. Gelet op de aard van de werkzaamheden kan geen ontheffing verkregen worden voor het beschadigen of vernielen van bezette vogelnesten. Om te voorkomen dat bezette vogelnesten negatief beïnvloed worden, dient gewerkt te worden buiten de voortplantingsperiode of dient een broedvogelscan uitgevoerd te worden zodat de aanwezigheid van een bezet vogelnesten uitgesloten kan worden.

Om vast te kunnen stellen of er vogels in het plangebied nestelen waarvan de nestplaats jaarrond beschermd is, dient aanvullend onderzoek naar de gierzwaluw, huismus en vleermuizen uitgevoerd te worden. Voor de beschermde grondbonden zoogdieren en amfibieën, die een vaste rust- en/of voortplantingsplaats in het plangebied bezetten, geldt een vrijstelling van de verbodsbepalingen ‘vangen’ en het ‘beschadigen en vernielen van rust- en voortplantingslocaties. Beschermde grondgebonden zoogdieren en amfibieën mogen niet gedood worden als gevolg van het uitvoeren van de voorgenomen activiteiten. Wel geldt een vrijstelling voor het beschadigen en vernielen van de rust- en voortplantingsplaats. Deze vrijstelling is van toepassing omdat er sprake is van een ruimtelijke ontwikkeling. Door uitvoering van de voorgenomen activiteiten, wordt de functie van het plangebied als foerageergebied voor de in het plangebied foeragerende beschermde dieren niet aangetast. Uit het nader onderzoek4 naar de gierzwaluw, huismus en vleermuizen is gebleken dat vleermuizen geen verblijfplaats bezetten in het onderzoekgebied en dat huismussen en gierzwaluwen er geen nestplaats bezetten. Als gevolg van het slopen van de bebouwing, wordt geen verblijfplaats van een vleermuis en geen nestplaats van huismussen of gierzwaluwen negatief beïnvloed.

Er hoeft geen nader onderzoek uitgevoerd te worden en er hoeft geen ontheffing van de verbodsbepalingen aangevraagd te worden. Het aspect ecologie leidt niet tot belangrijke nadelige milieugevolgen. Tijdelijke hinder Met een ruimtelijke ontwikkeling kan ook tijdelijke hinder als gevolg van bouwwerkzaamheden gepaard gaan, in hoofdstuk 2 is hierop reeds ingegaan en is onder meer vermeld dat deze tijdelijke hinder na afronding van de bouwwerkzaamheden volledig zal vervallen. Het aspect tijdelijke hinder leidt dan ook niet tot mogelijk belangrijke milieugevolgen. Cumulatie Cumulatie van effecten treedt op wanneer werkzaamheden in direct omliggende gebieden vergelijkbare effecten veroorzaken met de hierboven beschreven effecten en in dezelfde periode worden uitgevoerd. In voorliggend geval zijn in de directe omgeving geen ruimtelijke ontwikkelingen gaande die belangrijke milieueffecten met zich meebrengen. Cumulatie is daarom niet aan de orde.

3 Quickscan Natuurwaardenonderzoek Lunette Eiland Zutphen, Natuurbank Overijssel, januari 2021 4

Nader onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen Lunettestraat 3 – Zutphen, oktober 2021

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

11

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

HOOFDSTUK 4

CONCLUSIE

Dit hoofdstuk dient als samenvatting van de conclusies van de hoofdstukken 2 en 3. In dit hoofdstuk wordt de voorgenomen activiteit aan onderstaande criteria getoetst en een eindafweging gemaakt. 1. De kenmerken van de activiteit; 2. De plaats van de activiteit; 3. De samenhang met andere activiteiten (cumulatie); 4. De kenmerken van de belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu die de activiteit kan hebben. Kenmerken van de activiteit Het voornemen betreft het realiseren van 20 reguliere grondgebonden woningen en 9 appartementen. Bij de kenmerken van de activiteit dient in het bijzonder in overweging te worden genoemd: • De omvang van het project; • hinder. Omvang De ontwikkeling is gelet op de schaal van de gemeente Zutphen gering van omvang. Met het voornemen wordt voorzien in een beperkt deel van de actuele woningbehoefte. Geconcludeerd wordt dat dit project ver beneden de drempelwaarden van de m.e.r.- plicht blijft. Hinder Tijdens de uitvoering van het voornemen kunnen flora en fauna hinder ondervinden. Uit het ecologische onderzoek en de stikstofberekening is echter gebleken dat de voorgenomen activiteiten niet tot wettelijke consequenties in het kader van soort- of gebiedsbescherming leiden. Er hoeft geen nader onderzoek uitgevoerd te worden en er hoeft geen ontheffing of vergunning aangevraagd te worden in het kader van soort- of gebiedsbescherming.

Plaats van de activiteit De projectlocatie is geheel binnen grondgebied van de gemeente Zutphen gelegen, op een bestaande bebouwde locatie. De voorgenomen activiteit is niet gelegen in beschermd gebied natuur en water. Samenhang met andere activiteiten ter plaatse Er vinden in de directe omgeving van de projectlocatie geen andere (grootschalige) ontwikkelingen plaats waarmee rekening dient te worden gehouden. Kenmerken van de belangrijke nadelige milieugevolgen Voor de beoordeling van eventuele belangrijke nadelige milieugevolgen van de voorgenomen activiteit moet, daar waar opportuun, rekenschap worden gegeven aan de volgende zaken: • Het bereik van het effect (geografische zone en de grootte van de getroffen bevolking); • Het grensoverschrijdende karakter van het effect; • De waarschijnlijkheid van het effect; • De duur, frequentie en de onomkeerbaarheid van het effect. Uit hoofdstuk 3 is gebleken dat de ontwikkeling op de relevante milieuaspecten verkeer, geluid, luchtkwaliteit, geur, water, bodem, externe veiligheid en ecologie (waaronder stikstofdepositie) geen belangrijke structurele nadelige en onomkeerbare milieugevolgen met zich meebrengt. De ontwikkeling gaat enkel gepaard met tijdelijke hinder als gevolg van bouwwerkzaamheden, die vervolgens na afronding volledig zullen vervallen.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

12

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Lunette-Eiland, Zutphen

Conclusie vormvrije m.e.r.-beoordeling De vormvrije m.e.r.-beoordeling maakt duidelijk dat de milieueffecten als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling beperkt zijn en dat er geen sprake is van een bijzondere omstandigheid die het opstellen van een plan-m.e.r. noodzakelijk maakt.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zutphen&id=dba7bcdd-b5b2-4c41-a90d-c8e9e317f18f