Bijlage 8 Bijlage 4 BP Deelrapport Akoestiek A24.004856
Tekst van het document
Inhoudsopgave 1.
Inleiding ........................................................................................... 3
2.
Wettelijk kader ................................................................................. 4 2.1 Wegverkeerslawaai ............................................................... 4 2.1.1 Ontheffingsprocedure .............................................. 6 2.2 Industrielawaai ...................................................................... 6 2.2.1 Ruimtelijke ordening ................................................ 7 2.3 Cumulatie .............................................................................. 8 2.4 Gemeentelijk geluidbeleid ..................................................... 9
3.
Uitgangspunten ............................................................................. 11 3.1 Plangebied .......................................................................... 11 3.2 Weg- en railverkeersgegevens ........................................... 12 3.3 Industrie............................................................................... 13 3.4 Vliegverkeer ‘Rotterdam The Hague Airport’ ...................... 15 3.5 Rekenmethode .................................................................... 16
4.
Resultaten ..................................................................................... 18 4.1 Wegverkeerslawaai ............................................................. 18 4.1.1 Rijksweg A12 ......................................................... 18 4.1.2 Rijksweg A20 ......................................................... 19 4.1.3 N457 ...................................................................... 20 4.1.4 N219 ...................................................................... 21 4.1.5 Bredeweg ............................................................... 22 4.1.6 Middelweg .............................................................. 23 4.1.7 Zuidelijke Dwarsweg .............................................. 25 4.1.8 Nieuwe buslijn binnen de woonkern ...................... 27 4.1.9 Groene Slinger ....................................................... 28 4.1.10 Nieuwe gebiedsontsluitingsweg - zuidwestelijk ..... 30 4.1.11 Nieuwe gebiedsontsluitingsweg – noordwestelijk.. 33 4.1.12 Cumulatieve geluidbelasting van alle wegen ......... 35 4.1.13 Indirecte hinder wegverkeerslawaai ...................... 36 4.2 Railverkeerslawaai .............................................................. 39 4.3 Industrielawaai ....................................................................
40 4.3.1 Nieuwe woningen ‘Vijfde Dorp’ .............................. 40 4.3.2 Bestaande woningen ............................................. 42 4.4 Cumulatieve geluidbelasting ............................................... 43
5.
Conclusie ....................................................................................... 45 5.1 Nieuwbouwwoningen .......................................................... 45 5.2 Effect van het plan op bestaande woningen ....................... 46
Bijlage 1 – Rekenresultaten Bijlage 2 – Aan te vragen hogere waarden Bijlage 3 – Modelgegevens
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
2/47
1. Inleiding Gemeente Zuidplas werkt aan de ontwikkeling van het Middengebied Zuidplaspolder. Het gaat om een integrale gebiedsontwikkeling waarin ruimte wordt geboden aan woningen, bedrijvigheid, (maatschappelijke) voorzieningen, infrastructuur en natuur. De kern van de ontwikkeling wordt gevormd door de realisatie van een nieuw dorp van 8.000 woningen. Teven is een uitbreiding beoogd van de industrieterreinen Doelwijk en Gouwe Park. Het Middengebied ligt in de oksel van de A12 en de A20, tussen de kernen Nieuwerkerk a/d IJssel, Moordrecht en Zevenhuizen. De ligging van het plangebied is weergegeven in figuur 1.
Figuur 1
Globale ligging van het plangebied (rood omkaderd)
Om de ontwikkeling van het Middengebied mogelijk te maken, moet een nieuw bestemmingsplan opgesteld worden. Het bestemmingsplan moet de planologische mogelijkheden bieden voor de ontwikkeling van het Middengebied. Sweco Nederland B.V. is gevraagd een akoestisch onderzoek uit te voeren om de geluidbelasting van wegen, spoor en industrie binnen het plangebied inzichtelijk te maken. Omdat nog geen exacte invulling van het plangebied bekend is, is geen maatregelonderzoek uitgevoerd. Het project wordt uitgevoerd onder de Crisis- en herstelwet (Chw), dus worden in het bestemmingsplan algemene hogere waarden vastgesteld op basis van de geluidcontouren. Bij een verdere uitwerking in het kader van een omgevingsvergunning zal nog gedetailleerd onderzoek worden uitgevoerd.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
3/47
2. Wettelijk kader 2.1 Wegverkeerslawaai Vanuit de Wet geluidhinder (Wgh) is akoestisch onderzoek verplicht voor de aanleg van nieuwe wegen, wijziging van bestaande wegen die zoneplichtig zijn en het realiseren van geluidgevoelige bestemmingen in de geluidzone van bestaande wegen. Iedere zoneplichtige weg heeft een geluidzone aan weerszijden van de weg, waarvan de breedte afhankelijk is van het aantal rijstroken en de ligging van de weg in stedelijk of buitenstedelijk gebied. De zonebreedte wordt gerekend vanaf de as van de weg, waarbij op- en afritten worden meegerekend. De zonebreedtes zijn opgenomen in tabel 1. Indien binnen het plangebied geluidgevoelige bestemmingen worden gerealiseerd en deze binnen de geluidzone vallen, moet de optredende geluidbelasting worden getoetst aan de grenswaarden uit de Wet geluidhinder.
Figuur 2
De onderzoekzone langs een weg
Tabel 1
Geluidzones langs wegen
Aantal rijstroken
Geluidzone Binnenstedelijk gebied
Buitenstedelijk gebied
200 meter 350 meter 350 meter
250 meter 400 meter 600 meter
1 of 2 3 of 4 5 of meer
Voor wegen die meerdere zonebreedtes bevatten, geldt dat het breedste zonedeel wordt doorgetrokken over een afstand die gelijk is aan een derde van de breedte van de breedste zone (art. 75 lid 2). Aan het uiteinde van een weg dient de lengte van de zone te worden doorgetrokken over een afstand die gelijk is aan de breedte van de zone (art. 75 lid 3).
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
4/47
Volgens de huidige wetgeving geldt geen zone voor wegen met een maximum snelheid van 30 km/uur. Hierdoor is het geluid van deze wegen uitgesloten van de verplichte toetsing aan de wettelijke grenswaarden. In het kader van een goede ruimtelijk ordening worden deze wegen vaak wel onderzocht. Voor woningen, gelegen binnen een geluidzone, is in de Wet geluidhinder een ten hoogste toelaatbare geluidbelasting op de gevel bepaald van 48 dB (Lden). In de Wet geluidhinder wordt onderscheid gemaakt tussen nieuwe en bestaande situaties. Er is sprake van een nieuwe situatie als een bestemmingsplan wordt opgesteld of herzien ten behoeve van de bouw van geluidgevoelige bestemmingen of de aanleg van een weg. De in de Wet geluidhinder genoemde ten hoogste toelaatbare geluidbelasting moet dan getoetst worden. Van een bestaande situatie is sprake als de geluidgevoelige bestemmingen al bestonden vóór 1 januari 2007. In dit geval is sprake van een nieuwe situatie voor de te realiseren weg. In tabel 2 zijn de grenswaarden van de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting op de gevel van de woningen gegeven. Tabel 2
Grenswaarden geluidbelasting
Normering Ten hoogst toelaatbare geluidbelasting Maximale ontheffing (buitenstedelijk) Maximale ontheffing (stedelijk)
Regime nieuwe woningen bij bestaande weg 48 dB (art. 82.1) 53 dB (art. 83.1) 63 dB (art. 83.2)
Regime nieuwe woningen bij nieuwe weg 48 dB (art. 82.1) 53 dB (art. 82.1) 58 dB (art. 82.1)
Het college van burgemeester en wethouders (B&W) kan onder voorwaarden een toelaatbare geluidbelasting van de gevel toelaten, in dit geval tot maximaal 53 dB voor buitenstedelijke situaties en 63 dB voor binnenstedelijke situaties1. Ontheffing op de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting van 48 dB wordt alleen verleend als maatregelen ter vermindering van de geluidbelasting onvoldoende doeltreffend blijken te zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoeten van financiële, stedenbouwkundige, verkeerskundige of landschappelijke aard. Tevens dient de locatie in aanmerking te komen voor ontheffing volgens het lokaal geluidbeleid (zie paragraaf 2.4). Voordat tot toetsing wordt overgegaan, dient volgens artikel 3.4 van het Rekenen meetvoorschrift geluid 2012 (RMG 2012) een aftrek toegepast te worden op de berekende geluidbelastingen ter plaatse van de gevel van woningen of van andere geluidgevoelige gebouwen of aan de grens van geluidgevoelige terreinen.
Tot inwerkingtreding2 van de zogeheten ‘Omgevingswet’ geldt het volgende: o 3 dB voor wegen waarvoor een representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen geldt van 70 kilometer per uur of meer en de geluidbelasting zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 56 dB is; o 4 dB voor wegen waarvoor een representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen geldt van 70 kilometer per uur of meer en de geluidbelasting zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 57 dB is; o 2 dB voor wegen waarvoor een representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen geldt van 70 kilometer per uur of meer 1 Binnenstedelijk = binnen de bebouwde kom; buitenstedelijk = buiten de bebouwde kom. 2 Het bestemmingsplan wordt in procedure gebracht vóór inwerkingtreding van de Omgevingswet
en zal conform het huidig recht worden vastgesteld. Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
5/47
en de geluidbelasting zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder geen 56 of 57 dB is; 5 dB voor overige wegen.
o
Onder de geluidbelasting vanwege een weg wordt volgens artikel 1 uit de Wet geluidhinder verstaan de energetisch gemiddelde geluidniveaus van de verschillende etmaalperioden (dag, avond en nacht) samengevoegd tot één getal, te weten Lden in dB. Het energetisch gemiddelde geluidniveau ten gevolge van een weg wordt bepaald over de volgende drie waarden: de toetsingswaarde over de dagperiode van 07:00 uur tot 19:00 uur; de met 5 dB verhoogde toetsingswaarde over de avondperiode van 19:00 uur tot 23:00 uur; de met 10 dB verhoogde toetsingswaarde over de nachtperiode van 23:00 uur tot 07:00 uur. In het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 is bepaald hoe afronding van geluidbelastingen dient plaats te vinden. De geluidbelastingen worden in principe berekend op twee cijfers achter de komma. Vervolgens wordt er afgerond volgens de reguliere ISO-afrondingsregels. Dit houdt in dat afgerond wordt naar het dichtstbijzijnde gehele even getal: 1,49 dB wordt afgerond naar 1 dB en 1,50 dB wordt afgerond naar 2 dB.
2.1.1
Ontheffingsprocedure
Wanneer maatregelen onvoldoende doeltreffend zijn of stuiten op overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, landschappelijke of financiële aard, kan ontheffing van de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting worden verzocht. Voor het verkrijgen van een hogere grenswaarde dan de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting, dient de procedure gevolgd te worden, zoals omschreven is in het ’Besluit geluidhinder’ (Bgh). Eén van de aspecten hierbij is een ter visielegging van een (ontwerp)besluit met de akoestische rapportage. Het hogere waardenbesluit dient gelijktijdig met de bestemmingsplanprocedure te verlopen. Gekoppeld aan een hogere grenswaarde, is toetsing van de gevelwering vereist in verband met het maximale binnenniveau. Het binnenniveau mag de maximale waarde van 33 dB niet overschrijden. De eventuele toetsing van dit binnenniveau is niet in dit onderzoek beschouwd en hoeft pas plaats te vinden bij de aanvraag om een bouwvergunning.
2.2 Industrielawaai Bij het inpassen van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, dient men met de bestaande situatie rekening te houden. In dit geval is er sprake van zowel bestaande als nieuwe bedrijven, en zowel bestaande als nieuwe woningen. Het wettelijk kader splitst zich uiteen in een kader met betrekking tot Ruimtelijke Ordening en een Milieukader.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
6/47
In de bestemmingsplanprocedure voor het Middengebied wordt enkel het kader Ruimtelijke Ordening gevolgd om de geluidbelasting ter plaatse van de nieuwe woningen en ten gevolge van de nieuwe bedrijven op de bestaande woningen te onderzoeken en inzichtelijk te maken of sprake is van een goed woon- en leefklimaat met betrekking tot geluid. Het Milieukader wordt in een later stadium onderzocht wanneer de invulling van de beoogde industrieterreinen bekend wordt.
2.2.1
Ruimtelijke ordening
Voor de ruimtelijke ordening kan in eerste instantie worden uitgegaan van de richtafstanden, zoals genoemd in de publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (2009). Op basis van een categorie-indeling van bedrijfstypen worden hierin richtafstanden gegeven voor diverse milieuaspecten, waaronder ‘geluid’. Indien deze in acht worden genomen (gemeten vanaf de rand van het bedrijventerrein), kan gesteld worden dat ter plaatse van de nieuw te realiseren woningen sprake is van een (akoestisch gezien) acceptabel woon- en leefklimaat en dat de betreffende bedrijven niet beperkt worden in hun bedrijfsactiviteiten. Bij het stellen van de richtafstanden, wordt onderscheid gemaakt in twee gebiedstyperingen, te weten een ‘rustige woonwijk met weinig verkeer’ en een ‘gemengd gebied’. Indien sprake is van een gemengd gebied, kunnen de richtafstanden in algemene zin met één afstandsstap worden gereduceerd. Zie tabel 3. Omgevingstype rustige woonwijk Een rustige woonwijk is ingericht volgens het principe van functiescheiding. Afgezien van wijkgebonden voorzieningen komen vrijwel geen andere functies (zoals bedrijven of kantoren) voor. Langs de randen, in de overgang naar mogelijke bedrijfsfuncties, is weinig verstoring door verkeer.
Tabel 3
Omgevingstype gemengd gebied Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor, zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd.
Richtafstanden en omgevingstype Richtafstand [m]
Milieucategorie 1 2 3.1 / 3.2 4.1 / 4.2 5.1 / 5.2 / 5.3 6
Rustige woonwijk
Gemengd gebied
10 30 50 / 100 200 / 300 500 / 700 / 1.000 1.500
0 10 30 / 50 100 / 200 300 / 500 / 700 1.000
Er dient te worden opgemerkt dat bovengenoemde publicatie geen wetgeving bevat, echter gelet op jurisprudentie wel als ‘harde eis’ kan worden gezien. Echter, uit uitspraken van de Raad van State kan worden geconcludeerd dat, mits gemotiveerd, afgeweken kan worden van de VNG-richtafstanden. De motivatie kan hierbij bestaan uit het feit dat vergunningsvoorschriften wellicht strenger zijn dan de richtafstanden of dat sprake is van een werkelijke Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
7/47
geluiduitstraling die een kortere afstand rechtvaardigt. In het laatste geval dient één en ander met een akoestisch onderzoek te worden onderbouwd. Hierbij kunnen de toetsingswaarden uit de VNG-publicatie gehanteerd worden, zoals gegeven in tabel 4. Tabel 4
Geluidnormen volgens VNG-richtlijnen 7:00 - 19:00 uur
19:00 - 23:00 uur
23:00 - 7:00 uur
45 dB(A) 50 dB(A) 65 dB(A) 70 dB(A)
40 dB(A) 45 dB(A) 60 dB(A) 65 dB(A)
35 dB(A) 40 dB(A) 55 dB(A) 60 dB(A)
LAr,LT (rustige woonwijk, weinig verkeer) LAr,LT (gemengd gebied) LAmax (rustige woonwijk, weinig verkeer) LAmax (gemengd gebied)
2.3 Cumulatie In de Wet geluidhinder is geregeld dat wanneer hogere grenswaarden worden verleend, in een aantal gevallen onderzoek dient plaats te vinden naar cumulatie van verschillende bronnen. Het betreft hierbij onderzoek dat dient te worden uitgevoerd ter plaatse van de geluidgevoelige bestemmingen (waarvoor een hogere waarde wordt vastgesteld), die in meerdere geluidzones in de zin van de Wet geluidhinder gelegen zijn. Tevens dient er sprake te zijn van overschrijding van de hoogste toelaatbare geluidbelasting ten gevolge van de betreffende bron in het toekomstig maatgevende jaar. Artikel 110f (Wgh) stelt dat, indien er sprake is van bovenstaande, onderzoek naar samenloop vereist is en dat hierbij aangegeven dient te worden op welke wijze hiermee rekening is gehouden bij de te treffen maatregelen. In het zesde lid van artikel 110a wordt aangegeven dat B&W slechts hogere waarden vast kunnen stellen, wanneer de gecumuleerde geluidbelasting niet leidt tot een naar hun oordeel onacceptabele geluidbelasting. Opgemerkt wordt dat in de Wet geluidhinder geen grenswaarden voor de gecumuleerde geluidbelasting worden gegeven, één en ander is derhalve ter beoordeling van het bevoegd gezag.
Om toch een uitspraak te kunnen doen over het complete akoestisch woon- en leefklimaat, wordt aansluiting gezocht bij de cumulatiemethode, zoals gegeven in hoofdstuk 2 van bijlage 1 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. Bij deze cumulatiemethode wordt rekening gehouden met de hinderervaring bij blootstelling aan diverse soorten geluidbronnen. Alle relevante bronnen worden omgerekend naar een equivalent geluidniveau3 (L*) dat zou worden ervaren, indien veroorzaakt door wegverkeer. Vervolgens worden alle equivalente niveaus energetisch gesommeerd tot LCUM. Beoordeling kan plaatsvinden aan de wettelijke grenswaarden voor wegverkeerslawaai of, na omrekening, aan de grenswaarden voor elke andere bronsoort.
3 Bepaling equivalente niveaus:
Railverkeer:
L*RL
Luchtvaart:
L*LL
= 0,95 x LRL – 1,40 = 0,98 x LLL + 7,03
Industrie:
L*IL
= 1,00 x LIL + 1,00
Wegverkeer:
L*VL
= 1,00 x LVL + 0,00
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
8/47
Het RMG 2012 merkt hierbij wel op dat de in de Wet geluidhinder gestelde normen gesteld zijn voor toetsing van een bron afzonderlijk en daardoor slechts een vergelijking plaats kan vinden. Letterlijke toepassing van de normen is daarbij niet aan de orde. Voor de beoordeling van de kwaliteit van de akoestische omgeving kan gebruik gemaakt worden van tabel 5. Ter indicatie is in de tabel ook een omschrijving opgenomen waarop de specifieke geluidniveaus worden waargenomen. Deze is afkomstig uit de Handreiking Industrielawaai & Vergunningverlening 1998. Tabel 5
Classificatie van de kwaliteit van de akoestische omgeving
Gecumuleerd LCUM [dB]
Classificatie milieukwaliteit
Perceptie (cf. Handreiking IL&V)
< 50 50 – 55 55 – 60 60 – 65 65 – 70 > 70
Goed Redelijk Matig Tamelijk slecht Slecht Zeer slecht
‘Rustig’ ‘Hoorbaar’ ‘Rumoerig, druk’ ‘Lawaaiig’ ‘Zeer lawaaiig’ ‘Zeer lawaaiig’
2.4 Gemeentelijk geluidbeleid Omgevingsdienst Midden-Holland (ODMH) heeft in oktober 2018 een Beleidsregel Hogere waarden vastgesteld. Indien geluidgevoelige bestemmingen gerealiseerd worden, dient nagegaan te worden of de locatie voor ontheffing in aanmerking komt volgens deze beleidsregel. De beleidsregel stelt als aanvullende eis dat, indien een geluidgevoelige bestemming mogelijk wordt gemaakt met een geluidbelasting op de gevel die meer dan 5 dB boven de ten hoogst toelaatbare waarde uit de Wet geluidhinder ligt, dan moet deze geluidgevoelige bestemming beschikken over een geluidluwe gevel en een geluidluwe buitenruimte. Dit betreft hogere waarden voor een geluidbelasting hoger dan: 53 dB wegverkeerslawaai, of 60 dB railverkeerslawaai, of 55 dB(A) industrielawaai. Om te bepalen of de geluidbelasting zo laag is dat er sprake is van een geluidluwe gevel / buitenruimte, geldt de volgende rekenwijze: Een woning of ander geluidgevoelig gebouw kan door meerdere zoneringsplichtige bronnen van één lawaaisoort belast worden (bijvoorbeeld twee wegen). Er is dan sprake van een geluidluwe gevel of buitenruimte als de totale geluidbelasting niet boven de hoogst toegestane waarde van deze lawaaisoort ligt.
Als een woning of ander geluidgevoelig gebouw wordt belast door twee of meer zoneringsplichtige bronnen van verschillende lawaai-soorten (bijvoorbeeld een weg en een spoorweg), dan wordt de cumulatieve geluidbelasting van die gevel of buitenruimte bepaald overeenkomstig de methode uit hoofdstuk 2 van bijlage 1 van het RMG 2012 (zie paragraaf 2.3). De cumulatieve geluidbelasting wordt vervolgens teruggerekend naar de lawaaisoort waarvoor de hogere waarde wordt verleend.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
9/47
Bij een geluidluwe gevel / buitenruimte mag de geluidbelasting niet hoger zijn dan de hoogst toelaatbare waarde van de lawaaisoort. Bij wegverkeerslawaai wordt de cumulatieve geluidbelasting van alle wegen bepaald, inclusief aftrek artikel 3.4 volgens het RMG 2012. Als uit het besluit hogere waarden blijkt dat aanvullende geluiddempende maatregelen nodig zijn, dan neemt de gemeente deze maatregelen op in de ruimtelijke procedure. In het bestemmingsplan worden deze in de artikelen en op de verbeelding opgenomen; in de omgevingsvergunning in de voorschriften.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
10/47
3. Uitgangspunten 3.1 Plangebied Het plangebied ligt in de oksel van de A12 en de A20, tussen de kernen Nieuwerkerk a/d IJssel, Moordrecht en Zevenhuizen (zie figuur 1). In en rond het plangebied zijn meerdere bestaande geluidbronnen aanwezig: wegen, spoor en industrie. Tevens worden enkele nieuwe wegen aangelegd, en wordt beoogd de industrieterreinen uit te breiden. Een deel van het plangebied wordt bestemd als binnenstedelijke woningbouwlocatie (zie figuur 3): binnen dit gebied is volledig woningbouw mogelijk, met uitzondering van de plek van de nieuw aan te leggen rondweg en gebiedsontsluitingswegen. In dit onderzoek wordt daarom gekeken naar weg- en railverkeerslawaai, industrielawaai en de cumulatieve geluidbelasting. Hiermee wordt de geluidbelasting voor de beoogde woningbouw binnen het plangebied inzichtelijk gemaakt door middel van contouren. Tevens wordt de geluidbelasting veroorzaakt door de nieuwe wegen en de beoogde uitbreiding van de industrieterreinen inzichtelijk gemaakt op nabijgelegen bestaande woningen. Ook wordt bepaald of er bij bestaande woningen mogelijk sprake is van indirecte geluidhinder vanwege toename in verkeer op de bestaande wegen.
Figuur 3
Ligging plangebied en woningbouwlocatie
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
11/47
3.2 Weg- en railverkeersgegevens Voor het bepalen van de geluidbelasting van de rijkswegen en het spoor, is gebruik gemaakt van het geluidregister. Deze informatie is gedownload in juli 2022 en op het moment van dagtekening van deze rapportage nog steeds actueel. De verkeersgegevens voor de overige wegen zijn in januari 2023 aangeleverd door Royal HaskoningDHV. De verkeersgegevens bevatten de weekdagintensiteiten, inclusief voertuigtypeverdeling en dagdeelverdeling, van de plansituatie in het prognosejaar 2040. Tabel 6 geeft een overzicht van de gehanteerde wegverkeersgegevens. Figuur 4 geeft een overzicht van de onderzochte wegen, inclusief de gehanteerde maximum rijsnelheden. Tabel 6
Weekdaggemiddelde etmaalintensiteiten van het wegverkeer op de onderzochte wegen in de plansituatie.
Weg Rijksweg A12 Rijksweg A20 N219 N457 Bredeweg Busbaan (nieuw) Groene Slinger (nieuw) Middelweg Nieuwe gebiedsontsluitingsweg (GOW) noordwest Nieuwe gebiedsontsluitingsweg (GOW) zuidwest Zuidelijke Dwarsweg (noord) Zuidelijke Dwarsweg (zuid)
Etmaalintensiteit* (mvt/etmaal) >50.000 >50.000 31.000 45.000 8.340 384 13.800 15.000
Maximum rijsnelheid (km/uur) 100 120 80 80 60** / 30 30 30 60** / 30
13.000
60** / 30
9.200
60
1.360 85
30 30
Wegdektype ZOAB ZOAB
Referentiewegdek (DAB)
* Gebaseerd op het wegvak met de hoogste etmaalintensiteit ** Deze weg wordt deels binnenstedelijk (30 km/uur) en deels buitenstedelijk (60 km/uur)
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
12/47
Figuur 4 Overzicht nieuwe woningbouwlocatie en de onderzochte wegen, inclusief de gehanteerde maximum rijsnelheden.
3.3 Industrie Het plangebied ligt nabij de industrieterreinen Doelwijk en Gouwe Park. Voor beide industrieterreinen is een uitbreiding beoogd (zie figuur 5).
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
13/47
Figuur 5
Overzicht nieuwe woningbouwlocatie (rood) met in het blauw de bestaande industrieterreinen en in paars de uitbreidingen.
Voor het bepalen van de bronnen omtrent industrielawaai, is gebruik gemaakt van informatie, aangeleverd door Omgevingsdienst Midden Holland, adviesbureau Witteveen+Bos en geluidcontouren vanuit bestaande ruimtelijke plannen. Omgevingsdienst Midden Holland heeft de geluidmodellen aangeleverd in juli 2022 voor het hoogspanningsstation Zevenhuizen en RWZI Kortenoord. Witteveen+Bos heeft voor het ‘MER Herziening provinciaal omgevingsbeleid’ de geluidcontouren van de industrieterreinen Doelwijk en Gouwe Park gemodelleerd. Sweco Nederland B.V. heeft het geluidmodel ontvangen in juli 2022. Voor het industrieterrein Doelwijk geldt een geluidafspraak: ter plaatste van bestaande woningen mag de geluidbelasting niet hoger zijn dan 55 dB(A) etmaalwaarde. De bestaande industrieterreinen zijn bestemd met een maximaal toegestane bronemissie van 53 dB(A) per m2. De beoogde uitbreidingen voor de industrieterreinen Doelwijk en Gouwe Park zijn gemodelleerd door nieuwe oppervlaktebronnen te plaatsen op de uitbreidingslocaties met een geluidemissie van 53 dB(A) per m2.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
14/47
3.4 Vliegverkeer ‘Rotterdam The Hague Airport’ In de nabijheid van het plangebied bevindt zich het vliegveld ‘Rotterdam The Hague Airport’. Voor de luchthaven is in de ‘Omzettingsregeling luchthaven Rotterdam The Hague Airport’ opgenomen wat de geluidcontouren zijn door het vliegverkeer van- en naar de luchthaven. Hieruit blijkt dat de geluidcontouren het studiegebied van het nieuwe dorp niet overlappen (zie figuur 6).
Figuur 6
De geluidcontouren van ‘Rotterdam The Hague Airport’ uit de Omzettingsregeling luchthaven Rotterdam The Hague Airport.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
15/47
Het gaat hierbij om de 45, 40 en 35 Ke-geluidcontouren, waarbij 35 Ke ongeveer overeenkomt met 56 dB Lden. Uit voorlopige berekeningen van geluidcontouren voor het nog vast te stellen luchthavenbesluit blijkt dat het plangebied wel binnen de 40 dB contour ligt. De hinderlijkheid van vliegverkeer is groter dan van wegverkeer. Als de 40 dB van het vliegverkeer omgerekend zou worden naar een geluid-belasting ten gevolge van wegverkeer, dan zou dat neerkomen op een geluidbelasting van 46 dB (op basis van het Reken- en meetvoorschrift geluid). De geluidbelasting ten gevolge van met name wegverkeer is binnen het plangebied vrijwel overal (ruim) hoger dan 50 dB. Omdat in de rekenmodellen gerekend wordt met een gemiddelde geluidbelasting van een geluidbron over een langere periode (en dus niet met de piekbelasting van een geluidbron op één moment), betekent dit dat in de rekenresultaten het geluidniveau, afkomstig van in ieder geval wegverkeer, maar mogelijk ook van railverkeer en industrie ten opzichte van het geluidniveau van vliegverkeer maatgevender geacht wordt voor het akoestisch leefklimaat. Omdat het plangebied ruim buiten de 35 Ke-geluidcontour ligt, worden geen beperkingen verwacht door vliegtuiglawaai binnen het Vijfde Dorp.
Ondanks dat toekomstige bewoners iets gaan merken van de aanwezigheid van luchtvaartlawaai, is vliegverkeer om bovengenoemde redenen verder niet onderzocht.
3.5 Rekenmethode De geluidbelasting van het weg- en railverkeer is berekend conform de Standaard Rekenmethode II uit de bijlage 3 en 4 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. De geluidbelasting van industrielawaai is berekend volgens de Handleiding Meten en Rekenen Industrielawaai (1999). Hiervoor is gebruik gemaakt van het softwarepakket Geomilieu (versie 2022.1). De belangrijkste modelgegevens zijn terug te vinden in de bijlage In de modellen zijn de aanwezige bebouwing, de wegen, railverkeergegevens en industriële bronnen ingevoerd. De gebouwgegevens (x-, y-, z-coördinaten) van de bestaande bebouwing zijn afkomstig uit de basisregistratie gebouwen (BAG3D), gedownload in maart 2023, en zijn – waar relevant – aangepast op basis van een digitale veldinventarisatie van actuele lucht- en streetview foto’s in StreetSmart (Cyclomedia). De standaardbodemfactor is ingesteld op 1,0 (akoestisch zacht). Akoestisch harde bodemgebieden zijn gemodelleerd met bodemfactor 0,0 (akoestisch hard). Het plangebied is voorzien van bodemfactor 0,5. De bestaande woningen binnen het plangebied blijven intact en zijn meegenomen in de berekening; de bestaande bedrijfspanden binnen het plangebied zullen worden geamoveerd en zijn niet meegenomen in de berekening.
Er is geen nieuwe bebouwing gemodelleerd, omdat op dit moment onbekend is hoeveel, waar en welk type bebouwing geplaatst wordt binnen het plangebied. Voor de nieuwe bebouwing wordt een maximale bouwhoogte opgenomen van drie bouwlagen.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
16/47
De geluidcontouren zijn berekend binnen het plangebied middels een rekengrid met een relatieve hoogte van 7,5 meter boven maaiveld. Dit komt overeen met de derde bouwlaag (tweede verdieping) van een woning. Voor woningen met drie bouwlagen is de geluidbelasting op de derde bouwlaag het hoogst, dus is de geluidbelasting op 7,5 meter boven maaiveld gehanteerd voor de geluidcontouren binnen het plangebied. Voor de bestaande woningen waar de geluidbelasting is getoetst, is gerekend op 1,5 meter relatieve hoogte per bouwlaag (1,5 meter begane grond; 4,5 meter eerste verdieping etc.). De cumulatieve geluidbelasting is berekend volgens het RMG 2012. De rekenregels hiervoor zijn:
L*RL = 0,95 LRL –1,40; L*IL = 1,00 LIL + 1,00; L*VL = 1,00 LVL + 0,00.
Alle bronnen die omgerekend zijn in L* -waarden, kunnen – door gebruik te maken van de volgende rekenregel – gecumuleerd worden:
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
17/47
4. Resultaten In dit hoofdstuk worden achtereenvolgens de resultaten besproken van weg- en railverkeer, industrie en cumulatie. De volledige rekenresultaten met gedetailleerdere contourenplaatjes zijn terug te vinden in de bijlage.
4.1 Wegverkeerslawaai 4.1.1
Rijksweg A12
In figuur 7a is de geluidbelasting, veroorzaakt door de rijksweg A12, weergegeven. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De woningbouwlocatie ondervindt grotendeels een geluidbelasting niet hoger dan 48 dB en voldoet daarmee aan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB. Een klein deel van het noordelijke gedeelte van de woningbouwlocatie heeft een geluidbelasting hoger dan 48 dB, maar niet hoger dan de maximale ontheffingswaarde van 53 dB voor rijkswegen. Dit betreft het noordelijke gedeelte tot circa 240 meter van de grens van de woningbouwlocatie. Voor woningen die worden geplaatst in het gebied waar de geluidbelasting hoger is dan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB, dienen hogere waarden te worden verleend. Om hogere waarden te verlenen, dienen eerst maatregelen te worden onderzocht. De rijksweg A12 is in beheer van Rijkswaterstaat, en ligt op grote afstand van de woningbouwlocatie. Het treffen van bron- en/of overdrachtsmaatregelen aan de rijksweg A12, is daarom niet effectief en niet mogelijk voor dit plan. Voor de resterende geluidbelastingen dienen hogere waarden te worden verleend. De invulling van de woningbouwlocatie is nog niet bekend. Met het vaststellen van het bestemmingsplan worden de geluidcontouren vastgesteld als hogere waarden (zie de bijlage voor de aan te vragen hogere waarden).
Bij het uitwerken van een omgevingsvergunning moet aangetoond worden dat voldaan kan worden aan de criteria die opgenomen zijn in de regels van het bestemmingsplan. Door de eerstelijns bebouwing langs de noordelijke zijde eerst te ontwikkelen, zullen de achterliggende woningen een lagere geluidbelasting op de gevel hebben.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
18/47
Figuur 7a
4.1.2
Wegverkeerslawaai van de rijksweg A12
Rijksweg A20
In figuur 7b is de geluidbelasting, veroorzaakt door de rijksweg A20, weergegeven. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De woningbouwlocatie ondervindt grotendeels een geluidbelasting niet hoger dan 48 dB en voldoet daarmee aan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB. Een klein deel van het zuidoostelijke gedeelte van de woningbouwlocatie heeft een geluidbelasting hoger dan 48 dB, maar niet hoger dan de maximale ontheffingswaarde van 53 dB voor rijkswegen. Dit betreft het zuidoostelijke gedeelte tot circa 350 meter van de grens van de woningbouwlocatie. Voor woningen die worden geplaatst in het gebied waar de geluidbelasting hoger is dan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB, dienen hogere waarden te worden verleend. Om hogere waarden te verlenen, dienen eerst maatregelen te worden onderzocht. De rijksweg A20 is in beheer van Rijkswaterstaat, en ligt op grote afstand van de woningbouwlocatie. Het treffen van bron- en/of overdrachtsmaatregelen aan de rijksweg A20 is daarom niet effectief en niet mogelijk voor dit plan. Voor de resterende geluidbelastingen dienen hogere waarden te worden verleend. De invulling van de woningbouwlocatie is nog niet bekend. Met het vaststellen van het bestemmingsplan worden de geluidcontouren vastgesteld als hogere waarden (zie de bijlage voor de aan te vragen hogere waarden).
Bij het uitwerken van een omgevingsvergunning moet aangetoond worden dat voldaan kan worden aan de criteria die opgenomen zijn in de regels van het bestemmingsplan.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
19/47
Door de eerstelijns bebouwing langs de zuidoostelijke zijde eerst te ontwikkelen, zullen de achterliggende woningen een lagere geluidbelasting op de gevel hebben.
Figuur 7b
4.1.3
Wegverkeerslawaai van de rijksweg A20
N457
In figuur 8 is de geluidbelasting, veroorzaakt door de provinciale weg N457, weergegeven. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De woningbouwlocatie ondervindt bijna volledig een geluidbelasting niet hoger dan 48 dB en voldoet daarmee aan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB. De woningbouwlocatie binnen 50 meter afstand van de rand van het plangebied (= binnen 30 meter afstand van de hartlijn van de Groene Slinger) ondervindt een geluidbelasting hoger dan 48 dB, waarvan de geluidbelasting nergens hoger is dan 53 dB. De maximale ontheffingswaarde van 63 dB nergens overschreden. Er dienen hogere waarden te worden verleend voor de nieuwe woningen die worden geplaatst waar de geluidbelasting van de N457 hoger is dan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
20/47
De invulling van de woningbouwlocatie is nog niet bekend. Met het vaststellen van het bestemmingsplan, worden de geluidcontouren vastgesteld als hogere waarden (zie de bijlage voor de aan te vragen hogere waarden). Bij het uitwerken van een omgevingsvergunning moet aangetoond worden dat voldaan kan worden aan de criteria die opgenomen zijn in de regels van het bestemmingsplan. Door de eerstelijns bebouwing langs de noordoostelijke zijde eerst te ontwikkelen, zullen de achterliggende woningen een lagere geluidbelasting op de gevel hebben.
Figuur 8
4.1.4
Wegverkeerslawaai van de N457
N219
In figuur 9 is de geluidbelasting, veroorzaakt door de provinciale weg N219, weergegeven. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De volledige woningbouwlocatie ondervindt een geluidbelasting niet hoger dan 48 dB en voldoet daarmee aan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
21/47
Figuur 9
4.1.5
Wegverkeerslawaai van de N219
Bredeweg
De Bredeweg wordt afgewaardeerd tot fietsstraat en heeft daardoor in de plansituatie een lagere verkeersintensiteit ten opzichte van de huidige situatie. Tevens gaat de maximum rijsnelheid omlaag van 60 naar 30 km/uur. In figuur 10 is de geluidbelasting, veroorzaakt door de Bredeweg, weergegeven. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De woningbouwlocatie ondervindt grotendeels een geluidbelasting niet hoger dan 48 dB en voldoet daarmee aan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB, al betreft dit geen wettelijke toets vanwege de maximum snelheid van 30 km/uur. De woningbouwlocatie binnen 15 meter afstand van de hartlijn van de weg ondervindt een geluidbelasting hoger dan 48 dB. Aanvullende maatregelen voor deze weg zijn niet wettelijk verplicht.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
22/47
Figuur 10
4.1.6
Wegverkeerslawaai van de Bredeweg
Middelweg
In figuur 11 is de geluidbelasting, veroorzaakt door de Middelweg, weergegeven. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De woningbouwlocatie ondervindt grotendeels een geluidbelasting niet hoger dan 48 dB en voldoet daarmee aan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB. De woningbouwlocatie binnen 110 meter afstand van de hartlijn van de weg ondervindt een geluidbelasting hoger dan 48 dB, waarvan de geluidbelasting binnen 60 meter afstand van de hartlijn van de weg hoger is dan 53 dB: voor het verlenen van hogere waarden hoger dan 53 dB, dient aan het gemeentelijk beleid te worden voldaan. De maximale ontheffingswaarde van 63 dB wordt niet overschreden. De hoge geluidemissie (veroorzaakt door de hoge verkeersintensiteit) van de weg leidt tot een hoge geluidbelasting op de eerstelijns nieuwbouwwoningen binnen de nieuwe woningbouwlocatie. Tevens leidt de sterke toename in verkeersintensiteiten op deze weg tot een wettelijk ontoelaatbare toename in geluidbelasting op bestaande woningen (zie paragraaf 4.1.12).
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
23/47
Geadviseerd wordt om een geluidreducerend wegdek in de vorm van tenminste een dunne deklaag type A, of een ander wegdektype met dezelfde geluidreducerende eigenschappen, toe te passen op de Middelweg. Het toepassen van een dunne deklaag type A levert 2 tot 3 dB reductie. Er dienen hogere waarden te worden verleend voor de nieuwe woningen die worden geplaatst binnen de geluidzone4 van het 60 km/uur weggedeelte, waar de resterende geluidbelasting hoger is dan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB en de maximale ontheffingswaarde niet wordt overschreden. De gemeente hanteert geen plafondwaarde. Voor de beoogde woningbouw kan dus ontheffing worden verleend tot aan de maximale ontheffingswaarde, zoals gesteld in de Wet geluidhinder, betreffende 63 dB voor nieuwe woningen langs een bestaande weg. De beoogde woningbouwlocatie kan daarom worden bestemd, waarbij de geluidcontouren worden verleend als hogere waarden tot 63 dB. Hierbij wordt uitgegaan van de plansituatie met een dunne deklaag type A op de Middelweg, zonder verdere maatregelen te treffen: verdere maatregelen aan deze weg zijn op voorhand niet vereist. In het bestemmingsplan dient als voorwaarde te worden opgenomen dat bij woningen met meer dan 53 dB aan wegverkeerslawaai van deze weg, een geluidluwe gevel moet worden gewaarborgd.
Dit kan worden gewaarborgd ofwel door in het stedenbouwkundig ontwerp voldoende geluidafscherming te verwerken, ofwel door extra bron- en/of overdrachtsmaatregelen te treffen aan de weg. Dit zal in een later stadium worden onderzocht, zodra het stedenbouwkundig ontwerp definitief is. Voor de resterende geluidbelastingen dienen hogere waarden te worden verleend. De invulling van de woningbouwlocatie is nog niet bekend. Met het vaststellen van het bestemmingsplan worden de geluidcontouren vastgesteld als hogere waarden (zie de bijlage voor de aan te vragen hogere waarden). Bij het uitwerken van een omgevingsvergunning moet aangetoond worden dat voldaan kan worden aan de criteria, die opgenomen zijn in de regels van het bestemmingsplan. Tevens is een geluidluwe zijde vereist voor iedere woning met een geluidbelasting hoger dan 53 dB. Door de eerstelijns bebouwing langs de noordoostelijke zijde eerst te ontwikkelen, zullen de achterliggende woningen een lagere geluidbelasting op de gevel hebben.
4 De Middelweg wijzigt van 60 naar 30 km/uur (zie figuur 4 op p13). Het 60 km/uur weggedeelte is
wettelijk gezoneerd; het 30 km/uur weggedeelte is niet wettelijk gezoneerd. Conform Wgh art 75 lid 2 loopt de geluidzone van het 60 km/uur weggedeelte van de Middelweg door over een afstand die gelijk is aan een derde van de zonebreedte. Binnen deze zone dienen hogere waarden te worden vastgesteld. Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
24/47
Figuur 11 Wegverkeerslawaai van de Middelweg, zonder (links) en met (rechts) het toepassen van een dunne deklaag type A.
4.1.7
Zuidelijke Dwarsweg
De Zuidelijke Dwarsweg wordt in het zuidelijke gedeelte afgewaardeerd tot een doodlopende straat en heeft daardoor in de plansituatie een lagere verkeersintensiteit ten opzichte van de huidige situatie. Het noordelijke gedeelte krijgt een snelheidsverlaging van 60 naar 30 km/uur. In figuur 12 is de geluidbelasting, veroorzaakt door de Zuidelijke Dwarsweg, weergegeven. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De woningbouwlocatie ondervindt volledig een geluidbelasting niet hoger dan 48 dB en voldoet daarmee aan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
25/47
Figuur 12 Wegverkeerslawaai van de Zuidelijke Dwarsweg, gedeelte noord (boven) en gedeelte zuid (onder).
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
26/47
4.1.8
Nieuwe buslijn binnen de woonkern
4.1.8.1
Nieuwe woningen ‘Vijfde Dorp’
In figuur 13 is de geluidbelasting, veroorzaakt door de nieuwe buslijn, weergegeven. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De woningbouwlocatie ondervindt grotendeels een geluidbelasting niet hoger dan 48 dB en voldoet daarmee aan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB, al betreft dit geen wettelijke toets vanwege de maximum snelheid van 30 km/uur. De woningbouwlocatie binnen 24 meter afstand van de hartlijn van de weg ondervindt een geluidbelasting hoger dan 48 dB. Aanvullende maatregelen voor deze weg zijn niet wettelijk verplicht.
Figuur 13
4.1.8.2
Wegverkeerslawaai van de nieuwe buslijn.
Bestaande woningen
In figuur 14 is de geluidbelasting, veroorzaakt door de nieuwe buslijn, weergegeven op de bestaande woningen. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De geluidbelasting
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
27/47
veroorzaakt door de nieuwe buslijn is lager dan 485 dB. Deze geluidbelasting wordt als acceptabel beschouwd. Aanvullende maatregelen zijn niet nodig.
Figuur 14
4.1.9
Wegverkeerslawaai nieuwe buslijn op de bestaande woningen.
Groene Slinger
4.1.9.1
Nieuwe woningen ‘Vijfde Dorp’
In figuur 15 is de geluidbelasting, veroorzaakt door de nieuw aan te leggen Groene Slinger, weergegeven. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De woningbouwlocatie ondervindt grotendeels een geluidbelasting niet hoger dan 48 dB en voldoet daarmee aan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB, al betreft dit geen wettelijke toets vanwege de maximum snelheid van 30 km/uur. De woningbouwlocatie binnen 60 meter afstand van de hartlijn van de weg ondervindt een geluidbelasting hoger dan 48 dB. Aanvullende maatregelen voor deze weg zijn niet wettelijk verplicht.
5 De nieuwe busbaan sluit aan op de Groene Slinger. Ter hoogte van de bestaande woningen aan
de Middelweg rijden de bussen over de Groene Slinger. Het wegverkeerslawaai van de op de Groene Slinger rijdende bussen, wordt beschouwd als onderdeel van de Groene Slinger (zie paragraaf 4.1.9). Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
28/47
Figuur 15
4.1.9.2
Wegverkeerslawaai van de Groene Slinger.
Bestaande woningen
In figuur 16 is de geluidbelasting, veroorzaakt door de Groene Slinger, weergegeven op de bestaande woningen. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De geluidbelasting bedraagt hoogstens 51 dB. Dit vindt plaats op de noordwestelijke gevel van de woning Middelweg 5, gelegen op korte afstand van de Groene Slinger aan de noordelijke zijde van het plangebied. Deze geluidbelasting is hoger dan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB zoals gesteld in de Wet geluidhinder, al betreft dit geen wettelijke toets vanwege de maximum snelheid van 30 km/uur. Alle overige woningen ondervinden minder dan 48 dB. Aangezien slechts één woning een door de Groen Slinger veroorzaakte geluidbelasting boven de 48 dB ondervindt, en tevens het cumulatieve wegverkeerslawaai op die woning lager wordt dankzij de afwaardering van de Middelweg, wordt de geluidbelasting van de Groene Slinger als acceptabel beschouwd. Aanvullende maatregelen voor deze weg zijn niet wettelijk verplicht.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
29/47
Figuur 16
Wegverkeerslawaai van de Groene Slinger op de bestaande woningen.
4.1.10 Nieuwe gebiedsontsluitingsweg - zuidwestelijk 4.1.10.1
Nieuwe woningen ‘Vijfde Dorp’
In figuur 17 is de geluidbelasting, veroorzaakt door de nieuwe zuidwestelijke gebiedsontsluiting, weergegeven. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De woningbouwlocatie ondervindt bijna volledig een geluidbelasting niet hoger dan 48 dB en voldoet daarmee aan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB. De woningbouwlocatie binnen 60 meter afstand van de hartlijn van de kruising met de Groene Slinger ondervindt een geluidbelasting hoger dan 48 dB, waarvan de geluidbelasting binnen 25 meter afstand van de hartlijn van de weg hoger is dan 53 dB: voor het verlenen van hogere waarden hoger dan 53 dB dient aan het gemeentelijk beleid te worden voldaan. De maximale ontheffingswaarde van 586 dB wordt binnen 10 meter afstand van de hartlijn van de kruising overschreden: realisatie van geluidgevoelige bestemmingen 6 Voor binnenstedelijke nieuwbouwwoningen naast een nieuw aan te leggen weg geldt een
maximale ontheffingswaarde van 58 dB. Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
30/47
binnen deze afstand is, zonder bron- of overdrachtsmaatregel, enkel mogelijk bij toepassing van bijzondere voorzieningen (bijvoorbeeld ‘dove gevels’). Er dienen hogere waarden te worden verleend voor de nieuwe woningen die worden geplaatst binnen de geluidzone7 van de weg, waar de resterende geluidbelasting hoger is dan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB en de maximale ontheffingswaarde niet wordt overschreden. De gemeente hanteert geen plafondwaarde. Voor de beoogde woningbouw kan dus ontheffing worden verleend tot aan de maximale ontheffingswaarde, zoals gesteld in de Wet geluidhinder, betreffende 58 dB voor nieuwe woningen langs een nieuwe weg. De beoogde woningbouwlocatie kan daarom worden bestemd, waarbij de geluidcontouren worden verleend als hogere waarden tot 58 dB, zonder maatregelen te treffen aan het kruispunt van deze weg. Maatregelen zijn op voorhand niet vereist. In het bestemmingsplan dient als voorwaarde te worden opgenomen dat bij woningen met meer dan 53 dB aan wegverkeerslawaai van deze weg, een geluidluwe gevel moet worden gewaarborgd. Dit kan worden gewaarborgd ofwel door in het stedenbouwkundig ontwerp voldoende geluidafscherming te verwerken te, ofwel door extra bron en/of overdrachtsmaatregelen te treffen. Dit zal in een later stadium worden onderzocht zodra het stedenbouwkundig ontwerp definitief is.
Voor de resterende geluidbelastingen dienen hogere waarden te worden verleend. De invulling van de woningbouwlocatie is nog niet bekend. Met het vaststellen van het bestemmingsplan, worden de geluidcontouren vastgesteld als hogere waarden (zie de bijlage voor de aan te vragen hogere waarden). Bij het uitwerken van een omgevingsvergunning moet aangetoond worden dat voldaan kan worden aan de criteria die opgenomen zijn in de regels van het bestemmingsplan. Tevens is een geluidluwe zijde vereist voor iedere woning met een geluidbelasting hoger dan 53 dB. Door de eerstelijns bebouwing langs de zuidwestelijke zijde eerst te ontwikkelen, zullen de achterliggende woningen een lagere geluidbelasting op de gevel hebben.
7 De nieuwe zuidwestelijke gebiedsontsluitingsweg heeft een uiteinde. Conform Wgh art 75 lid 3
loopt de geluidzone door over een afstand die gelijk is aan de zonebreedte. Binnen deze zone dienen hogere waarden te worden vastgesteld. Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
31/47
Figuur 17
Wegverkeerslawaai van de nieuwe zuidwestelijke gebiedsontsluitingsweg
4.1.10.2
Bestaande woningen
In figuur 18 is de geluidbelasting, veroorzaakt door de nieuwe zuidwestelijke gebiedsontsluiting, weergegeven op de maatgevende bestaande woningen. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012.
De geluidbelasting bedraagt hoogstens 53 dB, welke plaatsvindt op de woning Tweede Tochtweg 121. De woningen Tweede Tochtweg 88 en 127 ondervinden 52 dB. Voor deze drie woningen dienen hogere waarden te worden verleend. geluidgeluidgeluidgeluid Doordat de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB wordt overschreden bij meerdere woningen, dient een bronmaatregel in de vorm van een geluidreducerend wegdek van tenminste steenmastiekasfalt (SMA) type 0/5 te worden toegepast geluid op de nieuwe gebiedsontsluitingsweg. Bij het toepassen van het wegdektype SMA 0/5 wordt een geluidreductie van 1 tot 2 dB behaald ten opzichte van het referentiewegdek dicht asfaltbeton.geluid Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
32/47
De resterende geluidbelasting bedraagt 51, 52 en 50 dB op de woningen Tweede Tochtweg 88, 121 en 127 respectievelijk (zie figuur 18). Deze geluidbelastingen zijn hoger dan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB, dus dienen hiervoor hogere waarden te worden verleend. De maximale ontheffingswaarde van 63 dB wordt niet overschreden. De aan te vragen hogere waarden, na toepassen van SMA 0/5, betreffen: - Eerste Tochtweg 36: 52 dB - Eerste Tochtweg 38: 49 dB - Tweede Tochtweg 88: 51 dB - Tweede Tochtweg 121: 52 dB - Tweede Tochtweg 127: 50 dB De bronmaatregel en de hogere waarden dienen te worden opgenomen in het bestemmingsplan. geluid
Figuur 18 Wegverkeerslawaai van de nieuwe zuidwestelijke gebiedsontsluitingsweg op de bestaande woningen aan de Eerste en Tweede Tochtweg, in die situatie zonder en met toepassen van wegdektype SMA 0/5.
4.1.11 Nieuwe gebiedsontsluitingsweg – noordwestelijk 4.1.11.1
Nieuwe woningen ‘Vijfde Dorp’
In figuur 19 is de geluidbelasting, veroorzaakt door de nieuwe noordwestelijke gebiedsontsluiting, weergegeven. De resultaten zijn weergegeven, inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012. De woningbouwlocatie ondervindt grotendeels een geluidbelasting niet hoger dan 48 dB en voldoet daarmee aan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB. Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
33/47
De woningbouwlocatie binnen 80 meter afstand van de hartlijn van de weg ondervindt een geluidbelasting hoger dan 48 dB, waarvan de geluidbelasting binnen 40 meter afstand van de hartlijn van de weg hoger is dan 53 dB: voor het verlenen van hogere waarden hoger dan 53 dB dient aan het gemeentelijk beleid te worden voldaan. De maximale ontheffingswaarde van 588 dB wordt binnen 15 meter van de hartlijn van de weg overschreden. Er dienen hogere waarden te worden verleend voor de nieuwe woningen die worden geplaatst binnen de geluidzone9 van het 60 km/uur weggedeelte, waar de resterende geluidbelasting hoger is dan de hoogst toelaatbare waarde van 48 dB en de maximale ontheffingswaarde niet wordt overschreden. De gemeente hanteert geen plafondwaarde. Voor de beoogde woningbouw kan dus ontheffing worden verleend tot aan de maximale ontheffingswaarde, zoals gesteld in de Wet geluidhinder, betreffende 58 dB voor nieuwe woningen langs een nieuwe weg. De beoogde woningbouwlocatie kan daarom worden bestemd, waarbij de geluidcontouren worden verleend als hogere waarden tot 58 dB, zonder maatregelen te treffen aan deze weg. Maatregelen aan deze weg zijn op voorhand niet vereist. In het bestemmingsplan dient als voorwaarde te worden opgenomen dat bij woningen met meer dan 53 dB aan wegverkeerslawaai van deze weg, een geluidluwe gevel moet worden gewaarborgd.
Dit kan worden gewaarborgd ofwel door in het stedenbouwkundig ontwerp voldoende geluidafscherming te verwerken te, ofwel door extra bron en/of overdrachtsmaatregelen te treffen aan de weg. Dit zal in een later stadium worden onderzocht zodra het stedenbouwkundig ontwerp definitief is. Voor de resterende geluidbelastingen dienen hogere waarden te worden verleend. De invulling van de woningbouwlocatie is nog niet bekend. Met het vaststellen van het bestemmingsplan, worden de geluidcontouren vastgesteld als hogere waarden (zie de bijlage voor de aan te vragen hogere waarden). Bij het uitwerken van een omgevingsvergunning moet aangetoond worden dat voldaan kan worden aan de criteria die opgenomen zijn in de regels van het bestemmingsplan. Tevens is een geluidluwe zijde vereist voor iedere woning met een geluidbelasting hoger dan 53 dB. Realisatie van geluidgevoelige bestemmingen boven de 58 dB is, zonder bron- of overdrachts-maatregel, enkel mogelijk bij toepassing van bijzondere voorzieningen (bijvoorbeeld ‘dove gevels’). Door de eerstelijns bebouwing langs de zuidwestelijke zijde eerst te ontwikkelen, zullen de achterliggende woningen een lagere geluidbelasting op de gevel hebben.
8 De weg wordt deels bestemd als buitenstedelijke weg, maar de omliggende woningbouw wordt
bestemd als binnenstedelijke woningbouw. Voor binnenstedelijke nieuwbouwwoningen naast een nieuw aan te leggen weg geldt een maximale ontheffingswaarde van 58 dB. 9 De nieuwe noordwestelijke gebiedsontsluitingsweg wijzigt van 60 naar 30 km/uur (zie figuur 4 op p13). Het 60 km/uur weggedeelte is wettelijk gezoneerd; het 30 km/uur weggedeelte is niet wettelijk gezoneerd. Conform Wgh art 75 lid 2 loopt de geluidzone van het 60 km/uur weggedeelte door over een afstand die gelijk is aan een derde van de zonebreedte. Binnen deze zone dienen hogere waarden te worden vastgesteld. Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
34/47
Figuur 19
Wegverkeerslawaai van de nieuwe noordwestelijke gebiedsontsluitingsweg
4.1.11.2
Bestaande woningen
Er zijn geen bestaande woningen aanwezig binnen de geluidzone van de nieuwe noordwestelijke gebiedsontsluitingsweg.
4.1.12 Cumulatieve geluidbelasting van alle wegen De cumulatieve geluidbelasting, veroorzaakt door alle onderzochte wegen tezamen, is in figuur 20 weergegeven. De resultaten zijn weergegeven inclusief correctie conform artikel 3.4 uit het RMG 2012.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
35/47
Figuur 20
Cumulatieve geluidbelasting van alle wegen (inclusief correctie).
4.1.13 Indirecte hinder wegverkeerslawaai In figuur 21 zijn de wegvakken weergegeven waar indirecte geluidhinder wordt verwacht. Het betreft wegvakken van de wegen: Middelweg, N457, Parallelweg zuid (naast de rijksweg A20), Zuidelijke Dwarsweg noord, Noordelijke Dwarsweg. In tabel 7 zijn per weg de verkeersintensiteiten weergegeven in de huidige situatie en de toekomstige plansituatie, alsmede de procentuele toename in verkeer en de daaruit volgende toename in geluidemissie van het wegverkeer.
Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
36/47
Figuur 21
Wegvakken waar mogelijk indirecte geluidhinder wordt verwacht op bestaande woningen als gevolg van toename in verkeersintensiteiten
Tabel 7
Wegvakken waar mogelijk indirecte geluidhinder wordt verwacht. Per wegvak zijn de etmaalintensiteiten weergegeven in de huidige situatie en de toekomstige plansituatie, de procentuele toename, en de toename in bronemissie (dB). Etmaalintensiteit
Toename
Weg Middelweg
Huidig
Plan
%
dB
3.500
15.000
329
6
Parallelweg
2.000
3.000
50
2
Zuidelijke Dwarsweg
370
1.360
268
<6*
Noordelijke Dwarsweg
2.600
4.400
69
2
* Dit wegvak heeft een lage verkeersintensiteit. De geluidemissie is daarom niet hoog. Tevens wordt deze weg afgewaardeerd van 60 naar 30 km/uur. Ondanks de relatief sterke toename in verkeer, zal de toename in geluidemissie daarom lager zijn dan 6 dB.
De in tabel 7 genoemde wegvakken ondervinden een sterke toename in verkeers-intensiteiten welke niet grotendeels te wijten is aan autonome groei, en waar woningen nabij liggen. De toename in verkeersintensiteiten leidt tot een toename van 2 tot 6 dB in geluidemissie van het verkeer. Deze toename in geluidemissie kan mogelijk leiden tot een toename van 210 dB of meer op de bestaande woningen. 10 Ter indicatie: een toename van 2 dB is in de praktijk een duidelijk waarneembaar verschil; een
toename van 3 dB is een verdubbeling van het geluiddrukniveau. Sweco | Deelrapport geluid Projectnummer: 51007971 Datum: 14-08-2023
Versie: D0.1
Document referentie NL23-648800269-57239
37/47
Een toename groter dan 5 dB is wettelijk ontoelaatbaar. De toename in geluidemissie op de Middelweg is groter dan 5 dB, dus dienen maatregelen te worden getroffen om de geluidemissie van de Middelweg te verlagen. Hiervoor dient een bronmaatregel te worden toegepast in de vorm van stiller wegdek, te weten minstens een dunne deklaag type A of een ander wegdektype met dezelfde geluidreducerende eigenschappen. Geadviseerd wordt om een geluidreducerend wegdek in de vorm van tenminste een dunne deklaag type A, of een ander wegdektype met dezelfde geluidreducerende eigenschappen, toe te passen op de Middelweg. Het toepassen van een dunne deklaag type A levert 2 tot 3 dB reductie en zorgt ervoor dat de toename in geluid hoogstens 4 dB bedraagt, wat wettelijk niet ontoelaatbaar is. Een bronmaatregel in de vorm van een snelheidsverlaging wordt reeds in het plan opgenomen: een deel van de Middelweg krijgt een snelheidsverlaging van 60 naar 30 km/uur, om aan te sluiten op het 30 km/uur regime van de nieuwe rondweg Groene Slinger en de Bredeweg.
Voor het buitenstedelijke gedeelte van de Middelweg stuit een snelheidsverlaging op verkeerskundig bezwaar: vanwege de hoge verkeersintensiteit op de Middelweg leidt een snelheidsverlaging tot een verhinderde doorstroming van het verkeer, en tevens levert het onvoldoende geluidreductie om voor enkele bestaande woningen de geluidbelasting te reduceren tot onder de hoogst toelaatbare waarde. De voordelen van een snelheidsverlaging wegen dan niet op tegen de nadelen. Overdrachtsmaatregelen stuiten op stedenbouwkundig bezwaar: vanwege de kruispunten en de inritten bij de bestaande woningen is het niet mogelijk om ononderbroken overdrachtsmaatregelen te plaatsen, en tevens verhindert het plaatsen van een overdrachtsmaatregel het zicht op de wegen en fietspaden wat leidt tot een onveilige verkeerssituatie. Ten slotte zijn overdrachtsmaatregelen niet doelmatig: de behaalde geluidreducties zullen niet opwegen tegen de benodigde kosten. Hierom wordt geadviseerd om een geluidreducerend wegdek toe te passen op de Middelweg. In combinatie met de in het plan opgenomen gedeeltelijke snelheidsverlaging, wordt daarmee de toename in geluidemissie en de daaruit volgende indirecte geluidhinder bij bestaande woningen zo veel mogelijk beperkt tot een toename niet hoger dan 4 dB.