Rv Garantstelling Gasunie voor realisatie T-stuk WarmtelinQ R21.000057
Tekst van het document
*R21.000057*
Raadsvoorstel
registratienummer
onderwerp Garantstelling Gasunie voor realisatie T-stuk WarmtelinQ
R21.000057
portefeuillehouder
behandelend ambtenaar
J.A. Verbeek
S. Akinci
datum
Bijlagen
Openbaar, besloten of geheim
18/05/2021
-
Openbaar
raadsvergadering 08/06/2021
Aan de raad van de gemeente Zuidplas
Toelichting op de beslispunten Om de warmtevoorziening voor de glastuinbouw en delen van de gebouwde omgeving in de Oostlandgemeenten (Lansingerland, Pijnacker-Nootdorp, Waddinxveen, Zoetermeer en Zuidplas) kostenefficiënt te kunnen verduurzamen is inzet van restwarmte nodig. Om restwarmte naar Oostland te krijgen is een aansluiting op WarmtelinQ noodzakelijk. Met een garantstelling van de Oostlandgemeenten is Gasunie bereid WarmtelinQ te voorzien van een T-stuk, dat deze aansluiting mogelijk maakt. Het college van Zuidplas is voornemens deze garantstelling af te geven. Conform artikel 7 van de Financiële verordening gemeente Zuidplas 2017 dient het college voorafgaand aan het verstrekken van een garantstelling de gemeenteraad hierover te informeren en in de gelegenheid te stellen wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen.
Beslispunten 1. Geen wensen of bedenkingen te uiten bij het voorgenomen besluit van het college van Zuidplas om Gasunie een garantstelling van eenmalig maximaal € 60.000,- te verlenen voor de realisatie van een T-stuk in WarmtelinQ ten einde aansluiting van Oostland mogelijk te maken.
Inhoud van het voorstel
Aanleiding In 2018 hebben de Oostland-gemeenten Lansingerland, Pijnacker-Nootdorp, Waddinxveen, Zoetermeer en Zuidplas samen met de glastuinbouw de Warmte Samenwerking Oostland (WSO) opgericht. Doel van WSO is om de warmtevraag van de glastuinbouw en delen van de gebouwde omgeving te verduurzamen. Uit een in 2018 in opdracht van WSO uitgevoerde Verkenning Warmte Oostland komt naar voren dat Oostland restwarmte nodig heeft om de glastuinbouw te verduurzamen, aangezien lokale bronnen ontoereikend zijn om de warmtevraag in te vullen. Ook concludeert de verkenning dat met de inzet van restwarmte de warmtevraag van delen van de gebouwde omgeving tegen de laagste maatschappelijke kosten verduurzaamd kan worden. In de provincie Zuid-Holland is veel regionale (rest)warmte beschikbaar, vooral in de haven van Rotterdam. Inzet van deze warmte voor de verwarming van woningen en bedrijven vormt een aantrekkelijk en betaalbaar alternatief voor aardgas. Daarvoor is de realisatie van een netwerk van pagina 1 van 6
onderwerp Garantstelling Gasunie voor realisatie T-stuk WarmtelinQ
registratienummer R21.000057
transportleidingen noodzakelijk zodat bestaande en nieuwe warmtenetten kunnen worden voorzien van warmte. Eén van die leidingen is WarmtelinQ (voorheen Leiding door het Midden). Deze loopt van de Rotterdamse haven via Vlaardingen naar Den Haag. Het ministerie van EZK heeft Gasunie de opdracht gegeven deze leiding te ontwikkelen. Gasunie neemt in de zomer van 2021 het investeringsbesluit voor de aanleg van deze leiding. Om ook Oostland op termijn van restwarmte te kunnen voorzien, is een aansluiting op WarmtelinQ nodig. Voor de glastuinbouwbedrijven in de Zuidplaspolder is de beschikbaarheid van voldoende CO₂-vrije warmte een noodzakelijke voorwaarde om te kunnen verduurzamen. Vijf jaar geleden hebben de glastuinbouwbedrijven zich verenigd in de Warmtecoöperatie Zuidplaspolder met het oogmerk aan te kunnen sluiten op restwarmte uit de Rotterdamse haven. De Warmtecoöperatie Zuidplaspolder heeft vorig jaar op eigen initiatief onderzoek laten verrichten naar een warmteleiding vanaf de geplande warmtehub in Bleiswijk naar de Zuidplaspolder. Om voldoende warmte te kunnen leveren om te voorzien in deze en andere warmtevraag, zal de warmtehub moeten worden aangesloten op WarmtelinQ. De Warmtecoöperatie is nauw betrokken bij de ontwikkelingen binnen WSO. Ook de gemeente Zuidplas onderhoudt zowel op ambtelijk als bestuurlijk niveau contact met de Warmtecoöperatie Zuidplaspolder.
Beiden staan voor hetzelfde doel: de beschikbaarheid van voldoende CO₂-vrije warmte uit de Rotterdamse haven. In de tweede helft van 2020 heeft de WSO samen met de Gasunie, Provincie Zuid-Holland en het ministerie van EZK de technische en financiële haalbaarheid van een aansluiting van Oostland op WarmtelinQ onderzocht. Hieruit komt naar voren dat een aansluiting technisch haalbaar is, maar een financieel onrendabele top kent. Deze onrendabele top is te overzien als het landelijk beleid voor woonlastenneutraliteit wordt ingevuld. Om Oostland met restwarmte te voorzien vanuit WarmtelinQ is ter hoogte van Delft Zuid een T-stuk in de leiding noodzakelijk om aansluiting mogelijk te maken. In het ontwerp van een gebiedsdekkende warmtestructuur in Oostland is een west-oost verbinding voorzien vanaf WarmtelinQ naar de geplande Warmtehub in Lansingerland en verder naar Zuidplas/Waddinxveen en Zoetermeer. Hierdoor kan de restwarmte op termijn afgezet worden in heel Oostland. Om voldoende flexibiliteit in te bouwen naar de toekomst wordt een T-stuk van 100 MW voorgesteld. Gasunie vraagt aan de Oostland gemeenten een garantstelling voor de kosten van de aanleg van dit Tstuk. De garantstelling loopt tot 31 december 2030.
Gasunie zal alleen aanspraak maken op deze garantstelling wanneer eind 2030 niet minimaal 30 MW aan vermogen is gecontracteerd in het Oostland, onder de voorwaarde dat Gasunie dit vermogen op dat moment ook daadwerkelijk kan leveren. Indien minder dan 30 MW is gecontracteerd, zal door de gezamenlijke Oostland-gemeenten per MW minder gecontracteerd vermogen een bedrag van € 10.000 moeten worden afgerekend tot een maximum totaalbedrag van € 300.000. De garantstelling wordt gelijkelijk verdeeld over de vijf Oostlandgemeenten. Het financiële risico voor de gemeente Zuidplas bedraagt daarmee maximaal € 60.000,- en doet zich eenmalig voor in 2030, indien Gasunie aanspraak maakt op de garantstelling. Het risico wordt ingeschat op 50% en periodiek geactualiseerd.
Argumenten 1.1
Garantstelling maakt verduurzaming van de warmtevraag in het Oostland mogelijk. pagina 2 van 6
onderwerp Garantstelling Gasunie voor realisatie T-stuk WarmtelinQ
registratienummer R21.000057
Oostland kent een forse warmtevraag die niet alleen mede met de inzet van restwarmte afgedekt kan worden. De garantie is noodzakelijk voor de aanleg van een T-stuk waardoor aansluiting van het Oostland op WarmtelinQ op termijn mogelijk wordt. 1.2
Garantstelling geeft de glastuinbouwsector een duurzaam toekomstperspectief. Voor het toekomstperspectief van de glastuinbouw in de regio zal een duurzaam warmtealternatief voor het huidige aardgasgebruik gevonden moeten worden. Garantstelling voor de realisatie van een T-stuk is een belangrijke stap om restwarmte naar het Oostland te transporteren.
1.3
Garantstelling draagt bij aan een soepele en kostenefficiënte warmtetransitie. Samenwerking tussen alle overheden, Gasunie en glastuinbouw legt de basis voor een robuust regionaal warmtenet en de duurzame inzet van industriële restwarmte. Realisatie van het Tstuk is verreweg het meest kostenefficiënt wanneer de aanleg gelijktijdig met de aanleg van WarmtelinQ geschiedt.
Kanttekeningen 1.1
De realisatie van een T-stuk is de verantwoordelijkheid van Gasunie De aanleg van het T-stuk is geen onderdeel van de opdracht die Gasunie van het ministerie van EZK heeft ontvangen. Zonder garantstelling zal Gasunie niet overgaan tot de realisatie van een T-stuk, waardoor aansluiting van het Oostland op industriële restwarmte in de toekomst vele malen moeilijker wordt.
1.2
Andere gemeenten rond WarmtelinQ hoeven voor aansluiting geen garantie af te geven. Aansluiting van het Oostland is niet in de oorspronkelijke opdracht aan Gasunie meegenomen en maakte geen onderdeel uit van de plannen. Dit zorgt voor extra kosten. Tevens is er in het Oostland - in tegenstelling tot andere gemeenten - nog geen marktpartij die met Gasunie onderhandelt over warmte-afname, waardoor Gasunie geen garanties heeft de investering in het T-stuk terug te kunnen verdienen.
1.3
Er moet pas tot de aanleg van een T-stuk worden overgegaan wanneer zeker is dat het Oostland ook daadwerkelijk voldoende warmte uit WarmtelinQ zal afnemen. De realisatie van een T-stuk is vele malen goedkoper als dit direct bij de aanleg van WarmtelinQ wordt meegenomen. De financiële impact van het risico dat in 2030 onvoldoende warmte wordt afgenomen, is lager dan de meerkosten van aanleg achteraf. Daarom wordt nu al gekozen voor het afgeven van een garantstelling.
1.4
Het afgeven van een garantstelling biedt nog geen zekerheid over de beschikbaarheid van voldoende warmte. Indien in de toekomst niet voldoende capaciteit geleverd kan worden, vervalt de garantstelling van de gemeenten.
1.5
Toepassing van restwarmte is (nog) niet rendabel voor glastuinbouw en woningen. Op nationaal niveau is aangegeven dat de transitie naar duurzame warmte haalbaar en betaalbaar dient te zijn. In de komende periode wordt het instrumentarium hiervoor verder vormgegeven, waardoor gebruik van duurzame warmte aantrekkelijker wordt ten opzichte van fossiele alternatieven.
pagina 3 van 6
onderwerp Garantstelling Gasunie voor realisatie T-stuk WarmtelinQ
registratienummer R21.000057
Beoogd effect Met de garantstelling wordt in het ontwerp van WarmelinQ een T-stuk aangelegd, waardoor in de toekomst aansluiting van Oostland mogelijk wordt en restwarmte als duurzaam warmtealternatief beschikbaar is voor de glastuinbouw en (delen van) de gebouwde omgeving.
Wettelijk kader Klimaatwet
Beleidskader Programma Duurzaamheid & Klimaatadaptatie 2019-2025
Financiën De totale garantiestelling voor de aanleg van het T-stuk bedraagt € 300.000,-, gelijkelijk te verdelen over de vijf Oostland-gemeenten. Zuidplas staat dus garant voor maximaal € 60.000,-. De garantiestelling gaat in op het moment dat WarmtelinQ met een capaciteit van 250 MW inclusief het Tstuk bij Delft Zuid wordt aangelegd. De garantstelling heeft geen directe financiële consequenties. Gasunie zal alleen aanspraak maken op deze garantstelling wanneer eind 2030 niet minimaal 30 MW aan vermogen is gecontracteerd in het Oostland, onder de voorwaarde dat Gasunie dit vermogen op dat moment ook daadwerkelijk kan leveren. Indien minder dan 30 MW is gecontracteerd, zal door de gezamenlijke Oostland-gemeenten per MW minder gecontracteerd vermogen een bedrag van € 10.000,- moeten worden afgerekend tot een maximum van € 300.000,-. De garantstelling wordt gelijkelijk verdeeld over de vijf Oostlandgemeenten en bedraagt voor Zuidplas maximaal € 60.000,- Deze wordt opgenomen in de weerstandsparagraaf van de gemeente Zuidplas met een risico van 50%. De komende jaren zal het landelijk steunkader voor de energietransitie door het Rijk worden ingevuld. Het risico zal hierdoor sterk verminderen. De gemeente heeft beperkt invloed op de risico’s.
Zij kan samen met de buurtbewoners en glastuinbouwers voortvarend het proces door lopen om te komen tot een besluit over wel of niet afnemen van restwarmte.
Communicatie / participatie -
Aanpak Indien de gemeenteraad van Zuidplas geen wensen en bedenkingen uit, zal het college besluiten een garantstelling aan Gasunie afgeven ten bedrage van € 60.000,- en dit vastleggen in een samenwerkingsovereenkomst. In deze samenwerkingsovereenkomst worden tevens afspraken gemaakt om de verdere aansluiting van het Oostland vorm te geven. Het Ministerie van EZK onderzoekt op welke wijze zij bij kan dragen met een landelijk steunkader (woonlastenneutraliteit, SDE+). Samen met het ministerie van LNV wordt onderzocht op welke wijze de distributienetten in de glastuinbouw en het transportnet toekomstbestendig gemaakt kunnen worden. De Oostland-gemeenten zeggen toe in hun Warmtetranstivisieplannen te benoemen vast welke warmtebuurten potentieel voor 2030 zijn overgeschakeld op een duurzaam warmtealternatief en onderzoeken de financiële pagina 4 van 6
onderwerp Garantstelling Gasunie voor realisatie T-stuk WarmtelinQ
registratienummer R21.000057
mogelijkheden voor de uitrol van distributienetwerken. De gemeenten zetten de samenwerking binnen WSO voort en stellen in 2021 een stappenplan op voor de realisatie van de Oost-West verbinding en de aansluiting op WarmtelinQ en adresseren daarbij ook het governance-vraagstuk.
Bijlagen -
Met vriendelijke groet, college van burgemeester en wethouders,
J.F. Weber, Burgemeester
R.C.L. Heijdra gemeentesecretaris
pagina 5 van 6
onderwerp Garantstelling Gasunie voor realisatie T-stuk WarmtelinQ
registratienummer R21.000057
Raadsbesluit
De raad van de gemeente Zuidplas; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 18 mei 2021; gelet op artikel 7 van de Financiële verordening gemeente Zuidplas 2017; besluit: 1. geen wensen of bedenkingen te uiten bij het voorgenomen besluit van het college van B en W van Zuidplas om Gasunie een garantstelling van eenmalig maximaal € 60.000,- te verlenen voor de realisatie van een T-stuk in WarmtelinQ ten einde aansluiting van Oostland mogelijk te maken.
Aldus besloten in de openbare vergadering van 08/06/2021
De raad voornoemd, De griffier,
De voorzitter,
P. van Vugt
J.F. Weber
pagina 6 van 6