871791 - Bijlage 2 - Participatieplan Omgevingsprogramma gemeente Zutphen - Erfgoed
Tekst van het document
871791 'Omgevingsprogramma gemeente Zutphen - Erfgoed' Bijlage 2: Plan van Aanpak Participatie Erfgoedprogramma gemeente Zutphen 2025
Versie 30 jan 2025 871791 'Omgevingsprogramma gemeente Zutphen - Erfgoed'..................................... 1 1.
Introductie ....................................................................................................... 2
2. Hanzestad Zutphen als Erfgoedlaboratorium ......................................................... 2 2.1 Erfgoed als bron voor iedereen ......................................................................... 2 2.2 Raakvlak met beleid ........................................................................................ 3 3. Beleidskaders ..................................................................................................... 3 3.1 Participatiebeleid gemeente Zutphen ............................................................... 3 3.2 Verplichte participatie onder de Omgevingswet ................................................ 4 3.3 Participatie voor het Erfgoedprogramma........................................................... 4 4. Tijdpad................................................................................................................ 4 5. Externe Participatie.............................................................................................. 5 .1 Externe participatie: De doelgroepen ................................................................. 7 A)
Alle inwoners van de gemeente .................................................................. 7
B)
Inwoners van de wijken .............................................................................. 7
C) Externe stakeholders 1: Erfgoed .................................................................... 8 D)
Externe stakeholders 2: Overig ................................................................... 8
5.2 Mate van invloed............................................................................................. 9 5.3 Beoogd (deel)resultaat 1: Het Verhaal van Zutphen ........................................... 9 5.4 Beoogd (deel)resultaat 2: De wijkbiografie ...................................................... 10 6. Interne participatie: Raakvlakgesprekken ............................................................ 10 7. Communicatiestrategie ..................................................................................... 11 8. Afronding en evaluatie........................................................................................ 12 9. Bronnen ............................................................................................................ 12
1
1. Introductie In de gemeente Zutphen werken we aan nieuw erfgoedbeleid dat wordt vastgelegd in een Erfgoedprogramma. Sinds de nieuwe Omgevingswet is participatie verplicht bij het opstellen van beleid, maar het is nadrukkelijk ook een wens van de gemeente zelf om inwoners en belanghebbenden te horen en te betrekken. De participatieaanpak is gebaseerd op de intenties van de coalitiepartijen van de gemeente geformuleerd als toetsstenen in het coalitieakkoord. Deze hebben een sociaal en maatschappelijk karakter, zijn gericht op alle inwoners – ook toekomstige- en bezoekers. Nieuw is dat het vaststellen van een omgevingsprogramma zoals het Erfgoedprogramma een collegebevoegdheid en geen raadsbevoegdheid is in de Omgevingswet. Voorliggend document beschrijft hoe het participatietraject er ambtelijk en bestuurlijk uitziet, om te komen tot een breed gedragen Erfgoedprogramma met beleidskeuzes die mede gebaseerd zijn op ‘de stem van de stad’. Op 6 maart wordt deze participatie-aanpak besproken met de gemeenteraad.
2. Hanzestad Zutphen als Erfgoedlaboratorium 2.1 Erfgoed als bron voor iedereen De ambitie van van het college is om al haar erfgoed vrij toegankelijk te maken. Ondergronds, bovengronds, van steen, papier, digitaal of fysiek beschikbaar: alle vormen van erfgoed en haar bronnen moeten in principe voor iedereen vrij te ervaren en te onderzoeken zijn. Daarnaast vormt de Hanzegeschiedenis van de gemeente een belangrijk en herkenbaar onderdeel van de Zutphense DNA, dat ook naar buiten toe een krachtig 'handelsmerk’ is geworden. Op deze twee onderwerpen (toegankelijkheid en inclusiviteit van erfgoed en Zutphen op de kaart zetten als ‘Hanzestad’) heeft de gemeente de afgelopen jaren al veel bereikt en hier is ook hard voor gewerkt. Deze lijn wordt voortgezet in het nieuwe beleid en vormt daarmee het inhoudelijke kader van het erfgoedprogramma 2025. Hieronder wordt verder uiteengezet hoe dit inhoudelijke kader wordt ingepast binnen het participatietraject. Het verhaal van Zutphen als Hanzestad staat inmiddels stevig op de kaart, en levert de stad ook veel op op andere vlakken dan puur op het gebied van erfgoed. Deze lijn blijven we als gemeente vasthouden. Daarnaast gaan we onderzoeken welke verhalen er nog meer leven binnen de gemeente en die het vertellen, delen en bewaren voor toekomstige generaties waard zijn.
We gaan actief op zoek naar verschillende erfgoedgemeenschappen binnen de gemeente, met als doel meer en meer diverse verhalen op te halen. De vraag zal dus niet zijn: “Willen we meer of minder middeleeuwen?” Maar: “Wie of wat willen we er nog méer bij; hoe kunnen we ons erfgoed(beleid) nóg inclusiever maken?” Een middel dat we tijdens het participatietraject inzetten is het opzetten van erfgoedlabs, als experimentele opzet en verdere uitwerking van het begrip “Zutphen als erfgoedlaboratorium”. Door inwoners te laten experimenteren en onderzoeken aan de hand van hun eigen leefomgeving en dagelijkse praktijken van betekenisgeving, kunnen we de verhalen delen en in kaart brengen. We onderzoeken welk erfgoed al goed ontsloten en beschikbaar is en actief wordt gebruikt en door wie. Ook onderzoeken we of er witte vlekken zijn die in kaart moeten worden gebracht. De relatie tussen het Erfgoedprogramma en het participatietraject verhoudt zich als volgt: Het college stelt zich (middels het programma) ten doel dát het erfgoed breder toegankelijk wordt, en het participatietraject leidend daarnaar toe dient om te helpen inkleuren hóe we dat gaan doen.
Tijdens de erfgoedlabs gaan we onderzoeken: - WAT we nog meer verstaan onder erfgoed; - WELKE verhalen, naast het aansprekende verhaal van Zutphen als Hanzestad aan de IJssel, we nog meer kunnen delen, vertellen en onderzoeken; - HOE we de toegankelijkheid kunnen vergroten; - WELKE middelen en op welke wijze.
2
Elk erfgoedlab kan een andere vorm krijgen en zal naar de aard van de bijeenkomst ook andere uitkomsten genereren. Zo'n bijeenkomst dient wel een helder doel. In de voorbereiding wordt bepaald wat de beoogde opbrengst van zo'n avond is, zodat voor de deelnemers helder is, waar ze naartoe werken, en ook hoever hun invloed is en waar hun inbreng voor wordt gebruikt, zie paragraaf 5.2. Dit wordt aan het einde van het traject ook helder teruggekoppeld, en zichtbaar gemaakt in het erfgoedprogramma zelf. Dit noemen we 'transparant participeren'.
2.2 Raakvlak met beleid Niet alle wensen en ambities van inwoners en stakeholders landt noodzakelijkerwijs in beleid. Ook niet alle wenselijke en noodzakelijke plannen en ideeën landen perse in beleid. en zit bijvoorbeeld veel meer in de praktische uitvoering, processen en afspraken. Dat wat opgehaald is wordt intern besproken: Hoe gaan we daar mee om, en welke rollen pakken we op? Op welke beleidsterreinen moet er nog meer worden aangepast? Welke rol krijgt het Erfgoedcentrum hierbinnen? Eén van de doelen van de participatieaanpak is samen onderzoeken welke taken de gemeente en inwoners hebben bij het beschermen, ontwikkelen en delen van erfgoed. We leggen de identiteitsbepalende waarden vast op kaarten en in een wijkbiografie voor elke wijk. Dit zijn dynamische producten. We maken tijdens de participatie een frame voor beide middelen en vullen ze tijdens de uitvoering van het Erfgoedprogramma de komende jaren aan. Wat verstaan we onder erfgoed Erfgoed is voor veel mensen een onduidelijk begrip. Ook een doel van de participatie is breder kijken dan de gangbare, gewaardeerde, beschermde erfgoedelementen. Het nieuwe Verdrag van Faro stelt dat erfgoed waardevol is voor gemeenschappen, vaak zonder dat zij het gevoel hebben met erfgoed bezig te zijn.
De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed zegt het zo: ‘door mensen en hun relatie met erfgoed centraal te stellen, kun je bijdragen aan beleidsdoelen, zoals instandhouding van monumenten, leefbaarheid, wijkverbetering en integratie. Het bevordert een actieve betrokkenheid van inwoners bij hun erfgoed en hun omgeving en zorgt voor een duurzame relatie tussen burger en overheid. Samenwerken aan erfgoed sluit naadloos aan bij de ambities van de Omgevingswet en de Wet versterking participatie op decentraal niveau.’
3. Beleidskaders 3.1 Participatiebeleid gemeente Zutphen Zutphens participatiebeleid zoals verwoord in 'Verordening inspraak, participatie en uitdaagrecht gemeente Zutphen 2024' en het bijbehorende ‘Kader Samenwerken aan een sterk Zutphen’ uit 2024 bevatten uitgangspunten hoe we in de gemeente omgaan met participatie. Met de participatieaanpak voor het Erfgoedprogramma sluiten we aan bij de uitgangspunten: 1. Meer mensen doen mee 2. Participatie op maat 3. Vertrouwen, lef en samen leren Onder inwonerparticipatie verstaat de gemeente: het op initiatief van het bevoegde bestuursorgaan betrekken van inwoners en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering en/ of evaluatie van beleid en plannen. Inwonerparticipatie kan de vorm aannemen van informeren, raadplegen, adviseren, coproduceren en meebeslissen.
3
3.2 Verplichte participatie onder de Omgevingswet Zoals hierboven in de introductie al is geschreven, is het college bevoegd een omgevingsprogramma zoals het Erfgoedprogramma vast te stellen. Dit is een aanzienlijke verandering. De gemeenteraad van Zutphen is dus niet beslisbevoegd, maar wordt wel degelijk door het college inhoudelijk om advies gevraagd, en is daarmee zelf onderdeel van het participatieproces. Dit is in lijn met de Omgevingswet: ‘Het college is verplicht de gemeenteraad te betrekken, maar ook burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere overheden bij de voorbereiding van een programma.’
3.3 Participatie voor het Erfgoedprogramma Het gehele participatietraject richt zich op vragen als: •
•
•
•
• •
• •
Identiteit en DNA van de dorpen, wijken en landelijk gebied Wat is het belang van cultureel erfgoed voor Zutphen? Wat is het Zutphense DNA en wat is de Zutphense identiteit? Zijn er “witte vlekken” in het verhaal van Zutphen, die meer aandacht verdienen om in kaart te brengen en uit te dragen? Inventarisatie Welke erfgoedwaarden zijn al bekend en al dan niet beschermd, welke waarden vinden collega's belangrijk en wat vinden de inwoners van Zutphen en Warnsveld het waard om te behouden (of juist niet)? Welke rol speelt het in hun werk of leven, hoe ‘gebruiken’ ze het of hoe gaan ze ermee om en waarom vinden ze het waardevol? Kortom, welke (gedeelde) verhalen zijn er op te halen en aan welke fysieke plekken zijn de verhalen en waarden verbonden. Leefomgevingswaarden Bij waarden kan het gaan om bijvoorbeeld esthetische waarde, collectiewaarde, sociale waarde, identiteitswaarde, en ontdekkingswaarde. Deze waarden kunnen worden ingezet ten behoeve van bescherming, ruimtelijke ontwikkelingen, toerisme/recreatie etc. Erfgoed is van iedereen en daarbij is meerstemmigheid belangrijk: wat is van belang voor de inwoners van de wijken als het gaat om identiteit? Dit is in lijn met de Omgevingswet. Ook mensen die geen voorstander zijn van erfgoed horen we graag, elke stem telt.
Draagvlak en netwerk We willen duurzaam draagvlak creëren voor erfgoed Sociale verbinding Betrokkenheid bij elkaar, en voor de stad, door het participatietraject zelf, en wat daaruit voortvloeit: ideeën voor projecten en initiatieven, op te zetten door bewoners zelf (voorbeelden zijn community archaeology, verhalen aan de hand van objecten, oral history, inventariseren van erfgoedwaarden) ‘Nieuwe’ erfgoedvelden en thema’s Inzicht krijgen in de aanwezigheid van erfgoed dat te maken heeft met immaterieel erfgoed, architectuur van na 1965 (post ’65), erfgoed van oorlogen etc. Herijking 'verhaal van de plek’ geeft focus, richting en prioritering aan: - Waar zetten we beperkte tijd en middelen in als het gaat om bescherming en behoud - Samenwerkingsverbanden - Ontwikkelingen nieuwe expertises / beleid - Hoe draagt erfgoed bij aan de ‘branding’ van Zutphen en aan educatie - Hoe willen we dat Zutphen gezien en ervaren wordt, zodat er een duidelijk verhaal is waar andere beleidsterreinen, initiatieven en dergelijke op in kunnen spelen
4. Tijdpad Participatie neemt een belangrijk deel in van de tijd om tot een Erfgoedprogramma te komen. In onderstaand schema is te zien dat met name de externe participatie een aantal maanden beslaat. Zo kunnen we veel doelgroepen bereiken. Na afloop van het participatietraject, legt het college een participatieverslag met scenario’s voor aan de raad. De keuzes en ambities die uit het hele participatietraject voortkomen leggen we vervolgens vast in het Erfgoedprogramma.
4
Na vaststelling en implementatie van het programma eind 2025 evalueren we de participatie-aanpak omdat deze manier nieuw is – ingegeven door Omgevingswet, participatiebeleid van de gemeente en het Verdrag van FARO- en omdat er landelijk nog niet veel voorbeelden zijn van erfgoedparticipatie.
Afb. 1 De fases die de komende tijd worden doorlopen om te komen tot een breedgedragen Erfgoedprogramma.
5. Externe Participatie Inwoners van de gemeente Zutphen verhouden zich op verschillende wijze tot het Zutphense erfgoed. Er kan al sprake zijn van actieve erfgoedparticipatie, al dan niet georganiseerd binnen klassieke erfgoedorganisaties. Daarnaast zijn er mensen die zelf nooit het woord “erfgoed” in de mond zullen nemen, maar die desondanks wel degelijk bezig zijn met het beheer, behoud en/of levend houden van erfgoed. Als we participatie serieus nemen en als een daadwerkelijk waardevol onderdeel van het erfgoedbeleid en de totstandkoming daarvan zien, zullen we ons best moeten doen alle inwoners te bereiken. Als hulpmiddel hiervoor hebben we een categorisering van verschillende doelgroepen gemaakt. Iedere doelgroep vraagt een andere benadering en krijgt een andere rol toebedeeld in de totstandkoming en uitvoering van het Erfgoedprogramma. Ketenpartners zoals het Rijk (RCE), de provincie, buurgemeenten en Waterschappen scharen we onder de externe stakeholders. Externe stakeholders raadplegen en om advies vragen Voor participatie met inwoners kiezen we een vorm die bij Zutphen past: sociaal en wijkgericht. De gemeente Zutphen kent een lange traditie van inwonersparticipatie. Initiatieven uit de samenleving die bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving waarderen we en faciliteren en stimuleren we daarom graag.
Erfgoed kan bij uitstek mensen verbinden, eenzaamheid bestrijden en bijdragen aan het wij-gevoel in de wijken. We geven inwoners de ruimte om eigen projecten/initiatieven te ontwikkelen. Er is een krachtig, toegankelijk en ondersteunend netwerk in de Zutphense wijken en in Warnsveld. Onze wijkregisseurs zijn daarbij de verbindende schakels. Zij kennen de ambassadeurs en trekken met hen op om ook de ‘stille meerderheid’ te bereiken. Met deze participatie-aanpak zetten inwoners hun talenten, kennis en kunde in. Ons participatieproces is uitnodigend, ‘maatwerk’, begrijpelijk en verwachtingen zijn duidelijk.
5
Visie en ambitie gemeente Zutphen zoals beschreven staat in het Kader Samenwerken aan een sterk Zutphen:
Afb. 2 In dit cirkelschema is weergegeven waar mensen en organisaties staan ten opzichte van het huidige Zutphense erfgoedbeleid. De buitenste cirkel vertegenwoordigt de grootste groep: (Alle) inwoners van Zutphen (en Warnsveld). Onderdeel en doel van het Erfgoedprogramma is beter zicht te krijgen op minder 'traditionele’ erfgoedgemeenschappen en waar zij zich mee bezig houden, welke verhalen zij kunnen toevoegen en welke waarden zij toekennen aan het Zutphense erfgoed. De tweede cirkel -de externe stakeholders- zijn mensen die veel kennis hebben over erfgoed en de geschiedenis van Zutphen, hier actief mee bezig zijn en die al grotendeels bekend zijn bij de gemeentelijke organisatie en makkelijker te bereiken. Deze groep wordt grotendeels gevormd door organisaties die we scharen onder het erfgoednetwerk.
6
De twee kleinste ringen zijn gemeentelijke participanten. Hieronder worden eerst de twee externe groepen beschreven en vervolgens is ingegaan op de interne participatieaanpak.
.1 Externe participatie: De doelgroepen Externe Doelgroepen
Hoe bereiken
participatiemiddel
Doel / relatie tot Participatiela erfgoedprogramm dder (mate a (inhoudelijk) van invloed)
A) Alle inwoners
Zutphen spreekt! Enquête; Verhaal van de Plek Informeren Nieuwsbrief; communicati bijeenkomsten Verhaal van en raadplegen e; lokale Zutphen kranten; social media B) Wijkgericht wijkregie, Activiteiten, projecte Levend erfgoed; Raadplegen & erfgoedgemeenschappen weekmarkt, repaircafé, n, laten uitnodigen Faro; aanvullen en adviseren wijkplatform, ontmoetinge verhaal van de plek n in een dorpshuis; KIEN C) Organisaties: (Historische) Erfgoedcentrum; Uitnodigen, gesprekk Verhaal van Raadplegen verenigingen, convenantpartn directe uitnodiging en, werkateliers Zutphen en adviseren ers; monumentenorganisatie s; VVV D) Externe 1 op 1 benaderen en Uitnodigen, gesprekk Ophalen belangen Informeren stakeholders overig: woningb interne integrale en, werkateliers en wensen; en raadplegen ouwvereniging; waterschap; aanpakken (gebieds- en implementatie en bedrijven en winkeliers; thematische landen beleid; stichting Z promotie; visies; sociaalsamenwerking; ketenpartners zoals economisch; ruimtelijke ontwikk provincie, het Rijk (RCE), wonen; energietransitie; eling waterschappen en De Mars, etcetera) buurgemeenten
Afb. 3 Externe doelgroepen in relatie tot het Erfgoedprogramma.
A) Alle inwoners van de gemeente We nodigen alle inwoners van Zutphen en Warnsveld uit om hun verhaal van de wijk te vertellen om zo samen tot de Wijkbiografieën te komen. De uitnodigingen verspreiden we via social media en Zutphen Spreekt. Zij staan op de participatieladder als ‘informeren en raadplegen’ (zie afb. 3 en afb. 5).
B) Inwoners van de wijken Specifiek aan de voor Zutphen ontwikkelde aanpak voor het Erfgoedprogramma is de wijkgerichte methode. Veel inwoners van de gemeente Zutphen kunnen zonder het te beseffen onderdeel zijn van “erfgoedgemeenschappen". Zij zijn een belangrijk onderdeel van het Zutphense DNA, en vaak (al dan niet bewust) bezig met beheer en behoud van "levend” erfgoed. Daarnaast is hun beleving van hun dagelijkse leefomgeving en persoonlijke geschiedenissen (of die van de buurt) en de waarde die ze daaraan hechten, een waardevolle aanvulling op en inkleuring van het "Verhaal van Zutphen”. Ook hun input is nodig voor het opstellen van de wijkbiografieën, die als "waardenlaag” dient en als basis waar toekomstige gebiedsontwikkelingen hun voordeel mee kunnen doen. Deze doelgroepen worden niet bereikt middels de klassieke netwerken van historische verenigingen. Hiervoor kiezen we een wijkgerichte aanpak. We bereiden de ontmoetingen voor met gebiedsregisseurs, vrijwilligers(organisaties), stichtingen, verenigingen en partners en ondernemers (monumenteigenaren nemen een specifieke plaats in). Het overgrote gedeelte van de wijkenaanpak is onderdeel van het erfgoed(uitvoerings)programma zelf.
De wijkgerichte aanpak (als onderdeel van het participatieproces leidend naar het programma) krijgt daarmee de vorm van een pilot, die moet leiden tot een beproefde en specifiek voor de gemeente
7
Zutphen toegespitste erfgoedparticipatie-aanpak. Het is realistisch een zevental sessies te doen, verspreid over verschillende (maar niet noodzakelijkerwijs alle) wijken. We haken aan bij bestaande momenten (weekmarkt, repaircafé, wijkplatform, ontmoetingen in een dorpshuis enzovoort) en gaan op zoek naar mensen en groepen die we doorgaans niet actief betrekken of bereiken op klassieke erfgoedthema's, maar die wel bij sociaal domein / wijkregie bekend zijn.
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
De Hoven Noorderhaven/Centrum/De Mars Noordveen Waterkwartier Warnsveld Zuidwijken Leesten
Afb. 4 De wijken van Zutphen hebben ieder hun eigen karakteristieken en ‘biografie’.
C) Externe stakeholders 1: Erfgoed We betrekken de liefhebbers en ambassadeurs van het Zutphens erfgoed. Onze groep stakeholders bestaat uit een combinatie van bekende en nieuwe doelgroepen. De vele erfgoedvrijwilligers zoals stadsgidsen, vrijwilligers van het Erfgoedcentrum, stichtingen, verenigingen en partners kunnen vanuit hun organisatie en interesse goed meedenken wat de koers kan zijn voor het erfgoed en welke rol zij daarin willen hebben. Ook kunnen zij de verhalen van inwoners verdiepen met hun kennis en zij kunnen sleutelfiguren uit hun netwerk uitnodigen mee te participeren. Het gaat om in ieder geval deze groepen: • • •
•
Convenantpartners Overige historische en erfgoedverenigingen (en de vele vrijwilligers) Monumenteigenaren Monumenteneigenaren vormen een heel specifieke doelgroep binnen de externe stakeholders. De gemeente heeft als taak hen te ondersteunen bij het behoud van hun monument, archeologische vindplaats enzovoort. Er is momenteel veel behoefte aan ondersteuning bij de energietransitie. We bespreken graag met de eigenaren waar hun behoeftes liggen ten aanzien van communicatie, (financiële) ondersteuning en ontzorging. Erfgoedgemeenschappen/ subculturen
D) Externe stakeholders 2: Overig Om uiteindelijk het beleid goed te laten landen in de uitvoeringspraktijk en binnen ruimtelijke ontwikkelingsprocessen, is het van belang deze partijen mee te nemen. Woningbouwcoöperaties, bedrijven, maar ook Stichting ZutphenPromotie, dragen straks allemaal bij en zijn onderdeel van de uitvoering van het erfgoedprogramma. Momenteel zijn er meerdere visies in de maak binnen de
8
gemeente. Vanuit efficiëntie overwegingen, maar vooral omdat we geloven in een integrale benadering van erfgoed binnen de overige beleidsdomeinen, sluiten we zoveel mogelijk aan op de lopende participatieprocessen en -agenda's. Sommige partijen, zoals de woningcoöperaties, het Waterschap, zullen we wel specifiek vanuit het erfgoedprogramma benaderen.
5.2 Mate van invloed De inwoners krijgen de rol ‘raadplegen/ adviseren’ en de belanghebbenden (historische verenigingen, wijkplatforms enzovoort) de rol ‘adviseren’. We maken steeds duidelijk dat we ophalen wat behoeften zijn van participanten. We werken dus niet aan een concreet doel maar staan open voor verhalen, zorgen, wensen en ambities ten aanzien van de leefomgeving van de participanten. We verzamelen verhalen en wat er leeft maar gaan niet in op oplossingen voor bijvoorbeeld een parkeerprobleem of geluidsoverlast.
Afb. 5 In het schema zijn in rood de verschillende doelgroepen op de participatieladder van de gemeente gezet.
5.3 Beoogd (deel)resultaat 1: Het Verhaal van Zutphen Update en herijking van het bekende verhaal van Zutphen. Geeft richting, focus en aanscherping voor het
Erfgoedprogramma.
9
5.4 Beoogd (deel)resultaat 2: De wijkbiografie Het verhaal van Zutphen -en breder van GelderIand- gaat over bewoners van het gebied vanaf de eerste mensen waar we het bestaan van hebben kunnen aantonen. Een lang verhaal met allerlei tijdsvensters over de grote lijnen van bloei, strijd, Gelre, etc. etc. Door nieuwe kennis en inzichten is het goed om dit verhaal af en toe te herlezen en herschrijven waar dat nodig is. Met de participatie-aanpak willen we verhalen toevoegen op wijkniveau. In de zeven wijken van Zutphen gaan we in gesprek met inwoners over hun verhaal. We doen dat door erfgoedlabs te organiseren via bijvoorbeeld wijkplatforms en op natuurlijke momenten zoals tijdens maatschappelijke activiteiten en bestaande bijeenkomsten of terugkerende evenementen. We spreken op die manier ook mensen over erfgoed die we doorgaans niet of weinig horen over dit onderwerp. De verhalen die we ophalen dragen bij aan wijkbiografieën (en wijkpaspoorten) die we de komende jaren opstellen. Deze wijkbiografieën en paspoorten zijn breed toegankelijk en (net als bijvoorbeeld landschapsbiografieën) sturende instrumenten om in te zetten bij ruimtelijke ontwikkelingen.
6. Interne participatie: Raakvlakgesprekken Voor de interne participatie gaan we in gesprek met collega's van vakgebieden die een relatie hebben met erfgoed. Erfgoed heeft raakvlakken en overlappingen met andere domeinen omdat het deel is van de fysieke leefomgeving en omdat het over mensen en maatschappij gaat. Tijdens de ‘Raakvlakgesprekken’ zoeken we een richting om met erfgoed om te gaan (zowel op wijkniveau als gemeentebreed). Die richtingen vormen de kaders om met externen te gaan invullen, aanvullen en verdiepen tot scenario's.
De centrale vraag voor de interne participatie is: Welke vakgebieden raken erfgoed en hoe kunnen we eventuele botsende belangen ombuigen naar integrale samenwerking/gedeelde opgaven (‘koppelkansen’) en daarbij behorende gestroomlijnde werkprocessen en afspraken?
De gesprekken hebben steeds dezelfde opbouw waarbij we met name ingaan op werkprocessen en ambities. We richten die gesprekken thematisch in: 1. 2. 3. 4. 5.
Erfgoed in relatie tot ruimtelijke ordening, gebiedsprogramma's, stedelijke ontwikkeling Monumenten, wonen, vastgoed Vergunningen, toezicht, handhaving Archeologie, landschap, klimaat/duurzaamheid Cultuur, erfgoedpartners
Aan de hand van een gespreksopzet bespreken we de raakvlakken en processen die er zijn met erfgoed. Als we iedereen hebben gesproken presenteren we de resultaten tijdens een gezamenlijke werksessie. Het voordeel van deze aanpak is dat er nieuwe verbindingen ontstaan die leiden tot meer betrokkenheid en kortere lijnen/nieuwe werkprocessen en we verwachten koppelkansen te vinden.
10
Afb. 6 Dit is een schematische weergave van de domeinen en vakgebieden van de gemeente Zutphen die met erfgoed te maken hebben. Rechts de drie poten van Erfgoed(beleid).
7. Communicatiestrategie Om te zorgen dat we zoveel mogelijk mensen binnen beperkte tijd bereiken pakken we de participatie in samenwerking met het cluster communicatie en het Erfgoedcentrum aan. Het gaat dan om: Ruchtbaarheid en aansporing tot deelname - - Om inwoners te inspireren en uit te nodigen hun verhalen te delen, deelt de wethouder als ambassadeur van bij de start van het participatietraject een persoonlijk voorbeeldverhaal over een plek of herinnering die voor hem belangrijk is. De wethouder treedt op als ambassadeur. Hij kan worden ingezet om erfgoedlabs te openen, een wijkbijeenkomst te bezoeken en door in gesprek te gaan met inwoners.” - Om de oproep te verspreiden gebruiken we lokale en sociale media. Door op verschillende plekken bekendheid te geven aan het participatieproject worden mensen geënthousiasmeerd om mee te doen en opgeroepen om aan te sluiten. De boodschap is: vertel ons je verhaal van de wijk. We vermijden de term erfgoed en benadrukken termen als waarden, leefomgeving, kwaliteit, herinneringen, plekken van betekenis ed.
Bestaande kanalen en middelen inzetten om mensen te betrekken bij de participatie - Verhalen delen: om de bijdragen van mensen laagdrempelig te verzamelen, bieden we verschillende vormen aan om foto’s en verhalen aan te dragen, zoals de website Zutphen Spreekt en sociale media - Omdat de verhalen plaatsgebonden moeten zijn om er iets mee te kunnen in het erfgoedbeleid, vragen we mensen hun verhalen te lokaliseren op een kaart. Dat kan zowel tijdens de bijeenkomsten als digitaal - We maken een video om duidelijk te maken wat het doel is en hoe mensen zich kunnen melden Netwerkvorning/erfgoedcommunity - Door deel te nemen aan erfgoedparticipatie wordt een deel van de participanten doorgaans geïnteresseerd in erfgoed. We nemen hen op in het erfgoednetwerk, zodat we de participanten ook na het participatietraject kunnen informeren over het Erfgoedprogramma en de uitkomsten van hun bijdrage. Ook vragen we de participanten of ze in de toekomst op de hoogte willen blijven van erfgoednieuws (via het Erfgoedcentrum).
11
8. Afronding en evaluatie Als de oogst van de interne en externe participatie is binnengehaald wordt een participatieverslag door het college voorgelegd aan de gemeenteraad. Hierin staan de resultaten vertaald naar scenario's. Met het bespreken van de scenario’s met de raad in september, eindigt het participatietraject en start de fase van het opstellen van het Erfgoedprogramma. Aan het einde van het participatietraject evalueren we of deze nieuwe aanpak zijn vruchten afwerpt. Zijn de doelen behaald en de vragen beantwoord en wat betekende dat ten aanzien van inzet van uren en middelen. De nadruk ligt daarbij op het bereiken van andere doelgroepen dan de erfgoedliefhebbers en het echt op de kaart zetten van de waarde van de wijken. Voorafgaand aan de vaststelling van het Erfgoedprogramma in Q4, legt het college het programma en de uitvoeringskosten ter consultatie voor aan de raad. Het college stelt vervolgens het programma vast, binnen de kaders van de door de gemeenteraad beschikbaar te stellen middelen.
9. Bronnen Wet versterking participatie op decentraal niveau Op 4 juni 2024 aangenomen door de 1e kamer. De wet is op 1 januari 2025 in werking getreden. Elke gemeente moet voor 1 januari 2027 een participatieverordening hebben. Het betrekken van ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering of evaluatie van gemeentelijk beleid.
VNG-handreiking ‘Aan de slag met participatie’ https://vng.nl/sites/default/files/2023-06/aan_de_slag_met_participatie_-_handreiking_2.0.pdf
'Verordening inspraak, participatie en uitdaagrecht gemeente Zutphen 2024' . https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR723348/1 Deze verordening is vastgesteld op grond van de volgende overwegingen: •
•
•
dat het van belang is lokale democratische processen door participatie van inwoners te verrijken, de samenwerking tussen gemeentebestuur en inwoners te versterken en helderheid te geven over de manieren waarop invloed mogelijk is; dat in deze verordening de betrokkenheid van inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden wordt geregeld bij de ontwikkeling, voorbereiding, uitvoering en/ of evaluatie van gemeentelijke initiatieven of beleid en de rol van het gemeentebestuur in deze processen; dat deze verordening ook gaat over de manier waarop het gemeentebestuur reageert op of ondersteuning biedt aan initiatieven van inwoners of (maatschappelijke) organisaties uit de Zutphense samenleving;
12