1205883 - Bijlage 2 - Bijlagenrapport Ontwerp Watertakenplan Zutphen 2026-2030
Tekst van het document
RAPPORT Watertakenplan Zutphen 2026-2030 Ontwerp Watertakenplan - Bijlagenrapport Klant:
Gemeente Zutphen
Referentie:
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
Status:
Definitief/02
Datum:
18 november 2025
Open
HASKONING NEDERLAND B.V.
Koggelaan 21 8017 JN Zwolle Netherlands Water & Maritime Trade register number: 56515154 Telefoon: +31 88 348 65 00 E-mail: info@haskoning.com Website: www.haskoning.com
Titel document: Ondertitel: Referentie: Uw kenmerk Status: Datum: Projectnaam: Projectnummer: Auteur(s):
Watertakenplan Zutphen 2026-2030 Ontwerp Watertakenplan - Bijlagenrapport BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001 Definitief/02 18 november 2025 Watertakenplan Zutphen 2026-2030 BK5476 Ruben Bralts, Marco de Kraker
Opgesteld door:
Ruben Bralts, Marco de Kraker
Gecontroleerd door:
Marco de Kraker
Datum:
10 juli 2025 en 18 november 2025
Goedgekeurd door:
Gemeente Zutphen
Datum:
18 november 2025
Classificatie:
Open
18 november 2025
WATERTAKENPLAN
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
ii
Open
Inhoud Bijlagen 1-1 Toelichting op het waterbeleid 2-1 Overzicht van IBKP-maatregelen 2-2 Landelijke Maatlat 2-3 Actieprogramma Koers Stad en Dorp 3-1 DoFeMaMe 3-2 Eisen bij ruimtelijke ontwikkelingen 4-1 Locaties en kenmerken van riooloverstorten 4-2 Resultaten enquête wateroverlast en droogte 5-1 Operationeel programma en langjarige investeringen 5-2 Kostendekkingsplan
18 november 2025
WATERTAKENPLAN
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
iii
Open
Bijlage 1-1
Toelichting op het waterbeleid
Europees beleid De Kaderrichtlijn Water (KRW) harmoniseert het waterbeleid binnen de EU-lidstaten. Het stelt doelen voor een goede ecologische en chemische toestand van het oppervlaktewater en het grondwater in 2027. Alle lidstaten zijn verplicht de richtlijn in hun nationale wetgeving op te nemen, plannen op te stellen en maatregelen uit te voeren om de waterkwaliteit te verbeteren en te beschermen. Directe consequentie voor de gemeente kan zijn de aanleg van extra waterberging ter plaatse van riooloverstorten op kwetsbare en zeer kwetsbare wateren. Rijksbeleid Het wettelijk kader werd gevormd door de Wet milieubeheer, 4.22 en 4.23. De Wet milieubeheer is door de Invoeringswet Omgevingswet aangepast, omdat delen zijn overgegaan naar de Omgevingswet. Deze wijzigingen zijn op 1 januari 2024 in werking getreden. Hiermee is de verplichting komen te vervallen om periodiek een gemeentelijk rioleringsplan vast te stellen. Dit is vervangen door een integrale omgevingsvisie, een programma en een omgevingsplan. Artikel 3.14 van de Omgevingswet biedt gemeenten de mogelijkheid om een gemeentelijk rioleringsprogramma op te stellen. Dit programma is echter vrijwillig. Rijksregels ‘verhuizen’ naar het gemeentelijk omgevingsplan Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 2024 is een aantal regels op rijksniveau vervallen.
Deze regels zijn overgeheveld naar het tijdelijk deel van het omgevingsplan van de gemeente. Ook wel de 'bruidsschat' genoemd. De bruidsschat bestaat uit de volgende onderdelen: • begrippen • voorrangsbepalingen en overgangsrecht • regels over bouwwerken, open erven en terreinen • regels over milieubelastende activiteiten • regels over aanleggen of wijzigen van wegen of spoorwegen zonder geluidproductieplafond • regels over overige gemeentelijke omgevingsvergunningen De gemeente kan het omgevingsplan wijzigen indien daar aanleiding toe is, dat geldt ook voor de bruidsschatregels. In deze bijlage is een aantal aspecten benoemd dat in het omgevingsplan verankerd kan worden. Gemeenten hebben tot 2032 de tijd om de bruidsschatregels om te zetten in het dan definitieve omgevingsplan. De Waterwet kent drie zorgplichten voor gemeenten, namelijk afvoer van afvalwater, hemelwater en grondwater. Er bestaat een voorkeursvolgorde voor de omgang met afvalwater en het geeft gemeenten de mogelijkheid om bij verordening (thans in het omgevingsplan) regels te stellen voor het lozen van afvloeiend hemelwater en grondwater. De gemeentewet geeft gemeenten mogelijkheden om de kosten te verhalen die gepaard gaan met de gemeentelijke wateropgave. Gemeenten hebben een loketfunctie voor haar inwoners voor problemen met water(overlast).
Dat betekent concreet dat de gemeente verantwoordelijk is voor de ontvangst van vragen en klachten en het organiseren van een vervolgtraject. Ook aan de inwoner is een eigen verantwoordelijkheid toegekend. Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater is huishoudelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater.
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
1
Open
Hemelwater De wetgeving geeft gemeenten een zorgplicht voor duurzame en doelmatige inzameling en verwerking van hemelwater. Het gaat hierbij om hemelwater dat perceeleigenaren redelijkerwijs niet zelf op eigen terrein kunnen verwerken. De perceeleigenaar is verantwoordelijk voor hemelwater op eigen terrein. De zorgplicht legt de nadruk op de verantwoordelijkheid van de perceeleigenaar om het hemelwater zoveel mogelijk zelf te verwerken. De wetgeving en zorgplichtformulering geven aan dat de uitwerking uit twee stappen bestaat: • Gemeente moet beoordelen in welke situaties zij redelijkerwijs van de particulier kan vragen om zelf het hemelwater aan de bron te verwerken, hiervoor kunnen hulpmiddelen worden ontwikkeld zoals regels en maatwerkvoorschriften. • Indien verwerking van het hemelwater aan de bron redelijkerwijs niet mogelijk is moet de gemeente voorzieningen treffen om het overtollige hemelwater af te voeren via een gemeentelijk systeem. Als het redelijkerwijs niet mogelijk is voor de perceeleigenaar om het hemelwater zelf te verwerken, treedt de gemeentelijke zorgplicht in werking. Hierbij gaat het dus om het aanbieden van een voorziening die op basis van lokale afwegingen bekostigd kan worden vanuit de rioolheffing. De gemeente kan haar zorgplicht zowel invullen via een gemengd systeem als via een gescheiden systeem.
De wetgeving en het rijksbeleid verplichten de gemeente niet tot gescheiden inzameling. Doelmatigheid is het centrale criterium bij de gemeentelijke keuzes (beleidsvrijheid). Grondwater Gemeenten hebben een zorgplicht voor het in het openbaar gemeentelijke gebied treffen van maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. De wetgeving geeft aan dat de inwoner met grondwateroverlast bij de gemeente met zijn probleem terecht moet kunnen. De gemeente is het eerste aanspreekpunt ((water)loket) voor haar inwoners. Besluit lozing Afvalwater huishoudens Het Besluit regelt dat een vergunning of ontheffing voor het direct lozen van afvloeiend hemelwater vanuit huishoudens in oppervlaktewater of bodem wordt vervangen door een stelsel van algemene regels. In beginsel mag afvloeiend hemelwater van daken van huishoudens zonder verdere restricties in het oppervlaktewater, op of in de bodem of op een hemelwaterstelsel worden geloosd, behoudens een aantal uitzonderingen (op grond van nadere eisen of bij verordening). Het is toegestaan om hemelwater rechtstreeks te lozen op oppervlaktewater of in de bodem.
In gevallen waar dat voor de bescherming van de kwaliteit van het oppervlaktewater of de bodem noodzakelijk is, kunnen door middel van het stellen van een nadere eis maatregelen worden geëist, die voorafgaand aan het lozen moeten worden genomen. Dat is bijvoorbeeld het geval indien de gevel of het dak in zijn geheel van uitloogbaar materiaal is vervaardigd, waardoor de lozing van de uit de materialen uitgeloogde stoffen beduidend hoger is. De inwerkingtreding van het Besluit heeft in samenhang met de inwerkingtreding van de WGW plaatsgevonden. Besluit lozing buiten inrichtingen en Besluit lozing afvalwater huishoudens Het Besluit lozen buiten inrichtingen (Blbi) is een belangrijk onderdeel van de regelgeving onder de Omgevingswet. Dit besluit bevat regels voor lozingen die plaatsvinden buiten inrichtingen, zoals gedefinieerd in de Wet milieubeheer. Onder de Omgevingswet zijn er enkele wijzigingen doorgevoerd: - Vergunningplicht: Voorheen was er een vergunningplicht voor directe lozingen op oppervlaktewater of rioolwaterzuiveringsinstallaties, tenzij een algemene maatregel van bestuur uitzonderingen maakte. Nu wijst het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) de vergunningplicht expliciet aan. - Geen algemeen verbod: Het principe ‘verboden te lozen, tenzij’ is vervangen door ‘je mag lozen, tenzij’.
Dit betekent dat lozingen zijn toegestaan, tenzij specifieke voorschriften anders bepalen.
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
2
Open
Het overgangsrecht voor het Besluit lozing afvalwater huishoudens (Blah) is ook van toepassing onder de Omgevingswet. Dit overgangsrecht regelt onder andere meldingen, gelijkwaardige maatregelen en maatwerkvoorschriften. Activiteitenbesluit: Nu Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) Zoals het Besluit lozing afvalwater huishoudens een stelsel van algemene regels omvat voor lozingen van afvalwater en hemelwater vanuit huishoudens, regelt het Activiteitenbesluit de lozingen vanuit bedrijven en inrichtingen, behoudens agrarische bedrijven. Daarnaast is er nog het Besluit lozing afvalwater buiten inrichtingen, waarin algemene regels worden gesteld voor lozingen vanuit gemeentelijke riolering op oppervlaktewater en overige lozingen vanuit de openbare ruimte. Wet informatie-uitwisseling bovengrondse netten (Wibon) Deze wet regelt de informatie-uitwisseling tussen netbeheerders en grondroerders om graafschade aan ondergrondse netten te voorkomen. De Wibon speelt een cruciale rol in het beheer van bovengrondse en ondergrondse infrastructuur. De wet verplicht netbeheerders om informatie over de ligging van hun netten beschikbaar te stellen via het Kadaster. Grondroerders moeten deze informatie opvragen voordat ze graafwerkzaamheden uitvoeren om schade te voorkomen.
Bestuursakkoord Water (BAW) Het Bestuursakkoord Water (2011) is een overeenkomst tussen het Rijk, provincies, gemeenten, waterschappen en drinkwaterbedrijven. Doelmatigheid van het waterbeheer vergroten door middel van samenwerking en het verminderen van bestuurlijke drukte staat centraal. Doel van het Bestuursakkoord Water is te blijven zorgen voor: - veiligheid tegen overstromingen - een goede kwaliteit water - voldoende zoet water. In 2018 zijn er aanvullende afspraken gemaakt om in te spelen op nieuwe uitdagingen, zoals digitalisering en cybersecurity. Deze afspraken richten zich op: - Kansen van de informatiesamenleving: Gebruik van data en technologieën om samenwerking te verbeteren. - Risico’s van digitale dreigingen: Gezamenlijke aanpak van cybersecurity-bedreigingen. - Regionale samenwerking: Gemeenten, waterschappen en drinkwaterbedrijven werken samen aan regionaal waterbeheer. Met de invoering van de Omgevingswet biedt het Bestuursakkoord Water kansen voor meer regionaal maatwerk en versterkte samenwerking. Regionaal waterprogramma 2021-2027 (RWP) Het RWP is een Omgevingsprogramma met beleidskaders en uitwerkingen voor het provinciale waterbeheer en klimaatadaptatie. Het is een wettelijk verplicht programma dat door Provinciale Staten (PS) is vastgesteld. Tot het moment van vaststelling van het RWP was het waterbeleid beschreven in het Waterhuishoudingsplan.
Dit plan vervalt met de vaststelling van dit RWP. De Omgevingswet verplicht provincies tot het opstellen van een Regionaal Waterprogramma. Dat programma wordt in het verlengde van de provinciale Omgevingsvisie opgesteld, waarbij deze visie op hoofdlijnen wordt aangevuld met een detaillering van het beleid in dit waterprogramma. De visie en het RWP vormen samen ‘het beleid’.
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
3
Open
Het RWP is kaderstellend. Waterschappen werken de Omgevingsvisie uit in een wettelijk verplicht waterbeheerprogramma. Gemeenten kunnen een niet-verplicht en autonome watervisie opstellen, waarbij zij rekening houden met de provinciale visie. Waterschapsbeleid Het waterbeheerprogramma 2022-2027 is vastgesteld door het algemeen bestuur van waterschap Rijn en IJssel. De kerntaken van het waterschap Rijn en IJssel zorgt voor veiligheid achter de dijken, voldoende water en schoon water. Bij het uitvoeren van deze drie kerntaken werkt het waterschap nauw samen met collegaoverheden, maatschappelijke organisaties, inwoners en bedrijven. Elke zes jaar maakt zij een waterbeheerprogramma (WBP) waarin de doelen zijn aangegeven. Maar ook hoe zij die doelen wil bereiken en wat zij daarvoor gaat doen. De planstructuur De Omgevingswet verplicht Rijk, provincies en gemeenten om omgevingsvisies te ontwikkelen die onderling zijn afgestemd. Die verplichting hebben waterschappen niet. Toch heeft het waterschap een omgevingsvisie die is gericht op water: de Watervisie 2030. Zo kan ze samen met haar gebiedspartners aan de toekomst van onze (gezamenlijke) omgeving werken. Waterschapsverordening Tot 2024 stonden in de keur de regels voor de bescherming van bijvoorbeeld dijken, kades, gemalen, sluizen en stuwen. Ook regelde de keur de bescherming van bepaalde sloten, kanalen, meren en de zee.
En ook grondwater, bergingsgebieden en het waterpeil. Sinds de Omgevingswet staan deze regels in de Waterschapsverordening. De onderhoudsplichten staan in de Onderhoudsverordening. Waterschapsverordening waterschap Rijn en IJssel (https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR703749).
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
4
Open
Bijlage 2-1
Overzicht van IBKP-maatregelen
In de onderstaande tabel staat een overzicht van de maatregelen uit het Integraal Basis Klimaatplan (IBKP) 2022 van de gemeente Zutphen. In de komende planperiode gaat de gemeente de maatregelen met een positief advies verder uitwerken, onderzoeken of uitvoeren. Tabel 1: Overzicht van maatregelen (bron: IBKP gemeente Zutphen Actualisatie 2022). Bemalingsgebied
Maatregel
Type
Advies
De Hoven Zuid
Vergroten leiding 186500-186400 en 186600186400 naar 300 mm
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
Vergroten leidingen op het traject 180100180611 naar 900 mm
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
Vergroten overstortleidingen op het traject 180611-180700 naar 900 mm
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
Plaatsen roostergoot bij T-splitsing Weg naar Voorst en Kanonsdijk, ter hoogte van Weg naar Voorst 1
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
Plaatsen roostergoot bij T-splitsing Oude Kanonsdijk en Kanonsdijk, ter hoogte van Oude Kanonsdijk 70
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
Onderzoeken of het gemengde stelsel van bemalingsgebied De Mars Noord inderdaad geen externe overstort heeft
Onderzoek
Maatregel uitvoeren
Het gemengde en hemelwaterstelsel tot een groot gemengd stelsel ombouwen door de terugslagklep bij het gemaal te verwijderen.
Uitvoering
Verder onderzoek
Meetplan opstellen
Onderzoek
Maatregel uitvoeren
De gemaalcapaciteit van gemaal Pollaan (G12) en gemaal Pollaan (G9) verder onderzoeken en eventueel laten inmeten. Gemaal Pollaan (G12) heeft bij voorkeur een hogere capaciteit dan van gemaal Pollaan (G9) en een pompovercapaciteit van 0,7 mm/uur
Onderzoek
Maatregel uitvoeren
Onderzoeken op welk stelsel de dakoppervlakken zijn aangesloten
Onderzoek
Maatregel uitvoeren
De leidingen tussen 122932 en G12 vergroten naar 500 mm
Uitvoering
Verder onderzoek
De leidingen tussen 122752 en G12 vergroten naar 600 mm
Uitvoering
Verder onderzoek
Meetplan opstellen
Onderzoek
Maatregel uitvoeren
Onderzoeken op welk stelsel de dakoppervlakken zijn aangesloten
Onderzoek
Maatregel uitvoeren
Verwijderen terugslagklep tussen het HWA en gemengde stelsel
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
De drempelhoogte van overstort 925639 (Jutlandsestraat) laten inmeten
Onderzoek
Maatregel uitvoeren
De Mars Noord
De Mars Oost
De Mars Zuid
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
5
Open
Bemalingsgebied
Maatregel
Type
Advies
De buisdiameter van overstortleiding 925636925636U laten inmeten
Onderzoek
Maatregel uitvoeren
De drempelhoogte van overstort 925639 verlagen naar +7,0 m NAP
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
De buisdiameter van overstortleiding 925636925636U vergroten naar 800 mm
Uitvoering
Verder onderzoek
Meetplan opstellen
Onderzoek
Maatregel uitvoeren
Brandts Buijsstraat
Parkeerplaats herstraten met afschot richting groen
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
Centrum Noord
Pompen HWA-gemaal Roodsplein in samenloop laten draaien wanneer stelsel voor de helft gevuld is
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
Centrum Zuid
De toestroom van water van de hogergelegen achtertuinen naar de Zuiderhaven beperken door een muur te plaatsen
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
De groenstrook bij de parkeerplaats bij Zuiderhaven verlagen en inrichten als wadi (60 m3)
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
De leidingen voor en na overstort 634002 (Paulus Potterstraat), tussen inspectieput 634000 en 634000U vergroten naar 500 mm.
Uitvoering
Verder onderzoek
De drempel van overstort 634002 verbreden naar 2,0 meter
Uitvoering
Verder onderzoek
De diepteligging van leiding 902746-902744 vlak leggen op +5,52 m NAP
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
Zuid 1
Afkoppelen 16.200 m2 verhard oppervlak
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
Zuid 2
Het openbaar groen bij Het Zwanevlot 146 t/m Uitvoering 158 als wadi inrichten. Het hemelwater van het wegoppervlak en de voorkant van enkele daken naar de wadi afvoeren
Maatregel uitvoeren
Het afschot van de weg, ter hoogte van Het Zwanevlot 146 t/m 149 laten aflopen richting de wadi
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
Controleren of de leidingen tussen inspectieput K272 en K273A inderdaad kleiner zijn dan de leidingen in het Kerkplein
Onderzoek
Maatregel uitvoeren
De leidingen tussen inspectieput K272 en K273A vergroten naar 900 mm
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
De IT-leidingen in de Breegraven aanleggen met een diameter van 500 mm om de opstuwing te verlagen
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
De leidingen tussen inspectieput W235 en W258 vergroten naar 1000 mm
Uitvoering
Maatregel uitvoeren
Verkeersdrempel plaatsen bij de kruising van Het Menkveld met Het Cornegoor
Uitvoering
Maatregel niet uitvoeren
Zutphen Oost
Warnsveld Kern
Warnsveld Zuid
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
6
Open
Bijlage 2-2
Landelijke Maatlat
Zie voor meer informatie over de Landelijke Maatlat ook: Landelijke maatlat (overheid.nl) 1
1
https://open.overheid.nl/documenten/ronl-6fc860b398612d91d66d38bbb47ed0de9bfb9071/pdf
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
7
Open
Bijlage 2-3
Actieprogramma Koers Stad en Dorp
In het beleidsdocument Koers Stad en Dorp 2025-2034 beschrijft het waterschap Rijn en IJssel de koers voor het waterbeheer in de steden en dorpen van het beheergebied. In dit document zijn acties geformuleerd die samen het actieprogramma Koers Stad en Dorp 2025-2034 vormen: Tabel 2: Actieprogramma Koers Stad en Dorp 2025-2034.
Acties H3.1 H3.2 H3.3 H3.4 H4.1 H4.2 H4.3 H4.4 H4.5 H5.1 H5.2 H5.3 H5.4 H5.5 H6.1 H6.2 H6.3 H7.1 H7.2 H7.3 H8.1 H8.2 H9.1
We versterken ons netwerk op ambtelijk, bestuurlijk en managementniveau We stellen een samenwerkingsagenda met programmering op voor steden en dorpen met al onze gemeenten Met gemeenten creëren we een beeld van het functioneren van het stedelijke watersysteem als één geheel en leggen dit vast. We geven samen met de gemeente uitvoering aan de campagne Weet van Water en Groen We versterken onze adviesrol over water in ruimtelijke plannen (zie ook H3.1) We stellen in samenwerking met de partners in de regio Achterhoek+ en Liemers signaleringskaarten op voor Water en Bodem Sturend en maken afspraken over implementatie We implementeren de signaleringskaart in het beleid voor water in ruimtelijke plannen We evalueren de notitie ruimtelijke plannen met gemeenten en actualiseren de notitie We onderzoeken de mogelijkheden om binnen de waterschaps- verordening onze ruimtelijke adviezen beter af te dwingen We voeren met gemeenten periodiek een lokale stresstest uit conform afspraken uit het DPRA. We duiden met gemeenten de resultaten van de lokale stresstesten.
Specifieke aandacht gaat uit naar wateroverlast en droogte We toetsen periodiek ons watersysteem aan de normen uit het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW) We pakken de aandachtsgebieden die voortkomen uit de NBW toetsing aan en stemmen maatregelen met gemeenten af We investeren in maatregelen aan het watersysteem als dit bijdraagt aan een robuuste inrichting van het bebouwde gebied Wij monitoren periodiek (1 per 3 jaar) onze watergangen en vijvers in bebouwd gebied We pakken de aandachtsgebieden die voortkomen uit de monitoring aan en stemmen maatregelen met gemeenten af We duiden met gemeenten de resultaten van de stresstest waterkwaliteit en agenderen lange termijn oplossingen Via de ketenaanpak brengen we per zuiveringskring in beeld welke ruimte er is in de afvalwaterketen We ontwikkelen een methode om de risico’s van hemelwaterlozingen op het oppervlaktewater te beoordelen (effect hemelwaterlozing op oppervlaktewaterkwaliteit). We stimuleren omgevingsdiensten en gemeenten om de indirecte lozingen op de RWZI’s in beeld krijgen We stemmen structureel het onderhoud af met gemeenten We voeren een pilot uit om op doelmatige wijze maatwerk te leveren voor onderhoud van watergangen en vijvers in een parkachtige omgeving We stellen werkprotocol op voor de afweging van financiële bijdrage aan gemeentelijke plannen met een waterschapsbelang.
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
8
Open
Bijlage 3-1
DoFeMaMe
Doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden (DoFeMaMe) Kennisbank Stedelijk Water besteedt aandacht aan doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden. Inleidend is daarin het volgende opgenomen: Het gemeentelijke rioleringsplan (GRP) beschrijft hoe uw gemeente invulling geeft aan haar wettelijke waterzorgplichten. Om dit eenduidig vast te leggen, is de systematiek van doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden ontwikkeld. Deze aanpak is in Nederland al decennia gemeengoed en heeft inmiddels een breed draagvlak verworven. Ook de Europese norm Buitenriolering NEN-EN752 houdt deze methodiek aan. Met de beschrijving van doelen en functionele eisen legt u de gewenste situatie van de toestand en het functioneren van afval-, regen- en grondwatervoorzieningen in uw gemeente vast. Door vervolgens maatstaven en de daarbij behorende meetmethoden te formuleren, maakt u de invulling van de gemeentelijke watertaken concreet en toetsbaar. Behalve eisen aan de voorzieningen stelt u ook voorwaarden aan het beheer ervan door de gemeente. Zo kunt u het gewenste functioneren van de voorzieningen realiseren en waarborgen. Ook deze voorwaarden kunt u toetsbaar maken door ze te specificeren in concrete maatstaven en meetmethoden.
Wijziging Door de verbreding van de rioleringszorg naar de zorgplichten voor afval-, hemel- en grondwater en de komst van de Waterwet is de focus verbreed en meer gericht op de dienstverlening (de maatschappelijke prestaties) van de infrastructuur. Daarbij is de 'oude' DoFeMaMe-systematiek onverminderd goed bruikbaar om de zorgplichten te vertalen naar concreet meetbare effecten. Namelijk door de doelen niet langer te beperken tot een beschrijving van het gewenste systeemgedrag, maar van de beoogde effecten.
Ook de gemeente Zutphen werkt volgens deze methodiek, waarbij de volgende doelen worden gehanteerd: 1: doelmatige inzameling van het binnen het gemeentelijk gebied geproduceerde afvalwater 2: doelmatig omgaan met de inzameling van hemelwater 3: doelmatig transport van het ingezamelde afvalwater naar een geschikt lozingspunt 4: voorkomen van vuiluitworp naar bodem, grond- en oppervlaktewater 5: minimale overlast voor de omgeving 6: effectief rioleringsbeheer 7: invulling geven aan de grondwaterzorgplicht 8: informeren en betrekken van inwoners en bedrijven De doelen onderverdeeld naar de zorgplichten: Zorgplicht / watertaak
Doelen
Afvalwater
1, 3, 4, 5 (deels), 6 en 8
Hemelwater
2, 4, 5, 6 en 8
Grondwater
7 en 8
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
9
Open
Doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden Functionele eisen
Maatstaven
Meetmethoden
Opmerking
Doel 1: inzameling van het binnen het gemeentelijk gebied geproduceerde afvalwater 1.1
1.2
1.3
Alle percelen binnen het gemeentelijk gebied, waar afvalwater vrijkomt, moeten van een rioolaansluiting zijn voorzien, uitgezonderd in situaties waar lokale behandeling doelmatiger is. In het belang van: volksgezondheid en milieu Beperken van ongewenste lozingen op de riolering. In het belang van: volksgezondheid en milieu De objecten moeten in goede staat zijn. In het belang van: volksgezondheid en milieu
18 november 2025
Alle percelen voorzien van een aansluiting op de riolering, uitgezonderd in situaties waar lokale behandeling van het afvalwater doelmatiger is.
Controle van alle aansluitingen op riolering en IBA’s
Huidige situatie: alle percelen zijn aangesloten. Nieuwe ontwikkelingen: binnenstedelijk aansluiten op riolering, doelmatigheidsafweging in buitengebied
Naleven lozingsvoorwaarden in de Wm of APV.
Controle, handhaving, registratie (door milieu-inspectie).
Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid of stabiliteit worden beoordeeld en verholpen (indien dit doelmatig is).
Inspectie van het rioolstelsel en classificatie volgens gangbare NENsystematiek.
Huidige situatie: er vindt controle en/of handhaving plaats. Nieuwe ontwikkelingen: nieuwe aanleg toetsen op ongewenste lozingen Huidige werkwijze voortzetten.
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
10
Open
Functionele eisen
Maatstaven
Meetmethoden
Opmerking
Doel 2: Doelmatig omgaan met de inzameling van hemelwater (dat niet mag of kan worden gebruikt voor de lokale waterhuishouding) 2.1
2.2
2.3
2.4
2.5
Nieuwe ontwikkelingen: alleen inzamelen van afstromend hemelwater voor zover dit redelijkerwijs niet op eigen perceel of op openbaar terrein te verwerken is. In het belang van: wateroverlast Zoveel mogelijk voorkomen van het onnodig afvoeren van schoon hemelwater naar de RWZI In het belang van: volksgezondheid, wateroverlast en milieu
Daar waar hemelwater niet op percelen en delen van het openbaar gebied verwerkt kan worden zijn voorzieningen aanwezig om het overtollig hemelwater in te zamelen.
Controle bij verlenen bouwvergunning en d.m.v. toezicht en handhaving.
(hemelwater)beleid bij nieuwe ontwikkelingen / sloop en nieuwbouw voortzetten
Bij alle percelen en delen van de openbare ruimte waarvan het in te zamelen hemelwater geschikt is voor de lokale waterhuishouding wordt gebruik gemaakt van voorzieningen om het hemelwater terug te brengen naar bodem of oppervlaktewater (mede met het oog op tegengaan verdroging (Zoetwatervoorziening Oost Nederland)
Huidige werkwijze voortzetten
De instroming in riolen via kolken moet ongehinderd plaatsvinden. In het belang van: wateroverlast De objecten moeten in goede staat zijn. In het belang van: volksgezondheid (veiligheid) Hemelwater mag alleen worden afgevoerd via een stelsel dat hiervoor ontworpen is, dus niet via voorzieningen die alleen voor dwa zijn ontworpen zoals vuilwaterriolering bij vrij verval stelsels, druk-, vacuüm- en luchtpersrioolstelsels. In het belang van: volksgezondheid, wateroverlast en milieu
Problemen (overlast) als gevolg van disfunctioneren kolken minimaliseren
-inventariseren afkoppelkansen. -mogelijkheid van afkoppeling en realisatie gescheiden stelsels meenemen bij ingrepen in openbare ruimte - particulieren en bedrijfsleven stimuleren verhard oppervlak af te koppelen Registreren en evalueren waarnemingen, klachten.
Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid of stabiliteit worden beoordeeld en verholpen (indien dit doelmatig is).
Inspectie van het rioolstelsel en classificatie volgens gangbare NENsystematiek.
Inspectiestrategie voortzetten
Verpompte hoeveelheden in stelsels voor DWA komen overeen met de afvalwaterproductie bij droogweer.
Controle draaiuren gemalen en handhaving indien daar aanleiding voor is (vermoeden, disfunctioneren, toename storingen/ elektriciteitsverbruik ).
Controle op foutaansluitingen in buitengebied, eventueel in combinatie met inzicht in kwaliteit stelsel (2.4) indien daar aanleiding toe is.
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
11
Huidige werkwijze en frequentie voortzetten
Open
Functionele eisen
Maatstaven
Meetmethoden
Opmerking
Hydraulische berekening volgens Kennisbank Stedelijk Water (Stichting RIONED). Toetsen van bestaand afvalwaterriool, drukriool indien debiet als gevolg van uitbreiding/ ontwikkelingen toeneemt. Hydraulische berekening volgens Kennisbank Stedelijk Water (Stichting RIONED).
Toetsen of uitbreidingen geen negatief effect hebben op bestaande stelsel(s).
Doel 3: transport van het ingezamelde afvalwater naar een geschikt lozingspunt 3.1
Geen nadelige gevolgen als gevolg van een te beperkte afvalwaterafvoercapaciteit tijdens droogweer omstandigheden. In het belang van: volksgezondheid en milieu De afvoercapaciteit moet voldoende zijn om het aanbod van afvalwater bij hevige neerslag te kunnen verwerken, tenzij het extremen betreft (geen overlast bij bui08) In het belang van: volksgezondheid, wateroverlast en milieu
Bij nieuwbouw, nieuwe ontwikkelingen: ontwerp zodat overlast wordt voorkomen. Optimaal stelselontwerp volgens Kennisbank Stedelijk Water, deel B “ontwerpgrondslagen”.
3.3
De afstroming dient gewaarborgd te zijn. In het belang van: volksgezondheid, wateroverlast en milieu
3.4
Het afvalwater dient zonder overmatige aanrotting de zuiveringsinrichting te bereiken. In het belang van: volksgezondheid en milieu
- Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid of stabiliteit worden beoordeeld en verholpen (indien dit doelmatig is), zie 1.3 en 2.4 - Ingrijpmaatstaven voor zand/vuilophoping, obstakels en vuilafzetting worden beoordeeld en verholpen (indien dit doelmatig is). - Inslagpeilen van gemalen moeten onder binnen onderkant (BOK) laagst aanvoerend riool liggen. - Nieuw aan te leggen putten van DWA-riolering dienen indien nodig voorzien te zijn van een stromingsprofiel. Persleidingen moeten in of zo dicht mogelijk bij de ontvangende gemalen uitkomen. Daarnaast moeten de ontvangende putten en riolen voorzieningen hebben om aantasting en stankoverlast te voorkomen.
3.2
18 november 2025
Gemiddeld (maximaal) 1 keer per 2 jaar geringe water-opstraat (theoretisch, bui 08 Kennisbank Stedelijk Water) wordt geaccepteerd. Dit mag echter niet leiden tot overlast en/of schade. Bij uitbreiding dient de riolering te voldoen aan bui 09.
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
- Inspectie van het rioolstelsel en classificatie volgens gangbare NENsystematiek. - Toetsen ontwerpen - Waarnemingen tijdens beheer en onderhoud gemalen - extra aandacht voor gevoelige plekken voor vuilophoping, kans op verstoppingen. Hydraulische berekening, maximale verblijftijd van 24 uur. Situatie onderzoeken indien daar aanleiding toe is (klachten)
12
Norm van bestaande riolering is geen overlast (en schade) bij bui08. Anticiperen op klimaatverandering door te streven naar geen overlast (en schade) bij bui09 én klimaatadaptieve inrichting openbare ruimte. Dit is een lange termijn doel, mede te bereiken door uitvoering geplande maatregelen. - Ontwerpen worden hierop getoetst; het ‘stromingsprofiel’ wordt meegegeven als randvoorwaarde bij nieuwe aanleg/vervanging. - Er vindt terugkoppeling plaats over bevindingen tijdens inspecties, beheer en onderhoud gemalen. - Gevoelige locaties zijn bekend, wordt op geanticipeerd door extra onderhoud. Meten en monitoren
Open
Functionele eisen
Maatstaven
Meetmethoden
Opmerking
Doel 4: voorkomen van ongewenste emissies naar bodem, grond- en oppervlaktewater 4.1
Riolen dienen in voldoende mate waterdicht te zijn, waardoor er geen negatieve effecten voor het milieu zijn. In het belang van: volksgezondheid en milieu
Ingrijpmaatstaven voor lekkage, inhangende rubberring, verplaatsingen, beschadigingen en wortelingroei worden beoordeeld en verholpen (indien dit doelmatig is). In grondwaterbeschermingsgebieden wordt hierop extra gecontroleerd.
Inspectie van het rioolstelsel en classificatie volgens gangbare NENsystematiek.
Huidige werkwijze voortzetten
4.2
De vuiluitworp door overstorten op bodem, grond- en oppervlaktewater dient beperkt te zijn. In het belang van: volksgezondheid en milieu
De vuiluitworp mag geen negatief effect hebben op de kwaliteit van het ontvangend oppervlaktewater of bodem/grondwater.
Stelsel voldoet aan alle eisen (basisinspanning, waterkwaliteitsspoor), dus alleen onderzoeken oorzaak indien kwaliteit ontvangend water daar aanleiding toe geeft.
4.3
De vuiluitworp door hemelwaterlozingen op bodem, grond- en oppervlaktewater dient beperkt te zijn. In het belang van: volksgezondheid en milieu
Alleen relatief schoon hemelwater mag worden geloosd in de bodem of op het oppervlaktewater.
Toetsen met behulp van metingen aan gemalen en overstorten van gemengde stelsels. Onderzoek naar oorzaak indien kwaliteit oppervlaktewater (of bodem/grondwater) negatief beïnvloed wordt. Gemeente toetst of verwachte kwaliteit het afstromende hemelwater van af te koppelen oppervlak voldoende is om direct of indirect te lozen op oppervlaktewater of in de bodem. Uitgangspunt daarbij is dat hemelwater in principe schoon is.
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
13
Tegengaan vervuiling hemelwater, toetsen en afstemmen met waterkwaliteitsbeheerder
Open
Functionele eisen
Maatstaven
Meetmethoden
Opmerking
Adequaat doorgeven storingen aan de buitendienst indien deze telefonisch binnenkomen (door frontoffice). Afspraken met waterschappen over verhelpen storingen waterschap gemalen. Periodiek beheer en onderhoud conform overeengekomen frequenties Adequaat doorgeven storingen aan de buitendienst indien deze telefonisch binnenkomen (door frontoffice). Periodiek beheer en onderhoud conform overeengekomen frequenties
Binnen 24 uur moet er een zodanige (nood) oplossing gerealiseerd zijn dat de vuilwaterafvoer weer geborgd is. De gemeente heeft samen met het waterschap een calamiteitenplan voor het afschakelen van de hoofdgemalen indien nodig.
Is huidige werkwijze
Doel 5: Minimale overlast voor de omgeving 5.1
De bedrijfszekerheid van hoofdgemalen en andere objecten dient in hoge mate gewaarborgd te zijn. In het belang van: volksgezondheid, wateroverlast en milieu
- Storingen van hoofdrioolgemalen dienen binnen 24 uur verholpen te zijn (berging stelsel is 24 uur) of noodmaatregelen dienen getroffen te zijn. - Vuilwatergemalen in een gebied met externe overstorten dienen te zijn uitgerust met een reserve pomp. - Gemalen zijn voorzien van een automatische storingsmelding.
5.2
De bedrijfszekerheid van drukrioolgemalen dient in hoge mate gewaarborgd te zijn. In het belang van: volksgezondheid en milieu
Storingen van drukrioolgemalen dienen binnen 24 uur verholpen te zijn of noodmaatregelen dienen getroffen te zijn.
5.3
De stabiliteit van de riolen dient gewaarborgd te zijn. In het belang van: volksgezondheid en milieu
Ingrijpmaatstaven voor aantasting, scheurvorming en deformatie worden beoordeeld en verholpen (indien dit doelmatig is)
Inspectie van het rioolstelsel en classificatie volgens gangbare NENsystematiek en registraties bij weginspectie.
5.4
Voorkomen van stankoverlast bij gemalen en riool. In het belang van: overlast inwoners Overlast tijdens werkzaamheden aan de riolering dient beperkt te zijn. In het belang van: overlast inwoners
Geen constatering van overlast door stank.
Adequaat reageren bij melding over overlast door stank en terugkoppelen aan de melder. Procedures voor afstemming
5.5
18 november 2025
Afstemming met andere werkzaamheden, bereikbaarheid handhaven, communicatie met bewoners.
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
14
Binnen 24 uur moet er een zodanige (nood) oplossing gerealiseerd zijn dat de vuilwaterafvoer weer geborgd is.
Reguliere werkwijze
Open
Functionele eisen
Maatstaven
Meetmethoden
Opmerking
Doel 6: effectief rioleringsbeheer 6.1
Het rioleringsbeheer dient zo goed mogelijk te worden afgestemd met interne en externe overheidstaken en particuliere initiatieven. In het belang van: efficiency
Goede communicatie bij inrichting van gebieden en beleidsplannen door gemeente, waterbeheerders, provincie, en overige betrokkenen.
Overleg met betrokkenen over (proces en uitvoering) Watertakenplan.
Conform huidige werkwijze
6.2
Er dient voldoende inzicht te bestaan in het functioneren van de riolering en de toestand van de objecten. In het belang van: efficiency
- Een werkend systeem voor rioleringsbeheer. - Jaarlijks opstellen en evalueren van operationele programma’s voor aanleg, onderzoek en maatregelen. - Doorlooptijd verwerking gemaal-, onderhouds-, en revisiegegevens maximaal 30 dagen. - Herberekening van de vrijvervalriolering iedere 10 jaar of eerder bij significante wijzigingen c.q. toename/afname van het wateraanbod. - Het rioolstelsel dient eens per 10 jaar te worden geïnspecteerd.
Waarneming Operationeel plan
Conform huidige werkwijze
Vervallen riolen die zijn aangelegd na 1999 worden verwijderd (Bouwstoffenbesluit). Overige vervallen riolen worden zo veel mogelijk verwijderd, tenzij dit om technische of economische redenen niet kan. In dat geval worden de riolen gevuld, zodanig dat geen instortingsgevaar optreedt. Toepassing van duurzaamheidsuitgangspunten
Verwerking op revisietekeningen.
- Behandeling van klachten en/of meldingen en eerste reactie naar klager/ melder binnen 2 dagen - Storingsdienst dient 24 uur per dag bereikbaar te zijn voor acute storingen. - Diverse mogelijkheden voor indienen meldingen en/of klachten - Gerichte voorlichting en adequate bewonersparticipatie.
- Klachtenregistratie
6.3
6.4
6.5
Er dient m.b.t. de verwijderingsplicht van vervallen riolen te worden voldaan aan het Bouwstoffenbesluit. In het belang van: wet- en regelgeving Er dient zo veel mogelijk gebruik te worden gemaakt van duurzame en milieuvriendelijke materialen. In het belang van: milieu Er dient een klantgerichte benadering te worden nagestreefd. In het belang van: efficiency
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
Waarneming Plannen in Watertakenplan, wijzigingen waarnemen Planmatig uitvoeren Conform huidige werkwijze
Afkoppelplan, wel of niet afkoppelen. Toetsen aan duurzaamheidsbeleid.
- Meldingsmogelijkheden: schriftelijk, telefonisch, elektronisch en persoonlijk. - Voorlichting over afkoppeling en inlichten en betrekken in geval van ingrepen in openbare ruimte.
15
Conform huidige werkwijze
Open
Functionele eisen
Maatstaven
Meetmethoden
Opmerking
Registratie grondwaterstanden
Bijplaatsen peilbuizen op plaatsen waar grootschalig relining plaatsvindt. Bijplaatsen peilbuizen op locaties waar meldingen vandaan komen, indien noodzakelijk en doelmatig. Bestaande peilbuizen blijven bemeten. Bij nieuwbouwplannen hiernaar refereren en aan toetsen.
Doel 7: Invulling geven aan de grondwaterzorgplicht 7.1
Er is voldoende inzicht in de grondwaterhuishouding In het belang van: (grond)wateroverlast en volksgezondheid
De gemeente verzamelt de beschikbare gegevens van grondwaterstanden. Er zijn geen locaties met structurele grondwateroverlast bekend.
7.2
Grondwateroverlast in nieuwbouwsituaties voorkomen. In het belang van: (grond)wateroverlast
Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen zijn in overeenstemming met het Bouwbesluit 2012 (in een nieuwbouwwoning dient de begane grondvloer volgens het bouwbesluit dampdicht te worden gebouwd). De gewenste ontwateringsdieptes per bestemming, gelden als uitgangspunt voor het ontwerp.
Ontwateringseisen zijn vastgelegd in het Watertakenplan
7.3
Bewoners kunnen terecht voor vragen en/of klachten met betrekking tot grondwater. En zorgvuldig afhandelen meldingen door gemeente In het belang van: wet- en regelgeving
De gemeente heeft een loket waar bewoners terecht kunnen voor vragen en klachten over het ondiepe grondwater in de gemeente. Binnengekomen meldingen worden door de gemeente geregistreerd. De gemeente draagt zorg voor een goede samenwerking tussen de betrokken overheden indien de verantwoordelijkheid voor een melding geheel of gedeeltelijk ligt bij de waterbeheerder/ waterschap of grondwaterbeheerder/gemeente.
Klachtenregistratie via waterloket
Waterloket, huidige werkwijze continueren. Inwoner kan terecht bij gemeente met vragen en/of klachten over (grond)water.
7.4
Zoveel mogelijk voorkomen en beperken van (aan de bestemming gebonden) structurele grondwateroverlast. In het belang van: (grond)wateroverlast
Grondwaterbeleid is vastgelegd in het Watertakenplan
Voorkomen nieuwe overlast ook bijvoorbeeld door het meeleggen van drainage/ IT-riool bij relining/vervanging van riolering in gebieden met hoge grondwaterstanden.
18 november 2025
De particulier is primair verantwoordelijk voor maatregelen op eigen. Bij meldingen toetst de gemeente – naast de eigen verantwoordelijkheid van de particulier - aan de gewenste ontwateringsdieptes per bestemming, zoals vastgelegd in het grondwaterbeleid (opgenomen in dit plan). Indien er na beoordeling door de gemeente sprake is van grondwateroverlast op particulier terrein in relatie tot de bestemming en deze zich redelijkerwijs niet op een andere wijze van het grondwater kan ontdoen, wordt in overleg met de gemeente een doelmatige oplossing gezocht.
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
16
Open
Functionele eisen
Maatstaven
Meetmethoden
Opmerking
Samen met Groenpunt invulling aan te geven.
Doel 8: Informeren en betrekken van inwoners en bedrijven 8.1
Waterbewustzijn en milieubewust handelen vergroten In het belang van: milieu en overlast inwoners.
Doelstelling van communicatie(plan) is een bijdrage leveren aan het creëren en/of versterken van waterbewustzijn van inwoners: 1. Communicatie moet leiden tot het vergroten van kennis en inzicht bij inwoners over het veranderende klimaat, ingestoken vanuit de consequenties en persoonlijke relevantie. 2. Communicatie moet leiden tot het bevorderen van een waterbewuste houding bij inwoners: realiseren van een reële houding en verwachting ten aanzien van de risico’s van klimaatverandering met begrip en draagvlak voor een eigen verantwoordelijkheid in preventie (waaronder op eigen initiatief duurzame maatregelen treffen, dan wel meewerken aan afkoppeling). 3. Communicatie moet aanzetten tot (water)bewust gedrag.
Binnen de planperiode wordt aan de hand van de doelstellingen een passend pakket aan communicatiemiddelen ontwikkeld dat door de gemeente wordt ingezet om het (water)bewustzijn (en participatie) van inwoners te vergroten.
8.2
Eenduidig communiceren In het belang van: overlast inwoners.
Samenwerken in de regio en aansluiten bij regionale en landelijke campagnes om bewustwording te vergroten en goed rioolgebruik te stimuleren.
8.3
Burgerparticipatie In het belang van: overlast inwoners
Bij reconstructies/ herinrichtingsprojecten maakt Zutphen gebruik van burgerparticipatie met betrekking tot de bovengrondse inrichting.
Bundeling van krachten en capaciteit is belangrijk. Vooral voor meer generieke aspecten, communicatie en nieuwe ontwikkelingen (innovatie, wetswijzigingen) werkt Zutphen samen binnen Achterhoek+. Tijdens de bijeenkomsten in het kader van participatie wordt ook aandacht besteed aan het beperken van overlast tijdens de uitvoering, bereikbaarheid en tijdelijke maatregelen.
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
17
Open
Bijlage 3-2
Eisen bij ruimtelijke ontwikkelingen
Afvalwater Afvalwater en hemelwater moeten altijd gescheiden worden bij de bron en gescheiden blijven tot aan de perceelgrens, ongeacht het rioolsysteem dat in het openbaar gebied aanwezig is. Hemelwater Nieuwbouw gaat uit van de primaire verwerking van hemelwater op het eigen terrein. Pas als de perceeleigenaar het hemelwater redelijkerwijs niet zelf kan verwerken, vanwege te hoge grondwaterstanden en/of slecht doorlatende bodem, zal het hemelwater buiten het particuliere terrein verwerkt worden. In dat geval dient het hemelwater vertraagd te worden afgevoerd naar oppervlaktewater of naar centrale wadi’s binnen het plangebied. Particuliere nieuwbouw en herbouw (één perceel, kavel): Bij vergunningplichtige nieuwbouw of vervangende bouw (herbouw) moet de eigenaar het hemelwater op eigen terrein verwerken. De bergings- of infiltratievoorziening dient minimaal de volgende berging te hebben (ongeacht de hoeveelheid verhard oppervlak in de oude situatie): - 40 mm berging, gerekend over het dakoppervlak (4 m 3 per 100 m2 dakoppervlak); - Er dient een bovengrondse overloop/afvoer aanwezig te zijn voor de afvoer van overtollig water bij extreme neerslag. Bij een bedrijfsperceel op een (bestaand) bedrijventerrein: - 40 mm berging, uitgaande van 80% van perceeloppervlak (3,2 m3 per 100 m2).
- Er dient een bovengrondse overloop/afvoer aanwezig te zijn voor de afvoer van overtollig water bij extreme neerslag. Projectmatige nieuwbouw en herinrichting: - Bij projectmatige nieuwbouw en herinrichting (sloop en nieuwbouw) moet de ontwikkelaar/eigenaar het hemelwater binnen de grenzen van het plangebied verwerken. Dit kan middels infiltratie- of retentievoorzieningen. - Dimensionering van de waterbergingsvoorzieningen op basis van onderstaande richtlijnen voor de berging en de overloop, waarbij de berging wordt betrokken op daken plus verharding: a. Nieuwbouw: 80 mm berging berekend over alle verharding binnen het plangebied, ongeacht de hoeveelheid verhard oppervlak in de oude situatie, bestaande uit infiltratie en/of wadi en/of retentievijver met noodoverloop naar oppervlaktewater. Daarnaast dient getoetst te worden dat er bij extreme situaties geen waterschade ontstaat conform de Weging van het waterbelang. Hiervoor is overleg met het waterschap vereist. b. Waarvan 20 mm berging op particulier terrein, uitgaande van het dakoppervlak bij woningen. Bij bedrijventerreinen wordt uitgegaan van 80% verharding van de het perceel. c. Bodemverbetering toepassen voor zover nodig, zodanig dat de voorziening na 48 uur weer geheel beschikbaar is. - Dimensionering van retentievoorzieningen en overig oppervlaktewater in overleg met het waterschap.
Er kunnen aanvullende eisen gelden voor specifieke locaties of situaties. De retentie kan worden aangelegd als separate vijver, maar kan ook worden geïntegreerd in het watersysteem in en rond het stedelijk gebied. Daarbij kan in overleg met het waterschap worden gezocht naar maatwerk, gericht op doelmatige oplossingen tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten. - Er dient een bovengrondse overloop/afvoer aanwezig te zijn voor de afvoer van overtollig water bij extreme neerslag. - Met het oog op het beperken van wateroverlast wordt bij nieuwbouw of vervangende bouw van een gebouw de beganegrond vloer van het gebouw ten minste 30 cm boven straatpeil gebouwd.
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
18
Open
80 mm
40 mm
40 mm
20 mm
Drukriolering: In gebieden met drukriolering zamelt de gemeente Zutphen géén hemelwater in. De particulier verwerkt het hemelwater op eigen terrein of voert het hemelwater vertraagd af naar oppervlaktewater. Het hemelwater mag niet worden aangesloten op de drukriolering. Toetsnormen • Nieuwe riolering wordt ontworpen op Bui09 van Kennisbank Stedelijk Water, Stichting RIONED. Bij deze bui mag geen water op straat optreden. • Bij Bui08 is de waakhoogte minimaal 30 centimeter. • In situaties waarbij de riolering functioneel door nog zwaardere buien niet meer voldoet dient de maaiveldinrichting van de openbare ruimte de bergings- en afvoerfunctie van de riolering over te nemen. Er mag in deze situaties geen afwenteling plaatsvinden op de omliggende percelen. Op deze wijze moet Bui10 zonder afwenteling verwerkt kunnen worden. • Inzichtelijk gemaakt moet worden dat wateroverlast voorkomen wordt bij extreme buien. Hiervoor moet een bui met een herhalingstijd van eens per 100 jaar (70 mm in één uur) doorgerekend worden en mag deze gebeurtenis niet leiden tot wateroverlast. • Tevens toetst het waterschap of de ontwikkeling niet leidt tot het afwentelen van wateroverlast.
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
19
Open
Grondwater De gemeente streeft bij nieuwbouw naar ontwateringsdieptes zoals opgenomen in de onderstaande tabel. Streefwaarden ontwateringsdiepten (Representatieve Hoge Grondwaterstanden) in relatie tot gebruik Type
Ontwateringsdiepte RHG-waarden
Woningen met of zonder kruipruimte
0,8 m beneden maaiveld = 1,1 m onder vloerpeil
Groenvoorzieningen
Afhankelijk van beplanting/gewassen
Secundaire wegen en woonstraten
0,8 m beneden kruin weg
Primaire wegen
1,0 m beneden kruin weg
Bedrijventerreinen
0,8 m beneden maaiveld = 1,1 m onder vloerpeil
Uitgangspunten: vloerpeil ligt minimaal 30 cm boven kruin van weg2 en maaiveld is gelijk aan de kruin van de weg.
Overige uitgangpunten bij nieuwbouw zijn: • zo min mogelijk beïnvloeden van de natuurlijke grondwaterstand (door bijv. drainage), ofwel een zogenaamde hydrologisch neutrale inrichting. • grondwater niet afvoeren via de riolering naar de RWZI, maar naar bodem of oppervlaktewater. • de ontwikkelaar zorgt voor minimaal 1 jaar aan metingen van de grondwaterhuishouding (middels peilbuizen, minimaal 2 meetmomenten per maand) als input voor de waterparagraaf van een ontwikkeling. • de geplaatste peilbuizen op de ontwikkelingslocatie moeten in uitvoering en locatie geschikt zijn om gehandhaafd te worden na oplevering van de ontwikkeling zodat de gemeente het meetpunt kan opnemen in het gemeentelijke grondwatermeetnet. Watersysteem • De gemeente streeft in verband met het voorkomen van grondwateroverlast bij nieuwbouwplannen naar een ontwateringsdiepte van ten minste 1 meter onder het vloerpeil van de woning. • Uitgangspunt bij ruimtelijke plannen is dat deze hydrologisch neutraal worden aangelegd. Dit betekent dat het omliggende watersysteem niet zwaarder belast zal worden ten gevolge van de ontwikkeling. • In het kader van de weging van het waterbelang toetst het waterschap het watersysteem bij nieuwbouw op inundatie bij een extreme en langdurige neerslagsituatie. Voor de exacte uitgangspunten wordt verwezen naar het betreffende waterschap.
Bouwpeil bij nieuwbouw Het bouwpeil is van belang voor de waterhuishouding binnen de gemeente omdat het bouwpeil invloed heeft op de ontwateringsdiepte en op de gevoeligheid van gebouwen voor waterschade als er bij hevige neerslag water op straat komt te staan. Door het voorschrijven van een minimaal bouwpeil, kan de gewenste ontwateringsdiepte gerealiseerd en in stand gehouden worden en wordt de kans op schade door water op straat beperkt. Met het oog op het beperken van wateroverlast wordt bij nieuwbouw van een gebouw de beganegrond vloer van het gebouw ten minste 30 cm boven straatpeil gebouwd. Uitwerking hemelwaterbeleid De ruimte in stedelijke gebieden wordt steeds intensiever gebruikt. Water is mede-ordenend en maakt deel uit van deze ruimte. De afgelopen jaren is steeds duidelijker geworden dat water om een integrale aanpak vraagt, met koppelingen naar ruimtelijke ordening, natuur en recreatie. Door dit intensieve ruimtegebruik in combinatie met klimaatveranderingen is de kans op wateroverlast en het verontreinigen van oppervlaktewater door overstorten van gemengde rioolstelsels groter geworden. 2
Bij voorkeur meer in verband met klimaatverandering; vloerpeil dusdanig hoog aanleggen dat er bij extreme buien geen water in het gebouw komt. 18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
20
Open
Definitie wateroverlast De zwaardere buien die door de klimaatverandering vallen, kunnen niet meer alleen door het buizenstelsel in de grond – de riolering – worden verwerkt. De ruimte (openbaar en particulier) gaat daarom een steeds belangrijkere rol spelen bij het zoeken naar mogelijkheden om de kans op wateroverlast te beperken. Wij stemmen dit af met het waterschap en zijn aanspreekpunt voor de inwoners. De gemeente Zutphen spreekt van wateroverlast indien: ▪ puur afvalwater (als gevolg van een storing of calamiteit) op straat staat en/of huizen of gebouwen instroomt; ▪ afvalwater afkomstig uit een gemengd rioolstelsel langer dan 2 uur op straat staat én dit stinkt en/ of er toiletpapier en andere (visueel waar te nemen) verontreinigingen in aanwezig zijn (volksgezondheidsrisico); ▪ water via de straat huizen of gebouwen instroomt; ▪ afvalwater overloopt uit toiletten op begane grond niveau; ▪ water verkeersaders en doorgaande (ontsluitings)wegen gedurende meer dan 2 uur blokkeert; ▪ water langer dan 2 uur hinder oplevert voor het verkeer (gemotoriseerd, fietsers en voetgangers); ▪ (afval)water langer dan 2 uur in een tuin staat en dit water afkomstig is uit het rioolstelsel. Bij bovenstaande situaties gaat de gemeente samen met het waterschap en de inwoner actief op zoek naar doelmatige maatregelen.
Hemelwater in de bestaande stad De gemeenten en het waterschap streven ernaar om zoveel mogelijk hemelwater af te koppelen van het gemengde rioolstelsel. Afkoppelen is echter geen doel op zich. De kosten moeten in verhouding staan met de baten (doelmatig). In onderstaande tekst wordt duidelijk gemaakt wanneer en hoe de gemeenten hun afkoppel ambitie in de bestaande stad gaan vorm geven. Afkoppelen in combinatie met riool en wegvervanging: • Bij vervanging/ reconstructie van riolering en wegen zal het verhard oppervlak in principe altijd zoveel mogelijk worden afgekoppeld, tenzij niet haalbaar (grondwaterstand, bodemgesteldheid etc.) of doelmatig (relatie kosten – baten). • Het doelmatigheidsvraagstuk wordt per project bekeken en is onder andere afhankelijk van het hydraulisch en milieutechnisch functioneren van het omliggende rioolstelsel. In geval van hydraulische en milieutechnische knelpunten zal meer energie en geld gestoken worden in het afkoppelen van verharding. • Wij hanteren voor de doelmatigheidsafweging de volgende tabel:
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
21
Open
Aandachtspunten doelmatigheidsafweging rioolmaatregelen.
Aspect
Beoordeling (on)doelmatigheid
Wat is de aanleiding om werkzaamheden aan de riolering uit te voeren en wat zijn de schadebeelden?
-
Is vervanging de enige optie of zijn (plaatselijke) reparaties of renovaties ook mogelijk?
Hydraulisch functioneren rioolstelsel (voldoen aan de norm)
-
Op de betreffende locatie Binnen het bemalingsgebied
Functioneren rioolstelsel en bovengrond bij extreme neerslag
-
Op de betreffende locatie Binnen het bemalingsgebied
Ruimte (groen) en kansen aanwezig voor waterberging? Oppervlakkige afvoer mogelijk?
-
Ja, dan overwegen
DPRA-aandachtslocatie op het gebied van verdroging en/of hittestress?
-
In de directe nabijheid van de betreffende locatie Binnen het bemalingsgebied
-
Vuilemissie, waterkwaliteit (oppervlakte- en grondwater, doorstroming)?
-
klimaatbestendig
inrichten
In de directe nabijheid van de betreffende locatie Binnen of in de nabijheid van het bemalingsgebied
Ingrepen vanuit andere disciplines voorzien of gepland? (In verband met meeliften/ werk met werk maken)
-
Ja, dan meenemen in de afweging/ afstemmen met betreffend taakveld
No regret-maatregelen uitvoerbaar?
-
Ja, dan minimaal de no regret-maatregelen uitvoeren.
Middels dit schema trachten wij bij iedere ingreep in de openbare ruimte de resultaten van zowel het hydraulisch functioneren van de riolering, het IBKP en de klimaatstresstesten mee te nemen in de afweging. Niet alleen ten aanzien van wateroverlast, maar ook op het gebied van hittestress, droogte, doorstroming en kwaliteit van het oppervlaktewater. •
Het streven is om tevens de aangrenzende dakoppervlakken van de particulieren zoveel mogelijk af te koppelen. o In de praktijk zal dit vooral de voorkant van de woning zijn (regenpijpen). o Ook hier geldt dat de kosten in verhouding moeten staan met de baten (doelmatig). o De kosten voor het afkoppelen op particulier daken zijn voor rekening van de gemeente. o Het particulier terrein wordt weer in de oude staat hersteld. o Alleen bovengrondse afstroming, eventueel met een spuwer op de erfgrens (bijvoorbeeld met behulp van een kolk).
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
22
Open
Afkoppelsubsidie Om inwoners te stimuleren om verhard oppervlak af te koppelen van de riolering en hemelwater te verwerken op eigen terrein heeft de gemeente Zutphen voor de planperiode 2026 – 2030 een jaarlijks subsidiebedrag van € 30.000 gereserveerd voor het afkoppelen van daken en het aanleggen van groene daken (afkoppelsubsidie gemeente Zutphen: zie gemeentelijke website voor meer informatie 3). Vooralsnog geen afkoppelverplichting Naast het vrijwillig afkoppelen van hemelwater op eigen terrein kan de gemeente de inwoners ook verplichten om hemelwater af te koppelen op basis van regels in het Omgevingsplan. Op dit moment is dit een te zwaar middel en ook niet de keuze van de gemeente. Overig Kleur leidingen Om de kans op foute aansluitingen te verkleinen wordt met verschillende kleuren leidingen gewerkt. De gemeente hanteert de volgende kleuren: • Bruin: buizen voor vuilwater bij (verbeterd) gescheiden stelsels (ook de vuilwater huisaansluitingen); • Grijs: buizen voor gemengde stelsels (ook de huis- en kolkaansluitingen) • Groen: voor infiltratieriolen Onkruidbestrijding De gemeente Zutphen hanteert een milieuverantwoordelijke onkruidbestrijding.
3
https://zutphen.nl/subsidies-en-leningen/subsidie-afkoppelen-regenwater
18 november 2025
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
23
Open
Bijlage 4-1
Locaties en kenmerken van riooloverstorten
Code
Naam
Drempelhoogte Drempelbreedte [m NAP] [m]
Vuilvracht [kg CZV/jaar]
112112
Van Suchtelenstraat
6,25
6,00
661
120593
Voorsterallee
6,54
1,00
120695
Van de Capellenlaan
7,88
4,00
121110
Brand Buysstraat
6,54
3,37
122753
Industrieweg / Pollaan
6,83
4,40
123141
123141-123140 (gesloten)
-
-
123210
Pollaan / Kleine Belt op duiker
7,54
1,80
123702
IJslandsestraat
6,40
2,00
4
125000
Industrieweg
6,00
1,85
477
130055
Valckstraat / IJsbaan
6,78
4,55
99
140010
Braamkamp-oost
5,86
1,20
264
140460
Tichelkuilen / Zwanevlot
6,34
1,50
48
154440
Letlandsestraat
6,60
2,00
174086
Hoge Balver
6,70
3,00
180611
Kleine Tonge
6,11
2,24
187260
187260
6,20
1,00
190400
Mulderskamp / Schoolstraat
6,40
1,20
179
193500
Weg naar Voorst / Mulderskamp
6,42
1,28
132
196000
Mulderskamp
6,35
1,20
606
220233
BBB Roodsplein extern
7,00
15,00
342
321620
AH / Miroterrein
7,00
1,00
73
337005
337005-337000
6,51
0,25
408800
BBB Belastingkantoor / Laan naar Eme extern
6,43
4,10
505000
Mozartstraat / Emmerikseweg
6,42
2,00
505100
Stuwput Emmerikseweg
7,53
3,42
520820
Prinses Marijkelaan
7,46
2,00
49
525500
Prinses Marijkelaan
6,97
1,00
65
526410
J. Vermeerstraat / P. Potterstraat
7,46
1,10
550908
BBB Verdistraat extern
6,01
15,00
18 november 2025
1029
731
52
2922
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
24
Open
Naam
Drempelhoogte Drempelbreedte [m NAP] [m]
Vuilvracht [kg CZV/jaar]
Overstort Paulus Potterstraat
5,97
Ei 0,3/0,45
357
701510
Laan van Eme/ Emmerikseweg
6,17
4,00
701520
Laan van Eme/ Emmerikseweg
6,22
4,00
711200
Braamkamp / Centraal
6,39
1,20
110
752701
Stokebrand oost / Harenbergweg
6,30
1,30
236
759300
IJsselflat / Weerdslag
6,45
0,90
43
799402
IJsselflat / Zwanevlot
6,36
2,00
56
824100
Overstort Harenbergweg
5,49
1,46
1433
900168
Gelderhors t/ den Elterweg
6,53
4,00
902683
Verlengde Ooyerhoekseweg
6,53
4,00
903012
Molengracht / Looijerstraat
7,82
5,40
176
919614
Jutlandsestraat
6,80
5,00
2883
925636
925636
7,00
8,00
925639
Jutlandsedstraat
7,68
9,18
990207
BBB Laan naar Eme extern
5,47
10,00
2546
121480DO
Achterveldstraat / Lintelostraat
6,41
4,60
2963
121480RO
Lintelostraat regen
6,92
3,15
122682R
Pollaan
6,00
5,00
3550
135150A
Coehoornsingel / Sutfene
6,96
9,40
1672
174085c1
Hekkehorst
6,70
3,00
174085c2
Hekkehorst
6,70
2,00
22_5
De Bosrand
6,35
2,00
220234c2
BBB Roodsplein intern
7,00
10,00
24_139
A. Franklaan/ Leesten de Enk
6,35
2,00
24_18
H. Pollaklaan / Horseler
6,35
2,00
24_79
C. van Eiklaan / Leesten de Enk
6,37
2,00
24_9
Marga Klompelaan
6,35
2,00
26_206
Ida Gerhardtsingel / R. van Gulliklaan
6,35
1,00
26_42
J. Spierlaan/ van Hoornlaan
6,35
1,00
26_44
J. Spierlaan / Gemaal
6,35
1,00
26_58
Ida Gerhardtsingel / Lomeijerplein
6,35
1,00
524200A
Paulus Potterstraat / hoofdgracht
7,51
2,60
Code
634002
18 november 2025
128
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
25
Open
Code
Naam
Drempelhoogte Drempelbreedte [m NAP] [m]
550907c2
BBB Verdistraat intern
6,00
15,00
62_7
Loohorst
6,60
5,00
737401c2
Stokebrand oost/ Emmerikseweg
6,41
2,10
912200c2
Pollaan / Grote Belt
5,23
1,80
990001O
Berging Oostzeestraat / Litauensestraat intern
5,85
2,00
990002C
Berging Oostzeestraat / Litaunsestraat extern
6,00
2,00
G40
Rijkstraatweg / Kerkplein
7,11
3,00
G5
BBB Belastingkantoor / Laan naar Eme intern
6,50
4,35
G9
Pollaan/ Grote Belt
6,45
9,23
HWA_043
HWA_043
6,80
1,50
HWA_045
HWA_045
7,30
1,00
HWA_047
HWA_047
6,60
4,00
HWA_051
HWA_051
6,70
1,00
HWA_055
HWA_055
6,90
1,00
HWA_115
HWA_115
7,40
1,00
HWA_117
HWA_117
7,20
2,00
HWA_123
HWA_123
7,20
1,00
HWA_124
HWA_124
7,40
1,00
HWA_126
HWA_126
7,20
1,50
HWA_127
HWA_127
6,60
1,75
HWA_129c1 HWA_129c1
6,90
1,00
HWA_139
HWA_139
6,50
4,00
K199
Breegraven – ‘t Spiker
6,34
1,45
K275
Rijkstraatweg / Kerkplein
6,90
3,00
62
M002
‘t Spiker / Callenfeldplein
6,81
8,00
1077
R11
Rhienderinklaan
7,27
1,50
R22
Scheurkamp
6,76
4,35
R24
Scheurkamp
6,62
4,35
Rk200
Rk200
7,50
1,00
RWA_09
RWA_09
7,43
1,00
RWA_17
RWA_17
7,28
1,50
18 november 2025
Vuilvracht [kg CZV/jaar]
157
BK5476-HK-XX-ZZ-RP-Z-0001
26
Open
Code
Naam
Drempelhoogte Drempelbreedte [m NAP] [m]
Vuilvracht [kg CZV/jaar]
RWO2
Boonendaal / vijver
7,60
2,85
W059
De Drift
6,80
4,80
352
W260
Vijverpad
6,89
6,20
410
W341