386430RH 2022_BW_00354
Tekst van het document
College van burgemeester en wethouders Besluit
2022_BW_00354
GOEDGEKEURD
Vergadering van 30 augustus 2022 Team Welzijn
GGD NOG - zienswijze indexering Programmabegroting GGD 2023 - Besluitvormend
Zaaknummer: 386430 Portefeuillehouder: Eva Boswinkel Openbaar Ja Embargo Nee
Samenstelling Aanwezig: mevrouw Annemieke Vermeulen, Burgemeester; mevrouw Eva Boswinkel, Wethouder; de heer Rick Verschure, Wethouder; de heer Jasper Bloem, Wethouder; de heer Sjoerd Wannet, Wethouder; mevrouw Monique Stouten, Gemeentesecretaris; mevrouw Anja de Rouw, Adjunct-secretaris
Besluit Besluitpunt 1 Het college besluit de raad voor te stellen om geen zienswijze in te dienen op de aanpassing van de indexering van de inwonerbijdrage 2023 van de GGD Noord- en Oost Gelderland naar 5,89%, omdat we ons kunnen vinden in de voorgestelde verhoging van de indexering.
Motivering Inleiding De GGD Noord- en Oost-Gelderland (hierna GGD NOG) is een gemeenschappelijke regeling. De GGD NOG voert voor de 22 deelnemende gemeenten, waaronder Zutphen, de wettelijke gemeentelijke taken uit op grond van de Wet Publieke Gezondheid. In mei dit jaar heeft de gemeenteraad besloten over een zienswijze met betrekking tot de Ontwerp Programmabegroting 2023 van de GGD. Deze Ontwerp Programmabegroting was gebaseerd op de bij het opstellen van die begroting beschikbare cijfers over de inflatie. Wel werd daarbij al een ‘winstwaarschuwing’ afgegeven, dat deze indexering mogelijk later hoger uit zou vallen. De Programmabegroting 2023 van de GGD NOG is, na een weging van alle zienswijzen, in het Algemeen Bestuur van de GGD op 7 juli 2022 vastgesteld. Inmiddels zijn de nieuwe hogere indexcijfers van het CPB doorgerekend voor de GGD begroting. En de GGD voorziet dat een indexering van 5,89% nodig is voor 2023, in plaats van de 2,63% waarmee in de Programmabegroting gerekend is. Daarom ligt er een voorstel aan het Algemeen Bestuur van de GGD om een begrotingswijziging door te voeren voor de Programmabegroting 2023 voor deze hogere indexering.
1/12
Op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Art.35) en de Gemeenschappelijke regeling GGD NOG (Art. 21), moeten verhogingen van de inwonerbijdrage altijd voor een zienswijze worden voorgelegd aan de gemeenteraden. Daarom is bijgevoegd raadsvoorstel opgesteld. De raad heeft tot 24 oktober 2022 de gelegenheid een zienswijze hierover in te dienen bij de GGD. Voorstel aan de raad is om geen zienswijze in te dienen over de aanpassing van de indexering omdat we ons kunnen vinden in de voorgestelde verhoging van de indexering. Beoogd effect - De procedure rond de begrotingswijziging van de gemeenschappelijke regeling is correct uitgevoerd. - De gemeente heeft een meer realistische begroting voor 2023. - De GGD kan zich ook in 2023 inzetten voor de bescherming en bevordering van de gezondheid van de inwoners van de gemeente Zutphen op het bestaande afgesproken niveau. Argumenten Zie raadsvoorstel. Kanttekeningen Zie raadsvoorstel. Communicatie Zie raadsvoorstel. Evaluatie Zie raadsvoorstel. Financiën zie raadsvoorstel. Risico’s N.v.t. Personele consequenties N.v.t. Programmadoelen Programma 4. Een vitale samenleving, iedereen doet mee
Bijlagen 1. 2. 3.
Raadsvoorstel GGDNOG - zienswijze indexering Programmabegroting 2023.pdf Brief van GGD over toezending voorstel derde begrotingswijziging aan de raden zonder persoonsgegevens.pdf Adviesnota GGD Aanpassing indexering 2023 AB 7 juli 2022.pdf
2/12
VOORBLAD
ONTWERP Invulinstructie RAADSVOORSTEL
Griffienummer:
Onderwerp Programma
GGD NOG - zienswijze indexering Programmabegroting GGD 2023 4. Een vitale samenleving, iedereen doet mee --
Forum Portefeuillehouder Inlichtingen bij
technisch blok (hamerstuk) Eva Boswinkel C. van Amerongen tel.nr. 14 0575 c.vanamerongen@zutphen.nl
Soort bevoegdheid Beleidsvrijheid Programmabegrotingswijziging
kaderstellend geen ja
controlerend beperkt
budgetrecht ruim nee
overig
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor: Geen zienswijze in te dienen op de aanpassing van de indexering van de inwonerbijdrage 2023 van de GGD Noord- en Oost Gelderland naar 5,89%, omdat we ons kunnen vinden in de voorgestelde verhoging van de indexering.
3/12
1 van 5
TOELICHTING
Inleiding De GGD Noord- en Oost-Gelderland (hierna GGD NOG) is een gemeenschappelijke regeling. De GGD NOG voert voor de 22 deelnemende gemeenten, waaronder Zutphen, de wettelijke gemeentelijke taken uit op grond van de Wet Publieke Gezondheid. In mei dit jaar heeft uw raad besloten over een zienswijze met betrekking tot de Ontwerp Programmabegroting 2023 van de GGD. Deze Ontwerp Programmabegroting was gebaseerd op de bij het opstellen van die begroting beschikbare cijfers over de inflatie. Wel werd daarbij al een ‘winstwaarschuwing’ afgegeven, dat deze indexering mogelijk later hoger uit zou vallen. De Programmabegroting 2023 van de GGD NOG is, na een weging van alle zienswijzen, in het Algemeen Bestuur van de GGD op 7 juli 2022 vastgesteld. Inmiddels zijn de nieuwe hogere indexcijfers van het CPB doorgerekend voor de GGD begroting. En de GGD voorziet dat een indexering van 5,89% nodig is voor 2023, in plaats van de 2,63% waarmee in de Programmabegroting gerekend is. Daarom ligt er een voorstel aan het Algemeen Bestuur van de GGD om een begrotingswijziging door te voeren voor de Programmabegroting 2023 voor deze hogere indexering. Op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Art.35) en de Gemeenschappelijke regeling GGD NOG (Art. 21), moeten verhogingen van de inwonerbijdrage altijd voor een zienswijze worden voorgelegd aan de gemeenteraden.
Daarom ontvangt u dit raadsvoorstel. Uw raad heeft tot 24 oktober 2022 de gelegenheid een zienswijze hierover in te dienen bij de GGD. Wij hebben het voorstel van de GGD voor verhoging van de indexering beoordeeld en zien geen aanleiding om hierover een zienswijze in te dienen.
Beoogd effect - De gemeente heeft een meer realistische begroting voor 2023. - De procedure rond de begrotingswijziging van de gemeenschappelijke regeling is correct uitgevoerd. - De GGD kan zich ook in 2023 inzetten voor de bescherming en bevordering van de gezondheid van de inwoners van de gemeente Zutphen op het bestaande afgesproken niveau.
Argumenten 1. Het verwerken van de hogere index in de GGD-begroting draagt bij aan een realistische gemeentebegroting. Als deelnemende gemeente in deze gemeenschappelijke regeling zijn we verplicht naar rato bij te dragen in de kosten. Als de kosten aan het eind van het jaar lager uitvallen, wordt het overschot uitgekeerd aan de gemeenten. Als de kosten hoger uitvallen, moeten de gemeenten achteraf bij betalen. Dat betekent dat als de kosten voor de GGD stijgen door de inflatie, deze kosten uiteindelijk ook worden doorberekend aan de gemeenten. De GGD voorziet nu dat de kosten in 2023 hoger uit gaan vallen dan eerder geraamd. De gemeente kan dat achteraf als tegenvaller meenemen of het nu al verwerken in de gemeentelijke meerjarenbegroting, zodat deze meer realistisch is. Het gemeentelijk uitgangspunt voor de eigen begroting is realistisch ramen. De voorgestelde begrotingswijziging bij de GGD draagt hier aan bij. 2. Het percentage van de indexering van de GGD is realistisch. De bestaande GGD begroting 2023 was gebaseerd op de cijfers van de septembercirculaire voor het 4/12
2 van 5
gemeentefonds van 2021. De begrotingswijziging die nu voorligt, is gebaseerd op de CPB-cijfers van maart 2022. Dit is actueler en past ook in het bredere beeld van de hoge inflatie in 2022. 3. Niet alleen de indexering voor de GGD stijgt, maar ook de inkomsten uit het gemeentefonds voor compensatie van hogere indexering zijn gestegen. Door met deze hogere indexering te rekenen voor de GGD-begroting stijgen de kosten voor de gemeente. De inkomsten van de gemeente uit het gemeentefonds zijn echter ook gestegen ter compensatie van hogere indexeringen, wat de gemeente de mogelijkheid geeft om deze hogere kosten op te vangen.
Kanttekeningen 1. De indexering kan uiteindelijk ook nog hoger, of lager uitvallen. De inflatie is in 2022 erg gestegen en er zijn nog veel onzekerheden of en hoe zich dit doorzet. Dit geldt niet alleen voor de GGD, maar voor heel Nederland. Door de indexering nu te verhogen wordt het risico op financiële tegenvallers achteraf, door hogere inflatie, in ieder geval verkleind. En de GGD heeft toegezegd de middelen voor de hogere indexering apart te zetten, zodat ze gericht worden ingezet om daadwerkelijke kostenstijgingen op te vangen. Voor zover dit niet nodig blijkt te zijn, kunnen de middelen terugvloeien naar de gemeenten. 2. Alternatief is de inwonerbijdrage niet mee te laten stijgen en de GGD een bezuinigingsopdracht te geven. Als de kosten voor de GGD door inflatie stijgen en wij die niet (geheel) willen compenseren in de inwonerbijdrage, moeten de gemeenten de GGD gezamenlijk een bezuinigingsopdracht geven. Vanuit de inhoud is er geen aanleiding om de GGD nu een bezuiniging op te willen leggen. In de afgelopen jaren is de Takendiscussie gevoerd, waarbij de mogelijkheden voor bezuinigingen bij de GGD onderzocht zijn. Daaruit bleek dat er bij onze GGD geen ruimte is om te bezuinigen op de uitvoering van de wettelijke taken, maar eerder juist versterking nodig is op een aantal punten.
De kansen die er wel zijn om te bezuinigen op overhead, door meer samenwerking, zijn daarbij ook in beeld gebracht. De acties om die bezuinigingen te realiseren zijn al in gang gezet en dit is al meegenomen in de GGD-begroting. Daarnaast ontbreekt ook het draagvlak voor bezuinigingen bij de ruime meerderheid van de overige 22 gemeenten, waardoor het ook geen kansrijke optie is.
Financiën Als de nieuwe indexering van de inwonerbijdrage in november 2022 in het AB GGD wordt vastgesteld, wordt de inwonerbijdrage 2023 voor Zutphen € 916.714,-. In het raadsvoorstel van mei 2022 was rekening gehouden met een inwonerbijdrage 2023 van € 889.500,-. Dit betekent een stijging van de inwonerbijdrage 2023 door de hogere indexering van € 27.214,-. Deze hogere lasten worden meegenomen in het voorstel voor de gemeentelijke primaire begroting 2023.
Communicatie Na besluitvorming door uw raad informeren wij de GGD dat wij geen zienswijze sturen.
Uitvoering
5/12
3 van 5
Na besluitvorming door uw raad informeren wij de GGD dat onze gemeente geen zienswijze stuurt. Op 17 november 2022 zal het AB van de GGD een besluit nemen over de aanpassing van de indexering van de inwonerbijdrage, nadat alle gemeenteraden de gelegenheid hebben gehad om een zienswijze op deze begrotingswijziging 2023 naar voren te brengen.
Evaluatie De GGD legt gedurende het jaar verantwoording af aan het Algemeen Bestuur via de bestuursrapportages. Daarin wordt ook de ontwikkeling van de kostenstijging/ indexering meegenomen. De gemeenteraad wordt jaarlijks geïnformeerd via de jaarrekening van de GGD.
Bijlagen 1. Brief van GGD over toezending voorstel derde begrotingswijziging aan de raden 2. Adviesnota GGD Aanpassing indexering 2023 d.d. 7 juli 2022
Stukken die ter inzage liggen
6/12
4 van 5
ONTWERP BESLUIT Griffienummer:
De raad van de gemeente Zutphen, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van
met nummer
;
gelet op artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen besluit: Geen zienswijze in te dienen over de aanpassing van de indexering van de inwonerbijdrage 2023 van de GGD Noord- en Oost Gelderland naar 5,89%, omdat we ons kunnen vinden in de voorgestelde verhoging van de indexering. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zutphen, gehouden op:
De voorzitter,
de griffier,
7/12
5 van 5
Noord- en Oost-Gelderland
Aan: de raden van de gemeenten die deelnemen in GGD Noord- en Oost-Gelderland - Per e-mail verzonden Kenmerk: Datum: Behandeld door: E-mail: Telefoonnummer: Onderwerp:
JB/mdv/22-dir 023
8 juli 2022
Toezending voorstel derde begrotingswijziging 2023 GGD NOG
Geachte raden, Hierbij ontvangt u het voorstel voor de derde wijziging van de Programmabegroting 2023 van GGD NOG. De begrotingswijziging betreft een aanpassing van de indexering van de inwonerbijdrage aan de recente prijsontwikkelingen. Het voorstel is op 7 juli jl. besproken in het algemeen bestuur van de GGD. In de bijlagen vindt u een toelichting op de voorgestelde begrotingswijziging. Als u wilt reageren, dan graag vóór 24 oktober 2022
Voor het algemeen bestuur een besluit mag nemen, moeten verhogingen van de inwonerbijdrage voor een zienswijze worden voorgelegd aan de raden (zie art. 35 Wet gemeenschappelijke regelingen [Wgr] en art. 21 Gemeenschappelijke Regeling GGD NOG). De per 1 juli 2022 gewijzigde Wgr bepaalt dat de zienswijzentermijn 12 weken is (tot dan 8). Het algemeen bestuur, met de wethouders publieke gezondheid van de 22 gemeenten, beslist op 17 november over de begrotingswijziging. Wij vragen daarom de raden die willen reageren om vóór 24 oktober 2022 hun zienswijze aan ons te sturen. Daarmee kunnen wij tijdig een voorstel aan het algemeen bestuur voorbereiden. U kunt ons ook helpen met toezending van voorlopige reacties of standpunten. Verder stellen wij het op prijs dat u ons informeert als u besluit géén zienwijze in te dienen. Wij informeren u - voorafgaande aan het vaststellen van de begrotingswijziging in het algemeen bestuur over ons oordeel over de ingediende zienswijzen. Dit schrijft de Wgr voor sinds 1 juli 2022. Nadere informatie
Als u vragen heeft, kunt u contact opnemen met: • , controller d t: m_, • beleidsadviseur
*, of ii
Met vriendelijke groet, het dagelijks bestuur,
directeur publiek? gezondheid Postbus 3, 7200 AA Zutphen
voorzitter 088-443 30 00
ggd@ggdnog.nl
www.ggdnog.nl
GGD Noord- en Oost-Gelderland is partner in het Centrum voor Jeugd en Gezin
8/12
Algemeen bestuur Agendapunt:
8
Overlegdatum:
7-7-2022
Portefeuillehouder:
E.J. Huizinga (plv.)
Adviesnota Onderwerp
Aanpassen indexering 2023
Voorstel
1. in te stemmen met de aanpassing van de indexering van de inwonerbijdrage 2023 naar 5,89%, zoals opgenomen in de 3e (concept)begrotingswijziging 2023; 2. hierover definitief te besluiten in de AB-vergadering van 17 november 2022, nadat de raden de gelegenheid hebben gehad om hun zienswijze op de 3e begrotingswijziging 2023 naar voren te brengen.
Inleiding
Jaarlijks berekenen wij bij het opstellen van de programmabegroting het indexcijfer waarmee de gemeentelijke bijdrage per inwoner aan de GGD wordt verhoogd. Recente berekeningen geven aan dat de index voor 2023 door prijsstijgingen en inflatie uitkomt op 5,89%. Dit is ruim hoger dan de 2,63% die in de Programmabegroting 2023 is gehanteerd (zie agendapunt 7). Daarmee verwachten we een negatief saldo voor het jaar 2023. Wij stellen daarom voor om de index van 5,89% te verwerken in de 3e begrotingswijziging.
Beoogd effect
Een Programmabegroting 2023 die aansluit bij de kostenontwikkeling, zodat de GGD en ook de gemeenten niet met ongedekte hogere kosten te maken krijgen.
Argumenten 1.1. Gemeenten hebben meer zekerheid en duidelijkheid over de inwonerbijdrage aan de GGD en komen niet voor onverwachte kosten van de GGD te staan. Wij willen voor zowel gemeenten als GGD zoveel mogelijk financiële duidelijkheid bieden in deze onzekere tijden. Mogelijk vallen de prijsstijgingen nog hoger uit dan de CPB-cijfers van maart 2022, of – minder waarschijnlijk – wat lager. Op dit moment is echter de stellige verwachting dat de indexering in de Programmabegroting 2023 te laag is en de GGD in 2023 op een tekort afstevent. Wij vinden het verstandig om hierop te anticiperen en toekomstige tegenvallers te voorkomen. In het overleg van de financiële ambtenaren van de gemeenten is besproken dat wanneer de GGD de hogere inwonerbijdrage tijdig meldt, de gemeenten dit nog in de begroting 2023 kunnen meenemen. 1.2. De GGD krijgt met de hogere indexering een reële begroting voor het jaar 2023, op basis waarvan de GGD zijn taken kan uitvoeren op het bestaande, afgesproken niveau. Over de wijze waarop de index wordt berekend, heeft het AB op 21 november 2019 een besluit genomen. De berekening baseren we op de cijfers van het Centraal Planbureau (CPB). Het CPB heeft in 2021 geen decembercijfers gegeven, zodat wij in de Programmabegroting noodgedwongen de cijfers uit de septembercirculaire voor het gemeentefonds 2021 hebben gehanteerd. 1 9/12
In maart 2022 heeft het CPB nieuwe cijfers gepubliceerd. Door prijsstijgingen en inflatie komt de index voor 2023 uit op 5,89%. Dit is ruim hoger dan de raming van 2,63% die bij het opstellen van de Programmabegroting 2023 is gehanteerd. Daarmee verwachten we een negatief saldo voor het jaar 2023. De procedure voor de concept-Programmabegroting 2023 loopt al, zodat deze kan niet meer worden aangepast. We stellen daarom voor om de index van 5,89% te verwerken in de 3e begrotingswijziging. 1.3. Door nu de index bij te stellen worden schoksgewijze verhoging van de index voor 2024 voorkomen. De systematiek voor de berekening van de index omvat ook een correctie achteraf van de werkelijke indexcijfers in de voorgaande twee jaren. Hiermee ontstaat een indexering die recht doet aan de reële kostenontwikkeling. Als de index voor 2023 niet wordt bijgesteld, maar de werkelijke kosten wel aanmerkelijk meer stijgen, dan komt er voor het jaar 2024 een extra hoge indexering. Wij geven de voorkeur aan een zoveel mogelijk geleidelijke ontwikkeling die past bij de reële kosten. 1.4. De gemeenten ontvangen compensatie voor de kostenstijgingen. De CPB-cijfers, waarop de indexering van de kosten van de GGD is gebaseerd, worden ook gebruikt voor de indexering van het gemeentefonds. De hogere CPB-cijfers zijn meegenomen in het accres van het gemeentefonds. 2.1.
De raden kunnen hun zienswijze naar voren brengen over een voorstel tot verhoging van de inwonerbijdrage. Het algemeen bestuur besluit over de begroting en begrotingswijzigingen (budgetrecht). Voor het AB een besluit mag nemen, moeten verhogingen van de inwonerbijdrage voor een zienswijze worden voorgelegd aan de raden (zie art. 35 Wet gemeenschappelijke regelingen en art. 21 Gemeenschappelijke Regeling GGD NOG). De per 1 juli 2022 gewijzigde Wgr bepaalt dat de zienswijzentermijn 12 weken is (tot dan 8). Ook zijn wij als dagelijks bestuur na 1 juli 2022 verplicht naar de raden te reageren op de zienswijzen, vóórdat het algemeen bestuur de begroting of begrotingswijzing vaststelt. Zie ook de brief van de minister van BZK over de gewijzigde Wgr bij ingekomen stukken (agendapunt 3.g.).
Kanttekeningen
1.1. De hogere index zorgt voor hogere kosten voor de gemeenten. De keuze kan ook zijn om af te wachten en achteraf een oplossing te zoeken. De kosten voor de gemeenten worden inderdaad hoger. Daar staat tegenover dat de gemeenten ook een hogere bijdrage uit het gemeentefonds ontvangen. De CPB cijfers worden ook gebruikt voor de indexering van het gemeentefonds. De keuze kan ook zijn om de ontwikkelingen af te wachten. Wij geven er echter de voorkeur aan om zo veel mogelijk duidelijkheid en zekerheid te bieden. De middelen van de hogere index willen wij apart zetten, zodat wij deze gericht kunnen inzetten om daadwerkelijke kostenstijgingen op te vangen. Voor zover dit niet nodig blijkt te zijn, dan kunnen deze middelen terugvloeien naar de gemeenten. 1.2. De inflatiecijfers kunnen nog verder stijgen. De ontwikkeling van de prijzen zijn op dit moment onduidelijk. Door de oorlog in Oekraïne zijn er veel onzekerheden. Dit is echter niet alleen het probleem van de GGD of de gemeenten, maar van heel Nederland. Daarnaast zijn voor GGD NOG de gevolgen van de cao gemeenten/SGO vanaf 2023 belangrijk, omdat een groot deel van de uitgaven personeelslasten betreffen. Als de prijzen verder stijgen, dan gaan we in overleg met de gemeenten op zoek naar mogelijke oplossingen.
2 10/12
1.3. De index is een raming die ook lager kan uitvallen. Voor het begrotingsjaar 2023 legt de GGD verantwoording af in de bestuursrapportage. Mocht de daadwerkelijke kostenstijging lager uitvallen, dan presenteren we dit voordeel in de bestuursrapportage en beslist het algemeen bestuur hoe dit voordeel wordt bestemd. Onze inzet is echter om de gemeenten zoveel mogelijk duidelijk te bieden over de te verwachten inwonerbijdrage. Verder wordt een eventuele lagere kostenstijging gecorrigeerd in de indexering voor de inwonerbijdrage vanaf 2024. In de indexeringssystematiek die de GGD hanteert zit een correctie voor twee jaar.
Financiën
De inwonerbijdrage 2023 stijgt met € 422.000. In de bijgevoegde concept-begrotingswijzing staat de inwonerbijdrage per gemeente.
Vervolg
De raden van de gemeenten kunnen een zienswijze geven op de 3e wijziging van de begroting 2023. Het algemeen bestuur beslist in de vergadering van 17 november 2022 over vaststelling van de begrotingswijziging. Afhankelijk van het besluit van het AB wordt de hogere index ook meegenomen in de tarieven die de GGD voor diensten in rekening brengt.
Communicatie n.v.t.
Warnsveld, 16 juni 2022 Het dagelijks bestuur, drs. J.J. Baardman, directeur publieke gezondheid
C.M. de Waard-Oudesluijs MSc, voorzitter
Bijlagen
1. 3e Begrotingswijziging met overzicht inwonerbijdrage 2023
3 11/12
12/12