1061046 - Raadsvoorstel
Tekst van het document
VOORBLAD
ONTWERP RAADSVOORSTEL
zaaknummer: 1061046
Onderwerp:
Ontwerpbegroting Omgevingsdienst Achterhoek 2026
Programma:
2. Wonen en leefbaarheid
Forum:
Technisch blok (hamerstuk)
Portefeuillehouder
Rick Verschure
Inlichtingen bij:
Woud, Klaas van der Telefoonnummer: 14 0575
Soort bevoegdheid:
Kaderstellend
Beleidsvrijheid:
Beperkt
E-mailadres: info@zutphen.nl
Programmabegrotingswijziging: Nee Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor: 1. Kennis te nemen van de jaarstukken 2024 van de Omgevingsdienst Achterhoek (ODA). 2. Kennis te nemen van de begroting 2026 van de ODA. 3. Bij de ODA een zienswijze in te dienen over de begroting 2026 met als inhoud dat de gepresenteerde begroting niet akkoord is en gebaseerd dient te worden op de bestaande begroting 2025 met enkel toepassing van een prijsindex (2,2%) en een loonindex (3,8%).
TOELICHTING Inleiding De raad wordt jaarlijks in de gelegenheid gesteld om een zienswijze naar voren te brengen over de ontwerpbegroting van de Omgevingsdienst Achterhoek. Tevens ontvangt de raad een jaarverslag. Jaarverslag 2024 De jaarrekening 2024 sluit met een negatief resultaat van € 98.000. Dekking binnen de ODAbegroting door € 48.000 in te zetten uit de beschikbare ruimte van de algemene reserve en € 50.000 in te zetten t.l.v. de bestemmingreserve omgevingswet. Verschillende programma’s laten een overschrijding van de salarislasten zien. De oorzaak ligt voor een groot gedeelte in inhuurkosten. Hiervoor geeft de ODA verschillende achterliggende redenen: - Door toenemende vraag naar dienstverlening; - 2024 was het ingangsjaar van de nieuwe omgevingswet; - Het is in toenemende mate moeilijk om geschikte medewerkers te vinden; - Hoog ziekteverzuim en warme overdracht bij vertrekkende medewerkers i.v.m. pensionering. Het weerstandsvermogen komt uit op een ratio van 1,2 met een waarderingscijfer voldoende. Dit wil zeggen dat de ODA haar risico’s voldoende kan opvangen. De solvabiliteit komt uit op een ratio van 21% en is daarmee iets hoger dan in 2023. Dit wil zeggen dat ODA in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen.
Ontwerpbegroting 2026 De begroting geeft een stijging van de bijdragen van de deelnemers met ongeveer € 3.050.000 ten opzichte van de begroting 2025 en bevat de volgende onderdelen: 1. Toename expertise door vooral de vraag vanuit de partners. Met name de toename in adviesvragen op het gebied van stikstof, gevaarlijke stoffen en andere milieuaspecten. 2. Bijdragen van derden zoals de subsidies en opbrengsten coördinatie groene boa’s. 3. Verhogen personele kosten/diensten derden doordat deze afgelopen jaren niet op een juist niveau is begroot. 4. Organisatiekosten, ontwikkeling en ondersteuning. Onder andere de verhuizing naar Doetinchem. De begroting komt voor Zutphen neer op een bijdrage van € 1.000.710. In onze meerjarenbegroting is uitgegaan van € 820.548. De gevraagde bijdrage is € 180.162 hoger dan waar tot nu toe rekening mee is gehouden. Met een dergelijke grote toename kan niet worden ingestemd. Beoogd effect De raad informeren over de jaarstukken 2024 en de ontwerpbegroting 2026 ODA, zodat de raad in de gelegenheid is om hierover een zienswijze kenbaar te maken. Zo kan de raad invloed uitoefenen op het stellen van financiële en inhoudelijke kaders voor de Omgevingsdienst. Argumenten 1.1 De jaarcijfers geven zicht op de bedrijfsvoering. De jaarrekening 2024 van de ODA sluit af met een nadelig resultaat van € 98.000.
Een oorzaak voor dit negatieve resultaat is gelegen in een hoger ziekteverzuim en een aantal langdurig zieken. En verder zijn lasten gestegen die niet volledig gedekt werden door de baten. Het nadelig resultaat wordt verrekend met de bestemmingsreserve omgevingswet en de algemene reserve. Voor Zutphen was er sprake van een negatief resultaat van € 65.800. Dit was te wijten aan een extra vraag om specialistische adviezen. Voor het merendeel incidenteel vanwege de inwerkingtreding van de Omgevingswet. 2.1 De begroting ODA 2026 geeft de richting aan van de organisatie en de kosten die dat met zich meebrengt. De begroting geeft een stijging van de bijdragen van de deelnemers met ongeveer € 3.050.000 ten opzichte van de begroting 2025 en bevat de volgende onderdelen: 1. Toename expertise door vooral de vraag vanuit de partners. 2. Bijdragen van derden zoals de subsidies en opbrengsten coördinatie groene boa’s. 3. Verhogen personele kosten/diensten derden doordat deze afgelopen jaren niet op een juist niveau is begroot.
4. Organisatiekosten, ontwikkeling en ondersteuning. Onder andere de verhuizing naar Doetinchem. 3.1 De begroting ODA 2026 is ten onrechte gebaseerd op de gewijzigde begroting 2025. De ODA heeft een begrotingswijziging voor het jaar 2025 voorgesteld. Het Algemeen Bestuur van de ODA heeft hier echter niet mee ingestemd. Voor de begroting 2026 heeft het AB een “nul-optie” ingebracht met alleen een indexatie van 3,8% (loon) en 2,2% (prijs). De begroting 2026 die nu voorligt is echter toch gebaseerd op de prognose voor 2025. Dit betekent voor Zutphen een forse verhoging van de begroting met € 180.162. 3.2 De begroting 2026 heeft te grote financiële consequenties op korte termijn voor de begroting voor Zutphen. De begroting 2026 van de ODA presenteert een gemeentelijke bijdrage voor Zutphen met een bijdrage van € 1.000.710. Conform de huidige begroting en rekening houdend met de index is dit € 180.162 hoger dan waar tot nu toe rekening mee is gehouden. Dit verschil is zodanig groot dat de gemeente niet op korte termijn en zonder maatschappelijke consequenties het verschil binnen haar eigen begroting kan verwerken. 3.3 De begroting 2026 is onvoldoende onderbouwd om de begrotingsstijging te rechtvaardigen. De begrotingstoename wordt gedeeltelijk veroorzaakt door een toename van de vraag naar specialistische adviezen. De toename lijkt structureel.
Deze kosten kunnen voor een deel worden verhaald op initiatiefnemers van woningbouwplannen. Daarnaast wordt de begrotingstoename (ook structureel) veroorzaakt door: · Het flink toegenomen personeelsbestand (inhuur en intern) vanwege stijgende toegenomen expertise op het gebied van zeer zorgwekkende stoffen en andere maatschappelijke thema’s en overheveling van taken zoals complexe bedrijven. · Toename van het aantal bedrijven en de toegenomen complexiteit van vergunningverlening en handhaving. · Aantal noodzakelijke aanpassingen in de bedrijfsvoering (nieuwe CAO; huisvesting; organisatieaanpassingen). De structurele begrotingstoename van de ODA is de afgelopen jaren meegenomen in de begrotingen van Zutphen. De voorgestelde begrotingstoename voor 2026 is echter aanzienlijk hoger dan we mogen veronderstellen en wordt onvoldoende onderbouwd. Een deel van de kosten wordt veroorzaakt door incidentele kosten (invoering Omgevingswet). De verwachting is dat deze incidentele kosten zullen afnemen in omvang. Deze verwachting is niet of onvoldoende meegenomen in de begroting 2026 van de ODA. 3.4 Verkennende fusiegesprekken kunnen leiden tot een andere financiële uitkomst. Ten opzichte van de realisatie 2024 en begroting 2025 wordt de verwachte omzet (productafname x prijs) fors naar boven bijgesteld.
De ODA wil hiermee investeren in haar eigen uitvoering van de bedrijfsvoering en neemt een voorschot op een te maken nieuwe risico-analyse. In gesprekken met de ODA op ambtelijk niveau maar ook in de AB- en DB vergaderingen zijn er kritische discussies geweest over deze handelswijze van de ODA. Er ligt geen harde onderbouwing ten grondslag aan deze werkwijze maar eveneens is niet duidelijk wat de financiële risico’s zijn bij ongewijzigd beleid en wat deze zijn na de extra maatregelen (het nieuwe beleid). Tot nu werden eventuele meerkosten, door bijvoorbeeld een grotere afname van producten, altijd achteraf verrekend met de ODA en dat werkte prima en leverde soms beperkte extra investeringen op voor de gemeente Zutphen. Op zich is het goed dat de ODA wil investeren in haar organisatie en bedrijfsvoering echter de vraag is of daar nu het juiste moment voor is en of dat in de juiste richting gebeurt. Rapportages over de uitvoering hebben geleid tot een reactie van de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat waarin zij concludeert dat de Oda naar verwachting per 1 april 2026 niet zal kunnen voldoen aan de robuustheidscriteria. Daarbij heeft de Provincie Gelderland uitgesproken idealiter te willen toegroeien naar 1 Omgevingsdienst in Gelderland en in ieder geval te komen tot een forse vermindering van het aantal Omgevingsdiensten.
Deze constateringen zijn voor het AB reden geweest om versneld te willen inzetten op gesprekken die gaan over een fusie met de Omgevingsdienst Veluwe (eventueel samen met de Omgevingsdienst de Vallei). Zo ligt het voor de hand om een investering ook pas te doen op het moment dat er duidelijkheid is over de uitkomst van de fusiebesprekingen. En dat er dan een financiële investering nodig is om op gelijke voet te komen met de Omgevingsdienst Veluwe is evident. Er ontstaat dan een eindsituatie waarbij de kwetsbaarheid van de
bedrijfsvoering fors afneemt, er een hoger kwaliteitsniveau wordt bereikt en schaalvoordelen kunnen worden behaald. 3.5 Hiermee wordt invloed uitgeoefend op de besluitvorming van het Algemeen Bestuur van de ODA. Door het indienen van zienswijzen wordt het algemeen Bestuur van de ODA op de hoogte gebracht van de argumenten van de raad van Zutphen om niet in te stemmen met de begroting 2026. Hiermee wordt invloed uitgeoefend op de uiteindelijke besluitvorming van het Algemeen Bestuur. Kanttekeningen 3.1. De ODA moet voldoen aan de wettelijk vastgestelde robuustheidseisen. Door het vaststellen van het Integraal Bestuurlijk Programma Vergunningverlening Toezicht Handhaving (IBP-VTH) zal de ODA moeten gaan voldoen aan de wettelijk vastgelegde robuustheidseisen die in het programma gesteld zijn. Dit zal voor de toekomst betekenen dat de huidige begroting van de ODA aanzienlijk hoger zal moeten worden dan wij voorstellen. Wij zijn ons bewust van deze opgave voor de ODA en stellen in de zienswijze voor om terughoudend te zijn met grote wijzigingen en de opgave te laten samenvallen met de uitkomsten van de verkenning tot een fusie. 3.2 Zienswijzen zijn niet bindend en de begroting kan door het algemeen bestuur goedgekeurd worden. De begroting kan met meerderheid van stemmen toch worden goedgekeurd ondanks de ingediende zienswijze.
De ODA zal dan de kosten die voortkomen uit de begroting bij Zutphen in rekening brengen wat grote consequenties heeft voor onze begroting. Echter meerdere partners hebben aangegeven eenzelfde lijn te verkiezen zoals Zutphen voorstelt. 3.3 De gevraagde begroting leidt tot een hoger dekkingstekort voor 2026. De bijdrage is niet opgenomen in de Voorjaarsnota 2026 en zal dus leiden tot een hoger dekkingstekort voor 2026. Wanneer het voorstel in de zienswijze met een lagere begroting wordt aangenomen door het Algemeen Bestuur van de ODA wordt dat tekort voorkomen. Financiën Ontwerpbegroting ODA 2026 In de nu voorliggende begroting 2026 van de ODA bedraagt de gemeentelijke bijdrage € € 1.000.710. Op het moment dat het AB instemt met deze begroting, wordt de gemeentelijke bijdrage verwerkt in de programmabegroting 2026-2029. Echter, conform beslispunt 3, wordt voorgesteld niet in te stemmen met de voorliggende begroting. Er wordt voorgesteld een zienswijze in te dienen om uit te gaan van de programmabegroting van 2025 plus index, hetgeen resulteert in een gemeentelijke bijdrage van ca. € 835.000, wat valt binnen onze gemeentelijke begroting 2026. Communicatie De ontwerpbegroting wordt ter inzage gelegd conform artikel 35 Wet gemeenschappelijke regelingen. Uitvoering De zienswijze wordt gestuurd naar het bestuur van de Omgevingsdienst Achterhoek.
Evaluatie De Omgevingsdienst Achterhoek legt ieder jaar verantwoording af middels de jaarstukken. Bijlagen 1061046 - bijlage 1 - zienswijze ontwerpbegroting ODA 2026 1061046 - bijlage 2 - Aanbiedingsbrief (concept) jaarstukken 2024 en begroting ODA 2026(geanonimiseerd) 1061046 - bijlage 3 - Ontwerpbegroting ODA 2026 1061046 - bijlage 4 - (concept) Jaarstukken ODA 2024 Stukken die ter inzage liggen
BESLUIT
De raad van de gemeente Zutphen, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van DATUM met nummer 1061046; gelet op artikel(en) 35 van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen; b e s l u i t: 1. Kennis te nemen van de jaarstukken 2024 van de Omgevingsdienst Achterhoek (ODA). 2. Kennis te nemen van de begroting 2026 van de ODA. 3. Bij de ODA een zienswijze in te dienen over de begroting 2026 met als inhoud dat de gepresenteerde begroting niet akkoord is en gebaseerd dient te worden op de bestaande begroting 2025 met enkel toepassing van een prijsindex (2,2%) en een loonindex (3,8%). Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zutphen, gehouden op:
De voorzitter,
de griffier,