Startnotitie onderzoek Participatiewet programmaraad (002)
Tekst van het document
Startnotitie Rekenkameronderzoek ‘Participatiewet’
Aan Van Doorkiesnummer(s) Datum
Groene Hart Rekenkamer Maarten ter Hoeve 06-15872064 30 april 2021
Werktitel van het project Aanleiding
Onderzoek Participatiewet
Probleemstelling
De groep waarvoor de gemeente verantwoordelijk is met de inwerkingtreding van de participatiewet omvangrijker geworden dan voorheen. Deze groep is gegroeid met een deel van de mensen die vroeger in de Wajong (Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten) zouden zijn gekomen en de mensen die eerder een indicatie voor de sociale werkvoorziening zouden hebben gekregen. Daarnaast heeft het Rijk de afgelopen jaren de beschikbare budgetten voor re-integratie in stappen verlaagd. Gevolg is dat alle gemeenten op het gebied van re-integratie verantwoordelijk zijn voor meer mensen, maar hiervoor per persoon minder budget beschikbaar hebben.
Op 1 januari 2015 is de Participatiewet in werking getreden. Gemeenten zijn daarmee verantwoordelijk geworden voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt die ondersteuning nodig hebben. De uitgangspunten van deze wet zijn dat iedereen die kan werken dat naar vermogen doet en dat werk aantrekkelijker is dan een uitkering. Wie niet zelfstandig de arbeidsmarkt kan betreden, kan een beroep doen op ondersteuning van de gemeente.
De wet geeft de gemeente ook een aantal instrumenten om te zorgen dat mensen met een arbeidsbeperking een plek op de arbeidsmarkt kunnen vinden, zoals loonkostensubsidie en beschut werk. Daarnaast zijn er afspraken gemaakt over extra banen voor bepaalde doelgroepen, zoals jongeren met een arbeidshandicap en oudere werkzoekenden. De gemeente heeft voor de nieuwe doelgroepen dezelfde taken als voor mensen met een bijstandsuitkering, namelijk om deze mensen ondersteuning te bieden gericht op arbeidsinschakeling en waar nodig, inkomensondersteuning. Doelstelling
Het onderzoek van de Groene Hart Rekenkamer richt zich primair op de wijze waarop in de gemeenten vorm is gegeven aan de uitvoering van de Participatiewet, de doelen die daarbij zijn gesteld en de middelen die zijn ingezet. De GHR wil zich daar bij vooral focussen op de maatschappelijke effecten van het beleid. Vaak streven onderzoekers naar het vaststellen van zogenaamde nettoeffectiviteit. Netto-effectiviteit is het verschil in resultaat tussen een groep voor wie wel en voor wie geen re-integratiebeleid wordt ingezet. Dit is een theoretische benadering die in de praktijk moeilijk te onderzoeken is. Onderzoeken die er wel inslagen zijn langdurig en grootschalig. Juist met dit onderzoek wil de GHR ervoor
Pagina 1 van 3
kiezen op een andere manier zicht te krijgen op de maatschappelijke resultaten van re-integratiebeleid. De GHR kiest in dit onderzoek dus voor een focus op effectiviteit en richt een belangrijk deel van het onderzoek in op de klanttevredenheid van de doelgroep. Onderzoeksvragen
Hoofdvraag: - Wat is de effectiviteit van de gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Waddinxveen en Zuidplas van de wettelijke taak om haar inwoners naar vermogen toe te leiden naar werk en hoe beleven bijstandsgerechtigden dit beleid? Deelvragen: Beleid: -Welke kaders en doelen heeft het Rijk op het gebied van arbeidsparticipatie geformuleerd? -Welke doelen, indicatoren, streefwaarden en uitgangspunten hebben de gemeenten op het gebied van arbeidsparticipatie geformuleerd? -Wat is het totale gemeentelijke budget voor de uitvoering van de Participatiewet en uit welke deelbudgetten bestaat dit budget? Hoe worden de middelen over de doelgroepen verdeeld? - Op welke wijze is het beleid vertaald naar de praktijk (onder andere in termen van werkprocessen, werkwijzen, handboeken, protocollen, et cetera)? Uitvoering: -Hoe meten de gemeenten de effectiviteit van haar participatiebeleid? Voert zij metingen uit of de gestelde doelen en streefwaarden worden bereikt? -In hoeverre worden de doelen van het participatiebeleid gerealiseerd? - Hoe ziet de cliëntenpopulatie er uit? - Zijn er bij de uitvoering van de Participatiewet knelpunten? Zo ja, welke bijsturingsmaatregelen treffen de gemeenten? -Is er sprake van een effectieve samenwerking? Klanttevredenheid -Zijn bijstandsgerechtigden tevreden met de ondersteuning van de gemeente? -Welke effecten ervaren bijstandsgerechtigden van de
ondersteuning van de gemeenten? -Wat is de uitstroom naar werk en de bijdragen van trainingen en trajecten op basis van registraties? Benchmark -Wat kunnen gemeenten van de elkaar en van andere gemeenten leren?
De Groene Hart Rekenkamer wil onderzoeksbureaus expliciet uitdagen om te komen tot een aanscherping van de onderzoeksvragen.
Gevraagde producten
Per gemeente, dus voor gemeente Bodegraven-Reeuwijk, gemeente Gouda, gemeente Waddinxveen en gemeente Zuidplas elk afzonderlijk, verwachten wij een in correct Nederlands gestelde rapportage van het onderzoek. Separaat Pagina 2 van 3
en/of diensten (inclusief wijze van kennisoverdracht)
verwachten wij een voorstel voor aanbevelingen die de Groene Hart Rekenkamer zou kunnen doen. Van de onderzoekers wordt niet verwacht dat zij aanbevelingen opnemen in hun rapportage.
Wijze van aanbesteding
Onderhandse aanbesteding. In uw offerte dient u aandacht te besteden aan de volgende zaken: 1. Uw visie op de centrale probleemstelling, de onderzoekscontext en uitwerking van de relevante onderzoeksvragen. 2. Een uitgebreide beschrijving van de te ondernemen onderzoeksactiviteiten ter beantwoording van de onderzoeksvragen. 3. De doorlooptijd en planning van de onderzoeksactiviteiten. 4. De wijze waarop u de Rekenkamer betrekt bij de vorderingen en tussentijdse resultaten van het onderzoek. 5. De opbrengst van het onderzoek in termen van output (rapportage, presentatie, workshop o.i.d.) en gebruikswaarde. 6. De ervaring met de onderzoeksthematiek en –methoden van het onderzoeksteam dat de opdracht uit zal voeren. Van alle teamleden verwachten wij een korte CV in de offerte terug te vinden waarin hun functieniveau en ervaring staan beschreven. 7. De kosten (exclusief BTW) voor het uitvoeren van het onderzoek. Uw aanbieding betreft een vast bedrag. Eventueel meerwerk binnen de opdrachtformulering is het risico van de opdrachtnemer. De kosten voor het onderzoek dienen als volgt uitgesplitst te worden (zie voorbeeld in onderstaande tabel): a. Naar fase van het onderzoek inclusief beschrijving van de onderzoeksactiviteiten. b. Tijdsinvestering, uitgesplitst naar aantal dagen per functietype en dagtarief. c. Gespecificeerde bijkomende kosten, exclusief BTW.
Planning
Voor het onderzoek geldt de onderstaande planning: Onderzoeksfase
Periode
Offertetraject en gunning
September 2021
Startbijeenkomst en vaststellen toetsingskader door Rekenkamer
Oktober 2021
Uitvoering onderzoek
Oktober 2021 – december 2021
Bespreking rapport vóór ambtelijk wederhoor met rekenkamer
December 2021
Termijn voor technische reactie
Januari 2022
opstellen definitief rapport
Januari/februari 2022
Openbaar maken definitief rapport
Maart 2022
De Rekenkamer streeft ernaar de resultaten van het onderzoek in maart 2022 aan te bieden aan de raad. Graag zien wij in uw offerte terug welke stappen gezet moeten worden om invulling te geven aan dit streven.
Pagina 3 van 3