160612RH 2021_BW_00076
Tekst van het document
College van burgemeester en wethouders Besluit
2021_BW_00076
GOEDGEKEURD
Vergadering van 9 februari 2021 Team Ruimte Economie en Duurzaamheid
Vaststellen bestemmingsplan 'Kerkhofweg 10' Besluitvormend
Zaaknummer: 160612 Portefeuillehouder: Laura Werger Openbaar Ja Embargo Nee
Samenstelling Aanwezig: mevrouw Annemieke Vermeulen, Burgemeester; de heer Harry Matser, Wethouder; de heer Mathijs ten Broeke, Wethouder; mevrouw Annelies de Jonge, Wethouder ; mevrouw Laura Werger, Wethouder; mevrouw Anja de Rouw, Adjunct-secretaris; mevrouw Monique Stouten, gemeentesecretaris
Besluit Besluitpunt 1 Het college besluit de raad voor te stellen de zienswijzennota ontwerpbestemmingsplan ‘Kerkhofweg 10 Warnsveld’ vast te stellen.
Besluitpunt 2 Het college besluit de raad voor te stellen het bestemmingsplan “Kerkhofweg 10” ten aanzien van de toelichting en de regels gewijzigd vast te stellen en de verbeelding ongewijzigd vast te stellen overeenkomstig de bij dit plan behorende toelichting, regels en verbeelding (NL.IMRO.0301.BP1301Kerkhofweg10-vs01);
Besluitpunt 3 Het college besluit de raad voor te stellen geen exploitatieplan vast te stellen.
Motivering Aanleiding en context In mei 2018 is er een verzoek ingediend om op de locatie van het bestaande hoveniersbedrijf aan de Kerkhofweg 10 twee woningen te realiseren. De bedrijfswoning in de bestaande boerderij op het
1/192
perceel aan de Kerkhofweg 10 wordt omgezet naar één reguliere woning en er wordt één nieuwe vrijstaande woning gerealiseerd ten oosten van de bestaande boerderij. Hiermee vervalt de bedrijfsbestemming op deze locatie. Het realiseren van deze twee woningen past niet in het geldende bestemmingsplan 'Warnsveld Kom Zuid 2010'. Er is een bestemmingsplanherziening nodig om deze twee woningen mogelijk te kunnen maken op deze locatie.
Het ontwerpbestemmingsplan ‘Kerkhofweg 10’ heeft van 24 september 2020 tot en met 4 november 2020 ter inzage heeft gelegen. Een ieder is in de gelegenheid gesteld een zienswijze in te dienen bij de gemeenteraad. Er zijn in de periode van terinzagelegging vier zienswijzen kenbaar gemaakt. Deze zijn nagenoeg identiek. Beoogd effect Het bestemmingsplan ‘Kerkhofweg 10’ beoogt de realisatie van de twee woningen aan de Kerkhofweg 10 te Warnsveld planologisch juridisch mogelijk te maken. Argumenten Zie raadsvoorstel. Kanttekeningen Zie raadsvoorstel. Communicatie / vervolgtraject / uitvoering Zie raadsvoorstel. Rapportage / evaluatie Zie raadsvoorstel. Financiële consequenties Zie raadsvoorstel. Risico’s Zie raadsvoorstel. Personele consequenties Zie raadsvoorstel. Programmadoelen Programma 3. Duurzame leefomgeving
Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11.
2021-02-04 Raadsvoorstel Kerkhofweg 10 Warnsveld.pdf Zienswijze 1 -geanonimiseerd.pdf Zienswijze 2- geanonimiseerd.pdf Zienswijze 3 -geanonimiseerd.pdf Zienswijze 4 -geanonimiseerd.pdf 2021-02-04 Zienswijzennota Ontwerpbestemmingsplan Kerkhofweg10 Warnsveld.pdf Kerkhofweg 10_Bijlagen regels.pdf Kerkhofweg 10_Bijlagen toelichting.pdf Kerkhofweg 10_Regels.pdf Kerkhofweg 10_Toelichting.pdf Kerkhofweg 10_verbeelding.pdf
2/192
3/192
VOORBLAD
Griffienummer:
ONTWERP RAADSVOORSTEL Onderwerp Programma
Vaststellen bestemmingsplan "Kerkhofweg 10" 3. Duurzame leefomgeving 3. Duurzame leefomgeving
Forum Portefeuillehouder Inlichtingen bij
technisch blok (hamerstuk) Laura Werger Charlotte Burgers 0681425899 c.burgers@zutphen.nl
Soort bevoegdheid Beleidsvrijheid Programmabegrotingswijziging
kaderstellend geen ja
controlerend beperkt
budgetrecht ruim nee
overig
Het college van burgemeester en wethouders stelt voor: 1. de zienswijzennota ontwerpbestemmingsplan ‘Kerkhofweg 10 Warnsveld’ vast te stellen; 2. het bestemmingsplan ‘Kerkhofweg 10’ ten aanzien van de toelichting en de regels gewijzigd vast te stellen en de verbeelding ongewijzigd vast te stellen overeenkomstig de bij dit plan behorende toelichting, regels en verbeelding (NL.IMRO.0301.BP1301Kerkhofweg10-vs01); 3. geen exploitatieplan vast te stellen.
4/192
1 van 5
TOELICHTING
Inleiding/aanleiding [b1]In mei 2018 is er een verzoek ingediend om op de locatie van het bestaande hoveniersbedrijf aan de Kerkhofweg 10 twee woningen te realiseren. De bedrijfswoning in de bestaande boerderij op het perceel aan de Kerkhofweg 10 wordt omgezet naar één reguliere woning en er wordt één nieuwe vrijstaande woning gerealiseerd ten oosten van de bestaande boerderij. Hiermee vervalt de bedrijfsbestemming op deze locatie. Het realiseren van deze twee woningen past niet in het geldende bestemmingsplan 'Warnsveld Kom Zuid 2010'. Er is een bestemmingsplanherziening nodig om deze twee woningen mogelijk te kunnen maken op deze locatie. Het ontwerpbestemmingsplan ‘Kerkhofweg 10’ heeft van 24 september 2020 tot en met 4 november 2020 ter inzage gelegen. Een ieder is in de gelegenheid gesteld een zienswijze in te dienen bij de gemeenteraad. Er zijn in de periode van terinzagelegging vier zienswijzen kenbaar gemaakt. Deze zijn nagenoeg identiek.
Beoogd effect Het bestemmingsplan ‘Kerkhofweg 10’ beoogt de realisatie van de twee woningen aan de Kerkhofweg 10 te Warnsveld planologisch juridisch mogelijk te maken.
Argumenten 1.1 Op het ontwerpbestemmingsplan zijn vier zienswijzen ingediend welke nagenoeg identiek zijn aan elkaar. In de zienswijzennota ontwerpbestemmingsplan ‘Kerkhofweg 10’ zijn de ingekomen zienswijzen verwerkt. De zienswijzen hebben betrekking op de regionale woonagenda en de voorwaarden uit de Omgevingsverordening Gelderland. Hierover is in de toelichting een extra onderbouwing toegevoegd waaruit blijkt dat het plan past binnen de woningbouwprogrammering, de regionale woonagenda en daarmee ook binnen de Omgevingsverordening van de provincie Gelderland. Verder richten de zienswijzen zich vooral op de vrees voor beperking van het uitzicht/licht en privacy en toename van geluid en verkeersbewegingen. De zienswijzen leiden niet tot wijziging van het bestemmingsplan, wel zijn er een aantal verduidelijkingen opgenomen in de toelichting. 2.1 Het plan behelst het opheffen van het hoveniersbedrijf op deze locatie en het toevoegen van twee woningen. Door het opheffen van de bedrijfsbestemming, wordt de bestaande bedrijfswoning in de boerderij omgezet in een reguliere woning. Op het overige gedeelte van het perceel wordt een nieuwe vrijstaande woning gerealiseerd. Het realiseren van woningen sluit goed aan bij de directe omgeving waar voornamelijk woningen zijn gerealiseerd. 2.2 Het opheffen van de bedrijfsfunctie betekent milieuwinst en minder hinder op de omgeving.
Het opheffen van de bedrijfsfunctie op deze plek zorgt voor een milieuwinst en daarmee gezondheidswinst voor de omgeving. Volgens het vigerende bestemmingsplan zijn er bedrijven met een milieucategorie 2 toegestaan. Wat inhoudt dat op basis hiervan o.a. een autowasserij, groothandel of aannemersbedrijf kan worden gevestigd. Met het opheffen van de bedrijfsfunctie is er sprake van een situatie waarin minder hinder (o.a. geluid, geur en verkeershinder)op de omgeving wordt ervaren.
5/192
2 van 5
2.3 De toe te voegen woning past binnen de woningbouwprogrammering. De twee te realiseren woningen passen in de woningbouwprogrammering van de gemeente Zutphen. Ook past het plan binnen de afspraken die zijn gemaakt met de regio Stedendriehoek en de provincie Gelderland. 2.4 Het plan is vanuit stedenbouwkundig planologisch oogpunt wenselijk en mogelijk. Het voormalige hoveniersbedrijf is gelegen in een gebied met voornamelijk woningbouw. De bestaande boerderij is gerealiseerd in de wederopbouwperiode en is kenmerkend voor deze tijd. Uitgangspunt is het behoud van de boerderij met de daarbij horende bebouwing. Het oorspronkelijke perceel wordt gesplitst in twee ruime kavels. Er is een stedenbouwkundig advies opgesteld. Zowel de bestaande boerderij als de nieuw te bouwen woning zijn goed stedenbouwkundig in te passen. De bouwregels en de vorm van het bouwvlak sluiten aan op de bebouwingsmogelijkheden in de directe omgeving. Het parkeren is voorzien op eigen terrein. 3.1 Er hoeft geen exploitatieplan te worden vastgesteld. In artikel 6.12, eerste lid, van de Wro is bepaald dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt voor gronden waarop een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bouwplan is voorgenomen.
In voorliggend bestemmingsplan worden geen mogelijkheden gegeven voor het realiseren van projecten en/of plannen zoals bedoeld in artikel 6.2.1 Bro, waardoor geen exploitatieverplichting in het kader van de Wro geldt.
Kanttekeningen Risico’s Communicatie/Vervolgtraject/Uitvoering Bestemmingsplan Het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan wordt bekendgemaakt op de gemeentepagina van het Contact, het digitale gemeenteblad, op de website van de gemeente, in de Staatscourant en op www.ruimtelijkeplannen.nl Na bekendmaking van de vaststelling van het bestemmingsplan kunnen belanghebbenden, die een zienswijze hebben ingediend en belanghebbenden die aannemelijk kunnen maken dat ze geen zienswijze konden indienen, gedurende zes weken beroep indienen. Na afloop van de beroepstermijn treedt het bestemmingsplan in werking, tenzij een verzoek om voorlopige voorziening is ingediend bij de Rechtbank.
Rapportage/evaluatie Financiën
6/192
3 van 5
De kosten voor de bestemmingsplanprocedure komen overeenkomstig de legesverordening voor rekening van de aanvrager. Eventuele planschade en kosten voor het inschakelen van een adviseur voor het beoordelen van een planschadeverzoek zijn eveneens voor rekening van de initiatiefnemer komen. Hiertoe is een planschadevergoedingsovereenkomst gesloten.
Bijlagen[b3] - Ingediende zienswijzen 1 t/m 4 (anoniem) - Zienswijzennota ontwerpbestemmingsplan ‘Kerkhofweg 10 Warnsveld’ - Kerkhofweg 10_Bijlagen regels - Kerkhofweg 10_Bijlagen toelichting - Kerkhofweg 10_Regels - Kerkhofweg 10_Toelichting - Kerkhofweg 10_verbeelding Stukken die ter inzage liggen -
7/192
4 van 5
ONTWERP BESLUIT Griffienummer:
De raad van de gemeente Zutphen, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van
met nummer
;
gelet op artikelen 3.1 en 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening en afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht besluit: 1 2
3
de zienswijzennota ontwerpbestemmingsplan ‘Kerkhofweg 10 Warnsveld’ vast te stellen; het bestemmingsplan ‘Kerkhofweg 10’ ten aanzien van de toelichting en de regels gewijzigd vast te stellen en de verbeelding ongewijzigd vast te stellen overeenkomstig de bij dit plan behorende toelichting, regels en verbeelding (NL.IMRO.0301.BP1301Kerkhofweg10-vs01); geen exploitatieplan vast te stellen.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zutphen, gehouden op:
De voorzitter,
de griffier,
8/192
5 van 5
9/192
10/192
11/192
12/192
13/192
14/192
15/192
16/192
Zienswijzennota ontwerpbestemmingsplan “Kerkhofweg 10 Warnsveld” Inleiding Van donderdag 24 september 2020 tot en met woensdag 4 november 2020 heeft het ontwerpbestemmingsplan “Kerkhofweg 10” voor een ieder ter inzage gelegen. Gedurende deze periode is een ieder in de gelegenheid gesteld een zienswijze op het plan kenbaar te maken aan de gemeenteraad. De ter inzage legging is bekend gemaakt door publicatie in het Contact, het elektronisch gemeenteblad en de Staatscourant van 23 september 2020. Gedurende de termijn zijn vier schriftelijke zienswijzen bij de gemeenteraad ingediend. Hieronder is de inhoud van de vier overeenkomende zienswijzen samengevat en zijn de zienswijzen beantwoord in één reactie. Inspreker 1. 2. 3. 4.
Datum 27 oktober 2020 28 oktober 2020 3 november 2020 3 november 2020
Ontvangen op
Zaaknummer
ONTVANKELIJKHEID De vier zienswijzen zijn binnen de termijn verzonden en ontvangen, waardoor ze allen ontvankelijk zijn. De inhoud van de vier zienswijzen is nagenoeg identiek Inhoud en beantwoording zienswijzen inspreker 1, 2 , 3 en 4 (identiek) Regionale woonagenda en Omgevingsverordening Gelderland Insprekers geven aan dat uit het ontwerpbestemmingsplan en de toelichting op het bestemmingsplan niet blijkt dat de gewenste realisatie van de nieuwe woning voldoet aan de regionale woonagenda van de Gedeputeerde Staten, ook wordt gesteld dat niet blijkt dat de nieuwe woning voldoet aan de voorwaarden uit de Omgevingsverordening Gelderland. Beantwoording De 8 gemeenten van de Cleantech Regio hebben gezamenlijk en in afstemming met de provincies Gelderland en Overijssel een Regionale Woonagenda 2018-2026 opgesteld. Deze Woonagenda is in november 2018 door de betrokken gemeenten vastgesteld en vervangt daarmee het vorige Afsprakenkader Woningbouwprogrammering Stedendriehoek 2015-2024. Uitgangspunt voor de Woonagenda is om recht te doen aan de variëteit aan kwaliteiten in de Cleantech regio. De Woonagenda past binnen de kaders van de koers van de provincie Gelderland zoals vastgelegd in ‘Ruimte voor goed wonen’. In de Woonagenda 2015 tot en met 2024 was voor de gemeente Zutphen een netto woningbouwaantal van 1.100 woningen vastgelegd.
Netto houdt in dat bij het woningbouwaantal al rekening is gehouden met sloop en administratieve onttrekkingen van woningen. In de nieuwe Woonagenda 2018 kan worden gebouwd binnen een maximale bandbreedte en is er meer aandacht voor maatwerk. Hierbij gaat het om wat is kwalitatief goed voor Zutphen is als het om bouwen en wonen gaat. Voor de gemeente Zutphen betekent dat op basis van de bevolkingsprognose (Primos 2016), actuele migratiecijfers en de noodzaak om de zwakke sociaal economische positie te versterken netto 225 woningen meer dan de vorige 1100 woningen mogen worden gebouwd. Het gaat in de Woonagenda 2018-2026 om maximaal 1325 woningen netto. Aan de hand van deze nieuwe maximale bandbreedte zijn keuzes gemaakt. De kwalitatieve afspraken in de nieuwe regionale woonagenda m.b.t. Sterke steden, Verduurzamen, Wonen en Zorg, maar ook beleidsmatige, ruimtelijke, juridische en financiële aspecten van onze lokale woningbouwplannen zijn integraal afgewogen. De ontwikkeling aan de Kerkhofweg 10 past binnen de gemaakte afspraken.
1 17/192
Ten aanzien van de Omgevingsverordening Gelderland zijn de regels van het onderwerp 'wonen' relevant. In de verordening wordt aangegeven dat nieuwe woonlocaties en de daar te bouwen woningen slechts zijn toegestaan wanneer dit past in het vigerende door Gedeputeerde Staten vastgestelde Kwalitatief Woonprogramma, successievelijk de door Gedeputeerde Staten vastgestelde kwantitatieve opgave wonen voor de betreffende regio. Er is bij de planvorming aan de Kerkhofweg 10 sprake van een ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied. Het initiatief voorziet in de realisatie van maximaal twee nieuwe woningen. Deze woningen vallen onder de harde plancapaciteit van de gemeente Zutphen. De woningen voorzien in de woningbehoefte in Zutphen. Het plan is in overeenstemming met de door Gedeputeerde Staten vastgestelde Woonagenda Cleantech regio 2018 en daarmee ook met de provinciale Omgevingsverordening. Ten behoeve van de duidelijkheid wordt dit tekstueel aangescherpt in de toelichting van het bestemmingsplan. Uitzicht Insprekers geven aan dat er vrees is voor verminderd uitzicht, dat in de huidige situatie sprake is van vrij uitzicht, dit doordat een gedeelte van het perceel Kerkhofweg 10 nu niet is bebouwd. Er wordt aangegeven dat de nieuw te bouwen woning een nokhoogte heeft van maximaal 9.20 meter wat het uitzicht volledig teniet doet.
Tevens wordt er een bijgebouw gesitueerd direct aan de achtertuinen, nagenoeg op de erfgrens van de percelen aan de Lange Garde. Dit zorgt volgens de insprekers voor schaduw in de achtertuinen. Beantwoording Het bouwvlak van de nieuw te realiseren woning is gesitueerd op tenminste 5 meter afstand van de percelen aan de Lange Garde. Aanvullend zijn er ook stedenbouwkundige uitgangspunten vastgelegd in het bestemmingsplan. Deze combinatie zorgt ervoor dat de woning niet aan de achterzijde van het bouwvlak, maar aan de voorzijde wordt georiënteerd. Voor wat betreft het onderwerp ‘uitzicht’ en ‘zonlicht’ kan worden opgemerkt dat ook vanuit de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is bepaald dat er, zeker in een stedelijk gebied, geen blijvend recht op een ongewijzigd uitzicht en zonlicht bestaat. In een dergelijke woonomgeving is het nooit uit te sluiten dat op enig moment bebouwing plaats vindt waardoor o.a. het uitzicht wordt veranderd. De gemeente is van mening dat in geen van de gevallen sprake is van een zodanige aantasting van het uitzicht, woongenot en de privacy dat dit onaanvaardbare gevolgen heeft voor de betreffende woon- en leefsituatie.
Hoewel het realiseren van de nieuwe vrijstaande woning een (beperkte) vermindering van privacy en uitzicht kan hebben, heeft het wegbestemmen van het bedrijfsperceel, met de bijbehorende milieueffecten, een positief effect op de omgeving. Mochten insprekers van mening blijven dat de vermindering van uitzicht een nadelig effect is, dan bestaat de mogelijkheid om een verzoek om een tegemoetkoming in planschade in te dienen. Een onafhankelijke schadebeoordelingscommissie beoordeelt of er sprake is van een planologisch nadeliger situatie die tot schadevergoeding kan leiden op grond waarvan het college een besluit neemt. Belangrijk om rekening mee te houden is dat bij planschade op grond van de wet een zogenoemd normaal maatschappelijk risico geldt. Dit betekent dat een deel van de planologische schade voor rekening van de benadeelde blijft. Op grond van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is dit in ieder geval 2% van de waarde van de woning voorafgaand aan de inwerkingtreding van het plan. Geluid Door insprekers wordt gesteld dat door het realiseren van een nieuwe woning op het perceel Kerkhofweg 10 sprake is van meer geluidsoverlast dan in de huidige situatie, dit doordat o.a. de tuin bij de nieuw te bouwen woning aan de achterzijde wordt gerealiseerd.
Beantwoording Door het opheffen van de bedrijfsfunctie op deze locatie is sprake van milieuwinst en daarmee gezondheidswinst voor de omgeving. Volgens het vigerende bestemmingsplan zijn er bedrijven met een milieucategorie 2 (o.a. autowasserij, groothandel of aannemer) toegestaan. Met het opheffen van
2 18/192
de bedrijfsfunctie is er sprake van een situatie waarin minder hinder (o.a. geluid, geur en verkeershinder) op de omgeving is. Er is daarmee ook sprake van een goed woon- en leefklimaat met de komst van twee woningen. Dat geldt voor de te realiseren woningen als ook voor de omliggende woningen. Hinder Door insprekers wordt gesteld dat er sprake is onrechtmatige hinder op grond van artikel 5:37 juncto 6:162 van het Burgerlijk Wetboek. Beantwoording De gemeente is van mening dat er geen sprake is van een zodanige aantasting van de betreffende woon-en leefsituaties van de percelen aan De Lange Garde dat er sprake is van onrechtmatige hinder op grond van artikel 5:37 juncto 6:162 van het Burgerlijk Wetboek. Het bestemmingsplan is opgesteld met inachtneming van de regels op grond van de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening. Waardedaling Woning Er wordt gesteld dat er na vaststelling van het bestemmingsplan sprake is van waardedaling van de woning(en) aan De Lange Garde, gelet op het waarde bepalend uitzicht dat in het geding is. Dit wordt gebaseerd op de grootte van het stuk grond waarop de tweede woning en het bijgebouw mogelijk wordt gerealiseerd en het gegeven deze nagenoeg grenzend is aan de tuin van de woningen aan de Lange Garde.
Beantwoording De gemeente is van mening dat in geen van de gevallen sprake is van een zodanige aantasting van het uitzicht, woongenot en de privacy dat dit onaanvaardbare gevolgen heeft voor de betreffende woon-en leefsituatie. Hoewel het realiseren van de nieuwe vrijstaande woning een (beperkte) vermindering van privacy en uitzicht kan hebben, heeft het wegbestemmen van het bedrijfsperceel, met de bijbehorende milieueffecten, juist een positief effect op de omgeving. Wanneer insprekers van mening blijven dat het effect nadelig is, dan bestaat de mogelijkheid om een verzoek om een tegemoetkoming in planschade in te dienen. Uitrit Door inspreker wordt aangegeven dat de gemeentegrond waarover de oprit wordt gerealiseerd naar de nieuw te bouwen woning geen algemeen toegankelijke ruimte meer is. Ook wordt verwacht dat een strook van de tuin van het perceel de Lange Garde 1, grenzend aan de garage op het perceel Lange Garde 1 minder toegankelijk wordt . Beantwoording De strook gemeentegrond waarover wordt gesproken is altijd in gebruik geweest als in- en uitrit naar het voormalige bedrijfsperceel, hier verandert in de nieuwe situatie niets aan. Het enige wat verandert is dat deze nu wordt gebruikt als in-en uitrit naar de nieuw te bouwen woning. De bereikbaarheid van de strook grond grenzend aan de garage blijft onveranderd.
Parkeren Insprekers geven aan dat door de realisering van een tweede woning er mogelijk sprake is van extra parkeerdruk en dat het onduidelijk is of de buurt hierop is ingericht. Beantwoording Het parkeren ten behoeve van de nieuw te realiseren woning wordt gesitueerd op eigen terrein, daarmee is er geen sprake van extra parkeerdruk op de directe omgeving. Dit is een algemeen geldend uitgangspunt dat ook op deze manier is afgesproken met initiatiefnemer en is vastgelegd.
Conclusie
3 19/192
Op grond van bovenstaande zienswijzen en bijbehorende beantwoording worden de zienswijzen niet overgenomen en geven deze geen aanleiding om het bestemmingsplan in de regels en op de verbeelding (het juridische plandeel) aan te passen. Alleen de toelichting wordt verduidelijkt.
Januari 2021 Team Ruimte, Economie en Duurzaamheid Zaaknummer: 160611
4 20/192
Bestemmingsplan Bijlagen Regels Kerkhofweg 10
21/192
Opdrachtgever:
Opdrachtnemer: Eelerwoude Onze vestigingen 088-1471100 info@eelerwoude.nl www.eelerwoude.nl
Projectgegevens:
Projectnummer: 9353 Datum: Projectleider: Opgesteld: Gecontroleerd: Status: vastgesteld Versie: 1 © 2021 Eelerwoude Dit rapport is enkelzijdig opgemaakt.
22/192
Inhoudsopgave Bijlagen regels Bijlage 1
5 Stedenbouwkundige schets
Kerkhofweg 10 | Eelerwoude | 3 23/192
6
Kerkhofweg 10 | Eelerwoude | 4 24/192
Bijlagen regels
Kerkhofweg 10 | Eelerwoude | 5 25/192
Bijlage 1 Stedenbouwkundige schets
Kerkhofweg 10 | Eelerwoude | 6 26/192
exact ontwerp nader te bepalen
Stedenbouwkundige schets
27/192
11
29/192 www.eelerwoude.nl
Bestemmingsplan Bijlagen Toelichting Kerkhofweg 10
30/192
Opdrachtgever:
Opdrachtnemer: Eelerwoude Onze vestigingen 088-1471100 info@eelerwoude.nl www.eelerwoude.nl
Projectgegevens:
Projectnummer: 9353 Datum: Projectleider: Opgesteld: Gecontroleerd: Status: vastgesteld Versie: 1 © 2021 Eelerwoude Dit rapport is enkelzijdig opgemaakt.
31/192
Inhoudsopgave Bijlagen toelichting
5
Bijlage 1
Bodemonderzoek
6
Bijlage 2
Stedenbouwkundig rapport
55
Bijlage 3
Akoestisch onderzoek
68
Kerkhofweg 10 | Eelerwoude | 3 32/192
Kerkhofweg 10 | Eelerwoude | 4 33/192
Bijlagen toelichting
Kerkhofweg 10 | Eelerwoude | 5 34/192
Bijlage 1 Bodemonderzoek
Kerkhofweg 10 | Eelerwoude | 6 35/192
36/192
INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING .........................................................................................................................................2 2 VOORONDERZOEK ............................................................................................................................3 2.1 Huidige en toekomstige situatie................................................................................................3 2.1.1 Gegevens locatie: ............................................................................................................. 3 2.2 Historische informatie en voorgaande bodemonderzoeken ....................................................4 2.3 Bodemopbouw en geohydrologie .............................................................................................4 2.3.1 Grondwateronttrekking.................................................................................................... 4 2.3.2 Bodemsamenstelling en geohydrologische situatie ......................................................... 4 2.3.3 Locatiegegevens ...............................................................................................................
4 2.4 Hypothese .................................................................................................................................5 3 ONDERZOEKSOPZET EN UITGEVOERDE WERKZAAMHEDEN ............................................................6 3.1 Onderzoeksopzet.......................................................................................................................6 3.2 Veldonderzoek...........................................................................................................................6 3.3 Chemisch onderzoek .................................................................................................................7 4 ONDERZOEKSRESULTATEN ...............................................................................................................8 4.1 Globale bodemopbouw .............................................................................................................8 4.2 Zintuiglijke waarnemingen ........................................................................................................8 4.3 Veldmetingen ............................................................................................................................8 4.4 Waarnemingen in het kader van aanwezigheid van asbest ......................................................9 4.5 Toetsingskader
..........................................................................................................................9 4.5.1 Wet bodembescherming .................................................................................................. 9 4.5.2 Besluit bodemkwaliteit................................................................................................... 10 4.6 Analyseresultaten grond ........................................................................................................ 11 4.7 Werkplaats ............................................................................................................................. 11 4.8 Overig terrein ......................................................................................................................... 11 4.9 Toetsing hypothese ................................................................................................................ 11 5 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ................................................................................................. 12 5.1 Conclusies ............................................................................................................................... 12 5.1.1 Werkplaats......................................................................................................................
12 5.1.2 Overig terrein ................................................................................................................. 12 5.2 Algemeen................................................................................................................................ 12 Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3: Bijlage 4: Bijlage 5: Bijlage 6: Bijlage 7:
Ligging onderzoekslocatie Boorstaten en zintuiglijke waarnemingen Analyseresultaten Toetsingstabellen Situering monsterpunten Checklist vooronderzoek Historische informatie
Rapportnummer: 215120KW11
37/192
1
1 INLEIDING In opdracht van de heer B. Klooken is door De Klinker Milieu een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd conform de NEN 5740 op de locatie Kerkhofweg 10 te Warnsveld. Het perceel is kadastraal bekend als: • gemeente Warnsveld; • sectie L; • perceelsnummer 1787. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van 4.123 m2. In bijlage 1 is de regionale ligging opgenomen en bijlage 5 voor een overzicht van de onderzoekslocatie. De aanleiding tot het bodemonderzoek wordt gevormd door bedrijfsovername. Doel van het bodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de locatie en nagaan of er mogelijke gebruiksbeperkingen bestaan in relatie tot het beoogde gebruik. Het door De Klinker Milieu gehanteerde kwaliteitssysteem en de toepassing daarvan voldoet aan NEN-EN-ISO 9001 (2008). De Klinker Milieu of andere gelieerde bedrijfsonderdelen is geen eigenaar van de onderzoekslocatie. In voorliggende rapportage wordt een overzicht gegeven van de resultaten van het uitgevoerde verkennend bodemonderzoek. In hoofdstuk 2 worden de tijdens het vooronderzoek verzamelde informatie, de globale bodemopbouw, de geohydrologische gegevens en de hypotheses weergegeven. Hoofdstuk 3 presenteert de onderzoeksopzet en de uitgevoerde werkzaamheden. Vervolgens worden de onderzoeksresultaten weergegeven in hoofdstuk 4.
Tot slot worden de conclusies en aanbevelingen gepresenteerd in hoofdstuk 5.
Rapportnummer: 215120KW11
38/192
2
2 VOORONDERZOEK Onderstaand wordt de informatie gepresenteerd die tijdens uitvoering van het vooronderzoek is verzameld. Ten behoeve van het vooronderzoek is de informatie verzameld op “Basisniveau”. De gegevens met betrekking tot het vooronderzoek zijn verkregen middels: • Terreinbezoek 20 oktober 2015; • Dinoloket (TNO); • Informatie gemeente Zutphen (de heer N. ten Bokkel, 29 oktober 2015); • Bodematlas provincie Gelderland (Atlas Gelderland) (zie bijlage 7); • Topografische kaart; • Kadaster. In bijlage 6 is de checklist met betrekking tot het vooronderzoek opgenomen. 2.1
Huidige en toekomstige situatie
2.1.1 Gegevens locatie: Onderzoekslocatie: Kadastrale omschrijving Kadastrale gemeente: Sectie: Nummer: X-coördinaat: Y-coördinaat:
Kerkhofweg 10 te Warnsveld Wonen (agrarisch) erf - tuin Warnsveld L 1787 213398 460369
De onderzoekslocatie betreft een terreindeel ten oosten van Warnsveld. Het terrein is deels in gebruik voor het hoveniersbedrijf en deels privé (als woning en tuin). Met betrekking tot het hoveniersbedrijf vinden de werkzaamheden voornamelijk plaats bij klanten. Op de locatie vindt hoofdzakelijk opslag plaats. Tevens is in de voormalige koeienschuur een werkplaats ingericht voor het klein onderhoud van eigen machines. De werkplaats is voorzien van een betonvloer. Hier bevindt zich ook de opslagruimte voor chemicaliën (in afgesloten kast) en olie/vetten (boven lekbak). Achter op het terrein is een kapschuur voor de stalling van machines. Het geheel maakt een opgeruimde indruk. De omgeving van de locatie wordt gekarakteriseerd door woningen. Ten zuiden van de locatie ligt de Kerkhofweg. De locatie is voor zover bekend niet opgehoogd. De locatie is deels verhard met tegels en klinkers. Voorafgaand aan de veldwerkzaamheden is een Klic-melding uitgevoerd. Op de onderzoekslocatie zijn de onderstaande kabels en leidingen aanwezig: • laagspanning • water • gas;
Rapportnummer: 215120KW11
39/192
3
• •
telefoon; datatransport.
2.2 Historische informatie en voorgaande bodemonderzoeken Bij de gemeente Zutphen zijn van de locatie geen historische gegevens beschikbaar. Uit Atlas Gelderland blijkt dat aan de Kerkhofweg 27 in het verleden een stortplaats aanwezig is geweest. Deze stortplaats is gesaneerd in 2011 (zie bijlage 7). 2.3 Bodemopbouw en geohydrologie In deze paragraaf wordt informatie gepresenteerd over eventuele grondwater onttrekkingen op en in de directe omgeving van de onderzoekslocatie en de bodemopbouw en geohydrologie in de regio van de onderzoekslocatie. 2.3.1 Grondwateronttrekking In de directe omgeving van de onderzoekslocatie bevinden zich geen geregistreerde grondwateronttrekkingpunten (bron: Atlas Gelderland): 2.3.2 Bodemsamenstelling en geohydrologische situatie Als uitgangspunt voor de bodemsamenstelling en de geohydrologische situatie is boring B27D0099 van het Dinoloket gekozen. Deze boring is in de nabijheid van de locatie uitgevoerd. De bodemopbouw laat zich globaal als volgt beschrijven:
De globale grondwaterstroming is westelijk. De grondwaterstromingsrichting is tevens weergegeven in bijlage 5. 2.3.3 Locatiegegevens Op de locatie is geen oppervlaktewater aanwezig. De onderzoekslocatie is niet gesitueerd in een grondwaterbeschermingsgebied.
Rapportnummer: 215120KW11
40/192
4
2.4 Hypothese Met betrekking tot de onderzoekslocatie wordt één verdachte locatie geselecteerd, het betreft de werkplaats inclusief opslag van chemicaliën en olie (50 m2). Deze deellocatie is verdacht verontreinigd te zijn met diverse stoffen. Voor de overige onderzoekslocatie wordt de hypothese “onverdachte locatie” gehanteerd. Deze hypothese is gekozen omdat er thans geen aanwijzingen zijn die duiden op de (voormalige) aanwezigheid van één of meerdere verontreinigingsbronnen. Tevens is de gekozen onderzoeksopzet, uit milieuhygiënisch oogpunt én bij het niet aantreffen van verontreiniging, voldoende intensief voor het afgeven van een “verklaring van geen bezwaar” ten behoeve van een omgevingsvergunning. Indien in de geanalyseerde monsters geen van de onderzochte stoffen aanwezig zijn in een concentratie boven de streefwaarde uit de “Circulaire bodemsanering 2013” (Staatscourant 16675, 27 juni 2013) en of de achtergrondwaarden uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage 4, Staatscourant 247, 20 december 2007 en de wijzigingen hierop) wordt de hypothese ‘onverdachte locatie’ aangenomen.
Rapportnummer: 215120KW11
41/192
5
3
ONDERZOEKSOPZET EN UITGEVOERDE WERKZAAMHEDEN
3.1 Onderzoeksopzet De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van 4.123 m2. Het aantal boringen per laag, het aantal peilbuizen en het aantal te analyseren grond- en grondwatermonsters is omschreven in NEN 5740 en is afhankelijk van de verdachtheid en de oppervlakte van de locatie. In tabel 3.1. worden de uit te voeren veld- en laboratorium werkzaamheden weergegeven. Tabel 3.1: Uit te voeren veld- en laboratoriumwerkzaamheden Locatie
Aantal boringen
Aantal Analyses grond peilbuizen
Werkplaats
2 boringen tot 1,5 m-mv 1 (rondom het pand)
1
2
1x standaard pakket grond (meest verdachte bodemlaag)
1x standaard pakket grondwater
Overig terrein
11 boringen tot 0,5 m-mv, en
-
1x standaard pakket grond (laag 0,0-0,5 m-mv) 1x standaard pakket grond (laag 0,5-2,0 m-mv)
-
4 boringen tot 2,0 m-mv
Analyses grondwater
De opgeboorde grond wordt in trajecten van maximaal 50 cm bemonsterd, of anders afhankelijk van de veldwaarnemingen en bodemlagen. 3.2 Veldonderzoek In tabel 3.2 worden de verrichte veldwerkzaamheden weergegeven. Tabel 3.2: Verrichte veldwerkzaamheden Locatie
Aantal boringen (excl. peilbuizen)
Aantal peilbuizen
Werkplaats
2 boringen tot 1,5 m-mv (2 en 3)
1 peilbuis (PB1, filterstelling 3,0-4,0 m-mv)
Overig terrein
11 boringen tot 0,5 m-mv (8 t/m 18) 4 boringen tot 2,0 m-mv (4 t/m 7)
-
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 3 november 2015 (boorwerkzaamheden) door de heer W. Lichtenberg en 10 november 2015 (monsterneming grondwater) door de heer W. Jeurissen. Zowel De Klinker Milieu als de heren Lichtenberg en Jeurissen zijn erkend voor het uitvoeren van deze werkzaamheden. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd conform de normen van het Nederlands Normalisatie Instituut. Tevens is gewerkt conform de Beoordelingsrichtlijnen "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek" (BRL-SIKB 2000) en de daarbij behorende VKB-protocollen 2001 en 2002. Tijdens het uitvoeren van het veldwerk is de grond zintuiglijk beoordeeld op de aanwezigheid van verontreinigingen en is het opgeboorde materiaal gekarakteriseerd en vastgelegd in boorbeschrijvingen. Bij het zintuiglijk beoordelen wordt door middel van geur en aanblik van de opgeboorde grond een eerste indruk verkregen. Verder wordt door middel van de "olie-op-water"proef een indicatie verkregen omtrent de aanwezigheid van olie-achtige verontreinigingen. De zintuiglijke waarnemingen en boorprofielen zijn vermeld in bijlage 2.
1 2
De vloer van de werkplaats bestaat uit beton, derhalve worden de boringen buiten geplaatst. Het grondwater ter plaatse van de werkplaats wordt als representatief voor het gehele terrein beschouwd.
Rapportnummer: 215120KW11
42/192
6
3.3 Chemisch onderzoek De geanalyseerde (meng)monsters en hun samenstelling staan weergegeven in tabel 3.3. Tabel 3.3: Geanalyseerde (meng)monsters en hun samenstelling Deellocatie Monster Samenstelling
Traject (m-mv)
Analyse
Werkplaats
MM01
G
1-2, 2-2, 3-2
0,5-1,0
Standaard pakket grond
Overig terrein
BG01
G
4-1, 5-1, 8-1, 9-1, 10-1, 11-1, 12-1, 13-1
0-0,5
Standaard pakket grond
BG02
G
6-1, 7-1, 14-1, 15-1, 16-1, 17-1, 18-1
0-0,5
Standaard pakket grond
OG01
G
4-2, 4-4, 5-3, 5-4, 6-2, 6-4, 7-2, 7-4
0,5-2,0
Standaard pakket grond
PB1
W
1-1-1
3,0-4,0
Standaard pakket grondwater
G=grond W=grondwater
Het samenstellen van de mengmonsters en de grond- en grondwateranalyses is uitgevoerd door Eurofins Analytico Milieu te Barneveld (Raad voor de Accreditatie (RvA)- erkend laboratorium (NENEN-ISO/IEC 17025). Tevens is Eurofins Analytico Milieu ISO 14001 (2004) gecertificeerd en AS 3000 erkend. In de onderstaande tabel worden de samenstelling van de standaard analysepakketten weergegeven Tabel 3.4: Samenstelling standaard analysepakketten. Grond
Grondwater
metalen: Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni, Zn
*
*
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (PAK (10 van VROM))
*
PCB (7)
*
minerale olie
*
*
vluchtige aromaten, incl. naftaleen en styreen
*
vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen (incl. vinylchloride, chloorpropanen en bromoform)
*
geleidbaarheid, pH en troebelheid
*
Rapportnummer: 215120KW11
43/192
7
4
ONDERZOEKSRESULTATEN
4.1 Globale bodemopbouw Een globale beschrijving van de bodemopbouw is opgenomen onderstaande tabel. Tabel 4.1: Lokale bodemopbouw Diepte [m-mv]
Bodemsamenstelling
Opmerkingen
0,0 – 1,5 1,5 – 4,0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker of licht bruin Zand, matig grof, matig siltig, roestbruin
plaatselijk matig roesthoudend
4.2 Zintuiglijke waarnemingen De tijdens de veldwerkzaamheden waargenomen zintuiglijke afwijkingen in de bodem zijn weergegeven in tabel 4.2. Tabel 4.2: Zintuiglijke afwijkingen Boring
Traject (m-mv)
Zintuiglijke afwijking
4
0,6-0,15
Volledig puin (fundatie)
8
0,6-0,15
Volledig puin (fundatie)
4.3 Veldmetingen Bij bemonstering van het grondwater uit de peilbuizen is de grondwaterstand, de zuurgraad (pH), geleidbaarheid en de troebelheid gemeten. De meetresultaten zijn opgenomen in tabel 4.3. Tabel 4.3: Grondwaterstand, zuurgraad, geleidbaarheid en de troebelheid grondwater Peilbuis
Plaatsingsdatum
Bemonsteringsdatum
Filterstelling (m-mv)
1
3-11-2015
10-11-2015
3,0-4,0
Grondwaterstand Zuurgraad (m-mv) pH 2,61
6,8
Geleidbaarheid EGV (µS/cm)
Troebelheid (ntu)
243
13,1
De troebelheid van het grondwater is hoger dan 10 NTU. Een hoge troebelheid kan invloed hebben op de analyseresultaten. Geen van de overige gemeten waarden wijkt duidelijk af van de waarde, welke gezien de natuurlijke omstandigheden verwacht kan worden.
Rapportnummer: 215120KW11
44/192
8
4.4 Waarnemingen in het kader van aanwezigheid van asbest Ten tijde van het veldonderzoek heeft een visuele beoordeling van asbest in de bodem plaatsgevonden. In de bodem is geen ‘asbestverdacht’ materiaal aangetroffen. Opgemerkt dient te worden dat er geen verkennend asbestonderzoek conform NEN-5707 “Monsterneming en analyse van asbest in bodem” of NEN-5897 “Monsterneming en analyse van asbest in bouw- en sloopafval en puingranulaat” heeft plaatsgevonden. 4.5 Toetsingskader De analyseresultaten van de onderzochte monsters worden vergeleken met de waarden van de toetsingstabel uit de circulaire “Circulaire bodemsanering 2013” (Staatscourant 16675, 27 juni 2013) en achtergrondwaarden en maximale waarden uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage 4, Staatscourant 247, 20 december 2007 en de wijzigingen hierop). De toetsing van de analyseresultaten vindt plaats conform de, door het Rijk beschikbaar gestelde Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa). 4.5.1 Wet bodembescherming De in deze tabel genoemde toetsingswaarden hebben de volgende betekenis: achtergrond-/streefwaarde 4 tussenwaarde
3
interventiewaarde
= =
=
referentiewaarde referentiewaarde voor nader onderzoek grond: 1/2(AW+I-waarde) grondwater: 1/2(S+I-waarde) toetsingswaarde voor sanering of saneringsonderzoek
De achtergrond-, tussen- en interventiewaarden voor een aantal stoffen in de bodemmonsters zijn afhankelijk van het gehalte aan organische stof en lutum. Deze gehalten zijn in het laboratorium bepaald en verwerkt in de toetsingstabel (zie bijlage 3 voor de analyseresultaten en bijlage 4 voor de toetsing). Voor de beoordeling van de verontreinigingssituatie wordt behalve met de toetsingstabel, ook rekening gehouden met de zintuiglijke waarnemingen en eventueel met het gebruik van de bodem. Bij de beoordeling worden de volgende termen toegepast: kleiner dan de achtergrond-/streefwaarde tussen achtergrondwaarde en tussenwaarde tussen tussenwaarde en interventiewaarde groter dan de interventiewaarde
= = = =
niet verontreinigd licht verontreinigd matig verontreinigd sterk verontreinigd
De locatie wordt als verontreinigd beschouwd, indien in een (meng)monster stoffen aanwezig zijn in een concentratie hoger dan de achtergrondwaarde. Overschrijding van de tussenwaarde houdt in dat er een vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat en dat een nader onderzoek moet worden uitgevoerd. Als voor tenminste één stof de gemiddelde concentratie van minimaal 25 m3 grond of 100 m3 grondwater hoger is dan de interventiewaarde is het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bevestigd.
3 4
Voor grond wordt de achtergrondwaarde en voor grondwater wordt de streefwaarde als referentiewaarde gehanteerd. De term tussenwaarde is niet meer in de wet verankerd maar wordt landelijk nog wel op deze wijze gebruikt.
Rapportnummer: 215120KW11
45/192
9
Het bovenstaande toetsingskader is alleen van toepassing voor “bestaande” gevallen van bodemverontreiniging (ontstaan voor 1987). Recente gevallen van bodemverontreinigingen vallen onder de “zorgplicht”. De aantasting van de bodem dient dan gesaneerd te worden of de aantasting en de directe gevolgen daarvan dienen beperkt en zoveel mogelijk ongedaan gemaakt te worden. Dit staat los van de ernst en urgentie van de verontreiniging. 4.5.2 Besluit bodemkwaliteit Voor het toetsen van de kwaliteit van grond en baggerspecie aan de verschillende normen van het Besluit en voor het indelen van de (water)bodem in kwaliteitsklassen kent het Besluit als uitgangspunt dat de rekenkundige gemiddelden moeten voldoen aan de gestelde maximale waarden. Deze maximale waarden zijn landelijk (generiek) vastgesteld. Daarnaast mogen gemeenten gebiedsspecifieke maximale waarden hanteren. Deze dienen te worden vastgelegd in een bodembeheernota. Bij de toetsing geldt een rekenregel voor het standaardiseren van de gemeten concentraties met de daadwerkelijk gemeten concentraties lutum en organische stof. Daarnaast zijn er twee bijzondere toetsingsregels: voor de achtergrondwaarde en voor de indeling in de bodemkwaliteitsklasse wonen. Bij de beoordeling worden de volgende termen toegepast: (a)
Kleiner dan de achtergrondwaarde (b) Kleiner dan maximale waarde wonen Kleiner dan maximale waarde industrie (a)
(b)
= = =
Bodemkwaliteitsklasse Achtergrondwaarde Wonen Industrie
De kwaliteit van de grond en baggerspecie overschrijdt niet de achtergrondwaarde als bij meting van X stoffen in de grond of baggerspecie het rekenkundige gemiddelde van maximaal Y stoffen verhoogd zijn ten opzichte van de achtergrondwaarde. De verhoging mag per stof maximaal 2x de achtergrondwaarde voor die stof bedragen, waarbij voor alle stoffen geldt dat de verhoogde gehalten kleiner zijn dan of gelijk zijn aan de maximale waarde voor kwaliteitsklasse wonen van de betreffende stof. X
2
7
16
27
37
Y
1
2
3
4
5
De kwaliteit van de bodem overschrijdt niet de maximale waarde voor de kwaliteitsklasse wonen wanneer bij meting van X stoffen maximaal Y stoffen verhoogd zijn ten opzichte van de maximale waarde voor kwaliteitsklasse wonen. De verhoging mag per stof ten hoogste de maximale waarde voor de kwaliteitsklasse wonen vermeerderd met de achtergrondwaarde voor die stof bedragen, waarbij voor alle stoffen geldt dat de gehalten van de gemeten stoffen kleiner zijn dan of gelijk zijn aan de maximale waarde voor kwaliteitsklasse industrie van de betreffende stof. X
7
16
27
37
Y
2
3
4
5
Rapportnummer: 215120KW11
46/192
10
4.6 Analyseresultaten grond In tabel 4.4 zijn de analyseresultaten van de grond en grondwater weergegeven en wordt per analysemonster het eindoordeel met betrekking tot de Wet bodembescherming en een indicatieve toetsing ten aanzien van het Besluit Bodemkwaliteit weergegeven. De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 4, de toetsingsresultaten in bijlage 5. Tabel 4.4: Analyseresultaten Monster (traject)
Toetsing Wbb Beoordeling
Kritieke parameter
Toetsing Bbk Beoordeling
Grond MM01 (0,5-1,0 m-mv)
-
Achtergrondwaarde
BG01 (0-0,5 m-m)
-
Achtergrondwaarde
BG02 (0-0,5 m-mv)
+
PAK (10 van VROM)
Wonen
OG01 (0,5-2,0 m-mv)
+
PCB
Wonen Grondwater
1-1-1 (3,0-4,0 m-mv)
-
-
n.v.t.
+ ++ +++
< Achtergrond-/streefwaarde > Achtergrond-/streefwaarde > Tussenwaarde > Interventiewaarde
4.7 Werkplaats Uit de analyseresultaten blijkt het volgende: • In het grondmengmonster MM01 is geen van de onderzochte componenten aangetroffen in een concenratie boven de achtergrondwaarde; • In het grondwatermonster PB01 is geen van de onderzochte componenten aangetroffen in een concentratie boven de streefwaarde of de detectiegrens. 4.8
Overig terrein • In het grondmengmonster BG01 is geen van de onderzochte componenten aangetroffen in een concenratie boven de achtergrondwaarde; • het grondmengmonster BG02 is licht verontreinigd met PAK (10 van VROM); • het grondmengmonster OG01 is licht verontreinigd met PCB.
4.9 Toetsing hypothese Werkplaats Door het niet aantreffen van verontreinigende stoffen in het mengmonster MM01 en het grondwatermonster PB01 kan de hypothese ‘verdachte locatie’ verworpen worden. Overig terrein Door de aangetroffen lichte verontreinigingen in de grond (BG02 en OG01 dient de hypothese ‘onverdachte locatie’ verworpen te worden. De aangetroffen gehalten zijn van dien aard dat de onderzoeksinspanning niet hoeft te worden herzien.
Rapportnummer: 215120KW11
47/192
11
5
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
In opdracht van de heer B. Klooken is door De Klinker Milieu een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd conform de NEN 5740 op de locatie Kerkhofweg 10 te Warnsveld. De aanleiding tot het bodemonderzoek wordt gevormd door bedrijfsovername. Doel van het bodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de locatie en nagaan of er mogelijke gebruiksbeperkingen bestaan in relatie tot het beoogde gebruik. 5.1
Conclusies
5.1.1 Werkplaats Uit de resultaten kan het volgende geconcludeerd worden: • In de bodem zijn zintuiglijke geen afwijkingen waargenomen welke wijzen op verontreiniging van de bodem ter plaatse van de werkplaats; • in zowel de bovengrond als het grondwater zijn geen verhoogde concentraties aangetroffen; • de hypothese ‘verdachte locatie’ kan verworpen te worden, echter de onderzoeksinspanning hoeft niet aangepast te worden. 5.1.2 Overig terrein Uit de resultaten kan het volgende geconcludeerd worden: • de bodem op de locatie bevat plaatselijk onder de klinkerverharding een puinlaag (fundatie); • in de bovengrond van het bedrijfsterrein (BG01) zijn geen verhoogde concentraties aangetroffen. De bodemkwaliteit voldoet indicatief aan de achtergrondwaarde; • de bovengrond van het privé-terrein (BG02) is licht verontreinigd met PAK (10 van VROM). De bodemkwaliteit voldoet indicatief aan de maximale waarde wonen; • de ondergrond van het gehele terrein is licht verontreinigd met PCB. De bodemkwaliteit voldoet indicatief aan de maximale waarde wonen; • de hypothese ‘onverdachte locatie’ dient verworpen te worden, echter de onderzoeksinspanning hoeft niet aangepast te worden. Het terrein is ons inziens op basis van de milieuhygiënische kwaliteit geschikt voor het voorgenomen gebruik.
5.2 Algemeen Ten behoeve van de verwerking van vrijkomende grond buiten de onderzoekslocatie wordt verwezen naar de uitgangspunten van het Besluit Bodemkwaliteit (Bbk). De conclusies hebben uitsluitend betrekking op de geselecteerde deellocaties en de geanalyseerde componenten. Gezien het verkennende karakter van dit onderzoek is het, ondanks de zorgvuldigheid waarmee het is uitgevoerd, altijd mogelijk dat eventueel lokaal voorkomende verontreinigingen niet zijn ontdekt.
Rapportnummer: 215120KW11
48/192
12
BIJLAGE 1: LIGGING ONDERZOEKSLOCATIE
Rapportnummer: 215120KW11
49/192
BIJLAGE 2: BOORSTATEN EN ZINTUIGLIJKE WAARNEMINGEN
Rapportnummer: 215120KW11
50/192
Boring:
1
Lichtenberg
Boring: 0
0
tuin Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
0 -7
klinker Klinkers Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
1
1
-50
50
2
Lichtenberg
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
50
2
2
100
100
3
3
-150
150
Zand, matig grof, zwak siltig, matig roesthoudend, neutraal bruinroest
150
-150
4
200
250
-250
Zand, matig grof, matig siltig, licht bruingrijs
300
350
400
-400
51/192 Projectnummer: 215120KW11
Pagina 1 / 9
Boring:
3
Lichtenberg
Boring: 0
0
klinker Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin
4
Lichtenberg
-8
klinker Klinkers
-15
Volledig puin
0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
1 1 -50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin 2
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraal bruingrijs 2
-100
100
-50
50
Zand, matig grof, zwak siltig, licht bruinbeige
100 3 -125
3
Zand, matig fijn, sterk siltig, sterk leemhoudend, sterk roesthoudend, neutraal bruinroest
4 150
-150
150
-155
Zand, matig grof, zwak siltig, licht bruinroest 5
200
52/192 Projectnummer: 215120KW11
-200
Pagina 2 / 9
Boring:
5
Lichtenberg
Boring: 0
0
gazon Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
0
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
-50
50
6
Lichtenberg
0
Zand, matig grof, matig siltig, lichtbruin
50 2
2
-80
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin 100
100 3
3 4 150
4
200
-150
150
Zand, matig grof, matig siltig, licht bruingrijs 5
-200
200
53/192 Projectnummer: 215120KW11
-200
Pagina 3 / 9
Boring:
7
Lichtenberg
Boring: 0
0
tuin Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
8
Lichtenberg
-7
klinker Klinkers
-15
Volledig puin
0
0
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin
1 1 -50
50
Zand, matig grof, zwak siltig, lichtbruin
50
-50
2
100
3
-150
150
Zand, matig fijn, sterk siltig, zwak leemhoudend, matig roesthoudend, neutraal bruinroest 4
200
-200
54/192 Projectnummer: 215120KW11
Pagina 4 / 9
Boring:
9
Lichtenberg
Boring: 0
0
-7
klinker Klinkers
10
Lichtenberg
0
0
-7
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
Zand, matig grof, zwak siltig, lichtbruin
1
50
klinker Klinkers
1
-50
50
55/192 Projectnummer: 215120KW11
-50
Pagina 5 / 9
Boring:
11
Lichtenberg
Boring: 0
0
-7
klinker Klinkers
12
Lichtenberg
0
0
-7
Zand, matig grof, zwak siltig, lichtbruin
Zand, matig grof, matig siltig, neutraal grijsbruin
1
50
klinker Klinkers
1
-50
50
56/192 Projectnummer: 215120KW11
-50
Pagina 6 / 9
Boring:
13
Lichtenberg
Boring: 0
0
erf Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
50
14
Lichtenberg
0
0
moestuin Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
-50
50
57/192 Projectnummer: 215120KW11
-50
Pagina 7 / 9
Boring:
15
Lichtenberg
Boring: 0
0
moestuin Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
50
16
Lichtenberg
0
0
moestuin Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
-50
50
58/192 Projectnummer: 215120KW11
-50
Pagina 8 / 9
Boring:
17
Lichtenberg
Boring: 0
0 1
tuin Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
-25
50
-50
50
59/192 Projectnummer: 215120KW11
0
tuin Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
2
18
Lichtenberg
0
-50
Pagina 9 / 9
Legenda (conform NEN 5104) grind
klei
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
Grind, zwak zandig
Klei, matig siltig
geen geur zwakke geur matige geur sterke geur
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10 Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
>10000
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
monsters geroerd monster
Zand, uiterst siltig
overige toevoegingen zwak humeus
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
ongeroerd monster volumering
overig bijzonder bestanddeel
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting
grind afdichting
filter
60/192
BIJLAGE 3: ANALYSERESULTATEN
Rapportnummer: 215120KW11
61/192
De Klinker Milieu B.V. T.a.v. W. Wilbrink Postbus 566 7200 AN ZUTPHEN
Analysecertificaat Datum: 09-Nov-2015
Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen
2015123677/1 215120KW11 Kerkhofweg 10 Warnsveld 03-Nov-2015
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De analyse resultaten hebben alleen betrekking op het beproefde object. De grondmonsters worden tot 4 weken na datum ontvangst bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 werkdag voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.
Bewaren tot: Datum:
Naam:
Handtekening:
Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.
Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.
Ing. A. Veldhuizen Technical Manager
Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Fax +31 (0)34 242 63 99 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 E-mail info-env@eurofins.nl KvK No. 09088623 Site www.eurofins.nl IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A
62/192
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer
215120KW11 Kerkhofweg 10 Warnsveld
Monsternemer Monstermatrix
Lichtenberg Grond; Grond (AS3000)
Certificaatnummer/Versie Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina
1
2
3
4
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
Uitgevoerd
91.0
89.1
91.5
88.8
Eenheid
Analyse
2015123677/1 03-Nov-2015 09-Nov-2015/09:30 A,B,C 1/2
Voorbehandeling
Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses
S
Droge stof
% (m/m)
S
Organische stof
% (m/m) ds
0.9
2.2
0.9
0.8
Q
Gloeirest
% (m/m) ds
98.7
97.8
99.0
99.0
S
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
6.1
<2.0
2.6
3.2
Metalen
S
Barium (Ba)
mg/kg ds
<20
22
<20
<20
S
Cadmium (Cd)
mg/kg ds
<0.20
<0.20
<0.20
<0.20
S
Kobalt (Co)
mg/kg ds
<3.0
<3.0
<3.0
<3.0
S
Koper (Cu)
mg/kg ds
<5.0
8.0
14
<5.0
S
Kwik (Hg)
mg/kg ds
0.057
0.062
<0.050
<0.050
S
Molybdeen (Mo)
mg/kg ds
<1.5
<1.5
<1.5
<1.5
S
Nikkel (Ni)
mg/kg ds
5.1
7.0
5.0
6.7
S
Lood (Pb)
mg/kg ds
14
26
<10
<10
S
Zink (Zn)
mg/kg ds
25
36
22
<20
Minerale olie (C10-C12)
mg/kg ds
<3.0
<3.0
<3.0
<3.0
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
<5.0
<5.0
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
5.2
<5.0
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg ds
<11
<11
<11
<11
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg ds
5.4
9.6
<5.0
<5.0
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg ds
<6.0
<6.0
<6.0
<6.0
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg ds
<35
<35
<35
<35
Minerale olie
S
Polychloorbifenylen, PCB
S
PCB 28
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 52
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 101
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB 118
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
Nr. Monsteromschrijving
Datum monstername
Monster nr.
1
BG01
03-Nov-2015
8784345
2
BG02
03-Nov-2015
8784346
3
MM01
03-Nov-2015
8784347
4
OG01
03-Nov-2015
8784348
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende verrichting S: AS 3000 erkende verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
63/192
TESTEN RvA L010
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer
215120KW11 Kerkhofweg 10 Warnsveld
Monsternemer Monstermatrix
Lichtenberg Grond; Grond (AS3000)
Certificaatnummer/Versie Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina
2015123677/1 03-Nov-2015 09-Nov-2015/09:30 A,B,C 2/2
Analyse
Eenheid
1
2
3
4
S
PCB 138
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
0.0010
S
PCB 153
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
0.0010
S
PCB 180
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
<0.0010
<0.0010
S
PCB (som 7) (factor 0,7)
mg/kg ds
0.0049
1)
0.0049
1)
0.0049
1)
0.0055
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK
S
Naftaleen
mg/kg ds
<0.050
S
Fenanthreen
mg/kg ds
<0.050
S
Anthraceen
mg/kg ds
<0.050
S
Fluorantheen
mg/kg ds
0.22
S
Benzo(a)anthraceen
mg/kg ds
0.12
S
Chryseen
mg/kg ds
0.12
S
Benzo(k)fluorantheen
mg/kg ds
0.062
S
Benzo(a)pyreen
mg/kg ds
0.12
S
Benzo(ghi)peryleen
mg/kg ds
0.091
S
Indeno(123-cd)pyreen
mg/kg ds
S
PAK VROM (10) (factor 0,7)
mg/kg ds
<0.050
<0.050
<0.050
0.13
0.071
<0.050
0.064
<0.050
<0.050
0.34
0.25
<0.050
0.18
0.12
<0.050
0.22
0.12
<0.050
0.11
0.064
<0.050
0.21
0.12
<0.050
0.18
0.097
<0.050
0.10
0.21
0.11
<0.050
0.94
1.7
1.0
0.35
1)
Nr. Monsteromschrijving
Datum monstername
1
BG01
03-Nov-2015
8784345
2
BG02
03-Nov-2015
8784346
3
MM01
03-Nov-2015
8784347
4
OG01
03-Nov-2015
8784348
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende verrichting S: AS 3000 erkende verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
64/192
Monster nr.
Akkoord Pr.coörd.
VA TESTEN RvA L010
Bijlage (A) met deelmonsterinformatie behorende bij analysecertificaat 2015123677/1 Pagina 1/1 Monster nr.
Boornr
Omschrijving
Van
Tot
Barcode
8784345
12
1
7
50
0532569800
8784345
13
1
0
50
0532569802
8784345
4
1
15
50
0532569754
8784345
5
1
0
50
0532569788
8784345
8
1
15
50
0532569799
8784345
9
1
7
50
0532569798
8784345
10
1
7
50
0532569801
8784345
11
1
7
50
0532569794
8784346
14
1
0
50
0532569789
8784346
15
1
0
50
0532569767
8784346
16
1
0
50
0532569770
8784346
17
1
0
25
0532569769
8784346
18
1
0
50
0532569758
8784346
6
1
0
50
0532569796
8784346
7
1
0
50
0532569762
8784347
1
2
50
100
0532569743
8784347
2
2
50
100
0532569751
8784347
3
2
50
100
0532569753
8784348
4
2
50
100
0532569746
8784348
6
2
50
80
0532569792
8784348
7
2
50
100
0532569763
8784348
5
3
100
150
0532569790
8784348
4
4
125
155
0532569756
8784348
5
4
150
200
0532569791
8784348
6
4
130
150
0532569795
8784348
7
4
150
200
0532569761
Monsteromschrijving
BG01
BG02
MM01
OG01
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
65/192
Bijlage (B) met opmerkingen behorende bij analysecertificaat 2015123677/1 Pagina 1/1 Opmerking 1)
De toetswaarde van de som is gelijk aan de sommatie van 0,7*RG
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl