524738 - Bijlage 39 - B10 Warkensche veld
Tekst van het document
Warkensche Veld Het deelgebied Warkensche Veld beslaat de bossen met enkele agrarische percelen in het uiterste oosten van de gemeente Zutphen. Een groot deel betreft het landgoed Waliën, dat wordt beheerd door Natuurmonumenten. Voordat het landgoed gesticht werd (rond 1915) bestond de omgeving uit bos met veel heidegronden. Nu is er een afwisselend landgoed met bos, poelen en oude beukenlanen. Het gebied heeft de grootste soortenrijkdom van alle deelgebieden in de gemeente Zutphen, maar liefst 1.115 verschillende soorten zijn de afgelopen 10 jaar in de landelijke soortendatabase gemeld.
Gebiedskenmerken Oppervlakte:
620 ha
Bodem:
Kalkloze zandgronden, Podzolgronden, Dikke eerdgronden
Water:
2 m -mv
Type landschap:
Landgoederen en natuurzone (voornamelijk bos)
Karakteristieke soorten (totaal aantal waargenomen soorten NDFF: 1.115) (97 waargenomen soorten) Vogels Boerenzwaluw, Boomvalk, Graspieper, Grauwe vliegenvanger, Grote lijster, Huismus, Keep, Klapekster, Koekoek, Kramsvogel, Matkop, Pijlstaart, Raaf, Ransuil, Steenuil, Torenvalk, Wulp, Zwarte mees, Bosuil, Havik, Grote bonte specht, Zwarte specht (8 waargenomen soorten) Amfibieën en reptielen Kamsalamander Levendbarende hagedis Bruine kikker Hazelworm Kleine watersalamander Poelkikker (28 waargenomen soorten) Dagvlinders Bruin blauwtje Grote vos Kleine ijsvogelvlinder Kleine parelmoervlinder Oranjetipje (19 waargenomen soorten) Insecten Bruine sprinkhaan Grote groene sabelsprinkhaan Snortikker Wekkertje Zuidelijk spitskopje
Project 10853.001 factsheet van deelgebied B10
(2 waargenomen soorten) Vleermuizen Franjestaart Gewone grootoorvleermuis
Zoogdieren Boommarter Bunzing Das Steenmarter Vos
(14 waargenomen soorten)
(260 waargenomen soorten) Vaatplanten Bosaardbei, Echte guldenroede, Gewone agrimonie, Grote wolfsklauw, Hondsviooltje, Kleine bevernel, Klokjesgenitiaan, Korenbloem, Oeverkruid, Rapunzelklokje, Slofhak, Smalle beukvaren, Viltzegge, Wasgagel, Waterdrieblad, Welriekende agrimonie, Witte munt (29 waargenomen soorten) Libellen Gewone oeverlibel Grote keizerlibel Paardenbijter Watersnuffel Weidebeekjuffer (25 waargenomen soorten) (Korst)mossen Slank veenmos Bosschotelkorst Geoord veenmos Gewimperd veenmos Soredieus leermos
Vissen
(0 waargenomen soorten)
(42 waargenomen soorten) Nachtvlinders Donkere marmeruil Gestreepte goudspanner Sint-Jacobsvlinder Zilverstreep Zwart beertje (591 waargenomen soorten) Overige Amandelrussula, Ampulmosklokje, Appelrussula Behaarde roodsteelcollybia, Beukenbladmycena, Bittere boleet, Blauwe satijnzwam, Bruine modderbekerzwam, Bruine pelargoniumvezelkop, Bruine ringboleet, Bruinschubbige gordijnzwam, Dennenharszwam, Dennensatijnzwam, Donkerlila gordijnzwam, Donzige beurszwam, Echte tolzwam, Eikenvuurzwam, Elzenmosklokje, Geknopte dwergsatijnzwam, Geringde ridderzwam, Gewone wolvezelkop, Gewoon varkensoor, Gezoneerde stekelzwam, Goudvinkzwam, Groot moskussentje, Hanenkam, Holsteelboleet, Jodoformgordijnzwam, Kamfergordijnzwam, Klein oranje zandschijfje, Kleine bloedsteelmycena, Kleine grauwkop, Kleine trompetzwam, Kleverige knolamaniet, Knobbelsporig pekzwammetje, Korrelige hertentruffel, Kurkstrookzwam, Lila gordijnzwam, Pagemantel, Purperbruine wolvezelkop, Ranzige mycena, Rode plakkaatzwam, Roestbruin mosklokje, Ronde truffelknotszwam, Roodschubbige gordijnzwam, Rozetkaaszwam, Ruwe russula, Schubbige taaiplaat, Spechtinktzwam, Stekelige hertentruffel, Tweekleurige korstzwam, Valse wolvezelkop, Wit viltkogeltje, Witsteelstropharia, Witte rimpelhertenzwam, Wratsporig hazenpootje, Zilversteelsatijnzwam, Zilversteelzwavelkop,
Zwartsnedehertenzwam, Zwartvoetkrulzoom *in ieder geval de rode lijstsoorten worden genoemd, alsmede enkele typische soorten.
Natuurkwaliteit en bedreigingen + De natuurkwaliteit in het gebied wordt bepaald door de leeftijd van de bossen en de totale omvang van het gebied (aansluitende bosgebieden Grote Veld etc) en de afwisseling met (visvrije) poelen en open schrale terreintjes. + Een bijzondere kwaliteit is de aanwezigheid van zeer bijzondere paddenstoelensoorten. + De vochtige graslanden zorgen voor veel biodiversiteit, waaronder bijzondere flora en vlindersoorten. + Alle soortgroepen profiteren van de bijzondere natuurwaarden en worden vertegenwoordigd met soms bijzondere en schaarse soorten. -
De Lochemseweg (N346) is een barrière voor veel diersoorten, zoals boom- en steenmarter, das, eekhoorn, egel, bosuil en amfibieën en reptielen. Externe effecten die door Natuurmonumenten bij het beheer als zorg worden ervaren zijn verzuring en vermesting door depositie van stikstof, evenals verdroging en versnippering. De verbondenheid met het omliggende agrarische gebied kan verbeterd worden.
Ontwikkelmogelijkheden ▪
Het beheer van het gebied is op het behoud van de natuurwaarden gericht en is handen van Natuurmonumenten. Verbeterpunten zijn; -
▪
Aanleg faunapassages onder de N346. Eén grote passage in de vorm van een viaduct is geen optie omdat het vooral om kleinere soorten gaat. Beter is om meerdere tunnels aan te leggen, die door meerdere soorten gebruikt kunnen worden en groot genoeg zijn voor marterachtigen (opgave voor provincie Gelderland); Tegengaan verdroging, meer opvang van regenwater tijdens periodes van overvloedige regen (regionale opgave voor Waterschap); Verbetering verbinding omliggende agrarische gebied, aanleg kruidenrijke akkerranden als buffer rond de natuurgebieden; Bevorderen biologische landbouw rond de natuurgebieden, waardoor minder meststoffen en bestrijdingsmiddelen in het gebied terecht kunnen komen; Meer verbindende kleine landschapselementen aanleggen.
In het gebied zelf zijn mogelijkheden om de omstandigheden te versterken; -
Onderhoud poelen, vrij houden van vis, voorkomen van dichtgroeien (schaduwwerking); Doodhoutreservaten aanwijzen (ook staand doodhout); Op plekken met weinig open bodem/zand kunnen steilrandjes afgegraven worden.
Project 10853.001 factsheet van deelgebied B10