648019 - bijlage 1 - Startnotitie Beleidsactualisatie Kunst en cultuur
Tekst van het document
STARTNOTITIE Beleidsactualisatie Kunst en cultuur periode 2025-2029 De cultuurnota 2021-2024, “De Stad als podium" loopt af. Om met een actueel cultuurbeleid te werken, maken we in 2024 een actualisatie van de cultuurnota. Hiermee bereiken we dat kunst en cultuur overal in de gemeente Zutphen aanwezig is; voor, door en met alle inwoners en culturele instellingen.
KUNST EN CULTUUR Zutphen maakt cultuur en cultuur maakt Zutphen. In de gemeente Zutphen zijn veel mensen actief in en met kunst en cultuur. Ze zijn maker, beoefenaar en genieter en zorgen samen met de instellingen, cultuureducatie, festivals, gezelschappen, podia en presentatieplekken voor een levendig cultureel veld. Het verenigingsleven met amateurkunst is van oudsher divers en overal aanwezig en een belangrijke factor in zowel het sociale als het culturele leven. relevantie en betekenis Mensen kunnen elkaar vanuit eigenwaarde beter begrijpen door kunst en cultuur. Het maakt dat ze minder eenzaam zijn, dat ze beter in staat zijn met de complexiteit van de samenleving om te gaan. Kunst en cultuur zorgen dat er meer sociale cohesie is en een prettiger leefomgeving waarin minder preventie nodig is. Kunst en cultuur zijn vaak een motor voor toerisme, recreatie en economie. Ze dragen bij aan sociale en economische opgaven én aan wat van blijvende waarde is voor onze samenleving. Zo vormen kunst en cultuur de hartslag van de samenleving. Vooral kunnen kunst en cultuur ons in vervoering brengen, schoonheid laten ervaren, een spiegel voorhouden, prikkelen en betekenis bieden. Dat geldt voor eenieder individueel als voor de samenleving als geheel. onderhoud en aandacht Dat is er allemaal niet vanzelf, het heeft voortdurend impulsen, ondersteuning, onderhoud en sturing nodig.
Doen we dit niet, dan brokkelen het culturele veld en de infrastructuur al snel af en is een veel grotere investering nodig om dit weer op peil te krijgen. Als gemeente zorgen we daarom voortdurend dat er toekomstbestendige organisaties, gebouwen en netwerken zijn. Zodat iedereen kunst en cultuur kan meemaken. We hebben daarbij extra aandacht en initiatieven voor mensen die niet vanzelfsprekend met kunst en cultuur in aanraking komen. We willen iedereen nieuwsgierig maken, laten ontdekken en vaardigheden opdoen. Zo zorgen we dat iedereen het eigen unieke talent kan ontwikkelen, presenteren en gezien worden. Voor jongeren is het aanbod nog te laag of nog niet passend genoeg. Ook zij hebben extra aandacht nodig vanuit kunst en cultuur. focus Om dit goed te kunnen uitvoeren, gaan we ons focussen op wat het meest van belang is, wat het best werkt en richten we ons op iedereen die kunst en cultuur nodig heeft en wil meemaken. Dat is de energieke beweging die we willen maken als gemeente, met de cultuurorganisaties, met de cultuurmakers, en al het jonge talent. Het is dit culturele samenspel wat het verschil kan maken.
LEESWIJZER Waar we in deze nota spreken van kunst en cultuur, bedoelen we dit steevast als onderdeel van cultuur en erfgoed. En dan vooral dat deel dat gaat over creatieve expressie, het geheel van makers, beoefenaars en liefhebbers, amateurs en professionals, met presentatieplekken, oefenruimtes, werkplaatsen en ateliers en cultuureducatie. Dit bij elkaar noemen we het culturele veld. Voor erfgoed wordt een afzonderlijke nota gemaakt, maar we zorgen voor de onderlinge verwevenheid die juist bij gemeente Zutphen zo goed past. Als we spreken van Zutphen of gemeente Zutphen, bedoelen we telkens Zutphen, alle wijken, De Hoven en Warnsveld. Juist die verscheidenheid zorgt voor een heel rijke voedingsbodem voor kunst en cultuur. Deze startnotitie geeft de koers aan, waarbinnen we de bestaande cultuurnota van 2021 gaan actualiseren. Na dit document volgt de geactualiseerde cultuurnota en daarop volgt een uitvoeringsprogramma. Natuurlijk kijken we verder dan de periode 2029, maar tegen die tijd zal opnieuw een actualisatie nodig zijn.
1
AANLEIDING De huidige beleidsperiode van de cultuurnota 2021-2024 ‘De stad als podium’ loopt af. De samenleving staat intussen niet stil. Er zijn diverse trends en ontwikkelingen in de samenleving die om aandacht vragen. Ook is er tussentijds een coalitieakkoord gekomen. Daarbij staan de basisinstellingen financieel onder druk vanwege toenemende energielasten, stijging van lonen en andere onvermijdelijke kosten. Met hetzelfde budget kunnen we dan minder bereiken. Zelfs een kleine toename van het budget zal dan onvoldoende zijn om het huidige niveau te behouden. Intussen zijn de instellingen wel verder aan het professionaliseren en werken ze onderling steeds meer samen. Tegelijk staan deze culturele organisaties voor de uitdaging meer te betekenen voor de wijken, het verkleinen van de afstand tot cultuur en educatie, de jeugd erbij te betrekken en te zorgen voor de innovatieve kracht in de gemeente en een bijdrage te zijn voor toerisme en recreatie. Dit vraagt om een actualisatie en aanscherping van het cultuurbeleid, met duidelijke afspraken. Daarbij zien we nog enkele zaken om rekening mee te houden: • De gemeente groeit en bij groei hoort een grotere ambitie ten aanzien van aanbod, verscheidenheid en kwaliteit. Dus moeten we versterken wat goed werkt. Cultuur maakt het profiel van Zutphen, Warnsveld en de Hoven aantrekkelijker.
• Regionale functie van gemeente Zutphen, dat een groter verzorgingsgebied heeft dan alleen de eigen gemeente. Dit betekent onderhouden, verbeteren en vernieuwen van de centrumkracht van Zutphen (waaronder Hanzehof, Museumkwartier). Zutphen trekt hiermee immers veel bezoekers van buiten de gemeente. • Een toename van creatieve makers, culturele ondernemers en hoogwaardige culturele initiatieven draagt bij aan veerkracht en aantrekkelijkheid van onze gemeente. • Nieuwe ontwikkelingen en trends, zoals de Code Governance Cultuur of veranderingen in de wetgeving rondom de bibliotheek (gewijzigde Wsob). • Laaggeletterdheid en kansenongelijkheid zijn fors in de gemeente Zutphen en vormen een grote opgave. het is nodig de vaardigheden en cohesie te versterken en daarmee deelname aan de samenleving te stimuleren • Een noodzaak om het maatschappelijk effect van cultuur beter te kunnen monitoren en meten. Om goed en zorgvuldig op deze zaken in te spelen, actualiseren we het cultuurbeleid vanuit de lijnen die in 2021 zijn uitgezet. Hierin brengen we meer focus aan en zorgen daarna voor een uitvoeringsprogramma.
DOEL We zien cultuur als hartslag van de samenleving. De samenleving en dus de cultuur is van ons allen en van ieder op zich. Daarom willen we dat iedereen in staat is daaraan bij te dragen en mee te maken. We hebben twee hoofddoelen:
‣In de gemeente Zutphen maakt iedereen kunst en cultuur mee ‣Gemeente Zutphen heeft met cultuur een regionale uitstraling, relevantie en aantrekkingskracht • Kunst en cultuur zijn overal aanwezig; voor, door en met alle inwoners van de gemeente Zutphen, jong en oud. Waar dan ook in de gemeente: in de historische binnenstad, de verschillende wijken, en in Warnsveld en de Hoven komen inwoners met cultuur in aanraking. Daarvoor motiveren we iedereen, bieden alom gelegenheid, zorgen dat iedere inwoner daarvoor de nodige vaardigheden kan opdoen en maken cultuur relevant. Iedereen kan zijn/haar talenten ontdekken, ontwikkelen, tonen en gezien worden. Hiermee zetten we kinderen, jongeren en volwassenen op een podium. • Met cultuur bevorderen we artistieke, maatschappelijke en economische waarde van de gemeente Zutphen en van de regionale functie. Sterke voorzieningen dragen bij aan de regionale uitstraling en aantrekkingskracht van gemeente Zutphen; mensen gaan graag naar Zutphen. Dat is goed voor de economie en geeft een extra impuls aan de culturele voorzieningen. Zo kunnen inwoners én bezoekers genieten van een hoogwaardige culturele infrastructuur.
2
KOERS Naast hoofddoelen, uitgangspunten en een uitvoeringsprogramma, hebben we ook een inhoudelijke koers, die richting kan geven op de lange termijn. Met deze inhoudelijke koers brengen we meer focus aan. Dat doen we door keuzes te maken. Daartoe ontwikkelen we de nieuwe cultuurnota langs twee hoofdrichtingen: 1. Levendig geheel van makers, instellingen en deelnemers 2. Verhaallijnen van de gemeente Zutphen
Deze twee hoofdrichtingen hebben ieder drie aandachtspunten, die een nuancering aanbrengen op de hoofdrichting. Dat ziet er als volgt uit: 1.
Levendig geheel van makers, instellingen en deelnemers
Dit levendige geheel bestaat vooral uit drie onderdelen: infrastructuur, keten en samenwerking in de basis. •
Vitale culturele infrastructuur met sterke basisinstellingen
Een culturele infrastructuur bestaat onder andere uit makers, beoefenaars en publiek. Verder omvat dit de culturele (basis)instellingen en de werk- en presentatie-plekken voor kunst en cultuur. Denk hierbij aan podia, ateliers, oefenruimtes en broedplaatsen. Dan gaat het ook om de gebouwen, waar we om de zoveel tijd in moeten investeren om ze up to date, toegankelijk en aantrekkelijk te houden. Dit zijn immers de plekken waar mensen met plezier samenkomen, cultuur maken en meemaken. Bij elkaar vormt dit een soort een ecosysteem, waarbinnen alles elkaar beïnvloedt, van elkaar afhankelijk is en inspireert, samenwerkt en voor de nodige diversiteit zorgt. Binnen dit geheel verzorgen de basisinstellingen gezamenlijk het cruciale deel van het aanbod, de presentatie-plekken en de cultuureducatie en -participatie. De belangrijkste kunstdisciplines zijn hiermee gewaarborgd. In deze culturele infrastructuur stimuleren we de samenwerking van de instellingen en beroepsbeoefenaars met amateurs, zoals fanfares, koren, harmonieën, schilderclubs, toneelverenigingen, etc. Voorwaardelijk is het faciliteren van ruimtes waarin zij aan de slag kunnen gaan. Investeren in gebouwen als de Hanzehof draagt hieraan bij en is niet alleen noodzakelijk, maar ook onvermijdelijk om eens in de pakweg twintig jaar te doen. •
Keten van talentontwikkeling
Deze culturele infrastructuur heeft een brede basis. Hierdoor komt iedere inwoner op jonge leeftijd op school, via de bieb en andere basisinstellingen in aanraking met kunst en cultuur. Dat zit bijvoorbeeld in het lesprogramma. Bovenop die basis is een laag waarin de verbinding met het amateur-veld plaatsvindt. Leerlingen kunnen naschools of buitenschools met hun talenten aan de slag in een discipline die bij hen past. In de derde laag richten we ons op verdere ontwikkeling van talenten, die het podium krijgen en vervolgens ook kunnen uitvliegen. Inwoners van Zutphen kunnen elk gewenst moment, levenslang instromen in deze keten. Iedereen kan het maken in gemeente Zutphen. • Samenwerking in de basis Tussen de basisinstellingen en andere culturele organisaties en initiatieven is veel synergie. Ze werken samen in de wijk en presenteren samen thema’s. Daarnaast stimuleren we samenwerking tussen de basisinstellingen en (lokale) makers. De basisinstellingen zetten hun deuren open en programmeren nomadisch. Dat wil zeggen: buiten hun eigen deuren, bijvoorbeeld in de wijk. Zo kunnen we de basisinfrastructuur blijven bieden aan de inwoners van gemeente Zutphen en kan Zutphen zich hiermee profileren.
3
Integrale cultuurketen (bron: 4Advies) 2. Verhaallijnen van gemeente Zutphen
Om te zorgen dat cultuur in Zutphen kan gedijen en dat de gemeente Zutphen optimaal gebruik maakt van cultuur, ontwikkelen we drie verhaallijnen. •
Uniek: cultuur en erfgoed als drager van de identiteit
Makers, inwoners en culturele instellingen dagen we uit te interacteren met dat waar onze gemeente rijk aan is. Dat zijn bijvoorbeeld monumenten, (historische) verhalen, klinkend, literair of landschappelijk erfgoed en archeologie. Dit rijke erfgoed vormt ons tot wie we zijn en inspireert ons bij het maken of ervaren van kunst en cultuur. Bijvoorbeeld door er een theatervoorstelling over te maken of het te verwerken in een muurschildering. Zutphen heeft haar prachtige uiterlijke verschijning enorm mee zitten om cultuur en erfgoed kracht bij te zetten • Klassiekers: van muziek tot moderne kunst We zijn en bieden als gemeente graag een plek waar musici en (podium-)kunstenaars nu aan de slag kunnen met de toekomst, vanuit een sterk historisch gegeven. Zutphen is een gemeente waar volop muziek klinkt. We hebben al vele klassieke parels, zoals muziekfestivals of uitvoeringen van Zutphense koren, en kunnen ons daarin nog verder ontwikkelen en zo nog meer bekendheid en waardering krijgen. Met daarin een hoofdrol voor zowel de klassieken en crossovers tussen klassieke muziek en popmuziek, of nieuwe, eigentijdse composities. Of een singer-songwriter bij een tentoonstelling in het museum. Dan geldt ‘klassiek’ niet alleen als bewaarplaats, maar vooral ook als inspiratiebron en kraamkamer waarin nieuwe dingen ontstaan. •
Artistiek: experimenteren en ontwikkelen in broedplaatsen We faciliteren makers en de broedplaatsen waar gemaakt kan worden, waar kruisbestuiving plaatsvindt met creatieve en sociale ondernemers. De gemeente is het canvas waarop makers nieuwe vormen van cultuur kunnen uitvinden en testen. Juist als dat schuurt, ontregelt, confronteert of pleziert. We zoeken bewust ruimtes waar innovatie en experiment plaatsvinden. Dit doen we met een speciale focus op jongeren, jongvolwassenen, pop- en jongerencultuur. Met onder meer veel aandacht en ruimte voor de modernere stromingen zoals dance, hiphop, metal, urban, indie pop en rap. Zo stimuleren we kunst en cultuur die aanzetten tot nadenken en nieuwe inzichten, tot ontwikkelen van een eigen identiteit en voor ondernemerschap. Zo creëren we een idioom voor de toekomst.
4
WERKWIJZE Wat is er nodig om de gemeente als podium verder te ontwikkelen? Hoe zorgen we voor dat levendige geheel, voor het laten vertolken van de drie verhaallijnen en de sociaal-economische impact van kunst en cultuur? We hebben daarvoor behalve een doel, koers en beoogde maatschappelijke effecten ook drie financiële instrumenten. Zo kunnen we duidelijker, meer resultaatgericht en met meer oog voor de gewenste maatschappelijke effecten aan de slag. de basis Belangrijke voorwaarden zijn het versterken van de samenhang tussen artistieke, sociale en economische waarde, cultuureducatie die levenslang aan de basis staat, het verbindende effect van cultuurrecreatie en cultureel ondernemerschap. De zes basisinstellingen zorgen ervoor dat iedereen kan meedoen en meemaken en ook dat Zutphen de uitstraling in de regio heeft. Dat geldt voor de Hanzehof en de Broederenkerk, Bij de bieb en Muzehof, voor de Musea, Filmtheater Luxor en Dat Bolwerck. Maar bijvoorbeeld ook Cellowercken, Internationaal Barokfestival, Woest Oost, Popronde en een flink aantal andere initiatieven dragen daar in hoge mate aan bij. de wijk Met een wijkgerichte aanpak zetten we bovendien in op het vergroten van culturele en makende vaardigheden van inwoners.
Dat betekent niet alleen aanbod van de basisinstellingen naar de wijken brengen, maar juist in de wijken met inwoners samenwerken, samen ontwikkelen en presenteren. Ook ontwikkelen we broedplaatsen waar makers en culturele ondernemers aan de slag kunnen en elkaar zullen beïnvloeden. Hier is ook plek voor kunst in de openbare ruimte, de openbare ruimte als canvas. 1. Focus en keuzes
Met een vitaal cultureel veld en verhaallijnen van de gemeente Zutphen brengen we een focus aan. Deze focus sluit andere initiatieven niet uit, maar zorgt dat we onze sterke punten versterken. Het is belangrijk te beseffen dat keuzes ook consequenties hebben. Ze kunnen leiden tot: • minder grote veelheid aan allerlei initiatieven • teleurstelling en/of beëindiging subsidiëring activiteiten (het tweede meestal niet omdat activiteiten doorstart vinden op een andere manier) • meer samenwerking met andere culturele makers en delen van faciliteiten door instellingen en initiatieven • behoefte aan meer professionaliteit / deskundigheid bij instellingen en verenigingen om toekomstbestendiger te worden • belangrijke rol voor basisinstellingen • (daardoor) sterker amateurveld en meer kunst en cultuur in de wijken 2. Uitvoeringsprogramma
Bij het actualiseren van de cultuurnota zorgen we voor een uitvoeringsprogramma. Hierin staan de acties die we gaan uitvoeren om de ambities in de cultuurnota te behalen. Daaraan koppelen we criteria voor ondersteuning en prestatieafspraken aan heldere en haalbare indicatoren. Middels regelmatig overleg, inhoudelijke ondersteuning en deskundigheidsbevordering, monitoring en rapportages houden we een vinger aan de pols. Daarbij gaan we bij rapportages uit van “tellen en vertellen”, niet alleen kale cijfers, maar ook een gefundeerd oordeel over de impact. Ook gebruiken we hierbij twee richtinggevende gereedschappen die voor een ijkpunt zorgen: de waardendriehoek cultuur en een set van uitgangspunten. Op deze manier kunnen we gericht invulling geven aan de doelen die we ons stellen. • Waardendriehoek cultuur Kunst en cultuur zijn geen losstaand gegeven of extraatje, ze zijn niet het sieraad dat je koopt als je geld over hebt. Kunst en cultuur staan aan de basis van onze samenleving en zijn op alle mogelijk manieren daarmee verbonden. Ze vertegenwoordigen sinds mensenheugenis een grote waarde, die we als de kern van ons bestaan kunnen beschouwen. Inmiddels weten we dat kunst en cultuur, naast een artistieke waarde, ook van grote invloed zijn op maatschappelijk en economisch vlak en ook daar
5
waarde vertegenwoordigen. Wanneer we die waarden aan elkaar verbinden, gaan ze elkaar versterken. Daarin staat deelname aan cultuur centraal.
‣ Artistieke waarde Kunst en cultuur hebben een uitstraling op de gemeente en omringende regio. Ze dragen bij aan de beleving van schoonheid en het toekennen en eigen maken van betekenis. Ze brengen plezier en helpen uiting te geven aan een gevoel, herinnering, verlies of vreugde. Dat geldt voor iedereen en voor iedereen verschillend, voor zowel professionele makers als amateurs, liefhebbers, cursisten en publiek. Ieder voor zich kan deze waarde ervaren en door deel te nemen aan cultuur deze waarde vergroten. De waarde zit (daarom) ook vervat in de kwaliteit van de culturele infrastructuur en hoe die gehuisvest is. ‣ Maatschappelijke waarde Kunst en cultuur leveren een relevante bijdrage aan maatschappelijke opgaven zoals welzijn, participatie, inclusie en preventie, tegengaan van eenzaamheid maar ook scholing en het ontwikkelen van basisvaardigheden en talent. Vanuit kunst en cultuur zetten we hierbij onder andere educatie en wijkgericht werken in. ‣ Economische waarde Kunst en cultuur hebben een grote economische spin-off; landelijk gezien dragen ze zelfs in hoge mate bij aan het Bruto Nationaal Product. Naast werkgelegenheid, entreegelden en ook aantrekken van landelijke fondsen zorgen ze voor overnachtingen en bestedingen in horeca en mkb van zowel inwoners als bezoekers en toeristen.
Bovendien bevinden zich in Zutphen en Warnsveld ook veel creatieve makers en ondernemers die zich bezighouden met vernieuwing of ambachten en creatieve oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen. Kunst en cultuur zorgen zo voor aantrekkingskracht van de gemeente. Daarom gaan we deze kracht beter benutten, verder bevorderen en promoten. • Uitgangspunten Onderstaande punten komen voort uit wat eerder is vastgesteld in kaders en coalitieakkoord. Deze uitgangspunten gelden als criteria voor de keuzes die we maken in de cultuurnota en in het uitvoeringsprogramma. Ze vormen indicatoren voor de prestaties en impact die de culturele organisaties en evenementen leveren. Zo kunnen we aan de voorkant en met monitoring en evaluaties beter sturen en is het duidelijk voor de culturele organisaties wat er verwacht wordt. Zichtbaar, toegankelijkheid en bereikbaar • Alle inwoners en bezoekers van gemeente Zutphen vinden met gemak het aanbod op gebied van kunst en cultuur in gemeente Zutphen. Diversiteit van aanbod, deelname en betrokkenheid • Er is voor iedereen een divers en aantrekkelijk aanbod, verspreid over de gemeente. Zo is er volop gelegenheid mee te doen, mee te maken en te beleven. Vaardigheden en deelname • Gelijke kansen en bevorderen van talent zorgen voor meer deelname en meer persoonlijke ontwikkeling.
Dat betekent dat kunst en cultuur ook aantrekkelijk en relevant moeten zijn voor de (be)leefwereld van inwoners, kunst en cultuur gaat over de mensen die het (mee)maken.
6
• Ieder kind komt vanzelfsprekend in aanraking met cultuur. Kinderen en jongeren kunnen in- en na school met cultuur aan de slag. Ze kunnen zich hier verder in bekwamen, wanneer ze dat willen. Cultuur wordt zo onderdeel van het dagelijks leven: thuis, familie, kinderopvang, school, buitenschools en in de wijk. Daarvoor is cultuureducatie in de brede zin belangrijk. • Kunst en cultuur dragen bij aan welzijn, zingeving en preventie. Zorg-, welzijnsorganisaties en zorgcoördinatoren op scholen zijn hiermee bekend en spelen erop in. Ze kennen en gebruiken het aanbod van culturele activiteiten in de gemeente Zutphen. Zo ontstaan koppelkansen met het sociale domein en kunnen meer mensen meedoen. • Vanuit het centrum en in de wijken worden activiteiten aangeboden. Deze zijn gericht op het stimuleren van geletterdheid (taalvaardigheid, digitale vaardigheid) en ter bevordering van kansengelijkheid. Cultureel profiel van Zutphen en aantrekkelijk vestigingsklimaat • Cultuur en erfgoed maken Zutphen tot een aantrekkelijke gemeente met een aantrekkelijk vestigingsklimaat om te wonen, te werken en om op bezoek te zijn. Dat geldt voor onder andere monumenten en voor het culturele en kunstzinnige aanbod. Deze dragen bij aan een plezierige en betekenisvolle leefomgeving, aan de werkgelegenheid in cultuur en erfgoed en aan recreatie en toerisme.
Zo dragen cultuur en erfgoed in ruime mate bij aan de economie. Kwaliteit door ontwikkeling • In de gemeente is plek voor makers met experiment, bieden we schurende plekken en stimuleren we cross-overs. Kunstenaars en creatieve ondernemers versterken elkaar en ook de wijk waarin ze zich bevinden. Dat gebeurt onder andere in broedplaatsen. • Kwaliteit gaat niet alleen over professionaliteit, maar ook over intensiteit en waarde, die artistiek, maatschappelijk of economisch kan zijn. • De gemeente biedt verschillende plekken en podia waar inwoners, cultuurinstellingen en makers hun kunsten, talenten en aanbod kunnen vertonen. De vernieuwde Hanzehof en Buitensociëteit zullen hét podium van de gemeente Zutphen zijn. Ook voor amateurverenigingen moet het mogelijk zijn zonder hoge financiële drempels dat podium te pakken. • Het cultuuraanbod in de gemeente Zutphen is inclusief, divers, attractief, relevant en uitzonderlijk. Zodat het ook aantrekkelijk is voor bezoekers om naar Zutphen te komen en er te verblijven.
3. Transitie en transformatie
Het culturele veld wordt momenteel herzien om het meer toekomstbestendig te maken. Daarin gaan (basis)instellingen bijvoorbeeld verder professionaliseren, duidelijker keuzes maken en waar mogelijk meer impact bereiken, zorgen voor goede governance en fair pay en ze werken en presenteren zich samen. Bij deze transitie hoort ook het investeren in de gebouwen om deze up to date, aantrekkelijk en toegankelijk te houden. Deze herziening zal vier tot zes jaar duren en het eerste jaar zit er al op. We onderscheiden hierin een ‘transitie-fase ’en een transformatie-fase. In de eerste zijn we aan het verbouwen of bouwrijp maken, in de tweede fase gaan we verder inrichten en afronden. Zodat organisaties onder meer een gezonde bedrijfsvoering, bestendige financiële positie, de juiste mensen op de juiste plek en een behoorlijke huisvesting hebben. Zo kunnen we de basisinfrastructuur blijven bieden aan de inwoners van gemeente Zutphen en kan Zutphen zich hiermee profileren. Het betekent dat 2025 een overgangsjaar zal zijn voor de subsidieregelingen. Door te werken vanuit een transitie kunnen we afspraken, regelingen en koers beter op de nu veranderende omstandigheden aanpassen. Zo creëren we een duurzamere werkwijze. 4. Drie pijlers en een fundament
We hebben drie regelingen in ons subsidiebeleid om kunst en cultuur te stimuleren. • basisinfrastructuur: subsidies aan basisorganisaties • meerjaren-subsidies
7
• incidentele subsidies Deze zetten we in volgens de koers en het uitvoeringsprogramma, waarvoor we ook indicatoren opnemen. Daarnaast hebben we meer budgetten, zoals de uitvoeringsbudgetten cultuurnota en kunst openbare ruimte. Voor deze regelingen geldt dat 2025 een overgangsjaar wordt; met het uitvoeringsprogramma zullen ook hiervoor de criteria en indicatoren gereedgemaakt worden. • fundament van deskundigheid Daarnaast beseffen we dat organisaties vaak behoefte hebben aan deskundigheid en ervaring. Ook hierin kan de gemeente faciliteren middels gerichte ondersteuning, expertise, workshops en brainstormen en/of een cultuurmakelaar. Deels kan dit door de kleinere organisaties met de grotere (basis)instellingen te laten samenwerken en actief kennis te delen. Hierdoor zullen de professionaliteit en het eigen verdienend vermogen bij de organisaties verder toenemen, waardoor ze meer toekomstbestendig worden. 5. Tellen en vertellen
Bij het monitoren van de impact van cultuur gaan we uit van de methodiek “tellen en vertellen”: niet alleen kale cijfers, maar ook een gefundeerd oordeel over de impact, en de verhalen achter de cijfers. • Met de culturele organisaties bepalen we op basis van de koers gezamenlijke doelen. Betrokken organisaties participeren zodoende bij zowel het opstellen van de doelstellingen als de acties in kunst en cultuur en erfgoed. Dit draagt bij aan een gezamenlijk streven, waarin instellingen vooral worden aangesproken op hun kracht en betrokkenheid. Daaruit volgt meer impact. • Hiervoor stellen we samen prestatieafspraken, criteria en indicatoren vast. Dit zorgt voor een haalbare en betaalbare cultuur, waarbij de instellingen beter hun verantwoordelijkheid kunnen nemen en met een concreter mandaat aan de slag gaan. • Hierin maken we ook duidelijke afspraken over output en outcome (bredere impact op de samenleving) waarbij we werken met kwantitatieve informatie en kwalitatieve (tellen en vertellen). • Hierin is de rol van de gemeente deels initiërend, faciliterend en consulterend en zo kunnen we doelmatiger de ondersteuning vanuit de gemeente bepalen.
6. Financiën
Met het opstellen van beleid worden verdere financiële keuzes in scenario’s in kaart gebracht. Een en ander gebeurt op basis van beschikbaar budget. De besluiten over het toekennen van aanvullend budget voor cultuur in de saldo-overhevelingen 2023 vormen het vertrekpunt voor de nieuwe cultuurnota 2025 – 2029. Daarvoor gelden zodoende de volgende uitgangspunten: • Binnen beschikbaar budget
•
-
dit betekent geen grotere ambitie, maar behouden wat er nu is en versterken waar mogelijk door middel van samenwerkingen en professionalisering
-
met de eenmalige toevoeging van de saldo overheveling is 2025 gedekt, daarna nog niet
-
intussen stijgen kosten en kunnen landelijke fondsen beperkter worden aangesproken
-
zonder aanvullend budget voor 2026, moet bezuinigd worden
Werken met scenario’s
Deze scenario’s zullen gebaseerd zijn op profiel, inhoud, kansrijkheid, noodzaak en budget.
8
7. Proces
De stappen, route en participatie zien er als volgt uit:
9