CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Rv Wijzigingsverordening OZB en RZB 2025 R24.000111

Gemeenteraad 10 december 2024, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv Wijzigingsverordening OZB en RZB 20252.454 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

*R24.000111*

Raadsvoorstel

onderwerp

registratienummer

Wjizigingsverordeningen OZB en RZB 2025

R24.000111

raadsvergadering

portefeuillehouder

behandelend ambtenaar

10/12/2024

J.W. Schuurman

J.F. van der Stelt

datum

Bijlagen

openbaar of geheim

12/11/2024

2

Openbaar

Aan de raad van de gemeente Zuidplas

Toelichting op de beslispunten Dit voorstel behelst een voorstel aan de raad tot het vaststellen van de wijze waarop de tarieven van onroerende-zaakbelastingen geldend voor 2025 moet plaatsvinden, het vaststellen van deze tarieven en het vaststellen van de verordeningen waarin deze tarieven en wijzigingen op grond van de aanpassingen door de VNG van de modelverordeningen zijn opgenomen. De raad is hiertoe bevoegd. De tarieven voor 2025 zijn voorlopig. Het voorgestelde tarief is fictief en hoog omdat de totale WOZwaarde van alle objecten in de gemeente nog niet bekend is. We stellen dit hoge tarief voor om de opbrengst van de OZB 2025 zeker te stellen. Een tarief mag altijd met terugwerkende kracht lager worden vastgesteld omdat dit gunstig is voor de belastingplichtige. U ontvangt in januari 2025 een aanpassing van dit tarief, gebaseerd op de totale WOZ-waarde ten opzichte van de begrote opbrengst 2025.

Beslispunten 1. de door de VNG voorgestelde wijzigingen en aanbevelingen in de modelverordeningen onroerende en roerende-zaakbelastingen over te nemen in de verordeningen onroerende- en roerendezaakbelastingen. 2. het tarief van de eigenarenbelasting voor onroerende- en roerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen, vast te stellen op 0,2000 % 3. het tarief van de eigenarenbelasting voor onroerende- en roerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen, vast te stellen op 0,5000 % 4. het tarief van de gebruikersbelasting voor onroerende- en roerende zaken die niet in hoofdzaak dienen, vast te stellen op 0,5000 % 5. de 10e wijziging van de verordening op de heffing en invordering van onroerende-zaakbelastingen 2016 vast te stellen 6. de 10e wijziging van de verordening op de heffing en invordering van roerende-zaakbelastingen 2016 vast te stellen

Pagina 1 van 6

onderwerp

registratienummer

raadsvoorstel en raadsbesluit OZB en RZB 2025

R24.000111

Inhoud voorstel Aanleiding Zoals voor ieder nieuw belastingjaar moeten ook voor het belastingjaar 2025 verordeningen onroerende- en roerende zaken geldend voor 2025 door de raad worden vastgesteld met tarieven die aansluiten op de terzake door de raad gemaakte keuzes en moeten de verordeningen worden aangepast aan de wijzigingen in de modelverordeningen van de VNG. Argumenten 1. Model verordening Het is goed gebruik om de modelverordening van de VNG als basis te nemen. De VNG stelt een aantal (technische) wijzigingen voor en deze hebben wij overgenomen. Bestaande tekst Artikel 4. Maatstaf van heffing 2.In afwijking van het eerste lid wordt de waarde van een bedrijfsruimte, met uitzondering van ruimten die zijn ingeschreven en een van de ingevolge de Monumentenwet 1988 vastgestelde registers van beschermde monumenten, bepaald op de vervangingswaarde indien dit leidt tot een hogere waarde dan die ingevolge het eerste lid. Bij de berekening van de vervangingswaarde wordt rekening gehouden met: a. de aard en bestemming van de ruimte; b. de sedert de stichting van de ruimte opgetreden technische en functionele veroudering waarbij de invloed van latere wijzigingen in aanmerking worden genomen.

Nieuwe tekst Artikel 4. Maatstaf van heffing 2. In afwijking in zoverre van het eerste lid wordt de waarde van een bedrijfsruimte, met uitzondering van ruimten die zijn ingeschreven in het rijksmonumentenregister, bedoeld in artikel 3.3 van de Erfgoedwet, bepaald op de vervangingswaarde indien dit leidt tot een hogere waarde dan die ingevolge het eerste lid. Bij de berekening van de vervangingswaarde wordt rekening gehouden met: a. de aard en de bestemming van de ruimte; b. de sedert de stichting van de ruimte opgetreden technische en functionele veroudering waarbij de invloed van latere wijzigingen in aanmerking wordt genomen.

4.In afwijking in zoverre van het eerste lid wordt de waarde van een woonruimte, die deel uit maakt van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 8 van het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928, bepaald met inachtneming van een vooronderstelde verplichting om het landgoed gedurende een tijdvak van 25 jaren als zodanig in stand te houden en geen opgaand hout te vellen anders dan volgens de regels van normaal bosbeheer noodzakelijk of gebruikelijk is. Ruimten die dienstbaar zijn aan de woonruimten worden geacht deel uit te maken van die woonruimte.

4. In afwijking in zoverre van het eerste lid wordt de waarde van een woonruimte, die deel uitmaakt van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de in artikel 220d, eerste lid, onderdeel d, van de Gemeentewet bedoelde voorwaarden, bepaald met inachtneming van een vooronderstelde verplichting om het landgoed gedurende een tijdvak van 25 jaren als zodanig in stand te houden en geen opgaand hout te vellen anders dan volgens de regels van normaal bosbeheer noodzakelijk of gebruikelijk is. Ruimten die dienstbaar zijn aan de woonruimte worden geacht deel uit te maken van die woonruimte.

Pagina 2 van 6

onderwerp

registratienummer

raadsvoorstel en raadsbesluit OZB en RZB 2025

R24.000111

2. Tarieven Ozb woningen In de Begroting 2025 is het voorstel opgenomen om de begrote opbrengst te verhogen met a) areaaluitbreiding als gevolg van verwachte toename aantal woningen en b) indexatie. Deze indexatie is bepaald op 3,6%, conform de financieel technische uitgangspunten die vastgesteld zijn in de Zomernota 2024. De index van 3,6% is een gecombineerde index van drie indexen. De tarief ontwikkelingen van woningen en niet-woningen zijn niet aan elkaar gekoppeld. Zie verder toelichting hieronder bij de tekst over de motie. Motie Ozb (M56) bij Zomernota 2024 Door middel van de aangenomen motie Ozb (M56) bij de Zomernota 2024 heeft u besloten: 1. In afwachting van de evaluatie variant B indien nodig de opbrengst per belastingcategorie te corrigeren; 2. Bij het oplossen van het begrotingstekort een ingroeipad voor de OZB niet-woningen op te nemen in de richting van het regionaal gemiddelde. 3. En bij het oplossen van het begrotingstekort een stijging van de OZB woningen boven de inflatie zoveel mogelijk te beperken. Hieronder een reactie per beslispunt motie Ozb: ad 1). De genoemde variant B ziet op de onderlinge verdeling tussen Ozb woningen en Ozb nietwoningen, waarbij aan de hand van realisatiecijfers de toekomstige tarieven mee bewegen.

Op 8 oktober 2024 besloot uw raad onder nummer R24.000099 dat voor het berekenen van de tarieven onroerende zaakbelastingen 2025 en verder uit te gaan van een nieuwe systematiek, waarbij een onderscheid gemaakt wordt tussen 2 categorieën, namelijk woning eigenaren (categorie 1) en eigenaren en gebruikers van niet-woningen (categorie 2). En deze groepen belastingplichtigen als twee aparte groepen te behandelen. Voorts is besloten om de kosten voor leegstand van niet-woningen door de totale categorie niet-woningen (gebruikers en eigenaren) te laten compenseren. Tot slot is besloten om toekomstige verordeningen OZB en RZB in een ”twee-traps-raket” vast te laten stellen in december jaar t (voorlopig) en eind januari jaar t+1 (definitief). Op die wijze is invulling gegeven aan de motie van 9 juli 2024. ad 2). Zie toelichting hieronder bij argumenten 3 en 4 (tarieven niet-woningen). ad 3). De Ozb woningen stijgt bij de Begroting 2025 alleen met de indexatie van 3,6%. Voor de volledigheid merken wij overigens wel op dat de kostenstijging per individuele huishouden in 2025 hoger uit kan vallen dan deze 3,6%, namelijk naar verwachting 7,1% gemiddeld. In 2024 hebben huishoudens namelijk een incidentele teruggave ontvangen op hun Ozb aanslag. Dit is transparant vermeld op de aanslagbiljetten. Wanneer we geen rekening houden met deze incidentele post, is de toename 3,6%. 3.

Tarieven Ozb niet-woningen eigenaren 4. Tarieven Ozb niet-woningen gebruikers Bij de vaststelling van de Begroting 2025 (R24.000107 op 5 november 2024) heeft uw raad besloten om de begrote opbrengst te verhogen met a) index 3,6% (net als bij woningen) b) verhoging 23,8% (voor de niet-woningen) naar het regionaal gemiddelde van 2024. Deze laatste verhoging houdt verband met de Motie Ozb (M56). Motie Ozb (M56) bij Zomernota 2024 – tariefsverhoging Ozb niet-woningen Uw constatering in de motie is dat de tarieven voor de niet-woningen (bedrijven) in onze gemeente relatief laag zijn. Dit beeld herkennen wij. Het tarief voor Zuidplas in 2024 is 0,4132% (eigenaren en gebruikers opgeteld) en in de regiogemeenten gemiddeld 0,5780% (+40%). Of 0,5611% (+36%) wanneer we de gemeenten die geen tarief voor gebruikers hebben, niet meetellen. Het gemiddelde landelijke tarief is 0,5605%, ook dit is +36% hoger. In de ontwerpbegroting van 2025 heeft uw het voorstel ontvangen om de Ozb niet-woningen met een hoger percentage te laten stijgen dan de indexatie. Dit om met de extra inkomsten bij te dragen aan een sluitende begroting. Via amendement A58 “Ozb verhoging niet-woningen 2025” heeft u een wijziging hierop doorgevoerd. Tezamen met het amendement is de extra verhoging van de Ozb niet-

Pagina 3 van 6

onderwerp

registratienummer

raadsvoorstel en raadsbesluit OZB en RZB 2025

R24.000111

woningen 23,8%, bovenop de 3,6% index (totaal 27,4% dus). In begrotingsjaar 2026 volgt een tweede stap van verhoging, namelijk aanvullend 13,1%. Vanwege deze “tweetrapsraket” wordt voldaan aan de wens van de raad in motie M56 om een ingroeipad toe te passen. De rechtvaardiging voor de verhoging hoger dan alleen indexatie, wordt gevonden in het gegeven dat de tarieven in Zuidplas al jaren aan de lage kant zijn, vergeleken met het regionale en landelijke gemiddelde. Daarmee beschouwen wij verhoging van de opbrengst van Ozb niet-woningen als een logische aanpassing op tarieven die eerder te laag zijn geweest. Een opbrengstverhoging van 27,4% is niet gering, het is een tegenvallers voor eigenaren en gebruikers van niet-woningen. Om die reden hechten wij er waarde aan om een zo zorgvuldig mogelijk proces te doorlopen. Op 8 oktober 2024 hebben wij daarom een algemene communicatielijn uitgezet om eigenaren en gebruikers te informeren, door middel van een persmoment en een persbericht. Dit bericht is ook goed opgepikt door de lokale media, met nieuwsartikelen in vijf media. Verder sturen wij eind november 2024 een algemene brief naar alle eigenaren en gebruikers van nietwoningen, waarin wij de verhoging aankondigen. Hierdoor kunnen zij hierop anticiperen in hun bedrijfsvoering, voordat zij de daadwerkelijke aanslag in februari 2025 ontvangen. 5.

Vaststellen verordening 2025 Voorheen werden de definitieve tarieven van de onroerende-zaakbelastingen in de laatste raadsvergadering van het jaar vastgesteld op basis van de daadwerkelijke gerealiseerde waardeontwikkeling per categorie belastbare objecten (woningen en niet-woningen). Het waarderingstraject van panden, dat de basis vormt voor de belastingaanslagen in februari, is op dat moment echter nog niet helemaal afgerond. Om zo nauwkeurig mogelijk de tarieven te kunnen berekenen, stelt het college voor om de tarieven in een twee-traps-raket vast te stellen: eerst in december jaar t en daarna in januari jaar t+1. Kanttekeningen De tarieven in januari mogen niet hoger zijn Dit raadsvoorstel voor de raad van 10 december 2024 is het eerste voorstel, in januari 2025 volgt het tweede voorstel op basis van de zo actueel mogelijke cijfers van de waarderingen. De tarieven voor 2025 zijn voorlopig. Het voorgestelde tarief is fictief en hoog omdat de totale WOZ-waarde van alle objecten in de gemeente nog niet bekend is. We stellen dit hoge tarief voor om de opbrengst van de OZB 2025 zeker te stellen. Een tarief mag altijd met terugwerkende kracht lager worden vastgesteld omdat dit gunstig is voor de belastingplichtige. U ontvangt in januari 2025 een aanpassing van dit tarief, gebaseerd op de totale WOZ-waarde ten opzichte van de begrote opbrengst 2025.

Tariefberekeninq onroerende-zaakbelastingen 2025 Geraamde opbrengsten 2025 OZB woningen OZB niet-woningen (eigenaren en gebruikers) Totaal afgerond Benodigde tarieven om geraamde opbrengsten te realiseren Onroerende-zaakbelastingen woningen Onroerende-zaakbelastingen niet-woningen eigenaar Onroerende-zaakbelastingen niet-woningen gebruiker

€ 9.241.000 € 4.709.000 € 13.950.000 2024 0,1021 % 0,2378 % 0,1754 %

2025 0,2000 % 0,5000 % 0,5000 %

Zoals hiervoor is aangegeven zijn de tarieven voor 2025 relatief hoog omdat deze in januari 2025 op basis van de laatst bekende informatie over de wozwaarden definitief -op een lager percentage- worden bepaald.

Pagina 4 van 6

onderwerp

registratienummer

raadsvoorstel en raadsbesluit OZB en RZB 2025

R24.000111

Beoogd effect Het in 2025 rechtsgeldig heffen van de burger van algemene financiële bijdragen in de vorm van onroerende- en roerende-zaakbelastingen en daardoor de in begroting 2025 geraamde opbrengsten van deze belastingen te realiseren. Wettelijk kader Volgens artikel 216 van de Gemeentewet is de raad bevoegd tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van een gemeentelijke belasting door het vaststellen van een belastingverordening. Beleidskader De door de raad via de P&C cyclus vastgestelde financiële- en politieke kaders. Financiën Het voorstel heeft geen gevolgen voor ICT en heeft ook geen personele gevolgen. De berekening van de tarieven van de onroerende-zaakbelastingen (R24.000099) heeft plaatsgevonden volgens de nieuwe systematiek waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen 2 categorieën, namelijk l woningeigenaren (categorie 1) en eigenaren en gebruikers van niet-woningen (categorie 2). Communicatie/ participatie De vaststelling van de belastingverordeningen wordt openbaar bekend gemaakt in het elektronisch gemeenteblad (www.officiële bekendmakingen.nl en www.overheid.nl), de gemeentelijke website (www.zuidplas.nl) en op de gemeentelijke voorlichtingspagina van het gratis-huis-aan-huisblad “Hart van Holland”.

Aanpak Op basis van de vastgestelde en openbaar bekendgemaakte belastingverordeningen worden de aanslagbiljetten gemeentelijke belastingen in 2025 eind februari 2025 verstuurd. Aan iedere belastingplichtige die zich daarvoor heeft aangemeld wordt hun aanslagbiljet in hun Berichtenbox van Mijn Overheid geplaatst. Zij krijgen daarvan bericht per email van Mijn Overheid. Belastingplichtigen die zich niet hebben aangemeld bij Mijn Overheid ontvangen het aanslagbiljet gemeentelijke belastingen 2025 per reguliere post in hun brievenbus. Inclusie De overheid int belastingen en investeert deze vervolgens in een inclusieve samenleving. De inspanningen hiervoor zijn in de programmabegroting uitgewerkt. Bijlagen 1. 10e wijziging van de verordening onroerende-zaakbelastingen 2016 (Corsanr.: A24.002059) 2. 10e wijziging van de verordening roerende-zaakbelastingen 2016 (Corsanr.: A24.002058)

Met vriendelijke groet, college van burgemeester en wethouders,

J.F. Weber Burgemeester

M. Burgmans Gemeentesecretaris

Pagina 5 van 6

onderwerp

registratienummer

raadsvoorstel en raadsbesluit OZB en RZB 2025

R24.000111

Raadsbesluit

De raad van de gemeente Zuidplas; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 12 november 2024; gelet op de - artikelen 220 tot en met 220h van de Gemeentewet; - en artikel 221 van de Gemeentewet besluit: 1. Verordening tot wijziging van de verordening op de heffing en invordering van roerendezaakbelastingen 2016 (10e wijziging) vast te stellen. 2. Verordening tot wijziging van de verordening op de heffing en invordering van onroerendezaakbelastingen 2016 (10e wijziging) vast te stellen.

Aldus besloten in de openbare vergadering van 10/12/2024

De raad voornoemd, De griffier,

De voorzitter,

M.L. Engelsman

J.F. Weber

Pagina 6 van 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14807764/3