365592RH2022_BW00334
Tekst van het document
College van burgemeester en wethouders Besluit
2022_BW_00334
GOEDGEKEURD
Vergadering van 2 augustus 2022 Team Inkomen
Starten met een verruimde uitvoering van het Kindpakket en de Meedoenregeling Besluitvormend
Zaaknummer: 368592 Portefeuillehouder: Eva Boswinkel Openbaar Ja Embargo Nee
Samenstelling Aanwezig: mevrouw Annemieke Vermeulen, Burgemeester; mevrouw Eva Boswinkel, Wethouder; de heer Jasper Bloem, Wethouder; de heer Sjoerd Wannet, Wethouder; de heer Michiel Wasser, Adjunct-secretaris; mevrouw Tineke Lantink, Loco gemeentesecretaris
Afwezig: de heer Rick Verschure, Wethouder; mevrouw Monique Stouten, Gemeentesecretaris; mevrouw Anja de Rouw, Adjunct-secretaris
Besluit Besluitpunt 1 Het college besluit de raad voor te stellen om, vooruitlopend op de aanpassing van de Verzamelverordening werk en inkomen van de gemeente Zutphen, het Kindpakket en de Meedoenregeling met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2022 uit te voeren onder de volgende bepalingen: a. de inkomensgrens van het Kindpakket en de Meedoenregeling is 120% van het sociaal minimum; b. het Kindpakket kan door ouder(s) worden aangevraagd voor thuiswonende kinderen van 0 tot 21 jaar; c. de maximale vergoeding bedraagt € 500,- voor het Kindpakket en € 200,- voor de Meedoenregeling; d. de vermogenstoets binnen de Meedoenregeling vervalt.
Motivering Inleiding Op basis van de motie Behoud en inzet van middelen tegen armoedebestrijding van februari 2022 (bijlage 1) en het coalitieakkoord ‘Natuurlijk betrokken, gelijk vooruit’ zet het gemeentebestuur versterkt in op de bestrijding van de armoede in Zutphen. In het coalitieakkoord wordt onder andere voorgesteld om minimaregelingen beschikbaar te stellen voor gezinnen met een inkomen tot 120%
1/24
van het sociaal minimum. In dit verband worden met name het Kindpakket en de Meedoenregeling genoemd. Beide zijn gemeentelijke regelingen die financiële belemmeringen voor participatie wegnemen door bij te dragen in de kosten voor onder andere sport en cultuur. Beide minimaregelingen kennen op dit moment een inkomensgrens van 110% van het sociaal minimum. Het Kindpakket is voor kinderen tot 18 jaar en wordt aangevraagd door de ouders. De Meedoenregeling is voor inwoners van 18 en ouder. Naast de verhoging van de inkomensgrens wordt in het coalitieakkoord voorgesteld om het Kindpakket voortaan aan ouders beschikbaar te stellen met (thuiswonende) kinderen tot 21 jaar. De voorgestelde verruimingen zijn in lijn met de motie van februari 2022 en sluiten aan bij de in het raadsmemo Stand van zaken en doorontwikkeling armoedebeleid van februari 2022 (bijlage 2) vermelde mogelijkheden voor doorontwikkeling en actualisering van het armoedebeleid. Inzet van zowel de motie als de memo is om het beschikbare budget voor armoedebeleid maximaal te benutten.
Voorgesteld wordt de raad voor te stellen het Kindpakket en de Meedoenregeling zo snel mogelijk en met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2022 te verstrekken op basis van de in het coalitieakkoord gemelde wijzigingen (wijzigingen coalitieakkoord: inkomensgrens tot 120% van het sociaal minimum en het Kindpakket beschikbaar stellen voor ouders met thuiswonende kinderen tot 21 jaar). Aanvullend en aansluitend hierop wordt – in de geest van de maximale benutting van de armoedegelden – voorgesteld de raad voor te stellen om de maximale vergoedingen te verhogen naar € 500,- voor het Kindpakket (is nu € 350,-) en € 200,- voor de Meedoenregeling (is nu € 125,-) en de vermogenstoets bij de Meedoenregeling niet meer toe te passen, zoals dat ook al het geval is bij het Kindpakket en de Gemeentepolis. Deze onmiddellijke en versnelde uitvoering loopt vooruit op de wijziging van de Verzamelverordening werk en inkomen gemeente Zutphen 2017, die door de gemeenteraad moet worden vastgesteld en met een separaat raadsvoorstel geëffectueerd wordt aan het einde van het jaar. Het raadsvoorstel en -besluit vormt tot die formele vaststelling de basis voor deze verruimde uitvoering. Beoogd effect Méér minimahuishoudens en kinderen kunnen meedoen met sport, cultuur en andere vormen van participatie.
En het geld dat beschikbaar is voor inkomensondersteuning wordt maximaal en zo snel als mogelijk benut. Argumenten Zie raadsvoorstel Kanttekeningen Zie raadsvoorstel Communicatie Zie raadsvoorstel Evaluatie In de Burap en in het jaarverslag 2022 is nadrukkelijk aandacht voor de effecten van de verruiming op de prognose en het resultaat. Conform de afspraak in het coalitieakkoord wordt een evaluatie over het armoedebeleid gepland en kijken we dan of de inkomensgrenzen en/of andere voorwaarden eventueel de aangepast moeten worden. Financiën Zie raadsvoorstel Risico’s De verruiming van de Meedoenregeling en het Kindpakket kan mogelijk op termijn tot een forsere stijging leiden van de uitgaven, omdat de Meedoenregeling en het Kindpakket aan de ene kant voor een grotere doelgroep beschikbaar worden en het aan de andere kant ook hogere individuele vergoedingen betreft.
2/24
Personele consequenties Er zijn geen personele consequenties voor wat betreft de vaste formatie van het (uitvoerende) team Inkomen. In verband met de kans op veel extra aanvragen in augustus en september én de verstrekking met terugwerkende kracht, zal gedurende een kortere periode tijdelijke capaciteit worden ingehuurd. Daarvoor is ruimte aanwezig binnen bestaande middelen. Programmadoelen Programma 4. Een vitale samenleving, iedereen doet mee Toelichting programmadoelen Met de verruimde voorwaarden voor onze inkomensondersteunende regelingen komen meer inwoners in aanmerking voor financiële steun. Met de verhoogde vergoedingen is de verwachting dat meer inwoners dankzij de inkomensondersteunende maatregelen mee kunnen doen met onder andere sportactiviteiten en culturele activiteiten. Ook wordt armoedeval binnen gezinnen met thuiswonende kinderen die 18 jaar worden tegengegaan door de leeftijd voor het kindpakket te verhogen naar tot 21 jaar.
Bijlagen 1. 2. 3.
Raadsvoorstel starten met de verruimde uitvoering van de Meedoenregeling en het Kindpakket.pdf Motie Behoud en inzet van middelen tegen armoedebestrijding (februari 2022).pdf Raadsmemo Stand van zaken en doorontwikkeling armoedebeleid (februari 2022).pdf
3/24
VOORBLAD
ONTWERP Invulinstructie RAADSVOORSTEL Onderwerp Programma
Forum Portefeuillehouder Inlichtingen bij
Soort bevoegdheid Beleidsvrijheid Programmabegrotingswijziging
Griffienummer:
Starten met een verruimde uitvoering van het Kindpakket en de Meedoenregeling 4. Een vitale samenleving, iedereen doet mee -oordeelsvormend Eva Boswinkel Sanne van der Drift 0651223098 s.vanderdrift@zutphen.nl kaderstellend geen ja
controlerend beperkt
budgetrecht ruim nee
overig
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor: Vooruitlopend op de aanpassing van de Verzamelverordening werk en inkomen van de gemeente Zutphen, het Kindpakket en de Meedoenregeling met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2022 uit te voeren onder de volgende bepalingen: a. de inkomensgrens van het Kindpakket en de Meedoenregeling is 120% van het sociaal minimum; b. het Kindpakket kan door ouder(s) worden aangevraagd voor hun thuiswonende kinderen van 0 tot 21 jaar; c. de maximale vergoeding bedraagt € 500,- voor het Kindpakket en € 200,- voor de Meedoenregeling; d. de vermogenstoets binnen de Meedoenregeling vervalt.
4/24
1 van 7
TOELICHTING
Inleiding Op basis van de motie Behoud en inzet van middelen tegen armoedebestrijding van februari 2022 (bijlage 1) en het coalitieakkoord ‘Natuurlijk betrokken, gelijk vooruit’ zet het gemeentebestuur versterkt in op de bestrijding van de armoede in Zutphen. In het coalitieakkoord wordt onder andere voorgesteld om minimaregelingen beschikbaar te stellen voor gezinnen met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum. In dit verband worden met name het Kindpakket en de Meedoenregeling genoemd. Beide zijn gemeentelijke regelingen die financiële belemmeringen voor participatie wegnemen door bij te dragen in de kosten voor onder andere sport en cultuur. Beide minimaregelingen kennen op dit moment een inkomensgrens van 110% van het sociaal minimum. Het Kindpakket is voor kinderen tot 18 jaar en wordt aangevraagd door de ouders. De Meedoenregeling is voor inwoners van 18 en ouder. Naast de verhoging van de inkomensgrens wordt in het coalitieakkoord voorgesteld om het Kindpakket voortaan aan ouders beschikbaar te stellen met (thuiswonende) kinderen tot 21 jaar. De voorgestelde verruimingen zijn in lijn met de motie van februari 2022 en sluiten aan bij de in het raadsmemo Stand van zaken en doorontwikkeling armoedebeleid van februari 2022 (bijlage 2) vermelde mogelijkheden voor doorontwikkeling en actualisering van het armoedebeleid.
Inzet van zowel de motie als de memo is om het beschikbare budget voor armoedebeleid maximaal te benutten. Wij stellen nu de raad voor het Kindpakket en de Meedoenregeling zo snel mogelijk en met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2022 te verstrekken op basis van de in het coalitieakkoord gemelde wijzigingen (wijzigingen coalitieakkoord: inkomensgrens tot 120% van het sociaal minimum en het Kindpakket beschikbaar stellen voor ouders met thuiswonende kinderen tot 21 jaar). Aanvullend en aansluitend hierop stellen wij – in de geest van de maximale benutting van de armoedegelden – voor om de maximale vergoedingen te verhogen naar € 500,- voor het Kindpakket (is nu € 350,-) en € 200,- voor de Meedoenregeling (is nu € 125,-) en de vermogenstoets bij de Meedoenregeling niet meer toe te passen, zoals dat ook al het geval is bij het Kindpakket en de Gemeentepolis. Deze onmiddellijke en versnelde uitvoering loopt vooruit op de wijziging van de Verzamelverordening werk en inkomen gemeente Zutphen 2017, die door de gemeenteraad moet worden vastgesteld en met een separaat raadsvoorstel geëffectueerd wordt aan het einde van het jaar. Dit raadsvoorstel en -besluit vormt tot die formele vaststelling de basis voor deze verruimde uitvoering.
Beoogd effect Méér minimahuishoudens en kinderen kunnen meedoen met sport, cultuur en andere vormen van participatie. En het geld dat beschikbaar is voor inkomensondersteuning wordt maximaal en zo snel als mogelijk benut.
Argumenten 1.1. Voor de verruiming van het Kindpakket en de Meedoenregeling is een breed politiek draagvlak De verhoging van het Kindpakket en de Meedoenregeling en de uitbreiding van 18 naar 21 jaar zijn maatregelen die expliciet zijn vermeld in het coalitieakkoord. Door verhoging van de inkomensgrens worden vooral ook méér werkende gezinnen bereikt die moeilijk kunnen rondkomen. De leeftijdsuitbreiding bij het Kindpakket voorkomt een directe armoedeval bij gezinnen met (oudere) kinderen. De verhoging van de vergoeding van het Kindpakket naar € 500,- (als mogelijkheid vermeld in de raadsmemo (bijlage 2)) stelt meer kinderen in staat om mee te doen in de samenleving. Het huidige bedrag van € 350,- is inclusief een bijdrage voor materiële zaken, waardoor ouders toch nog vaak uit eigen middelen moeten betalen voor 5/24
2 van 7
lidmaatschappen en contributies. Dat kan aanleiding zijn om het Kindpakket niet aan te vragen. Dat geldt in nog veel sterkere mate voor de Meedoenregeling. Van diverse consulenten en samenwerkingspartners (sociaal werkers, schuldhulpmaatjes, bewindvoerders) horen we dat de verlaging van de Meedoenregeling naar € 125,in 2020 er voor heeft gezorgd dat minima de Meedoenregeling niet meer aanvragen, omdat ze teveel zelf moeten bijleggen. Dit is een onbedoeld bezuinigingseffect, dat mede de sterke daling van de aanvragen in de afgelopen jaren verklaart. Al deze hierboven genoemde wijzigingen zijn in lijn met de inzet van de motie en memo om het armoedebudget van 2022 (en de komende jaren) maximaal te benutten. 1.2 Door nu te starten met de uitvoering hebben we nog enkele maanden de tijd om de beschikbare financiële middelen van 2022 in te zetten volgens de verruimde criteria. De verruiming van het Kindpakket vraagt om wijziging van de Verzamelverordening werk en inkomen gemeente Zutphen 2017. Dat is de bevoegdheid van de raad. Dit besluitvormingstraject neemt enige maanden in beslag en de wijziging zal niet eerder gerealiseerd kunnen worden dan het einde van dit jaar.
Daarnaast is de Rijksoverheid van plan enkele landelijke wijzigingen op het gebied van werk in inkomen vanaf 1 januari 2023 door te voeren, zie kamerbrief ‘Aanpak geldzorgen, armoede en schulden’ (12-07-2022), kamerbrief ‘hoofdlijnenbrief Arbeidsmarkt’ (05-07-2022) en ‘Participatiewet in Balans (22-06-2022). Deze wijzigingen hebben invloed op het traject en de planning van de verzamelverordening. Het is wenselijk om de tijd om aan te vragen volgens de verruimde criteria zo ruim mogelijk te maken. Voor zowel het Kindpakket als de Meedoenregeling is het belangrijk dat inwoners ten tijde van het nieuwe sport- en schoolseizoen kunnen aanvragen, omdat vooral dan de kosten worden gemaakt. 1.3 Het niet toepassen van de vermogenstoets bij de Meedoenregeling zorgt voor een groter bereik van inwoners en draagt bij aan eenvoudigere uitvoering van regelingen in de praktijk. Bij gemeentelijke minimaregelingen is een vermogenstoets niet verplicht. Veel gemeentebesturen kiezen ervoor om deze dan ook niet toe te passen. Een vermogenstoets maakt de uitvoering van minimaregelingen namelijk arbeidsintensief en soms complex, terwijl effectief nauwelijks sprake is van kostenvermindering bij de uitgaven. De ervaring leert dat inwoners met een laag inkomen meestal geen (substantieel) vermogen hebben.
Tegelijkertijd kan een vermogenstoets wel bijdragen aan het ervaren van een drempel voor het indienen van een aanvraag. Tegen deze achtergrond is de vermogenstoets geschrapt bij de invoering van de (uitgebreide) Gemeentepolis in 2015 en de invoering van het Kindpakket in 2020. Nu we voorstellen de Meedoenregeling te verruimen is het een geschikt moment om ook hier de vermogenstoets te schrappen. Dan zijn alle (niet wettelijk verplichte) minimaregelingen gelijk op dit punt. Bij de verwachte stijging van de aanvragen als gevolg van de verruiming (én het extra werk als gevolg van het toekennen met terugwerkende kracht, zie argument 1.4) komt deze verminderde belasting ten goede van de uitvoeringscapaciteit. 1.4. Door de verruiming met terugwerkende kracht toe te passen wordt het beschikbare budget maximaal benut en worden eerdere aanvragers niet benadeeld. Kindpakket en Meedoenregeling kunnen 1x per kalenderjaar worden aangevraagd. Wanneer we de verruiming pas eind 2022 laten ingaan, kunnen er minder inwoners een aanvraag indienen. Een deel van de doelgroep heeft immers in 2022 al aangevraagd en daarbij een lagere maximale vergoeding ontvangen.
Verstrekken met terugwerkende kracht betekent dat er ambtshalve een nabetaling zal plaatsvinden bij alle toegekende verstrekkingen (€ 150,- bij het Kindpakket en € 75,- bij de Meedoenregeling) én dat een deel van de aanvragers die zijn afgewezen vanwege een te hoog inkomen of een vermogen boven de vermogensgrens alsnog een verstrekking ontvangt ter hoogte van de nieuwe bedragen. Bovendien leidt de verhoging van de vergoeding, zoals aangeven onder argument 1.1, tot meer aanvragen omdat mensen niet of minder hoeven bij te leggen uit eigen middelen. De kans op een substantiële onderbenutting van het armoedebudget in 2022 wordt daardoor een stuk kleiner. Belangrijk ten slotte is ook dat de eerdere aanvragers door toepassing met terugwerkende kracht naar 1 januari 2022 niet benadeeld worden ten opzichte van de aanvragers eind 2022.
6/24
3 van 7
Kanttekeningen 1.1 Het aantal jongeren tussen 18 en 21 jaar dat in aanmerking komt voor het verruimde Kindpakket is onbekend. We weten ongeveer hoeveel kinderen in Zutphen in armoede leven. Op het inkomensniveau van 120% zijn dat er ruim 1.000. Dat geldt voor de leeftijdscategorie tot 18 jaar. We weten niet hoeveel jongeren tussen de 18 en 21 jaar op dit inkomensniveau leven. Het aantal jongeren in de bijstand schommelt tussen de 20 en 25 (niet al deze jongeren wonen echter bij hun ouders). We gaan vooralsnog uit van 100 jongeren (of beter: ouders met inwonende jongeren) als potentiële doelgroep voor de uitbreiding van het Kindpakket met jongeren tussen 18 en 21 jaar. Door deze groep als een aparte groep te monitoren bij de verstrekking van het Kindpakket, kunnen we nagaan of dit realistisch is. 1.2 Er is een kans op dubbeling bij het aanvragen van het Kindpakket en de Meedoenregeling voor en door jongeren tussen 18 en 21 jaar. Bij voorzieningen voor kinderen is de leeftijdsgrens van 18 jaar een gangbare scheidslijn. De jongere is dan volwassen en moet bijvoorbeeld zelf studiefinanciering aanvragen of een zorgverzekering afsluiten. De ouders hebben wel een onderhoudsplicht tot 21 jaar. Een aanvraag door de ouders voor het Kindpakket ten behoeve van hun volwassen inwonend kind, is tegen deze achtergrond legitiem.
Maar dit (volwassen) kind kan zelf ook de Meedoenregeling aanvragen, omdat de Meedoenregeling vanaf 18 jaar kan worden aangevraagd. Daardoor is de kans op een ‘dubbele voorziening’ aanwezig. Het uitsluiten van een dubbeling kan alleen op basis van formele regelgeving. Er ontbreekt op dit moment een rechtsgrond voor een dergelijke inperkende maatregel. 1.3 De verruiming van de Meedoenregeling kan mogelijk op termijn tot een forsere stijging leiden dan nu verwacht (begroot). Bij het Kindpakket is bij de berekening van extra kosten uitgegaan van een (hoog) bereik van 90%. Het huidige bereik (inclusief Stichting Leergeld en het Jeugdfonds voor Sport en Cultuur) ligt op ongeveer 70%. De verwachting is reëel dat – misschien nog niet in 2022, maar op termijn – structureel 90% gehaald kan worden, nu er extra aandacht is voor kinderen binnen het armoedebeleid en sociaal domein breed. 90% is ook het bereik dat door de Rijksoverheid als streefgetal is genoemd in de bestrijding van armoede onder kinderen. Bij de Meedoenregeling is het bereik op dit moment flink lager (941 huishoudens, 1030 verstrekkingen), ongeveer 35% van het aantal huishoudens op 110% van het sociaal minimum. Tegen deze achtergrond is een bereik van 50% op de korte termijn mogelijk nogal ambitieus. Op de (middel-)lange termijn is dit zeker haalbaar.
Het is zelfs niet ondenkbaar dat de verhoging van het maximale bedrag bij de Meedoenregeling tot een groter bereik gaat leiden dan 50%, waarbij de inwoners die we afgelopen twee jaren zijn kwijtgeraakt weer gebruik gaan maken van de Meedoenregeling en het aanvragen van de Meedoenregeling ook voor andere groepen aantrekkelijk wordt nu zij niet of nauwelijks hoeven bij te leggen uit eigen middelen. Een groter bereik dan nu voorzien zou de financiële ruimte voor andere maatregelen kleiner maken. Mede daarom is het belangrijk de verruiming van het Kindpakket en de Meedoenregeling goed te monitoren. 1.4 De adviesaanvraag bij de Brede Adviesraad Sociaal Domein is in behandeling. De voorbereiding van dit besluit ligt in de zomerperiode. Er is daarom gekozen de adviesaanvraag bij de BASD parallel te laten lopen aan de besluitvorming. Omdat het gaat om verruiming van regelingen die ten goede komen aan inwoners ligt een positief advies in lijn der verwachting.
Financiën Uitgangspunt bij het armoedebeleid voor de komende jaren is dat er gewerkt wordt binnen het bestaande armoedebudget (product 605). De verruimingen kunnen (structureel) gerealiseerd worden binnen het huidige armoedebudget door verschuivingen binnen de (deel)budgetten van de minimaregelingen en de bijzondere bijstand. In 2022 is het aantal aanvragen (en uitgaven) tot nu toe op een vergelijkbaar niveau als in 2021. Dat 7/24
4 van 7
betekent dat er voldoende financiële ruimte is voor het uitvoeren van de maatregelen met terugwerkende kracht. De (deel)budgetten van het Kindpakket en de Meedoenregeling worden opgehoogd met respectievelijk € 150.000,- en € 200.000,-. Dit wordt gedekt door overheveling van € 350.000,- vanuit het deelbudget bijzondere bijstand. De onderbenutting van het armoedebudget vindt vooral op dit deelbudget plaats. Maatregelen
Ophoging Begroting (deel)budget
Toelichting
Verruiming Kindpakket inkomensgrens 120%, vergoeding max. € 500,-, jongeren 18-21 jaar
€ 150.000,-
€ 500.000,-
Verwacht bereik: 90% van de 1000 kinderen tussen 0 en 18 jaar. Geschat: extra 100 kinderen 18-21 jaar.
Verruiming Meedoenregeling inkomensgrens 120%, vergoeding € 200,-
€ 200.000,-
€ 423.000
Verwacht bereik: 50% van 4000 volwassenen (3500 huishoudens)
Totaal
€ 350.000,-
Onderbenutting in 2021 op de regelingen bedroeg € 1.000.000,-
Communicatie Er komt een communicatie-offensief om de verruiming bekend te maken bij de doelgroep. Daarbij wordt benadrukt dat méér gezinnen in aanmerking komen voor beide regelingen én dat de vergoeding verhoogd is zodat men niet meer (of nauwelijks) hoeft bij te leggen. Speciale aandacht is er voor de inwonende kinderen tot 21 jaar. Er wordt een communicatieplan voor de verschillende doelgroepen gemaakt.
Uitvoering Inwoners die in 2022 het Kindpakket en/of de Meedoenregeling hebben ontvangen krijgen bericht dat zij een hogere vergoeding krijgen. Afwijzingen op basis van een te hoog inkomen of vermogen worden herzien. Wanneer het inkomen niet hoger is dan 120% wordt de aanvraag alsnog gehonoreerd. Om de effecten van de verruiming te kunnen monitoren, wordt bij de uitbetaling een onderscheid gemaakt tussen de huishoudens tot 110%, huishoudens tussen 110% en 120% en jongeren tussen 18-21 jaar. Het traject van de wijziging van de Verzamelverordening werk en inkomen gemeente Zutphen 2017 wordt naar verwachting eind 2022 afgerond. Naast de verruiming van het Kindpakket en de Meedoenregeling zullen daarin andere wijzigingen worden meegenomen die betrekking hebben op alle hoofdstukken van de Verzamelverordening. Deels zijn dit verdere wijzingen op het gebied van het armoedebeleid, deels zijn dit wijzigingen die voortvloeien uit wetswijzigingen of voortschrijdend inzicht bij de uitvoering. Alle wijzigingen worden zoveel mogelijk in één raadsvoorstel overzichtelijk gebundeld aangeboden aan de gemeenteraad.
Evaluatie In de Burap en in het jaarverslag 2022 is nadrukkelijk aandacht voor de effecten van de verruiming op de prognose en het resultaat. 8/24
5 van 7
Conform de afspraak in het coalitieakkoord wordt een evaluatie over het armoedebeleid gepland en kijken we dan of de inkomensgrenzen en/of andere voorwaarden eventueel de aangepast moeten worden.
Bijlagen 1. Motie Behoud en inzet van middelen tegen armoedebestrijding (februari 2022) 2. Raadsmemo Stand van zaken en doorontwikkeling armoedebeleid (februari 2022)
Stukken die ter inzage liggen
9/24
6 van 7
ONTWERP BESLUIT Griffienummer:
De raad van de gemeente Zutphen, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 2 augustus 2022 met nummer 368592; gelet op artikel(en) 108 van de Gemeentewet; besluit: Vooruitlopend op de aanpassing van de Verzamelverordening werk en inkomen van de gemeente Zutphen, het Kindpakket en de Meedoenregeling met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2022 uit te voeren onder de volgende bepalingen: a. de inkomensgrens van het Kindpakket en de Meedoenregeling is 120% van het sociaal minimum; b. het Kindpakket kan door ouder(s) worden aangevraagd voor hun thuiswonende kinderen van 0 tot 21 jaar; c. de maximale vergoeding bedraagt € 500,- voor het Kindpakket en € 200,- voor de Meedoenregeling; d. de vermogenstoets binnen de Meedoenregeling vervalt.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zutphen, gehouden op:
De voorzitter,
de griffier,
10/24
7 van 7
MOTIE GEMEENTERAAD Motie nummer: Datum indiening
31 januari 2022
Onderwerp: Behoud en meer inzet middelen tegen armoede
De raad van de gemeente Zutphen in vergadering bijeen, Constateert dat: i. In de actualisatie van de tweede BuRap 2021 een overschot is van 850.000 euro op het minimabeleid; ii. In 2020 een bedrag van 1,2 miljoen euro aan minimabeleid onbesteed bleef en ook in de jaren daarvoor middelen voor armoedebestrijding onbenut bleven; iii. Bij de Voorjaarsnota 2021 een motie is aangenomen waarin het college is verzocht om meer kinderen in armoede te bereiken en daarbij conform de doorbraakmethode flexibel met de regels om te gaan; iv. De hoge energielasten en andere gestegen kosten ertoe leiden dat huishoudens op dit moment moeite hebben om rond te komen; v. Uit de beantwoording van schriftelijke vragen blijkt dat energiebesparende maatregelen een verschil kunnen maken op de energierekening tot 160 euro per jaar, maar dat niet iedereen de middelen heeft om deze maatregelen te financieren.
Is van mening dat: a) De begrote middelen voor armoedebestrijding beschikbaar moeten blijven; b) De huishoudens die moeilijk kunnen rondkomen, deze onbestede middelen juist goed zouden kunnen gebruiken; c) De gemeente bezuinigd heeft op het armoedebeleid en dat kinderen en gezinnen daar extra onder te leiden hebben gehad; d) Dat de gemeente meer actief op zoek moet gaan naar mensen met een laag inkomen, zodat het beschikbare wel wordt besteed; e) De inzet van ervaringsdeskundigen bijdraagt tot een groter bereik en effectiviteit van het armoedebeleid; f) Armoedebestrijding een bijdrage levert aan het voorkomen van achterstanden en het beroep op jeugdhulp en daarmee ook een belangrijke preventieve maatregel is;. g) Bestrijding van armoede een essentiële bijdrage is in het creëren van gelijke kansen en voor een Krachtig Zutphen. Verzoekt het college: 1. Om de onbestede middelen van 2021 mee te nemen naar 2022 en hiervoor bij de Jaarrekening een bestemmingsvoorstel in te dienen, waarin middelen worden vrijgemaakt voor onder andere een brede inzet van ervaringsdeskundigen. 2. Om in de begroting de middelen voor armoedebestrijding beschikbaar te houden voor 2022 en structureel in het middelenkader voor de volgende jaren; 3.
Uitvoering te geven aan het eerdere verzoek om het kindpakket conform de doorbraak methode flexibeler in te zetten en het daarmee mogelijk te maken voor gezinnen met kinderen tot 21 jaar en voor huishoudens met een inkomen boven 110% van het sociaal minimum; 4. De mogelijkheden voor bijzondere bijstand uit te breiden tot het nemen van energiebesparende maatregelen; 11/24
5. De Raad uiterlijk bij de Voorjaarsnota 2022 te informeren over de voortgang van de genoemde maatregelen en daarnaast de Raad iedere drie maanden middels een forum te informeren over de resultaten en uitgaven en over de plannen voor het volgende kwartaal. Indiener(s): Jasper Bloem (PvdA), Martine Westerik (GL) Mede-indiener(s): Mart de Ridder (SP), Abel van Dijken (CU), Gerard Pelgrim (Stadspartij), Karin van Wamel (CDA)
12/24
College van burgemeester en wethouders Besluit
2022_BW_00082
GOEDGEKEURD
Vergadering van 15 februari 2022 Team Inkomen
Raad informeren over de stand van zaken over en doorontwikkeling armoedebeleid - Informerend
Zaaknummer: 307692 Portefeuillehouder: Laura Werger Openbaar Ja Embargo Nee
Samenstelling Aanwezig: mevrouw Annemieke Vermeulen, Burgemeester; mevrouw Eva Boswinkel, Wethouder; de heer Mathijs ten Broeke, Wethouder; mevrouw Laura Werger, Wethouder; mevrouw Monique Stouten, Gemeentesecretaris; mevrouw Anja de Rouw, Adjunct-secretaris
Besluit Besluitpunt 1 Het college besluit de raad te informeren over de stand van zaken over en de mogelijke doorontwikkeling van het armoedebeleid conform bijgevoegd memo.
Bijlagen 1. 2.
Raadsmemo stand van zan zaken en doorontwikkeling armoedebeleid DEF 15-2-2022.pdf Bijlage 1 Infographic Geld voor mensen met een laag inkomen Zutphen.pdf
13/24 1/11
OPENBAAR
Memo (Forum / raad) Invulinstructie Aan
: De gemeenteraad
Van
: Het college van burgemeester en wethouders
Datum
: 15-2-2022
Doel:
: Informeren
Onderwerp
: stand van zaken en doorontwikkeling armoedebeleid
Inlichtingen bij
: Charles Verkuylen, Team Inkomen, 0614334065
Nummer toezegging:
Kennisnemen van de stand van zaken over het armoedebeleid van de gemeente Zutphen en de mogelijke doorontwikkeling en actualisering van het armoedebeleid.
Inleiding In dit memo geven wij eerst een overzicht van de voornaamste ontwikkelingen bij het armoedebeleid in de afgelopen vier jaar. Vervolgens gaan we nader in op het gegeven dat de afgelopen twee, drie jaren, ondanks de nodige inspanningen onzerzijds om (oude en nieuwe) doelgroepen te bereiken, minder inwoners in armoede zijn bereikt dan beoogd waardoor sprake is van onderbenutting van het budget Armoedebeleid. Ten slotte noemen wij een aantal mogelijkheden voor doorontwikkeling en actualisering van het minimabeleid. Daarbij sluiten wij aan bij het raadsmemo en het daarbij behorende plan van aanpak intensivering armoedebeleid, dat u eerder van ons hebt ontvangen naar aanleiding van uw motie Doorbraak voor kinderen in armoede (2021-M0024; 2-7-2021). Verder betrekken wij hierbij uw motie over menstruatiearmoede (2021-M0040; 14-12-2021). Inhoud 1.Versobering, harmonisering en intensivering van het armoedebeleid 2018 Vanaf 2018 heeft er een versobering van het armoedebeleid plaatsgevonden. Dat is in eerste instantie het gevolg van een miljoenentekort in het sociaal domein. In 2018 heeft uw raad ingestemd met de in het rapport Evenwicht in het Sociaal Domein (Berenschot) voorgestelde bezuinigingsmaatregelen.
Het betrof specifiek een aantal maatregelen binnen het gemeentelijke minimabeleid: verlaging inkomensgrens Meedoenregeling; verlaging Jeugdregeling; verlaging Tegemoetkoming zorgkosten; en
14/24 2/11
de verlaging van de gemeentelijke bijdrage in de verzekering van het eigen risico van de Gemeentepolis).
2019 Het oplopen van de tekorten in het sociaal domein in 2019 maakte aanvullende bezuinigingsmaatregelen noodzakelijk, ook op het gebied van het minimabeleid. Daarbij is gekozen voor een evenwichtige mix van maatregelen die alle regelingen omvatte en het armoedebeleid van de gemeente Zutphen meer in lijn bracht met het armoedebeleid van omliggende gemeenten. Deze harmonisering bestond uit: verlagen van de vergoeding van de Meedoenregeling en de Inkomenstoeslag; afschaffen van de Tegemoetkoming zorgkosten; versobering van de bijzondere bijstand; en samenbrengen van de Jeugdregeling en de Meedoenregeling (voor wat betreft de vergoedingen voor kinderen) in het Kindpakket. 2020 en 2021 Als gevolg van het (gewijzigde) amendement A12 op de begroting van 2020 is de vergoeding van het Kindpakket opgehoogd van € 300,- naar € 350,- per kind en is een tegemoetkoming voor chronisch zieken en gehandicapten in het leven geroepen. Vanaf 1-1-2020 bestaat het huidige pakket aan minimaregelingen en bijzondere bijstand, zoals terug te vinden is op de website onder https://zutphen.nl/inkomensondersteuning. In de bijlage vindt u een beknopt overzicht in de vorm van een infographic, die in het kader van de intensivering van het armoedebeleid sinds het najaar van 2021 wordt gebruikt.
Gemeentepolis Het besluit van zorgverzekeraar Menzis, in 2020, om te stoppen met het uitvoeren van de collectieve zorgverzekering (Gemeentepolis) in Zutphen, heeft er toe geleid dat we de Gemeentepolis vanaf 2022 door een nieuwe zorgverzekeraar, Aevitae, laten uitvoeren. Uw raad heeft de verordening die het uitsluitend recht voor Aevitae regelt, vastgesteld. De zoektocht naar een nieuwe verzekeraar heeft tevens geleid tot een herijking van en een extra investering in de Gemeentepolis, waarbij de premie voor de aanvullende pakketten beduidend lager ligt dan voorheen en het eigen risico in twee pakketten volledig is verzekerd. Als gevolg van coulant overstapbeleid van Menzis en een door ons tijdelijk in het leven geroepen afkoopregeling konden inwoners met een premieschuld overstappen naar de nieuwe Gemeentepolis, voor zover de verzekeraar daarmee instemde. Het resultaat van de overstapcampagne (met elke week 2 tot 3 dagen spreekuren om overstappers te ondersteunen bij de aanmelding en waar nodig de schuldensituatie te bespreken) is dat 1356 polissen zijn afgesloten, waardoor 1762 inwoners (waaronder 406 kinderen) verzekerd zijn. Dat is 90% van de deelnemers in 2021. Ruim 100 inwoners met schulden zijn overgestapt, voornamelijk verzekerden van Menzis en Zilveren Kruis. In een aantal individuele gevallen hebben andere verzekeraars ook toestemming gegeven voor de overstap.
Van de overstappers met schulden is ruim de helft uitgestroomd uit de wanbetalersregeling, waardoor zij zich weer aanvullend konden verzekeren en geen boete meer hoeven te betalen. Studietoeslag en diplomazwemmen Ten slotte hebben we vanaf 1 juli 2021 op uitvoeringsniveau twee zaken in gang gezet. Ten eerste is de studietoeslag verruimd. De beoogde wetswijziging van de studietoeslag met ingang van 1-7-2021 is uitgesteld in verband met de langdurige kabinetsformatie. Vooruitlopend hierop is besloten om de verstrekking met ingang van 1-7-2021 te verhogen naar € 300,- en de doelgroep uit te breiden met studerenden onder 18 jaar. Deze wijziging was financieel reeds verdisconteerd in de begroting van 2021.
2
15/24 3/11
Ten tweede vindt de (eenmalige) vergoeding van het diplomazwemmen voortaan plaats náást de (reguliere) vergoeding van het Kindpakket. Afspraken hierover met de betrokken organisaties IJsselslag, IJsselmeeuwen, Zwemacademie en Leergeld zijn in goed overleg hernieuwd. Voorheen gold dat het Kindpakket met de vergoeding voor het diplomazwemmen volledig was benut. Door de nieuwe afspraken kunnen kinderen van ouders met een laag inkomen die hun zwemdiploma willen halen ook (blijven) sporten of meedoen met andere activiteiten die in het Kindpakket worden vergoed. Deze wijziging is financieel gerealiseerd binnen het budget voor Kindpakket. 2. Onderbenutting van het minimabudget en het bereik van de doelgroep(en) Wanneer we de periode 2018 tot nu overzien, zien we vanaf 2020 een daling van de uitgaven voor het armoedebeleid. De onderbenutting van het, door de bezuinigingsmaatregelen verlaagde minimabudget bedroeg in 2020 € 1.324.330 en in 2021 € 1.038.044. De daling van het aantal (toegekende) aanvragen voor minimaregelingen en bijzondere bijstand is navenant. Dat geldt voor alle regelingen, maar vooral bij de bijzondere bijstand. Covid 19 De uitbraak van de coronacrisis, begin 2020, heeft een duidelijk effect gehad op armoedebestrijding in heel Nederland.
Uit de Divosa benchmark blijkt dat in vrijwel alle gemeenten het bereik omlaag is gegaan, terwijl de verwachting was dat de armoede- en schuldenproblematiek fors zou toenemen. Ook in Zutphen heeft corona onmiskenbaar invloed gehad op het bereik van minimaregelingen en bijzondere bijstand. Dat is deels goed verklaarbaar: Als gevolg van de (lockdown-)maatregelen zijn veel activiteiten op het gebied van sport, cultuur, uitgaan en verenigingsleven stil komen te staan, waardoor er ook minder kosten zijn gemaakt voor het aanvragen van met name participatieregelingen (Meedoenregeling, Kindpakket). Door de coronamaatregelen is de gemeente minder bereikbaar geworden. Voor veel inwoners was de locatie Henri Dunantweg 1 (HDW) hét loket van de gemeente voor voorzieningen in het sociaal domein. Relatief veel inwoners liepen hier binnen met vragen of om aanvraagformulieren af te halen. Dat was vertrouwd. Daarnaast zijn ook de wijkcentra tijdelijk gesloten geweest, evenals inlooplocaties van ketenpartners op het gebied van het armoedebeleid. Ook daar konden inwoners met ondersteuningsvragen niet terecht.
Mogelijk is door corona bij veel (kwetsbare) inwoners het gevoel van isolement wellicht versterkt, wat tot een zekere berusting of gebrek aan energie kan hebben geleid, wat er wellicht voor zorgt dat deze inwoners niet meer de moeite nemen om regelingen aan te vragen, ook al levert hen dat extra geld op. Vertrouwenscrisis overheid In gesprekken die wij met samenwerkingspartners op het armoedegebied hebben gevoerd, wordt het beeld bevestigd dat sprake is van een vertrouwenscrisis in de overheid. Dat speelt al enige tijd en is versterkt door de kinderopvangtoeslag-affaire. In de uitvoering hebben we zelf gemerkt dat inwoners, die we gebeld hebben om hen te wijzen op de mogelijkheid om minimaregelingen aan te vragen, huiverig zijn om de inkomenstoeslag aan te vragen. Dit omdat het om een toeslag gaat en mensen bevreesd zijn dat zij deze toeslag moeten terugbetalen. We vernemen ook geluiden over wantrouwen dat gevoed wordt door slechte ervaringen bij contacten met de overheid of gevoelens van onrechtvaardigheid vanwege (al dan niet vermeende) ongelijke afhandeling van aanvragen. Dit wantrouwen wordt ook gevoed door de teleurstelling over het feit dat men soms niet in aanmerking komt voor een regeling omdat het ‘papieren’ inkomen net iets te hoog is, terwijl het besteedbare inkomen krap is.
3.Stille armoede Naar onze overtuiging is er een divers samengestelde groep inwoners die in stille armoede leeft die we niet of moeilijk kunnen bereiken. Deels omdat zij zich bewust afsluiten voor enige bemoeienis
3
16/24 4/11
van overheid en instanties. Deels, zo horen wij ook in gesprekken met partnerorganisaties, omdat zij zich niet als doelgroep van armoedebeleid zien. Bijvoorbeeld AOW’ers met een klein pensioen of werkenden met een laag inkomen. Voor zelfstandige ondernemers geldt, zo merken wij zelf ook in de contacten die we hebben gehad in het kader van o.a. de Tozo en TONK, dat zij zo min mogelijk afhankelijk willen zijn van ondersteuning door de overheid. Een ander veel gehoord geluid is dat inwoners niet weten waar ze moeten zijn voor ondersteuning en de toegang tot voorzieningen als ingewikkeld ervaren. Daarnaast weerhoudt schaamte over armoede of schulden inwoners om ondersteuning te vragen. Een eventuele oplossing wordt dan in het eigen netwerk gezocht. Met een communicatie-offensief hebben we in 2021 versterkt ingezet op het bereiken van oude én nieuwe doelgroepen, om zo ook de dalende tendens van aanvragen te doorbreken. In het plan van aanpak intensivering armoedebeleid dat u eerder van ons hebt ontvangen staan deze activiteiten omschreven. Vooralsnog moeten we constateren dat het inzetten van de gebruikelijke communicatiemiddelen, zoals brieven, brochures, flyers, sociale media, maar ook voorlichting aan ketenpartners en interne medewerkers, geen ommekeer teweeg heeft gebracht.
Daarbij moet opgemerkt worden dat de licht stijgende tendens bij het aanvragen van regelingen die we als gevolg van deze activiteiten in het najaar hebben gezien, door de lockdown-maatregelen is afgeremd. Het bereiken van inwoners die we door de coronamaatregelen zijn kwijtgeraakt, en vooral ook van inwoners die het vertrouwen in de overheid hebben verloren of ‘onzichtbaar’ in stille armoede leven, vraagt om een inspanning die verder gaat dan het zenden van boodschappen via de gebruikelijke communicatiekanalen. Daarom hebben wij in het plan van aanpak een aantal voornemens benoemd die we de komende periode verder willen uitrollen: Inzetten van ervaringsdeskundigen. Daarbij moet opgemerkt worden dat het in de praktijk lastig is om inwoners te vinden die structureel actief willen zijn op dit terrein. Wellicht dat we hier kunnen leren van goede voorbeelden in andere gemeenten. Versterken van kennis en deskundigheid op het gebied van armoede bij de toegangen in het sociaal domein. Dat biedt de mogelijkheid om het gesprek aan te gaan met inwoners op momenten dat we contact met hen hebben. Dit draagt bovendien bij aan (meer) integraal beleid. Versterken van intermediairs/ketenpartners, zodat zij armoedeproblematiek signaleren, adresseren en doorverwijzen naar de juiste plek.
Aanwezig zijn op laagdrempelige locaties in de wijk en de stad, daar waar de doelgroep komt en waar in een vertrouwde omgeving een (goed) gesprek kan worden gevoerd. Dat is een belangrijke aanvulling op de veelal louter administratieve afhandeling van aanvragen voor minimaregelingen. 3. Doorontwikkeling en actualisering armoedebeleid In deze paragraaf ten slotte, noemen wij een aantal mogelijkheden voor doorontwikkeling en actualisering van het armoedebeleid. Deze doorontwikkeling kan er ook toe bijdragen dat het beschikbare budget voor armoedebeleid de komende jaren beter wordt benut. In 2021 heeft uw raad een tweetal belangrijke besluiten genomen die hieraan een bijdrage leveren: Ophogen van het budget voor de Gemeentepolis van € 300.000,- naar € 550.000,-. Met een resultaat van 1356 polissen en 1762 verzekerden is een solide basis gelegd voor een verdere (verwachte) groei van het aantal deelnemers in 2023 en 2024. Het budget biedt hiervoor nog voldoende ruimte. Overheveling van € 200.000,- van het budget voor armoedebeleid ten behoeve van het geïntensiveerde beleid schuldhulp. Het nieuwe beleid schuldhulp beoogt het aantal inwoners met schulden te verlagen en financiële zelfredzaamheid van inwoners te versterken. Daartoe wordt onder andere geïnvesteerd in vroegsignalering en een laagdrempelige toegang. Schuldhulp vormt zo een belangrijke bijdrage
4
17/24 5/11
om de armoede in Zutphen terug te dringen. Dat maakt de overheveling van een deel van het budget van armoedebeleid naar schuldhulp ook logisch en effectief. Woon- en energielasten De afgelopen jaren nemen de woon- en energielasten een steeds groter deel van het besteedbare inkomen in beslag. De sterke stijging van de energielasten van de afgelopen maanden hebben dit probleem met name voor de minima acuut gemaakt. In de vorm van de energietoeslag heeft het rijk een eenmalige extra compensatie voor de minima toegezegd. Naar verwachting bedraagt de bijdrage € 200,- per huishouden (bijstandsgerechtigden ontvangen deze energietoeslag automatisch). Zeker bij langer aanhoudende stijging van energielasten is het de vraag of dit toereikend is voor minimahuishoudens. We overwegen om het bedrag van de energietoeslag eenmalig te verdubbelen, mits dit gerealiseerd kan worden binnen de regelgeving vanuit het rijk (die op dit moment nog niet bekend is). De (incidentele) dekking voor de verdubbeling kan gevonden worden in de onbestede middelen van het armoedebudget in 2021. Dit vraagt om een goedkeuring van de gemeenteraad bij de jaarrekening 2021. Daardoor moet de energietoeslag waarschijnlijk in twee tranches worden verstrekt. We weten op dit moment nog niet precies hoe hoog de Rijksbijdrage voor Zutphen is. Naar schatting is dat ongeveer € 500.000,-.
Voor een verdubbeling is dus een vergelijkbaar bedrag nodig. Naast deze verdubbeling overwegen we een extra ondersteuning van ondernemers in verband met de coronamaatregelen, waarbij een hogere energietoeslag voor zelfstandige ondernemers een optie is. Dekking voor deze verhoging wordt gevonden in de coronareserve. Een meer structurele oplossing voor de hoge energieprijzen kan mogelijk gevonden worden in het aanbieden van goedkope ‘gemeente-energie’. Dat is een constructie die vergelijkbaar is met de Gemeentepolis (collectieve zorgverzekering voor minima). Daarbij wordt een contract afgesloten met een energieleverancier die bereid is duurzame energie te leveren tegen een laag, gegarandeerd tarief, waarbij bovendien iedereen (d.w.z. ieder minimahuishouden) wordt geaccepteerd en er geen overstapboetes zijn. De gemeente levert eventueel een financiële bijdrage in het energietarief. In een aantal gemeenten gaat dit binnenkort uitgevoerd worden via BSenF, die ook alles rondom de Gemeentepolis faciliteert. Dit collectieve aanbod is effectiever en efficiënter dan via individuele bijzondere bijstand compensatie te bieden voor hoge energieprijzen. In de sfeer van de individuele bijzondere bijstand is het wel goed mogelijk om bijstand te verstrekken voor de kosten van energiebesparende middelen (b.v. isolatiemateriaal).
Vanuit het rijk heeft de gemeente (geoormerkte) gelden ontvangen (€ 441.000,-) ter bestrijding van energiearmoede bij kwetsbare huishoudens. De energiebesparende middelen die hiervan bekostigd kunnen worden dragen bij aan verduurzaming en een structurele verlaging van energielasten van ongeveer € 160,- per huishouden per jaar. Het verstrekken van de energietoeslag (zie hierboven) biedt een mooie kans om minimahuishoudens te stimuleren om van deze subsidie voor energiearmoede gebruik te maken (naar verwachting kunnen per huishouden middelen ter waarde van € 250,- worden verstrekt). Deze subsidie kan tot uiterlijk mei 2023 worden verstrekt. Voor de periode daarna is het goed denkbaar om, in aansluiting hierop, bijzondere bijstand voor deze energiebesparende maatregelen te verstrekken. Eveneens in de sfeer van de bijzondere bijstand ligt de verruiming van de woonkostentoeslag. Woonkostentoeslag is vooral bedoeld voor inwoners met een laag inkomen met een eigen woning. Deze toeslag wordt berekend via een vergelijkbare systematiek als bij de huurtoeslag. Bij de berekening van woonlasten wordt het aflossingsgedeelte van de hypotheek niet meegenomen. Het is echter de vraag of dat nog reëel is en de compensatie van woonlasten hierdoor niet te beperkt is.
In navolging van de bij TONK gehanteerde aanpak is het een optie een deel van de aflossing van de hypotheek (en eventueel onderhoudskosten) mee te nemen in de berekening. Daardoor wordt de woonkostentoeslag hoger. Daarnaast is het gezien de huidige woningmarkt niet realistisch meer om
5
18/24 6/11
een verhuisplicht (na één of twee jaar) op te leggen. Uit bijstandsperspectief is deze verhuisplicht weliswaar billijk, omdat zo wordt voorkomen dat de bijstand (te) duur wonen faciliteert. Maar de huidige werkelijkheid van de woningmarkt maakt deze verplichting welhaast tot een onmogelijke opgave. Verruiming en verbreding van het Kindpakket Op dit moment zijn er drie mogelijke toegangen/regelingen voor kinderen in armoede: Kindpakket (gemeente), Stichting Leergeld en het Jeugdfonds voor Sport en Cultuur. Zij kennen uiteenlopende criteria en verstrekkingen (voor zowel kostensoorten als de hoogte van de vergoedingen). Dat is lastig uit te leggen en leidt bij de uitvoering tot complicaties. Overwogen wordt om tot één toegang te komen voor het kindpakket.
Waarbij de voordelen van genoemde drie regelingen worden verenigd in één verruimde en verbrede regeling: inkomensgrens tot 130% van het sociaal minimum; een breed pakket van vergoedingsmogelijkheden (keuzemenu voor sport, cultuur, school, spullen, computer etc.), met de optie om vergoeding van € 350,- te verhogen naar bijvoorbeeld € 500,-; naast ouders kunnen intermediairs (docenten, coaches, sociaal werkers, consulenten, buurtsportcoaches, etc.) deze regeling aanvragen; een nader te onderzoeken optie is of behalve de ‘eigen’ kinderen ook pleegkinderen en kinderen die onder voogdij staan in aanmerking kunnen komen voor het Kindpakket. Met Stichting Leergeld Zutphen zijn oriënterende gesprekken gevoerd over de mogelijkheid dat Stichting Leergeld deze regeling gaat uitvoeren. In een aantal gemeenten is dat al de praktijk. Stichting Leergeld staat positief tegenover deze ontwikkeling en gaat deze mogelijkheid verkennen. Verhoging inkomensgrens Inkomenstoeslag Op dit moment vallen relatief veel huishoudens met een langdurig laag inkomen (doelgroep van de inkomenstoeslag) net buiten de boot vanwege de inkomensgrens van 105%. Deze relatief lage inkomensgrens is in 2015 vastgesteld, als onderdeel van een serie maatregelen in het kader van de decentralisaties.
Verhoging naar 110% zorgt ervoor dat meer inwoners, die drie jaar lang op een laag inkomensniveau leven, in aanmerking komen. Bijkomend voordeel is dat deze inkomensgrens dan ook gelijk getrokken wordt met die van de bijzondere bijstand en de Meedoenregeling (beide 110%). Verhoging vergoeding duurzame gebruiksgoederen en inrichtingskosten De huidige vergoedingen, zoals die zijn opgenomen in de beleidsvoorschriften voor bijzondere bijstand, zijn destijds bewust sober gehouden. Met de oplopende inflatie is het goed om te kijken in hoeverre de vergoedingen nog reëel zijn. Daarnaast is het goed om meer aandacht te hebben voor de duurzaamheid van met name witgoed. Uit bijstandsoogpunt is het beleid altijd geweest om in principe de hoogte van de bijzondere bijstand te baseren op de meest goedkope spullen. Te overwegen valt om, mede vanuit het oogpunt van duurzaamheid, de aanschaf van meer duurzaam witgoed te stimuleren. Eenvoudige compensatieregeling voor (stapeling van) medische kosten De regeling Tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten wordt nauwelijks gebruikt. Zij wordt als ingewikkeld ervaren door zowel de aanvrager als de uitvoerders.
Op basis van het door uw raad bij amendement beschikbaar gestelde budget van € 50.000,- én de wetenschap dat er waarschijnlijk enkele duizenden chronisch zieken en gehandicapten zijn in Zutphen, is toentertijd gekozen voor een regeling met beperkende criteria. Helaas blijkt het maatwerk-element van de regeling op gespannen voet te staan met de privacy en medische geheimhouding. Uitdaging is te komen tot een eenvoudige compensatieregeling voor medische kosten. Een voor inwoners begrijpelijke en goed uitvoerbare regeling, die samen met de Gemeentepolis voldoende compensatie biedt voor hoge zorgkosten, die vooral aanwezig zijn bij chronisch zieken en gehandicapten.
6
19/24 7/11
Herhaling afkoopregeling bij overstap naar Gemeentepolis of uitvoering Regeling Uitstroom Bijstandsgerechtigden uit wanbetalersregeling (RUB) RUB houdt in dat bijstandsgerechtigden onder voorwaarden kunnen uitstromen uit de wanbetalersregeling. Zij stappen dan over naar de Gemeentepolis (van Aevitae) en betalen gedurende 36 maanden een aflossing van € 35,- waarna de restantschuld wordt kwijtgescholden. Bij de volgende campagne van de Gemeentepolis kan de RUB opnieuw worden ingezet of kan gekozen worden voor een herhaling van de afkoopregeling of een combinatie van beide. Menstruatie-armoede Wij zijn op dit moment in gesprek met diverse organisaties om te zorgen dat uitvoering wordt gegeven aan de motie over menstruatie-armoede. We hebben geconstateerd dat sommige organisaties al het initiatief genomen hebben om te zorgen dat in hun locaties menstruatieartikelen aanwezig (zullen) zijn. Het ROC heeft het voornemen om deze middelen neer te leggen in de toiletten. In het wijkcentrum Waterkracht is een Menstruatie Uitgifte Punt (MUP) via het (landelijke) Armoedefonds. Ook de Graafschap-bibliotheek heeft belangstelling om een dergelijk uitgiftepunt te realiseren.
Op de drie plekken waar binnenkort een “buurtkoelkast” geïnstalleerd worden (een project van de Stadsonderneming dat opgezet is met gelden van het Innovatiefonds Armoede en schulden), worden ook menstruatiemiddelen beschikbaar gesteld. We verkennen verder de mogelijkheden bij wijkcentra, scholen, voedselbank en laagdrempelige inlooplocaties. Het spreekt voor zich dat de gemeente het goede voorbeeld geeft en op het stadhuis en de Henri Dunantweg menstruatiemiddelen op de toiletten legt. Onze insteek is om de organisaties aan te moedigen, voor zover nodig, om op hun locaties een ‘MUP’ te installeren, die zij zelf aanvullen. In ons armoedebudget reserveren we jaarlijks een budget van € 10.000,- waaruit eventuele kosten voor de aanschaf van menstruatiemiddelen gedekt kunnen worden. We zien 2022 als testjaar, om te kijken wat de behoefte is en of de locaties daarbij aansluiten. Zelftests en mondkapjes i.v.m. corona De Rijksoverheid biedt binnenkort de mogelijkheid aan gemeenten om zelftests en mondkapjes te bestellen voor mensen met een laag inkomen. Wij gaan van deze mogelijkheid gebruik maken en willen deze materialen zo laagdrempelig mogelijk beschikbaar stellen. Waar mogelijk sluiten wij aan bij de plekken waar menstruatie-middelen beschikbaar worden gesteld. Armoederegisseur Er is steeds meer aandacht voor armoedeproblematiek zowel landelijk als lokaal.
Ook in de gemeente is er het besef dat armoedeproblematiek dwars door alle domeinen loopt én dat nauwe samenwerking met ketenpartners en vrijwilligersorganisaties van groot belang is om de armoede in de gemeente terug te dringen. Onderzocht kan worden of het aanstellen van een coördinerende armoederegisseur kansen biedt voor het nog meer integraal oppakken en uitvoeren van het armoedebeleid. In onderstaande tabel worden de hierboven genoemde mogelijkheden bijeen gebracht en de eventuele financiële gevolgen zichtbaar. Het totaal van de (structurele) kosten is hoger dan de huidige onderbesteding in het armoedebudget. Daar komt bij dat er rekening gehouden moet worden met een grotere vraag naar de bestaande voorzieningen als gevolg van de intensivering van het armoedebeleid op het gebied van communicatie. De mogelijkheden geven allereerst een denkrichting aan. Bij een verdere uitwerking in voorstellen dient, mede op basis van tussentijdse prognoses bij de Burap, een prioritering aangebracht te worden.
7
20/24 8/11
Mogelijkheden doorontwikkeling Gemeentepolis Schuldhulp Energietoeslag Energietoeslag: verdubbelaar Energietoeslag: extra zzp-ers Collectieve gemeente-energie Bijz. bijstand energiearmoede Woonkostentoeslag verruiming Kindpakket 130%; of Kindpakket € 500,-; of Kindpakket 130% + € 500,Inkomenstoeslag 110% Prijzen inrichtingskosten Regeling medische kosten RUB / Afkoopregeling Menstruatiearmoede Armoederegisseur Totaal mogelijkheden
Structureel
Incidenteel
€ 250.000,€ 200.000,€ 500.000,€ 500.000,€ 100.000,€ 100.000,€ 25.000,€ 50.000,€ 175.000,€ 125.000,€ 300.000,€ 200.000,€ 50.000,€ 150.000,€ 50.000,€ 10.000,€ 50.000,€1.435.000,-*
Dekking Begroting minimabeleid (verwerkt) Begroting minimabeleid (verwerkt) Rijksbijdrage (schatting) Goedkeuring jaarrekening 2021 Coronareserve (schatting) Begroting minimabeleid (optie) Begroting minimabeleid (optie) Begroting minimabeleid (optie) Begroting minimabeleid (optie) Begroting minimabeleid (optie) Begroting minimabeleid (optie) Begroting minimabeleid (optie) Begroting minimabeleid (optie) Begroting minimabeleid (optie) Begroting minimabeleid (optie) Begroting minimabeleid (optie)
*bij de optelling is gekozen voor de maximale variant van het Kindpakket (130% + € 500,-) Vervolg De komende tijd worden de genoemde mogelijkheden voor doorontwikkeling van het armoedebeleid via college- en raadsvoorstellen voorgelegd ter besluitvorming. Bijlagen 1.Infographic minimaregelingen Zutphen (PDF)
8
21/24 9/11
GELD VOOR MENSEN MET EEN LAAG INKOMEN www.zutphen.nl/extrageld
Of u de regeling krijgt, hangt af van de hoogte van uw inkomen, vermogen en samenstelling van uw gezin. Lees de voorwaarden op www.zutphen.nl/extrageld
KINDPAKKET € 350 per kind
Voor sport, cultuur, vereniging, school en (maximaal €175) spullen.
GEMEENTEPOLIS ZORGVERZEKERING Lage premie, verzekering eigen risico en ruime vergoeding.
MEEDOENREGELING € 125 per volwassene Voor lesgeld sport, cultuur, vereniging, opleiding. Maar...niet voor ID-kaart, OV-kaart.
STUDIETOESLAG
€ 90 tot €300 per maand
Voor studenten die door hun beperking niet kunnen bijverdienen.
INDIVIDUELE INKOMENSTOESLAG € 150 tot €425 per jaar
Voor als u al 3 jaar of langer een laag inkomen heeft.
BIJZONDERE BIJSTAND Geld voor bijzondere kosten, zoals advocaat, bewindvoering en maaltijdvoorziening.
WOONKOSTENTOESLAG Een tijdelijke bijdrage voor huur of hypotheek.
CHRONISCH ZIEKEN EN GEHANDICAPTEN € 91,50, € 183 of € 366
Eenmalige vergoeding voor bijvoorbeeld een dure aanvullende zorgverzekering of gehandicaptenparkeerkaart. Maar....Niet voor eigen risico en eigen bijdrage WMO.
EN VERDER IS ER NOG...
Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Regelingen voor kinderopvang Stichting Leergeld Jeugdfonds voor sport en cultuur Vergoeding diplomazwemmen
MEER INFO EN AANVRAGEN Ga naar www.zutphen.nl/extrageld of bel 14 0575
22/24 10/11
23/24 11/11
24/24