625669 - Bijlage 2- Inspraakdocument 'Kracht in kwetsbaarheid', regiovisie bw en mo 2024 tm 2026 regio Midden-IJssel
Tekst van het document
INSPRAAKDOCUMENT Bij de regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang Regio Midden-IJssel 2024 t/m 2026 “KRACHT IN KWETSBAARHEID” VAN OPVANG EN BESCHERMD WONEN NAAR WONEN EERST EN EEN BESCHERMD THUIS!
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
INSPRAAKREACTIES ONTWERP-REGIOVISIE BESCHERMD WONEN EN MAATSCHAPPELIJKE OPVANG ‘KRACHT IN KWETSBAARHEID’ Inspreker Adviesraad Sociaal Domein gemeente Zutphen (BASD)
Samenvattende inhoud reactie Algemeen 1. De BASD vindt dat een aantal belangrijke zaken niet of nauwelijks zijn uitgewerkt in de regiovisie.
2. De BASD vindt dat de regiovisie een methodische aanvliegroute mist.
Informele zorg en mantelzorg 3. De BASD vraagt zich af hoe de samenwerking tussen formele- en informele zorg rond de groep kwetsbare inwoners plaats gaat vinden? En hoe wordt voor continuïteit gezorgd in de informele zorg? Is er een plan van aanpak concreet voorhanden voor én de professional en de mantelzorgers?
Samenvattende reactie gemeenten 1. De regiovisie bevat naast een visie en doelen, ook verschillende actielijnen en acties. Een aantal acties worden meer uitgewerkt bij de uitvoering daarvan, dan wel in de lokale actieplannen. 2. In de regiovisie hebben wij onze visie en doelen verwoord alsmede actielijnen en acties. Wij zijn benieuwd naar wat u daarin mist qua ‘methodische aanvliegroute’. 3. Belangrijk is dat per inwoner met een ondersteuningsbehoefte de formele en informele zorg goed aansluiten op elkaar en elkaar aanvullen. In het ondersteuningsplan per inwoner krijgt dat een plaats. Wij hebben dat – naar aanleiding van uw advies – in de regiovisie nadrukkelijker opgenomen.
4. De BASD vindt dat de ondersteuning minder coachend maar veelal sturend moet zijn.
4. De ondersteuning dient naar ons oordeel erop gericht te zijn inwoners weer – na enige tijd – weer op eigen kracht (of samen met naasten en andere betrokkenen) kunnen deelnemen aan de samenleving. In het ondersteuningsproces kan dat zowel leiden tot fases dat de ondersteuning meer sturend als fases waarin meer coachend begeleiding geboden dient te worden.
5. Er zijn te lange wachttijden voor clientondersteuners (6 tot 8 weken), waardoor mantelzorgers afhaken.
5. Gemeenten bieden clientondersteuning aan inwoners. De gemeente Zutphen heeft hiervoor een subsidieovereenkomst gesloten met MEE. Zij voeren voor Zutphen de onafhankelijke cliëntondersteuning uit. Vanwege tijdelijk personeelstekort is er een wachtlijst ontstaan. Op dit moment is de wachttijd teruggebracht naar 2
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
weken. Naar verwachting loopt de wachttijd in het najaar verder terug. 6. De BASD benadrukt dat - wil de regiovisie succesvol zijn - de informele zorg aandacht en regie behoeft. Wij vragen ons af: in hoeverre wordt er zorg gedragen voor de mantelzorger? De BASD stelt dat in de regiovisie niet aan bod komt, welke taken mantelzorgers uitvoeren, waar hun grenzen en mogelijkheden liggen en wat professionals kunnen doen om hen in de thuissituatie zo goed mogelijk te ondersteunen. De BASD adviseert mantelzorgers in elk geval pro- actief mee te nemen en waar mogelijk op te leiden in “het vak van begeleider” en hen ook te adviseren over de PGB-mogelijkheid.
6. Wij zijn het met u eens dat informele zorg aandacht en regie behoeft. Daarom is de informele zorg/mantelzorg onderdeel van het ondersteuningsplan van de inwoner met een ondersteuningsbehoefte. De belastbaarheid en mogelijkheden van mantelzorgers om hun naaste in de thuissituatie zo goed mogelijk te ondersteunen zijn daarvan onderdeel. Wij hebben – naar aanleiding van uw advies – dit nog sterker benadrukt in de regiovisie. In het ondersteuningsproces wordt waar nodig de inwoner met een ondersteuningsbehoefte gewezen op de mogelijkheid van een pgb, waarbij de inzet daarvan is begrensd door de Wmo 2015 en de verordening Wmo. Wij zijn met u van mening dat informatieverstrekking aan mantelzorgers is van groot belang. In de gemeente Zutphen is het aanbod belegd bij diverse partners. De gemeente Zutphen kiest voor een integrale, toekomstbestendige aanpak van mantelzorgondersteuning. Er worden voorbereidingen getroffen om een mantelzorgsteunpunt in te richten in Zutphen. Op deze centrale plek komen alle hulp en kennis over mantelzorg samen. Er wordt samengewerkt met professionals, sociale instanties en burgers.
7. Gelet op het risico van overbelasting van mantelzorgers ook gezien toenemende psychische problematiek in de samenleving adviseert het BASD actief zorg te dragen voor een vangnet voor de informele zorg en geeft daarin een aantal suggesties en adviezen.
7. Wij zien het risico van overbelasting van mantelzorgers nadrukkelijk ook. Daarom hebben wij dit in de regiovisie benadrukt. In de lokale actieplannen wordt aandacht besteed aan een lokaal vangnet voor informele zorg.
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
8. De BASD mist in de regiovisie een model van aanpak als bijvoorbeeld WIFA (Waarderen, Informeren, Faciliteren, Afstemmen) en de BASD spreekt haar zorg daarom uit over het uiteindelijke succes van de samenwerking in de regiovisie. Draagkracht van dorpen, buurten en steden 9. De BASD vraagt zich af of er draagkracht is in de wijken voor meer inwoners die thuis blijven wonen (in plaats van beschermd te wonen of opgevangen moeten worden in de maatschappelijke opvang).
10. De regiovisie stelt: ”Beschermd wonen blijft daarnaast beschikbaar voor inwoners die dat nodig hebben. We blijven daarbij rekening houden met draagkracht van dorpen, buurten en steden.” Die draagkracht is cruciaal en zal duidelijk moeten worden gecommuniceerd.” Is die communicatie tot nu toe niet veel te beperkt geweest? En is er een plan om die communicatie te verbeteren? Hoe worden inwoners voorbereid op nieuwe groepen die voorrang gaan krijgen op de woningmarkt?
Aanvraagprocedure toekenning beschermd wonen 11. De BASD vindt dat de aanvraagprocedure voor een toekenning beschermd wonen onlogisch is en belastend is voor de client omdat de procedure na het lokale contact weer opnieuw zou moeten bij de centrumgemeente en er onderzoeken en gesprekken opnieuw zouden plaatsvinden. De BASD adviseert meer om de last niet bij de ouders/aanvrager ligt, maar dat de woonplaats van de inwoner dit op zich neemt en de procedure pragmatisch in te vullen.
8. De regiovisie is wat ons betreft niet bedoeld als beschrijving van de werkwijze van medewerkers. Medewerkers van gemeenten en instellingen zijn professioneel opgeleid en werken methodisch.
9. Wij zijn van mening dat er in beginsel voldoende draagkracht is in de samenleving om deze beweging vorm te geven, De balans draagkracht versus draaglast kan per buurt, wijk of dorp verschillen en ook in de tijd verschuiven. Gemeenten blijven nadrukkelijk aandacht houden hiervoor. 10. Wij zijn met u van mening dat de draagkracht belangrijk is. De algehele beweging dat minder mensen in instellingen verblijven en meer thuis de noodzakelijke hulp, zorg en ondersteuning ontvangen is een beweging die al geruime tijd geleden door overheden is ingezet. Aparte communicatie hierover in het kader van deze regiovisie is daarom niet op voorhand voorzien. De draagkracht van dorpen, buurten en steden krijgt bij gemeenten, waaronder de gemeente Zutphen, belangrijke en permanente aandacht.
11. Wij zijn het met u eens dat de aanvraagprocedure niet onnodig belastend moet zijn en nemen uw advies ter harte. In de concept-regiovisie hadden wij al opgenomen dat gemeenten en regio hierin meer samen optrekken en een meer integrale werkwijze ontwikkelen. Wettelijk gezien kan een gemeente geen aanvraag doen, dus er blijft een rol voor de inwoner, maar gemeenten kunnen wel alle informatie die van belang is warm overdragen en de procedure zo vormgegeven, zodat inwoners bijvoorbeeld niet onnodig meerdere keren hun
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
verhaal moeten delen. Inmiddels wordt hier al aan gewerkt. Zorgmijders 12. De BASD stelt dat de realiteit weerbarstig is. Wat kan en mag er gedaan worden als er (flinke) problemen ontstaan? Kan en mag iemand weer uit huis geplaatst worden? En zo ja, waar komt zo’n persoon dan terecht? Geef ook hier weer altijd familie/mantelzorgers etc. alle informatie hierover.
12. Gemeenten en corporaties streven naar het zo veel mogelijk voorkomen van huisuitzettingen. Daar waar dit toch noodzakelijk wordt geacht, wordt in beginsel een (tijdelijk) woonalternatief geboden, niet zijnde opvang. Elke inwoner kent weer een andere situatie, dus er is wat ons betreft geen algemeen antwoord op deze vragen. De regionale bemoeizorgteams richten zich op het toeleiden van inwoners die zorg, ondersteuning of hulp mijden naar passende zorg, ondersteuning en hulp. Informatievoorziening aan familie en mantelzorgers is belangrijk, al hebben de professionals daarin te handelen binnen de kaders van de privacywetgeving.
13. De BASD vraagt zich af of de (sub)regionaal opererende bemoeizorgteams voldoende werken. De BASD wijst op een recent voorbeeld uit Zutphen waar sprake was van een huisuitzetting.
13. Wij zijn van mening dat de (sub)regionaal opererende bemoeizorgteams voldoende werken. Huisuitzettingen worden door gemeenten en corporaties zo veel als mogelijk voorkomen. Wij kunnen in deze reactie niet ingaan op individuele situaties, maar de gemeente Zutphen gaat hierover – binnen de kaders van de privacywetgeving - graag met u in gesprek.
14. De BASD stelt dat in sommige gevallen eigen regie niet de oplossing is en een te grote druk gelegd wordt op familie, vrienden en het netwerk rond de cliënt. Dat leidt volgens het BASD tot geen echte oplossing.
14. Wij streven naar eigen regie van onze inwoners, maar daar waar dat niet mogelijk is of niet tot oplossingen leidt, worden andere werkwijze en instrumenten ingezet. Onzes inziens hebben wij dat ook zo verwoord in de regiovisie.
15. Wij vragen ons ook af: wanneer wordt van de mogelijkheid gebruik gemaakt van verplicht begeleid wonen onder de wet zorg en dwang, zodat de inwoner wel op je juiste plek kan wonen? Hiermee zou de veiligheid voor zowel de bewoner als de buurt gewaarborgd zijn.
15. In bepaalde situaties kunnen wettelijke instrumenten ingezet worden als de Wet verplichte ggz en de Wet zorg en dwang. Wanneer en hoe gebruik gemaakt kan worden van zorg met dwang is vastgelegd in de Wet zorg en dwang.
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
Adviesraad Sociaal Domein gemeente Lochem (ASDL)
Algemeen 1. In grote lijnen heeft de ASDL, de Adviesraad Sociaal Domein Lochem waardering voor deze grondig uitgewerkte visie met goede verwijzingen naar relevante documentatie. 2. De ASDL is van mening dat het Actieplan 20172022 (de uitwerking van de vorige regiovisie) een breder terrein bestrijkt. De ASDL stelt dat in de vorige periode onder meer de verslavingszorg en de OGGZ meegenomen zijn. De ASDL geeft aan dat in de regiovisie niet aangegeven wordt waarom deze regiovisie niet of slechts zijdelings op deze terreinen ingaat. De ASDL neemt aan dat de versmalling te maken heeft met de plannen voor verdere doordecentralisatie van maatschappelijke opvang en beschermd wonen. De ASDL geeft aan dat, gezien de verknoping en overlap binnen de hele ggz, een bredere visie voordelen zou hebben.
3. De ASDL stelt dat de regiovisie nu een looptijd van 3 in plaats van 6 jaar heeft. Ook als er sprake is van decentralisatie naar de gemeenten, zou het goed zijn dat de visie toch voor 6 jaar zou gelden, waarbij halverwege een evaluatie plaatsvindt om desgewenst de visie en acties bij te sturen.
1. Dank voor uw waardering.
2. Wij zijn met u van mening dat een bredere visie voordelen heeft. Er is wat ons betreft dan ook geen sprake van versmalling, maar eerder van verbreding, nu in deze regiovisie ook meer of expliciete aandacht is voor sociale inclusie, preventie en wonen, als belangrijke voorwaarden om de gewenste bewegingen vorm te geven. Ook is in deze regiovisie aandacht voor verslavingszorg en Openbare geestelijke gezondheidszorg (Oggz). Wij hebben er in de structuur voor gekozen om uit te gaan van vijf meer integrale actielijnen en niet voor aparte zorgof beleidsvelden. De door het Rijk voorgenomen doordecentralisatie van rijksmiddelen beschermd wonen is niet de aanleiding van deze keuze. Wij hebben juist het perspectief van inwoners centraal willen stellen en niet voorzieningen of aparte beleidsvelden. We zullen dit nog explicieter toelichten in de regiovisie. 3. Wij zijn van mening dat de vraagstukken die zich voordoen een voortvarende aanpak vragen en daarbij ook realiseerbaar zijn in de beoogde planperiode van 3 jaar. Wij monitoren permanent of de voorgenomen acties bijdragen aan de beoogde doelstellingen en sturen waar nodig bij gedurende planperiode. Een evaluatie/voortgangsmoment halverwege de planperiode (net als bij de vorige regiovisie) achten wij van belang. Wij zullen dit expliciet opnemen in de regiovisie.
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
4. De ASDL concludeert dat alle gemeenten heel intensief bij het tot stand komen betrokken zijn en spreken de wens uit de intensieve samenwerking voort te zetten, zonder in de visie over een tijdsbeperking te spreken. Bovendien wordt er uitgegaan van aanvullende lokale actieplannen, waardoor lokale accenten gelegd kunnen worden.
4. Wij delen uw conclusie.
5. De ASDL acht het vrij gebruikelijk dat bij een nieuwe visie met nieuwe actiepunten teruggekeken wordt naar de resultaten van de vorige periode. Dit gebeurt echter heel beperkt en vergelijkende cijfers ontbreken vrijwel geheel. Zo was het bijvoorbeeld de bedoeling dat meer mensen zelfstandig gingen wonen. Niet duidelijk is of dit gelukt is en welke mate van zelfstandigheid bereikt is. Wij hebben wel de indruk dat veel dingen goed gaan, maar wij zagen die goede punten en de aandachtspunten voor de komende periode graag bevestigd door een beknopte evaluatie van de vorige periode. Daarmee ontstaat dan meteen een, deels cijfermatig onderbouwd, startpunt voor de komende periode.
5. In het totstandkomingsproces van de regiovisie hebben we er inderdaad niet voor gekozen een aparte en/of cijfermatige eindevaluatie plaats te doen vinden. Wel is – met uw inbreng en de inbreng van vele partijen – ervoor gekozen om kwalitatief te kijken naar wat er goed gaat en is gegaan (wat moeten we behouden) en wat anders moet (wat vraagt verandering). Ook is de voorliggende regiovisie – waar nodig – geïllustreerd met cijfers. Wij zijn van mening dat we hiermee een goed startpunt hebben voor de komende periode.
De 3 bewegingen en de daaruit voortvloeiende doelen 6. De ASDL onderschrijft de genoemde 3 bewegingen. Wel wil de Lochemse adviesraad wijzen op het risico dat de financiën en personele krapte een meer bepalende rol gaan spelen dan de wensen en belangen van de cliënt.
7. De ASDL twijfelen aan het beoogde resultaat dat na de planperiode minder mensen gebruik hoeven te maken van beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Daarbij geeft de ADSL aan dat deze doelstellingen ogenschijnlijk in
6. Dank voor uw steun voor de genoemde bewegingen. Wij realiseren ons dat vooral de personele krapte een belangrijke rol gaat spelen. Deze constatering is in de regiovisie ook juist genoemd als één van de argumenten om de ondersteuning op onderdelen anders in te richten dan voorheen. 7. Wij twijfelen niet aan onze doelstelling dat minder mensen gebruik hoeven te maken van beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Wij zijn van mening dat door het geheel van de uitvoering van de acties opgenomen in de actielijnen dit mogelijk zou moeten zijn. Tegelijkertijd maken wij een
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
tegenspraak zijn met de uitspraak in de regiovisie dat er niet gekozen wordt voor een afbouwdoelstelling als het gaat om ‘plaatsen’ maatschappelijke opvang en beschermd wonen.
Van denken naar doen: de vijf actielijnen 8. De ASDL pleit ervoor dat gemeenten de mogelijk wettelijke verplichte urgente groepen inwoners (waaronder inwoners die uitstromen uit de maatschappelijke opvang en het beschermd wonen) ook opnemen in de urgentiewoonverordeningen ook als er geen wettelijke verplichting komt. 9. De ASDL geeft aan dat een urgentiebepaling weinig zal helpen als er veel te weinig huurwoningen zijn. De ASDL stelt dat in ieder geval in de gemeente Lochem het helaas al jaren niet lukt om op het nagestreefde percentage huurwoningen te komen. De Lochemse adviesraad pleit voor een hogere prioriteit van de bouw van sociale huurwoningen. 10. De ASDL geeft aan dat het goed is dat er extra aandacht is voor jongvolwassenen en de overgang van jeugdzorg naar de Wmo. Het voorgestelde beleid acht de ASDL lovenswaardig.
onderscheid met eventuele afbouw van plaatsen. Dit onderscheid achten wij ook relevant, omdat er nu nog sprake is van een wachtlijst beschermd wonen en een te grote bezetting van de bestaande plaatsen maatschappelijke opvang. Wij denken dat het niet realistisch is te veronderstellen dat er zoveel minder mensen gebruik hoeven te maken van beschermd wonen en maatschappelijke opvang, dat zelfs het aantal plaatsen afgebouwd zou kunnen worden. Een acceptabele wachttijd voor beschermd wonen en het weer kunnen benutten van het huidige aantal plaatsen maatschappelijke opvang zoals bedoeld achten wij wel realistisch. 8. Wij zijn het met de ASDL eens dat de door ons in de regiovisie beschreven urgentie niet moet afhangen van de wettelijke verplichting. Zo is ook niet de strekking van deze passage. Wij zullen deze passage bezien in het licht van uw opmerking.
9. Wij zijn het met de ASDL eens dat voldoende betaalbare en adequate huurwoningen belangrijk zijn. De gemeente Lochem spant zich in om zorg te dragen voor voldoende passende en betaalbare woningen.
10. Wij danken de ASDL voor de uitgesproken steun voor het beleid ten aanzien van de overgang van jeugdzorg naar de Wmo.
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
11. De ASDL stelt dat het bieden van begeleiding voor, bij en na uitstroom van beschermd wonen, ter ondersteuning van de verzelfstandiging, niet alleen een steun voor de cliënt is, maar uiteindelijk tijds- en kostenbesparend kan blijken te zijn.
11. Wij zien deze opmerking van de ASDL als ondersteuning aan het geformuleerde beleid. De passende ondersteuning van de client staat bij ons voorop. Tegelijkertijd is ook de tijds- en kostenbesparing een positief neveneffect als dit zou ontstaan.
12. Bij het beleidsproces voortkomend uit deze visie, is de inzet van cliënten en andere ervaringsdeskundigen belangrijk. Niet beschreven wordt hoe, en hoe systematisch, de inbreng van cliënten en ervaringsdeskundigen een plaats krijgt.
12. Wij hebben in de visie beschreven dat wij in de komende periode de inzet van cliënten en ervaringsdeskundigen in het beleidsproces meer en beter tot stand willen laten komen. Hoe dit het beste kan worden georganiseerd dat is onderwerp van gesprek met o.a. de ASDL.
13. De ASDL stelt dat bij het realiseren en faciliteren van de woonvormen voor inwoners die beschermd of beschut gaan wonen en de realisatie van de verschillende vormen van zelfstandig wonen het van belang is dat er een goede verhouding om de buurt is. Het is voor het welslagen van belang dat tevoren goed en tijdig overlegd wordt met de buurt.
13. Wij zijn het eens met de ASDL dat bij het realiseren en faciliteren van de woonvormen voor inwoners die beschermd of beschut gaan wonen het van belang is dat er een tijdig overlegd wordt met de buurt. Bij het individueel gaan wonen van een inwoner (na een periode van beschermd wonen) achten wij overleg met de buurt niet gepast en zelfs stigmatiserend. Wij willen inwoners die zelfstandig gaan wonen niet anders benaderen dan alle andere inwoners die ergens in een buurt (zelfstandig) gaan wonen. Wel heeft de draaglast en draagkracht van dorpen, buurten en steden in het algemeen wel de aandacht van gemeenten.
14. De ASDL stelt dat als integratie in een buurt (van een woonvorm beschermd of beschut wonen) niet haalbaar is, dan kan gedacht worden aan de zogenoemde Skaeve Huse.
14. Alle inwoners dienen ergens te kunnen wonen, ook de inwoners die tijdelijk zijn aangewezen op beschermd of beschut wonen. Wij achten het van belang dat er ruimte in onze gemeenten is ook voor deze woonvormen. Daarbij dient de gemeente initiatieven te toetsen aan ruimtelijke kaders op basis van wet- en regelgeving. Het is daarbij niet uitgesloten dat een woonvorm toch kan worden gevestigd in een buurt, terwijl er bezwaren in de buurt zijn tegen de vestiging. Skaeve Huse (ook wel ‘paradijsvogelwoningen’
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
genoemd) betreft woningen voor een specifieke groep inwoners die wezenlijk iets anders nodig hebben dan inwoners die tijdelijk aangewezen zijn op beschermd of beschut wonen. Als een initiatief van beschermd of beschut wonen niet mogelijk is in een buurt, dan is Skaeve Huse voor ons daarom geen alternatief. Tegelijkertijd kan Skaeve Huse passend wonen bieden voor een bijzondere groep inwoners. 15. De ASDL stelt dat daar waar dakloosheid ontstaat bij de overgang van de ene voorziening naar een andere de Lochemse adviesraad dit niet aanvaardbaar acht.
15. Wij zijn het met de ASDL eens en zullen dit nog eens benadrukken in de regiovisie.
16. De ASDL vraagt de aandacht voor de economisch dak- en thuislozen, die volgens de ASDL geen woning kunnen vinden door de woningnood en/of de regelgeving en die volgens de ASDL een groeiende groep is. De ASDL stelt dat voor de maatschappelijke opvang zij door hun aangenomen zelfredzaamheid meestal niet in aanmerking komen. De ASDL stelt dat zij vaak niet in beeld zijn bij de gemeente of bij andere officiële instanties. De ASDL geeft aan dat hoe langer de dakloosheid van deze groep voortduurt, hoe groter de problematiek meestal wordt.
16. Wij zijn het met de ASDL eens dat dit een groep inwoners betreft die weinig in beeld zijn. Hoe groot deze groep in deze regio is en/of deze groeiend is, is niet bekend. Tegelijkertijd is deze problematiek ons niet onbekend.
17. De ASDL beveelt aan om te zoeken naar alternatieven voor huisuitzettingen. De ASDL hoopt op minimalisering van deze uithuiszettingen, aangezien zij zelden een oplossing inhouden. Volgens de ASDL kan huisuitzetting aanvaardbaar zijn als de overlast voor de omgeving zo groot is dat de omgeving gevaar gaat lopen, maar er moet dan wel een alternatief geboden worden.
17. In de regiovisie is opgenomen dat gemeenten huisuitzettingen zo veel als mogelijk willen voorkomen en daar waar die toch plaatsvinden, woonalternatieven (niet zijnde opvang) te zoeken en te bieden. Dan sluit onzes inziens aan bij het advies van de ASDL. Wij zien dit advies als ondersteuning van het geformuleerde beleid.
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
18. De ASDL stelt dat door een breed preventief beleid vele situaties van (dreigende) dakloosheid voorkomen kunnen worden. Tot slot 19. De ASDL stelt dat de visie veel goede punten bevat, maar dat het veelal ontbreekt aan een beschrijving hoe de voortgang van de actiepunten gemeten wordt. Om bij te kunnen sturen is het, volgens ASDL nodig dat er tussentijds geëvalueerd wordt en dat daarvoor voldoende meetpunten aangedragen worden. De ASDL geeft aan dat naast de resultaten van de dienstverlening en de kwaliteit de ASDL ook denkt aan het meten van de klanttevredenheid en de mate van stagnatie in de keten en de oorzaken daarvan. Volgens de ASDL dient ook de samenwerking tussen de gemeenten, met de cliënten en met de zorginstellingen daarbij, bij voorkeur ook tussentijds, aan bod te komen. 20. Als het lukt om de behoefte aan plaatsen voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen te verminderen, dan dient wel een aanzienlijk deel van de uitgespaarde gelden ingezet worden in de begeleiding van de ex-cliënten en in allerlei maatregelen die opname of een terugval naar opname helpen te voorkomen.
18. Wij zijn het eens met de ASDL op dit punt. Daarom wordt er in de regiovisie ook ingezet op een breed preventief beleid. Wij zien dit advies als ondersteuning van het geformuleerde beleid. 19. Wij zijn met de ASDL van mening dat het tussentijds meten ten aanzien de doelstellingen en het rapporteren over de voortgang van de acties en op basis daarvan bijstellen nog niet voldoende was weergegeven in de concept-regiovisie. In de definitieve regiovisie is dit nadrukkelijker beschreven. Daarbij willen wij wel oog hebben dat niet alles kwantitatief gemeten kan worden. Wij wensen een goede balans te houden tussen investeringen in voortgangsrapportages, metingen en onderzoeken en investeringen in uitvoering.
20. Het is niet ons doel om het aantal plaatsen voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen te verminderen in de planperiode. Wel kunnen wij ons voorstellen dat de beweging ook leidt tot besparingen. Op dit moment besluiten gemeenten samen over wat de reikwijdte is van de inzet van eventuele bespaarde financiële middelen. Dit is ook zo vastgelegd. Tot dusver hebben gemeenten telkens besloten evt. overschotten in te zetten voor activiteiten en maatregelen die preventief zijn of anderszins ondersteunend zijn aan de doelen van de regiovisie. Wij begrijpen uit uw advies dat het uw wens is dat dit de werkwijze blijft. Wij zullen rekening houden met die wens bij toekomstige besluiten, mochten zich ook in de toekomst overschotten voordoen.
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
21. De ASDL stelt dat haar advies richt zich voornamelijk op de regio. De ASDL begrijpt dat er per gemeente nog een concreet actieplan kan komen. De ASDL is daar voor Lochem vanuit gegaan en is uiteraard bereid om ook over het Lochemse uitwerkingsplan te adviseren.
Adviesraad Sociaal Domein gemeente Raalte (ASDR)
Proces 1. De ASDR geeft aan dat ze het voortraject voor de concept-regiovisie als prettig ervaren hebben, bijv. de reflectiebijeenkomsten en de reguliere bijeenkomst met de adviesraad dit voorjaar.
21. In de regiovisie is inderdaad opgenomen dat de regiovisie door elk van de samenwerkende gemeenten vertaald wordt in lokale acties, al dan niet via een lokaal actieplan of lokaal uitvoeringsprogramma. De gemeente Lochem is inderdaad voornemens de ASDL ook te betrekken bij het Lochemse actieplan.
1. Dank voor het uitspreken van uw waardering voor het voortraject. Wij danken ook voor uw inbreng in de ateliersessie en de reflectiebijeenkomsten. Hiermee is de regiovisie verrijkt.
2. De ASDR geeft aan dat zij de adviesaanvraag op 6 juli heeft ontvangen in plaats van de aangekondigde in juni.
2. Het klopt dat in de bijeenkomst van 30 mei uitgesproken is dat de verwachting was dat de adviesaanvraag eind juni zou komen. Dit bleek niet haalbaar, waardoor de adviesaanvraag niet eind juni, maar 6 juli is gezonden. Wij verontschuldigen ons hiervoor. Wij hebben daarom de inspraakperiode verlengd met bijna 1 week en zijn blij dat u alsnog in staat bent geweest te adviseren.
3. De ADSR geeft aan dat formeel is vastgelegd dat de Adviesraad sociaal domein Raalte, niet adviseert in de 6 weken zomervakantie regio Noord. Nu ervoor gekozen is de inspraakperiode deels in de zomervakantie te laten plaatsvinden had de ASDR nog slechts een kleine 2 weken om een advies te geven. De ADSR vindt dit een gemiste kans om inwoners nóg beter te betrekken bij beleid. Alhoewel we begrijpen dat er sprake is van tijdsdruk adviseren we om inwonersparticipatie altijd in de planning mee te nemen, een belangrijke positie te geven en inbreng van inwoners op waarde te schatten onder het motto ‘zeg wat je doet, en doe wat je zegt’.
3. Wij constateren dat hierbij de verwachtingen uitéén zijn gelopen. Juist vanwege het belang wat wij hechten aan om cliënten te betrekken bij beleidsvorming én het willen respecteren van de vastgelegde afspraken daaromtrent is op verschillende momenten in het proces gelegenheid gegeven aan de adviesraden om inbreng te leveren, bijv. in de ateliersessie en in de reflectiesessies. U hebt uw waardering daarvoor ook uitgesproken. Tijdens de momenten dat afgevaardigden van de adviesraden bij zijn gepraat en om inbreng is gevraagd hebben de adviesraden desgevraagd onzes inziens aangegeven dat de grote betrokkenheid tijdens het voortraject het mogelijk maakte de adviesperiode
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
in de zomerperiode te laten plaatsvinden. Dit is ook bevestigd in de bijeenkomst op 30 mei met adviesraden, waarbij wel is gezegd dat daarom de adviesperiode wat langer zou zijn dan de gebruikelijke 6 weken. Uiteindelijk was de adviesperiode 9 weken (in plaats van de aangekondigde 10 weken). Wij constateren uit uw reactie dat de ASDR andere verwachtingen had. Wij verontschuldigen ons dat wij klaarblijkelijk niet in staat zijn geweest om heldere verwachtingen te creëren, en dat de adviesperiode uiteindelijk ook 1 week korter was dan eerder aangekondigd. 4. De ASDR stelt dat er tijdens de bijeenkomst van 30 mei is besproken dat het veel voordelen heeft als er één advies worden opgesteld door de adviesraden gezamenlijk. De ASDR stelt dat er vanuit de regio hierop nog zou worden teruggekomen maar dat de Adviesraad hierover helaas niets vernomen heeft.
4. Ook hierbij constateren wij dat de verwachting die de ASDR had niet overeenkomst met hetgeen wij hadden. In onze beleving is er inderdaad gesproken over de voordelen van een gezamenlijk advies, maar is daarbij geen afspraak gemaakt dat de gemeente hier iets in zou faciliteren of ergens op terugkomen. Onze overtuiging is dat de gemeenten een gezamenlijke adviesaanvraag verwelkomd hebben, maar aan de aanwezigen is aangegeven dat dit een eigen verantwoordelijkheid is van de adviesraden om elkaar daarin op te zoeken en te komen tot een gezamenlijk advies. In het verslag van de bijeenkomst van 30 mei, die de adviesraden op 6 juni ontvangen hebben, zijn eventuele afspraken hieromtrent ook niet terug te vinden. Duidelijk is wel dat hierin de verwachtingen van de ASDR en de gemeenten verschillend zijn geweest.
5. De ADSR adviseert om bij volgende regionale adviesaanvragen te kijken waar mogelijkheden liggen om gezamenlijk krachten te bundelen en zo efficiënt mogelijk te werk te gaan.
5. Wij zien de meerwaarde van gezamenlijke advisering op deze onderdelen. Vandaar dat wij de adviesraden inmiddels een voorstel hebben gedaan hoe dit in de toekomst gefaciliteerd kan worden.
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
Betrokkenheid adviesraad bij lokale invulling 6. In de regiovisie is opgenomen dat de regiovisie door elk van de samenwerkende gemeenten vertaald wordt in lokale acties, al dan niet via een lokaal actieplan of lokaal uitvoeringsprogramma. De ADSR adviseert cliënten en hun naasten, maar ook andere inwoners en de Adviesraad te betrekken bij de totstandkoming van deze lokale acties. Mantelzorgers en naastbetrokkenen 7. De ASDR complimenteert de gemeenten dat zij uitgaan van positieve gezondheid. De ASDR stelt dat een mens meer is dan zijn kwetsbaarheid en het goed is dat de gemeenten daar oog voor hebben.
6. De gemeente Raalte is inderdaad voornemens cliënten en hun naasten, maar ook andere inwoners en de Adviesraad te betrekken bij de totstandkoming van de lokale acties.
7. Wij danken u voor uw compliment. Uw opmerking zien wij als een bevestiging van ons beleid in deze.
8. De ASDR adviseert om meer aandacht te hebben voor mantelzorgers en naasten en hen waar mogelijk beter te betrekken bij de beweging ‘Van beschermd wonen naar een beschermd thuis’. De ASDR is zich ervan bewust dat niet iedereen een netwerk heeft maar uit de signalen die de ASDR binnenkrijgt blijkt dat mantelzorgers het steeds zwaarder krijgen en de beweging ‘van beschermd wonen naar beschermd thuis’ kan dit, naar de mening van de ASDR, nog verder belasten.
8. Wij zijn het met u eens dat aandacht voor mantelzorgers en naasten belangrijk is en dat het belangrijk is hen waar mogelijk beter te betrekken bij de beweging ‘Van beschermd wonen naar een beschermd thuis’. Wij zetten in op versterking van de clientparticipatie en het beter benutten van ervaringsdeskundigen en zullen daarbij ook mantelzorgers en naasten betrekken. Ondersteuning van mantelzorgers (ook van inwoners met psychische problematiek) is ook een gemeentelijke verantwoordelijkheid. Bij de uitwerking van het lokaal actieplan wordt door de gemeente Raalte ook de ondersteuning van mantelzorgers voor inwoners met psychische problematiek meegenomen.
9. Daarnaast adviseert de ASDR om voldoende hulp en begeleiding in te zetten. De ASDR krijgt signalen dat er steeds meer lage indicaties worden afgegeven. De ASDR vindt dat dit niet ten goede komt van de kwaliteit van zorg en meer druk geeft op mantelzorgers en naasten.
9. Wij zijn met u mening dat voldoende maatschappelijke ondersteuning en hulp moet worden geboden. Wij zijn van mening dat wij zowel regionaal als lokaal voldoende passende ondersteuning bieden. Het borgen van voldoende hulp en begeleiding is onderdeel van het lokaal
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
uitvoeringsplan van de gemeente Raalte. De gemeente Raalte neemt uw signaal dan ook graag mee in de verdere uitwerking van het uitvoeringsplan. 10. Daarnaast adviseert de ASDR om de ervaringskennis van de mantelzorger of naaste een belangrijke plek te geven. Op dit moment krijgt ASDR signalen dat mantelzorgers en naasten onvoldoende worden gehoord en betrokken waardoor de cliënt niet de juiste hulp ontvangt of hulp te laat wordt ingeschakeld waardoor zwaardere hulp nodig is. Inzet van cliënten, naasten en ervaringsdeskundigen 11. ASDR is heel blij dat de gemeenten actief cliënten, naasten en ervaringsdeskundigen betrekt bij het verder uitwerken, uitvoeren en bijstellen van het beleid en de regionale cliënt- en inwonerparticipatie wil versterken en meer gebruik maken van cliënten en ervaringsdeskundigen bij de vormgeving, voorbereiding en uitvoering van beleid. De ASDR adviseert hier voldoende tijd voor uit te trekken, verwachtingen vooraf helder te schetsen en afspraken na te komen. Ook adviseert de ASDR om te kijken waar behoefte aan is en eventueel een onafhankelijke partij te betrekken om cliënten, naasten en ervaringsdeskundigen te raadplegen.
Advies is verder om hen te betrekken niet alleen via een standaard vragenlijst maar echt in gesprek te gaan, aan te geven wat de gemeenten met de uitkomsten van plan zijn, waar nodig dingen aan te passen terug te koppelen zodat betrokkenen ervaren welke invloed inbreng heeft. De ASDR stelt dat dit een motiverende werking bij inwonersparticipatie heeft.
10. In het kader van het bepalen van de meest passende ondersteuning houden gemeenten ook rekening met het sociale netwerk van de inwoner, waaronder mantelzorgers en naasten en betrekken die waar mogelijk. Wij zullen uw signaal dat mantelzorgers en naasten onvoldoende worden gehoord onder de aandacht brengen bij onze medewerkers van de regionale en lokale toegang van de gemeenten. 11. Uw adviezen zien wij als ondersteuning van ons beleid. Wij onderschrijven uw adviezen hierin en zullen deze bij de uitvoering hiervan aandacht geven bij de versterking van de client- en inwonerparticipatie, waar ook ervaringsdeskundige inwoners betrokken worden.
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
12. De ASDR adviseert een tijdspad op te nemen in de regiovisie omtrent het betrekken van de adviesraden, waarin de gemeenten beschrijven wanneer en op welke wijze de gemeenten de adviesraden hierbij betrekken, zodat deze mooie ambitie niet verloren gaat door tijdsdruk.
Jongvolwassenen 13. De ASDR is blij dat de gemeenten bij elke actielijn specifiek aandacht hebben voor jongvolwassenen. De ASDR geeft aan dat uit signalen die het ASDR heeft blijkt dat de overgang van de Jeugdwet naar de Wmo dikwijls met problemen gepaard gaat en jongeren geen of kwalitatief slechte ondersteuning ontvangen of uit beeld raken bij hulpverleners terwijl een jongere nog niet op eigen benen kan staan met allerlei gevolgen van dien. De ASDR adviseert te omschrijven wat de mogelijkheden zijn voor jongeren tot 18 jaar die nu nog onder jeugdzorg vallen en die tussen wal en schip dreigen te vallen wanneer ze 18 jaar worden. Daarnaast adviseert de ASDR om jongeren die inmiddels 18 zijn en niet meer in beeld zijn, zo goed mogelijk weer in beeld te krijgen om verergering te voorkomen en hen te helpen een passende woonplek te vinden. Actielijn 1: thuis in je buurt, dorp of stad 14. De ASDR geeft aan de zij de actielijn ‘Thuis in je buurt, dorp of stad’ een mooie actielijn vindt. Het waar mogelijk stigmatisering en uitsluiting van mensen met een psychische kwetsbaarheid tegengaan vindt de ASDR een mooi streven. De ASDR adviseert te omschrijven op welke wijze u stigma en uitsluiting wilt tegengaan.
12. Wij zijn het met u eens dat het betrekken van de adviesraden een mooie ambitie is. Omdat wij nu nog niet helemaal kunnen overzien in welke periode welk vraagstuk aan de orde is, kiezen wij er nu niet voor in de regiovisie een gedetailleerd tijdpad op te nemen. Wel nemen wij uw advies ter harte op bij de vraagstukken die zich voordoen, goed van tevoren na te denken, hoe en wanneer wij de adviesraden zullen betrekken. 13. Wij zijn het met u eens dat specifieke aandacht voor de groep jongvolwassenen bij elke actielijn passend is. Vandaar dat wij daarvoor ook hebben gekozen. Wij onderkennen dat de overgang van de Jeugdwet naar de Wmo soms nog met problemen gepaard gaat. Ten aanzien van de overgang van jeugdhulp met verblijf naar beschermd wonen (op grond van de Wmo) hebben we daarom enkele jaren terug regionale afspraken gemaakt, waardoor deze overgang beter zou moeten verlopen. Eén van de belangrijke randvoorwaarden daarbij is het tijdig realiseren van een perspectiefplan voor de jeugdige ruim voordat de jeugdige 18 jaar wordt. Een dergelijk perspectiefplan dient te voorkomen dat jongeren tussen wal en schip vallen.
14. Wij danken u voor uw ondersteuning van de actielijn ‘Thuis in je buurt, dorp of stad’. De wijze waarop wij stigmatisering en uitsluiting van mensen met een psychische kwetsbaarheid willen tegengaan kan lokaal verschillen. De gemeenten, waaronder de gemeente Raalte, zullen dit opnemen in het lokale actieplan.
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
Actielijn 2: investeren in preventie en ondersteunen in bestaanscondities 15. De ASDR leest in de regiovisie dat de gemeenten ervoor willen zorgen dat informatie voor mensen met een psychische kwetsbaarheid op verschillende manieren te vinden is op een manier die past bij de inwoner. Ook is in de regiovisie aangegeven dat gemeenten willen zorgen dat informatie over voorzieningen, activiteiten en mogelijkheden beschikbaar en eenvoudig toegankelijk is voor de inwoners, waaronder mensen met een psychische kwetsbaarheid en mantelzorgers. Op dit moment krijgt de ASDR signalen dat informatie moeilijk vindbaar is waardoor mensen niet de juiste weg naar hulp weten te vinden. We adviseren te omschrijven op welke wijze u bovenstaande ambitie gaat uitvoeren. 16. De ASDR adviseert daarbij te zorgen dat professionals goed op de hoogte zijn van het aanbod. Op dit moment constateert de ASDR een groot verschil tussen professionals wat betreft kennis hierover. De ASDR acht het van groot belang dat goed in kaart wordt gebracht wat de mogelijkheden zijn zodat professionals en naasten dit eenvoudig kunnen vinden en cliënten daarnaartoe kunnen begeleiden. De ASDR adviseert ook ervaringsdeskundigen te betrekken. Actielijn 3: bieden van wonen met begeleiding op maat 17.
De ASDR leest in de regiovisie dat gemeenten de intentie hebben om de komende periode de ondersteuning nog meer en beter aan te laten sluiten bij de ondersteuningsbehoefte en situatie van een inwoner. De ASDR vindt dit een prachtige intentie. De ASDR ontvangt op dit moment signalen dat er soms vanuit bestaand aanbod of naar de letter van de wet in plaats
15. Wij leiden uit uw reactie af dat het goed is dat wij dit punt in de regiovisie hebben opgenomen. Dit mede, omdat uw signaleert dat de beschikbaarheid en toegankelijkheid van informatie over voorzieningen, activiteiten en mogelijkheden voor inwoners, waaronder mensen met een psychische kwetsbaarheid en mantelzorgers, verbetering behoeft. De wijze waarop wij stigmatisering en uitsluiting van mensen met een psychische kwetsbaarheid willen tegengaan kan lokaal verschillen. De gemeenten, waaronder de gemeente Raalte, zullen dit opnemen in het lokale actieplan.
16. Wij zien uw reactie als ondersteuning van ons beleid. De gemeente Raalte zal u advies om ook in te zetten op informatieverstrekking aan professionals over het aanbod en ervaringsdeskundigen te benutten overwegen bij de uitwerking en uitvoering van deze actie. Zoals hierboven ook aangegeven zal dit uitgewerkt worden in het lokale actieplan, omdat dit per gemeente kan verschillen. De gemeente Raalte zal, in de fase van het opstellen van een lokaal uitvoeringsplan hiertoe contact met u opnemen. 17. Wij danken u voor het onderschrijven van onze ambitie om bij wonen met begeleiding op maat de komende periode de ondersteuning nog meer en beter aan te laten sluiten bij de ondersteuningsbehoefte en situatie van een inwoner. Wij zijn niet direct aanleiding om hulpverleners waar nodig om te (laten) scholen,
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
vanuit ‘de bedoeling’ wordt ondersteund. Wij adviseren hulpverleners waar nodig te scholen zodat zij vanuit inwonersperspectief denken.
zodat zij meer vanuit ‘de bedoeling’ en vanuit inwonersperspectief denken en ondersteunen.
18. De ASDR constateert dat in de regiovisie staat dat gemeenten in een aantal situaties ervaringen zullen opdoen met bieden van intensievere ondersteuning bij het zelfstandig wonen. De ASDR waardeert deze inzet maar adviseert om ten alle tijde te voorkomen dat de cliënt en/ of de naaste van dit ‘experiment’ de dupe worden.
18. Wij danken u voor uw waardering om in een aantal situaties ervaringen op te doen met het bieden van intensievere ondersteuning bij het zelfstandig wonen, maar begrijpen ook uw zorg. Het betreft wat ons betreft geen ‘experiment’, maar goed voorbereide interventies ten gunste van de client. In de regiovisie zullen wij benadrukken dat hierbij gewaarborgd moet worden dat onze inzet is dat deze ervaringen nadrukkelijk ten goede komen aan de client en/of de naaste.
19. De ASDR leest in de regiovisie dat de gemeenten inwoners op de wachtlijst voor beschermd wonen in hun huidige woonsituatie zodanige ondersteuning aanbieden dat tijdens de wachttijd wordt gewerkt aan de eigen doelen. De ASDR geeft aan dat er op dit moment sprake is van personeelstekorten. De ASDR maakt zich hierbij zorgen over de kwaliteit van hulp en de overbelasting van naasten. De ASDR adviseert te omschrijven op welke manier u de kwaliteit van de hulp wilt waarborgen bij het bieden van ondersteuning tijdens de wachttijd.
19. Dank voor het delen van uw zorgen in deze en uw advies. Wij zijn ervan overtuigd dat intensieve hulp tijdens de wachtperiode juist een kans zou moeten bieden voor meer kwaliteit en herstelmogelijkheden voor inwoners en hun naasten. Wij onderkennen dat het steeds lastiger is voor aanbieders van zorg en ondersteuning om gekwalificeerd personeel te vinden. Wij denken dat de beschreven inzet niet leidt tot een hoger beroep op de beschikbare personeelscapaciteit. Ten eerste omdat ook nu bijna altijd hulp en ondersteuning geboden tijdens de wachttijd, alhoewel niet altijd intensief. Ten tweede omdat sneller intensiever kan worden ingezet, waardoor problemen minder verergeren en soms zelfs in sommige situaties beschermd wonen niet meer nodig is. Het waarborgen van de continuïteit en kwaliteit van ondersteuning is onderdeel van de contracten van gemeenten.
Actielijn 4: passende beschermde woonvormen in de hele regio 20. De ASDR leest in de regiovisie dat de gemeenten streven naar een situatie waarin inwoners die dat nodig hebben zo snel mogelijk, maar niet langer
20. Wij zijn het met u eens dat er passende woonruimte moet zijn, voordat het beschermd wonen-traject wordt beëindigd. Gemeenten,
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
dan nodig gebruik kunnen maken van een passend aanbod van beschermd wonen. De ASDR krijgt uit andere regio’s signalen dat cliënten moeten uitstromen zonder dat er vervangende woonruimte is en verwezen worden naar de naar maatschappelijke opvang. De ASDR vindt dit zeer zorgelijk. De ASDR heeft zorg voor inwoners die beschermd wonen, en weer voldoende zijn hersteld, maar een enorme terugval krijgen wanneer deze zonder woonruimte en zonder begeleiding uit de beschermde woonvorm wordt geplaatst. De ASDR adviseert altijd te zorgen voor passende woonruimte voordat een cliënt uitstroomt zodat deze niet op straat beland. De ASDR adviseert garanties te bieden aan deze mensen en dit naar hen te benoemen, dat ze niet op straat belanden. Deze garantie geeft, volgens de ASDR, een zekere rust zodat mensen kunnen werken aan herstel en zich kunnen voorbereiden op een nieuwe woonplek.
waaronder de gemeente Raalte, maken lokaal afspraken met woningcorporaties over woningen voor uitstroom uit instellingen (waaronder beschermd wonen). Bij de uitstroom mogen tijdige inspanningen en enige flexibiliteit van de inwoner zelf én de begeleidende aanbieder worden verwacht om de afsluiting van het beschermd wonen-traject zo goed mogelijk te laten aansluiten op het zelfstandig wonen. Wij herkennen de signalen die de ASDR heeft uit andere regio’s niet uit onze regio. Aanbieders beëindigen het beschermd wonen-traject normaliter niet, voordat er passende huisvesting voor het vervolg is. Dit past ook bij de ‘zorgplicht’ van de aanbieder. Daar waar door client en aanbieder wel voldoende inspanningen zijn verricht, maar het resultaat nog niet is gerealiseerd, wordt de financiering voortgezet. In die zin is er sprake van een ‘garantie’, maar dit vraagt wel door client en aanbieder tijdige en voldoende inspanningen zijn verricht om deze situatie te voorkomen en flexibiliteit is van de inwoner bijv. als het gaat op een ‘passende’ woonplek.
21. De ASDR stelt het op prijs dat de gemeenten gezamenlijk zorgdragen voor continuïteit en kwaliteit van het beschermd wonen. De ASDR adviseert om te omschrijven op welke wijze kwaliteit gemeten wordt vanuit inwonersperspectief. De ASDR adviseert er voor te zorgen dat cliënten en naasten écht geraadpleegd worden, er wat met de uitkomsten wordt gedaan én dat wordt teruggekoppeld wat er met de inbreng is gedaan.
21. Het zorgdragen voor de continuïteit en kwaliteit is op verschillende manieren geborgd, op individueel niveau (via trajectbewaking vanuit de gemeenten) of op aanbiederniveau (via de subsidierelaties en het accountmanagement en soms via onderzoeken van de toezichthouders kwaliteit). De aanbieder is verplicht, minimaal jaarlijks, onderzoek te doen naar clientervaringen en openbaar daarvan verslag te doen en dit te publiceren. dit bespreken met de gesubsidieerde aanbieders.
22. De ASDR leest in de regiovisie dat de gemeenten gezamenlijk met aanbieders (en waar nodig ook met cliënten) in contact zijn over het bieden van
22. Wij zijn het met u eens. Wij zullen de betreffende tekst wijzigen. Dit past ook overigens bij de huidige praktijk dat er gedurende het traject ook
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
maatwerk, het voldoende werken aan de doelen en het voorbereiden van inwoners op uitstroom. De ASDR adviseert ‘en waar nodig ook met cliënten’ niet tussen haakjes te schrijven en ‘waar nodig’ te verwijderen. De ASDR geeft aan dat het gaat om de cliënt en zijn naaste. Bij maatwerk dient volgens de ASDR altijd sprake te zijn van het betrekken van de cliënt en waar mogelijk ook naastbetrokkenen.
contact is tussen regionale toegang en inwoner (in aanwezigheid van de begeleider overigens) en waar wenselijk in aanwezigheid van naastbetrokkenen.
23. De ASDR adviseert om nazorg te geven. De ASDR ontvangt signalen dat wanneer een cliënt weer zelfstandig gaat wonen, er nauwelijks nazorg is.
23. In de ontwerp-regiovisie is reeds opgenomen dat de regio verkent of meer of andere begeleiding bij en na uitstroom nodig is dan nu door aanbieders van beschermd wonen wordt geboden en of het proces van uitstroom geoptimaliseerd kan worden. Dit zodat de stap van beschermd wonen naar weer zelfstandig wonen voor inwoners makkelijker gemaakt kan worden.
24. De ASDR leest in de regiovisie dat de regio als geheel het aanbod beschermd wonen wil vernieuwen óók vanwege mogelijke personeelstekorten. In de regiovisie wordt aangegeven dat de regio als geheel wil onderzoeken of bij het toezicht van beschermd wonen volstaan kan worden met nachtelijke bereikbaarheid in plaats van 24x7-uurs beschikbaarheid op de locatie. De ASDR adviseert dit niet te doen. De ASDR merkt in andere regio’s dat zich meer incidenten voordoen en dat cliënten dikwijls geen melding doen bij begeleiders ‘omdat het kwaad toch al is geschied’. De ASDR stelt dat de kwetsbaarheid van sommige cliënten groter wordt en de veiligheid afneemt. Volgens de ASDR zorgt dit voor een langere opname omdat herstel moeilijker plaatsvindt. De ASDR stelt dat ook voor begeleiders de veiligheid soms afneemt zo merkt de ASDR uit signalen van andere regio’s. Doordat
24. Dank voor het delen van uw zorgen. Wij lezen uw adviezen goed en zullen dit zeker onderdeel maken van de afwegingen van onze verkenning. Wij willen echter deze verkenning wel uitvoeren en zullen dat met aanbieders, clientvertegenwoordigers en Zorgkantoren doen. Belangrijk is immers dat ook de continuïteit van beschermd wonen gewaarborgd blijft ook met het oog op de door u ook zelf aangegeven personeelstekorten. Zoals beschreven hebben we daarbij er oog voor dat de veiligheid, doeltreffendheid en clientgerichtheid gewaarborgd blijft. Uw suggestie dat eventuele andere vormen van toezicht zullen leiden tot een hogere druk voor het personeel delen wij niet op voorhand. Maar ook dit punt zullen wij betrekken bij de verkenning.
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
incidenten makkelijker kunnen plaatsvinden, worden incidenten heftiger en heeft één begeleider dikwijls niet meer de overhand, zo stelt de ASDR. Daarnaast hoort de ASDR van personeel dat zij graag een goede kwaliteit willen leveren en minder onder hoge druk willen werken. Door de betreffende maatregel [betreft overigens een onderzoek] stelt de ASDR dat de drukte toeneemt en de kwaliteit dikwijls afneemt, waardoor personeel soms weggaat en er dus meer [personeels]tekorten ontstaan.
Adviesraad Sociaal Domein gemeente Deventer (ASDD)
25. De ASDR leest in de regiovisie dat daar waar zich mogelijkheden voordoen om noodzakelijk regionaal aanbod [beschermd wonen] gericht uit te breiden, de regio dit overweegt (bijv. bij noodzakelijk specialisme of gericht op jongvolwassenen). De ASDR ontvangt signalen dat er te weinig aanbod is voor jongeren en jongvolwassenen en adviseert u expliciet in te zetten op uitbreiding van aanbod voor deze doelgroep.
25. Wij zullen uw advies betrekken bij de afwegingen als het gaat om gerichte uitbreiding. Wij zijn daarbij benieuwd of u uw signalen nog wat kan expliciteren in deze. De gemeente Raalte zal, in de fase van het opstellen van een lokaal uitvoeringsplan daartoe contact met u opnemen.
1. De ASDD kan zich vinden in de twee centrale doelstellingen. De ASDD vindt de bijbehorende prestatie-indicatoren ambitieus (“waar op zich niks mis mee is”), gezien de stand van zaken op de woningmarkt en het personeelsgebrek in de zorg.
1. Wij danken u voor uw steun voor de twee doelstellingen. Wij onderkennen dat dit de beoogde resultaten uitdagend zijn, maar juist de problemen die u constateert vragen wat ons betreft een ambitieuze aanpak.
2. De ASDD vindt het goed om te lezen dat de vijf Midden-IJssel-gemeenten een concept vernieuwd samenwerkingsconvenant hebben klaarliggen. De vraag van de ASDD hierbij is: zijn in het convenant ook afspraken opgenomen over de mogelijkheden als inwoners BW/MO hulp nodig hebben buiten de regio? (bijv. door gespecialiseerde zorgvraag of door ‘overvol’)
2. Wij danken u voor uw waardering voor de gemeentelijke samenwerking die de 5 gemeenten hebben vastgelegd in het convenant. In het convenant zijn geen afspraken opgenomen over de mogelijkheden voor inwoners om ondersteuning in de vorm van beschermd wonen en opvang buiten de regio te wensen. Die afspraken hebben gemeenten wel vastgelegd in landelijke convenanten en beleidsregels inzake landelijke toegankelijkheid van voorzieningen
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
beschermd wonen en maatschappelijke opvang. De samenwerkingsregio beschermd wonen en maatschappelijke opvang regio Midden-IJssel, heeft zich via de centrumgemeente Deventer ook verbonden aan deze afspraken. Criterium is daarbij ‘waar de meeste kans van slagen is op een succesvol traject’. 3. De ASDD vindt het goed om te lezen dat er moeite wordt gedaan de regionale ‘client- en inwonerparticipatie te versterken en faciliteren en meer gebruik maken van cliënten en ervaringsdeskundigen bij de vormgeving, voorbereiding en uitvoering van beleid.’ De ASDD geeft aan altijd bereid te zijn om daarover mee te denken en de ASDD is benieuwd naar hoe dit vorm krijgt en ingezet wordt. De ASDD geeft aan dat het cliëntenperspectief daarbij een centraal uitgangspunt blijft. Actielijn 1 4. De ASDD leest in de regiovisie: ‘Wij gaan dan ook waar mogelijk stigmatisering en uitsluiting van mensen met een psychische kwetsbaarheid tegen’. De ASDD vindt dit een belangrijk uitgangspunt. 5. Voor een inclusieve buurt, dorp en stad acht de ASDD de medewerking van mensen aldaar nodig. De ASDD vraagt: Hoe worden zij betrokken? Hoe worden draagkracht en draagvlak gecreëerd en/of verhoogd in de (beoogde) buurten en met de buren? Wordt er [bijv.
informatie, handvaten, (financiële) ondersteuning geboden om dit te organiseren? Maar ook: wat gebeurt er als het ‘niet goed’ gaat; hoe wordt er omgegaan met zorgwekkende situaties of overlast, kan er dan snel gehandeld worden?
3. Wij danken u voor uw ondersteuning van dit beleid en uw aanbod om mee te denken. Bij de vormgeving, voorbereiding en uitvoering van beleid zullen wij regionaal en lokaal zeker een beroep op u doen.
4. Wij danken u voor uw ondersteuning van dit uitgangspunt in ons beleid.
5. Wij zijn het eens met uw stelling dat voor een inclusieve buurt, dorp en stad medewerking van bestaande inwoners nodig is en ook de draagkracht en draagvlak belangrijk is. De wijze waarop inwoners betrokken worden kan per gemeente verschillen. Uw vragen daaromtrent worden dan ook betrokken bij lokale beleidsvorming, bijv. bij het lokale actieplan.
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
Actielijn 2 6. De ASDD leest bij actielijn 2 dat de gemeenten in samenwerking met de woningbouwcoöperaties met voorrang een woning gaan toewijzen aan inwoners uit de aandachtsgroepen (via bijv. regelingen als de opstapregeling, bijzondere bemiddeling, Housing First). De ASDD geeft aan dat dit van invloed kan zijn op de dynamiek en draagkracht en evt. draagvlak- van buurt/dorp en vraagt zich af: wordt hier rekening mee gehouden?
6. De opstapregeling en de regeling bijzondere bemiddeling zijn bestaande regelingen. Ook wij achten de draagkracht van dorpen, buurten en steden belangrijk. Daarom heeft dit ook de aandacht van gemeenten en corporaties.
7. De ASDD vindt dat het ondersteunen en ontwikkelen van het sociale netwerk goed is uitgewerkt.
7. Wij danken u voor uw compliment in deze.
8. De ASDD kijkt uit naar de uitvoering van de ‘Maatregelen regionale verkenning voorkomen dakloosheid jongeren’ en is altijd bereid om hierbij betrokken te worden.
8. Ook wij kijken uit naar de verdere uitvoering van de ‘maatregelen regionale verkenning voorkomen dakloosheid jongeren’ en nog meer naar de resultaten daarvan. Wij danken u voor uw aanbod om hierbij betrokken te worden.
9. De ASDD verwijst naar het ASDD-advies [aan de gemeente Deventer] ‘Wijkgericht werken aan gezondheid’ van 15 mei 23 m.b.t. GALA.
9. De gemeente Deventer dankt u voor uw advies en betrekt dit ook bij de verdere lokale uitvoering van GALA.
10. De ASDD onderstreept dat presentie en vroegsignalering een belangrijk onderdeel van preventie zijn. ‘Zorgdragen voor voldoende sociale professionals die present kunnen zijn en laagdrempelig eerste (sociale) hulp en ondersteuning kunnen bieden aan onze inwoners (waarbij specifieke aandacht voor jongeren), en kunnen signaleren of toe kunnen leiden naar hulp en ondersteuning’ acht de ASDD een mooi streven. De ASDD vraagt zich af hoeveel sociale professionals de gemeenten dan wel niet nodig hebben (aangezien de 5 regiogemeenten samen bijna 243.000 inwoners hebben). De ASDD vraagt zich af op die professionals er zijn met de huidige
10. Wij danken u voor ondersteuning voor ons beleid in deze. Het betreft een lokale afweging hoeveel sociale professionals per gemeente nodig zijn om in voldoende mate invulling te geven aan dit streven. Het is daarbij de vraag of meer sociale professionals nodig zijn dan de huidige sociale professionals. Het antwoord op deze vragen kan per gemeente verschillen alsmede ook hoe andere vroegsignaleerders betrokken worden. De gemeente Deventer zal uw vragen in deze betrekken bij het lokale actieplan.
Inspraakdocument regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2024 t/m 2026 “Kracht in kwetsbaarheid”
arbeidsmarkt. De ASDD is in deze benieuwd naar het uitvoeringplan. De ASDD vraagt zich af of er plannen, ideeën zijn m.b.t. wat te doen als er niet voldoende sociale professionals beschikbaar zijn? Dit mede in het licht dat de planperiode 2024 t/m 2026 betreft. En ook vraagt de ASDD zich af hoe andere vroegsignaleerders (bijv. informele netwerken, buren, onderwijs, politie) betrokken worden? 11. ‘Voldoende passende en betaalbare huisvesting’ acht de ASDD ook een mooi streven. Gezien de huidige situatie op de woningmarkt – m.n. de sociale woningmarkt - lijkt dat de ASDD een utopie (daar deze regiovisie de planperiode 2024 t/m 2026 betreft). Zijn er plannen, ideeën over hoe om te gaan met niet voldoende betaalbare huisvesting voor de speciale aandachtsgroepen, maar zeker ook voor de niet/minder speciale groepen?
11. Wat ons betreft is voldoende passende en betaalbare huisvesting niet alleen een mooi streven, maar ook zeer belangrijk om onze regionale doelstellingen te kunnen behalen. Hoe hier per gemeente concreet invulling aan wordt gegeven betreft gemeentelijk beleid. De gemeente Deventer zal deze vragen dan ook betrekken bij het lokale beleid inzake betaalbare huisvesting en/of het lokale actieplan. De druk op de sociale huur woningmarkt is ook in de gemeente Deventer de afgelopen tijd inderdaad toegenomen. Wel zijn voldoende betaalbare woningen zeer belangrijk om onze regionale doelstellingen te kunnen behalen. Het streven van het Rijk is dat alle gemeenten in Nederland naar 30% sociale huurwoningen toegroeien. Zo komen er voldoende sociale huurwoningen beschikbaar én komt er een betere verdeling over het land. In de Woondeal West-Overijssel (december 2022) zijn bijvoorbeeld afspraken tussen provincie, gemeenten en Rijk gemaakt over welk programma nodig is om invulling te geven aan de woonbehoefte. Daarin is afgesproken dat 30% sociale huurwoningen in nieuwbouwplannen nodig is om de verschillende doelgroepen te kunnen huisvesten. De gemeente Deventer ziet daarnaast Flexwonen als middel om versnelling, doorstroming en vernieuwing op gang te brengen.