Rv Verordening OZB en RZb 2024 R23.000133
Tekst van het document
*R23.000133*
Raadsvoorstel
registratienummer
onderwerp
R23.000133
Verordening OZB en RZb 2024 portefeuillehouder
behandelend ambtenaar
J.W. Schuurman
H. van der Stelt
datum
Bijlagen
Openbaar, besloten of geheim
14/11/2023
2
Openbaar
raadsvergadering 12/12/2023
Aan de raad van de gemeente Zuidplas Toelichting op de beslispunten Dit is een voorstel tot het vaststellen van de wijze waarop de tarieven van onroerendezaakbelastingen geldend voor 2024 moet plaatsvinden, het vaststellen van deze tarieven en het vaststellen van de wijzigingsverordeningen waarin deze tarieven en wijzigingen op grond van de aanpassingen door de VNG van de modelverordeningen zijn opgenomen. Dit is een raadsbevoegdheid. Eerste behandeling Deze Verordening OZB 2024 wordt zoals gebruikelijk in december aan uw raad ter besluitvorming voorgelegd. Gelet op alle werkzaamheden die nog uitgevoerd moeten worden, is op dit moment de totale WOZ-waarde nog niet volledig in beeld. In deze verordening is een inschatting gemaakt van het totale areaal, met een onzekerheidsmarge inbegrepen. Het OZB-tarief is op basis van deze prognose in eerste instantie aan de hoge kant (conform toezegging aan uw raad). Tweede behandeling Uiterlijk februari 2024 zal een aanpassing van het OZB-tarief aan uw raad worden voorgelegd. Op dat moment is het areaal beter in beeld en is de onzekerheidsfactor veel lager. Een aanpassing van het tarief is altijd in het voordeel van de belastingplichtige, dus deze kan alleen naar beneden worden bijgesteld.
Beslispunten 1. De berekening van de tarieven van de onroerendezaakbelastingen plaats te latenvinden volgens de door de raad in de vergadering van 7 juli 2015 vastgestelde variant B; 2. De door de VNG voorgestelde wijzigingen en aanbevelingen in de modelverordeningen onroerende en roerende-zaakbelastingen over te nemen in de verordeningen onroerende- en roerende zaakbelastingen; 3. Het tarief van de eigenarenbelasting voor onroerende- en roerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen, vast te stellen op 0,1200 %; 4. Het tarief van de eigenarenbelasting voor onroerende en roerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen, vast te stellen op 0,2700 %; 5. Het tarief van de gebruikersbelasting voor onroerende en roerende zaken die niet in hoofdzaak dienen, vast te stellen op 0,2000 %; 6. De 8e wijziging van de verordening onroerendezaakbelastingen 2016 en de 8 e wijziging van de verordening roerende-zaakbelastingen 2016 vast te stellen.
pagina 1 van 4
onderwerp Verordening OZB en RZb 2024
registratienummer R23.000133
Inhoud voorstel Aanleiding Zoals voor ieder nieuw belastingjaar moeten ook voor het belastingjaar 2024 verordeningen onroerende en roerende zaken geldend voor 2024 door de raad worden vastgesteld met tarieven die aansluiten op door de raad gemaakte keuzes en moeten de verordeningen worden aangepast aan de wijzigingen in de modelverordeningen van de VNG. Bij het berekenen van de tarieven voor de onroerendezaakbelastingen 2024 is ervan uitgegaan dat de tarieven een opbrengst genereren die gelijk is aan de begroting 2024 (vastgesteld op 7 november 2023). Argumenten 1.1 De berekening van de tarieven van de onroerendezaakbelastingen moet plaats vinden door middel van een door de raad op 1 juli 2015 vastgestelde variant B. Hierdoor wordt voorkomen dat in vergelijking tot het vorige belastingjaar de lasten van een bepaalde categorie belastingplichtigen (eigenaren van woningen en eigenaren en gebruikers van niet-woningen) te sterk toe- of afnemen. 2.1,3.1,4-1,5.1,6.1 Vasstellen van de tarieven van de onroerendezaakbelastingen en de wijzigingsverordeningen
Hierdoor wordt het volgende bereikt: 1. Aan de keuzes van de raad aangaande de tarieven van de onroerendezaakbelastingen 2024 wordt gevolg gegeven. Deze keuzes houden in dat deze tarieven een opbrengst genereren die gelijk is aan de begrotingsuitgangspunten 2024. 2. De tarieven van de roerende-zaakbelastingen voldoen aan het gestelde in artikel 221, derde lid van de Gemeente, welk artikel stelt dat de tarieven van de roerende zaakbelastingen gelijk moeten zijn aan de tarieven van de onroerendezaakbelastingen. 3. De in de begroting 2024 geraamde inkomsten aan onroerende- en roerende-zaakbelastingen kunnen in 2024 door middel van belastingaanslagen rechtsgeldig van de burgers worden geïnd. Kanttekeningen Onderstaande berekeningen van de tarieven worden eind januari 2024/begin februari 2024 herijkt en nogmaals aan de raad voorgelegd. Tariefberekening onroerendezaakbelastingen Geraamde opbrengsten na correctie op basis van Variant B Onroerendezaakbelastingen Onroerendezaakbelastingen niet-woningen eigenaar Onroerendezaakbelastingen niet-woningen gebruiker Totaal afgerond Benodigde tarieven om geraamde opbrengsten te realiseren Onroerendezaakbelastingen woningen Onroerendezaakbelastingen niet-woningen eigenaar Onroerendezaakbelastingen niet-woningen gebruiker
€ 8.525.155 € 2.318.791 € 1.563.053 € 12.407.000 2023 0,1022 % 0,2157 % 0,1589 %
2024 0,1200 % 0,2700 % 0,2000 %
Beoogd effect Het in 2024 rechtsgeldig heffen van de burger van algemene financiële bijdragen in de vorm van onroerende- en roerendezaakbelastingen en daardoor de in begroting 2024 geraamde opbrengsten van deze belastingen te realiseren op een wijze die voorkomt dat in vergelijking tot het vorige pagina 2 van 4
onderwerp Verordening OZB en RZb 2024
registratienummer R23.000133
belastingjaar de lasten van een bepaalde categorie belastingplichtigen (eigenaren van woningen en eigenaren en gebruikers van niet-woningen) te sterk toe- of afnemen. Wettelijk kader Volgens artikel 216 van de Gemeentewet is de raad bevoegd tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van een gemeentelijke belasting door het vaststellen van een belastingverordening. Beleidskader De door de raad via de P&C cyclus vastgestelde financiële- en politieke kaders. Financiën Het voorstel heeft geen gevolgen voor ICT en heeft ook geen personele gevolgen. De berekening van de tarieven van de onroerendezaakbelastingen (A23.001747) heeft plaatsgevonden volgens de door de raad in de vergadering van 7 juli 2015 vastgestelde variant B (R15.000063). Communicatie/ participatie De vaststelling van de belastingverordeningen wordt openbaar bekend gemaakt in het elektronisch gemeenteblad (www.officiëlebekendmakingen.nl en www.overheid.nl), de gemeentelijke website (www.zuidplas.nl) en op de gemeentelijke voorlichtingspagina van het gratis-huis-aan-huisblad “Hart van Holland”. Aanpak Op basis van de vastgestelde en openbaar bekendgemaakte belastingverordeningen worden de aanslagenbiljetten gemeentelijke belastingen in 2024 eind februari 2024 verstuurd. Aan iedere belastingplichtige die zich daarvoor heeft aangemeld wordt hun aanslagbiljet in hun Berichtenbox van Mijn Overheid geplaatst.
Zij krijgen daarvan bericht per Email van Mijn Overheid. Belastingplichtigen die zich niet hebben aangemeld bij Mijn Overheid ontvangen het aanslagbiljet gemeentelijke belastingen 2024 per reguliere post in hun brievenbus. Inclusie De overheid int belastingen en investeert deze vervolgens in een inclusieve samenleving. De inspanningen hiervoor zijn in de Programmabegroting uitgewerkt. Bijlagen 1. 8e wijziging van de verordening onroerendezaakbelastingen 2016 - A23.001737 2. 8e wijziging van de verordening roerende-zaakbelastingen 2016 - A23.001738 Met vriendelijke groet, Het college van burgemeester en wethouders,
J.F. Weber, Burgemeester
A.R. de Graaf gemeentesecretaris
pagina 3 van 4
onderwerp Verordening OZB en RZb 2024
registratienummer R23.000133
Raadsbesluit
De raad van de gemeente Zuidplas; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 november 2023; gelet op artikel / artikelen 220 tot en met 220h en artikel 221 van de Gemeentewet; besluit: 1. De berekening van de tarieven van de onroerendezaakbelastingen plaats te laten vinden volgens de door de raad in de vergadering van 7 juli 2015 vastgestelde variant B; 2. De door de VNG voorgestelde wijzigingen en aanbevelingen in de modelverordeningen onroerende en roerende-zaakbelastingen over te nemen in de verordeningen onroerende- en roerende zaakbelastingen; 3. Het tarief van de eigenarenbelasting voor onroerende- en roerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen, vast te stellen op 0,1200 %; 4. Het tarief van de eigenarenbelasting voor onroerende en roerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen, vast te stellen op 0,2700 %; 5. Het tarief van de gebruikersbelasting voor onroerende en roerende zaken die niet in hoofdzaak dienen, vast te stellen op 0,2000 %; 6. De 8e wijziging van de verordening onroerendezaakbelastingen 2016 en de 8e wijziging van de verordening roerende-zaakbelastingen 2016 vast te stellen.
Aldus besloten in de openbare vergadering van 12/12/2023
De raad voornoemd, De griffier,
De voorzitter,
M.L. Engelsman
J.F. Weber
pagina 4 van 4