1097018 – bijlage 20 – bijl. mtv nader onderzoek flora en fauna
Tekst van het document
01-08-2024 | 05:54
Steenmarter | 7
Passerend (in daglicht)
01-08-2024
| 22:31
Steenmarter
| 7
Passerend
30-07-2024
| 00:50
Steenmarter
| 10
Eet van de lokstof
s
10
AM
_
606/22/2024
05:10P
Figuur 77. Steenmarter op meetpunt 5 lijkt een j jong in de bek te hebben, of mogelijk een prooi. Opmerking:
AM en PM stonden bij deze cameraval verkeerd ingesteld, waardoor de juiste datum 21 juni 2024 is. De Juiste tijd is hier 05:10 in de ochtend
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
Eerste sporenonderzoek das Het eerste veldonderzoek naar dassensporen
vond
plaats op 15 februari 2024 Tijdens dit
onderzoek werden geen sporen van de das waargenomen. Echter was het plangebied erg nat,
waardoor de velden drassig waren. Er lagen veel plassen water waardoor eventuele putjes en pootafdrukken onder water kunnen zijn door de regen.
zouden
Tweede sporenonderzoek das Het tweede veldonderzoek naar
kunnen
staan,
dassensporen
vond
Ook
zouden
plaats
op
pootafdrukken
18 april 2024.
vervaagd
Tijdens
dit
op 30 april 2024. Tijdens
dit
onderzoek werden geen sporen van de das waargenomen. Derde sporenonderzoek das
Het derde
veldonderzoek
naar dassensporen
vond
plaats
onderzoek werden sporen aangetroffen langs de westelijke rand van het plangebied (Figuur 18). Ook werd een mogelijk loopspoor van de das aangetroffen op deze [ocatie.
Figuur 18. Pootafdrukken van de das aangetroffen in het westen van het plangebied op 30 april 2024 (links) en een mogelijk loopspoor van de das (rechts).
Vierde sporenonderzoek das Het vierde veldonderzoek naar dassensporen vond plaats op 10 mei 2024. Langs de westelijke rand van het plangebied werden
pootafdrukken van de das gezien. Er was minder zekerheid
omdat de sporen iets waren vervaagd, maar het was opnieuw rond de [ocatie waar op 30 april sporen werden aangetroffen.
34
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
Vijfde sporenonderzoek das
Het vijfde veldonderzoek naar dassensporen vond plaats op 4 juni 2024. Ditmaal werden pootafdrukken van de das aangetroffen in het zuiden van het plangebied, vlak ten noorden van het braakliggende terrein (Figuur 19). Zesde sporenonderzoek das Het zesde veldonderzoek naar dassensporen vond plaats op 8 augustus 2024. Er werden tijdens
dit veldonderzoek geen pootafdrukken grond tijdens dit bezoek erg droog was.
of snuitputjes waargenomen,
mogelijk doordat de
Overige waarnemingen van dassensporen Op 19 maart 2024 werden pootafdrukken van de das aangetroffen ter hoogte van het oostelijke uiteinde van de wilgenhoutsingel centraal in het plangebied (Figuur 19). De sporen werden in het donker aangetroffen tijdens een uilenonderzoek. Toen op 18 april opnieuw een controle werd uitgevoerd waren deze sporen niet meer zichtbaar, waarschijnlijk door de hoeveelheid regen van de afgelopen periode weer weggespoeld.
Figuur 19. Pootafdrukken van de das aangetroffen op 19 maart 2024 (links) en pootafdrukken van de das aangetroffen op 4 juni 2024 (rechts). Extra informatie
Op 19 mei 2023 heeft de toenmalige bewoner van Kerkhofweg 3 aangegeven dater al een aantal
maanden steenmarter(s) te horen zijn op het zoldertje van de woning.
35
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
Toetsing Omgevingswet
Het onderzoek naar de bunzing, wezel, boommarter, steenmarter en das heeft geresulteerd in het
aantreffen
van
de
steenmarter
en
de
das.
Hiervan
werd
de
steenmarter
zeer
vaak
waargenomen op cameraval 5 en 7 in de houtsingel langs de westrand van het plangebied. In
een aantal gevallen verscheen de steenmarter ook voor andere cameravallen. Diverse keren verschenen twee exemplaren tegelijk in beeld en vermoedelijk werden er in enkele gevallen ook
jongen
getransporteerd.
Er wordt
verwacht
dat
het
in
alle
gevallen
om
dezelfde
steenmarterfamilie gaat, aangezien de waarnemingen nooit rond dezelfde tijden plaatsvinden. Hierdoor wordt er vanuit gegaan dat er één rust- of voortplantingsplaats is in de houtsingel in het westen
van
het plangebied.
Verder
heeft
de toenmalige
bewoner
van
Kerkhofweg
3
aangegeven dat er steenmarter(s) te horen waren op de zolder van de woning. Hierdoor wordt er ook vanuit gegaan dat er een rust- of voortplantingsplaats aanwezig is op de zolder van Kerkhofweg 3. Omdat de bebouwing in het plangebied zal worden gesloopt en er mogelijk een
deel van de houtopstand wordt gekapt ter hoogte van meetpunt 5, wordt worstcase uitgegaan van negatieve effecten op twee rust- of voortplantingsplaatsen van de steenmarter. De das werd op drie verschillende nachten waargenomen op meetpunt7en 8 in het zuidwesten van het plangebied. Tijdens sporenonderzoeken werden op nog drie andere plekken pootafdrukken en een potentieel loopspoor van deze soort aangetroffen. Deze bevonden zich
langs verschillende
perceelranden
rond
het grote
veld
(afwisselend
een
maïsakker
en
grasland, het oostelijke deel vormt een graanakker). Op de velden zelf werden echter geen sporen aangetroffen, ondanks gericht zoeken. De houtsingel ten westen van het plangebied en
de wilgenhoutsingel werden tevens onderzocht op de aanwezigheid van burchten van de das, maar deze werden niet aangetroffen. Gezien de waarnemingen wordt er vanuit gegaan dat in het plangebied sprake is van een ooproute van de da (Figuur 20).
Figuur
20.
Locaties
waar
pootafdrukken
en
loopsporen
werden
tooprichtingen zoals waargenomen met cameravallen (pijlen).
aangetroffen
(geel
gearceerd)
en
Nader ecologisch onderzoek 53
Buro Ontwerp & Omgeving
Eekhoorn
Eerste onderzoek eekhoorn
Het eerste onderzoek naar de eekhoorn vond plaats op 19 mei 2023. Op verschillende momenten werd er &ên of werden er twee eekhoorns tegelijkertijd gezien, zowel binnen als
net buiten het plangebied (Figuur 21). Ook is er een eekhoornboomnest aangetroffen in een zomereik.
Aan de overkant van de straat, ten noordwesten
aanwezig. Twee eekhoorns zaten
van
Kerkhofweg 3, is een wilg
in deze boom, terwijl ze door een groep
kauwen
werden
“geplaagd’”. Via de bomen verplaatste een eekhoorn zich over de weg naar de bomen binnen het plangebied.
Figuur 21. Gebied waarbinnen twee eekhoorns werden waargenomen (oranje stippellijn) en de zomereik met een eekhoornboomnest (oranje stip).
Tweede, derde en vierde onderzoek eekhoorn
Het tweede, derde en vierde onderzoek naar de eekhoorn vond plaats op 4 maart, 18 april en 15 mei 2024. De onderzoeken hebben niet geresulteerd in waarnemingen van de soort. Extra informatie
Het onderzoek met cameravallen
naar marterachtigen heeft tevens geresulteerd in enkele
waarnemingen
Zie
van
de
eekhoorn.
de
onderstaande
tabel
voor
het
overzicht
van
de
waarnemingen. Tabel 18. Overzicht waarnemingen van de eekhoorn met cameravallen 05-06-2024 | 09:34
Eekhoorn
5
Passerend
11-06-2024
Eekhoorn
5
Waakzaam
| 14:00
gedrag
37
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
Figuur 22. Eekhoorn waargenomen op meetpunt 5 vlak bij de locatie waar in 2023 een eekhoornnest is waargenomen. Opmerking: AM en PM stonden bij deze cameraval verkeerd ingesteld, waardoor de juiste datum 11 juni 2024 is. De juiste tijd is hier 14:00 in de middag.
Toetsing Omgevingswet
Het onderzoek naar de eekhoorn heeft geresulteerd in het aantreffen van exemplaren en een boomnest van de soort in het noordwesten van het plangebied, rond meetpunt 5. Negatieve effecten op de rust- en voortplantingsplaatsen van de eekhoorn kunnen daarom
niet worden
uitgesloten.
54
Woelrat
Eerste woelratonderzoek
Het eerste onderzoek naar de woelrat vond plaats op 18 april 2024. Het onderzoek heeft geen waarnemingen van de woelrat opgeleverd. Ook werden er geen sporen aangetroffen. Tweede
woelratonderzoek
Het tweede onderzoek naar de woelrat vond plaats op 2 juli 2024. Ook dit onderzoek heeft niet geresulteerd in het aantreffen van exemplaren of sporen van de soort.
Toetsing Omgevingswet Het onderzoek naar de woelrat heeft niet geresulteerd
in het aantreffen van exemplaren
of
sporen van de soort. Negatieve effecten op de rust- en voortplantingsplaatsen van de woelrat kunnen daarom worden uitgesloten.
55
Buizerd en sperwer Het onderzoek naar de buizerd en sperwer vond plaats op 4 maart, 18 april, 30 april en 10 mei 2024.
Tijdens de eerste twee veldbezoeken en het laatste veldbezoek zijn er geen buizerds of
sperwers waargenomen.
Alleen tijdens het bezoek van 30 april werden
er om 13:58 twee 38
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
overvliegende buizerds gezien boven de akker ter hoogte van de hoogspanningsmasten. Hier
kwam een van de buizerds in aanraking met een zwarte kraai, waarna ze kort in gevecht waren. De andere buizerd riep op dat moment meerdere keren. Vrij snel hierna bewogen ze steeds meer
in oostelijke
richting, waar ze later ook in de verte
nog lang te zien waren.
In het
plangebied werden geen nesten aangetroffen. Toetsing Omgevingswet
Het onderzoek naar de buizerd en sperwer heeft niet geresulteerd in het aantreffen van rustof nestplaatsen van deze soorten. Negatieve effecten op de rust- en nestlocaties van de buizerd en sperwer kunnen daarom worden uitgesloten.
56
Boomvalk
Het onderzoek naar de boomvalk vond plaats op 19 juni en 18 juli 2023 en op 10 mei 2024. Het onderzoek naar de boomvalk heeft echter niet geresulteerd in het aantreffen van exemplaren
of nestlocaties van de soort. Negatieve effecten op de rust- en nestlocaties van de boomvalk kunnen daarom worden uitgesloten.
57
Kerkuil, steenuil en ransuil Eerste dagbezoek uilen Het eerste dagbezoek voor de kerkuil en steenuil vond plaats op 19 mei 2023. De toenmalige bewoner van Kerkhofweg 3 gaf aan dat er weleens een kerkuil is gezien in de kapschuur achter deze woning. Daarop werden meerdere veren van een kerkuil aangetroffen in de betreffende
kapschuur (Figuur 23). Sporen van de steenuil werden niet aangetroffen.
Figuur 23
Veren van de kerkuil in de schuur achter Kerkhofweg 1.
39
Nader ecologisch onderzoek Eerste avondronde
Buro Ontwerp & Omgeving uilen
Het eerste uilenonderzoek vond plaats in de avond van 20 februari 2024. Tijdens het onderzoek
werd om 19:12 de steenuil gehoord. Het geluid kwam van ver en vanuit oostelijke richting toen de waarnemer achter de kapschuur van Kerkhofweg 3 stond. Het kon niet worden bepaald of
de roep van binnen of buiten de plangrens kwam. Daaropvolgend werd in oostelijke richting gelopen, maar werd de steenuil niet opnieuw gehoord of waargenomen. De rest van de avond werden er geen waarnemingen meer gedaan van de steenuil, noch van andere uilensoorten. Tweede en derde avondronde
uilen
Het tweede en derde uilenonderzoek vonden plaats in de avonden van 19 maart en 10 april
2024. Op meerdere plekken binnen het plangebied werd geluisterd naar roepen van uilen. Er zijn echter geen waarnemingen gedaan van uilen tijdens dit veldbezoek. Op verschillende tijdstippen werd ook het baltsgeluid van de steenuil afgespeeld, maar reacties bleven uit.
Tweede dagbezoek uilen Het tweede dagbezoek voor de kerkuil en steenuil vond plaats op 18 april 2024. Het onderzoek
heeft echter niet geleid tot het aantreffen van sporen of exemplaren van deze soorten. Extra informatie
Tijdens het verkennende onderzoek van 19 mei 2023 gaf de huidige bewoner van Kerkhofweg 3 aan dat er weleens een kerkuil is gezien in de schuur behorende bij deze woning. Vervolgens hebben we meerdere veren van een kerkuil aangetroffen in deze schuur.
Tijdens het vleermuisonderzoek van 24 mei 2023 werd de baltsroep van de steenuil gehoord ten oosten van het plangebied. De balts kwam vanuit de bebouwing rond de Vordenseweg 22 aan de andere kant van de Leestense Rondweg. Tijdens het vleermuisonderzoek in de avond van 12 julí op 13 juli 2023 werd om 23:16 één keer
een roepende kerkuil gehoord vanuit de wilgenhoutsingel. Tijdens het vleermuisonderzoek
in de avond
en nacht van 15 op 16 augustus 2023 werd om
00:44 een roepende steenuil gehoord uit de omgeving van Vordenseweg 22, of een stal behorende tot Rouwbroekweg 2. De exacte locatie kon niet worden vastgesteld, maar de roepen kwamen met zekerheid vanuit de andere kant van de Leestense Rondweg.
Tijdens het vleermuisonderzoek van 23 mei 2024 werd om 03:57 een steenuil gehoord, die ten zuidoosten van de plangrens
riep. Dit exemplaar
bevond
zich aan
de andere
kant van de
Leestense Rondweg, in de omgeving van de Dennendijk of Looër Enkweg. Tijdens het vleermuisonderzoek van 4 op 5 juli 2024 werd op diverse momenten
een kerkuil
waargenomen in het plangebied. De eerste keer dat een exemplaar werd opgemerkt was om 22:40. De kerkuil vloogin zuidelijke richting over de akker naar enkele kleine bomen ten zuiden van
het plangebied.
Om
22:44 vloog de kerkuil vanuit het braakliggende
terrein
langs de
vleermuistelpunten de houtwal in. Gezien de korte periode tussen de twee waarnemingen gaat het hoogstwaarschijnlijk om hetzelfde exemplaar. Daarna is het dier waarschijnlijk buiten ons zicht weer doorgevlogen. Na het vleermuisonderzoek werd opnieuw een kerkuil waargenomen.
Ditmaal vloog een exemplaar het plangebied in, om 00:31 in westelijke richting, vlak ten zuiden
van de rotonde op de Leestense Rondweg (Figuur 24).
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
Figuur 24. Waarnemingen van de kerkuil in de avond en nacht van 4 op 5 juli 2024.
Toetsing Omgevingswet Het onderzoek naar de kerkuil, steenuil en ransuil heeft geresulteerd in het aantreffen van veren van de kerkuil in de kapschuur achter Kerkhofweg 3. Op diverse avonden en nachten zijn
ook zichtwaarnemingen gedaan van de kerkuil op diverse plekken in het plangebied. Tevens heeft de bewoner van Kerkhofweg 3 aangegeven dat er weleens een kerkuil is gezien in de kapschuur
achter
de woning,
Hierdoor
wordt
ervan
uitgegaan
dat er sprake
is van
een
rustplaats van de kerkuil in de kapschuur van Kerkhofweg 3 en dat negatieve effecten op deze soort niet kunnen worden uitgesloten. Ook de steenuil is op diverse avonden gehoord in het plangebied. De waarnemingen duiden op de aanwezigheid van één of twee territoria aan de andere kant van de Leestense Rondweg, buiten het plangebied. Het merendeel van de steenuilen werd gehoord in de omgeving van
Vordenseweg 22 of Rouwbroekweg 2. Ook werd de steenuil gehoord in de omgeving van de Dennendijk of Looër Enkweg. Omdat de steenuil rond deze locaties voldoende functioneel leefgebied
heeft
wordt
geconcludeerd
dat
de
werkzaamheden
geen
negatieve
effecten
veroorzaken op de soort. De ransuil werd niet vastgesteld tijdens de uilenonderzoeken. Negatieve effecten op de rust-
of nestplaatsen van de ransuil zijn daarom uitgesloten.
58
Gierzwaluw
Eerste gierzwaluwonderzoek Het eerste gierzwaluwonderzoek vond plaats n de avond van 15 juni 2023. Het onderzoek heeft geen waarnemingen van gierzwaluwen opgeleverd.
“
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
Tweede gierzwaluwonderzoek
Het tweede gierzwaluwonderzoek vond plaats in de avond van 26 juni 2023. Tijdens dit bezoek vloog er slechts één keer een gierzwaluw over. Dit vond plaats om 21:32. Er werden echter geen nestlocaties van de soort vastgesteld.
Derde gierzwaluwonderzoek Het derde gierzwaluwonderzoek vond plaats in de avond van 12 julí 2023. Ook dit onderzoek
heeft geen waarnemingen van gierzwaluwen opgeleverd. Toetsing Omgevingswet
Het onderzoek naar de gierzwaluw heeft niet geresulteerd in het aantreffen van een nestlocatie van de soort. Negatieve effecten op nestlocaties van de gierzwaluw kunnen daarom worden uitgesloten.
59
Huismus
Het
onderzoek
naar
de boomvalk
vond
plaats
op
18 april, 30 april en
10 mei
2024.
Het
onderzoek naar de huismus heeft echter niet geresulteerd in het aantreffen van exemplaren of nestlocaties van de soort. Ook in de nabije omgeving werd geen activiteit vastgesteld. Negatieve
effecten
op
de
rust- en
nestlocaties van
de
huismus
kunnen
daarom
worden
uitgesloten.
5.10
Teunisbloempijlstaart, grote vos en grote weerschijnvlinder Eerste vlinderonderzoek
Het eerste vlinderonderzoek werd
uitgevoerd
op 19 mei 2023 en viel daarmee
periode waarin de imago van de grote vos kan worden waargenomen.
binnen
de
De grote vos kon echter
niet worden vastgesteld. Er werden wel veel witjes en één koninginnenpage waargenomen in het zuiden van het plangebied, waar zich een braakliggend terrein bevindt. Ook het bont zandoogje
werd waargenomen.
Dit zijn echter geen strikt beschermde
soorten. Tijdens dit
veldbezoek werd ook duidelijk dat er waardplanten van de teunisbloempijlstaart aanwezig zijn. Op meerdere plekken op het braakliggende terrein werden namelijk groeiplaatsen van teunisbloemen aangetroffen. Tweede vlinderonderzoek
Het tweede vlinderonderzoek werd uitgevoerd op 19 juni 2023. Tijdens dit veldbezoek werden
ook langs de houtsingel in het noorden van het plangebied groeiplaatsen van middelste en
grote
teunisbloemen
ontdekt
(Figuur
25).
Verder
werden
ook
groeiplaatsen
van
de
basterdwederik, grote kattenstaart en het wilgenroosje aangetroffen. Al deze waardplanten
van de teunisbloempijlstaart werden daarom onderzocht op de aanwezigheid van rupsen van de soort en de kenmerkende uitwerpselen van de rupsen. De teunisbloempijlstaart werd echter niet vastgesteld. Ook werd gezocht naar de grote vos en grote weerschijnvlinder. Deze
soorten werden echter ook niet aangetroffen. Algemene vlindersoorten die wel konden worden vastgesteld zijn het klein geaderd witje de kleine vos, het klein koolwitje en het koevinkje.
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
Figuur 25. Een van de teunisbloemen langs de houtsingel met daarop een aantal wantsen (links) en een van de waargenomen vlindersoorten in het plangebied, het klein geaderd witje (rechts). Derde vlinderonderzoek
Het
derde
vlinderonderzoek
werd
uitgevoerd
op
18
juli
2023.
Waardplanten
van
de
teunisbloempijlstaart zijn nu in grotere getale aanwezig, maar hoofdzakelijk langs de hiervoor genoemde houtsingel en het braakliggende terrein. De planten werden opnieuw onderzocht, maar de teunisbloempijlstaart werd wederom niet aangetroffen. Ook uitwerpselen die duiden
op de aanwezigheid van de rups waren niet aanwezig. Daarnaast werd opnieuw onderzoek gedaan naar de grote vos en de grote weerschijnvlinder. Ook deze soorten werden niet aangetroffen. Vlindersoorten die wel werden vastgesteld zijn de dagpauwoog (9 exemplaren),
de atalanta (1 ex.), het landkaartje (1 ex.), de gehakkelde aurelia (1 ex.), de kleine vuurvlinder (1 ex.), het klein koolwitje (6 ex.), het groot koolwitje (1 ex.), de citroenvlinder (1 ex.), het bruin blauwtje (1 ex.) en het boomblauwtje (1 ex.). Vierde vlinderonderzoek
Het vierde vlinderonderzoek
werd
uitgevoerd
op 20 februari
2024. Tijdens
dit onderzoek
werden de schuur van Kerkhofweg 1 en de kapschuur achter Kerkhofweg 3 geïnspecteerd op overwinterende exemplaren van de grote vos. Van de grote vos werd één exemplaar aangetroffen in de schuur van Kerkhofweg 1 (Figuur 26). Het betrof een dood en onbeschadigd
exemplaar in de vensterbank van een raam. Verder werd nog een overwinterend (en levend) exemplaar van de kleine vos aangetroffen.
43
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
Figuur 26. Dood exemplaar van de grote vos n de schuur van Kerkhofweg 1.
Toetsing Omgevingswet Het
onderzoek
naar
de
teunisbloempijlstaart
en
grote
weerschijnvlinder
heeft
niet
geresulteerd in het aantreffen van exemplaren of voortplantingslocaties van deze soorten. Negatieve effecten op de rust- of voortplantingsplaatsen van de teunisbloempijlstaart en grote weerschijnvlinder kunnen daarom
worden
uitgesloten. Van de grote vos werden geen
exemplaren vastgesteld in de voortplantingsperiode. Wel werd een dood exemplaar van de grote vos aangetroffen n de schuur van Kerkhofweg 1. De aanwezigheid van de grote vos in het
betreffende
jaargetijde
duidt
erop
dat
de
schuur
een
functie
heeft
als
overwinteringsplaats, dan wel met een ongelukkige afloop voor dit exemplaar.
511
Overige soorten
5111
Vogelsoorten uit beschermingscategorie 5 Naast strikt beschermde soorten, vallen er ook soorten onder de Vogerichtlijn, waarvan het nest alleen jaarrond beschermd is als er zwaarwegende ecologische redenen zijn. Deze soorten zijn opgenomen op de lijst van beschermde vogelsoorten uit beschermingscategorie 5 van het
bevoegd gezag (rijk of provincie). Hiervan werd een nestlocatie van de spreeuw waargenomen tijdens het nader ecologisch onderzoek. Het nest bevond zich in een hol in boom 3 in het overzicht van bomen met boomholen (Bijlage 1). Ook werd op 19 mei en 24 mei 2023 een zingende gekraagde roodstaart waargenomen in de wilgenhoutsingel, waardoor niet kan worden uitgesloten dat hier een broedgeval heeft plaatsgevonden. In juli 2024 werd een mannelijke gekraagde roodstaart ook drie keer op verschillende dagen waargenomen
in de
wilgenhoutsingel, op de cameraval op meetpunt 3.
44
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
De staat van instandhouding van de spreeuw en gekraagde roodstaart worden
door SOVON
Vogelonderzoek Nederland beoordeeld als zeer ongunstig (SOVON, 2024%). Door de ingreep zullen de nestlocaties in het plangebied worden verdwijnen. Buiten het plangebied zich
na de
ingreep
nog
steeds geschikt
leefgebied,
zoals
de omgeving van
bevindt
de algemene
begraafplaats ten noorden van het plangebied en de omgeving van de Rouwbroekweg ten oosten van het plangebied. Echter, om te kunnen garanderen dat hier na de ingreep voldoende nestgelegenheid
is voor de spreeuw
en gekraagde
roodstaart,
dienen
voor
deze
soorten
aanvullende maatregelen te worden genomen. Daarmee kan worden voldaan aan de specifieke zorgplicht en worden negatieve effecten op de lokale staat van instandhouding voorkomen. Deze maatregelen dienen te worden verwerkt in een ecologisch werkprotocol. 5.1.2
R
ijst-
n
Tijdens het nader ecologisch onderzoek werden diverse vogel- en zoogdiersoorten vastgesteld die
op
de
Rode
lijst. Van
de
in Tabel
19 genoemde
soorten
is het aannemelijk
dat de
ontwikkeling een nadelig effect zal hebben op de haas en egel. Op de overige soorten worden geen nadelige effecten verwacht. Voor de haas en de egel dienen aanvullende maatregelen te worden
genomen
in het kader van
de specifieke zorgplicht.
Deze
maatregelen
dienen
worden verwerkt in een ecologisch werkprotocol. Tabel 19. Overzicht veldgegevens Rode lijst-soorten E
Datum
Aantal
Haas
19-05-2024 | 4
_ Gedrag Terplaatse
Opmerkingen | In
het
weiland
ten
noorden
van
de
wilgenhoutsingel Egel
15-06-2023
|1
Terplaatse
| Om
2322 gezien
in de wilgenhoutsingel,
nabij boom 3 in het overzicht van bomen
met boomholen (Bijlage 1).
Haas
04-03-2024 | 1
Terplaatse
| Op de (maïs)akker vlak ten noorden van
Opvliegend
_ | Op de (maïs)akker in het oosten van het
het braakliggende Watersnip
| 19-03-2024
|1
plangebied.
terrein.
Geen
broedgeval,
maar
op
doortrek.
Haas
18-04-2024 | 5
Ter plaatse
Drie op het weiland ten noorden van de wilgenhoutsingel (maïs)akker ten
en
twee zuiden
op van
de de
wilgenhoutsingel. Koekoek
| 23-05-2024
|1
Roepend
04-06-2024 | 1
Zingend
In bomenrij langs de Leestense Rondweg, vlak ten zuidoosten van het plangebied.
Grote karekiet
In een rietkraag langs de Leestense Rondweg, vlak buiten de oostelijke rand van
het
plangebied.
onderzoeken
meer
is
deze
is dat
andere
echter
niet
waardoor
het
niet
hier een
broedgeval
aangetroffen,
aannemelijk
Tijdens soort
heeft plaatsgevonden. Koekoek
| 04-06-2024 | 1
Overvliegend
| Vloog het plangebied in ter hoogte van de zingende grote karekiet.
te
Nader ecologisch onderzoek
Haas
Buro Ontwerp & Omgeving
04-06-2024 | 2+
Terplaatse
|Op het (plas-dras)weiland (graan)akker ten zuiden
en van
de de
wilgenhoutsingel.
5.11.3 Soorten van de Unielijst Er zijn tijdens het nader ecologisch
onderzoek geen waarnemingen
gedaan
van de op de
Unielijst vermelde invasieve exoten. Omtrent invasieve exoten hoeft geen melding te worden gedaan bij het bevoegd gezag. 5.11.4 Aziatische duizendknopen
Tijdens het nader ecologisch onderzoek is de Japanse duizendknoop aangetroffen in de directe
omgeving van Kerkhofweg 1 en 3 (Figuur 27 en Figuur 28). Deze soort geldt als zeer invasief en vormt door zijn groeiwijze een bedreiging voor de inheemse flora en fauna. Per 1 januari 2022
geldt er een nationaal handelsverbod voor de Japanse duizendknoop en twee andere Aziatische duizendknoopsoorten, namelijk de Sachalinse duizendknoop _ en bastaardduizendknoop.
Indien
grondtransport
noodzakelijk
is,
dient
kennis
te
worden
genomen van dit handelsverbod. Omdat grondtransport in beginsel voor commerciële doeleinden plaatsvindt, is de vrijstelling voor niet-commerciële doeleinden niet van toepassing.
Grondtransport
in
het
kader
van
uitroeiing,
bestrijding
of
beheersing
van
Aziatische duizendknopen blijft echter toegestaan.
Figuur 27. Groeiplaatsen van de Japanse duizendknoop bevinden zich tenminste n de geel gearceerde gebieden.
46
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
Figuur 28. Een van de Japanse duizendknopen in het plangebied.
47
Nader ecologisch onderzoek
6.
Buro Ontwerp & Omgeving
Conclusie en advies Buro Ontwerp & Omgeving heeft in opdracht van gemeente Zutphen een nader ecologisch onderzoek
uitgevoerd
aan
de
locatie
bekend
als
Leesten-Schouwbroek
te Zutphen.
Het
onderzoek vond plaats naar aanleiding van de voorgenomen realisatie van een nieuwbouwwijk. In de onderstaande tabel staat een samenvatting van de resultaten. Bij aanwezigheid van de soort is aangegeven waar deze
de Omgevingswet
en verboden
onder
soort is aangetroffen, welke artikelen van
het Bal (mogelijk) worden
overtreden
en
welke
vervolgstappen ondernomen moeten worden (Tabel 20). Tabel 20.
Samenvatting
soort Gewone
resultaten
onderzoek
Aanwezigheid Locatie Wetsartikelen Vervolgstappen 1gecombineerd | Nokvorstwoonhuis | Ou:art.5.,lid2g | Activiteitenplan en
dwergvleermuis | zomer- en
paarverblijfen1
vliegroute Gewone
1zomerverblijf
Bunzing en
Nee
grootoorvleermuis
nader ecologisch
Kerkhofweg 3
| (verblijfplaats)en
Balart.11.46,lid
| 1a,1b en1d
_ | aanvraag omgevingsvergunning
wilgenhoutsingel (vliegroute) | Schuur Kerkhofweg
| Ow:art.5:,lid2g
1
| Activiteitenplan en
Balart.11.46,lid _ | aanvraag omgevings1a,1b en 1d vergunning
-
-
-
wezel
Steenmarter
| 2rust-of voortplantings-
plaatsen
Zolderwoonhuis | Kerkhofweg3en
houtsingel t.h.v.
| Ow:art.51,lid2g |
| Activiteitenplan en
Bal:art.71.54, lid 1a | aanvraag omgevings-
en1b
vergunning
-
meetpunt 5
Boommarter
Nee
-
-
Das
1 looproute
Perceelranden
Ow:art.51,lid2g
grote veld
Balart.11.54, lid 1a | aanvraag omgevingsen1b
Eekhoorn
| Activiteitenplan en vergunning
1rust- of
Boomnest in
Ow:art.51,lid2g
| Activiteitenplan en
voortplantings-
zomereik
Bal:art. 11.37, lid 1a, | aanvraag omgevings-
Woelrat
plaats Nee
Buizerd
Nee
-
-
-
Sperwer
Nee
-
-
-
Boomvalk
Nee
-
-
-
Kerkuil
1 rustplaats
Schuur achter
Ow: art. 5.1, lid 2g
Activiteitenplan en
Kerkhofweg 3
Balart. 11.37, lid 1a, | aanvraag omgevings-
Steenuil
Nee
-
1b en 1d -
vergunning -
-
1b en 1d
vergunning
-
-
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
Ransuil
Nee
-
-
-
Gierzwaluw
Nee
-
-
-
Huismus
Nee
-
-
-
Teunisbloem-
Nee
-
-
-
pijlstaart Grote vos
1overwinterings-
plaats
Grote weer-
Nee
| Schuur van
Kerkhofweg 1
-
Ow:art.51,lid2g
| Activiteitenplan en
Balart.11.37, lid 1a, | aanvraag omgevings1b en 1d
vergunning
-
-
schijnvlinder Vogelsoorten
| Ja, één
beschermings-
| de spreeuw en
uit
categorie 5
nestlocatie van
Wilgenhoutsingel
| Ow:art.5-,lid2g
Balart.11.37, lid 1a, | specifieke zorgplicht 1ben 1d
gekraagde roodstaart
| Maatregelen i.h.k.v. de opnemen in een
ecologisch werkprotocol
Rode lijst-
Ja,de haas en de | Weilanden en
Ow:art.5.1,lid2g
| Maatregelen i.h.kv. de
soorten
egel
Bal: art. 11.27, Bal
specifieke zorgplicht
akkers (haas) en
wilgenhoutsingel (egel)
opnemen in een ecologisch werkprotocol
Soortenvande
|
Nee
-
-
-
Unielijst
ische
Ja, de Japanse
duizendknopen | duizendknoop
Erfvan Kerkhofweg | Ow:art.4.11, lid1h | Let op! Er geldt een 1en3
Balart.111093, lid | handelsverbod. 1en2
Grondtransport is alleen toegestaan in het
kader
van
de
uitroeiing, bestrijding
of beheersing van de soort
Conform artikel 5.1, lid 2g van de Omgevingswet (Ow) is het verboden om zonder een Omgevingsvergunning een flora- en fauna-activiteit uit te voeren. Voor het overtreden van de verbodsbepalingen uit artikel 71.46, lid 1b en 1d, Bal (gewone dwergvleermuis en gewone grootoorvleermuis), artikel 11.37, lid 1b en 1d, Bal (kerkuil) en artikel 11.54, lid 1b, Bal
(steenmarter, das, eekhoorn en grote vos) is daarom een Omgevingsvergunning voor een floraen fauna-activiteit noodzakelij . Deze artikelen hebben betrekking op het opzettelijk vernielen van rust- of voortplantingsplaatsen en het storen van soorten. Ten behoeve van de
vergunningsaanvraag dient een activiteitenplan te worden opgesteld.
49
Nader ecologisch onderzoek
Daarnaast
zijn
Buro Ontwerp & Omgeving
ook
artikel
11.46,
lid
1a,
Bal
(gewone
dwergvleermuis
en
gewone
grootoorvleermuis), artikel 11.37, lid 1a, Bal (kerkuil) en artikel 11.54, lid 1a, Bal (steenmarter, das, eekhoorn en grote vos) relevant voor deze soorten. Deze artikelen hebben betrekking op het opzettelijk doden
en vangen van soorten. Er is echter geen
Omgevingsvergunning voor
deze artikelen noodzakelijk indien mitigerende maatregelen worden getroffen en zorgvuldig wordt gehandeld. Dit dientte worden opgenomen in het activiteitenplan. Algemene diersoorten Het kan zijn dat er tijdens de werkzaamheden algemene broedvogels en andere diersoorten in en rond
het plangebied
voorkomen.
Bij het uitvoeren van
de werkzaamheden
moet
de
specifieke zorgplicht in acht worden genomen (artikel 11.27, Bal). Handelingen die nadelige effecten
hebben
moeten
passende
moeten
zoveel mogelijk
preventieve
worden
maatregelen
voorkomen.
worden
genomen
Indien
dit niet mogelijk
is
om
nadelige
te
effecten
beperken of ongedaan te maken. Bovendien moet zowel tijdens als na het verrichten van de activiteit worden nagegaan of de getroffen maatregelen de beoogde effecten hebben. Het verrichten
voorkomen.
van
de
activiteit
wordt
gestaakt
Passende herstelmaatregelen
als
de
nadelige
gevolgen
toch
niet
worden
moeten worden getroffen als het staken van de
activiteit redelijkerwijs niet meer mogelijk is. Tevens dienen de werkzaamheden (ruim) buiten het
indicatieve
vogelbroedseizoen
te
starten,
omwille
de
aanwezigheid
van
algemene
broedvogelsoorten (15 maart - 15 juli). Verlichting
Maak in de actieve periode van vleermuizen ’s avonds en 's nachts geen of zo min mogelijk gebruik van bouwverlichting. Uitstraling naar houtsingels en water moet worden voorkomen. Indien verlichting in de permanente situatie noodzakelijk is wordt aangeraden om gebruik te
maken van vleermuisvriendelijke, amberkleurige verlichting. Zodoende kan eventuele verstoring tot een minimum worden beperkt. Er mag geen gebruik worden gemaakt van blauw en ultraviolet licht. Waar verlichting noodzakelijk is, dienen de lichtstralen gebundeld te zijn
en op de grond te worden gericht.
50
Nader ecologisch onderzoek
7.
Literatuurlijst
71
Referenties
Buro Ontwerp & Omgeving
BIJ12 (2017°). Kennisdocument Buizerd (versie 1.0, juli 2017). Utrecht, Nederland: BIJ12 BIJ12 (20175). Kennisdocument Das (versie 1.0, juli 2017). Utrecht, Nederland: BIJ12. BIJ12 (2017°). Kennisdocument Kerkuil (versie 1.0, juli 2017). Utrecht, Nederland: BIJ12 BIJ12 (20175). Kennisdocument Steenuil (versie 1.0, juli 2077). Utrecht, Nederland: BIJ12
BIJ12 (2023). Kennisdocument Huismus (versie 2.1, februari 2023). Utrecht, Nederland: BIJ12. BIJ12 (2024). Kennisdocument kleine marterachtigen (versie 1.0, januari 2024). Utrecht, Nederland:
BIJI2
Dean, M. Strachan, R. Gow, D. Andrews, R. (2016). The Water Vole Mitigation Handbook (The Mammal
Society Mitigation Guidance Series). Eds Fiona Matthews and Paul Chanin. The
Mammal Society, London.
Deijk, J. van (2021). Gestandaardiseerde Nederland: De Vlinderstichting.
monitoring
teunisbloempijlstaart.
Wageningen,
De Vlinderstichting (2023:). Grote vos, Nymphalis polychtoros. Geraadpleegd op 19 mei 2023 via https://www.vlinderstichting,nl/vlinders/overzicht-vlinders/details-vlinder/grote-vos De Vlinderstichting (2023). Grote weerschijnvlinder, Apatura iris. Geraadpleegd op 19 mei 2023 via _ https:/ /www‚linderstichting.nl/vlinders/overzicht-vlinders/details-vlinder/groteweerschijnvlinder
Provincie Gelderland (2021). Toelichting aanvraag ontheffing Wet natuurbescherming (Wnb), Hoofdstuk 3 soorten. Arnhem, Nederland: Provincie Gelderland.
SOVON Vogelonderzoek Nederland [SOVON] (2024=). Gekraagde roodstaart. Geraadpleegd op 2 augustus 2024 via https:/ /stats.sovon.nl/stats/soort/11220
SOVON
Vogelonderzoek Nederland [SOVON] (2024*). Spreeuw. Geraadpleegd op 2 augustus
2024 via https:/ /stats.sovon.nl/stats/soort/15820
Swaay, C. van, Bos, G Grunsven, R. van, Deijk, J. van, Kok, J. & Huskens, K. (2018). Handleiding landelijke meetnetten vlinders, libellen en nachtvlinders (Rapport VS2018.011). Wageningen, Nederland: De Vlinderstichting.
Vergeer, J.W., van Dijk, A.J., Boele, A. van Bruggen, J. & Hustings, F. (2016). Handleiding SOVON broedvogelonderzoek: BMP & kolonievogels. Nijmegen, Nederland: SOVON Vogelonderzoek Nederland.
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus & Zoogdiervereniging (2021). Vleermuisprotocol
2021,
maart
2017.
Geraadpleegd
op
19
mei
2023
via
https://www.netwerkgroenebureaus.nl/werken-aan-kwaliteit/vleermuisprotocol
Water
Vole
(2024).
Field Signs
and
Surveying.
Geraadpleegd
op
16 februari
2024
via
https://watervole.org.uk/home/field-signs-and _ surveying/#:-:text=Water%20voles%20 have%20star%2Dshaped,into%20a%20star%2Dshape).
Zoogdiervereniging
(2024).
Woelrat.
Geraadpleegd
op
16
februari
2024
via
https:/ /www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/woelrat
72
Gebruikte websites
www.pdok.nl
www.verspreidingsatlas.nl wuw.waarneming.nl www.zoogdiervereniging.nl
73
Overige geraadpleegde bronnen Dietz, C. & Kiefer, A. (2016). Bats of Britain and Europe. Londen, Verenigd Koninkrijk: Bloomsbury Publishing.
Jedrzejewski, W. & Sidorovich, V. (2010). The art of tracking animals. Biatowiea, Polen: Mammal Research Institute Polish Academy of Sciences Biatowieza.
Svensson, L., Mullarney, K. & Zetterström, D. (2009). Birds of Europe (2e ed.). Londen, Verenigd Koninkrijk: HarperCollins Publishers.
Tolman, T. & Lewington, R. (2008). Collins Butterfly Guide: The Most Complete Guide to the Butterflies of Britain and Europe. Londen, Verenigd Koninkrijk: HarperCollins Publishers. Vogelbescherming Nederland & Stichting Veldonderzoek Flora en Fauna (2007). Topografische
atlas voor flora en fauna van Nederland (le ed.). Papendrecht, Grafisch Bedrijf.
Nederland:
Mouthaan
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
Bijlagen 1. Overzicht van
bomen
met
holen
Op 19 mei 2023 is onderzocht waar zich bomen met holen bevinden. Hieronder volgt een overzicht van de waarnemingen: 1. Robinia (vrij dunne boom) met holletje 2 Wilg met twee holen, waarvan één hol groot is en het andere een spechtenhol is 3 Dit is de eerste boom ten oosten van het pad. De boom heeft minstens twee holen. Bij een van de holen onderaan de stam is erg veel witte poep aanwezig, Later is hier een
invliegende spreeuw gezien en werden jonge spreeuwen in het hol gehoord. In deze grote wilg zit een hol op ca. 3 meter hoogte. Vanaf het pad geteld is dit de zevende boom in de bomenrij.
In de vijfde boom in deze bomenrij zit éên hol In de zesde boom
in deze bomenrij
zitten drie holen
In de negende boom in deze bomenrij zit een hol met wat uitwerpselen eronder
In de elfde boom in deze bomenrij zit een hol hoog boven in de boom In de twaalfde boom in deze bomenrij zit een klein hol . .
Een Twee
hol in een zwarte els holen
in een zwarte
els
. Groot hol in populier . Geen holen, wel een boom met
veel loszittend schors
1.1. Kaartje bomen met holen rond bebouwing Kerkhofweg 1-3
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
w
1.2. Kaartje bomen met holen westrand plangebied. De openingen zijn gericht op het plangebied.
54
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
2. Overzicht van bomen
met boomnesten
op 19 mei 2023 is onderzocht waar zich bomen met boomnesten bevinden. Hieronder volgt een overzicht van de waarnemingen: 1.
Grove
den
onzon
Zomereik
met
boomnest
met eekhoornnest
In de tweede wilgenboom in de rij is een groot nest boven in de boom aanwezig Boomnest hoog in oude zomereik Boomnest
In een grote wilg zit een nest
!
U
EE
2.1. Kaartje bomen met boomnesten
55
Nader ecologisch onderzoek
Buro Ontwerp & Omgeving
adviseurs voor
leefomgeving