524738 - Bijlage 35 - B06 Polbeek
Tekst van het document
Polbeek Het landschap in dit gebeid is gevormd door de beek die door het gebied stroomt. Van oorsprong overstroomde de beek regelmatig. De bodem is er kleiig en voedselrijk. Met de komst van de spoorwegverbinding richting Deventer en die naar Winterwijk, aangelegd aan het einde van de achttiende eeuw, werd het gebied doorsneden en ontstond er een “spoordriehoek”. Met de aanleg van het aangrenzende Twentekanaal werd dit spoordriehoekje verder geïsoleerd. Ook de hydrologie in het gebied veranderde door de aanleg van het kanaal.
Gebiedskenmerken Oppervlakte:
24 ha
Bodem:
Rivierkleigronden, Dikke eerdgronden
Water:
0.5 m -mv (beïnvloed door Twente kanaal)
Type landschap:
Groene stadszone, beekdallandschap
Karakteristieke soorten (totaal aantal waargenomen soorten NDFF: 269) (56 waargenomen soorten) Vogels Grote lijster, Keep, Koekoek, Kramsvogel, Nachtegaal, Oeverloper, Ransuil, Spotvogel, Torenvalk, Wulp, Groene specht, Fitis, Kleine karekiet
Amfibieën en reptielen Gewone pad
(1 waargenomen soort)
(14 waargenomen soorten) Dagvlinders Citroenvlinder Hooibeestje Kleine vuurvlinder Koevinkje Oranjetipje (5 waargenomen soorten) Insecten Bruine sprinkhaan Greppelsprinkhaan Grote groene sabelsprinkhaan Ratelaar Zuidelijk spitskopje
Vleermuizen
(0 waargenomen soorten)
Zoogdieren Haas Konijn Mol Ree Steenmarter Vissen
(7 waargenomen soorten)
Vaatplanten Bolderik Korenbloem Rapunzelklokje Waterdrieblad Zomerfijnstraal Libellen Weidebeekjuffer
(181 waargenomen soorten)
(1 waargenomen soort)
Nachtvlinders Appeltak Gevlamde bladroller Klaverspanner Sint-Jacobsvlinder
(4 waargenomen soorten)
(Korst)mossen
(0 waargenomen soorten)
Overige
(0 waargenomen soorten)
(0 waargenomen soorten)
*in ieder geval de rode lijstsoorten worden genoemd, alsmede enkele typische soorten.
Natuurkwaliteit en bedreigingen + De natuurkwaliteit in het gebied wordt gevormd door de beekloop en de begroeiing langs de spoorwegen en wegbermen. Ook de geïsoleerde ligging is een belangrijk element. Er is weinig verstoring, ondanks de ligging vlak langs de bebouwde kom. + De locatie maakt deel uit van de Groene ontwikkelingszone (provinciale omgevingsverordening) en kent daarmee ontwikkelingsdoelen op het gebied van landschap en natuur. + Het gebied heeft meer potenties voor soorten, zoals bijvoorbeeld ringslang. -
De spoorverbinding heeft naast enkele positieve effecten ook nadelen voor bijvoorbeeld trekkende amfibieën. De beek en haar oevers zijn vrij smal. De natuurwaarden zijn daardoor beperkt.
Ontwikkelmogelijkheden ▪
De beek en haar oevers zijn vrij smal. De natuurwaarden zijn daardoor beperkt. Bovendien bestaat de kans dat de begroeiing langs de oever de overhand krijgt. Door de beek meer ruimte te geven ontstaan er behalve meer biodiversiteit ook capaciteit voor waterberging. Klimaatverandering noodzaakt ons om anders om te gaan met waterbeheer, voor zowel opvang van overtollig regenwater als het bufferen tijdens droogte. -
▪
Verbreden beekloop. Dit versterkt ook de zichtbaarheid van het beekdallandschap. Aanleg van enkele diepere stukken voor opvang van beekfauna tijdens droogte. Ecologisch beheer van de oevers (voorkom dichtgroeien). Verstevigen randen met singels, houtwallen en broekbosjes.
Het spoor en de wegen vormen een barrière voor amfibieën. Dit is vrij eenvoudig op de lossen. Met een betere passeerbaarheid kan ook worden ingezet op betere omstandigheden voor amfibieën en reptielen.
Project 10853.001 factsheet van deelgebied B06
▪
Aanbrengen faunapassages. Tegengaan verdroging in het gebied. Verbetering leefgebied ringslang, aanleg (of behoud) overwinteringsplekken zoals rommelhoekjes, opslag van materialen op opslag snoeiafval; Aanleg broedhopen (bijvoorbeeld door opslag van vrijkomend materiaal van het schonen van de beek, afgedekt met snoeiafval) Rekening houden met maaibeheer door open delen op zon beschenen taluds intensiever te onderhouden. Monitoring van vestiging, trekroutes onderzoeken op barrières (zie ook amfibieën).
In het gebied komen enkele soorten voor die in het riet broeden. Het aandeel overjarig riet in het gebied is gering en zou uitgebreid kunnen worden. -
Bij het beheer en onderhoud meer overjarig riet laten staan.
Project 10853.001 factsheet van deelgebied B06