CConstaterende datZutphen
Koppel je AI →
Document · PDF

184693RH 2021_BW_00517

Raadsvergadering 13 december 2021, gemeente ZutphenBij agendapunt: Grondstofrijk Zutphen, Grondstoffenplan 2022-202620.419 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

College van burgemeester en wethouders Besluit

2021_BW_00517

GOEDGEKEURD

Vergadering van 2 november 2021 Team Duurzame Inrichting Openbare Ruimte

Grondstofrijk Zutphen, Grondstoffenplan 20222026 - Besluitvormend

Zaaknummer: 184693 Portefeuillehouder: Eva Boswinkel Openbaar Ja Embargo Nee

Samenstelling Aanwezig: mevrouw Annemieke Vermeulen, Burgemeester; mevrouw Eva Boswinkel, Wethouder; de heer Mathijs ten Broeke, Wethouder; mevrouw Annelies de Jonge, Wethouder ; mevrouw Laura Werger, Wethouder; mevrouw Monique Stouten, Gemeentesecretaris; mevrouw Anja de Rouw, Adjunctsecretaris

Besluit Besluitpunt 1 Het college besluit de raad voor te stellen om "Grondstofrijk Zutphen, Grondstoffenplan 2022-2026" vast te stellen.

Besluitpunt 2 Het college besluit om de kaart met daarop geprojecteerd alle huidige verzamel/ondergrondse containers vast te stellen en de raad daarvan kennis te laten nemen.

Motivering Aanleiding en context Het huidige grondstoffenplan Zutphen 2016-2020 is volgens de landelijke maatstaven aan vervanging toe. Het is beleid om dit structureel te doen, mede ingegeven door de laatste ontwikkelingen en innovaties. Wij vinden het belangrijk om in het nieuwe grondstoffen plan 2022-2026 te streven naar een hoge kwaliteit van de ingezamelde grondstoffen en het hoogwaardig inzetten van de grondstofstromen uit huishoudens. Grondstoffen worden steeds schaarser en gemeenten spelen een cruciale rol in optimaliseren van een circulaire grondstoffenketen. Het verminderen van de hoeveelheid restafval is een effect van deze inspanning. Er zijn specifieke doelstellingen voor huishoudelijk afval geformuleerd in het landelijke VANG-programma (Van Afval

1/34

Naar Grondstof): nog maximaal 100 kilo restafval per inwoner per jaar in 2020, en nog slechts 30 kilo in 2030. Aangezien elke inwoner van Zutphen in 2020 gemiddeld nog ruim 140 kilo restafval produceerde, zijn nieuwe beleidsinterventies nodig om stappen te zetten in de richting van een circulaire gemeente. In het coalitieakkoord 2018-2022 staat omschreven dat we streven naar een circulaire economie, waarbij afval een grondstof wordt. Dit nieuwe grondstoffenplan is ontwikkeld in samenwerking met Circulus Berkel en na gesprekken met verschillende inwoners, de Gemeenteraad, wijkregisseurs en leden van wijkteams en dorpsraad. Beoogd effect Invulling geven aan de landelijke doelstelling in 2030 de hoeveelheid restafval in de “grijze container” te reduceren naar ca. 30 kg per inwoner per jaar.Invulling geven aan de landelijke doelstelling in 2030 de hoeveelheid restafval in de “grijze container” te reduceren naar ca. 30 kg per inwoner per jaar. Argumenten Zie raadsvoorstel. Kanttekeningen Zie raadsvoorstel. Communicatie / vervolgtraject / uitvoering Zie raadsvoorstel. Rapportage / evaluatie Zie raadsvoorstel. Financiële consequenties Zie raadsvoorstel. Risico’s N.v.t.

Personele consequenties Het kunnen inzetten van afvalcoaches en extra inzet op toezicht is noodzakelijk voor het slagen van het nieuwe grondstoffenplan.Er wordt een beroep gedaan op de beschikbare capaciteit voor toezicht, past deze extra inzet niet in het jaarplan, dan is uitbreiding gewenst. Over afvalcoaches hebben we geen beschikking. Toelichting programmadoelen In Programma 3. Duurzame leefomgeving is de volgende tekst opgenomen; Wij gaan het goede voorbeeld geven op het gebied van circulair inkopen en afvalscheiding.

Bijlagen 1. 2. 3.

Raadsvoorstel GSP (versie 27-10-2021).pdf Grondstofrijk Zutphen, grondstoffenplan 2022-2026 (versie 27-10-2021).pdf Kaart met verzamelcontainers per 1 september 2021.pdf

2/34

VOORBLAD

ONTWERP RAADSVOORSTEL

Griffienummer:

Onderwerp Programma

Grondstofrijk Zutphen, Grondstoffenplan 2022-2026 3. Duurzame leefomgeving keuzelijst

Forum Portefeuillehouder Inlichtingen bij

oordeelsvormend Eva Boswinkel Henri Kolenbrander 06.51070225 h.kolenbrander@zutphen.nl

Soort bevoegdheid Beleidsvrijheid Programmabegrotingswijziging

kaderstellend geen ja

controlerend beperkt

budgetrecht ruim nee

overig

Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor:

1. “Grondstofrijk Zutphen, Grondstoffenplan 2022-2026” vast te stellen. 2. Kennis te nemen van de kaart met daarop geprojecteerd alle huidige verzamel/ondergrondse containers.

3/34

1 van 7

TOELICHTING

Inleiding/aanleiding

Het huidige grondstoffenplan Zutphen 2016-2020 is volgens de landelijke maatstaven aan vervanging toe. Het is beleid om dit structureel te doen, mede ingegeven door de laatste ontwikkelingen en innovaties. Wij vinden het belangrijk om in het nieuwe grondstoffen plan 20222026 te streven naar een hoge kwaliteit van de ingezamelde grondstoffen en het hoogwaardig inzetten van de grondstofstromen uit huishoudens. Grondstoffen worden steeds schaarser en gemeenten spelen een cruciale rol in optimaliseren van een circulaire grondstoffenketen. Het verminderen van de hoeveelheid restafval is een effect van deze inspanning. Er zijn specifieke doelstellingen voor huishoudelijk afval geformuleerd in het landelijke VANG-programma (Van Afval Naar Grondstof): nog maximaal 100 kilo restafval per inwoner per jaar in 2020, en nog slechts 30 kilo in 2030. Aangezien elke inwoner van Zutphen in 2020 gemiddeld nog ruim 140 kilo restafval produceerde, zijn nieuwe beleidsinterventies nodig om stappen te zetten in de richting van een circulaire gemeente. In het coalitieakkoord 2018-2022 staat omschreven dat we streven naar een circulaire economie, waarbij afval een grondstof wordt.

De aanloop naar een nieuw Grondstoffenplan (GSP) Dit nieuwe grondstoffenplan is ontwikkeld in samenwerking met Circulus Berkel en na gesprekken met verschillende inwoners, de gemeenteraad, wijkregisseurs en leden van wijkteams en dorpsraad. Hierna volgt een beknopt overzicht van de aanloop naar dit raadsvoorstel. De raad op bezoek bij Circulus Berkel Op 18 september 2019 hebben raadsleden een werkbezoek aan Circulus Berkel afgelegd. Het werkbezoek vormde de startbijeenkomst in de aanloop naar het nieuw op te stellen grondstoffenplan “Grondstofrijk Zutphen”. Tijdens deze bijeenkomst is geconcludeerd dat het nuttig is een vervolg aan de bijeenkomst te geven om scenario’s en actuele ontwikkelingen te bespreken. Vervolgens is de raad op 12 maart 2020 bij Circulus Berkel geweest en is de actualiteit van het plan en scenario’s besproken met de aanwezige raadsleden. Verder is er voorlichting geven over de voortgang, ideeën en over (regionale) ontwikkelingen die van invloed zijn op de nieuwe planvorming omtrent grondstoffen. Presentatie in het Forum Op 12 april 2021 is er in het forum een presentatie gegeven over het concept GSP.

4/34

2 van 7

Gesprekken met betrokken personen en partijen Met alle wijkregisseurs en betrokken wijkteams/dorpsraad zijn gesprekken gevoerd en ideeën opgehaald. Ook zijn een aantal beroepskrachten overleggen bezocht en daarin is met woningbouwverenigingen, politie en sociaal betrokken personen overleg gevoerd. Uit de gesprekken blijkt dat men vooral bij de implementatie en invoering betrokken wil zijn. Ook zijn de huidige problemen, waar men tegen aan loopt aan bod gekomen. Zoals bijvoorbeeld de plaatsingen op aanbiedlocaties en verzamelcontainers en het verkeerd aanbieden van grondstoffen. Er is uitleg gegeven dat het nieuwe plan een kapstokplan is en de basis vormt voor verdere uitwerking en implementatie op wijkniveau. De binnenstadmanager en bedrijfscontactfunctionaris worden bij de aftrap betrokken en zullen op gezette tijden in beeld komen in de uitrol van het (kapstok)plan. Met diverse vertegenwoordigers van de Stichting ‘Verbindingskracht Zutphen’ zijn gesprekken gevoerd en zij kunnen als werkmakers en schuldhulpmaatjes in gesprek komen met bewoners. Vooral bij het opstellen van implementatieplan(nen) en de uitvoering van deze plannen zijn bewoners nodig voor draagvlak en gedragsbeïnvloeding. Het is belangrijk om van buiten naar binnen te werken en ook huismeesters te betrekken bij de uitvoering.

Een mogelijkheid voor een centrale aanbiedplek in de wijk komt ook af en toe naar voren. In alle gesprekken is aangegeven dat de raad in het GSP kaders/contouren meegeeft en dat het aan de wijk is om de uitvoering nader in te vullen. Papierinzameling met vrijwilligers van verenigingen Aan de verenigingen is gevraagd om mee te denken over een andere manier van inkomsten genereren. Dit in plaats van mee te lopen met het inzamelen van oud papier met minicontainers. Deze methode is achterhaald doordat belading nu grotendeels geautomatiseerd met een zijlader kan plaatsvinden, vergelijkbaar met het ledigen van groene en grijze minicontainers. Het bedrag dat jaarlijks beschikbaar is als bijdrage voor de inzameling van oud papier blijft beschikbaar. Het is de uitdaging om andere werkzaamheden uit te gaan voeren die verantwoord en nuttig zijn. Hierover zijn we in gesprek met de verenigingen. Door corona is er een periode geen papier ingezameld met vrijwilligers en één vereniging kan ook geen vrijwilligers meer mobiliseren om deze taak uit te voeren. Tot nader bericht blijft de huidige methode van inzamelen gehandhaafd maar deze zal uiteindelijk overgaan in vervangende werkzaamheden die bijdragen aan de inzameling van grondstoffen.

Beoogd effect Invulling geven aan de landelijke doelstelling in 2030 de hoeveelheid restafval in de “grijze container” te reduceren naar ca. 30 kg per inwoner per jaar.

5/34

3 van 7

Argumenten 1.1 Omgekeerd inzamelen is nodig om de VANG-doelstelling (van afval naar grondstof) te halen. Met de keuze voor omgekeerd inzamelen kunnen we meer schone grondstoffen verzamelen en het snelst restafval reduceren. Dat betekent ook lagere kosten voor de inwoners. Omgekeerd inzamelen betekent dat het restafval niet meer aan huis wordt opgehaald (haalsysteem) maar dat dit naar de ondergrondse container gebracht moet worden (brengsysteem). Voor mensen die hiertoe niet in staat zijn vanwege b.v. medische redenen blijft het haalsysteem intact. In de wijk Noorderhaven is deze wijze van inzameling bij de nieuwe woningen al als pilot in gebruik. 1.2 Afval moet zoveel mogelijk grondstof worden. Het is een landelijke doelstelling om zoveel mogelijk grondstoffen uit de afvalketen te halen. In het coalitieakkoord 2018-2022 staat dat we streven naar een circulaire economie, waarbij afval een grondstof wordt. 1.3 Hierdoor minimaliseren we vervoersbewegingen. In het coalitieakkoord 2018-2022 staat verder dat we ons focussen op schone mobiliteit, het verminderen van vervoersbewegingen door Circulus Berkel past hier uitstekend bij. De verzamelcontainers staan op loopafstand. 1.4 Het Grondstoffenplan geeft de kaders/contouren, de uitvoering vindt plaats via Wijkgericht werken (algemeen en maatwerk per wijk). De wijken in Zutphen verschillen enorm qua opbouw, structuur en bewoners.

Het nieuwe grondstofplan is een gemeentebreed kapstokplan. Via maatwerk per wijk gaan wij dit plan uitvoeren. 1.5 Uit sorteeranalyses blijkt dat er veel groente, fruit en etensresten als afval in het restafval zit. Uit sorteeranalyses blijkt dat er nog veel grondstoffen in het te verbranden restafval aanwezig is. Bij hoogbouw en binnenstad zijn er weinig mogelijkheden om GFE/GFT aan te bieden, er is vraag naar voorzieningen in de directe omgeving voor het apart inzamelen van deze grondstofstroom.

Kanttekeningen

1.1 Zutphen doet het gemiddeld beter dan het landelijk gemiddelde met de hoeveelheid restafval per inwoner. Op landelijk niveau zijn we goed bezig, een inwoner van Zutphen heeft 140 kilogram restafval gemiddeld in Nederland 200 kilogram per persoon. Echter om de VANG doelstelling te halen, 30 kilogram per persoon per jaar in 2030, is extra inzet nodig.

6/34

4 van 7

In het werkgebied van Circulus Berkel, gemiddeld 70 kilogram restafval per persoon, behoren we tot een van de mindere gemeenten als het om de hoeveelheid restafval per inwoner gaat. De meerderheid van deze gemeenten maken gebruik van omgekeerd inzamelen. Daarnaast hebben we in Zutphen in de binnenstad en bij hoogbouw nog geen beoogde GFE/GFT voorzieningen. Omdat er nog geen verwerking is voor incontinentiemateriaal en luiers, zamelen we deze niet apart in, in tegenstelling tot buurgemeenten. Dit materiaal wordt nog steeds in Nederland verbrand en er is nog geen (grootschalige) verwerking om als grondstof te kunnen dienen. 1.2 Nascheiding van afvalstromen in plaats van scheiden aan de bron wordt landelijk ook toegepast. Zutphen is net als de rest van het werkgebied van Circulus Berkel ingericht voor scheiden aan de bron. Dit geeft de beste resultaten en de schoonste grondstofstromen. Financieel gezien geeft nascheiding geen voordeel, het werkt eerder frustrerend voor inwoners die het scheiden aan de bron al kennen en toepassen. Risico’s N.v.t.

Communicatie/Vervolgtraject/Uitvoering

Om omgekeerd inzamelen in te voeren is het van groot belang dat bewoners worden meegenomen in de veranderingen die hen te wachten staan. Informatievoorziening over nut en noodzaak van afvalscheiding, scheidingsregels, systeemveranderingen, etc. zijn hier belangrijk in. Maar nog belangrijker is de inwonersparticipatie per wijk: door omgekeerd inzamelen wijkgericht te implementeren wordt er integraal gekeken naar kansen, knelpunten, containers en maatwerk.

Rapportage/evaluatie

Het inzamelen van grondstoffen is een continu proces en jaarlijks worden er nieuwe afspraken gemaakt tussen gemeente en inzamelaar. De financiële gevolgen worden jaarlijks verwerkt in de programmabegroting en jaarrekening.

Financiën Met het vaststellen van het nieuwe grondstoffenplan worden er éénmalige kosten gemaakt voor uitrol. Deze hebben dekking binnen de huidige afvalstoffenheffing. Door de invoering van 7/34

5 van 7

omgekeerd inzamelen is de verwachting dat de structurele kosten, zoals de dienstverleningsovereenkomst met Circulus Berkel en de hoeveelheid te verbranden afval omlaag gaan.

Bijlagen Grondstofrijk Zutphen, Grondstoffenplan 2022-2026 Kaart met verzamelcontainers per 1 september 2021

Stukken die ter inzage liggen

8/34

6 van 7

ONTWERP BESLUIT Griffienummer:

De raad van de gemeente Zutphen, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van

met nummer 184693;

gelet op artikel 108 Gemeentewet en het bepaalde in de Wet milieubeheer besluit: 1. “Grondstofrijk Zutphen, Grondstoffenplan 2022-2026” vast te stellen. 2. Kennis te nemen van de kaart met daarop geprojecteerd alle huidige verzamel/ondergrondse containers.

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zutphen, gehouden op:

De voorzitter,

de griffier,

9/34

7 van 7

Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026 Apeldoorn, 27 oktober 2021 versie definitief

10/34

Inhoudsopgave 1

Samenvatting

4

2

Landelijke beleidskaders

6

2.1 VANG-programma

6

2.2 Landelijk afvalbeheerplan

6

2.3 Uitbreiding statiegeld

7

Terugblik en huidige situatie

8

3.1 Grondstoffenplan 2016-2020

8

3.2 Huidige stand van zaken

9

Doelstellingen en randvoorwaarden beleid

10

4.1 Doelstellingen Zutphen

10

4.2 Randvoorwaarden nieuw grondstoffenbeleid

10

Mogelijke scenario’s

12

5.1 Instrumentarium afvalbeheer

12

5.2 Scenario’s

12

3

4

5

6

7

8

5.2.1 Scenario 1: Omgekeerd inzamelen

13

5.2.2 Scenario 2: Frequentieverlaging restafval

14

5.2.3 ‘Nul’-scenario: Voortzetten van het huidige beleid

15

Aanvullend beleid

16

6.1 Inleiding

16

6.2 Aanvullende beleidsmaatregelen

16

Financiële consequenties

18

7.1 Kosteneffecten van de scenario’s

18

7.2 Kosteneffecten van de aanvullende maatregelen

18

Implementatie en fasering

19

8.1 Nadere uitwerking met de inwoners

19

8.2 Fasering invoering

19

Bijlagen Bijlage 1: uitkomsten onderzoek nascheiding en diftar

12/34 Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Inhoudsopgave 27 oktober 2021 versie definitief

20 20

3

1 Samenvatting

Voor u ligt het nieuwe Grondstoffenplan 2021-2025 van de gemeente Zutphen. Dit plan richt zich op het verhogen van de kwaliteit van de ingezamelde grondstoffen en het hoogwaardig inzetten van de grondstofstromen uit huishoudens. Het verminderen van de hoeveelheid restafval is een effect van deze inspanning. Grondstoffen worden steeds schaarser. De vraag naar grondstoffen stijgt en de makkelijk winbare gebieden voor bijvoorbeeld olie en gas nemen af. Om te kunnen blijven voldoen aan de grote vraag naar grondstoffen, moeten we ervoor zorgen dat materiaalketens gesloten gaan worden. Dit betekent minder waardevolle grondstoffen uit de keten laten ‘lekken’ door verbranding, en meer grondstoffen zo hoogwaardig mogelijk hergebruiken. Gemeenten spelen een cruciale rol in deze ketenoptimalisatie: afvalscheiding kan er namelijk voor zorgen dat waardevolle grondstoffen als kunststof, gft en textiel behouden blijven, en niet als restafval naar de verbrandingsoven worden gebracht. De transitie richting een circulaire economie is in Nederland verwoord in het Rijksprogramma ‘Nederland Circulair in 2050’. Onderdeel van deze ambitie is een afvalvrije samenleving in 2050.

Daarnaast zijn er specifieke doelstellingen voor huishoudelijk afval geformuleerd in het landelijke VANG-programma (Van Afval Naar Grondstof): nog maximaal 100 kilo restafval per inwoner per jaar in 2020, en nog slechts 30 kilo in 2030. Gemeente Zutphen is aangesloten bij de Cleantech Regio. In de Cleantech-agenda 2019-2023 wordt in 2030 gestreefd naar maximaal 10 kilo restafval (!) per inwoner per jaar. Aangezien elke inwoner van Zutphen in 2020 gemiddeld nog ruim 140 kilo restafval produceerde, zijn nieuwe beleidsinterventies nodig om stappen te zetten in de richting van een circulaire gemeente. Eerdere gesprekken met de raad en met vertegenwoordigers van wijken, hebben geleid tot de formulering van een paar belangrijke uitgangspunten voor nieuw beleid: Een reductie van de hoeveelheid restafval: nog maximaal 70 kilo in 2025, en 10 kilo in 2030. Verhogen/op peil houden van de kwaliteit van de gescheiden grondstoffen. Het minimaliseren van de impact van de inzameling van afval (minimaliseren vervoersbewegingen, minder bijplaatsingen en zwerfafval). Nadere uitwerking en implementatie van de nieuwe maatregelen vindt plaats in samenspraak met de wijken en bewoners. In het licht van deze laatste randvoorwaarde kan dit grondstoffenplan het beste worden gezien als een kapstokplan.

Bij de nadere uitwerking en uitvoering van de maatregelen die worden voorgesteld, worden de wijken uitdrukkelijk betrokken bij het opstellen van maatwerk per wijk. Dit zorgt ervoor dat het draagvlak én de effectiviteit van het nieuwe beleid het grootst zijn.

4

13/34 Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Samenvatting 27 oktober 2021 versie definitief

Maatregelen De grootste stap in de reductie van het restafval kan in Zutphen worden gezet door het invoeren van Omgekeerd Inzamelen. Kortweg betekent dit dat de service van de inzameling van grondstoffen zo optimaal mogelijk wordt ingericht, en bewoners worden gevraagd om het restafval naar een wijkcontainer te brengen. Dit instrument heeft in veel gemeenten inmiddels bewezen effectief te sturen op het beter scheiden van het afval. De hoeveelheid restafval kan door de juiste inzet van omgekeerd inzamelen en aanvullend beleid, dalen tot ca 70-80 kilo. Een andere mogelijkheid om te komen tot een eerste stap in de reductie van het restafval is het terugschroeven van de inzamelfrequentie van restafval van elke 2 weken, naar eens per 4 weken. Dit kan, wederom mits aangevuld met goed flankerend beleid, leiden tot ca. 100-110 kilo restafval per inwoner. Naast het aanpassen van de restafvalvoorzieningen, is van belang dat er goed wordt gekeken naar de optimalisatie van de voorzieningen voor het scheiden van grondstoffen als papier, glas en textiel. Bovendien zullen ook alle bewoners van hoogbouw en binnenstad in staat moeten zijn om hun GFT te gaan scheiden. Dit belandt immers nu nog (grotendeels) bij het restafval.

Na vaststelling van dit grondstoffenplan zal per wijk worden bekeken welk maatwerk en welke aanvullende maatregelen er in hun specifieke situatie nodig zijn om het nieuwe beleid tot een succes te maken.

14/34 Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Samenvatting 27 oktober 2021 versie definitief

5

2 Landelijke beleidskaders

Om te komen tot nieuw beleid voor de gemeente Zutphen, is het van belang om te bekijken welke ontwikkelingen zich de afgelopen jaren hebben voorgedaan, en komende jaren gaan voordoen op (inter)nationaal niveau rondom circulaire economie en grondstoffenbeleid. Idealiter sluiten de inspanningen die Zutphen doet op dit vlak aan bij deze ontwikkelingen. 2.1 VANG-programma In 2015 is het programma VANG (Van Afval Naar Grondstof) gestart. De ambitie van het VANGprogramma is om gemeenten te stimuleren stappen te zetten in de richting van een circulaire economie. Concreet zijn hier in 2015 doelstellingen aan gekoppeld van maximaal 30 kilo restafval pin 2025. Het programma Van Afval naar Grondstof (VANG Huishoudelijk) is inmiddels ook opgenomen in het Rijksbrede programma Circulaire Economie, Nederland Circulair in 2050, dat in 2016 van start ging. Daarmee is VANG onderdeel geworden van de landelijke beleidsambitie voor een circulaire economie. In dit CE-programma is vastgelegd dat in 2050 grondstoffen efficiënt worden ingezet en hergebruikt, zonder schadelijke emissies naar het milieu.

Waar het VANG-programma de afgelopen jaren met name was gericht op een forse reductie van de hoeveelheid restafval, is het dit jaar vernieuwde programma wat meer gericht op een juiste balans tussen de afname van de hoeveelheid restafval enerzijds en het scheiden van schone, hoogwaardig te recyclen grondstoffen uit huishoudelijk afval anderzijds. De kernthema’s van het VANG-programma van de komende jaren zijn: Scheiden van hoogwaardig te recyclen grondstoffen Behouden van kwaliteit van de gescheiden grondstofstromen Verminderen van de hoeveelheid huishoudelijk afval Nog maximaal 70 kilo restafval per inwoner Voorkomen van nadelige neveneffecten van afvalscheiding als bijplaatsingen. 2.2 Landelijk afvalbeheerplan Het Landelijk Afvalbeheerplan (LAP) is één van de instrumenten om de ambities en resultaten van het Rijksbrede CE-programma beleidsmatig vast te leggen en naar de praktijk te vertalen. Op dit moment ligt er een wijziging voor van het Landelijk Afvalbeheerplan 3 (LAP3). Deze wijziging is een gevolg van veranderende Europese regelgeving, de herziening van de Kaderrichtlijn afvalstoffen, de aankomende Omgevingswet en de ontwikkelingen in de transitie naar een circulaire economie. Gescheiden inzameling van afval en grondstoffen heeft een belangrijke plek in het gewijzigde LAP3. Volgens het LAP3 hebben inwoners in 2025 nog 30 kg restafval per persoon per jaar.

Hiermee bevestigt het LAP het streven uit het VANGprogramma.

6

15/34 Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Landelijke beleidskaders 27 oktober 2021 versie definitief

GFT, metalen, kunststof, glas, papier, textiel, KCA en e-goed moeten verplicht gescheiden ingezameld worden. Daarnaast komt het LAP3 met aanvullende eisen voor verdere afvalscheiding op de afvalbrengpunten en stelt LAP3 eisen aan communicatie over afvalscheiding door gemeenten. De basis van LAP3 is gericht op het verlagen van de milieudruk van grondstofketens. 2.3 Uitbreiding statiegeld In lijn met de circulaire ambities van het kabinet, is eind 2020 besloten om het huidige succesvolle statiegeldsysteem van grote PET-flessen, uit te breiden naar kleine flesjes. Vanaf 1 juli 2021 wordt € 0,15 statiegeld ingevoerd voor alle plastic flesjes onder de 1 liter. Inmiddels is ook een besluit gevallen voor de invoering van statiegeld op blikjes. Vanaf 31 december 2022, zal ook hiervoor een retourpremie moeten worden betaald. De verwachting is dat de uitbreiding van het statiegeld naar kleine flesjes en blikjes tot een forse vermindering van de hoeveelheid zwerfafval, en een forse toename van de recycling van kunststof en metalen verpakkingen zal gaan zorgen. Jaarlijks gaan er namelijk zo'n 900 miljoen kleine plastic flesjes over de toonbank. 100 miljoen daarvan belanden in het milieu. Omdat het de industrie niet gelukt is om 90 procent van de weggooi-flesjes te hergebruiken, komt er per 1 juli dus statiegeld op.

Inleveren kan straks in supermarkten, bij tankstations, treinstations en via cateraars.

Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Landelijke16/34 beleidskaders 27 oktober 2021 versie definitief

7

3 Terugblik en huidige situatie 3.1 Grondstoffenplan 2016-2020 Eind 2015 werd het grondstoffenplan 2016-2020 vastgesteld. In dit grondstoffenplan werd beoogt om de toenmalige hoeveelheid restafval van 156 kilo stapsgewijs te gaan verlagen naar 105 kilo per inwoner per jaar. Tevens zou hiermee het scheidingspercentage worden verhoogd van 70 naar 75%, conform landelijke doelstelling. Om deze doelstellingen te verwezenlijken zijn de afgelopen jaren de volgende maatregelen doorgevoerd: Invoering van de BEST-tas. Uitbreiden van bestaande milieustraatjes voor alle grondstoffen Stimuleren grof tuinafval door het groenafval gratis te maken tot 500kg. Met nieuwbouw voorsorteren op mogelijk nieuwe inzamelmethodieken door in de nieuwbouw het restafval niet meer aan huis in te zamelen. Evaluatie aantal containers aan huis. Participatie als groeimodel inzetten in de grondstoffeninzameling en beheer openbare ruimte. Educatie op scholen vergroten. Proeven met centrale GFE inzameling. In dit plan waren ook een paar maatregelen opgeworpen die de afgelopen jaren nog niet zijn gerealiseerd: De uitrol van GF-inzameling bij de hoogbouw. Verbeteren van de grondstoffenscheiding van de hoogbouw en de binnenstad.

Verder is er, op verzoek van de raad, een onderzoek gestart naar de mogelijkheden om de inzameling van afval in de binnenstad zodanig te organiseren, dat hierbij minder vervoersbewegingen nodig zijn. De mogelijkheden met betrekking tot het gecombineerd inzamelen van bedrijfsafval met huishoudelijke afvalstromen wordt hierin nadrukkelijk meegenomen. Gezien de brede landelijke interesse in dit onderwerp is RWS vanuit het VANGprogramma betrokken bij de uitvoering van dit onderzoek. De eerste resultaten hiervan zijn ontvangen en worden voorgelegd. Deze resultaten zullen in de implementatie van dit grondstoffenplan worden meegenomen bij de nadere uitwerking van het plan voor het centrumgebied samen met bewoners en ondernemers.

8

Grondstofrijk 17/34 Zutphen 2022 - 2026, Terugblik en huidige situatie 27 oktober 2021 versie definitief

3.2 Huidige stand van zaken De hoeveelheid restafval was in 2019 teruggebracht tot 139 kilo per inwoner per jaar, maar nam in 2020 weer licht toe (een trend die door Corona overigens in alle gemeenten zichtbaar is) tot 144 kilo. Belangrijke kanttekening hierbij is wel dat de totale hoeveelheid gescheiden ingezamelde stromen óók zijn toegenomen het afgelopen jaar: waar de totale afvalproductie van een gemiddelde inwoner in 2020 maar liefst met 25 kilo toenam, steeg de hoeveelheid restafval maar met 5 kilo. Dit geeft aan dat de scheidingsbereidheid van de inwoners van Zutphen (ondanks de toename van het restafval) zeker niet is gedaald het afgelopen jaar. Maar met deze 144 kilo fijn en grof restafval worden de landelijke -noch de regionaledoelstellingen gehaald. Er zal daarom de komende jaren nieuw beleid moeten worden ingezet om alsnog stappen te zetten richting meer en kwalitatief hoogwaardigere recycling van huishoudelijke grondstoffen. En hoewel de drie maatregelen die de afgelopen nog jaren niet zijn uitgevoerd hiertoe al een goede aanzet vormen, is er aanvullend beleid nodig om de circulaire ambities van de gemeente Zutphen en de Cleantech regio de komende jaren wel te gaan verwezenlijken.

Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Terugblik 18/34 en huidige situatie 27 oktober 2021 versie definitief

9

4 Doelstellingen en randvoorwaarden beleid 4.1 Doelstellingen Zutphen Zutphen wil graag stappen zetten richting een circulaire economie: het sluiten van grondstoffenketens door middel van meer hoogwaardige recycling van grondstoffen die bij huishoudens vrijkomen. De gemeente sluit hiermee aan bij landelijke en regionale doelstellingen van VANG en de Cleantech-regio. De gemeente wil de komende jaren beleid inzetten dat ervoor moet gaan zorgen dat: Materiaalketens van grondstoffen die bij huishoudens vrijkomen worden gesloten; Gescheiden materialen zo hoogwaardig mogelijk worden gerecycled; De hoeveelheid te verbranden restafval hierdoor daalt naar maximaal 70 kilo per inwoner per jaar. 4.2 Randvoorwaarden nieuw grondstoffenbeleid In verschillende gesprekken met de raad en met vertegenwoordigers uit de wijken, zijn een aantal belangrijke uitgangspunten en randvoorwaarden naar voren gekomen die de basis vormen voor de ontwikkeling van het nieuwe grondstoffenbeleid: Zet in op de inzameling van schone grondstoffen Het beleid van de afgelopen jaren heeft zich met name gericht op vermindering van de hoeveelheid restafval. De kwaliteit van ingezamelde grondstoffen is echter minstens zo belangrijk. Grondstoffenketens zijn alleen te sluiten als de input in de keten van afdoende kwaliteit is.

Geef invulling aan de circulaire ambities sámen met de bewoners en de wijken Om nieuw grondstoffenbeleid tot een succes te maken is het van belang dat er draagvlak is en betrokkenheid bij de nieuwe plannen. Vertegenwoordigers van de verschillende wijken weten vaak heel goed wat er in hun wijk speelt, en welke aandachtspunten er zijn rondom de inzameling van afval. Maatwerk per wijk zorgt er voor dat de betrokkenheid van de bewoners ten aanzien van het onderwerp groeit, en de kans op succesvolle beleidsingrepen wordt vergroot. Verkennende gesprekken met de wijken die de afgelopen jaren zijn gevoerd rondom de ideevorming van dit nieuwe beleid laten zien dat de betrokkenheid van de bewoners groot is, en ze graag mee denken over de implementatie van het nieuwe beleid in hun eigen woonomgeving. In dit kader moet dit grondstoffenplan worden bezien als een ‘kapstokplan’. Implementatie van de maatregelen die worden voorgesteld, worden per wijk, en samen mét de wijk, uitgewerkt. Dit zorgt ervoor dat het draagvlak én de effectiviteit van het nieuwe beleid het grootst zal zijn.

10

Grondstofrijk Zutphen 202219/34 - 2026, Doelstellingen en randvoorwaarden beleid 27 oktober 2021 versie definitief

Verminderen van neveneffecten De negatieve effecten van de inzameling van afval- en grondstoffen moeten zoveel mogelijk beperkt worden. Zo moet er aandacht zijn voor het zo veel mogelijk beperken van vervoersbewegingen ten behoeve van de inzameling (met name in de binnenstad), en is er meer aandacht nodig voor het aanpakken van bijplaatsingen en zwerfafval. Het voorkomen van bijplaatsingen en zwerfafval is een hardnekkig probleem waarvoor het ‘ei van Columbus’ helaas nog niet is gevonden. Mogelijke oplossingen zullen eveneens in samenspraak met de verschillende wijken worden uitgewerkt.

20/34en randvoorwaarden beleid Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Doelstellingen 27 oktober 2021 versie definitief

11

5 Mogelijke scenario’s 5.1 Instrumentarium afvalbeheer Om te komen tot de reductie van restafval, en het behoud van de kwaliteit van grondstoffen zullen er de komende jaren nieuwe beleidsmaatregelen moeten worden doorgevoerd. Een analyse van goed presterende gemeenten in de regio en elders in Nederland laat zien dat er zeker nog mogelijkheden zijn voor Zutphen om de komende jaren stappen te gaan zetten. Grofweg kennen gemeenten drie soorten instrumenten om bewoners aan te zetten tot afvalscheiding: communicatie, financiële prikkels, en serviceprikkels. De best presterende gemeenten in Nederland laten zien dat een gecombineerde inzet van deze drie instrumenten tot de beste resultaten leidt. Hiermee bereik je immers de meeste groepen mensen: met communicatie stimuleer je intrinsiek gemotiveerde mensen, met een financiële prikkel stimuleer je mensen die graag invloed hebben op hun kostenniveau, en met het serviceniveau stuur je aan op deelname van mensen die gevoelig zijn voor gemak. Zutphen heeft de afgelopen jaren (met name) ingezet op communicatie en de financiële prikkel. Er wordt via diverse kanalen van de gemeenten en van Circulus-Berkel, hoogfrequent en uitgebreid gecommuniceerd over nut en noodzaak van afvalscheiding. Dat betekent dat een volgende stap zal moeten worden gezocht in het serviceniveau.

Met name met betrekking tot de dienstverlening rondom de inzameling van restafval zit nog groot potentieel om tot minder restafval te komen: waar deze restfractie nu nog elke 2 weken wordt ingezameld, zien we dat andere gemeenten deze frequentie hebben verlaagd naar eens per 4 weken, of de huis-aanhuis inzameling van restafval zelfs helemaal gestopt, en zijn overgegaan op wijkcontainers voor de inzameling hiervan. Dit laatste instrument, ook wel ‘omgekeerd inzamelen’ genoemd, laat erg goede resultaten zien in andere gemeenten. De gedachte hierachter is dat je vooral ervoor moet zorgen dat je als gemeente de inzameling van waardevolle grondstoffen optimaal faciliteert, en minder investeert in die afvalstroom die je het minst graag wilt hebben: het restafval. Door aan huis (in de juiste frequentie) grondstoffen in te zamelen en de voorzieningen voor glas en textiel te optimaliseren, kan je de service voor restafval afbouwen. Dit kan dus door middel van het verlagen van de inzamelfrequentie van het restafval, of door omgekeerd inzamelen in te voeren. 5.2 Scenario’s Om de impact van deze mogelijkheden inzichtelijk te maken, zijn hieronder drie mogelijke scenario’s uitgewerkt: 1. Omgekeerd inzamelen (+gft-hoogbouw) 2. Frequentieverlaging van restafval (+gft-hoogbouw)

12

21/34 Zutphen 2022 - 2026, Mogelijke scenario’s Grondstofrijk 27 oktober 2021 versie definitief

3. ‘Nul’-scenario: voortzetten van huidig beleid 5.2.1 Scenario 1: Omgekeerd inzamelen De grootste stap in de richting van de ambities kan worden gezet door het invoeren van omgekeerd inzamelen. Vergelijkbare gemeenten laten zien dat deze systematiek kan leiden tot een reductie van het restafval én de gescheiden inzameling van fors meer hoogwaardig te recyclen grondstoffen. Als dit wordt aangevuld met gescheiden GFT-inzameling bij hoogbouw en optimalisatie van de inzameling van papier, glas en textiel, dan is 70-80 kilo restafval per inwoner per jaar haalbaar. Aandachtspunten Omgekeerd Inzamelen Bij dit scenario is het, nog meer dan bij de frequentieverlaging, van belang dat er maatwerk wordt geleverd voor bepaalde doelgroepen die hinder zouden kunnen ondervinden van deze systematiek. Bijvoorbeeld mensen die slecht ter been zijn, en daardoor moeilijker gebruik kunnen maken van een verzamelcontainer, of bewoners van het buitengebied, waarvoor de dichtstbijzijnde restafvalcontainer soms kilometers ver weg zou staan. De belangrijkste aandachtspunten rondom het invoeren van omgekeerd inzamelen zijn hieronder beschreven en zullen (na vaststelling van dit plan) met de verschillende belanghebbenden en wijken (in het kader van de betrokkenheid van de bewoners) nader worden uitgewerkt.

Maatwerk voor ouderen/mensen met fysieke beperking Om bewoners niet onevenredig zwaar te belasten met de nieuwe manier van afvalinzameling, kiezen veel gemeenten ervoor om maatwerk te bieden voor inwoners die door een fysieke beperking niet in staat zijn om zelf bijvoorbeeld hun restafval of glas weg te brengen. De loopafstand tot de container De gemiddelde loopafstand tot een verzamelcontainer vormt eigenlijk de kern van het instrument omgekeerd inzamelen. Wil je bewoners stimuleren om hun grondstoffen laagdrempelig te kunnen scheiden, en het afdanken van restafval moeilijker maken, dan moet de gemiddelde afstand tot de restafvalcontainer substantieel zijn. Een te grote loopafstand zou echter weer kunnen zorgen voor vervuiling van de grondstofstromen. Veel gemeenten die deze systematiek hebben ingevoerd kiezen ervoor om de maximale loopafstand zo rond de 200-250 meter van een perceel te leggen. Belangrijker dan deze loopafstand blijkt in deze gemeenten echter de vraag of de containers op logische plekken staan: bij supermarkten, scholen, uitvalswegen, etc. Kortom: op de routes die mensen vaak afleggen. Hoe wordt omgegaan met het buitengebied?

Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Mogelijke22/34 scenario’s 27 oktober 2021 versie definitief

13

Bewoners van het buitengebied (die niet in een kern wonen) zouden onevenredig hard kunnen worden geraakt door het omgekeerd inzamelen door de grote afstand naar een verzamelcontainer. Sommige gemeenten kiezen ervoor om de inzameling van minicontainers in het buitengebied daarom te handhaven (bijvoorbeeld op afroep om de efficiëntie van de inzameling te handhaven). Inwerpopening verkleinen Om bewoners niet te lang te laten zitten met een grote zak restafval (die zwaar kan worden), kan ervoor worden gekozen om de inwerpopening te verkleinen, zodat bewoners (tegen een half tarief) een half zo grote hoeveelheid restafval kwijt kunnen. Er zijn ook containers op de markt waarbij kan worden gekozen voor een 30- of een 60-liter opening, zodat bewoner zelf kunnen kiezen of ze wat vaker een kleine zak willen brengen, of minder vaak een grote. Bij het plaatsen van nieuwe containers wordt er al voor een dubbele inworpmogelijkheid gekozen. Wat te doen met de hoogbouw? Omgekeerd inzamelen stimuleert bewoners tot scheiden, omdat er een drempel wordt opgeworpen voor de productie van restafval. Dit geldt echter alleen voor bewoners van de laagbouw (ca. 70% in Zutphen). Bewoners van de hoogbouw maken altijd al gebruik van een verzamelcontainer voor restafval, waardoor deze drempel hier niet geldt (de moeite voor het ontdoen van grondstoffen is namelijk even groot als voor restafval).

Bij hoogbouw is het daarom van extra groot belang dat de mogelijkheden voor het scheiden van grondstoffen als gft, papier, PMD en glas, goed worden gefaciliteerd. Dit betekent concreet dat moet worden bekeken of de voorzieningen toereikend zijn, en bewoners door middel van intensieve communicatie moeten worden aangespoord hun waardevolle grondstoffen (nog) beter te scheiden. 5.2.2 Scenario 2: Frequentieverlaging restafval Door het verlagen van de inzamelfrequentie van het restafval, wordt een eerste stap gezet in het reduceren van de huidige hoeveelheid restafval. Naar verwachting zal 4-wekelijkse inzameling van restafval een reductie van circa 20-30 kilo restafval per inwoner kunnen opleveren. Aangevuld met de uitrol van GFT-inzameling bij alle hoogbouw, en een optimalisatie van de gescheiden stromen papier, glas en textiel, kan de hoeveelheid restafval waarschijnlijk dalen tot ca. 100-110 kilo. Hiermee worden de ambities van de gemeente en de regionale afspraken op het vlak van circulariteit en duurzaamheid dus niet gerealiseerd. Uiteraard is het bij het invoeren van een dergelijke frequentieverlaging van restafval belangrijk om goed te bekijken welke huishoudens hierdoor in de problemen zouden kunnen komen doordat ze door omstandigheden onevenredig veel restafval produceren, en maatwerk te bieden waar nodig.

14

23/34 Zutphen 2022 - 2026, Mogelijke scenario’s Grondstofrijk 27 oktober 2021 versie definitief

5.2.3 ‘Nul’-scenario: Voortzetten van het huidige beleid Dit referentiescenario gaat ervan uit dat er niks wordt veranderd aan de het grondstoffenbeleid van Zutphen. De huidige inzamelfrequenties voor restafval worden in stand gehouden, en ook aan het beleid rondom de inzameling van de verschillende grondstoffen wordt niks veranderd. Gevolg hiervan is dat de hoeveelheid restafval de komende jaren niet zal dalen, en ook de hoeveelheid gescheiden grondstoffen niet zal stijgen. Dit betekent dat er zo’n 140-150 kilo restafval zal blijven per inwoner, en het scheidingspercentage niet boven de 65% zal stijgen. Bovendien is de verwachting dat de kosten voor het afvalbeheer zullen stijgen door toenemende kosten voor restafvalverwerking (CO2-belasting?!), dalende grondstoffenprijzen en dalende vergoeding voor PMD. Dit scenario is dus in het licht van zowel duurzaamheid als kostenontwikkeling geen optie.

Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Mogelijke24/34 scenario’s 27 oktober 2021 versie definitief

15

6 Aanvullend beleid 6.1 Inleiding In dit hoofdstuk worden de aanvullende beleidsmaatregelen beschreven die, naast de invoering van omgekeerd inzamelen, een bijdrage kunnen leveren aan het behalen van de doelstellingen. Ook hiervoor geldt dat deze maatregelen na vaststelling van dit plan samen met de wijken nader zullen worden uitgewerkt. 6.2 Aanvullende beleidsmaatregelen 4. Uitgebreide communicatie Om de frequentieverlaging of omgekeerd inzamelen in te voeren is het van groot belang dat bewoners worden meegenomen in de veranderingen die hen te wachten staan. Informatievoorziening rondom de wijkcentra is hier een belangrijk instrument in, maar daarnaast zal er ook moeten worden voorzien in brede communicatie over nut en noodzaak van afvalscheiding, scheidingsregels, systeemveranderingen, etc. Per doelgroep zal, uiteraard in nauwe in samenspraak mét deze bewoners, moeten worden bekeken welke communicatiemiddelen en -inzet het beste werkt. Om de kwaliteit van de gescheiden stromen(en de hoogwaardige recycling ervan) te waarborgen, zal de communicatie structureel moeten worden geïntensiveerd. 5. Uitrol GF-inzameling bij hoogbouw Om de doelstelling van 70 kilo restafval te halen, zal de focus moeten komen te liggen op de grootste grondstofstroom die nu nog vaak in het restafval belandt: GFT. Uit analyses van het restafval blijkt dat het hierbij met name gaat om keukenafval.

Tuinafval wordt al redelijk goed gescheiden. Om bewoners te stimuleren om meer gft te scheiden, moeten hiervoor natuurlijk wel de voorzieningen aanwezig zijn. Bij hoogbouw is dit nu nog niet het geval. Voorstel is om gf-zuilen (metalen behuizing om een 240-liter container) met toegangscontrole (voor behoud van de kwaliteit van het GFT) te plaatsen bij de hoogbouw. Aandachtspunt hier is de inzamelfrequentie en het schoon houden van deze inzamelvoorzieningen. Enerzijds om draagvlak te vergroten, en anderzijds om de kwaliteit van het gft te borgen. Voor alle huishoudens (laag- en hoogbouw) zou kunnen worden gedacht aan het verstrekken van kleine aanrechtbakjes voor het keukenafval, om de drempel te verlagen om dit gescheiden te houden. 6. Optimalisatie inzameling oud papier Momenteel wordt het oud papier ingezameld door verenigingen, die hiervoor een vergoeding per kilo ontvangen. Uitgangspunt bij een optimalisatie van de inzameling van papier is dat deze door Circulus-Berkel uitgevoerd zal gaan worden, en niet langer door verenigingen, maar dat de revenuen die door hen hieruit worden gehaald wel bij de verenigingen terecht blijven komen. Na het vaststellen van dit grondstoffenplan zullen (verdere) gesprekken

16

25/34 Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Aanvullend beleid 27 oktober 2021 versie definitief

worden gevoerd met de verenigingen om te bekijken welke activiteiten hiertoe kunnen worden aangewend. Momenteel vinden er al gesprekken plaats en worden alternatieven met de betrokkenen verkend. 7. Brengvoorzieningen (wijkcontainers) voor glas en textiel Uitgangspunt is dat de inzameling van glas aan huis door middel van het ‘zwarte kratje’ wordt afgeschaft. Ter vervanging zijn er verzamelcontainers voor glas geplaatst in de wijken. De BEST-tas wordt op afroep ingezameld. Dit maakt de inzameling hiervan een stuk efficiënter. 8. Inrichten van (integrale) wijkcentra Het voorstel is om wijkcentra te gaan inrichten waar (onder andere) de volgende zaken invulling krijgen: 

Acties die inzetten op reparatie en producthergebruik

Afvalcoaches1 die de wijk kennen

Informatievoorziening over (o.a.) afvalscheiding

Sortering BEST-tassen

Kringloopactiviteiten

Medewerkers van Delta die nu de zwarte kratjes inzamelen, zouden bijvoorbeeld in kunnen worden gezet bij het uitvoeren van deze activiteiten. Uitgangspunt is uiteraard dat deze sociale werkgelegenheid behouden blijft. 6. Gescheiden inzameling op scholen en verenigingen (verder) stimuleren Beleid rondom afvalscheiding is het meest effectief als van bewoners overal hetzelfde gedrag wordt gevraagd. Scheiden van afval zou op school en op de sportclub net zo vanzelfsprekend moeten zijn als thuis. Daarom is het voorstel om naast scholen ook bij verenigingen in te gaan zetten op het inrichten van mogelijkheden om ook daar afval te gaan scheiden, via het gebruikelijke CleanWise programma.

1 Dit zijn bewoners die worden opgeleid en hun medebewoners kunnen helpen bij vraagstukken

rondom afvalscheiding en duurzaamheid.

26/34 Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Aanvullend beleid 27 oktober 2021 versie definitief

17

7 Financiële consequenties 7.1 Kosteneffecten van de scenario’s Om inzicht te verschaffen in de te verwachten kosten van de verschillende onderdelen van dit grondstoffenplan, is een onderscheid gemaakt tussen de ‘hoofd’-maatregelen (scenario 1 en 2, aangevuld met de uitrol van gft-scheiding bij hoogbouw), en de kosten van de verschillende aanvullende maatregelen. Maatregel

Eenmalige

Structurele

Verschil met

kosten

kosten DVO

huidige DVO

1. Omgekeerd inzamelen

€ 144.000,-

€ 3.810.000,-

- € 200.000,-

2. Frequentieverlaging restafval

€ 30.000,-

€ 3.890.000,-

- € 115.000,-

3. ‘nul’-scenario

€ 0,-

€ 4.005.348,-

€ 0,-2

7.2 Kosteneffecten van de aanvullende maatregelen De kosten van de verschillende aanvullende maatregelen zijn globaal begroot. De daadwerkelijke kosten zullen namelijk sterk afhankelijk zijn van de nadere uitwerking en implementatie die in samenspraak met de wijken wordt vormgegeven na vaststelling van dit plan. Om toch wat gevoel te krijgen bij de verwachtte kosten van elke maatregel, is deze begroting opgesteld. Maatregel

Eenmalige

Structurele

kosten 2022

kosten DVO

1. Communicatie

€0

€ 10.000,-

2. Gft-hoogbouw

€ 14.000,-

€ 130.000,-

3. Optimalisatie oud papier

€ 15.000,-

€ 70.000,-

4. Voorzieningen glas

€ 39.000,-

- € 140.000

5. Wijkcentra

pm

€ 40.000-,

6. Scholen en verenigingen

pm

€ 20.000,-

€ 68.000,-

€ 130.000,-

Totaal

2 Hier is geen rekening gehouden met stijgende kosten de komende jaren (verwerking, CO2,

etc.) en (evt.) dalende opbrengsten van grondstoffen. De cijfers hier geven puur de verandering van de DVO weer door toedoen van de maatregelen.

18

27/34 Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Financiële consequenties 27 oktober 2021 versie definitief

8 Implementatie en fasering 8.1 Nadere uitwerking met de inwoners Uit de gesprekken met de raad en de vertegenwoordigers uit de wijken kwam steeds naar voren dat de nadere uitwerking en invulling van de maatregelen die in het grondstoffenplan zijn uitgewerkt, in samenspraak met de bewoners moet plaatsvinden. Dit zorgt niet alleen voor draagvlak van het nieuwe beleid in de wijken, maar ook effectieve invoering van de maatregelen, toegespitst op de specifieke wensen en gewoontes van de bewoners van elke wijk. Na vaststelling van dit grondstoffenplan zal het nieuwe door middel van bewonersavonden uitgebreid worden besproken met de inwoners van Zutphen, en zal hen worden gevraagd actief mee te denken bij het invullen van het maatwerk (zoals beschreven in hoofdstuk 5) en het aanvullend beleid (hoofdstuk 6). Op deze manier wordt gezocht naar de beste aanpak per wijk. 8.2 Fasering invoering De uitrol van nieuw afvalbeleid vergt tijd. Niet alleen doordat er containers moeten worden aangeschaft en geplaatst, maar ook omdat de inwoners uitgebreid bij de implementatie worden betrokken. Onderstaand een voorstel om tot implementatie te komen in beide scenario’s. Scenario 1: Omgekeerd Inzamelen Q4 2021 Vaststelling Grondstoffenplan Zutphen Q1 en Q2 2022

Gesprekken met wijken over maatwerk en flankerend beleid

Q3 en Q4 2022

Fysieke voorbereidingen omgekeerd inzamelen in 1e wijk(en)

2023 en 2024

Gefaseerde uitrol omgekeerd inzamelen per wijk

28/34en fasering Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Implementatie 27 oktober 2021 versie definitief

19

Bijlagen Bijlage 1: uitkomsten onderzoek nascheiding en diftar Bronscheiding of nascheiding van PMD? In april 2020 zijn de resultaten van het onderzoek naar de gevolgen van een eventuele inzet van het nascheiden van PMD opgeleverd3. De discussie over bron- en nascheiden spitst zich uitsluitend toe op de stroom PMD. De overige grondstoffen zoals gft, oud papier en karton, glas en textiel blijven aan de bron gescheiden. Dit is een wettelijke verplichting en staat niet ter discussie. Per inwoner is in 2019 in Zutphen circa 28 kg PMD gescheiden ingezameld (in vergelijkbare gemeenten is dit circa 25 kg). In het restafval bevindt zich nog ruim 9 kg PMD. Qua de te verwachten milieubijdrage kunnen we stellen dat PMD al heel goed gescheiden wordt en heeft een overgang naar nascheiding dus relatief weinig toegevoegde waarde. De verkenning geeft aan dat het nascheiden van PMD tegen de (huidige) bronscheiding van de andere grondstofstromen ingaat, waardoor je feitelijk een conflicterende scheidingsboodschap in de inzameling krijgt: we scheiden grondstoffen aan de bron; behalve PMD. Wij verwachten dan ook dat het huidige beleidsinstrumentarium door deze conflicterende boodschap minder effectief zal worden. Dit kan erin resulteren dat het aan de bron scheiden van alle overige grondstoffen terug zal lopen. Algemene conclusies uit de verkenning: 1.

Voor wat betreft de milieuwinst heeft het nascheiden van PMD geen toegevoegde waarde. PMD wordt al (zeer) goed gescheiden in de gemeente Zutphen. 2.

Op dit moment is er nog maar een beperkt aanbod van vrij beschikbare nascheidingscapaciteit in Nederland. De overstap naar nascheiding is dus zeker niet altijd mogelijk.

3.

Een overgang op het nascheiden van PMD verstoort de huidige zuivere werking van het gemeentelijk beleidsinstrumentarium en daarmee de effectiviteit van het gemeentelijk beleid.

Milieutechnisch en kostentechnisch levert het nascheiden van PMD in de huidige situatie van de gemeente geen voordelen. Qua service verstoort het de huidige afvalscheidingsboodschap. Het belang van bronscheiden, ook voor de stroom PMD, is hiermee herbevestigd.

3 Rapport Verkenning nascheiding PMD huishoudelijk restafval gemeente Lochem, van IPR-Normag.

20

29/34 Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Bijlagen 27 oktober 2021 versie definitief

Wel of geen Diftar? Diftar-gemeenten hebben gemiddeld bezien minder afval en een lagere afvalstoffenheffing. Dit wordt keer-op-keer bevestigd in de jaarlijkse Coelo Atlas van de lokale lasten. COELO is het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden. In de Atlas van 2019 4 zien we het volgende: 1.

De afvalstoffenheffing is in 2019 gemiddeld met 5,7% gestegen en komt daarmee gemiddeld uit op € 263,- per huishouden.

2.

In 2019 zijn er 5 Diftar-gemeenten bijgekomen. Totaal heeft nu 31% van Nederland een vorm van Diftar, te opzichte van 9,7% in het jaar 2000.

3.

Diftar-gemeenten hebben gemiddeld bezien minder afval en een lagere afvalstoffenheffing.

4.

In Diftar-gemeenten betalen meerpersoonshuishoudens gemiddeld 18 procent minder dan in andere (niet-Diftar) gemeenten.

Dergelijke resultaten zien we ook terug in rapporten van het Centraal planbureau (CPB). Het rapport ‘Diftar in Nederland: verschillen tussen oost en west’ 5 van september 2019 beschrijft dat Diftar veelal in Oost Nederland is ingevoerd. Onderzoekers geven aan dat dit komt doordat de omvang van gemeenten in Oost Nederland zich daarvoor leent (minder hoogbouw) en doordat in Oost Nederland samengewerkt wordt op het gebied van Diftar (techniek en kosten delen). Ook in de benchmark huishoudelijk afval, de landelijke prestatiemeting waarbij gemeenten en inzamelbedrijven aan de hand van vooraf vastgestelde indicatoren hun prestaties vergelijken, zien we dat Diftar-gemeenten betere prestaties leveren gemiddeld bezien ten opzichte van nietDiftar-gemeenten. Recent heeft Rijkswaterstaat een rapport opgeleverd over de ontwikkeling van de afvalstoffenheffing in 20206. Dit rapport geeft aan dat: 1. De gemiddelde afvalstoffenheffing in 2020 stijgt met 8,0 procent. 2.

Gemiddeld betaalt een huishouden 263 euro per jaar, een eenpersoonshuishouden betaalt 224 euro en een meerpersoonshuishouden 284 euro per jaar.

3.

Gemeenten met lage afvalbeheerkosten hebben over het algemeen tariefdifferentiatie op afvalaanbod (Diftar) ingevoerd.

4.

In 2020 bedragen de kosten in gemeenten met Diftar gemiddeld 237 euro per huishouden, een stijging van 26,14 euro ten opzichte van 2019. In gemeenten waar een vast tarief wordt geheven ongeacht de grootte van het huishouden bedragen de kosten 309 euro per huishouden, een verhoging van 20,05 euro ten opzichte van 2019.

4 https://www.coelo.nl/index.php/nieuws/nieuws-2019/393-atlas-van-de-lokale-lasten-2019 5 https://www.cpb.nl/diftar-nederland-verschillen-tussen-oost-en-west

6 https://www.afvalcirculair.nl/onderwerpen/monitoring-cijfers/afvalcijfers/afvalcijfers/afvalstoffenheffing-

2020/

Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Bijlagen 30/34 27 oktober 2021 versie definitief

21

5.

In gemeenten met tariefdifferentiatie op het afvalaanbod wordt over het algemeen meer afval gescheiden aangeboden, waardoor er minder restafval ontstaat.

Uit een peiling van I&O Research7 blijkt dat steeds meer gemeenten voor Diftar kiezen om de VANG-doelen te bereiken. Tot slot is het niet zo dat het stoppen met Diftar een kostenbesparing oplevert. Het containermanagementsysteem, de basis van de Diftar-registratie, is ook bij een normale efficiënte en effectieve inzameling nodig. Door datagericht te werken kan je immers sneller bijsturen op het gedrag van de inwoners (denk aan de digitale, automatische volmeldingen van ondergrondse systemen). Met de afweging van resultaten uit bovenstaande onderzoeken is ook de keuze voor voortzetting van Diftar herbevestigd.

7 https://www.nvrd.nl/nieuwsberichten/2020/gemeenten-maken-werk-van-kwaliteit-ingezamelde-

grondstoffen-en-helft-kiest-voor-diftar

22

31/34 Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Bijlagen 27 oktober 2021 versie definitief

27 oktober 2021 Overzicht huidige inzamelsysteem: Zutphen Basiskenmerken Aantal aansluitingen Aantal inwoners Percentage hoogbouw

22.126 47.609 30%

Inzamelfrequentie (minicontainer) Restafval GFT PMD in zak Papier Glas in krat en BEST-tas

1 * per 2 weken 1 * per 2 weken 1 * per 2 weken 1 * per 4 weken 1 * per 2 weken

Inzameling hoogbouw

Boven en ondergrondse verzamelcontainers

Wijkinzameling

Nabij supermarkten

Recyclepleinen

Zutphen, of één van de andere 8 pleinen van CB

Grondstofrijk Zutphen 2022 - 2026, Bijlagen 32/34 27 oktober 2021 versie definitief

23

IJsse l

81

46 48

5

BOS

6 3

50

3b

83

21

Kapperalle

3a

bos

13

56

3

2

2a

t tr aa ds

es

4

ee

van

zw Finsestraat

Ach te

14

6 veld

stra

20

9

rin

174

172

ck s

168

11

5

50

at tra

f ho ck

t

107 t/m 193 32

hs 16

105

23 17

2

bos 12

23

3t/m99

Bejaarden centrum

24

29

50 43

41

De Polbeek

9

Stuurm anstra at

at

13 4

103

2

1

58

10

54

Marsweg

Jutlandsestraat

3

63

Politie School 37

25

Pollaan

el

Trafo

46 29

Gerritsenweg

50

e Kapperalle

IJss

35 2a

1

21

27

38 sportvelden

4

27

1

BOS

40

2

6

1a

11

BOS

42

68 66 29

Koppelstraat

93

44

45

2

6

BOS

65

36

Van Es senstr aat

Meentstraat

71

Grote Belt

19

Hermesweg

84 82

Begraafpla

Voorsterallee

48

BOS

BOS

ats

48 5

1

50

73

7

5

52

87

2

98

47

11

bos

50a-50b

9

100

63

4 2

64 60

65

Tichelerstraat

3 1

BOS 66

bos

1 8

5

111

56

nkst raat

nsep ad

st ra

Men geri

50c t/m 50f

21

71

70

89

2

3

11

21

Do rth

20

26

BOS

10

73

n

14

7

Oos tvee

1

4a 1

4 2

1 22

va

14 5

128

179 177 1

116 1

38

24 15

BOS

m

Crematoriu

at

nstra chtele

orc

g we er nt

3

45

4

130

181

50g t/m 50j

4c Kleine Belt

BOS

bos van Su

2

Lin te los tra at

7

2

19a

12

7

118

at

nb

t Bu ijs s dt s Br an

132

BOS

40

6

25

9

or st st ra at

83

2

32

13

Br on kh

Paapstraat

19 6

85

6

136 134

tra

34

BOS 91

ens

8 13

14 12

7

BOS

w.i.u.

urd

t

15

183

11

erm

5

4

BOS

d sepa

Oost

60

bos

Me

40

33

140 138

58

52 van

26

10 2

187 185

sportvelden

17 122

13

191 189

6

W.I.U.

veen

42

12

144 142

aat

56

1

35

t

18

10

54

BOS

ra a

26

6

6

9

20

lst

Lin telo str

50 52

46 48 44

37

Til

18

20

146 195 193

2

15

n

16

148

199 197

15

ve

17a

8

Wa rn in

Hermesweg

23a

150

1

9

De

23b

23

43 41 39

va

11

5

49

5

9

2

10a

95

8

13

68

3

152

3

van Essenstraa

97

tra a

Po ll Mercuriusweg

g we

IJssel

26 24

trie

4

geen toegang

5

13

Sk age rra kstr aat

50k t/m 50n

10

109 107

3

us

111

Ind

12

17

Jutlandsestraat

1

79

7

7

aan

19

56

63

3

14

154

115

21

1

156

trafo

1

12

ore

Marsweg

158 52

61

lts tra at

6

75a

tra a

Ra es fe

4

65

115.1

BOS

40

lds

160

67

200

53

va n

2

eve

69a

54

32

5

nD

95

1

t

99

101a

30

aa tr lts

1

46

nck str aat

22

o th

3

164

162

6

75

sle ing ann gsp Hoo

Ac ht

Trafo

77 79 81

83

85

31

Leri

20

n We

Industrieweg

89a 89

91

g idin

44 12

5

va

Industrieweg

105

BOS

38

39

21

10 6

7

Trafo

115.14

2

12

9

166

Industrieweg

van

92

trafo

eg nw ne

94

40

104

23

11

bos

trafo Industrieweg

36

36

13

106

117

35

BOS 30

29

15

Bin

108

BOS

1

at

Handelskade

1a

28

19

tra

2 170

BOS

1b

179

22

Le

2 1

at

91a

110 119

2

10 12

8

6 6 2

91

1

Binnenweg

3

1c

Damlaan

Dev ente rwe g

Sportvelden

1

2

Damlaan

2

7

5 1

1

BOS

11

9

60 58

Pollaan

87

2b 2

1

19

15

e

Botnischestraat

17

85

5254

4 Hanzeweg

BOS

8t

BOS

34 8

BOS

BOS

22

8

30

trafo

48

18

23

42

at ra lst se IJs

3

29

12

25 27

1

28

24

8

10

bos

26

10

36

llee

Kantine

Voorstera

17

118

22 Ma eg

rsw

20

13

15

7

8

5 1

2

116

Gerritsenweg

12

110

108

76

114

106

80

82

88

100

90 92

104

102

1

2

2

14

Vlie tber

BOS

allee

er Kapp

3 Sporthal

gweg

4

21c

BOS

5 BOS 6

79

10

71

59

we g

57

NUON onderstation

nn y

Wijnh of

mars Over

Ov er we g

28a

43

6

4a

55 t/m 141

g

raat

gsleidin spannin

Rhienderinklaan

Albemarleweg

Voigtstraat

an Verzetsla

Bergkampweg

Boslaan

idelaan Veldwe aan

Oranjelaan

an Bevrijd ingsla

an sla et rz Ve

Veldweidel

nklaan derin Rhien

laa n Ora nje

weg Veld eseb os

an Brakela

Garsenshof

hof ens Ga rs

shof Garsen

laan

of sh en rs

Klap roos

Rhienderinklaan

Ga rst Biesho Op de

Dr ift

ver Oe

kse

ft

Het Buiting

g Plo e De r goo tS pan He

eg

ofw eg

tuin emen Blo

el dasing

in Kru de aag kenh Beu De

De

9 7 3 5

30 24

20 10

12

37

42 44

l

d sr an

De Oprijlaan

ag

De

Bo

Het

Priee

47 55

7 1

1

39

l Priee

Het

Glas 3

15

eiland Het Riet

40

De Beekoever

ng De Lo

ang

estraa Hous

de

iden tu

g shaa Taxu De

oekb Koek

weg Koekoekboomse

Cana

in entu Var de

tens Lees

eg sew oom

Sch .G. A.M

Gervaisstraat

el ing th es

ste

der Bor de eweg

t traa midts

ssn gel

t

rkh Ke

Go e

pad nse

Looer Enkw

Het Buiting

t rf st ra a ldo

Ham Het

Het Regelink

go or Co rn e t

Ham Het

Ham Het

Bouw mees dora er ple in

enha Roz

ee z Fr t rr ie Ha

Ien Da le

aall eW Ann ad aan

De

a Naberl Johann

n llaa Waa a de Ann

Wa

ors ele r

aat ters tr

rsma van Du

Theo

Marg o An tinks traat

pad Freule

at ra er st

Mo r de va n k An

Het Spangoor

Dri

at instra

Plaa v.d.

aat xstr Elisa beth Ba

Lee

tstr aat

aat olfs tr te W Grie

at tra rss tge Ru ma ria

He

r wee Land

He tH

an rla Sp ie Jo

n laa ier Sp Jo Smitl aan Joke

aan Smitl Joke

Loo fg

eg sew oek Ooy erh

t raa arin kelh Pe

t tra a ans velm

Re

Laa

ofga

Bussenweide

De Nutteler

weg

Ooyerhoekseweg

Het Burkink

arin gst Pe kelh

aat gst r

at tra fss Lulo

Tuin kse Laa

ver se Oe Laak

Wee

aat str Fet ter

t raa sst ert elb Eng

eg ew ks oe rh ye Oo weg ekse erho Ooy

Jann eke

Het Eiland

Ooyerdreef

ide

De G Het Burkink

Ir. Lelystraat

raat

at

Nole Mgr.

Rhienderinklaan

Landweg

lein Schoolp

Hunnek ink

aikh orst

Willem Dreesstraat

Lage We

tra

nsst raat

lyst

ter s

t

eg gw er nb re Ha

Meidoornlaan

eg Hofw

ad mengerp Olden

Meester

.v.d.

Het Eiland

Coppellos traat van de

Kappeijne

raat Mackayst

Ooyerhoekse

tenstr aat

van Hou straat Visser

Prof. Treubstraat

Dr. Wibautstra

at

Thor

en uil he lk Tic

n ile

lku

he Tic

p Braamkam

Braamk amp

Lindelaan

mp teka Gers

4 lein Beke Calle nfel sp

Bergkampweg

10

Dr W

Cortenaerstraat

g

Ooyerdreef

sstraat Donker Curtiu

Van Hou

tenstraat

Stirumstraat van Limburg

van Hogendorpstraa t

Thorbeckesingel straat

lstraa t

astr aa

traat ypers Dr. Ku

seweg Emmerik

11

13

15

140

33 35

3 21 1

2

De Bosrand De Bosrand

De Bosrand

110 108

31

29

33 35

37

39

41

43

45 47

49

46

51

58

32

20 4

DATUM WIJZIGING

35

33

31

29

27 25

23

21

19

17

15

OMSCHRIJVING

TEKENAAR

13

LOGO DERDEN

PROJECTOMSCHRIJVING

Sportvelden

Sportvelden

24

Kaart met verzamelcontainers per1 september 2021

13

3a

26

bos BOS

Sportvelden

119

bos bos

t Diekske

bos

143

NUMMER

w.i.u.

144

Sportvelden trafo

162

TEKENINGOMSCHRIJVING

STATUS

Afvalstortpunten

-

bos bos

La

9

bos

8

ns

ink

we

Sportvelden

g

STADSBEDRIJVEN

eg

191

kw

352351

183

415 416

La ns in

amp

35

laan hege

Braamk

31 33

Berg

23

Le

21 bos

OPENBARE RUIMTE

jk

endi

es

539

te

Ooyerhoekseweg

Braamkamp

C.A.

Straat

Maarten Harpertszoon Tromp-

Pa

Tjerk Hiddestraat

ma ge

Van Heemstrstraat

at ra te

st

Tak van der Lin denstra at

aat manstr orin Loh

Dr. de

Timmermansingel

ldijk

Pepp elen we

n

Ir. Le

seweg Emmerik

van Ko

t nstraa Prinstere

Groen van

Borge siusst raat

Goeman

traat Haydns

De Sav

Schube rtstra at

Poortvliets traat

seweg Emmerik

traat

aat

Chopin straat

Michiel de Ruyterstraat

Henk Lierstraat

l ge sin

en Bu it

at umanstra Clara Sch

ohnstr aat Mendelss

Schube rtstra at

Haydns

aat Mahlerstr

aat Bartokstr

Johan v.Oldebarneveld tstraat

Emmerikseweg

Ve rdis tra

at t Vivald istraa

raat

Wagne

Verdist Chopinstr

straat Bartok

l

IJsse

Fet

t ach Gr

at tra as am Ta d

rstraa Bruckn erstra at

2

Prinses Irenestraat

ge l tto sin

aa fO Gr

Gr ote

ne Wan

t IJsse l

Visserlaan

ht Grac s at pla es uw Do

sk an aa l ing te r wa Af

Laan naar Eme e Em aar nn Laa

at

Emmalaan

gel tosin f Ot Graa

Bornhovestraat

hardlaa

el rk ra at de rV

l toe ups

eg te st

g st ee te n nie

Ag

Sch

Va n

Armenhage

g ee rd st mb a Lo

g we nt na Du y nr

Molenstra

traa t Isendo orns

straat

t

Dieserst raat

Be

tadske

Dieser

Komsteeg

Rosm olen stee g

Hofstraat

ortplei n Vispo

He

on

tstraa

rksteeg

Bejaarden centru

tad

m

C. van

Badhuisw eg

raat sest

Zut phen

Denn

ns

ew

13

eg

Sportvelden

395

6

5

21

401

10 trafo

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zutphen&id=0781f8a1-dfdb-4ac8-aa51-bb8cbe955c03