984062 - Verkabeling Zutphen Noord - Motivering
Tekst van het document
TAM-omgevingsplan
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord Projectnummer 0490876.100 Revisie 00 Datum 13-05-2025
Auteur(s) MVB
Opdrachtgever Qirion B.V. Postbus 50 6920 AB Duiven
datum vrijgave beschrijving revisie 13-05-2025 vastgesteld
goedkeuring JF
vrijgave EdKB
Copyright © Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Inhoudsopgave Motivering
5
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding en doel 1.2 Ligging en begrenzing projectgebied 1.3 Leeswijzer
7 7 8 9
Hoofdstuk 2 Planbeschrijving 2.1 Huidige situatie 2.2 Toekomstige situatie 2.3 Landschappelijke inpassing 2.4 Verwijderen bestaande hoogspanningsmasten
11 11 11 13 15
Hoofdstuk 3 Beleidskader 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Waterbeleid waterschap Rijn en IJssel 3.4 Gemeentelijk beleid
17 17 18 19 20
Hoofdstuk 4 Omgevingsaspecten 4.1 Archeologie 4.2 Bodem 4.3 Cultuurhistorie 4.4 Ecologie (soorten- en gebiedsbescherming) 4.5 Weging van het waterbelang 4.6 Geluid 4.7 Geur 4.8 Kabels en leidingen 4.9 Luchtkwaliteit 4.10 Klimaatadaptatie 4.11 Omgevingsveiligheid 4.12 Niet-gesprongen explosieven 4.13 Gezondheid 4.14 Duurzaamheid 4.15 Trillingen 4.16 Verkeer en parkeren 4.17 Stikstofdepositie 4.18 Vormvrije m.e.r.-beoordeling
23 23 25 26 28 32 37 39 39 40 41 41 43 46 48 48 49 50 51
Hoofdstuk 5 Juridische toelichting 5.1 De Omgevingswet 5.2 Toelichting op de regels van het TAM-omgevingsplan
53 53 55
Hoofdstuk 6
59
Economische uitvoerbaarheid
Hoofdstuk 7 Participatie 7.1 Communicatie met de omgeving 7.2 Ontwerp wijzigingsbesluit
blad 3 van 62
61 61 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
blad 4 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Motivering
blad 5 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
blad 6 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding Aanleiding en doel Aanleiding In 2019 is door de Minister van Economische Zaken en Klimaat een aantal hoogspanningsverbindingen aangewezen die verkabeld of verplaatst mogen worden. Dit is geborgd in de Wet Voortgang Energietransitie. Bij een verkabeling wordt de bestaande bovengrondse hoogspanningsverbinding volledig ondergronds gerealiseerd. Het hoogspanning tracé dat door en boven Zutphen loopt is ook door de Minister aangewezen. De gemeente en TenneT TSO B.V. (hierna TenneT) willen dit tracé verkabelen en daarmee volledig onder de grond realiseren. In Zutphen heeft TenneT tussen de Wijnhofstraat en de Voorsterallee een verdeelstation voor de verdeling van de elektriciteit. Een verdeelstation is een belangrijke schakel in het energienet. In een verdeelstation wordt elektriciteit omgezet naar een lagere waarde dus bijvoorbeeld van hoogspanning naar middenspanning. Daarnaast hebben verdeelstations een essentiële functie bij de koppeling van de diverse elektriciteitsnetwerken in een regio. Ten noorden van het verdeelstation liggen twee tracés en ten zuiden van het verdeelstation ligt één tracé. Deze tracés worden ondergronds aangelegd.
Het gaat om de volgende lijnverbindingen die in figuur 1.1 op de volgende bladzijde zijn weergegeven: Zutphen-Woudhuis vanaf mast 43 t/m 46 (lijncode ZP-WHS150); Zutphen-Lochem vanaf mast 1 t/m 4 (lijncode ZP-LC150); Zutphen-Langerak vanaf mast 55 t/m 65 (lijncode ZP-LGK150. TenneT is de netbeheerder voor het Nederlandse hoogspanningsnet voor elektriciteit (110kV en hoger). Het bedrijf heeft kortgezegd drie taken: Het verzorgen van transportdiensten door het aanleggen en onderhouden van een robuust hoogspanningsnet; Het verzorgen van systeemdiensten door het evenwicht tussen vraag naar en aanbod van elektriciteit 24 uur per dag en 7 dagen per week te handhaven; Het faciliteren van een efficiënt functionerende, liquide en stabiele elektriciteitsmarkt. De gemeente Zutphen heeft aan TenneT de opdracht gegeven om voor de verkabeling in Zutphen Noord en Zuid een ontwerp op te stellen. Het project is strijdig met het 'Omgevingsplan Zutphen'. Om de ontwikkeling mogelijk te maken wordt een TAM-omgevingsplan opgesteld. Het voorliggende TAM-omgevingsplan maakt de ondergrondse aanleg van een hoogspanningsverbinding mogelijk. Na realisatie van deze verkabeling worden de masten verwijderd, dit zal in een later stadium met een procedure voor een sloopvergunning vergund moeten gaan worden, voor het slopen geldt een vergunningsplicht.
Doel De hoogspanningstracés in Zutphen bevinden zich op korte afstand van woningen en bedrijven. Daarom wil de gemeente met TenneT de hoogspanningsverbinding ondergronds aanleggen. Doel van dit wijzigingsbesluit is om de ondergrondse hoogspanningsverbinding in het noorden van Zutphen planologisch mogelijk te maken. In figuur 1.1 is dit gebied waar dit wijzigingsbesluit betrekking op heeft met een rode cirkel globaal weergegeven. Tegelijkertijd wordt er ook voor het zuidelijke deel een wijzigingsbesluit in procedure gebracht. Hiervoor is gekozen, omdat de projecten los van elkaar gerealiseerd gaan worden.
blad 7 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Er is gekozen om de benodigde vergunningen voor de aanleg ook tegelijkertijd in procedure te brengen (gecoördineerde aanvraag), zodat na een afgeronde procedure de verkabeling gerealiseerd kan worden.
Figuur 1.1.1: toekomstige ondergrondse verkabeling Zutphen Noord (met in het rood de ligging van het gebied waar dit wijzigingsbesluit betrekking op heeft.
1.2
Ligging en begrenzing projectgebied Het tracé bestaat, zoals beschreven, uit een noordelijk deel en een zuidelijk deel. Dit wijzigingsbesluit heeft alleen betrekking op het noordelijke deel. Het noordelijk deel bestaat uit mast 1 t/m 4 en mast 43 t/m 46 die in figuren 1.2 en in figuur 2.1 zijn weergegeven. Het noordelijk deel heeft twee vertakkingen in de weilanden langs het Oostveensepad. Ten oosten van de Van Essentraat komen de vertakkingen samen om in zuidelijke richting bij het transformatorstation aan de Wijnhofstraat.
blad 8 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Figuur 1.2.1: ligging van de ondergrondse verkabeling ten opzichte van de bestaande hoogspanningsmasten
1.3
Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt het plan voor de verkabeling Zutphen Noord besproken. Hoofdstuk 3 gaat in het op relevante beleid waarna in hoofdstuk 4 de omgevingsaspecten/ omgevingsonderzoeken beschreven worden. Hoofdstuk 5 geeft de juridische toelichting van dit wijzigingsbesluit waarna deze motivering wordt afgesloten met de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid.
blad 9 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
blad 10 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Hoofdstuk 2
Planbeschrijving
2.1
Huidige situatie In de huidige situatie bestaan er drie hoogspanningstracés in Zutphen. Deze liggen globaal langs de provinciale weg N348. Deze tracés komen in Zutphen samen in het transformatorstation aan de Wijnhofstraat. Dit is één van de knooppunten die de Achterhoek verbindt met de rest van het hoogspanningsnet in Gelderland. Er bevinden zich twee tracés ten noorden van het transformatorstation en één van de tracés bevindt zich ten zuiden van het transformatorstation.
Figuur 2.1.1: huidige situatie hoogspanningsverbinding Zutphen Noord met het transformatorstation aan de Wijnhofstraat in het zuiden (blauw vlak) en de masten tot waar de verkabeling loopt in rode cirkels.
2.2
Toekomstige situatie Voor dit wijzigingsbesluit is sprake van twee tracés die verkabeld worden. Het gaat om de tracés: Zutphen-Woudhuis vanaf mast 43 t/m 46 (lijncode ZP-WHS150); Zutphen-Lochem vanaf mast 1 t/m 4 (lijncode ZP-LC150); Beide tracés zijn in onderstaande figuur 2.2 weergegeven. Werkzaamheden Zutphen - Woudhuis
blad 11 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Het te verkabelen tracédeel op de verbinding Zutphen - Woudhuis heeft een totale lengte van circa 780 meter. Over een lengte van circa 310 meter worden de kabels door middel van horizontaal gestuurde boringen aangelegd, het overige deel (circa 470 m) wordt in open ontgraving aangelegd. In figuur 2.2 zijn de gestuurde boringen met een zwarte lijn weergegeven en de open ontgravingen met een rode lijn. Werkzaamheden Lochem - Zutphen Het te verkabelen tracédeel op de verbinding Lochem-Zutphen heeft een totale lengte van circa 1.060 m. Over een lengte van circa 430 m worden de kabels door middel van horizontaal gestuurde boringen aangelegd, het overige deel (circa 630 m) wordt in open ontgraving aangelegd.
Figuur 2.2.1: toekomstige situatie ondergrondse verkabeling Aan het begin en eindpunt van de ondergrondse verkabeling wordt gewerkt met opstijgpunten. De ondergrondse kabels worden hier aangesloten op het bestaande hoogspanningsnet. In onderstaande afbeelding is een opstijgpunt weergegeven en tevens een bovenaanzicht van de toekomstige situatie bij mast 43.
blad 12 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Figuur 2.2.2: toekomstige opstijgpunten ter plaatse van mast 43
2.3
Landschappelijke inpassing Binnen het werkingsgebied Ter plaatse van Mast 43 is sprake van een ligging nabij de rijks-beschermde buitenplaats 't Klaphek. Het opstijgpunt heeft door haar installaties, hekwerk en opgaande hoogspanningslijnen naar mast 43 invloed op het zicht en beleving van de plek en haar omgeving. De voorgenomen ontwikkeling heeft hierdoor invloed op de landschappelijke waarden van het gebied. Vanuit de landschappelijke waarden is onderzocht met welke maatregelen deze invloed eventueel kan worden beperkt. Het hekwerk rondom het opstijgpunt wordt uitgevoerd in een donkergroene kleur. Hiermee valt het opstijgpunt weg in het landschap. Buiten het werkingsgebied Het landgoed 't Klaphek staat op de rand van een oude dekzand/rivierduinen die rond de bekenstructuur aanwezig is. Dit is in het landschap ook heel mooi terug te zien; de oude dekzandcomplexen zijn zwaar beplant en de beekdalen bestaan uit open weilanden. De beek is zichtbaar door de zachthoutstructuren die langs de beek ontstaan en waardevol zijn voor flora en fauna. Deze harde lijnen in landschapsstructuren kunnen in dit gebied nog benadrukt worden door de gebied kenmerkende beplanting te herstellen en aan te vullen.
blad 13 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Bij de oorspronkelijke tuinaanleg in Engelse landschapsstijl heeft een deel van deze beplanting doen verdwijnen. Herstel van deze beplanting, met respect voor de historische tuinaanleg en met behoud van zichtlijnen, geeft een extra waarde aan de landschappelijke kenmerken van dit gebied. Op het minutenplan uit 1830 is perceel 144 als apart element te zien: Hier stond een laan of strook hoge opgaande bomen. Een gewenst herstel van deze historische houtopstand zou van grote waarde zijn voor flora en fauna. Deze houtwal is ook aangeduid in het Gelders Natuurnetwerk met als een van de ontwikkelingsdoelen verdere natuurontwikkeling bos en landgoedelementen, ontwikkelingen van bosranden, schrale graslanden en ruigteranden. Een gewenst herstel van deze houtopstanden hoeft de historische tuinaanleg van na 1879 niet persé in de weg te staan; door het handhaven van de zichtlijn op de voormalige batterij kan toch een groot deel van deze opstand gerealiseerd worden. Hiermee zou bij een realisatie ervan het zicht op het opstijgpunt voor een groot deel ontnomen vanuit het landhuis.
Figuur 2.3.1 weergave minutenplan 1830 De aanwezige landschappelijke beplanting langs de beek geeft natuurlijke camouflage van het opstijgpunt. Deze beplanting is zeer waardevol om de ligging van de beek in het landschap te accentueren en van grote ecologische waarde. Vanuit het landschap wordt het opstijgpunt vooral ervaren vanaf de informele wandeling door de weilanden en vanaf het Oostveensepad. Van hieruit is zicht op het open beekdal, waarbij de beek alleen wordt ervaren door de beekbegeleidende beplanting. Deze beplanting, bestaande uit zachte houtsoorten kan aansluitend worden aangeplant tot het hekwerk, waardoor de mast en het opstijgpunt opgaan in de beekbegeleidende beplanting. Deze gronden (groene wiggen op de navolgende afbeelding) zijn in privaat eigendom en om de voorgestelde landschappelijke inpassing te realiseren is instemming van de grondeigenaar nodig. De gemeente gaat met de grondeigenaar over voornoemde inpassingsmaatregelen in gesprek. De realisatie van voornoemde inpassingsmaatregelen is voor onderhavige ontwikkeling een pre en geen must om te komen tot een uitvoerbaar plan.
blad 14 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Figuur 2.3.2 groene wiggen nabij het opstijgpunt
2.4
Verwijderen bestaande hoogspanningsmasten Nadat de verkabeling in werking is genomen en volledig functioneert kunnen ook de bestaande hoogspanningsmasten verwijderd worden. De verwachting is dat dit in 2027/2028 zal plaatsvinden. Dit verwijderen wordt met een aparte vergunning vergund. Ook zal de dubbelbestemming die nu van toepassing is wegbestemd worden en kan op het bestaande tracé gewerkt worden aan een nieuwe groene invulling van het gebied. De plannen hiervoor worden met de directe omwonenden/omgeving verder uitgewerkt.
blad 15 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
blad 16 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Hoofdstuk 3 3.1
Beleidskader Rijksbeleid Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werkinggetreden. De Omgevingswet heeft een aantal wetten gebundeld over de leefomgeving. Daarbij hoort ook één Rijksvisie op de leefomgeving: de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). In de NOVI zijn de maatschappelijke opgaven samengevat in vier prioriteiten ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; duurzaam economisch groeipotentieel; sterke en gezonde steden en regio's, en toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied; Een van de nationale belangen is het realiseren van een betrouwbare, betaalbare en veilige energievoorziening, die in 2050 CO2 -arm is, en de daarbij benodigde hoofdinfrastructuur (belang 11). Vitale functies in de maatschappij zijn afhankelijk van een betrouwbare toelevering en uitwisseling van energie. Voor iedereen moet deze energie betaalbaar zijn. Energie moet veilig worden opgewekt, gewonnen, getransporteerd, opgeslagen en gebruikt. Met betrekking tot 'ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie' is in de NOVI aangegeven dat de transitie naar hernieuwbare energie meer ruimte vraagt voor transport, distributie, conversie en opslag van energie, zowel boven- als ondergronds.
In plaats van enkele relatief grote 'puntbronnen' (centrales) en transport van energie in één richting zal sprake zijn van meerdere, vaak decentrale en sterk in grootte verschillende bronnen (zon-, wind- en bodemenergie) en tweerichtingsverkeer (gebruik en productie) van energie. Betekenis voor het project De ontwikkeling is in lijn met de Nationale Omgevingsvisie en draagt bij aan een betrouwbaar energienetwerk in Nederland. Wet Voortgang Energietransitie De Wet Voortgang Energietransitie (Wet VET) vormt de basis voor het verbod op aardgas in nieuwbouw. Deze Wet is op 1-07-2018 in werking getreden. De Wet Voortgang Energie Transitie maakt het tevens mogelijk dat gemeente(n) en provincie samen het initiatief nemen voor de eventuele verplaatsing of verkabeling van een hoogspanningstracé in woongebieden door de netbeheerder. Met de Wet Voortgang Energietransitie wil de overheid de energietransitie bevorderen. Het ondergronds aanleggen (verkabelen) van hoogspanningsverbindingen in stedelijk gebied is daar één van de belangrijkste pijlers van. Op initiatief van gemeenten kunnen de hoogspanningsverbindingen in de buurt van woonwijken onder de grond gebracht worden. Per 1 januari 2019 is daarnaast de Algemene Maatregel van Bestuur 'Verplaatsen en verkabelen hoogspanningsverbindingen' in werking getreden.
Dit besluit bevat onder andere regels over het deel van de kosten voor verplaatsing of verkabeling dat de verzoeker (de gemeente) moet bijdragen. Betekenis voor het project De ontwikkeling die met dit TAM-omgevingsplan mogelijk wordt gemaakt, vloeit voort uit de Wet Voortgang Energietransitie.
blad 17 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Conclusie Rijksbeleid Het plan is in overeenstemming met het Rijksbeleid en draagt bij aan de doelstellingen ten aanzien van de energietransitie.
3.2
Provinciaal beleid Omgevingsvisie Gelderland De Provinciale Staten hebben de omgevingsvisie Gelderland genaamd 'Gaaf Gelderland, op 19 december 2018 vastgesteld. Het doel van de omgevingsvisie is gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland. Gezond en veilig dat is een gezonde leefomgeving, schone en frisse lucht, een schoon milieu, een niet vervuilde bodem, voldoende schoon en veilig (drink)water en bescherming van onze flora en fauna. Daarnaast is het voorbereid zijn op klimaatverandering, zoals hitte, droogte, bosbranden en overstromingen. Ook is het aandacht hebben voor verkeersveiligheid en veilige bedrijvigheid. Schoon en welvarend is een dynamisch, duurzaam en aantrekkelijk woon-, werk en ondernemersklimaat, goed bereikbaar en met een goed functionerende arbeidsmarkt en dito kennis- en onderwijsinstellingen. Maar het is ook het tegengaan van schadelijke uitstoot, afval en uitputting van grondstoffen. Daarbij betekent het ook investeren in nieuwe, alternatieve vormen van energie. Daarnaast is in de omgevingsvisie een aantal ambities geformuleerd op het gebied van energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, vestigingsklimaat en woon- en leefomgeving. In de ambitie over energietransitie wordt gesteld dat er veel ruimte nodig is voor het opwekken, opslaan en transporteren van duurzame energie.
Het ontbreekt aan ruimte in de Gelderse steden om duurzame alternatieven in te passen. Daarnaast is voor de provincie de kwaliteit van de leefomgeving van groot belang. Betekenis voor het project De beoogde ontwikkeling is in overeenstemming met de omgevingsvisie van de provincie Gelderland. Het zorgt voor een efficiënt ruimtegebruik door gebruik te maken van een ondergrondse hoogspanningsverbinding. Daarnaast worden bestaande bovengrondse hoogspanningsverbindingen afgebroken en dit draagt bij aan de kwaliteit van de leefomgeving. Omgevingsverordening provincie Gelderland De omgevingsverordening van de provincie Gelderland is op 2 januari 2024 in werking getreden. De omgevingsverordening is gericht op het realiseren van een aantal oogmerken van de omgevingsvisie, namelijk een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland en een goede kwaliteit van de Gelderse leefomgeving (artikel 1.2 lid 1). De regels uit de omgevingsverordening beogen een evenwichtige afweging van het gebruik van de fysieke leefomgeving ter invulling van de maatschappelijke behoeften en het in stand houden of verteren van een aantal omgevingskwaliteiten.
Het gaat dan om de volgende omgevingskwaliteiten: de biodiversiteit en natuur, de natuur en het landschap (inclusief erfgoed), het water (met name grond- en zwemwater), het milieu, het bereikbaarheidsnetwerk (met name provinciale wegen) en de inrichting van de leefomgeving (artikel 1.2 lid 2). Daarnaast is de omgevingsverordening gericht op de uitvoering van een aantal doelen uit de Omgevingswet. Dit zijn de volgende doelen: het beschermen en duurzaam benutten van de
blad 18 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Gelderse leefomgeving, het bereiken of voldoen aan provinciale omgevingswaarden en andere provinciale doelstellingen voor de fysieke leefomgeving, het verrichten van activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving in Gelderland en het doelmatig en doeltreffend uitoefenen van taken en bevoegdheden door bestuursorganen in Gelderland. Gelderse streek Achterhoek In de omgevingsverordening wordt in artikel 5.34 bepaalt dat wanneer een omgevingsplan van toepassing is op locaties binnen de Gelderse streek Achterhoek, dan dient bij een nieuwe activiteit of ontwikkeling rekening te worden gehouden met de voor die streek vastgelegde kernkwaliteiten en ontwikkeldoelen van het landschap. Deze kernkwaliteiten zijn opgenomen in de bijlage 'Kernkwaliteiten en ontwikkeldoelen landschap Gelderse streek Achterhoek'. Het accent bij deze kernkwaliteiten en ontwikkeldoelen ligt voornamelijk in het buitengebied. Een van de ontwikkeldoelen is het bewaren, herstellen en leefbaar maken van het monumentale karakter van Doesburg en Zutphen. De beoogde ontwikkeling draagt met het ondergronds brengen van de hoogspanningsverbinding bij aan dit ontwikkeldoel. De beeldbepalende hoogspanningsmasten zullen door deze verkabeling op termijn verdwijnen. Flora- en faunactiviteiten in Gelderland In de omgevingsverordening worden vergunningvrije gevallen aangewezen.
Hiermee worden een aantal activiteiten aangewezen, welke op grond van artikel 5.1 lid 2 aanhef en onder g verboden zijn te verrichten zonder omgevingsvergunning, waarbij geen omgevingsvergunning is vereist. Artikel 4.3 wijst een aantal vergunningvrije activiteiten met betrekking tot (de voorplantingsplaats of rustplaats van) de veldmuis. Artikel 4.4 wijst een aantal vergunningvrije gevallen aan ten behoeve van ruimtelijke inrichting of ontwikkeling. Het gaat dan bijvoorbeeld om (de voortplantings- of rustplaats van) de egel, de haas en de meerkikker. Voor deze verkabeling zijn meerdere natuurtoetsen opgesteld. Deze worden in hoofdstuk 4 beschreven. Daaruit blijkt dat het plan uitvoerbaar is vanuit de natuurwetgeving. Graven in verontreinigde bodem in Gelderland In paragraaf 4.4.2 van de omgevingsverordening worden regels gesteld met betrekking tot activiteiten op of in de bodem. Deze paragraaf is van toepassing op de activiteiten saneren van de bodem en graven in de bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit, met uitzondering van werkzaamheden ten behoeve van kabels en leidingen (artikel 4.50 lid 1). Voor deze verkabeling is een bodemonderzoek uitgevoerd waaruit blijkt dat het plan vanuit het aspect bodem uitvoerbaar is. Dit onderzoek is beschreven in paragraaf 4.2.
Conclusie provinciaalbeleid De verkabeling Zutphen Noord is in overeenstemming me het provinciaal beleid.
3.3
Waterbeleid waterschap Rijn en IJssel Het beleid van het Waterschap werkt door in het beleid van lagere overheden. Het waterschap beschermt de waterhuishouding in het gebied. Beleid van het Waterschap spreekt zich niet specifiek uit over verkabeling. In zijn algemeenheid kan een ondergrondse kabel wel invloed hebben op de waterhuishouding ter plekke. Daarom is er een hydrologisch onderzoek en watertoets uitgevoerd voor dit werkingsgebied. Deze onderzoeken zijn opgenomen als bijlage en beschreven in paragraaf 4.5.
blad 19 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Op basis daarvan zullen de benodigde vergunningen aangevraagd worden en is het plan in overeenstemming met de waterbelangen en waterhuishouding in het gebied zoals die beschermd wordt door het waterschap.
3.4
Gemeentelijk beleid Atlas Zutphen 2040 De Atlas Zutphen 2040 van februari 2023 is het resultaat van de eerste fase richting de omgevingsvisie. De omgevingsvisie van de gemeente Zutphen wordt in drie fases gerealiseerd. In de Atlas Zutphen 2040 wordt themagewijs toegewerkt naar de belangrijkste opgaven en kansen voor de omgevingsvisie van de gemeente Zutphen. Een van de thema's is 'energie en duurzaamheid'. De kans die hierin wordt genoemd is 'het ondergronds brengen van bestaande hoogspanningslijnen, verkabeling, bij vervangingswerkzaamheden brengt mogelijkheden om via herinrichting van deze zones de ruimtelijke kwaliteit te verbeteren'. Daarnaast wordt de ontwikkeling expliciet benoemd. Uit de atlas volgt dat de voorgenomen verkabeling langs de N348 ruimte biedt voor natuurontwikkeling, klimaatadaptatie of woningbouw. Betekenis voor het project De ontwikkeling sluit volledig aan bij de Atlas Zutphen 2040 en zorgt ook mede voor de uitvoering van de kansen uit de Atlas. Geldend omgevingsplangemeente Zutphen Het omgevingsplan van Zutphen bepaalt welke activiteiten er toegestaan zijn en welke niet. In het gebied is sprake van twee voormalige bestemmingsplannen die nu onderdeel uitmaken van het (tijdelijke) omgevingsplan van de gemeente. Het gaat dan om de volgende twee voormalige bestemmingsplannen die regels geven voor het gebruik en de bouwmogelijkheden van de gronden.
Bestemmingsplan Deventerweg Voorsteralleekwartier In het zuidelijke deel van het werkingsgebied worden de gebruiks- en bouwmogelijkheden bepaald door het voormalige bestemmingsplan 'Deventerweg Voorsteralleekwartier' dat door de gemeenteraad is vastgesteld op 17 november 2010 (NL.IMRO.03010000Deventerweg-) en onderdeel is geworden van het tijdelijk deel van het omgevingsplan. In dit plan hebben de gronden diverse bestemmingen, zoals 'Groen', 'Maatschappelijk', 'Verkeer' en 'Agrarisch' (zie figuur 3.1a). Dit bestemmingsplan is van toepassing tot het Oostveensepad en het asielzoekerscentrum aan de Voorsterallee wat de bestemming Maatschappelijk heeft. Ook is met een dubbelbestemming de hoogspanningsverbinding beschermd. Het ondergronds brengen van deze hoogspanningsverbinding is op grond van het omgevingsplan niet mogelijk, zodat er een wijzigingsbesluit nodig is om de verkabeling mogelijk te maken.
blad 20 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Figuur 3.4.1 : fragment geldend omgevingsplan met transformatorstation in het paars, verkabeling loopt in noordelijke richting en is met de rode lijn weergegeven.
Figuur 3.4.2 : fragment geldend omgevingsplan met globale ligging van de masten tot waar de verkabeling loopt en met de rode lijn de hoogspanningskabels voor zover die liggen in dit (voormalige) bestemmingsplan. Bestemmingsplan Landelijk gebied Aan de noordzijde van mast 3 en 44 richting de opstijgpunten, geldt het bestemmingsplan Landelijk gebied van de gemeente Zutphen (NL.IMRO.0301.op0101Landelijkgeb-vs01). Ook dit plan is onderdeel geworden van het tijdelijk deel van het omgevingsplan van de gemeente. Hierin hebben de gronden de bestemming 'Agrarisch'. Daarnaast zijn ook met dubbelbestemmingen mogelijke archeologische waarden en het beekdal beschermd. Ook op grond van deze regels is het niet mogelijk om de hoogspanningsverbinding ondergronds aan te leggen. blad 21 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Figuur 3.4.3: fragment omgevingsplan Landelijk gebied met in het rood globaal de verkabeling en ligging van de masten.
blad 22 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Hoofdstuk 4 4.1
Omgevingsaspecten Archeologie Erfgoedwet en Omgevingswet Vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet werd in de Erfgoedwet regels gesteld over het behoud en beheer van Nederlands erfgoed. De Omgevingswet is per 1 januari 2024 inwerking getreden en bevat de regels over ruimtelijk cultureel erfgoed en de omgang met het cultureel erfgoed in de fysieke leefomgeving. De Omgevingswet bevat daarnaast ook regels over archeologische monumenten, waarden en onderzoek. Artikel 5.130 van het Besluit kwaliteit leefomgeving bevat de regels over archeologische monumenten en waarden. Het omgevingsplan kan daarnaast ook regels stellen over de wijze waarop opgravingen dienen te geschieden en het begeleiden van activiteiten die leiden tot bodemverstoring. Ook kan het omgevingsplan gevallen aanwijzen waarbij er geen archeologisch onderzoek is vereist. Projectspecifiek Door De Steekproef is een aanvullend archeologisch bureauonderzoek gedaan ten behoeve van de verkabeling. In het rapport 'Zutphen Leidingtrace, Steekproefrapport 2022-05/07 (versie 2.1)' zijn hiervan de resultaten beschreven. Dit onderzoek is in zijn geheel aan dit wijzigingsbesluit toegevoegd als bijlage 1. Uit het onderzoek is gebleken dat het project in een relatief rijk archeologisch gebied is gelegen. In het kader van ruimtelijke ontwikkeling van het gebied is veel archeologisch onderzoek uitgevoerd.
Uit deze onderzoeken blijkt dat op vrijwel alle hogere delen van het landschap archeologische resten te verwachten zijn. In de omgeving van het noordelijk deel van het tracé zijn bij opgravingen vindplaatsen aangetroffen. Zo zijn er bij de Ooyerhoek resten gevonden uit het mesolithicum, sporen uit de ijzertijd tot de middeleeuwen en nederzettingsresten uit de late ijzertijd en de Romeinse tijd. Elders in de omgeving zijn ook resten aangetroffen daterend uit de neolithicum en bronstijd. Vanaf de nieuwe tijd kan de historische bewoning redelijk accuraat in beeld worden gebracht. Ook in de nieuwe tijd bleef bewoning beperkt tot de hogere delen van het landschap en werden de lage delen gebruikt voor akkerbouw. Deze werden bemest met plaggen en kunnen mogelijk oudere archeologische resten en lagen hebben afgedekt. Resten uit de Tweede Wereldoorlog kunnen vrijwel overal in het tracé worden aangetroffen. De recente wijzigingen (juli 2023) in het tracé hebben inhoudelijk geen grote gevolgen voor de resultaten van het onderzoek ten opzichte van de eerste versie (april 2022). Bodemkundig gaat het aangepaste tracé door dezelfde type bodems en geomorfologische entiteiten. Op de historische kaarten zijn er ook geen aanwijzingen dat de nieuwe tracédelen door historische bebouwing loopt.
Door De Steekproef is een advieskaart opgesteld voor het noordelijke deel als het gaat om vervolgonderzoek en maatregelen. Deze zijn in figuur 4.1.1 weergegeven Op grond van dit onderzoek heeft de gemeente als bevoegd gezag bepaald dat er tijdens de werkzaamheden in de rode gebieden uit figuur 4.1 in de grond permanent archeologische begeleiding moet worden toegepast. Daardoor kunnen eventuele archeologische vondsten meteen beoordeeld en waar nodig bewaard worden.
blad 23 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Figuur 4.1.1: archeologische advieskaart voor het tracé Op de gronden zijn op grond van het tijdelijk deel van het omgevingsplan dubbelbestemmingen met archeologische waarden aanwezig. Op grond van deze waarden is een ondergrondse aanleg niet direct toegestaan. Er dient te worden aangetoond op welke stukken van het terrein archeologische resten aanwezig (zouden kunnen) zijn. Daarnaast dient aangetoond te worden hoe met deze resten om wordt gegaan. Deze archeologische resten dienen ex situ veilig te worden gesteld om te zorgen dat de archeologische waarden van de gronden verdwijnt. Om hiervoor te zorgen is een Programma van Eisen opgesteld. Programma van Eisen Er is besloten dat voorafgaand aan de geplande werkzaamheden archeologisch onderzoek moet worden verricht. Er is een programma van eisen opgesteld om de eisen aangaande dit onderzoek te formuleren. Het onderzoek heeft als doel om eventuele aanwezige archeologische resten te documenteren en vast te leggen voordat deze door graafwerkzaamheden vernietigd worden. Specifieker is het doel om archeologische resten niet ongezien verloren te laten gaan en deze zo efficiënt mogelijk op te graven voorafgaand of tijdens het uitvoeren van de gravende werkzaamheden. Op de gronden ligt op grond van het tijdelijk deel van het omgevingsplan een archeologische dubbelbestemming.
De gronden kunnen worden vrijgegeven door het ex situ veilig stellen van archeologische waarden. Het Programma van Eisen is opgenomen in bijlage 2 en is het leidende uitvoeringsinstrument. Conclusie Vanuit het aspect archeologie zijn er geen belemmeringen voor de realisatie van het project.
blad 24 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
4.2
Bodem Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) Bij wijziging van activiteiten geldt dat de bodem geschikt moet zijn voor het beoogde gebruik. Dit kan betekenen dat een onderzoek moet worden verricht naar de bodem- en grondwaterkwaliteit. Met de Aanvullingswet bodem Omgevingswet is in paragraaf 5.1.4.5 Bkl een aantal instructieregels opgenomen ten aanzien van het aspect bodem. In paragraaf 5.1.4.5.1 Bkl wordt aangegeven wanneer een omgevingsvergunning is vereist en wanneer een melding is vereist. De gemeente stelt de waarde voor de toelaatbare kwaliteit van de bodem vast in het omgevingsplan. Deze waarde mag niet hoger zijn dan het blootstellingsniveau van het maximaal toelaatbaar risico voor de mens. Deze waarden kunnen verschillen per gebied of per gebruiksfunctie. Een omgevingsplan mag het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie bij overschrijding van de waarde als bedoeld in artikel 5.89i, lid 1, toelaten wanneer de in het omgevingsplan voorgeschreven sanerende of andere beschermende maatregelen worden getroffen. Daarnaast zijn er specifieke regels over bodem opgenomen in het Aanvullingsbesluit Bodem en de activiteiten zijn opgenomen in het Besluit activiteiten leefomgeving. Projectspecifiek Door Antea Group is in april 2022 een historisch milieukundig vooronderzoek uitgevoerd.
In april 2023 heeft een tracéwijziging plaatsgevonden, waardoor het eerder uitgevoerde milieuhygiënische vooronderzoek niet meer volledig toereikend was. Hiervoor is een nieuw historisch milieukundig vooronderzoek opgesteld. Dit onderzoek is opgenomen als bijlage 3 bij deze motivering. Uit het bodem informatie systeem (BIS) van de provincie Gelderland blijkt dat er ter plaatse van het noordelijk tracé geen verdachte activiteiten of voorgaande bodemonderzoeken bekend zijn. Uit het bodemloket en overige bronnen komen een aantal verdachte activiteiten of locaties naar voren, welke opgenomen zijn in de onderstaande tabel: Tabel 4.1 bodemlocaties noordelijke tracé o.b.v. de geraadpleegde bodeminformatiesystemen
De verdachte locatie is door Antea Group in een verkennend bodemonderzoek nader onderzocht. Uit het verkennend bodemonderzoek blijkt dat ter plaatse van de Voorsterallee 1-11 Zutphen maximaal licht verhoogde gehalten minerale olie, kwik en lood aanwezig is. Ter plaatse van Lochem verkabeling mast 1 t/m 4 is ter plaatse van boring L01 (0,0-0,5 blad 25 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
m-mv) een matig verhoogd gehalte zink aangetoond. Aangezien het gehalte is aangetoond in een individueel monster en het gehalte de interventiewaarde niet benaderd wordt aanvullend onderzoek niet noodzakelijk geacht. In de bovengrond ter hoogte van ID20 (nabij de Wijnhofstraat 2a Zutphen) is in medio juli 2022 een sterk verhoogd gehate met koper in de bovengrond gemeten. Aanvullend zijn boringen uitgevoerd, waarmee de koperverontreiniging in noordelijke tracérichting is afgeperkt. Aanvullend onderzoek Op basis van bovenstaand onderzoek is aanvullend onderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is als bijlage 4 opgenomen. In het uitgevoerde bodemonderzoek is de milieuhygiënische bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocaties vast te stellen. Uit de resultaten van dit onderzoek blijkt het volgende: Tijdens voorgaand verkennend bodemonderzoek is nabij mast 65 een verontreiniging met koper aangetroffen. Na een doorgevoerde tracéwijziging. Vanwege een nieuwe tracéontwerp (d.d. 04-2023) heeft hier een tracéwijziging plaatsgevonden, waardoor aanvullend onderzoek ter hoogte van de nieuwe tracéligging is uitgevoerd. Tijdens het aanvullend onderzoek is ter plaatse van één boring een licht verhoogd gehalte aan koper aangetroffen. Bij de overige boringen zijn geen verhoogde gehalten aan koper aangetroffen.
De in 2022 aangetroffen koperverontreiniging is op basis van de onderzoeksresultaten niet aanwezig ter plaatse van het huidige tracé. De verontreinigingssituatie is weergegeven op tekening 0486826.100-S3. Het nieuwe tracéontwerp (d.d. 04-2023) doorkruist een niet eerder onderzochte slootdemping. Bij de slootdemping ter hoogte van Rademakersstraat 1 zijn geen zintuiglijke waarnemingen gedaan die mogelijk duiden op een bodemverontreiniging, waardoor de locatie als onverdacht ten aanzien van een bodemverontreiniging (waaronder met asbest) wordt aangemerkt. Er is derhalve geen analytisch onderzoek uitgevoerd. Het dempingsmateriaal bestaat naar alle waarschijnlijkheid uit gebiedseigen, zintuiglijk onverdachte klei en zand. Aanbevelingen De voorgenomen graafwerkzaamheden op de landbodem vallen onder de milieubelastende activiteit graven in bodem met een kwaliteit kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde. Vooralsnog wordt ervan uitgegaan dat er sprake is van tijdelijke uitname. In dit geval gelden er geen meld- en informatieplicht voor de graafwerkzaamheden. Indien er geen sprake is van tijdelijke uitname, geldt voor de werkzaamheden een informatieplicht middels het DSO (Digitaal Stelsel Omgevingswet). De informatieverstrekking dient minimaal 1 week voorafgaand aan de werkzaamheden te worden gedaan.
Conclusie Op grond van het uitgevoerde bodemonderzoek is de uitvoerbaarheid van de ondergrondse verkabeling onderbouwd.
4.3
Cultuurhistorie Besluit kwaliteit leefomgeving Het Bkl bepaalt dat in een omgevingsplan rekening gehouden moet worden met het belang en het behoud van cultureel erfgoed (art. 5.130 Bkl). Het voorgaande geldt ook ten aanzien van werelderfgoed (art. 5.131 Bkl). Bij cultureel erfgoed kan het bijvoorbeeld gaan om monumenten, archeologische monumenten en stads- en dorpsgezichten. Projectspecifiek
blad 26 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
De gemeente Zutphen heeft de erfgoedwaarden ter plaatse beoordeeld en bepaald dat het realiseren van een opstijgpunt de erfgoedwaarden aantast. Daarbij gaat het 1) om zichtlijnen in het historisch tuinontwerp bezien vanuit de rijks-beschermde buitenplaats óp het opstijgstation) en 2) zicht vanaf de openbare weg op het opstijgstation: een populair wandel- en recreatiegebied voor inwoners en bezoekers vanuit Zutphen. De conclusie op basis van een scan van het tuinhistorisch onderzoek (feb 2023), dat door de eigenaar van het landgoed aan de gemeente ter beschikking is gesteld, en een eigen analyse van de omgeving, is dat na een weging van alle maatschappelijke belangen, het aantasten van deze erfgoedwaarden binnen de marge van het aanvaardbare zullen blijven. Wel kan deze aantasting nader worden beperkt door compensatie binnen het tuinontwerp. In het algemeen kan worden gesteld dat de vorming van het huidige aanzien van dit landgoed, zoals bij alle historische landgoederen, stapsgewijs is gevormd in aanpassing op ontwikkelingen in de omgeving. (Twentekanaal, spoorlijnen, autowegen, het toevoegen van nieuwe landmarkers en het verdwijnen van oude). In dat licht zijn maatschappelijke ontwikkelingen met betrekking tot energievoorziening, de wens tot onderkabeling en het geloof in “magnetische velden” rondom opstijgpunten ook te zien.
De weerbaarheid van dergelijke landgoederen bestaat erin dat zij met behulp van nieuw landschapsontwerp hierop kunnen inspelen, mits deze ontwikkelingen ook rekenschap geven van de aanwezige waarde van de aanwezigheid van dit landgoed. In deze ruimtelijke dialoog tussen landgoed en omgeving kan een nieuwe betekenisvolle laag worden toegevoegd aan de ruimtelijke kwaliteit, die tevens een neerslag vormt van deze maatschappelijke ontwikkelingen. Waardering en aantasting Rijk beschermd landgoed: De ingreep bevindt zich binnen de invloedssfeer van de rijks-beschermde landgoed en staat in een zichtas van de historische tuinaanleg. Echter, van alle zichtassen lijkt deze het minst van waarde, en daarmee het minst “behoudenswaardig”. Het opstijgtalud wordt al goed gecamoufleerd door aanwezige bosschages. De gemeente schat in dat er mogelijkheden zijn voor een ruimtelijk tuinontwerp waarin het nieuwe element wordt opgenomen / meegewogen / gecamoufleerd, dat zowel recht doet aan het historisch tuinontwerp als aan de nieuwe / toekomstige situatie. Het aanpassen van zichtassen vanuit het landgoed in reactie op ruimtelijke veranderingen in de omgeving zien wij als de verantwoordelijkheid van de landgoedeigenaar, maar we denken ook graag mee als dat gewenst is.
blad 27 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Figuur 4.1.2: Zicht vanaf de zijkant van het huis richting de tuin- en parkaanleg in het westen. Zowel mast als talud zijn in deze situatie (zelfs in de winter) al behoorlijk goed aan het zicht onttrokken. Juist vanaf het druk bewandelde Oostveense pad is de verstoring veel nadrukkelijker, ingrijpender, en vertegenwoordigt het een groter algemeen belang. Oplossingen: Om aantasting van de erfgoedwaarden te beperken / minimaliseren kan een oplossing worden gezocht in compensatie binnen het tuinontwerp. Net als bij de landschappelijke inpassing is de gemeente Zutphen afhankelijk van medewerking van de landgoedeigenaar. Deze maatregelen vallen buiten het werkingsgebied van de verkabeling. Conclusie Het project heeft een positieve invloed op de cultuurhistorische waarden, doordat de hoogspanningsmasten verdwijnen. Cultuurhistorie vormt dan ook geen belemmering voor de uitvoering van het project.
4.4
Ecologie (soorten- en gebiedsbescherming) Omgevingswet In het Besluit kwaliteit leefomgeving zijn een aantal regels opgenomen ter bescherming van de natuur. Het gaat om gebiedsbescherming, regels voor soortenbescherming en de bescherming van houtopstanden. Het gebieds- en soortenbeschermingsregime vloeit voornamelijk voort uit de Vogelrichtlijn (74/407/EEG) en de Habitatrichtlijn (92/43/EEG). Gebiedsbescherming De Vogel- en Habitatrichtlijn beschermen Natura 2000-gebieden. Door de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit worden Natura 2000-gebieden aangewezen. Voor elk Natura 2000-gebied worden instandhoudingsdoelstellingen vastgelegd (2.43 Omgevingswet). Dit gebeurt in een aanwijzingsbesluit. Natura 2000-gebieden hebben externe werking. Hierdoor dienen ingrepen die buiten deze gebieden plaatsvinden ook getoetst te worden op het effect van de ingreep op soorten en habitats. Wanneer niet
blad 28 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
uitgesloten kan worden dat er significante gevolgen zijn voor een Natura 2000-gebied, dan dient een passende beoordeling plaats te vinden. Uit de passende beoordeling dient zekerheid te worden verkregen dat de natuurlijke kenmerken van het gebied niet worden aangetast. Wanneer niet met zekerheid gesteld kan worden dat de natuurlijke kenmerken van het gebied niet worden aangetast, dan dient te worden voldaan aan het bepaalde in artikel 8.74b Bkl. Er dient dan voldaan te zijn aan de volgende voorwaarden: er zijn geen alternatieve oplossingen, het project is nodig om dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en de nodige compenserende maatregelen worden getroffen om te waarborgen dat de algehele samenhang van het Natura 2000-netwerk bewaard blijft. Soortenbescherming De bescherming van soorten is op zowel Europees niveau, zoals aangewezen in de Vogel- en Habitatrichtlijn, als op nationaal niveau. Op nationaal niveau kan deze bescherming in de vorm van wet- en regelgeving zijn, maar ook in de vorm van fysieke maatregelen die de bescherming, vestiging of uitbreiding van een soortenpopulatie stimuleren. Op grond van artikel 2.18 lid 1 sub f Omgevingswet ligt deze verantwoordelijkheid in beginsel bij de provincie. Ook decentrale overheden kunnen hier actief beleid over voeren.
Hier kan bijvoorbeeld worden gedacht aan het vaststellen van een programma voor soortenbescherming. Om soorten te beschermen geeft de Omgevingswet tevens regels over flora- en fauna-activiteiten. Een flora- en fauna-activiteit betreft een 'activiteit met mogelijke gevolgen voor van nature in het wild levende dieren of planten'. Artikel 5.1 lid 2 sub g Omgevingswet bepaalt dat een omgevingsvergunning is vereist voor een flora- en fauna-activiteit voor zover het een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen geval betreft. Deze gevallen zijn opgenomen in afdeling 11.2 van het Beluit activiteiten leefomgeving. Gelet op de definitie van een flora- en fauna-activiteit dient bij vrijwel alle activiteiten in de fysieke leefomgeving nagegaan te worden of er soorten aanwezig zijn en welke soorten dat zijn. Projectspecifiek De voorgenomen werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd indien de werkzaamheden niet in strijd zijn met de Omgevingswet en het beleid van Natuurnetwerk Nederland. Daarom is inzicht gewenst in de aanwezigheid van beschermde soorten en beschermde gebieden binnen de invloedsfeer van het projectgebied en de effecten hierop. Dit wordt gedaan op basis van een Natuurtoets die door Antea Group is uitgevoerd (kenmerk: 486826, d.d. 5 oktober 2023 en aanvullend onderzoek d.d. 19 december 2023).
Deze natuurtoetsen zijn als bijlage 5 en bijlage 6 bij dit wijzigingsbesluit opgenomen. Het onderzoek is gedaan voor het gehele tracé (noord en zuid), onderstaand worden de conclusies beschreven. Gebiedsbescherming Het tracé loopt niet door een N2000-gebied, groene Ontwikkelingszone, weidevogelgebied, ganzenrustgebied of beschermingszone natte landnatuur. Wel passeert het tracé op één locatie het Gelderse Natuurnetwerk. Natura 2000 De voorgenomen ontwikkeling ligt op circa 1,2 kilometer afstand van het Natura 2000-gebied 'Rijntakken'. Gezien de relatief kleine en kortdurende ingreep, de afstand en tussenliggende afschermende elementen kunnen effecten door storingsfactoren zoals verdroging, versnippering, of verstoring door geluid, licht en trillingen op Natura 2000-gebieden op voorhand worden uitgesloten. Negatieve effecten van verzuring en vermesting ten gevolge van stikstofdepositie via de lucht kunnen niet op voorhand uitgesloten worden. Voor effecten door verzuring en vermesting door stikstofdepositie dient een AERIUS-berekening te worden uitgevoerd. Gelderse Natuurnetwerken blad 29 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Het tracé passeert de watergang de Berkel, welke is aangewezen als GNN-gebied. De Berkel wordt gekruist middels een gestuurde boring. De provincie Gelderland kent geen externe werking als het gaat om de beoordeling van effecten op het Gelderse Natuurnetwerk. Dat wil zeggen dat maatregelen op de plek zelf beoordeeld moeten worden. Die negatieve effecten zijn niet aanwezig en er zijn dus geen negatieve effecten op dit GNN-gebied. Overig provinciaal beleid Groene ontwikkelingszone Het tracé ligt niet binnen een Groene Ontwikkelingszone. Er zijn geen negatieve effecten op de kernkwaliteiten van deze groene ontwikkelingszones. Ganzenrustgebied en weidevogelgebied Het tracé ligt op circa 1,2 kilometer van een ganzenrustgebied en op ongeveer 6 kilometer van het dichtstbijzijnde weidevogelgebied. Vanwege de afstand en tussenliggende elementen kunnen negatieve effecten op deze gebieden worden uitgesloten. Beschermingszone natte landnatuur Het dichtstbijzijnde gebied aangewezen als beschermingszone natte landnatuur is gelegen op 3,5 kilometer afstand tot het tracé. Vanwege de tijdelijke aard van de werkzaamheden en de tussenliggende elementen kunnen negatieve effecten op deze gebieden worden uitgesloten.
Beschermde soorten Uit de bureaustudie in combinatie met terreinbezoek is gebleken dat (het leefgebied van) de volgende, in het kader van de Wet natuurbescherming, beschermde soorten aanwezig zijn en/of mogelijk verwacht worden in het projectgebied van het gehele tracé: Jaarrond beschermde nesten (actieve roekenkolonie, mogelijk nesten buizerd, slechtvalk en boomvalk, huismus, gierzwaluw, en spechten); Algemene broedvogels (nestplaatsen aanwezig); Vleermuizen (paar-, zomer- winter-, of kraamverblijfplaats van gebouw- en boombewonende soorten en essentiële vliegroute over Berkel); Bunzing, wezel, hermelijn en steenmarter (mogelijk verblijfplaatsen in dichte vegetatie aan het begin van het tracé); Beekrombout (mogelijk essentieel leefgebied langs de Berkel). In de onderstaande tabel is aangegeven welke gevolgen de aanwezigheid van (het leefgebied van) deze soorten heeft voor het voorliggende project. Aangegeven is of er sprake is van een overtreding van de Wet natuurbescherming en onder welke voorwaarden het project uitvoerbaar is.
blad 30 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Zorgplicht blad 31 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
In de Wet natuurbescherming is een zorgplicht opgenomen. De zorgplicht houdt in dat planten en dieren niet onnodig vernield/ gedood of verstoord mogen worden. De initiatiefnemer/ uitvoerder is verantwoordelijk voor een adequate naleving van de algemene zorgplicht tijdens de uitvoering van de werkzaamheden. Bomeninventarisatie Naast deze bovenstaande soorten is er ook een bomeninventarisatie uitgevoerd voor de bomen die gekapt gaan worden. Deze inventarisatie is opgenomen als bijlage 7 bij deze toelichting. Deze inventarisatie heeft ervoor gezorgd dat inzichtelijk is welke bomen er gekapt worden en op basis hiervan is een herplantplicht opgelegd. Deze is geborgd in de regels van dit wijzigingsbesluit en opgenomen als bijlage 1 van de regels. Conclusie Het project is uitvoerbaar vanuit de geldende wet- en regelgeving met betrekking tot natuur. Het aspect ecologie vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het project.
4.5
Weging van het waterbelang Kader Omgevingsplannen dienen volgens de Omgevingswet te worden voorzien van een weging van het waterbelang. Het omgevingsplan dient te worden overlegd met de verschillende waterbeheerders. In de weging van het waterbelang geeft de initiatiefnemer aan welke afwegingen in het plan ten aanzien van water zijn gemaakt. Het is een toelichting op het doorlopen proces en maakt de belsuitvorming ten aanzien van water transparant. Rijk Nationaal Water Programma 2022-2027 Het Nationaal Water Programma 2022–2027 is de opvolger van het Nationaal Waterplan 2016-2021 en het Beheer- en Ontwikkelplan voor de Rijkswateren 2016- 2021. Met de samenvoeging van deze twee plannen werd geanticipeerd op de Omgevingswet, waarin het programma als een van de instrumenten is opgenomen. Het Nationaal Water Programma bevat: Een uitwerking van het te voeren beleid (inclusief het nationale ruimtelijke en ecologische beleid) voor de ontwikkeling, het gebruik, het beheer en de bescherming of het behoud van water; Maatregelen vanwege nationale belangen en om wateropgaven te bereiken en daaraan te blijven voldoen.
Nationaal Bestuursakkoord Water Met het NBW-Actueel (2008) onderstrepen het Rijk, het Interprovinciaal Overleg, de Unie van Waterschappen en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten de gezamenlijke opgave om het watersysteem op zo kort mogelijke termijn en tegen de laagste maatschappelijke kosten op orde te brengen en te houden. Samenwerken is de rode draad van het geactualiseerde Nationaal Bestuursakkoord. Een actualisatie van het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW) uit 2003 komt voort uit de invoering van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW), de noodzaak tot de aanscherping van een aantal begrippen en het beschikbaar komen van nieuwe klimaatscenario’s. Kaderrichtlijn Water (KRW) Door de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) heeft Nederland een resultaatsverplichting voor het bereiken van de gewenste waterkwaliteit en ecologie van grond- en
blad 32 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
oppervlaktewatersystemen. Voor grote wateren of watersystemen, de zogenaamde KRW-waterlichamen, zijn hiertoe doelen opgesteld. De (bindende) maatregelen om de doelen te bereiken zijn vastgelegd in de stroomgebiedsplannen. Voor de overige wateren geldt minimaal het stand-still principe. Waterbeheerders mogen hiervoor zelf aanvullende doelen opstellen. Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie Het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie maakt deel uit van het Deltaprogramma. Het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie moet leiden tot een langjarige en planmatige aanpak van het beperken van de gevolgen van overstromingen, wateroverlast, hittestress en droogte. Het Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen hebben de gezamenlijke ambitie dat in 2050 alle steden en dorpen in Nederland klimaatbestendig en waterrobuust zijn ingericht. Bij het hevige neerslag blijven in een klimaatbestendige stad, de bedrijven en woningen droog en blijven de hoofdwegen begaanbaar. Ook wordt regen benut voor droge en zeer warme periodes, om zo schade te voorkomen. Provincie Gelderland Regionaal Waterprogramma Provincie Gelderland Het Regionaal Waterprogramma (RWP) bevat de ambities en doelen voor het waterbeheer, een duurzaam en veerkrachtig watersysteem met een goede waterkwaliteit binnen de Provincie Gelderland.
Het gaat hierbij om: Vestigingsklimaat: Voldoende water van voldoende kwaliteit Een robuust watersysteem; Een goede kwaliteit en kwantiteit van het grond- en oppervlaktewater; Bescherming openbare drinkwatervoorziening Bescherming andere (private) onttrekkingen voor menselijke consumptie Voldoende water voor mens, landbouw en natuur. Omgevingsvisie Gaaf Gelderland De Omgevingsvisie Gaaf Gelderland bevat de ambities van trends en ontwikkelingen, met hun kernopgaven, geformuleerd. De ambities geven richting aan al het provinciale beleid en de uitvoering daarvan. Deze ambities zijn: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Energietransitie Klimaatadaptatie, een klimaatbestendig en CO2-neutraal Gelderland Circulaire economie, een duurzame en innovatie economie Biodiversiteit Bereikbaarheid Vestigingsklimaat Woon- en leefomgeving, uitstekend wonen, werken en level in Gelderland
Omgevingsverordening Vanuit de nieuwe Omgevingswet zijn alle provincies verplicht om een omgevingsvisie op te stellen. In de omgevingsvisie staat wat de provincie wil bereiken en wat ze wil doen om dat te bereiken. Naast een omgevingsvisie moet de provincie vanuit de Omgevingswet ook een Omgevingsverordening vaststellen voor haar grondgebied. De Gelderlandse Omgevingsverordening vervangt een aantal provinciale verordeningen, zoals de provinciale milieuverordening en de provinciale verordening water. Waterschap Rijn en IJssel blad 33 van 62
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 21, Titel 21.1, ondergrondse verkabeling Zutphen Noord
Gemeente Zutphen Projectnummer 0490876.100
Waterbeheerprogramma 2022-2027 Het waterschap heeft het waterbeheerprogramma 2022-2027 opgesteld. Hierin worden de visie en ambities van het waterschap opgenomen. Daarin wordt benoemd dat de ontwikkelingen en opgaven voor het waterschap steeds sneller gaan en dynamischer worden, zoals klimaatverandering, de stikstof-opgave, biodiversiteit en energietransitie, maar ook kansen, zoals digitale transformatie. Op basis van deze opgaven worden door het waterschap vier speerpunten opgesteld, dit zijn: ons gebied klimaatrobuust maken; zorgen voor bescherming tegen overstromingen; het verhogen van de kwaliteit van ons water en ook de omgeving; het blijven inzetten voor het beperken van klimaatverandering door circulair te werken en zo min mogelijk grijze energie te gebruiken. Waterschapsverordening Waterschap Rijn en IJssel 2024 Door de ingang van de Omgevingswet per 1 januari 2024 vervangt de Waterschapsverordening Waterschap Rijn en IJssel de Keur. De Waterschapsverordening is een verordening met de wettelijke regels die het waterschap hanteert bij de bescherming van oppervlaktewaterlichamen (beken, sloten en rivieren), waterkeringen, bergingsgebieden, grondwater en bijbehorende kunstwerken (gemalen, stuwen, etc.). In de Waterschapsverordening wordt specifieker gekeken naar de regelgeving voor verschillende soorten gebieden en activiteiten.
Daarnaast stelt de Waterschapsverordening regels over het onttrekken van grondwater voor bronbemaling en de aanleg van kabels en leidingen indien deze parallel aan een watergang of kruisend aan een watergang worden aangelegd. Projectspecifiek Voor de weging van waterbelangen in het plangebied zijn een geohydrologisch onderzoek en op basis daarvan een weging van het waterbelang opgesteld. In het geohydrologisch rapport, 'Verkabeling hoogspanningsverbindingen Zutphen',d.d. 2 mei 2025 en de watertoets d.d. 12 juni 2024 zijn de resultaten beschreven. De rapporten zijn in zijn geheel als bijlage 8 en 9 toegevoegd. Op basis van deze onderzoeken wordt geconstateerd dat het plan uitvoerbaar is vanuit het aspect water. Voor de ondergrondse verkabeling zal een melding gedaan worden bij Waterschap Rijn en IJssel voor tijdelijke grondwateronttrekking en een vergunning aangevraagd voor het tijdelijk lozen van oppervlaktewater. Ook de in het geohydrologisch aanbevolen monitoringsaspecten worden opgevolgd. Daarmee zal de omgeving geen nadelige gevolgen ondervinden van de aanleg van deze verkabeling. De werkzaamheden ten behoeve van de ontwikkeling bestaan uit het verwijderen van de hoogspanningsmasten en de toebehorende betonvoeten en het verkabelen van het gehele tracé ondergronds. Voor het ondergronds leggen van de kabels is bemaling benodigd.