Bijlage 4 Overzicht van de zienswijzen gemeenteraden Z24.001718
Tekst van het document
Bijlage 1: Weging zienswijzen Ontwerp Gemeenschappelijke Regeling Jeugd Wmo Midden-Holland Nr.
1
2
Gemeente
Bodegraven-Reeuwijk
Bodegraven-Reeuwijk
Zienswijze Aan artikel 15, zevende lid, toevoegen, eventueel als ‘7a’: ‘De actieve informatieplicht omvat ook het aan de raden sturen van de agenda’s en verslagen van de vergaderingen van het algemeen bestuur.’ Met als onderbouwing: op deze manier zijn de raden laagdrempelig op de hoogte van wat er gaat gebeuren en is gebeurd in het algemeen bestuur. Het geeft raden ook de mogelijkheid om formeel of informeel een opdracht of specifieke inbreng mee te geven aan de verantwoordelijk wethouder(s). Daarnaast zorgt het ervoor dat je als raadslid niet nóg een website in de gaten hoeft te houden.
Beantwoording
Wij willen uw verzoek in het vervolgproces verder handen en voeten geven. Ons uitgangspunt is dat wij u als raden zo goed mogelijk willen betrekken en informeren, zonder u te overladen met overbodige informatie. Wij gaan de informatiestromen nog verder in kaart brengen. Uw wens zullen we daarin expliciet meenemen.
In artikel 17, derde lid onder h staat dat er een zienswijze wordt gevraagd als de GR wil besluiten tot ‘de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen’.
Wij hebben uitgebreid over de huisvesting van de nieuwe gemeenschappelijke regeling gesproken. Op basis van onze gesprekken kiezen wij ervoor om vooralsnog gehuisvest te blijven in het Huis van de Stad. Aankoop van onroerende goed is nu dan ook niet aan de orde.
Hier kan aan worden toegevoegd dat dit ook geldt voor de ‘aan- en verkoop van onroerende zaken’ (d) en eventueel ‘besluiten over huisvesting van personeel en de vestigingsplaats van het openbaar lichaam’ (e). De tekst van artikel 17, derde lid onder h zou dan worden: ‘voordat besluiten als bedoeld in het derde lid onder d, e en g worden genomen, wordt aan de gemeenteraden een ontwerpbesluit
Verhuizing is momenteel, samen met de vorming en het inkoopproces, niet realistisch. In 2026 starten wij een onderzoek naar de toekomstige huisvesting van de GR JW. Dat kan ertoe leiden dat een andere locatie voor de huisvesting wordt gekozen. Over de uitkomsten van het onderzoek worden de gemeenteraden vanzelfsprekend geïnformeerd.
Pagina 1 van 8
3
Bodegraven-Reeuwijk
toegezonden en worden zij in de gelegenheid gesteld hun zienswijzen bij het algemeen bestuur in te brengen.’ De aan- en verkoop van onroerend goed kan een enorm risico voor deelnemende gemeenten opleveren. Dan is een zienswijzeprocedure niet vreemd. Huisvesting en vestigingsplaats hebben een impact op de GR als geheel, maar ook op de werkgelegenheid in een gemeente. Daarom kan dat ook een punt zijn om zienswijzen op te verplichten.
Wij zijn ons er bewust van dat huisvesting een gevoelig punt in de regio is. De keuze voor huisvesting willen wij straks zo geobjectiveerd mogelijk doen. Wij willen daarbij voorkomen dat de huisvesting een politieke keuze wordt. Het betreft in onze ogen namelijk een bestuurlijke kwestie.
Artikel 27 wijzigen in: 1. Het algemeen bestuur kan advies vragen aan de adviesraden sociaal domein van de deelnemers. 2. Taak, bevoegdheid en werkwijze voor de advisering wordt in goed overleg met de lokale adviesraden opgesteld en geregeld in een nader door het algemeen bestuur te nemen besluit.
Ons streven is om de adviesraden een goede positie te geven. Daarvoor zijn we ook al met de vijf lokale adviesraden in overleg. Wij willen uw opmerking echter niet overnemen. Hieronder lichten wij dat kort toe.
Het huidige artikel suggereert een regionale adviesraad naast de lokale adviesraden. Temeer dat de samenstelling in lid 2 besloten wordt door het AB. De verbinding met de lokale adviesraden sociaal domein is noodzakelijk omdat regionale kaderstelling lokaal uitgevoerd moet worden. De samenstelling van de regionale raad regelen we niet expliciet,
Wij onderkennen dat er risico’s kleven aan de aanschaf van onroerende goederen. Wij zien ook wij als overheid bij aanschaf van onroerend ook zeer kwetsbaar zijn. Openbaarheid (in de vorm van zienswijze) kan leiden tot het verstoren van de markt (en hogere prijzen voor de overheid betekenen). Dit vraagt vooraf om zorgvuldig handelen van bestuurders en transparantie achteraf. Vandaar dat wij ervoor gekozen hebben om dit onderwerp niet voor een zienswijze in de regeling op te nemen.
In de ontwerpregeling is bewust gekozen om een ‘kan-bepaling’ op te nemen, waarmee het Algemeen Bestuur besluit over de inrichting van de adviesraad. Voor beleidstukken die door de gemeenteraden worden vastgesteld, blijft echter de route voor advies aan het college via de lokale Adviesraden lopen. Daar verandert nu niets in. In uw voorstel schrapt u echter de bevoegdheid van het bestuur om een eigen adviesraad in te stellen, dat lijkt ons niet de
Pagina 2 van 8
ook om hiermee de lokale raden de ruimte te geven. In de werkwijze kan bijvoorbeeld afgesproken worden dat elk lokale raad sociaal domein twee leden afvaardigt bij een advies aanvraag.
4
5
Gouda
Gouda
De nieuwe organisatie moet goed toegerust zijn om de taken goed te kunnen uitvoeren, dat vraagt om een robuuste professionele organisatie. Onze verwachting is dat door de bundeling van capaciteit en expertise de taken effectiever kunnen worden uitgevoerd. Bedrijfsvoeringsfuncties die voor de organisatie van strategisch belang zijn zullen in de nieuwe GR worden ondergebracht. De totale kosten voor de bedrijfsvoering dienen binnen het afgesproken percentage van 35% overhead op de totale formatie te worden gerealiseerd. Wij zien graag bij de verdere uitwerking van het bedrijfsplan terug hoe die effectiviteit komende jaren gaat worden gerealiseerd.
De vorming van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugd en Wmo Midden Holland gaat gepaard met grote financiële consequenties. Wij hebben zorgen over de betaalbaarheid van de nieuwe organisatie in het algemeen en specifiek ten aanzien van de inrichting van de bedrijfsvoering. Er zal een goede balans moeten komen in enerzijds het zorgen voor een robuuste professionele organisatie en anderzijds de betaalbaarheid. Daarom onderstrepen wij het belang van een onafhankelijk formatieonderzoek in 2026 om
bedoeling. We nemen uw wens om de verbinding tussen een adviesraad van de GR en de lokale adviesraad vanzelfsprekend mee. Onze gedachte is om per januari 2025 een instellingsbesluit te nemen.
Wij onderschrijven volledig uw opmerking dat de nieuwe organisatie goed moet zijn toegerust om de taken uit te voeren. Ook hanteren wij bij de inrichting van de bedrijfsvoeringsfuncties de gehanteerde norm van 35% van alle personeels- en inhuurkosten overhead zoals opgenomen in het bedrijfsplan. Na een transitieperiode wordt er een formatieonderzoek gedaan naar hoeveel formatie nodig is voor de effectieve en efficiënte uitvoering van de taak. In dat onderzoek wordt naar de primaire en de ondersteunende taken gekeken. Dit onderzoek is gepland voor 2026. Wij streven bij de inrichting van de nieuwe organisatie naar een goede balans tussen enerzijds een robuuste professionele organisatie en anderzijds de betaalbaarheid. Meerdere gemeenteraden uitten de zorg van de betaalbaarheid en deze zal door ons bij de inrichting al serieus worden opgepakt. Wij vinden ook dat de organisatie ruimte moet krijgen om zich te ontwikkelen. Het formatieonderzoek staat daarom ook pas gepland in het jaar 2026. Het belang van het onderzoek onderschrijven wij dat maakt ook dat het expliciet in de tekst van de regeling (artikel 54 lid 2) is opgenomen.
Pagina 3 van 8
te bezien of de formatie passend is bij de structurele taakopgave. Wij volgen ten aanzien van de raadsadviescommissie vanzelfsprekend volledig de wens van uw gemeenteraad en die van de andere vier gemeenteraden.
6
Krimpenerwaard
Verzoek tot instellen van raadsadviescommissie
In de regeling is opgenomen dat de gemeenteraden op elk moment ervoor kunnen kiezen om een raadsadviescommissie in te stellen. Dat kan nu al bij aanvang van de regeling maar kan dus ook daarna op elke moment. Voorwaarde is dat alle gemeenteraden daartoe unaniem besluiten. Bij aanvang hebben nu twee van de vijf gemeenteraden verzocht om een raadsadviescommissie in te stellen. Bij aanvang van de regeling zal er naar verwachting nog geen raadsadviescommissie starten. Het BOSD zal in het najaar 2024 het initiatief nemen om met de vijf raden in gesprek te gaan over de mogelijkheid en wenselijkheid van een raadsadviescommissie.
7
8
Waddinxveen
Waddinxveen
Tegelijkertijd hechten wij ook veel waarde aan lokale zorg en voorzieningen voor de inwoners van Waddinxveen. Binnen de gemeenschappelijke regeling moet het thema lokale zorg een centraal thema worden en blijven. Wij ervaren in de gemeente dat de vraag naar zorg en ondersteuning wisselt. De fluctuaties zijn voor alle gemeenten lastig op te vangen. Om die reden is het van belang dat wij als gemeenten elkaar ondersteunen als dit nodig is. Wij denken daarbij aan thema’s als maatschappelijke opvang, vrouwenopvang en beschermd wonen. Waddinxveen heeft
Wij onderschrijven u gedachte volledig. Dat is ook de geachte achter de regeling.
Wij herkennen uw opmerking en onderschrijven het belang dat u toekent aan solidariteit en de noodzaak tot samenwerking in de regio i.c. de samenwerking in de GR JW. Solidariteit is in onze ogen de kern waar het in deze samenwerking allemaal om draait.
Pagina 4 van 8
geen, of onvoldoende voorzieningen binnen de eigen gemeente om inwoners op te vangen die ondersteuning nodig hebben op deze gebieden. Wij moeten als regio met elkaar verantwoordelijk zijn voor alle inwoners die deze urgente zorg nodig hebben. Dat houdt in begrip voor fluctuaties en gezamenlijk keuzes maken om de voorzieningen op peil te houden.
9
10
Waddinxveen
De kosten binnen het sociaal domein zijn hoog. In het verleden is het lastig gebleken om de raad goed mee te nemen in het verloop van de geldstromen. De raad van Waddinxveen wil zijn controlerende taak goed kunnen invullen. Daarvoor is het van belang dat de informatie die vanuit de toekomstige gemeenschappelijke regeling komt volledig en tijdig is. Wij verzoeken u dit punt extra te benadrukken bij het oprichten van de gemeenschappelijke regeling.
Waddinxveen
De vorming van de Gemeenschappelijke regeling Jeugd en Wmo gaat gepaard met grote financiële consequenties. Wij hebben zorgen over de betaalbaarheid van de nieuwe organisatie. Er dient een goede balans te komen in enerzijds het zorgen voor een robuuste professionele organisatie en anderzijds de betaalbaarheid. Daarom onderstrepen wij het
Wij zien dit als een belangrijk punt. Bij het opstellen van de regeling is er daarom ook bestuurlijk al veel aandacht aan besteed. Deels door verschillende bestuurlijke instrumenten op te nemen zoals de keuze voor een openbaar lichaam met twee wethouders uit elke gemeente en de audit commissie die nauwer betrokken is bij de planning en control cyclus. Verder door ook bestuurlijke prioriteit te geven aan het goed werkend krijgen van de organisatie door tijdelijke extra formatie op te nemen. We willen en moeten meer grip krijgen op de geldstromen zodat we bestuurlijk keuze kunnen maken en zichtbaar kunnen maken wat de resultaten zijn van de keuzes . Het goed informeren van u als gemeenteraad hoort daar wat ons betreft ook bij. Wij streven bij de inrichting van de nieuwe organisatie naar een goede balans tussen enerzijds een robuuste professionele organisatie en anderzijds de betaalbaarheid. Meerdere gemeenteraden uitten de zorg van de betaalbaarheid en deze zal door ons bij de inrichting al serieus worden opgepakt.
Pagina 5 van 8
belang van een onafhankelijk formatieonderzoek in 2026 om te bezien of de formatie passend is bij de structurele opgave.
11 Waddinxveen
Het is voor gemeenten altijd spannend om een deel van de verantwoordelijkheden over te dragen. De raad van Waddinxveen is er echter van overtuigd dat door als regio gezamenlijk op te trekken wij beter in staat zijn om onze inwoners de zorg te bieden die zij nodig hebben. Bovendien achten wij de regio goed in staat de lokale belangen in het oog te houden. Wij vinden het van belang dat dit zo blijft. In de samenwerking moet dit een uitgangspunt zijn.
Wij vinden ook dat de organisatie ruimte moet krijgen om zich te ontwikkelen. Het formatieonderzoek staat daarom ook pas gepland in het jaar 2026. Het belang van het onderzoek onderschrijven wij dat maakt ook dat het expliciet in de tekst van de regeling (artikel 54 lid 2) is opgenomen. Wij voelen de door uw raad beschreven spanning ook en we hebben daarmee de afgelopen jaren ook samen al ervaring opgedaan. Daarbij is zeker nog niet alles goed gegaan maar zien we wel dat het gezamenlijk optrekken nodig is om de inwoners de zorg te bieden die ze nodig hebben. Het vraagt in ieder geval van het bestuur van de GR om oog te houden voor de verschillende lokale belangen. Dat is verwoord als kernwaarde voor de samenwerking: bestuurlijk solidariteit. Het streven naar consensus in het Dagelijks Bestuur is hier een ander voorbeeld van, dit streven naar consensus is een borging van het goed in het oog houden van de lokale – vaak (minderheids)belangen. Wij volgen ten aanzien van de raadsadviescommissie vanzelfsprekend volledig de wens van u gemeenteraad en die van de andere vier gemeenteraden.
12
Waddinxveen
Met andere raden in gesprek over meerwaarde van Raadsadviescommissie
U kunt ten aanzien van het gesprek via de griffie het gesprek starten In de regeling is opgenomen dat de gemeenteraden op elk moment ervoor kunnen kiezen om een raadsadviescommissie in te
Pagina 6 van 8
13
Zuidplas
14
Zuidplas
15
Zuidplas
Wij constateren dat u voorstelt om de Gemeenschappelijke regeling Jeugd en Wmo in een Collegeregeling vorm te geven en daarmee afwijkt van de in onze brief d.d. 13 maart 2024 voorgestelde Raadsregeling. Wij vinden het jammer dat in het hierbij gevolgde proces ons als raden niet is gevraagd welk type regeling uitgewerkt zou moeten worden. Gezien de tijd die er nu nog rest tot 1 januari 2025, hebben we alleen nog de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen op deze geheel uitgewerkte Collegeregeling. Daarvan maken wij graag gebruik. Wij vinden het jammer dat u kiest voor een Collegeregeling. Onze voorkeur ging uit naar een Raadsregeling, omdat die het beste aan zou sluiten bij wat we willen bereiken in dit domein: sterkere invloed, directere betrokkenheid en meer grip. Na lezing van de door u voorgelegde regeling, waarderen wij het dat u binnen de wettelijke mogelijkheden van een Collegeregeling ons hierin tegemoetkomt. Met name het opnemen van een verplichte zienswijze van de gemeenteraad op de kadernota als terugkerend onderdeel van het P&Cproces, vinden wij van groot belang. Wij stellen het op prijs, dat u de mogelijkheid van het oprichten van een regionale raadsadviescommissie steunt. Wij verzoeken hierbij een raadsadviescommissie conform
stellen. Dat kan nu al bij aanvang van de regeling maar kan dus ook daarna op elke moment. Voorwaarde is dat alle gemeenteraden daartoe unaniem besluiten. Het BOSD zal in het najaar 2024 het initiatief nemen om met de vijf raden in gesprek te gaan over de mogelijkheid en wenselijkheid van een raadsadviescommissie. Wij hebben uw brief van 13 maart 2024 uitgebreid besproken. Wij onderkennen uw bestuurlijke zorgen die aan deze brief ten grondslag liggen. Belangrijke zorgen zijn het ontbreken van grip op en betrokkenheid van de raad bij de gemeenschappelijke regeling. Deze hebben wij middels van waarborgen in de collegeregeling opgepakt: twee wethouders, audit commissie, extra zienswijzen etc. De vorm van de collegeregeling sluit daarbij aan op de taken en bevoegdheden die in de gemeenteschappelijke regeling worden belegd.
Wij waarderen uw steun ten aanzien van de verwerking van uw opmerkingen uit de brief van 13 maart 2024.
Wij volgen ten aanzien van de raadsadviescommissie vanzelfsprekend volledig de wens van u gemeenteraad en die van de andere vier gemeenteraden.
Pagina 7 van 8
artikel 25 van deze regeling in te stellen per 1 januari 2025, tegelijk met de inwerkingtreding van de gemeenschappelijke regeling.
16
17
Zuidplas
Zuidplas
Ook zien wij dat de door u benoemde wettelijke instrumenten uit de nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen, de invloed van de gemeenteraad kunnen vergroten.
Voor wat betreft het meegezonden Bedrijfsplan, vernemen wij graag op welke wijze u de gemeenteraad gaat betrekken bij het vaststellen van de begroting. Zoals u weet hebben wij immers meerdere malen vanuit de raad gevraagd om een betere financiële beheersing bij alle verbonden partijen.
In de regeling is opgenomen dat de gemeenteraden op elk moment ervoor kunnen kiezen om een raadsadviescommissie in te stellen. Dat kan nu al bij aanvang van de regeling maar kan dus ook daarna op elke moment. Voorwaarde is dat alle gemeenteraden daartoe unaniem besluiten. Het BOSD zal in het najaar 2024 het initiatief nemen om met de vijf raden in gesprek te gaan over de mogelijkheid en wenselijkheid van een raadsadviescommissie. Inderdaad. In de voorgestelde regeling zijn extra wettelijke instrumenten ook voor deze regeling ingevuld. Zie daarvoor ook paragraaf 2.6 van het bedrijfsplan. In 2024 gaan wij u nog op twee momenten betrekken bij het begrotingsproces: Als eerste de ontwerpbegroting voor het jaar 2025. Deze wordt uiterlijk/ begin oktober aan u gezonden voor zienswijzen. Dit proces wijkt iets af van de jaren daarna omdat het de eerste begroting is van een organisatie in oprichting. Als tweede voor de begroting 2026. Uw betrokkenheid in het proces ziet er als volgt uit: Voor 15 december 2024 ontvangt u de Kadernota 2026, hierop kunt u een zienswijze indienen. Vervolgens ontvangt u uiterlijk 30 april 2025 de ontwerpbegroting 2026 voor zienswijze.
Pagina 8 van 8