Bijlage 9.1 Addendum bij Verkeersstudie Verlengde Molengangenpad A25000741
Tekst van het document
Recreatieschap Rottemeren t.a.v. mevr. M. de Gast Postbus 2 3800 AA AMERSFOORT
Adres
Telefoon Website Email
: : : : : :
Van Beethovenlaan 35 3741 HX BAARN Nederland +31 (6) 41 96 88 97 www.dickvanveen.nl info@dickvanveen.nl
Plaats/datum Ons kenmerk Project
: : :
Baarn, 14 juni 2024 2107_M01 Fietsroute Verlengde Molengangenpad
Betreft: Addendum bij Verkeersstudie Verlengde Molengangenpad (2107_E2), d.d. 31 juli 2021
Aanleiding Het bestemmingsplan Verlengde Molengangenpad gemeente Zuidplas heeft ter inzage gelegen. Hierbij zijn diverse zienswijzen ingediend die vragen en opmerkingen stellen bij onderbouwing van de wegbreedte van de Rottedijk in e Verkeersstudie Verlengde Molengangenpad. Daarnaast is er ook onduidelijkheid over de vormgeving van de keerlus aan het einde van de Rottedijk, bij de overgang naar het Verlengde Molengangenpad. In dit addendum wordt op beide punten een verduidelijking gegeven.
Wegbreedte Rottedijk In het verkeersrapport wordt aangegeven dat de weg (ten zuiden van de keerlus) in de bestaande situatie met 3.2 m (op sommige punten 2.8 m) niet voldoet aan de gewenste wegbreedte voor een erftoegangsweg; er een auto en een fietser in tegengestelde richting kunnen elkaar niet passeren; het CROW stelt dat hiervoor 3.4 m – 3.85 m benodigd is. Voor een tweerichtingsfietspad met lage intensiteit is het wel passend, alhoewel ‘standaard’ in Nederland hiervoor 3,5 m wordt aangewend. Mogelijke conflictsituaties doen zich voor tussen verschillende verkeersdeelnemers. Hiervoor worden in de landelijke richtlijnen diverse wegbreedtes aanbevolen. • Automobilist en voetganger. De bestaande wegbreedte is hiervoor eigenlijk al te krap: 3.40 m – 3.85 m • Automobilist en fietser, minimaal 3.85 m – 4.40 m. • Fietser en fietser, 2,50 – 3,50 m • Fietser en voetganger: hiervoor is geen richtlijn beschikbaar. Uitgegaan wordt van fietser-fietser, met minimaal 2.50 m. De bestaande 3.2 m. is onvoldoende voor de auto in combinatie met een fietser of voetganger. Het is geschikt voor het elkaar passeren van fietsers, alhoewel zij hierbij niet als fietsduo kunnen fietsen.
De in het DO voorgestelde verbreding naar 3.5 m voor de gemengde rijbaan (Rottedijk), als het vrijliggende fietspad (Verlengde Molengangenpad) voldoet daarmee aan de gewenste breedte voor respectievelijk een erftoegangsweg (type 2) en een tweerichtingenfietspad. Het is evenwel niet de breedte voor het riant passeren van een auto door fietsers. Hiervoor is 3.85 m. de gewenste breedte. De zeer beperkte autoverkeersintensiteit rechtvaardigt dat met 3.50 m. de ondergrens van de bandbreedte in wegbreedte voor deze weg wordt aangehouden.
Tegelijkertijd wordt in het verkeersrapport ook erkent dat er enkele vernauwingen zijn, en enkele passeerhavens (uitwijkplaatsen). Bij de vernauwingen het niet mogelijk is naast een auto te fietsen of te staan (conform de bestaande situatie). Auto’s dienen op deze plaatsen voorzichtig te rijden. Bij de passeerhavens (uitwijkplaatsen, die net als in de bestaande situatie aangeduid worden met verkeersbord L20) kunnen auto’s juist makkelijker ingehaald worden of elkaar passeren. Hier kunnen ook fietsers of voetgangers even uitwijken om ingehaald te worden. Hier mag niet in worden geparkeerd. Er zijn op de Rottedijk 4 uitwijkhavens, waarmee de onderlinge afstand circa 200 -250 m is. Dit is vergeleken met soortgelijke wegen een zeer korte onderlinge afstand. De conclusie is dat de verbreding naar 3,5 m passend is conform de richtlijnen voor een erftoegangsweg, dat dit in het gebruik wel zodanig is dat een auto moeizaam gepasseerd of ingehaald kan worden (en zelf eigenlijk niet kan inhalen), dat er relatief veel uitwijkhavens zijn en dat auto’s de vernauwingen voorzichtig moeten passeren, conform de bestaande situatie. De grotere fietsaantallen zijn passend op deze weg, en de zeer beperkte autoverkeersaantallen zorgen ervoor dat het aantal conflicten beperkt blijft. In het verkeersrapport wordt daarnaast voorgesteld om de weg in te richten als fietsstraat.
Een fietsstraat is een bijzonder type erftoegangsweg, waarmee door de inrichting meer op een fietspad te laten kijken, een verkeerssituatie gecreëerd wordt waar automobilisten voorzichtiger rijden en meer aandacht voor de fietser hebben. Inrichtingselementen kunnen zijn; fietspad markering, kantmarkering, rood asfalt, snelheidsremmers waar nodig en een bord ‘Fietsstraat’. Door de inrichting als fietsstraat blijkt de verkeersveiligheid stijgen, blijkt uit onderzoek van o.a. het CROW naar fietsstraten in het buitengebied. De aanbevolen minimale breedte voor een fietsstraat is 3.85 m. Deze wordt niet gehaald op de Rottedijk; het inhalen van fietsers door auto’s is daardoor niet mogelijk. Toch is dit geen reden om de weg daarmee niet als fietsstraat in te richten; de breedte is nog steeds passend bij een erftoegangsweg type II.
Keerlus In de bestaande situatie is er een kleine keerlus, cirkelvormig. In het DO wordt hier een insteekhaven aangelegd. In de verkeerskundige rapportage wordt gesteld dat een insteekhaven minder verkeersveilig is dan een keerlus, omdat er meer moet worden gestoken met de auto, waarbij een grotere blinde hoek is. Bij een keerlus kan men keren zonder te steken, waarbij het zicht groter is. In beide opties ontstaat het risico dat de keerfaciliteit wordt geparkeerd. Vanuit verkeer wordt voorgesteld om de keerlus te behouden, met een bochtstraal van 6 a 7 meter. Dit is voldoende voor een normale personenauto.
2