CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Overzicht wijzigingen Verordening inspraak en participatie t.o.v. 2023 Z25.002109

Gemeenteraad 13 januari 2026, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv Actualisatie Kader participatie en Verordening participatie en inspraak720 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Wijzigingen Verordening Inspraak en Participatie Zuidplas Onderstaand document bevat een overzicht van het voorstel voor inhoudelijke wijzigingen in de Verordening inspraak en participatie gemeente Zuidplas ten opzichte van de huidige versie uit 2023. Per artikel worden de veranderingen weergegeven in de vorm 'Was' → 'Wordt'. Daarna volgt een uitgebreide toelichting op enkele belangrijke artikelen. Overzicht wijzigingen per artikel Was Intitulé

Paragraaf 1 Algemene bepalingen: Artikel 1 bevat definities uit de verordening 2023.

Paragraaf 2 Participatie: Artikel 3.m lid 5 De initiatiefnemer dient de participatie, zoals aangegeven in lid vier, te organiseren zoals beschreven in de Handreiking participatie bij ruimtelijke initiatieven en het Kader participatie en is daarvoor verantwoordelijk. Artikel 4 bevat inhoud die expliciet gaat over participatie bij gemeentelijk beleid en initiatieven zonder dit expliciet te benoemen. Artikel 4.2 geeft een werkproces aan waarbij voorwaarden worden vastgelegd in een specifieke participatienota.

Wordt Intitulé Op advies van JZ zijn de volgende artikelen toegevoegd: 3.1, 2.4 en 3.4 van de Omgevingswet en de artikelen 10.7, 10.2 en 10.8 van het Omgevingsbesluit.

Artikel 1 is geactualiseerd met uitgebreidere definities van beleidsvoornemen. Deze is aangevuld met project, programma of plan van de gemeente om een bepaald doel te realiseren. Daarnaast is de definitie van beleid toegevoegd: Beleid= plan of reeks regels die worden opgesteld om bepaalde doelen te bereiken of problemen op te lossen.

Artikel 3, lid 5 is ingekort tot: De initiatiefnemer is zelf verantwoordelijk voor de participatie. Artikel 4 benoemt explicieter dat het in dit artikel gaat over participatie bij gemeentelijk beleid en initiatieven. Artikel 4.2 stelt een werkproces voor waarbij puur de strategische voorwaarden (kaders) voor participatie al eerder in het werkproces worden bepaald en vastgelegd (nl. in startdocument van een opgave, plan, beleid of programma). Het gaat hier om de strategische kaders: doel, doelgroep, ruimte, invloed en rol. Deze strategische kaders worden verder uitgewerkt in een participatieplan waarbij het proces zoals beschreven in het

geactualiseerde kader participatie leidend is. In de algemene toelichting worden de uitgangspunten beschreven voor het participatieplan. Hiermee ondervangen we het gewijzigde bij artikel 4.2. Artikel 5 Eindverslag Lid 2a: weergave van de inbreng van degenen die hebben deelgenomen aan de participatieprocedure;

Artikel 5 bevat voorstel voor enkele nuanceringen over het eindverslag. Lid 2 a: op hoofdlijnen een weergave van

Lid 3 en 4:

de inbreng van degenen die hebben deelgenomen aan de participatieprocedure;

3. Het bestuursorgaan geeft een inhoudelijke reactie op de geleverde inbreng. 4. Voor zover de geleverde inbreng niet wordt gevolgd, geeft het bestuursorgaan of de initiatiefnemer de redenen daarvoor aan. Paragraaf 3 Artikel 7 gaat over inspraak ruimtelijke plannen; hierin wordt nog gesproken over bestemmingsplan Paragraaf 4 Omgevingswet

Lid 3 en 4 wordt samengevat tot lid 3: Het bestuursorgaan geeft een reactie op de inbreng, en geeft daarbij aan welke punten al dan niet worden overgenomen en waarom wel/niet.

Artikel 7 bestemmingsplan is vervangen door: omgevingsplan of buitenplanse omgevingsplan activiteit Paragraaf 4 Omgevingswet

Artikel 9 bevatte basisregels over participatie onder de Omgevingswet. Lid 3 De initiatiefnemer dient de participatie, zoals aangegeven in lid vier, te organiseren zoals beschreven in de Handreiking participatie bij ruimtelijke initiatieven en het Kader participatie en is daarvoor verantwoordelijk.

Artikel 9, lid 3 is ingekort tot: De initiatiefnemer is zelf verantwoordelijk voor de participatie. (zie ook paragraaf 2, art. 3, lid 5

Paragraaf 5 Slotbepalingen

Paragraaf 5 Slotbepalingen Aangepast aan actualiteit

Toelichting op specifieke artikelen Paragraaf 2 – Artikel 4: Participatieprocedure bij gemeentelijk beleid en gemeentelijke initiatieven Dit artikel is aangescherpt om de participatieprocedures in de ambtelijke organisatie werkbaarder te maken. Het bestuursorgaan moet bij aanvang van een traject puur de strategische kaders bepalen en deze worden op een hoger niveau al beschreven (nl. in het 'startdocument' van opgaven en beleid. De uitvoering vloeit voort uit de strategische

kaders die in het startdocument worden beschreven. De uitvoering vraagt in de praktijk om meer flexibiliteit. Die wordt hiermee mogelijk puur voor de uitvoering. Paragraaf 2 – Artikel 6: Eindverslag participatieprocedure Artikel 6 verplicht tot het opstellen van een geanonimiseerd eindverslag door het bestuursorgaan of initiatiefnemer. Dit verslag bevat de gevolgde procedure, samenvatting van inbreng, en de uitkomsten. De eerdere beschrijving van het artikel riep vragen op vandaar dat dit artikel nu is verhelderd en aangeeft dat het om een verslag op hoofdlijnen gaat. Niet iedere individuele reactie is hierin terug te vinden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16270674/1