Bijlage 7 Effecten Cortelande op gemeentebegroting Z25.003057
Tekst van het document
Memo aan de raad
*Z25.003057*
onderwerp Effecten Cortelande op gemeentebegroting
nummer raadsstuk
datum 31/10/2025 afzender College van burgemeester en wethouders
portefeuillehouder J.W. Schuurman en D.A. de Haas
behandelend ambtenaar G.S.C. de Jong
registratienummer Z25.003057
bijlagen n.v.t.
geheim nee
Aan de raad van de gemeente Zuidplas Kernboodschap Deze memo betreft een beschouwing van de globale effecten van de ontwikkeling Cortelande op de gemeentebegroting. In vergelijking met de informatienota uit 2023 (Z23.001734) is het perspectief nader geduid en verbeterd. De ontwikkeling van Cortelande fase 1A lijkt geen onbeheersbare structurele effecten voor de gemeentebegroting met zich mee te brengen. Het totaal van de saldi van baten en lasten voor de periode 2028 tot en met 2034 geeft zelfs een potentieel positief totaal saldo van circa € 16,3 mln. Deze tijdelijke effecten geven juist ruimte om, in lijn met het advies van de extern accountant, de vermogenspositie van de gemeente Zuidplas te versterken. Het standpunt van het college is het geprognosticeerd tijdelijk begrotingsoverschot te reserveren voor incidenteel onvoorziene posten, zoals (omslag)rente, stijging van bouwkosten investeringen maatschappelijke voorzieningen, beheer en onderhoud en exogene marktomstandigheden die van invloed kunnen zijn op de ontwikkeling van Cortelande en daarmee de gemeentelijke begroting als geheel. Bij de overgang naar volgende fases zal naar verwachting ook fors geïnvesteerd worden in infrastructuur en aanvullende voorzieningen. Het advies is om in dat perspectief de tijdelijk structurele ruimte in de begroting te sparen.
Hiermee kan invulling worden gegeven aan het kader om de meerjarenbegroting van de gemeente Zuidplas als geheel structureel in evenwicht te brengen en te houden.
Inleiding Het doel van de notitie is te komen tot een globale berekening van de effecten van de ontwikkeling van Cortelande voor de gemeentebegroting vanaf 2027 en verder. De tijdelijke effecten geven juiste ruimte om de vermogenspositie van de gemeente Zuidplas te versterken. Toelichting In 2027 worden de eerste huizen opgeleverd en gaan de eerste bewoners in Cortelande wonen. De eerste extra opbrengsten uit het gemeentefonds zullen hierdoor in 2028 worden ontvangen. Ook zullen de eerste extra kosten in 2028 ontstaan.
pagina 1 van 10
onderwerp
registratienummer
memo aan de raad
Z25.003057
De (structureel) geprognosticeerde globale effecten van de ontwikkeling van Cortelande, fase 1A, voor de meerjarenbegroting zijn in onderstaande tabel opgenomen. De uitgangspunten van de cijfers van de tabel worden in de paragrafen 1 t/m 6 toegelicht. (bedragen x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
2034
1. Baten Algemene uitkering gemeentefonds en OZB Totaal baten
0
0
1.570
3.467
5.368
7.269
8.988
10.584
12.179
0
0
1.570
3.467
5.368
7.269
8.988
10.584
12.179
2. Maatschappelijke voorzieningen (rente 2,25%) 3. Beheer en onderhoud (areaaluitbreiding) 4. Overige programmakosten
0
0
-589
-998
-1.381
-1.381
-1.381
-1.381
-1.381
0
0
0
-77
-170
-264
-357
-446
-529
0
0
-619 -1.360
-2.110
-2.861
-3.572
-4.234
-4.896
5. Overige kosten bedrijfsvoering
0
0
-157
-347
-537
-727
-899
-1.058
-1.218
6. Verschil ‘out of pocket’-rente en omslagrente MV Totaal lasten
62
2.148
-512
-408
-239
81
205
316
163
62
2.148
-1.877 -3.190
-4.436
-5.151
-6.004
-6.804
-7.861
Saldo van baten en lasten
62
2.148
932
2.117
2.984
3.780
4.319
-306
277
De tabel laat de cijfers tot en met 2034 zien omdat de lasten voor maatschappelijke voorzieningen volledig en het beheer en onderhoud op dat moment voor het grootste gedeelte zijn ingerekend. Het saldo van bovenstaande reeks is in totaal circa € 16,3 mln. positief. Dit is inclusief het effect van het verschil tussen de ‘’out of pocket’’-rente op aanvullende concernfinanciering versus de rekenrente aan activa (zie paragraaf 6). Daarbij valt een incidenteel voordeel ten gunste van de algemene dienst in de jaarschrijf 2027 op. Dit effect wordt veroorzaakt door incidentele rentevoordelen als gevolg van de te verwachten vooruit te ontvangen subsidies en conform BBV toegerekende omslagrente aan de boekwaarden. Om tot constructief begrotingsbeleid te komen is het van belang om het meerjarig begrotingsbeleid in het kader van de totale ontwikkeling van Cortelande te bezien. De beoogde afspraken met het Rijk zien in aanleg niet alleen toe op de ontwikkeling van de grondexploitatie van fase 1A, maar op het perspectief van het totaal van 8.000 woningen. Het is van belang om keuzes die op dit moment worden gemaakt af te zetten tegen het totale perspectief. Op hoofdlijnen kan worden gesteld dat al deze keuzes moeten vallen binnen het totaal perspectief aan dekkingsmiddelen.
Dit zorgt ervoor dat de gemeente Zuidplas, inclusief de ontwikkeling van het dorp Cortelande, een structureel meerjarig sluitende begroting heeft. De (structureel) geprognosticeerde dekkingsmiddelen van de ontwikkeling van Cortelande als geheel voor de totale ontwikkelperiode zijn in onderstaande tabel opgenomen. (bedragen x 1.000)
2028
2034
2041
2050
€ 1.570
€ 12.179
€ 26.066
€ 37.497
€ 1.570
€ 12.179
€ 26.066
€ 37.497
Woningaantallen
308
2.550
5.873
8.000
Inwoners Cortelande
764
6.323
13.687
19.840
49.490
55.049
62.413
68.566
1. Baten Algemene uitkering gemeentefonds en OZB Totaal baten
Inwoners gemeente Zuidplas incl. groei
De uitgangspunten van de cijfers van de tabel worden in de paragrafen toegelicht. pagina 2 van 10
onderwerp
registratienummer
memo aan de raad
Z25.003057
Binnen dit voorzien kader aan dekkingsmiddelen dient het dorp te worden toegevoegd aan de gemeente. Op dit moment kan dit vooralsnog alleen als kader worden meegegeven. De invulling van de fasen volgend op fase 1A zijn van invloed op de mate waarin de beoogde sluitende meerjarenbegroting kan worden gerealiseerd. De door de gemeente te maken keuzes zijn hierop uiteraard van invloed. In beginsel verwerkt de gemeente Zuidplas de effecten van groei via de methodiekt+1. In het geval van de omvangrijke groei met de ontwikkeling van Cortelande wordt, vanuit het principe onszelf niet arm maar ook niet rijk te rekenen, bekeken of het meerjarig in de begroting te verwerken van de groei een oplossing is. Hierdoor kan beter worden geanticipeerd op de toenemende beheerkosten, ontwikkelingen van het sociaal domein en de hiervoor benodigde organisatie. De ontwikkeling vraagt de gemeente om besluiten te nemen, met name ten aanzien van investeringen. Hierdoor zullen de kapitaallasten hiervan worden opgenomen in de meerjarenbegroting. Met toepassing van het huidige groeimechanisme zullen de hiervoor benodigde inkomsten nog niet meerjarig zijn opgenomen. Dit leidt tot een onevenwichtig begrotingsbeleid. Dat terwijl de veroorzaker van benodigde investeringen, de grondexploitatie Cortelande, meerjarig is geraamd.
Om die reden stelt het college voor om bij de Zomernota 2026 de begroting ook voor de baten meerjarig te wijzigen. De verwachte tijdelijk positieve effecten worden vanwege het voorzichtigheidsprincipe en een toekomstbestendig begrotingsbeleid in een te vormen bestemmingsreserve Groei van Zuidplas gespaard. Deze voorgestelde ‘spaarvariant’ is voornamelijk van belang vanwege de verwachte uiteindelijke sluitende meerjarenbegroting van de gemeente Zuidplas als geheel, inclusief Cortelande. Voorgestelde methodiek bevordert de consistentie, namelijk zowel de grondexploitatie, investeringslasten en de inkomsten worden meerjarig geraamd. Dit vraagt de gemeenteraad om flexibiliteit en wendbaarheid te creëren, mocht de ontwikkeling vertragen. Het is van belang in continuïteit het totaal perspectief van het Financieel kader, inclusief de begroting effecten te betrekken bij besluitvorming. Daarnaast geeft de voorgestelde ’spaarvariant’ invulling aan het door de gemeenteraad vastgestelde amendement dat ‘het middengebied niet ten koste van andere dorpen’ gaat. Belangrijke uitgangspunten De berekening heeft een aantal belangrijke uitgangspunten die bepalend zijn voor de getoonde uitkomsten.
Keuzes die de gemeente Zuidplas hierin maakt kunnen zijn van invloed op de mate waarin de meerjarenbegroting van de gemeente Zuidplas, inclusief het nieuwe dorp Cortelande, sluitend wordt: • Het ingerekende aantal inwoners per woning van 2,48 inwoners per woning is in lijn met de huidige gemiddelde voor de gemeente Zuidplas. Dit is nagenoeg vergelijkbaar met eerdere informatienota (Z23.001734) waarin is gerekend met 2,45 inwoners per woning; • Voor de integrale kosten voor bedrijfsvoering is hetzelfde opslagpercentage opgenomen zoals uit de begroting 2025 blijkt voor heel Zuidplas, namelijk 10% van de algemene dekkingsmiddelen; • Een nog preciezere doorrekening voor vervanging, beheer en onderhoud van de areaaluitbreiding is pas mogelijk na een detaillistische uitwerking van de ontwikkeling; • Wmo is vertraagd ingerekend; de gemiddelde leeftijd zal naar verwachting in aanvang lager zijn dan in de rest van Zuidplas. Uit landelijke statistieken is gebleken dat 55+ers relatief weinig huizen kopen en daarmee naar verwachting minder dan gemiddeld naar Cortelande zullen verhuizen. • Jeugd is in lijn met de huidige lastenraming per inwoner ingerekend; in een nieuwe wijk wonen vaak relatief veel kinderen, die afhankelijk van het woningbouwprogramma de weg naar jeugdzorg soms ook goed weten te vinden. In Cortelande is dit eveneens de verwachting. pagina 3 van 10
onderwerp
registratienummer
memo aan de raad
Z25.003057
Deze bevindingen zijn verwerkt in de berekeningen. Hieronder volgt een toelichting op bovenstaande tabel en de gehanteerde uitgangspunten. 1. Baten Algemene uitkering gemeentefonds en OZB Voor de berekening van de baten Algemene uitkering gemeentefonds en OZB is van het volgende uitgegaan: • Het aantal woningen in fase 1A bedraagt 2.550; • Om de beoogde woningbouwaantallen te realiseren wordt in de komende jaren gestart met de ontwikkeling van fase 1B om zodoende perspectief te houden op de aantallen uit de subsidieaanvraag; • Het aantal inwoners per woning bedraagt 2,48 overeenkomstig het gemiddelde van de gemeente per 1 januari 2025; • De realisatie van de woningen is 308 in 2027 oplopend tot 330 in 2033 en nog eens in totaal 112 woningen na 2033; • In het jaar van de realisatie van de woningen zijn deze woningen volledig bewoond (peildatum voor Algemene uitkering is 1 januari). De groei loopt van circa € 1,57 mln. in 2028, € 12,1 mln. in 2034 naar circa € 12,7 mln. (per jaar) in 2040 en verder. Hierbij is rekening gehouden met de ingeschatte effecten van de herijking van het gemeentefonds conform Zomernota 2025. Alle overige baten zijn in de berekening buiten beschouwing gelaten. Dit betreft bijvoorbeeld de ‘’gesloten’’ systemen (afval, riolering en begraafplaatsen) en bouwleges.
De reden hiervan is dat de tarieven maximaal kostendekkend en dus structureel gezien budgettair neutraal zijn. Andere baten, zoals bijvoorbeeld paspoorten, zijn marginaal en ook buiten beschouwing gelaten. 2. Maatschappelijke voorzieningen In onderstaande tabel staan de investeringen en bijhorende exploitatielasten voor de gemeentebegroting opgesomd. In de volgende paragrafen volgt een toelichting. In lijn met de Nota van uitgangspunten is in fase 1A de realisatie van 3schoolgebouwen, 3 kinderopvanglocaties, 1 gymzaal, en 1 in omvang beperkt Kulturhus ingerekend. De investeringsbedragen zijn de geschatte bouwkosten met prijspeil 1 augustus 2025 inclusief een opslag voor projectbegeleiding en onvoorzien en de vergoeding voor grondkosten aan de grondexploitatie. Investering (bedragen x € 1.000)
2027
2028
2029
Totaal
2.1 Primair onderwijs
9.449
9.449
9.449
28.347
2.2 Kinderopvang
1.667
1.667
1.667
5.000
2.3 Buitenterreinen
-
-
-
0
2.4 Gymzaal
567
567
567
1.700
2.5 Kulturhus
700
700
Totaal
12.382
12.382
1.400 11.682
36.447
Lasten begroting (bedragen x € 1.000)
2028
2029
2030
2031
2032
2033
2.1 Primair onderwijs
361
721
1.082
1.082
1.082
1.082
2.2 Kinderopvang*
-
-
-
-
-
-
2.3 Buitenterreinen
-
-
-
-
-
pagina 4 van 10
onderwerp
registratienummer
memo aan de raad
Z25.003057
2.4 Gymzaal
72
93
115
115
115
115
2.5 Kulturhus**
157
183
183
183
183
183
Totaal
589
998
1.381
1.381
1.381
1.381
*Vanwege kostendekkende huur budgettair neutraal **Kapitaallasten, exploitatielasten, exploitatiesubsidie.
Grondkosten maatschappelijke voorzieningen Voor alle maatschappelijke voorzieningen (bebouwd en onbebouwd) is normatief gerekend met een grondprijs van € 198 per m2 bvo zoals benoemd staat in de grondprijzenbrief. Conform BBV is voor interne leveringen vanuit de grondexploitatie een vervaardigingsprijs van toepassing wat leidt tot een hogere grondprijs. De kostprijsbenadering moet nog worden bepaald en is om die reden nog niet meegenomen in de huidige berekeningen. Vanwege de afhankelijkheid van de snelheid en vorm waarmee de maatschappelijke voorzieningen worden gerealiseerd is voorlopig uitgegaan van een start bouw in 2027, 2028 en 2029 waardoor de lasten geleidelijk vanaf 2028 in een periode van 3 jaar worden gerealiseerd. 2.1 Primair onderwijs Conform het IHP zijn alleen de wettelijke normen in de berekeningen opgenomen. De opslag voor de gewenste kwaliteitsambities, zoals duurzaamheid, gezondheid, onderwijskwaliteit en flexibiliteit zijn ook meegerekend. Voor de investeringen in het basisonderwijs is het uitgangspunt dat er maximaal flexibel ingezet gaat worden door een verplaatsbare school. Het verplaatsen van deze school maakt het mogelijke leegstand en niet sluitende begroting te voorkomen, tegelijkertijd kan hiermee flexibiliteit worden gecreëerd om een piek en mogelijk tekort aan plekken op te vangen.
Het voorstel hiertoe wordt nader uitgewerkt en naar verwachting in de Zomernota 2026 aan gemeenteraad te besluitvorming aangeboden. Bij 2,48 inwoners per woning is een norm van 0,5 leerlingen per woning gehanteerd. Bij 2.550 woningen betekent dit 1.275 leerlingen. In de berekening is rekening gehouden met 3 schoolgebouwen voor ieder 330 leerlingen waarvan in de basis minimaal 2 scholen per schoolgebouw. Op basis hiervan kan in de periode tot 2030 aan de behoefte worden voldaan. De tussenliggende periode kan worden gebruikt om tot een definitieve invulling te komen. De tijdelijke school kan een oplossing zijn en zorgt ervoor dat de bouw van de permanente schoolgebouwe een aantal jaar naar achter geschoven kunnen worden. 2.2 Kinderopvang Uitgangspunt is dat de kapitaal- en exploitatielasten aan een commerciële partij via kostendekkende huur worden doorberekend. 2.4 Gymzaal In fase 1A is rekening gehouden met de realisatie van een gymzaal voor een bedrag van € 1,7 mln. 2.5 Kulturhus Het Kulturhus met een investeringsbedrag van € 5,6 mln. is bedoeld voor 8.000 woningen. Fase 1A gaat echter uit van 2.550 woningen. In de berekening is met het scenario gerekend dat een investering voor het Kulturhus voor een kwart is opgenomen, te weten voor een investeringsbedrag van € 1,4 mln.. Dit omdat de gemeente bij een juiste timing niet bouwt voor leegstand.
Dit resulteert in lagere kapitaallasten vanaf het moment van ingebruikname. De kapitaallasten, exploitatiesubsidie aan het pagina 5 van 10
onderwerp
registratienummer
memo aan de raad
Z25.003057
Kulturhus en exploitatielasten (eigen beheer) bedragen circa € 183K per jaar. Voor de exploitatiesubsidie/-lasten zijn in beginsel € 130K per jaar. Een alternatief scenario is dat direct een volwaardig Kulturhus wordt gerealiseerd. De mogelijke beschikbare vrije ruimte kan dan tijdelijk met andere functies worden gevuld. Daarbij zal de focus moeten liggen op budgetneutraliteit zodat tegenover hogere kosten ook dekking ontstaat. Dit scenario is risicovoller voor leegstand dan te starten met een beperkter Kulturhus. 3. Onderhoud en beheer (areaaluitbreiding) Het eerste jaar na oplevering van het deelgebied zijn alle onderhoud- en beheerkosten onderdeel van de grondexploitatie. Het onderhoudsniveau is net als voor geheel Zuidplas ingerekend voor gemiddeld C. Ook het stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan zijn nog onvoldoende uitgewerkt om de kosten voldoende concreet in te kunnen rekenen. Daarom zijn de bestaande kengetallen als uitgangspunt genomen. Het moment waarop de gemeentelijke lasten ontstaan is afhankelijk van de te maken afspraken met ontwikkelaars. Afhankelijk van het moment van opleveren zullen voor de gemeente lasten ontstaan. Hierbij moet rekening worden gehouden met de ontwikkelingen rondom het op te leveren areaal, met name vanwege potentiële risico’s (o.a. schades) en de hieraan gerelateerde verantwoordelijkheden.
Vervangingskosten zijn op dit moment nog niet de meerjarenraming tot en met 2034 meegenomen aangezien deze buiten de begrotingsperiode vallen. Deze moeten worden meegenomen in de groot onderhouds- en vervangingsplannen. Afhankelijk van het soort asset zal dit zich voordoen in een periode tussen de 10 en 60 jaar vanaf het moment van ingebruikname. In de huidige berekeningen wordt uitgegaan van een periode van 1 jaar na oplevering van de woningen. 4. Overige programmakosten De basis voor de berekening is de vastgestelde begroting 2026. Een aantal budgetten stijgt procentueel mee met de stijging van het aantal inwoners. Een aantal budgetten kent een trapsgewijze stijging. In de berekening is rekening gehouden met een stijging van de budgetten voor Jeugd. Er is ook rekening gehouden met de extra inwonersbijdragen aan verbonden partijen (zoals Stichting ZO!) die oploopt tot in totaal circa € 3 mln. per jaar. De extra bredere zorgvraag als gevolg van nieuwbouw ingerekend bovenop de getalsmatige groei van de doelgroep is op dit moment nog onvoldoende goed in te schatten. De Jeugd is daarmee, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Wmo, op basis van de verhouding van inwoneraantallen ingerekend. Naarmate mensen ouder worden, neemt de bereidheid om te verhuizen steeds meer af, maar bij de groep van 55 tot 65 jaar is die bereidheid er nog wel (CBS, 2022).
Om die reden is een gelijkmatige toename opgenomen. Voor Wmo geldt dat het nog onvoldoende concreet is te becijferen in welke mate zorg in Cortelande zal ontstaan. De verwachting is wel dat bij gelijkblijvend beleid de uiteindelijke situatie voor de gemeente inclusief Cortelande een geleidelijke toename te verwachten is. Jeugdhulp is een significante last in de gemeentebegroting en om die reden wel betrokken. Hiermee is een groot gedeelte van eventuele lastenontwikkeling in scope van de globale analyse van de meerjarenbegroting. Voorgesteld wordt om actuelere ontwikkelingen en opgaven (zoals Wmo) te dekken vanuit de te vormen bestemmingsreserve Groei van Zuidplas, waarbij een sluitende meerjarenbegroting inclusief Cortelande het kader betreft. Voor de doelgroep zelfstandige 75-plussers is wonen in Cortelande de eerste jaren minder interessant. Deze doelgroep maakt doorgaans in grote mate gebruik van eerstelijnsgezondheidszorg, intensieve thuiszorg en heeft behoefte aan winkels die nabij zijn. Het gemis aan voorzieningen in de directe pagina 6 van 10
onderwerp
registratienummer
memo aan de raad
Z25.003057
omgeving weegt te zwaar. Daarom ligt voor Cortelande de gemiddelde leeftijd (en zeker het aandeel 75+) zeker de eerste 10 à 15 jaar naar verwachting lager dan de rest van Zuidplas. Dat maakt dat in die periode naar verwachting minder beroep wordt gedaan op een deel van de Wmo voorzieningen. Op lange termijn zal dit meer gelijke tred gaan houden met de rest van Zuidplas.
5. Kosten bedrijfsvoering Naast de berekeningen wat de verschillende inspanningen kosten moet er ook een inschatting gemaakt worden welke bedrijfsvoering kosten hierbij horen. Hiervoor is er naar de Jaarstukken 2024 gekeken wat de werkelijke kosten voor bedrijfsvoering over 2024 zijn geweest in verhouding tot de totale lasten van de gemeente over het jaar 2024. Dat geeft een indicatief beeld met welke kosten we te maken krijgen op basis van de huidige begroting. De werkelijke kosten voor bedrijfsvoering over 2024 betroffen €18 mln. op een totale begroting van €174,1 mln., oftewel 10,3%. In de begroting 2026 wordt uitgegaan van 7,5% kosten voor bedrijfsvoering ten opzichte van de totale lastenraming. Dat betekent dat bij de geraamde kosten een opslag van 10% volgt om de bedrijfsvoering te bekostigen. Overige specifiek aan beleidsthema’s gekoppelde bedrijfsvoeringkosten (personele inzet etc.) maken onderdeel uit van de reguliere begrotingsprogramma’s zoals Jeugd, Wmo etc. en vallen niet in deze berekening. Als voorbeeld: als het Kulturhus voor de volledige investering ingerekend wordt, dan stijgen de lasten voor de begroting met circa € 210K per jaar. Voor de bedrijfsvoering leidt dit dan tot een extra last van circa € 21K per jaar. In de berekeningen wordt uitgegaan van de uiteindelijke sluitende begroting van de gemeente Zuidplas inclusief Cortelande.
Dat betekent dat een deel (10%) van de algemene dekkingsmiddelen wordt ingezet ter dekking van de bedrijfsvoering en bijbehorende kosten. Hierdoor staat de gemeente als organisatie gesteld voor de benodigde dienstverlening als gevolg van de groei. 6.
Verschil ‘’out of pocket’’-rente versus omslagrente maatschappelijke voorzieningen
In deze paragraaf wordt het gevolg van het besluit om concernfinanciering toe te passen nader geduid. Bij concernfinanciering is het grote voordeel de mate van flexibiliteit en vereenvoudigde administratieve verwerking. Het effect kan daarentegen zijn dat bij hogere rentetarieven de overige begrotingsprogramma’s hierdoor worden aangeslagen. In deze notitie leidt het echter tot een incidenteel voordeel. Financiering Voor de grondexploitatie en de maatschappelijke voorzieningen in Cortelande is uitgegaan van concernfinanciering vanwege de flexibiliteit bij het aantrekken van leningen voor het totale concern. Daarnaast maakt Cortelande straks integraal onderdeel uit van de gemeente Zuidplas als geheel. Projectfinanciering vraagt maatwerk en een meer dan redelijk betrouwbare inschatting van de geldstromen en leidt tot financiële afzondering van een te ontwikkelen dorp dat onderdeel uitmaakt van de gemeente als geheel. ‘’Out of pocket’’- rente en omslagrente Op basis van de benodigde financiering en in samenhang met de totale leningenportefeuille is gerekend met een (‘’out of pocket’’) rentelast van 3,1%. Daarbij is rekening gehouden met de marktrentetarieven van 2,9% zoals ten tijde van de Zomernota 2025 gepresenteerd. Op dit moment is de actuele marktrente circa 3,1%. Voorzichtigheidshalve wordt in dit kader gerekend met 3,1%. pagina 7 van 10
onderwerp
registratienummer
memo aan de raad
Z25.003057
Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor welke rentepercentages toegerekend moeten aan grondexploitaties en aan de taakvelden van de gemeentebegroting. Die berekening geeft een rekenrente voor de grondexploitaties van 2,25% op basis van de verwachte omslagrente in de gemeentebegroting. De ‘’out of pocket’’-rente voor de aan te trekken leningen bedraagt 3,1%. Hiervan is via de grondexploitatie en maatschappelijke voorzieningen via de omslagrente 2,25% ingerekend. Dit betekent dat de gemeentebegroting via de taakvelden, via het niet toe te rekenen gedeelte aan werkelijke rentelasten aan de boekwaarde van de investeringen per 1 januari, nog met 0,85% wordt belast. Een deel van die rente zal via die verdeling aan de ‘’gesloten systemen’’ (afval, riolering en begraafplaatsen) worden doorberekend en via de tarieven aan de batenkant worden gecompenseerd. Het percentage, namelijk de verhouding van de rentetoerekening aan de gesloten systemen ten opzichte van de totale rentetoerekening aan de taakvelden, is niet meegenomen in de berekeningen. 7. Ontwikkeling gemeente Zuidplas als geheel, inclusief overige fasen De totale gebiedsontwikkeling van Cortelande maakt de realisatie van 8.000 woningen mogelijk. Hierdoor groeit het inwoneraantal van de gemeente Zuidplas als geheel tot circa 68.500 inwoners.
Afhankelijk van de onderliggende verdeelmaatstaven van het Rijk stijgt de uitkering vanuit het gemeentefonds hiermee naar verwachting met maximaal € 35 mln. per jaar. Voorlopig uitgangspunt is dat de gemeentelijke lasten na rato van de groei gebaseerd op de huidige inkomsten van € 1.808,- per inwoner stijgen. Dat vraagt wel om een (financieel) deugdelijke methodiek die invulling geeft aan het beheersen hiervan. In het begrotingsjaar 2026 wordt door de gemeente Zuidplas per saldo € 1.805,- per inwoner uitgegeven. Hiervan zullen niet alle programmalasten zich in het eerste jaar van realisatie van Cortelande voordoen. Uiteindelijk betekent het wel dat de toekomstige lasten in relatie tot Cortelande gelijke tred moeten gaan houden met de verwachte inkomsten, oftewel de lasten mogen jaarlijks niet met meer dan circa € 35 tot € 40 mln. toenemen. Overige uitgangspunten • Canon energielandschap: uitgangspunt is dat de jaarlijkse kapitaallasten gelijk zijn aan de jaarlijkse canonopbrengsten. • Geen extra infrastructuur, geen grondaankopen in Fase 1A ten laste van de gemeentebalans. • Bekostiging van de Warmte en Koude oplossingen, zoals bijvoorbeeld een (voor)investering, garant-/borgstelling of aandelen i.c.m. werkkapitaal is in deze uitwerking nog niet betrokken. 8. Gevoeligheidsanalyse, kansen en risico’s Er zijn verschillende scenario’s mogelijk.
Te maken keuzes kunnen leiden tot structureel financiële effecten. Deze effecten zullen in de totale gemeentebegroting geabsorbeerd moet worden. De uitgangspunten van verschillende scenario’s kunnen uiteraard ook anders gekozen worden. Ook de mogelijkheid kan zich voordoen dat er naast kostenverschillen ook opbrengsten worden gegenereerd die de totale effecten op de begroting kunnen beïnvloeden. Ook zijn bij voorzieningen koppelkansen niet uitgesloten. Effecten van te maken inhoudelijke keuzes, werkelijke inwoneraantallen, temporisering en (macro-) economische ontwikkeling zullen binnen redelijke marges liggen. Beoogde sluitende meerjarenbegroting, inclusief Cortelande, is hiervoor kaderstellend. 9.
Conclusies en aanbevelingen pagina 8 van 10
onderwerp
registratienummer
memo aan de raad
Z25.003057
Fase 1A lijkt geen onbeheersbare structurele effecten voor de gemeentebegroting met zich mee te brengen. De tijdelijke effecten geven ruimte om de vermogenspositie van de gemeente Zuidplas te versterken. De tabel op bladzijde 1 geeft op basis van de diverse benoemde uitgangspunten de (structureel) geprognosticeerde effecten vanaf 2034 weer. De baten en lasten zijn vanaf 2034 nog niet in evenwicht. Dit wordt veroorzaakt doordat een deel van de gemeentelijke lasten nog niet landen in de exploitatie van het betreffende begrotingjaar 2034. Als er andere keuzes worden gemaakt dan kan deze ruimte in de begroting worden ingevuld. Het totaal van de saldi van baten en lasten voor de periode 2028 tot en met 2034 geeft een positief totaal saldo van circa € 16,3 mln. Het advies is het geprognosticeerd tijdelijk begrotingsoverschot te reserveren voor onvoorziene posten, zoals (omslag)rente, stijging van bouwkosten investeringen maatschappelijke voorzieningen, beheer en onderhoud en exogene marktomstandigheden die van invloed kunnen zijn op de ontwikkeling van Cortelande en daarmee de gemeentelijke begroting als geheel. Bij de overgang naar volgende fases moet naar verwachting alsnog fors geïnvesteerd worden in infrastructuur en aanvullende voorzieningen.
Het advies is om structurele ruimte in de begroting op te nemen voor kapitaallasten en exploitatielasten als gevolg van de volgende fasen (‘’sparen’’). Hiermee kan invulling worden gegeven aan het kader om de meerjarenbegroting van de gemeente Zuidplas als geheel in evenwicht te brengen en te houden. Consequenties De financiële consequenties zijn verwoord in de toelichting hierboven. Vervolg De structurele effecten zoals verwoord in deze notitie worden op basis van voorgenomen investeringsbesluiten en onderliggende ramingen nader uitgewerkt en bij de Zomernota 2026 ter besluitvorming aan de gemeenteraad voorgelegd. Inclusie Het Masterplan Middengebied Zuidplaspolder (2021) schetst de kaders voor de ontwikkeling van het Vijfde Dorp, twee bedrijventerreinen en een nieuw dorp Cortelande. Er wordt gestreefd naar een inclusieve samenleving, onder meer door het realiseren van een gemengd woningbouwprogramma en een divers aanbod van voorzieningen. Bijlagen Niet van toepassing. Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zuidplas,
J.F. Weber Burgemeester
M. Burgmans Gemeentesecretaris
pagina 9 van 10
onderwerp
registratienummer
memo aan de raad
Z25.003057
pagina 10 van 10