Rv Chw Bp Middengebied Zuidplaspolder 1- AANGEPAST R24.000011
Tekst van het document
*R24.000011*
Raadsvoorstel
registratienummer
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
raadsvergadering 10/04/2024 (opiniërend)
R24.000011
portefeuillehouder
behandelend ambtenaar
J.W. Schuurman & D.A. de Haas
E. Reussink, S. Hoogendijk & V. Sloesen
23/04/2024 (besluitvormend) datum
bijlagen
Openbaar, besloten of geheim
29-03-2024
38 (waarvan 2 geheim)
Openbaar
Aan de raad van de gemeente Zuidplas Toelichting op de beslispunten Het voorliggende bestemmingsplan maakt de ontwikkeling van het ontwikkelgebied in het Middengebied van de Zuidplaspolder planologisch mogelijk. Het ontwerpbestemmingplan is opgesteld binnen de kaders van de gemeenteraad en is vervolgens ter inzage gelegd door het college van B&W. Er zijn vele zienswijzen ingediend, op basis waarvan het bestemmingsplan is aangescherpt. Uit de toelichting bij het bestemmingsplan blijkt dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. De gemeenteraad wordt daarom voorgesteld het definitieve bestemmingsplan vast te stellen. Beslispunten 1. Het ‘Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’ (A24.000166, A24.000167 en A24.000195, A24.000194 inclusief de technische aanpassingen zoals opgesomd in Z24.000790) vast te stellen en hierbij geen exploitatieplan vast te stellen; 2. De ‘Nota van Beantwoording Zienswijzen (en Wijzigingen)’ (A24.000193) vast te stellen; 3. Het college van B&W opdracht te geven om initiatieven van bewoners, bedrijven en grondeigenaren die niet zijn opgenomen in het voorliggende bestemmingsplan in behandeling te nemen en te bezien of deze initiatieven via reguliere planologische procedures kunnen worden gefaciliteerd na een zorgvuldige afweging van particulier en algemeen belang en hierover de gemeenteraad periodiek te informeren. 4.
Het college van B&W opdracht te geven om een verkenning uit te voeren naar de mogelijkheden en de scope van het treffen van een generieke uitkoop- en/of grondruilregeling van huidige eigenaren van woningen en bedrijven in het bestemmingsplangebied inclusief de financiële en juridische consequenties hiervan en de gemeenteraad nog in 2024 scenario’s voor te leggen. Inhoud van het voorstel • Aanleiding De gemeente werkt in het Middengebied van de Zuidplaspolder aan de ontwikkeling van een nieuw dorp, met 8.000 woningen en bijbehorend (maatschappelijk en commercieel) voorzieningenprogramma, twee nieuwe bedrijventerreinen, energielandschap, bos en de noodzakelijke infrastructuur. De gemeenteraad heeft destijds meegegeven dat hier een ‘dorp in het groen’ komt, omringd door landschap en daarbinnen voldoende basisvoorzieningen voor het dagelijks leven. In de volgende alinea’s worden de volgende onderwerpen toegelicht: • Kaders voor het voorliggend besluit • Scope van het bestemmingsplan pagina 1 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
• • • • • • • • • •
registratienummer R24.000011
Achterliggende onderzoeken van het bestemmingsplan Besluiten en adviezen behorende bij het bestemmingsplanproces Randvoorwaarden voor de ontwikkeling Participatie en inspraak over het bestemmingsplan Zienswijzen, initiatieven en vervolgproces Relatie met grondverwervingen en verkenning uitkoopregeling Duiding van de fasering in het bestemmingsplan Uitkomsten planschade risicoanalyse Monitoring en bijsturing Externe adviezen aan de gemeenteraad
Kaders voor het voorliggend besluit Voor de ontwikkeling van het Middengebied in de Zuidplaspolder doorloopt de gemeente een langjarig en zorgvuldig proces, waarbij in verschillende besluiten en in toenemend detailniveau wordt toegewerkt naar de uitvoering. Met de vaststelling van voorliggend bestemmingplan komt de uitvoering steeds dichterbij. Het bestemmingsplan betreft een planologische vertaling van de eerder vastgestelde kaders van de gemeenteraad, waaronder: - Structuurvisie Zuidplas 2023 (2010) / Omgevingsvisie Zuidplas 2040 (2021); - Masterplan Middengebied Zuidplaspolder (2021), hierna: Masterplan; - Nota van Uitgangspunten Ontwikkeling Middengebied Zuidplaspolder (2023) met bijbehorende amendementen en bijlagen, hierna: NvU. Daarnaast geeft de gemeente met dit bestemmingsplan invulling aan de afspraken uit de Bestuurlijke Overeenkomst Ontwikkeling Middengebied Zuidplaspolder (1 juli 2021) alsmede de Deelovereenkomst Mobiliteit Ontwikkeling Middengebied Zuidplaspolder (28&29 juni 2023). Bovengenoemde documenten schetsen een integrale visie voor het totale Middengebied. Alleen het actief te ontwikkelen deel (c.q. het ontwikkelgebied) heeft een plek gekregen in voorliggend bestemmingsplan. Het bestemmingplan is voorts verrijkt op basis van gedegen onderzoek en participatie/inspraak. Dit is in de volgende alinea’s verder toegelicht.
Het college van B&W is zich hierbij bewust van de mogelijke impact van voorliggend bestemmingsplan op grondeigenaren en –gebruikers in en om het gebied. Het college van B&W neemt de gesprekken met alle belanghebbenden serieus en zal in het vervolg ook gericht blijven op passende oplossingen. Tegelijk is er een groot belang bij de ontwikkeling van een substantieel aantal woningen en nieuwe ruimte voor bedrijvigheid. Dit creëert continu een spanningsveld tussen het individueel en algemeen maatschappelijk belang. Met de fasegewijze aanpak van de planvorming, waarbij wordt gewerkt van grof naar fijn, zoekt het college van B&W nadrukkelijk een balans tussen flexibiliteit én duidelijkheid voor belanghebbenden. Binnen de kaders van de gemeenteraad worden de gesprekken met de belanghebbenden over zorgen én initiatieven dan ook voortgezet, ook ná de vaststelling van dit bestemmingsplan door de gemeenteraad. Scope van het bestemmingsplan Voor de integrale opgave van het Middengebied zijn er twee bestemmingsplannen opgesteld. Voorliggend bestemmingsplan is het eerste plan dat voor inspraak en ter besluitvorming is voorgelegd. Het college van B&W heeft hiervoor gekozen gezien de grote omvang van het totale gebied, het verschillende karakter, doelstellingen en belangen van en binnen de twee bestemmingsplangebieden.
In het Masterplan en het raadsbesluit hierover (R21.000005) is vastgesteld dat de gemeente het nieuwe dorp en twee bedrijventerreinen met bijbehorende infrastructuur, natuur en energielandschap actief ontwikkelt. De overige deelgebieden in het plangebied – de agrarische zone, de Groene Schakel en de Groene Waterparel – worden niet actief door de gemeente pagina 2 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
registratienummer R24.000011
(her)ontwikkeld. Hier voorziet de gemeente een organische transformatie op initiatief van grondeigenaren, gefaciliteerd door de mogelijkheden in het bestemmingsplan. Het uitsplitsen van het ontwikkelgebied en het overig plangebied in aparte bestemmingsplannen komt ten goede aan de kwaliteit van beide plannen en scheidt mogelijke beroepsprocedures. Het Masterplan, en de daaropvolgende NvU, zijn kaderstellend voor beide bestemmingsplannen, waarmee de integrale samenhang wordt geborgd. Ook het MER is opgesteld voor het totale Middengebied en biedt onderbouwing en input voor beide bestemmingsplannen. Het Masterplan, de NvU en het MER zijn tevens de basis geweest voor het beantwoorden van de zienswijzen op het ontwerp van voorliggend bestemmingsplan. Binnen dit kader zijn de verschillende zienswijzen afgewogen. De wijze waarop de bij de Nota van Uitgangspunten (2023) aangenomen amendementen zijn verwerkt in voornoemd bestemmingsplan zijn te vinden de Informatienota Amendementen NvU in bestemmingsplan Middengebied (Z24.000411).
Achterliggende onderzoeken van het bestemmingsplan Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding waarop het ontwikkelgebied wordt aangegeven, de regels waaraan de inrichting van het gebied wordt getoetst en een toelichting waarin wordt ingegaan op de verantwoording van planonderdelen en de daarvoor verschillende uitgevoerde onderzoeken zoals geluid, stikstof, lucht, gezondheid, water, etc. Er zijn twee soorten onderzoeken uitgevoerd voor dit bestemmingsplan: - Bestemmingsplanonderzoeken (de gebruikelijke onderzoeken bij bestemmingsplannen, zoals archeologie, geluid, luchtkwaliteit, etc.); - MER-onderzoeken (zie hieronder). Een MER wordt opgesteld voor grotere gebiedsontwikkelingen, zoals de ontwikkeling van het Middengebied. Dit wordt gedaan in het kader van de zogeheten m.e.r.-procedure. De m.e.r.procedure heeft als doel om het milieubelang te laten meewegen bij de vaststelling van het bestemmingsplan. De landelijke onafhankelijke Commissie voor de m.e.r. (hierna: Commissie m.e.r.) toetst of de milieueffecten voldoende in beeld zijn gebracht. De Commissie m.e.r. adviseert bevoegde gezagen over de wijze waarop het milieubelang is meegewogen bij de voorbereiding van de besluitvorming over een plan of project. In dit geval gaat het om de vaststelling van het voorliggend bestemmingsplan door de gemeenteraad van Zuidplas. De Commissie m.e.r. heeft in haar toetsingsadvies (d.d.
8 november 2023) aangegeven dat de milieueffecten van het plan grondig in beeld zijn gebracht voor besluitvorming door de gemeenteraad. Het ‘Toetsingsadvies over MER Middengebied Zuidplaspolder’ van de Commissie m.e.r. over de wijze waarop de milieueffecten in beeld zijn gebracht voor voornoemd bestemmingsplan is te vinden in bijlage 32 (A24.000343). Voor beide soorten onderzoek geldt dat de uitkomsten hiervan zijn betrokken bij het opstellen van het bestemmingsplan, om zo veel mogelijk negatieve omgevingseffecten te voorkomen of beperken. Randvoorwaarden voor de ontwikkeling Het bestemmingsplan is planologisch randvoorwaardelijk voor uitvoering van de opgave. Hiervoor moet een goede ruimtelijke ordening zijn aangetoond. Hieraan hebben (onder andere) de volgende stappen bijgedragen: - De provincie heeft de voorgenomen ontwikkeling opgenomen, en daarmee mogelijk gemaakt, in het provinciaal omgevingsbeleid (oktober 2022); - De provincie en gemeente Gouda dragen, samen met de gemeente Zuidplas, financieel bij aan het bereikbaar houden van een aantal wegen rondom het Middengebied via de deelovereenkomst mobiliteit; - De ODMH heeft namens het college van B&W twee Hogere waarde besluiten (Wet geluidhinder) genomen; Twee ontwerp-Hogere waarde besluiten, in het kader van de Wet geluidhinder, zijn ter inzage gelegd door het college van B&W.
Op het ontwerp hogere waarde besluit voor de bestaande woningen zijn zienswijzen ingediend. Er zijn geen zienswijzen pagina 3 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
-
-
registratienummer R24.000011
ingediend voor de hogere waarde voor de nog te bouwen woningen. De Omgevingsdienst Midden-Holland (ODMH) is gemandateerd om te besluiten over de hogere waarde voor het woongebied, enkele bestaande woningen langs de Eerste en Tweede Tochtweg en de woningen in het bos (de buitenplaatsen). Dit besluit is nodig om de geplande woningbouw op deze locaties, met een hogere toelaatbare geluidsbelasting, toe te staan en de nieuwe ontsluitingsweg mogelijk te maken. Met eigenaren van de aanwezige varkenshouderij zijn intentieafspraken gemaakt voor bedrijfsverplaatsing binnen het bestemmingsplangebied, om een belemmerende hindercontour voor woningbouw weg te nemen; Met de Gasunie wordt samengewerkt aan het initiatief van de gemeente om de gasleiding parallel ten westen van de Middelweg te verleggen; De Nota Maatwerk Parkeren Middengebied (2024) geeft invulling aan een gebiedsspecifieke uitwerking van de Nota Parkeren (2019). De gemeenteraad heeft in de Nota Parkeernormen (2019) het college van B&W ruimte gegeven voor gebiedsspecifieke uitwerkingen van het overkoepelend parkeerbeleid. In de NvU zijn specifieke ambities en uitgangspunten opgenomen en vastgesteld voor het Middengebied, onder andere voor mobiliteit.
Bij de vaststelling van de NvU heeft de gemeenteraad ook een aantal amendementen aangenomen met specifieke randvoorwaarden voor de invulling van het parkeerbeleid in het Middengebied. Al het bovengenoemde is betrokken bij het opstellen en definitief maken van de Nota Maatwerk Parkeren Middengebied 2024. Het college van B&W heeft de Nota inmiddels vastgesteld voor voorliggend bestemmingsplan. In voorliggend bestemmingsplan is een verwijzing opgenomen naar deze Nota Maatwerk Parkeren Middengebied 2024.
Eén afspraak wordt op het moment van schrijven van dit raadsvoorstel voorbereid vóór de vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad: - Met de gemeente Waddinxveen en de eigenaar van het bestaande bedrijventerrein ‘Doelwijk I’ worden intentieafspraken gemaakt over de ontsluiting van het nieuwe bedrijventerrein ‘Doelwijk II’. Participatie en inspraak over het bestemmingsplan In het kader van dit bestemmingsplan zijn er informatie- en participatiebijeenkomsten georganiseerd: - 12 en 18 mei 2022: Participatiebijeenkomsten – Toelichting en inbreng concept-MERalternatieven - 10 en 12 november 2022: Informatiebijeenkomsten – Toelichting concept-MER-rapport - 21 september en 9 oktober 2023: Inloopavonden – Toelichting en inbreng ontwerpbestemmingsplan 1 Het ontwerpbestemmingsplan heeft vervolgens van 7 september 2023 tot en met 18 oktober 2023 ter inzage gelegen. Gelijktijdig is de ontwerp-Nota Maatwerk Parkeren Middengebied en het eerste ontwerp-Hogere waarde besluit (Wet geluidhinder) ter inzage gelegd. Een tweede ontwerp-Hogere waarde besluit (Wet geluidhinder) voor de toekomstige woningen in de buitenplaatsen heeft ter inzage gelegen van 14 december 2023 tot en met 24 januari 2024.
In 2022 en 2023 zijn er daarnaast verschillende bijeenkomsten over (sub)beleidsthema’s en stedenbouwkundige uitwerkingen georganiseerd, als input voor de NvU, met (waar dat aan de orde is) doorwerking in het voorliggend bestemmingsplan. Zie de Nota van Beantwoording Zienswijzen (en Wijzigingen) (A24.000193) voor het uitputtend overzicht. Zienswijzen, initiatieven en vervolgproces Er zijn 89 zienswijzen ingediend op het ontwerpbestemmingsplan, waarvan 41 unieke zienswijzen. Deze zijn allen beoordeeld en voorzien van beantwoording in de Nota van Beantwoording (en pagina 4 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
registratienummer R24.000011
Wijzigingen). De wijzigingen die naar aanleiding hiervan zijn doorgevoerd zijn toegelicht in bijlage 26 (A24.000193). Van de 89 zienswijzen hebben 65 zienswijzen geleid tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Een aantal zienswijzen roept op om het bestemmingsplan aan te passen om een particulier initiatief mogelijk te maken. Sinds de vaststelling van het Masterplan voert de gemeente gesprekken met grondeigenaren, bewoners en bedrijven in het gebied over de plannen van de gemeente. Grondeigenaren, bewoners en bedrijven hebben daarbij de mogelijkheid om hun eigen ideeën en initiatieven te toetsen met de plannen van de gemeente. Daar waar de gesprekken hebben geleid tot overeenstemming – het initiatief past volgens de gemeente bij de kaders voor de ontwikkeling van het Middengebied – houdt het bestemmingsplan hier rekening mee. Een aantal andere initiatieven zijn inhoudelijk complex en/of strijdig met het gemeentelijk beleid en/of nog onvoldoende uitgewerkt en/of pas recent kenbaar gemaakt bij de gemeente. De gemeente heeft deze initiatieven daarom niet kunnen verwerken in het bestemmingsplan. Daarmee wordt niet uitgesloten dat de initiatieven op een later moment nog een plek kunnen krijgen in een herziening van het bestemmingsplan/omgevingsplan, nadat zorgvuldige afweging en overeenstemming tussen gemeente en initiatiefnemer heeft plaatsgevonden.
Ook is het mogelijk om dit soort initiatieven middels een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) te vergunnen en bij een herziening in het omgevingsplan op te nemen. Op deze wijze zijn derden ook nog in de gelegenheid een zienswijze op de initiatieven te geven en is sprake van een zorgvuldig proces. Daarnaast staat het initiatiefnemers ook vrij om, los van het proces van vaststelling van dit bestemmingsplan, plannen voor te bereiden en daarover in gesprek te gaan met de gemeente. Dit volgt de normale route bij de gemeente als initiatiefnemers plannen indienen. Als dat leidt tot een plan dat past in de ambities en uitgangspunten, er uit onderzoeken blijkt dat het een passende ontwikkeling is, en er voldoende is afgestemd is met de omgeving, kan daarvoor separaat vergunning voor worden aangevraagd en na afwegingen door de gemeente worden verleend. Dit kan ook in de fase dat er voor dit bestemmingsplan een eventuele beroepsprocedure bij de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State loopt, dan wel ná het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan dus nadat de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een uitspraak heeft gedaan. Ieder initiatief vraagt daarbij om maatwerk.
Relatie met grondverwervingen en verkenning uitkoopregeling In een aantal zienswijzen op het ontwerp bestemmingsplannen worden zorgen geuit over de impact van (de uitvoering van) het bestemmingsplan op bestaande (te handhaven) woningen en gevestigde bedrijven. Het kan daarbij gaan om onder meer aantasting van het woongenot, de bedrijfsvoering, bereikbaarheid of risico’s op schade. Het college van B&W is zich bewust dat de ontwikkeling van het bestemmingsplan met 8.000 woningen, 2 bedrijventerreinen, een energielandschap en infrastructuur ingrijpende gevolgen heeft voor de directe omgeving en begrijpt deze zorgen. Uitgangspunt is dat overlast van de transformatie van het gebied, die naar verwachting zeker 20 jaar in beslag zal nemen, zoveel mogelijk moet worden beperkt. Naar aanleiding van de genoemde zienswijzen wil het college van B&W echter ook gaan verkennen of een (generieke) uitkoopregeling van eigenaren van woningen en bedrijven onder nadere voorwaarden tot de mogelijkheden behoort. In voorkomende gevallen zou zo’n regeling (eerder) tot de gewenste zekerheid bij eigenaren kunnen leiden. De scope van zo’n eventuele uitkoopregeling zal nog moeten worden bepaald en de financiële en juridische consequenties voor de gemeente moeten hiervoor in beeld worden gebracht.
Het college van B&W heeft het voornemen, indien deze verkenning op draagvlak in de gemeenteraad kan rekenen, nog in 2024 de gemeenteraad hierover te informeren.
pagina 5 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
registratienummer R24.000011
Duiding van de fasering in het bestemmingsplan In het bestemmingsplan worden een aantal uitspraken gedaan over de fasering van de volgende ontwikkelingen, in afstemming met de woningbouwproductie: - Infrastructurele maatregelen; - Detailhandel; - Energielandschap; - Start volgende woningbouwfase na realisatie of aanbouw van de eerste 1.500 woningen. Bovenstaande is opgenomen met oog op een goede ruimtelijke ordening, mede naar aanleiding van kaders die de gemeenteraad heeft meegeven (zoals ‘eerst bewegen, dan bouwen’ en ‘energieneutraal dorp’) en diverse zienswijzen die hierover zijn ingediend. Met de recente besluitvorming over de eerste grondexploitatie in 2023 is parallel hieraan een keuze gemaakt over de omvang van Fase 1a. Fase 1a betreft het eerste te ontwikkelen deel van het plan, waarvoor financiële middelen zijn gereserveerd door de gemeenteraad. Het bestemmingsplan is het planologische kader waarbinnen deze en volgende fases worden ontwikkeld, rekening houdend met dergelijke faseringsregels. In de Grondexploitatie Middengebied Fase 1 is reeds rekening gehouden hiermee. Uitkomsten planschade risicoanalyse Door middel van een uitgevoerde planschade risicoanalyse is het risico op planschade dat wordt veroorzaakt door de planologische wijziging in beeld gebracht.
In het bestemmingsplan is op basis daarvan rekening gehouden met het tegemoetkomen aan mogelijke schadefactoren. Uit de analyse blijkt dat er sprake is van een beperkt risico op planschade voortvloeiend uit het bestemmingsplan. Hierbij is rekening gehouden met de beoogde verwervingen die plaatsvinden in het gebied om te voorkomen dat er dubbeltellingen plaatsvinden.. De planschaderisicoanalyse is bijgevoegd als geheime bijlage (A24.000656) bij dit voorstel. Voor de bepaling van planschade kan daarbij onderscheid worden gemaakt tussen directe en indirecte planschade. Voor directe planschade (planschade die ontstaat door een directe bestemmingswijziging op eigendommen van een aanvrager) blijft, ook met toepassing van Chw, het moment van onherroepelijk worden van het bestemmingsplan het moment dat er planschade aangevraagd kan worden. Onder de Chw geldt voor indirecte planschade (schade die ontstaat door ontwikkelingen buiten de eigendommen van de aanvrager) dat het moment van aanvragen van planschade verschuift naar het moment dat er een omgevingsvergunning is ingediend. Op dat moment wordt het besluit om de omgevingsvergunning te verstrekken het schadeveroorzakend besluit en zal op basis van de omgevingsvergunning de eventuele schade worden berekend op basis van de principes van nadeelcompensatie.
Bij de berekening van indirecte planschade wordt verder rekening gehouden met het wettelijk bepaalde percentage van ‘normaal maatschappelijk risico’. Omdat er sprake is van directe planschade is dit in de planschaderisicoanalyse niet van toepassing. Monitoring en bijsturing Het bestemmingsplan, en alle achterliggende onderzoeken, zijn gebaseerd op zo actueel mogelijke kennis en informatie. Hiermee wordt zo goed als mogelijk vooruitgekeken op de komende 20 jaar ten behoeve van de nu voorliggende besluitvorming. Andersom kan er uiteraard in 20 jaar nog veel gebeuren, waar nu nog geen zicht op is. In de vastgestelde Nota van Uitgangspunten (2023) is daarom opgenomen dat de ontwikkeling wordt gemonitord, om zo nodig bij te kunnen sturen. De Commissie m.e.r. heeft hier ook aandacht voor gevraagd in de advisering over het MER Middengebied. Het MER kan ook als handvat worden gebruikt om de ontwikkeling van de milieueffecten in de toekomst te monitoren. Aanvullend schrijft het bestemmingsplan voor om de ontwikkeling van het programma te monitoren, onder meer in relatie tot de eerdergenoemde pagina 6 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
registratienummer R24.000011
faseringsregels. Op het moment dat er ook aanleiding is om uitgangspunten of ambities te wijzigen al dan niet op basis van de monitoringsresultaten, zal dit ook hand-in-hand gaan met verder onderzoek, ruimtelijke procedures, en dergelijke. Daarmee wordt de integraliteit van de opgave, ook in geval van bijsturing, doorgaans geborgd. Externe adviezen aan de gemeenteraad In navolging op motie M069 (‘Advies inwinnen’) heeft de gemeenteraad tweetal onafhankelijke deskundigen gevraagd te adviseren over de onderwerpen Nota van Uitgangspunten, het voorliggend bestemmingsplan, de Grondexploitatie fase 1a en de daarover nog te nemen besluiten in 2024. Het college vindt het van grote waarde dat de gemeenteraad zich onafhankelijk laat adviseren over de impact en weging van deze voorliggende besluiten. Besluiten van een grote omvang en impact en die richtinggevend zijn voor de toekomst van Zuidplas en waarmee de basis wordt gelegd voor ons compleet nieuwe dorp. De adviezen leveren een aantal aanvullende inzichten over het nu voor besluitvorming voorliggende bestemmingsplan. Het college omarmt aanvullende inzichten van deskundigen en heeft daarom de adviezen gelezen met als doelstelling om te komen tot betere besluitvorming voor de ontwikkeling van het Middengebied.
Het college heeft de adviezen dan ook grondig bestudeerd en haar eerste reflecties en bevindingen verwoord in presentaties die op 11 en 15 maart 2024 zijn gegeven aan (afvaardigingen van) de gemeenteraad. Deze presentaties zijn te vinden in het raadsinformatiesysteem aan de hand van de volgende registratienummers: A24.000540, A24.000543, A24.000544, A24.000541 (geheim), A24.000542 (geheim) en A24.000545 (geheim). Tijdens de Programmacommissie B&M op 19 maart 2024 is het college vervolgens gevraagd om een schriftelijke reflectie op de adviezen. Deze reactie is als bijlage toegevoegd aan voorliggend raadsvoorstel (Z24.000818) en vertaalt zich een aantal aanpassingen voor het voorliggend bestemmingsplan (Z24.000790). • Argumenten 1.1. Voorliggend plan sluit aan op vigerende kaders van de gemeenteraad. Voorliggend bestemmingsplan is een nadere uitwerking van het vastgestelde Masterplan Middengebied Zuidplaspolder (2021), en sluit aan op de vastgestelde Nota van Uitgangspunten Ontwikkeling Middengebied Zuidplaspolder (2023) inclusief de aangenomen amendementen van de gemeenteraad (zie ook informatienota Z24.000411 voor een toelichting van de doorwerking van deze amendementen in voorliggend besluit).
Het bestemmingsplan voorziet in de bouw van 8.000 woningen met bijbehorende ontsluitingswegen, twee bedrijventerreinen, maatschappelijke voorzieningen, detailhandels- en sportvoorzieningen, bos- en natuurontwikkeling en energievoorzieningen behorende bij de ontwikkeling van een nieuw dorp. 1.2. Voorliggend plan is passend binnen landelijk, provinciaal en (overig) gemeentelijk beleid. Voorliggend bestemmingsplan is passend binnen het landelijk, provinciaal en gemeentelijk beleid. De provinciale omgevingsverordening is in 2022 aangepast op de voorgenomen ontwikkeling conform het Masterplan Middengebied Zuidplaspolder (2021). Met de regio Midden-Holland zijn afspraken gemaakt over de woningbouwprogrammering en de aanleg van bedrijventerreinen. De provincie, het hoogheemraadschap en andere overlegpartners zijn tevens betrokken geweest bij de totstandkoming van het bestemmingsplan.
pagina 7 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
registratienummer R24.000011
1.3. Er is een m.e.r.-beoordelingsbesluit genomen voordat het ontwerpbestemmingsplan in procedure is gebracht. In 2017 is het Besluit milieueffectrapportage, als gevolg van de herziening van de Europese m.e.r.richtlijn, gewijzigd. Dit betekent dat het college van B&W een besluit moet nemen of er een MilieuEffectRapport (MER) opgesteld moet worden. De beslissing of een MER opgesteld moet worden, moet vóór de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan zijn genomen. De gemeenteraad heeft op 19 mei 2021 besloten de (concept-)Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD, Z21.000353) in het kader van de m.e.r.-procedure gedurende zes weken ter inzage te leggen. Het college van B&W heeft de NRD naar aanleiding van de zienswijzen vastgesteld op 25 april 2022 en de gemeenteraad daarover geïnformeerd door middel van informatienota Z22.000666. Voor het bestemmingsplan ‘Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’ is op basis hiervan een MER opgesteld. Deze is als bijlage bij de toelichting van het bestemmingsplan opgenomen. 1.4. De milieueffecten van de voorgenomen ontwikkeling zijn goed in beeld gebracht. Een m.e.r.-procedure wordt doorlopen voor grootschalige gebiedsontwikkelingen, zoals de voorgenomen ontwikkeling van het Middengebied.
Dit houdt in dat het voornoemde MER wordt opgesteld – waarin verschillende milieueffecten in beeld worden gebracht – en op verschillende momenten wordt getoetst door de landelijke onafhankelijke Commissie m.e.r. Het MER-onderzoek ligt ten grondslag aan de keuze voor het Voorkeursalternatief (VKA) 1, dat vervolgens in het bestemmingsplan is verwerkt. De Commissie m.e.r. heeft in haar eindadvies geoordeeld dat het MER voor het Middengebied de milieueffecten goed in beeld heeft gebracht, en benoemt het MER zelfs als goed voorbeeld voor andere grootschalige gebiedsontwikkelingen in Nederland2. 1.5. Er is sprake van een goede ruimtelijke ordening. De toelichting bij het bestemmingsplan voorziet in een goede ruimtelijke onderbouwing, zoals bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening (Wro). In de toelichting is voldoende gemotiveerd dat er bij medewerking aan het bestemmingsplan sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Alle relevante (milieu-)aspecten zijn hierbij in ogenschouw genomen. Ten behoeve van de ontwikkeling zijn een tweetal hogere waarde (Wet geluidhinder) besluiten genomen. 1.6. Het bestemmingsplan maakt de verlegging van een bestaande gasleiding, met zo min mogelijk impact op de voorgenomen ontwikkeling, mogelijk. Achter de lintkavels van de Middelweg ligt een bestaande gasleiding van Gasunie. Deze leiding dateert uit de jaren ’60 en ligt op circa 1 meter onder maaiveld.
Rondom gasleidingen ligt een zogenaamde veiligheidszone. Voor dergelijke zones is het gemeentelijk beleid dat er geen gebouwen met zeer kwetsbare gebruiksfuncties (bijvoorbeeld zorg, basisscholen, kinderopvang) zijn toegestaan en voor woningen geldt vergunningplicht en een advies van de veiligheidsregio. Er kunnen daarbij nadere eisen worden gesteld in het bestemmingsplan ter verhoging van de zelfredzaamheid van personen in gebouwen en ter verhoging van de bestrijdbaarheid van een calamiteit. Daarbij gaat het dan om voldoende mogelijkheden om te schuilen in gebouwen (indeling gebouwen), om van de buisleiding af te vluchten (indeling gebied) en mogelijkheden voor de hulpdiensten om op te kunnen treden (aanrijroutes, opstelplaatsen, bluswatervoorzieningen). Met het oog op de ontwikkelmogelijkheden binnen het bestemmingsplangebied wordt de bestaande gasleiding van de Gasunie verlegd. Dit is afgestemd met de Gasunie. De verlegging vindt plaats 1
Het college heeft het VKA MER Middengebied vastgesteld op 31 januari 2023 en de gemeenteraad daarover geïnformeerd door middel van informatienota Z23.000191. 2 Het eindadvies (en eerdere toetsingsadviezen) van de Commissie m.e.r. is hier te raadplegen: https://www.commissiemer.nl/docs/mer/p35/p3588/3588_ts_persbericht.pdf. Het college heeft de gemeenteraad eerder hierover geïnformeerd door middel van informatienota Z23.002944. pagina 8 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
registratienummer R24.000011
naar de andere zijde van de lintkavels, langs/in het profiel van de Middelweg. Deze leiding wordt aangelegd via een zogenaamde gestuurde boring. Dat houdt in dat de leiding op tenminste 10 meter diepte komt te liggen. Deze diepe ligging verlaagt het risico op schade en calamiteiten aanzienlijk en daardoor is het verantwoord om naast woningen ook zeer kwetsbare gebouwengebruiksfuncties in gebouwen toe te staan in de veiligheidszone. Dit is afgestemd met zowel de omgevingsdienst als de veiligheidsregio. In het ontwerpbestemmingsplan was reeds rekening gehouden met twee varianten (inclusief veiligheidszones) voor de verlegging van deze gasleiding: de gekozen variant langs de Middelweg, en een alternatieve variant tegen de buitenrand van het Koning Willem I-bos langs de spoorlijn Gouda-Den Haag. Deze tweede variant bleek ruimtelijk (minder bos) en financieel (veel duurder) meer ingrijpend. Het handhaven van de bestaande gasleiding achter de Middelweg is anderzijds ook niet gewenst, omdat dit de geplande woningbouw belemmert op én rondom het tracé de gasleiding (in verband met zettingen en ophogingen). In het definitieve bestemmingsplan blijven nu twee van de drie veiligheidszones over: voor de bestaande gasleiding (die is namelijk relevant zolang de verlegging niet heeft plaatsgevonden) en voor de gekozen verleggingsvariant langs de Middelweg.
Hiermee is geborgd dat er inspraak mogelijk was op alle genoemde varianten, alvorens een definitieve keuze te maken. 1.7. Het bestemmingsplan stelt specifieke voorwaarden aan hoogbouw. Naar aanleiding van de besluitvorming over de Nota van Uitgangspunten (2023) alsmede de ontvangen zienswijzen, zijn er in het bestemmingsplan aanvullende regels opgenomen voor de locatie en hoogte van nieuwbouw in de nabijheid van bestaande woningen langs de linten. In de bestemming 'Woongebied’ gaat het om een hoogtebeperking tot maximaal 2 bouwlagen + kap of 3 bouwlagen binnen een zone van 50 meter vanaf de bestemming 'Wonen’ (bestaande woningen). Aanvullend hierop gelden deze regels binnen een zone van 175 meter vanaf de as van de Middelweg, Bredeweg, Knibbelweg en Derde Tochtweg. Daarnaast zijn er geen nieuwe gebouwen toegestaan binnen een zone van 5 meter vanaf de bestemming ‘Wonen’. Buiten deze zones geldt voor de gehele bestemming ‘Woongebied’ dat er tot 4 bouwlagen gebouwd kan worden, met afwijkbevoegdheden tot maximaal 6 bouwlagen. In aanvulling op de Nota van Uitgangspunten stelt het college in dit bestemmingsplan voor om de realisatie van een beperkt aantal gebouwen met 8 bouwlagen mogelijk te maken. Dit is, onder voorwaarden, alleen toegestaan in een strook van 45 meter vanaf de Vierde Tochtpark en is beperkt tot maximaal tien gebouwen.
Tevens zijn hier regels opgenomen voor het waarborgen van een goed woon- en leefklimaat en de overgang naar omliggende bebouwing. 1.8. De voorlopige bestemmingen geven duidelijkheid over toekomstige mogelijkheden. Een deel van het toekomstige Koning Willem I-bos en het nieuwe bedrijventerrein ‘Gouwepark II’ wordt voorzien in een voorlopige bestemming in het bestemmingsplan. Voor deze gronden is duidelijk dat zij op korte termijn nog niet gebruikt worden voor de ontwikkeling (deze vallen buiten Fase 1a), maar dat de situatie binnen de totale planperiode van circa 20 jaar wel wijzigt (conform Masterplan en Nota van Uitgangspunten). De invulling van de eindsituatie is eveneens nu al bekend en opgenomen in het bestemmingsplan. Hiermee wordt duidelijkheid gegeven over de mogelijkheden op langere termijn, in lijn met de kaders die de gemeenteraad eerder heeft meegegeven voor deze locaties. Deze bestemmingswijziging vindt op 1 januari 2033 automatisch plaats, oftewel er is geen nieuw besluit daarvoor nodig. Andersom biedt deze regeling ook voor de situatie tot 1 januari 2033 een adequate planologische regeling, op basis waarvan het huidige gebruik tot dan kan worden voortgezet. Het bestaande gebruik kan hierdoor worden gecontinueerd voor 10 jaar na vaststelling van het bestemmingsplan.
Hierdoor ontstaat voor de huidige gebruikers meer voorbereidingstijd voor, en duidelijkheid over, de pagina 9 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
registratienummer R24.000011
toekomstige bestemmingswijziging. 1.9. De bestemming van het Visje blijft ongewijzigd totdat er meer duidelijkheid is over de toekomstige energiebehoefte en/of de mogelijkheden voor aanvullend bos. Voor het zogenaamde ‘Visje’ is nog onvoldoende duidelijk hoeveel duurzame energie opwekking exact nodig zal voor een energieneutraal dorp, omdat dit afhankelijk is van maatschappelijke en technologische ontwikkelingen. De gemeenteraad heeft, met de vaststelling van de Nota van Uitgangspunten (2023), het college van B&W ook opgedragen om de opwek van duurzame energie zo veel mogelijk te optimaliseren en om verschillende scenario’s uit te werken voor de invulling van het Visje. Pas wanneer het bestemde energielandschap bij de N219 geheel is ingevuld kan worden bepaald of en hoeveel extra ruimte nodig is voor energieneutraliteit, en of de (gedeeltelijke) ontwikkeling van aanvullend bos mogelijk is. Daarom is de voorlopige bestemming ter plaatse van het Visje in het ontwerpbestemmingsplan, vervangen met het handhaven van de huidige agrarische bestemming. Hierdoor is er ook geen sprake van risico van planschade op deze locatie. De keuze voor de toekomstige ontwikkeling van het Visje verloopt t.z.t. via een herziening van het omgevingsplan of buitenplanse omgevingsplan activiteit (BOPA). 1.10. Het bestemmingsplan is uitvoerbaar.
Aangezien artikel 7c lid 9 sub a Besluit uitvoering Crisis- en Herstelwet van toepassing is, hoeft – in afwijking van artikel 3.1.6 lid 1, sub f van het Besluit ruimtelijke ordening – geen onderzoek plaats te vinden naar de (economische) uitvoerbaarheid van het plan. De gemeenteraad heeft een grondexploitatie (‘Grondexploitatie Middengebied Fase 1a’) voor de eerste fase van de ontwikkeling van het Middengebied vastgesteld, waarbij sprake is van een negatief resultaat van circa 6 miljoen euro. De gemeenteraad heeft bij eerdere besluitvorming al middelen gereserveerd voor de ontwikkeling van het Middengebied en zet deze middelen in ter dekking van het negatieve resultaat van de grondexploitatie. Eventuele tekorten kunnen opgevangen worden met het restant van de beschikbare reserve van €15 miljoen. Parallel hieraan werkt het college van B&W aan haar opdracht om in 2024 het financieel resultaat inclusief risicoprofiel van de Grondexploitatie Middengebied Fase 1a te versterken, en hiervoor een voorstel te doen aan de gemeenteraad. De Crisis- en herstelwet maakt het in dit plangebied mogelijk om het verplichte kostenverhaal door te schuiven naar de fase van vergunningverlening. Daarom is nu geen exploitatieplan noodzakelijk, maar is wel geborgd dat voordat bouwplannen gerealiseerd worden, het kostenverhaal is verzekerd. 1.11.
Het Chw bestemmingsplan borgt gemeentelijke uitgangspunten en ambities, passend bij de doorlooptijd van het plan en het is voorbereid op de Omgevingswet. De ontwikkeling van het Middengebied is een in de Crisis- en herstelwet (Chw), door het Rijk aangewezen project. Een Chw-bestemmingsplan biedt planologisch/juridische voordelen. Op basis hiervan is voorgesorteerd op de Omgevingswet en gebruik gemaakt van experimentele planologisch/juridische mogelijkheden om gemeentelijke ambities en uitgangspunten ten aanzien van mobiliteit, energietransitie, klimaatadaptatie en duurzaamheid mogelijk maken. Ook heeft de gemeente meer mogelijkheden om kostenverhaal op een later moment toe te passen, bijvoorbeeld bij het verlenen van een omgevingsvergunning. Dit past bij een plan met een looptijd van circa 20 jaar. Deze mogelijkheden zijn er niet met een regulier bestemmingsplan. De Chw-status heeft als bijkomstigheid dat de bestuursrechter binnen zes maanden na afloop van de beroepstermijn (artikel 1.6 lid 4 Chw), uitspraak over een eventueel ingesteld beroep geacht wordt te doen. In de publicatie van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan en aan de pagina 10 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
registratienummer R24.000011
overlegpartners is deze toepassing kenbaar gemaakt. In de praktijk blijkt echter dat de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State meer tijd hiervoor nodig heeft. De Chw-status van dit bestemmingsplan is uitgebreider toegelicht in algemene toelichting in de bijbehorende Nota van Beantwoording (en Wijzigingen) (A24.000193). 1.12. Het gevestigde voorkeursrecht (Wvg) op percelen in het gebied – en daarmee het perspectief op de actieve ontwikkeling hiervan door de gemeente – kan uiterlijk voor 19 mei 2024 worden verlengd op basis van het bestemmingsplan. De gemeenteraad heeft op 19 mei 2021 voorkeursrecht gevestigd op particuliere percelen in het plangebied. Het voorkeursrecht wordt van rechtswege beëindigd na 3 jaar tenzij er een planologisch kader wordt vastgesteld waarin de ontwikkeling van de betreffende percelen is voorzien. Het vaststellen van het bestemmingsplan zorgt ervoor dat het voorkeursrecht op deze percelen wordt gehandhaafd. Daarmee houdt de gemeente perspectief op de actieve ontwikkeling van deze percelen en wordt speculatie door derden voorkomen. Het voeren van actief grondbeleid door de gemeente brengt zowel kwalitatieve als financiële voordelen met zich mee, zoals vastgesteld bij de besluitvorming over het Masterplan Middengebied Zuidplaspolder (zie raadsvoorstel R21.000005). 1.13.
In de door de gemeenteraad ingewonnen adviezen, en naar aanleiding van toezeggingen aan en technische vragen van de gemeenteraad, zijn kansen gesignaleerd om het bestemmingsplan aan te scherpen waarmee de gemeentelijke ambities en uitgangspunten beter worden geborgd. De reactie van het college op de adviezen is verwoord in Z24.000818. De beantwoording van de toezeggingen en technische vragen zijn ook door de griffie bijgevoegd bij de stukken voor de raadsbehandelingen. In navolging hierop stelt het college voor om een aantal technische aanpassingen door te voeren in het bestemmingsplan (Z24.000790), waarmee het bestemmingsplan de uitgangspunten en ambities van de gemeente nog beter borgt. 1.14. Het kostenverhaal wordt op een preciezere wijze bij de omgevingsvergunningverlening verzekerd. Aangezien toepassing wordt gegeven aan artikel 7c lid 10 Crisis- en herstelwet, hoeft er bij het bestemmingsplan geen exploitatieplan vast gesteld te worden. De toepassing van dit artikel geeft de mogelijkheid het kostenverhaal te verzekeren bij het verlenen van een omgevingsvergunning. Dit kan door een overeenkomst voor kostenverhaal te sluiten of op dat moment een exploitatieplan vast te stellen. 2.1.
Met de Nota van Beantwoording en Wijzigingen wordt duidelijkheid gegeven over de huidige reactie van de gemeente op de ontvangen zienswijzen op het bestemmingsplan, waarbij toekomstige medewerking aan nieuwe initiatieven op voorhand niet wordt uitgesloten. Er zijn 89 zienswijzen ingediend op het ontwerpbestemmingsplan. Deze zijn allen beoordeeld en voorzien van beantwoording in de Nota van Beantwoording (en Wijzigingen). De wijzigingen die naar aanleiding hiervan zijn doorgevoerd zijn ook toegelicht in bijlage 26 (A24.000193). Van de 89 zienswijzen hebben 65 zienswijzen geleid tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Het college van B&W beseft zich hierbij dat alle zorgen of wensen niet naar tevredenheid kunnen worden beantwoord aan de hand van dit document. Daarom blijft het college van B&W zich inzetten voor persoonlijke gesprekken met grondeigenaren, bewoners en andere belanghebbenden in het bestemmingsplangebeid. Hierbij blijft de mogelijkheid bestaan om bestaande of nieuwe initiatieven voor te leggen voor beoordeling door de gemeente. Via een aparte, reguliere procedure kan alsnog medewerking worden verleend aan initiatieven.
pagina 11 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
registratienummer R24.000011
3.1. Nieuwe initiatieven die nu niet in het bestemmingsplan passen, worden niet op voorhand uitgesloten. Sinds de vaststelling van het Masterplan Middengebied Zuidplaspolder (2021) voert de gemeente gesprekken met grondeigenaren, bewoners en bedrijven in het gebied over de plannen van de gemeente. Grondeigenaren, bewoners en bedrijven hebben daarbij de mogelijkheid om hun eigen ideeën en initiatieven te toetsen aan de plannen van de gemeente. Daar waar de gesprekken hebben geleid tot overeenstemming – het initiatief past volgens de gemeente bij de kaders voor de ontwikkeling van het Middengebied – houdt het bestemmingsplan hier rekening mee. Een aantal andere initiatieven zijn inhoudelijk complex, strijdig met het gemeentelijk beleid, nog onvoldoende uitgewerkt of pas recent kenbaar gemaakt bij de gemeente. De gemeente heeft deze initiatieven daarom niet kunnen verwerken in het bestemmingsplan. Daarmee wordt niet uitgesloten dat de initiatieven op een later moment nog een plek kunnen krijgen in een herziening van het bestemmingsplan/omgevingsplan, nadat zorgvuldige afweging en overeenstemming tussen gemeente en initiatiefnemer heeft plaatsgevonden. Ook is het mogelijk om dit soort initiatieven, al of niet, middels een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) te vergunnen en bij een herziening in het omgevingsplan op te nemen.
Op deze wijze zijn derden ook nog in de gelegenheid een zienswijze op de initiatieven te geven en is sprake van een zorgvuldig proces. 3.2. Initiatieven volgend uit zelfrealisatie, die passend zijn bij de ambities en uitgangspunten van de gemeente, worden gefaciliteerd. De gemeenteraad heeft bij de besluitvorming over de Nota van Uitgangspunten ingestemd met motie M060, en daarmee het college opgeroepen om: - Bij de invulling van gebieden die nog in particulier eigendom zijn, eerst de mogelijkheden van zelfrealisatie door eigenaren te verkennen als deze bereid en in staat zijn om te voldoen aan de kwalitatieve ambities zoals gesteld voor het Middengebied, - De eigenaren persoonlijk te betrekken bij de invulling op hun percelen. - Onteigeningsprocedures zoveel als mogelijk te voorkomen. Deze motie wordt meegenomen in de uitvoering van dit beslispunt. 4.1. De uitvoering van de ontwikkelmogelijkheden in het bestemmingsplangebied kunnen ingrijpend zijn voor veel grondeigenaren en -gebruikers binnen én buiten het bestemmingsplangebied. Naar aanleiding van een aantal zienswijzen, wil het college van B&W een (generieke) uitkoopregeling van eigenaren van woningen en bedrijven onder nadere voorwaarden verkennen. Hiermee wordt gezocht naar een mogelijke oplossing voor de gewenste zekerheid bij eigenaren van bestaande (te handhaven) woningen en gevestigde bedrijven.
De scope van zo’n eventuele uitkoopregeling zal nog moeten worden bepaald en de financiële en juridische consequenties voor de gemeente moeten hiervoor in beeld worden gebracht. Het college van B&W heeft het voornemen, indien deze verkenning op draagvlak in de gemeenteraad kan rekenen, nog in 2024 de gemeenteraad scenario’s voor te leggen. 4.2. In plaats van uitkoop, zou grondruil ook een aantrekkelijk perspectief kunnen bieden voor grondeigenaren. Voor een aantal eigenaren kan het aantrekkelijk zijn om bestaande eigendommen aan te bieden aan de gemeente, in ruil voor zekerheid over een andere locatie waarop de grondeigenaar zijn activiteiten kan voortzetten. Daarom wordt er in deze verkenning ook gekeken naar financiële en juridische grondruilmogelijkheden, als alternatieve oplossingsrichting waarmee perspectief kan worden geboden aan grondeigenaren die in of nabij het Middengebied gevestigd willen blijven.
pagina 12 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
registratienummer R24.000011
• Kanttekeningen 1.1. Het vastgestelde bestemmingsplan kan worden ingetrokken met een intrekkingsprocedure. Het intrekken van een vastgesteld bestemmingsplan is mogelijk, hangende de eventuele beroepsprocedures bij de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (c.q. het bestemmingsplan is nog niet onherroepelijk). Gelet op de omvang van het bestemmingsplangebied, zal dit zonder meer moeten worden voorbereid met afdeling 3.4 Awb waardoor eerst een ontwerpintrekkingsbesluit in procedure moet worden gebracht en nadien pas een definitief besluit kan worden genomen. Dit wijzigt onder de Omgevingswet niet nu artikel 16.30 Ow afd. 3.4 Awb van toepassing verklaart op de voorbereiding van een omgevingsplan. Ook in het bestemmingsplangebied dient rekening te worden gehouden dat bepaalde belanghebbenden in hun belangen worden getroffen door een dergelijk intrekkingsbesluit en bezien zal moeten worden of niet met een minder verstrekkend besluit zou kunnen worden volstaan. 3.1. Belanghebbenden hebben met de vaststelling van het bestemmingsplan vaak nog geen duidelijkheid over hun initiatieven. De gemeente betracht grote zorgvuldigheid bij het eventueel faciliteren van initiatieven. De zorgvuldigheid betreft een afweging van het initiatief ten opzichte van de gemeentelijke kaders en uitgangspunten alsmede de mogelijkheid van derde belanghebbenden om hun zienswijze kenbaar te maken.
4.1. De verkenning van een uitkoopregeling kan verkeerde verwachtingen wekken die financieel door de gemeente niet kunnen worden waargemaakt. De uitvoering van de verkenning dient zorgvuldig plaats te vinden en de financiële en juridische risico’s dienen goed in beeld te worden gebracht. De verkenning geeft een beeld hoe en in hoeverre aan particuliere belangen in het gebied tegemoet zou kunnen worden gekomen om de mogelijk ingrijpende gevolgen van de uitvoering van het bestemmingsplan te mitigeren. Beoogd effect Het vaststellen van een juridisch-planologisch kader voor de ontwikkeling van het Middengebied, en daarmee ook het met 10 jaar verlengen van het op 19 mei 2021 gevestigde voorkeursrecht op de percelen in het bestemmingsplangebied. Wettelijk kader • Crisis- en herstelwet (Chw) • Wet voorkeursrecht (Wvg) • Wet geluidhinder • Artikel 3.8 Wet ruimtelijke ordening • Artikel 3.4 Algemene wet bestuursrecht • Artikel 6.12 Wet ruimtelijke ordening Beleidskader Zie de Toelichting van het Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1. Financiën De kosten gemoeid met het opstellen van het Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1, bijbehorende bijlagen en andere genoemde documenten maken onderdeel uit van de door de gemeenteraad vastgestelde Grondexploitatie Middengebied Fase 1a (voorheen: Voorbereidingskrediet ontwikkeling Middengebied). pagina 13 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
registratienummer R24.000011
Communicatie / participatie De aanpak voor het omgevingsmanagement, participatie en communicatie rondom de ontwikkeling van het Middengebied is toegelicht in het Omgevingsmanagement- participatie en communicatieplan Middengebied (A22.000280), dat met begeleidend informatienota (Z22.000434) met de gemeenteraad is gedeeld. Dit plan is gebaseerd op de vastgestelde Kader Participatie (2021). In de Nota van Beantwoording (en Wijzigingen) staat een overzicht van alle inspanningen met betrekking tot omgevingsmanagement, participatie en communicatie, in de periode 2021 tot en met 2023. Buiten de gebruikelijke omgevingsmanagement, participatie en communicatie die behoort tot deze opgave, is er specifiek afstemming geweest met Gasunie over de voorgestelde verlegging van de gasleiding langs de Middelweg. Ook met gemeente Waddinxveen en de eigenaar van bestaand bedrijventerrein ‘Doelwijk I’ is afstemming geweest over de ontsluiting van nieuwe bedrijventerrein ‘Doelwijk II’. Verder zijn indieners van zienswijzen afzonderlijk per brief geïnformeerd over het besluitvormingsproces en het door het college van B&W vrijgegeven concept-Nota van Beantwoording (en Wijzigingen). Het vastgestelde bestemmingsplan wordt via de gebruikelijke kanalen gepubliceerd en ter inzage gelegd voor beroep, zie hieronder.
Er wordt ook een melding gedaan in de periodieke gemeentelijke nieuwsbrief over de ontwikkeling van het Middengebied. Aanpak Publicatie en terinzagelegging bestemmingsplanbesluit Na vaststelling door de gemeenteraad zal het bestemmingsplan gedurende zes weken ter inzage worden gelegd voor beroep bij de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het besluit tot vaststelling zal worden gepubliceerd in het Hart van Holland, het Gemeenteblad en op de website van de gemeente Zuidplas. Beroep kan worden ingesteld door degenen die een zienswijze hebben ingediend en door andere die belanghebbend zijn en zich niet met het plan kunnen verenigen. Als geen beroep wordt ingesteld, is het bestemmingsplan na de ter inzage termijn onherroepelijk. De indieners van de zienswijzen worden afzonderlijk per brief over het besluit tot vaststelling en de beantwoording van de ingediende zienswijzen geïnformeerd. Publicatie Nota Maatwerk Parkeren Middengebied 2024 De Nota Maatwerk Parkeren Middengebied 2024 is na vaststelling door het college van B&W gepubliceerd op overheid.nl. Voorbereiding besluitvorming tweede bestemmingsplan Naast voorliggend bestemmingsplan, wordt een tweede bestemmingsplan voorbereid voor de aangrenzende deelgebieden Groene Waterparel, Groene Schakel en de agrarische zone langs N219.
Na de recente terinzagelegging van dit ontwerpbestemmingsplan, wordt dit bestemmingsplan nu gereed gemaakt voor vaststelling door de gemeenteraad. De verwachting is dat dit in het derde kwartaal van dit jaar kan plaatsvinden. Overige raadsbesluiten Parallel aan voornoemde bestemmingsplanprocedures, wordt er door het college van B&W invulling gegeven aan de opdrachten die de gemeenteraad heeft meegegeven bij de besluitvorming over de NvU en Grondexploitatie Fase 1a (d.d. 23 oktober 2023). Het college van B&W rapporteert over de voortgang hiervan via de reguliere voortgangsrapportages. Vooralsnog wordt toegewerkt naar het aan de gemeenteraad voorleggen van de volgende besluiten, voor eind 2024: • Vaststelling Stedenbouwkundig casco Middengebied; • Vaststelling Beeldregieplan Middengebied; pagina 14 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
• •
registratienummer R24.000011
Actualisatie Grondexploitatie Middengebied Fase 1a; Actualisatie Nota van Uitgangspunten Middengebied.
Inclusie Het betreft hier een ruimtelijke procedure waarvoor de oordeelsgronden vanwege de wet Ruimtelijke Ordening (artikel 3.8) ruimtelijk van aard moeten zijn. Inclusie maakt hier geen onderdeel vanuit en mag niet een grond zijn voor het al dan niet wenselijk achten van een ruimtelijke ontwikkeling. Bijlagen Leeswijzer Bij dit raadsvoorstel behoort een totaalpakket van documenten: een aantal documenten zijn ter vaststelling en andere documenten zijn ter onderbouwing of ter informatie. Het voorliggend bestemmingsplan verwijst ook naar reeds afgeronde en/of gepubliceerde en/of vastgestelde documenten. Voor de overzichtelijkheid, is de volgende demarcatie aangebracht in het onderstaande bijlagenoverzicht: • Documenten die zijn aangepast naar aanleiding van terinzagelegging of anderszins ‘nieuw’ zijn, zijn vetgedrukt. • Documenten die in een eerder stadium zijn gedeeld met de gemeenteraad en/of ongewijzigd gebleven naar aanleiding van terinzagelegging, zijn niet vetgedrukt. Bijlagenoverzicht 1. Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1 – Toelichting, versie 29 maart 2024 (A24.000166) 2. Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1 – Regels, versie 29 maart 2024 (A24.000167) 3. Chw bp Middengebied Zuidplaspolder 1_verbeelding (A24.000195) 4. Bijlage 1 Masterplan Middengebied Zuidplaspolder (A24.000168) 5. Bijlage 2 MER Middengebied Zuidplaspolder (A24.000169) 6.
Bijlage 3 Ladderonderbouwing Wonen Middengebied Zuidplaspolder (A24.000170) 7. Bijlage 4 Marktonderzoek bedrijventerrein Gouweknoop (A24.000171) 8. Bijlage 5 Behoefteraming Bedrijventerreinen Provincie Zuid-Holland 2021 (A24.000172) 9. Bijlage 6 Nadere analyse Marktanalyse bedrijventerrein in de Gouweknoop Zuidplas (A24.000173) 10. Bijlage 7 Kwalitatieve bedrijventerreinenstrategie Midden-Holland (A24.000174) 11. Bijlage 8 DPO Publieksvoorzieningen Zuidplas Vijfde Dorp (A24.000175) 12. Bijlage 9 DPO Zorgvoorzieningen Zuidplas Vijfde Dorp (A24.000176) 13. Bijlage 10 Laddertoets Centrumplan Middengebied Gemeente Zuidplas (A24.000177) 14. Bijlage 11 Ruimtelijke verkenning voorzieningen (A24.000178) 15. Bijlage 12 Reactie Zienswijze Middengebied Zuidplaspolder (A24.000179) 16. Bijlage 13 MER Deelrapport Mobiliteit (A24.000180) 17. Bijlage 14 BP Deelrapport Akoestiek (A24.000181) 18. Bijlage 15 MER Deelrapport Luchtkwaliteit (A24.000182) 19. Bijlage 16 MER en BP Deelrapport stikstofdepositie (A24.000183) 20. Bijlage 17 MER Deelrapport Externe veiligheid (A24.000184) 21. Bijlage 18 MER Deelrapport Archeologie cultuurhistorie en landschap (A24.000185) 22. Bijlage 19 MER Deelrapport Water Bodem Klimaat (A24.000186) 23. Bijlage 20 Watertoets Zuidplaspolder (A24.000187) 24. Bijlage 21 Waterstructuurplan Middengebied Zuidplaspolder (A24.000188) 25.
Bijlage 22 MER Deelrapport Natuur (A24.000189) pagina 15 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
26. 27. 28. 29. 30. 31. 32. 33. 34. 35. 36. 37. 38.
registratienummer R24.000011
Bijlage 23 MER Deelrapport Duurzaamheid (A24.000190) Bijlage 24 MER Deelrapport Akoestiek (A24.000191) Bijlage 25 MER Deelrapport Wonen en werken (A24.000192) Bijlage 26 Nota van Beantwoording (en Wijzigingen) (A24.000193) Bijlagen bij de regels - Chw bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1 (A24.000194) Overzicht R-nummers bij Nota van Beantwoording (en Wijzigingen) (A24.000300, GEHEIM) Toetsingsadvies over het MER Middengebied Zuidplaspolder (A24.000343) Nota Maatwerk Parkeren Middengebied 2024 (Z24.000321) Informatienota Amendementen NvU in bestemmingsplan Middengebied (Z24.000411) Memo Actualiteiten Motie Advies (Z24.000495) Memo ‘Reactie college op adviezen van adviseurs Van Sandick en Bregman inz. Bestemmingsplan Middengebied (Z24.000818) Memo ‘Voorgestelde aanpassingen naar aanleiding van adviezen adviseurs en nadere collegebespreking’ (Z24.000790) Planschaderisicoanalyse Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1 (A24.000656, GEHEIM)
Met vriendelijke groet, Het college van burgemeester en wethouders,
J.F. Weber, Burgemeester
M. Burgmans gemeentesecretaris
pagina 16 van 17
onderwerp Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1
registratienummer R24.000011
Raadsbesluit
De raad van de gemeente Zuidplas; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 29 maart 2024; gelet op: • Crisis- en herstelwet (Chw) • Wet voorkeursrecht (Wvg) • Wet geluidhinder • Artikel 3.8 Wet ruimtelijke ordening • Artikel 3.4 Algemene wet bestuursrecht • Artikel 6.12 Wet ruimtelijke ordening besluit: 1. Het ‘Chw Bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1’ (A24.000166, A24.000167 en A24.000195, A24.000194 inclusief de technische aanpassingen zoals opgesomd in Z24.000790) vast te stellen en hierbij geen exploitatieplan vast te stellen; 2. De ‘Nota van Beantwoording Zienswijzen (en Wijzigingen)’ (A24.000193) vast te stellen; 3. Het college van B&W opdracht te geven om initiatieven van bewoners, bedrijven en grondeigenaren die niet zijn opgenomen in het voorliggende bestemmingsplan in behandeling te nemen en te bezien of deze initiatieven via reguliere planologische procedures kunnen worden gefaciliteerd na een zorgvuldige afweging van particulier en algemeen belang en hierover de gemeenteraad periodiek te informeren. 4.
Het college van B&W opdracht te geven om een verkenning uit te voeren naar de mogelijkheden en de scope van het treffen van een generieke uitkoop- en/of grondruilregeling van huidige eigenaren van woningen en bedrijven in het bestemmingsplangebied inclusief de financiële en juridische consequenties hiervan en de gemeenteraad hierover nog in 2024 te informeren. Aldus besloten in de openbare vergadering van 23 april 2024.
De raad voornoemd, De griffier,
De voorzitter,
M.L. Engelsman
J.F. Weber
pagina 17 van 17