CConstaterende datZutphen
Koppel je AI →
Document · PDF

1129756 - Bijlage 1 - Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

Raadsvergadering 15 december 2025, gemeente ZutphenBij agendapunt: Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 20253.656 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

Colofon Dit is een uitgave van de gemeente Zutphen Postbus 41 7200 AA Zutphen 's Gravenhof 2 www.zutphen.nl team Concerncontrol 16-10-2025 Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

2 / 13

Inhoud 1. Inleiding

4

2. Doelstelling

5

3. Definities

6

4. Uitgangspunten

7

5. Rollen en verantwoordelijkheden

7

6. Beheersmaatregelen 6.1 Preventieve maatregelen 6.2 Repressieve maatregelen

8 8 9

7. Intensiteit M&O-beleid

10

8. Risicogebieden

10

9. Uitvoering en rapportage

12

Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

3 / 13

1. Inleiding De jaarrekening bevat sinds 2023 een rechtmatigheidsverantwoording. In de rechtmatigheidsverantwoording worden drie rechtmatigheidscriteria toegelicht door het college: het begrotingscriterium, het voorwaardencriterium en het Misbruik & Oneigenlijk gebruik (hierna ook: M&O) criterium. Ook in de financiële verordening wordt de rechtmatigheidsverantwoording benoemd. In artikel 11, tweede lid van deze verordening is aangegeven dat het college verantwoordelijk is voor het vaststellen van regels om M&O te voorkomen. Gemeentelijke regelingen kunnen gevoelig zijn voor M&O. Denk bijvoorbeeld aan het bewust opgeven van valse gegevens om in aanmerking te komen voor een subsidie, voorziening, vergunning of uitkering. Het is aan het gemeentebestuur om beheersmaatregelen te nemen om M&O te voorkomen en te bestrijden. De landelijke commissie Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (hierna de commissie BBV) beveelt daarom in de zogeheten Kadernota rechtmatigheid 2025 (hoofdstuk 4.3.2) aan om een overkoepelende nota M&O-beleid op te stellen waarin de filosofie, algemene uitgangspunten, risicoanalyse en maatregelen uiteen worden gezet. Met deze nota wordt uitvoering gegeven aan deze aanbeveling van de commissie BBV en stelt het college regels op om M&O te voorkomen in lijn met de financiële verordening. Het is van belang M&O te voorkomen en tijdig te ontdekken.

Door actief beleid te voeren tegen M&O laat de gemeente zien dat zij zorgvuldig omgaat met publieke middelen. Dit is essentieel voor het maatschappelijk draagvlak voor gemeentelijk beleid. Het is belangrijk om te benoemen dat deze nota gericht is op bewust M&O van gemeentelijke regelingen. Het kan namelijk ook voorkomen dat er zonder opzet onjuist gebruik wordt gemaakt van een gemeentelijke regeling, bijvoorbeeld als gevolg van gebrekkige kennis van regels. Het is daarom van belang dat regelingen en vigerende wet‐ en regelgeving duidelijk en begrijpelijk zijn. Daarnaast is deze nota gericht op M&O door (externe) gebruikers van gemeentelijke regelingen. Het beleid ten aanzien van de beheersing van interne frauderisico’s is elders vastgelegd. In hoofdstuk twee Doelstelling wordt dit nader toegelicht. Om te bepalen welke beheersmaatregelen proportioneel zijn ten opzichte van het risico op M&O, is een risico inventarisatie gemaakt. Hiervoor zijn risicogebieden aangemerkt. Risicogebieden zijn gemeentelijke regelingen en processen waarbij een risico op M&O aanwezig is, bijvoorbeeld door een grote afhankelijkheid van gegevens van derden of door een voorziening met significante financiële omvang. De aanpak om M&O tegen te gaan vereist een gerichte en proportionele inzet van beheersmaatregelen.

Daarom zijn de risicogebieden onderverdeeld in drie categorieën op basis van de risico-inventarisatie. De mate van risico op M&O bepaalt de intensiteit en daarmee de proportionaliteit van de beheersmaatregelen die worden ingezet om M&O te voorkomen, tijdig te signaleren en achteraf te corrigeren waar mogelijk.

Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

4 / 13

2. Doelstelling Het doel van het M&O-beleid is om kaders te stellen voor het treffen van adequate beheersmaatregelen ter voorkoming van M&O. Het beoogd effect hiervan is in eerste instantie om M&O van gemeentelijke regelingen te voorkomen (preventief beleid). In tweede instantie om achteraf te controleren of M&O heeft plaatsgevonden en waar mogelijk het corrigeren en/of sanctioneren (repressief beleid). Daarmee is het M&Obeleid ook cyclisch. Als blijkt dat M&O heeft plaatsgevonden kunnen beleidskaders van regelingen aangepast worden om dit in de toekomst te voorkomen. Deze nota M&O draagt bij aan transparantie en consistentie van gemeentelijk beleid door heldere en uniforme uitgangspunten te formuleren, zodat op eenduidige wijze aandacht wordt gegeven aan M&O. Het maakt ook mogelijk dat afgewogen kan worden welke beheersmaatregelen benodigd en doeltreffend zijn, afgezet tegen de proportionaliteit, de inspanning die zij kosten en het financieel nut ervan. Daarbij is het noodzakelijk dat beheersmaatregelen in het kader van M&O-beleid onderdeel uitmaken van de specifieke verordeningen, regelingen en processen zodat deze geborgd zijn in de administratieve organisatie. Onderdeel daarvan zijn uiteraard ook M&O-maatregelen die voortvloeien uit landelijke wetgeving. Afbakening Deze nota M&O is extern gericht, namelijk op alle gebruikers van gemeentelijke regelingen.

Deze nota heeft dus geen betrekking op het voorkomen van intern M&O. Ambtenaren van de gemeente Zutphen leggen de ambtseed af waarmee zij verklaren een integere ambtenaar te zijn. Daarnaast heeft de gemeente Zutphen een door de gemeenteraad vastgestelde Gedragscode Integriteit ambtenaren gemeente Zutphen 20251. Om M&O door ambtenaren te voorkomen zijn in deze gedragscode bepalingen opgenomen die betrekking hebben op onder andere het goed en integer handelen, het vertrouwelijk omgaan met gevoelige informatie, nevenfuncties, regels voor het aannemen van geschenken, aanbiedingen en incidentele vergoedingen, omgang met belangen van familieleden, vrienden en (ex-) collega’s en hoe verantwoord om te gaan met gemeentelijke voorzieningen en personeelsregelingen. Daarnaast wordt intern een frauderisicoanalyse uitgevoerd om risico’s te identificeren zodat adequate beheersmaatregelen kunnen worden getroffen.

1 https://zutphen.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Document/e2939591-efa3-4e6a-887c-

72d19e03836f?documentId=a59360ca-d300-4fee-abdd-07c2ba8cac15 Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

5 / 13

3. Definities De commissie BBV heeft in de Kadernota rechtmatigheid 2025 (hoofdstuk 4.3.1 en bijlage 5) enkele definities geformuleerd die betrekking hebben op M&O. In deze nota wordt deze definitie bepalingen overgenomen. (Financiële) Rechtmatigheid De definitie van rechtmatigheid wordt door de commissie BBV in de Kadernota rechtmatigheid 2025 geformuleerd als: “het voldoen aan wet- en regelgeving.” In het kader van de rechtmatigheidsverantwoording is er een duidelijke relatie met de zogeheten ‘financiële rechtmatigheid’. Voor ‘rechtmatigheid’ in deze nota kan dan ook ‘financiële rechtmatigheid’ gelezen worden. In de kadernota wordt financiële rechtmatigheid geformuleerd als: “het voldoen aan wet‐ en regelgeving bij het uitvoeren van financiële beheershandelingen.” Misbruik De commissie BBV geeft in de Kadernota rechtmatigheid 2025 de volgende definitie van misbruik: “Het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel ten onrechte overheidssubsidies of -uitkeringen te verkrijgen of niet dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen.” Misbruik is onrechtmatig, oftewel in strijd met wet- en regelgeving.

Oneigenlijk gebruik Onder oneigenlijk gebruik verstaat de commissie BBV in de Kadernota rechtmatigheid 2025: “Het door het aangaan van rechtshandelingen, al dan niet gecombineerd met feitelijke handelingen, verkrijgen van overheidsbijdragen of het niet dan wel tot een te laag bedrag betalen van heffingen aan de overheid, in overeenstemming met de bewoordingen van de regelgeving maar in strijd met het doel en de strekking daarvan. Oneigenlijk gebruik is niet onrechtmatig omdat de wet- en regelgeving naar de letter wel is nageleefd, maar er afgeweken is van de doelstelling van een overheidsregeling. M&O gevoeligheid M&O kan plaatsvinden bij regelingen waarbij de gemeente afhankelijk is van gegevens die door derden zijn verstrekt. Deze afhankelijkheid wordt M&O-gevoeligheid genoemd, waarbij de mate van afhankelijkheid direct invloed heeft op de hoogte van het risico op M&O. M&O gevoelige regelingen zijn regelingen waar M&O kan plaatsvinden. Specifiek M&O-beleid Het overkoepelende M&O-beleid, zoals neergelegd in deze nota, wordt uitgewerkt en geïmplementeerd in regelingen, regelgeving en processen. Deze implementatie wordt specifiek M&O-beleid genoemd. Op specifiek M&O-beleid kunnen wettelijke eisen en minimumnormen voor het nemen van beheersmaatregelen tegen M&O van toepassing zijn.

Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

6 / 13

4. Uitgangspunten De volgende algemene uitgangspunten zijn van toepassing op het beleid ter bestrijding van M&O van gemeentelijke regelingen: • • • •

• •

• •

•

Er wordt gewerkt vanuit een basishouding van vertrouwen richting alle gebruikers van gemeentelijke regelingen. Preventie staat centraal, omdat voorkomen effectiever is dan herstellen. Controles en beheersmaatregelen zijn proportioneel en worden afgestemd op de risico’s. De afhankelijkheid van ontvangen gegevens van belanghebbenden wordt geminimaliseerd. Ontvangen gegevens worden waar mogelijk geverifieerd om de betrouwbaarheid te waarborgen. Eventuele overtredingen worden na melding of signalering zo snel mogelijk onderzocht. Na constatering van misbruik herstellen we de onrechtmatige situatie zo snel mogelijk. Indien mogelijk wordt het financieel voordeel weggenomen en afhankelijk van de situatie wordt mogelijk een boete of maatregel opgelegd. Na constatering van oneigenlijk gebruik beoordelen we de regeling en voeren we waar nodig wijzigingen door om dit in de toekomst te voorkomen. Bij subsidieaanvragen is artikel 6a Goed bestuur uit de Algemene subsidieverordening gemeente Zutphen 2025 van toepassing. Een aanvrager houdt zich aan de eigen branche specifieke Governance Code, of bij gebreke daarvan aan de Zutphense Voorwaarden voor goed bestuur bij subsidieverlening. Beleid wordt minimaal eens per vier jaar herzien om de aansluiting bij actuele wet- en regelgeving en praktijkervaringen te waarborgen.

5. Rollen en verantwoordelijkheden Over de rollen en verantwoordelijkheden bij deze nota M&O is het volgende aan te geven: •

•

De raad heeft een kaderstellende en controlerende rol ten aanzien van het (financieel) rechtmatig handelen van de gemeente Het vaststellen van deze nota M&O is onderdeel hiervan. In zijn controlerende rol ontvangt de raad de rechtmatigheidsverantwoording van het college als onderdeel van de jaarrekening. Het college mandateert de uitvoering van dit beleid aan de directie en bewaakt de voortgang. Daarnaast legt het college middels de rechtmatigheidsverantwoording en de paragraaf bedrijfsvoering in de jaarrekening verantwoording af aan de raad over het financieel rechtmatig handelen. Wanneer het college concludeert dat het M&Obeleid (op onderdelen) niet actueel is, dat er geen M&O-beleid bestaat in de specifieke beleidsstukken, of het M&O-beleid feitelijk niet wordt nageleefd dan

Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

7 / 13

vermeldt het college dit in de paragraaf bedrijfsvoering. Daadwerkelijke afwijkingen als gevolg van misbruik, voor zover deze niet het getrouwheidsaspect raken, worden betrokken bij het opstellen van de rechtmatigheidsverantwoording.

6. Beheersmaatregelen Het nemen van beheersmaatregelen is essentieel om M&O te voorkomen. Hieronder worden een aantal voorbeelden van beheersmaatregelen geschetst, zowel preventief als repressief. De genoemde voorbeelden zijn niet limitatief. Uiteindelijk zullen beheersmaatregelen ter voorkoming van M&O worden opgenomen in de specifieke verordeningen, regelingen en processen. In deze specifieke beleidsstukken wordt daarbij afgewogen welke beheersmaatregelen relevant, adequaat en proportioneel zijn, onder andere op basis van de risicocategorie waarin het betreffende risicogebied is ingedeeld (zie hoofdstuk 7 & 8). Deze beheersmaatregelen worden vervolgens verwerkt in de betreffende beleidsdocumenten.

6.1 Preventieve maatregelen Preventieve beheersmaatregelen zijn beheersmaatregelen die liggen vóór het moment van beschikken en/of betalen van een subsidie, voorziening, vergunning of uitkering. Voorlichting door middel van heldere regels en richtlijnen Het opstellen van heldere en passende regels en richtlijnen in verordeningen, regelingen en beleidsregels door het gemeentebestuur dient als voorlichting voor de gebruikers van deze gemeentelijke wet- en regelgeving en beperkt het risico op M&O. Voorlichting bevat ook informatie over de consequenties van M&O, inclusief mogelijke sancties bij misbruik. Een aantal aandachtspunten zijn van belang bij het opstellen van deze gemeentelijke wet- en regelgeving: • • • • • • • • •

Formuleer heldere, eenduidige en begrijpelijke definities en bepalingen. Omschrijf nauwkeurig het doel en de doelgroep van de regeling. Ingangsdatums en overgangsregels zijn in de regeling opgenomen. Rechten, plichten en voorwaarden zijn opgenomen. Voorkom mogelijke tegenstrijdigheden en overbodige bepalingen. Probeer de afhankelijkheid van gegevens van derden te verminderen. Rechten, plichten, voorwaarden, voorschriften en beperkingen zijn duidelijk. Neem een verwijzing op naar controle- en sanctiebeleid in de regelgeving. Pas regelgeving aan als blijkt dat oneigenlijk gebruik mogelijk is.

Controle vooraf Controle in de uitvoering is een middel om te signaleren of er sprake is van M&O. Mogelijke M&O gevallen worden zo vroegtijdig waargenomen. Controle vooraf van gegevens wordt uitgevoerd tot aan het moment van betaling of verlening van de beschikking en is een preventieve beheersmaatregel. Controle vooraf richt zich op het toetsen van gegevens die door belanghebbenden zijn verstrekt. Zo wordt nagegaan of inwoners, ondernemers, organisaties en/of instellingen aan de voorwaarden voldoen van bijvoorbeeld een subsidie of een vergunning. Controles vooraf hebben een belangrijke Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

8 / 13

"poortwachter functie" en leiden tot het verkleinen van het risico op M&O. De meeste aandacht geven we aan de regelingen en processtappen waar de risico’s het grootst zijn. Het uitvoeren van een risicoanalyse is behulpzaam bij de bepaling daarvan. We hebben meestal in beleid en in werkprocesbeschrijvingen vastgelegd welke controlemethoden worden gebruikt. Controles kunnen variëren van integraal (totale controle), steekproefsgewijs tot incidenteel. Hierbij is de aard en omvang van de doelgroep en hoe misbruikgevoelig een regeling is van groot belang. Processen waarbij gevoeligheden spelen moeten voldoende beheersmaatregelen bevatten om de tijdigheid, juistheid, volledigheid te toetsen van door belanghebbende(n) verstrekte gegevens.

6.2 Repressieve maatregelen Repressieve beheersmaatregelen zijn beheersmaatregelen die na het moment van beschikken of betalen worden genomen. Deze beheersmaatregelen zijn ingedeeld in twee categorieën. Controle achteraf Controle achteraf wordt uitgevoerd na het betalen van bedragen, dan wel het geven van een beschikking. Controle achteraf is een repressieve beheersmaatregel. In het kader van M&O-beleid richt controle zich op het toetsen van gegevens die door belanghebbenden zijn verstrekt. Deze controles kunnen onderdeel zijn van het reguliere werkproces. Daarnaast voert de gemeentelijke Verbijzonderde Interne Controle periodieke steekproefsgewijs controles uit. Hierbij wordt beoordeeld of er conform de interne procedures wordt gewerkt en of transacties getrouw en rechtmatig tot stand zijn gekomen. De invulling van de repressieve controle is afhankelijk van factoren zoals aard en omvang van de doelgroep en het mogelijke risico op M&O. Bij M&O gevoelige regelingen is inzicht in de controleresultaten via adequate vastlegging van belang. De resultaten van de controle leiden zo nodig tot aanpassing van de regeling of het controlebeleid. Sancties Misbruik is opzettelijk en onrechtmatig in tegenstelling tot oneigenlijk gebruik. In reactie op geconstateerd misbruik is adequaat sanctiebeleid van belang. Een eventuele sanctie moet redelijk en billijk zijn in relatie tot het vergrijp.

Het uitgangspunt is dat minimaal het behaalde voordeel wordt teruggevorderd. Dat betekent terugvordering van de te veel betaalde bedragen, naheffing van ten onrechte gederfde ontvangsten en/of intrekking van een onterecht verstrekte vergunning, voorziening, vergunning of uitkering. Bij misbruik moet individueel beoordeeld worden of het doen van aangifte gepast is en of het opleggen van een boete gepast en mogelijk is. Aangezien oneigenlijk gebruik niet onrechtmatig is, kan dit niet gesanctioneerd worden. Als er oneigenlijk gebruik wordt vastgesteld, moet de regeling zo snel mogelijk worden aangepast om oneigenlijk gebruik in de toekomst te voorkomen.

Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

9 / 13

7. Intensiteit M&O-beleid De intensiteit van het M&O-beleid verschilt per regeling en hangt samen met de hoogte van het risico op, en de impact van, M&O. De hoogte van een risico is afhankelijk van de kans op M&O en de mogelijke (financiële) impact. Bij een laag risico met een kleine financiële impact zijn weinig of geen aanvullende beheersmaatregelen nodig. Bij een hoog risico met een grote financiële impact zijn de beheersmaatregelen strenger om zo het risico beter te beheersen. Afhankelijk van de hoogte van het risico en de mogelijke impact, zowel financieel als maatschappelijk, wordt de intensiteit van de te nemen beheersmaatregelen bepaald. Op basis van deze intensiteit worden drie categorieën onderscheiden: M&O-beleid met aanvullende beheersmaatregelen M&O-beleid uit deze categorie omvat beheersmaatregelen die verder gaan dan de reguliere beheersmaatregelen op het gebied van de administratieve organisatie en interne controle (AO/IC). Voor deze regelingen zijn ter bestrijding van het risico op M&O specifieke en aanvullende beheersmaatregelen noodzakelijk. Enerzijds preventief in het scheppen van voorwaarden, anderzijds repressief in de vorm van actief toezicht en controle achteraf op de voorwaarden. M&O-beleid met minimale aanvullende beheersmaatregelen Voor regelingen uit deze categorie is enige waakzaamheid geboden.

Enkele aanvullende beheersmaatregelen worden getroffen, zoals bijvoorbeeld een actieve en begrijpelijke voorlichting en een kritische beoordeling van de onderbouwing en herkomst van door derden aangeleverde gegevens. M&O-beleid zonder aanvullende beheersmaatregelen In deze categorie is het risico op M&O laag en zijn geen aanvullende beheersmaatregelen noodzakelijk. Een voorwaarde hierbij is dat reguliere beheersmaatregelen op het gebied van de AO/IC toereikend zijn en goed functioneren.

8. Risicogebieden Het risico op M&O is vooral aanwezig bij regelingen waarbij informatie van derden bepalend is voor het verlenen en vaststellen van (de hoogte van) uitkeringen, voorzieningen, subsidies, heffingen, belastingen en vergunningen. Specifieke regelingen die gevoelig zijn voor M&O zijn aangemerkt als risicogebieden en ingedeeld in de verschillende categorieën. Het betreft regelingen waarbij derden een Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

10 / 13

aanmerkelijk (financieel) belang hebben en waarbij de gemeente in grote mate afhankelijk is van door diezelfde derden verstrekte gegevens. Deze opsomming is niet limitatief en dient gezien te worden als een kapstok binnen dit overkoepelende beleid. Bij het ontwikkelen of vernieuwen van beleid dient een afweging te worden gemaakt in welke categorie de betreffende regeling valt, waarna op basis daarvan passende beheersmaatregelen kunnen worden vastgesteld en geïmplementeerd. Daarbij is het ook van belang dat de uitgangspunten uit hoofdstuk 4 in dit proces worden meegenomen. M&O-beleid met aanvullende beheersmaatregelen Uitgifte documenten Bij het verstrekken van identiteitsbewijzen, reisdocumenten en rijbewijzen wordt gebruik gemaakt van gegevens uit de Basisregistratie Personen (hierna ook: BRP). Gezien de afhankelijkheid van deze gegevens en de mogelijke (financiële) impact bij identiteitsfraude, of misbruik van deze documenten in andere vorm, zijn beheersmaatregelen noodzakelijk die verder gaan de reguliere beheersmaatregelen op het gebied van de (AO/IC). Inkomensoverdrachten De meeste inkomensoverdrachten in het kader van werk en inkomen (Participatiewet, Besluit bijstandverlening zelfstandigen en minima-regelingen) vormen feitelijk een open einderegeling. Als de inwoner aan de voorwaarden voldoet, is de gemeente gehouden een uitkering te verstrekken.

Ondanks dat vanuit vertrouwen wordt gehandeld is, gezien de sterke persoonlijke belangen van de aanvrager het risico van onbetrouwbare gegevensverstrekking aanwezig. Daarbij komt dat de betrouwbaarheid van de gegevens bepalend is voor het vaststellen van het recht op en de hoogte en duur van inkomensondersteuning. Jeugdwet en Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) In het kader van de Wmo en de Jeugdwet verstrekt de gemeente, als de inwoner aan bepaalde voorwaarden voldoet, individuele voorzieningen. Ook huisartsen, zorgspecialisten en gecertificeerde instellingen mogen voorzieningen voorschrijven die de gemeente vervolgens uitvoert. Zoals ook bij inkomensoverdrachten het geval is, betreft het verstrekken van deze voorzieningen een open einderegeling. De informatieverstrekking door de belanghebbende is van belang voor het vaststellen van recht, hoogte en duur van de voorziening. Tevens is de gemeente afhankelijk van informatie van externen zoals verwijzers en zorgaanbieders over de door hen geleverde zorg. Inkopen en aanbesteding Met inkoop en aanbesteding kan een aanzienlijk financieel belang gemoeid zijn en de wet- en regelgeving rondom aanbestedingen is complex. De gemeente is hierbij deels afhankelijk van de betrouwbaarheid van gegevens die door derden worden verstrekt.

Echter bevatten de wet- en regelgeving en het inkoop- en aanbestedingsbeleid de nodige waarborgen ter voorkomen van M&O. Het proces van factuurbetaling is gevoelig voor M&O. Door de afhankelijkheid van gegevens van derden bestaat het risico op betaling van nepfacturen of facturen waarvoor geen prestatie is geleverd.

Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

11 / 13

M&O-beleid met minimale aanvullende beheersmaatregelen Subsidieverstrekking Subsidies worden in beginsel uitsluitend verstrekt op basis van de geldende subsidieverordening en bijbehorende subsidieregeling(en). Bij de subsidieverstrekking is de gemeente grotendeels afhankelijk van de betrouwbaarheid van de door inwoners, ondernemers, organisaties en/of instellingen verstrekte gegevens. Gezien het financiële belang dat vaak met subsidieverstrekking gepaard gaat, kan de impact groot zijn. Bijvoorbeeld als belanghebbenden geld ontvangen waarop zij geen recht op hebben, of waarvoor de afgesproken prestaties niet of slechts deels worden nagekomen. Vergunningverlening en handhaving Vergunningverlening en handhaving zijn M&O-gevoelige processen. Hoewel de directe financiële consequenties doorgaans beperkt zijn tot leges, zijn de publieke belangen groot en kunnen indirecte financiële gevolgen aanzienlijk zijn, zoals bij schadeclaims door onterecht afgegeven vergunningen. Een deel van de uitvoering is belegd bij de Omgevingsdienst Achterhoek (ODA). Ook heeft een aanvrager een sterke afhankelijkheid ten opzichte van de gemeente of de ODA voor het verkrijgen van een vergunning, wat risico’s met zich mee brengt. M&O-beleid zonder aanvullende beheersmaatregelen Belastingen De belangrijkste belastingen die de gemeente heft zijn OZB, afvalstoffen- en rioolheffing.

Het proces inzake belastingen is uitbesteed aan de gemeenschappelijke regeling Tribuut. Heffing en invordering van belastingen vindt grotendeels plaats op basis van objectieve gegevens die bijvoorbeeld worden verkregen via de BRP, het kadaster en taxateurs. Bepaalde belastingen zijn wel afhankelijk van gegevensverstrekking door belanghebbenden (bijvoorbeeld toeristenbelasting); de financiële impact bij M&O is hierbij echter gering.

9. Uitvoering en rapportage Deze nota geldt als een kapstok voor de verdere uitvoering van beleid en beheersmaatregelen in de specifieke verordeningen, regelingen en processen. Bestaande regelingen worden periodiek geëvalueerd en indien noodzakelijk aangepast. Bij nieuwe of herziene regelingen moet (opnieuw) beoordeeld worden hoe groot het risico op, en de impact van, M&O is. Op basis van deze beoordeling wordt in de uitwerking van de regeling aandacht besteed aan welke beheersmaatregelen, zowel preventief als repressief, benodigd en doeltreffend zijn afgezet tegen de proportionaliteit, de inspanning die zij kosten en het financieel nut ervan. Om inzicht te krijgen in de wijze waarop het M&O-beleid wordt uitgevoerd en nageleefd, moet verantwoording worden afgelegd. Dit wordt gerealiseerd door aan te sluiten bij de

Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

12 / 13

reguliere planning- en control cyclus. In het kader van de verantwoording worden in ieder geval de volgende stappen ondernomen: • •

•

In de jaarrekening wordt in de paragraaf Bedrijfsvoering informatie opgenomen over het M&O-beleid. In de jaarrekening wordt verantwoordingsinformatie over het M&O-beleid opgenomen: de geconstateerde ongecorrigeerde fouten in de rechtmatigheidsverantwoording en een toelichting in de paragraaf Bedrijfsvoering. Bij het verrichten van (verbijzonderde) interne controles wordt aandacht besteed aan het M&O risico.

Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik gemeente Zutphen 2025

13 / 13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zutphen&id=120d4491-778c-4df3-9d83-4025c5a13b1a