Bijlage 3a GEWIJZIGD Bestemmingsplan Verzamelplan Zuidplas 2021 bestaande uit Toelichting Z21.001474
Tekst van het document
bestemmingsplan
Verzamelplan Zuidplas 2021 Gemeente Zuidplas
Planstatus:
vastgesteld
Plan identificatie:
NL.IMRO.1892.BpVerzamelp03Zpl-Va01
Datum:
2021-06-29
Contactpersoon Buro SRO:
L. Toppen en H.J.M van Arendonk
Kenmerk Buro SRO:
SR200407
Opdrachtgever:
Gemeente Zuidplas
Buro SRO 't Goylaan 11 3525 AA Utrecht 030-2679198 www.buro-sro.nl
BTW nummer: KvK nummer: Rabobank rekeningnummer:
NL8187.16.071.B01 30232281 NL44.RABO.0142.1540.24 t.n.v. Buro SRO B.V. te Utrecht
2
Inhoudsopgave hoofdstuk 1 Inleiding .................................................................................................................................. 4 1.1 Aanleiding ........................................................................................................................................................... 4 1.2 Ligging plangebied............................................................................................................................................... 4 1.3 Geldende planologisch regimes .......................................................................................................................... 5 1.4 Leeswijzer ............................................................................................................................................................ 6
hoofdstuk 2 Planbeschrijving..................................................................................................................... 7 2.1 Nieuwe ontwikkelingen ....................................................................................................................................... 7 2.2 Reparatie ........................................................................................................................................................... 22
hoofdstuk 3 Beleidskader ........................................................................................................................ 29 3.1 Nationaal beleid ................................................................................................................................................ 29 3.2 Provinciaal beleid .............................................................................................................................................. 30 3.3 Regionaal beleid ................................................................................................................................................ 33 3.4 Gemeentelijk beleid .......................................................................................................................................... 33 3.5 Waterparagraaf ................................................................................................................................................. 36
hoofdstuk 4 Uitvoerbaarheid ................................................................................................................... 40 4.1 Economische uitvoerbaarheid ........................................................................................................................... 40 4.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid ................................................................................................................... 40
hoofdstuk 5 Juridische planbeschrijving ................................................................................................. 42 5.1 Algemeen .......................................................................................................................................................... 42 5.2 Toelichting op de planregels ............................................................................................................................. 42 5.3 Bestemmingen .................................................................................................................................................. 42
3
hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding Sinds enkele jaren hanteert de gemeente Zuidplas een 'verzamelplan', waarin plannen van diverse initiatiefnemers en reparaties van verschillende geldende bestemmingsplannen worden gebundeld. Het gaat in het voorliggende verzamelplan ook om stroken die, meestal per abuis, niet in een actualisering zijn meegenomen en waarvoor dus nog een oud bestemmingsplan geldt. Dat wordt ongewenst geacht. Door de verschillende locaties en reparaties in één bestemmingsplan op te nemen, hoeft slechts eenmaal een bestemmingsplanprocedure te worden doorlopen. Het doel van dit bestemmingsplan is het geven van een actueel en correct beeld van de functies en een kader waaraan (toekomstige) aanvragen voor omgevingsvergunningen kunnen worden getoetst.
1.2 Ligging plangebied Het plangebied bestaat uit 15 specifieke locaties verspreid over de gemeente Zuidplas, waaronder 5 nieuwe ontwikkelingen. Daarnaast heeft onderhavig bestemmingsplan betrekking op correcties van geldende bestemmingsplannen. Op de volgende afbeelding is de ligging van de betreffende locaties weergegeven. De nummering correspondeert ook met de nummering van de deelbladen van de verbeelding.
Overzicht specifieke locaties in Verzamelplan Zuidplas (Buro SRO, bron: Google Maps)
Het betreft de volgende locaties: 1. Groenendijk 134 in Nieuwerkerk aan den IJssel 2. Grensweg 3 in Nieuwerkerk aan den IJssel 3. Knibbelweg 9a in Zevenhuizen 4. Noordelijke Dwarsweg 116 in Zevenhuizen
4
5. Van Swaanswijckstraat 30 t/m 44 in Moerkapelle 6. Bierhoogtweg 7a in Zevenhuizen 7. Bierhoogtweg 19 in Zevenhuizen 8. Spoorweglaan 4 in Moordrecht 9. Bredeweg nabij nr. 96 t/m 104 en ten zuiden van 116 in Zevenhuizen 10. Prinsessenkwartier in Moordrecht 11. Deel van Hollandsche IJssel bij Moordrecht 12. Deel van Hollandsche IJssel bij Hitland 13. Tussen Oostpolderweg en Tulpstraat Moordrecht (noordoostelijk deel) 14. Tussen Oostpolderweg en Tulpstraat Moordrecht (zuidwestelijk deel) 15. 's-Gravenweg 52 en 54 in Nieuwerkerk aan den IJssel
1.3 Geldende planologisch regimes Voor de locaties die deel uitmaken van het plangebied gelden diverse planologische regimes. In de volgende tabel is voor elke locatie het geldende bestemmingsplan weergegeven.
7.
Locatie Groenendijk 134 in Nieuwerkerk aan den IJssel Grensweg 3 in Nieuwerkerk aan den IJssel Knibbelweg 9a in Zevenhuizen Noordelijke Dwarsweg 116 in Zevenhuizen Van Swaanswijck 30 t/m 44 in Moerkapelle Bierhoogtweg 7a in Zevenhuizen
7.
Bierhoogtweg 19 in Zevenhuizen
8.
Spoorweglaan 4 in Moordrecht
9.
Bredeweg nabij nr. 110 t/m 116 in Zevenhuizen
1. 2. 3. 4. 5.
Planologisch regime Verzamelplan Zuidplas Zuidplas West
Vastgesteld 26 november 2019
Zuidplas Noord Zuidplas Noord
16 juni 2009 16 juni 2009
Moerkapelle Dorp
3 november 2011
Herziening Zuidplaspolder 1 Herziening Zuidplaspolder 1 Restveen en Groene Waterparel Landelijk Gebied 1990
16 oktober 2018
2 juli 2009
16 oktober 2018 16 december 2008 28 augustus 1990
Naast de bovengenoemde locaties heeft het voorliggende bestemmingsplan betrekking op de enkele correcties binnen geldende bestemmingsplannen. De navolgende tabel toont hiervan een overzicht.
10. & 11. 12. 13. 14. 15.
Planologisch regime Bestemmingsplan 'Landelijk gebied'
Vastgesteld 17 december 1996
Bestemmingsplan 'Hitland 2005' Bestemmingsplan 'Oosteinde Moordrecht' Bestemmingsplan 'Aanpassing Oosteinde Moordrecht' Bestemmingsplan 'Esse Zoom'
28 juni 2005 11 april 1995 19 december 2000 4 oktober 2005
Verder gelden voor de gehele gemeente Zuidplas de bestemmingsplannen 'Parapluherziening Archeologie' en 'Parapluherziening Parkeren'. Het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie' vervangt de verschillende dubbelbestemmingen 'Archeologie' uit de hierboven genoemde bestemmingsplannen. Waar nodig zijn de archeologische dubbelbestemmingen uit de 'Parapluherziening Archeologie' overgenomen. Het doel van het bestemmingsplan 'Parapluherziening Parkeren' is een eenduidige regeling te treffen voor het aspect parkeren. De betreffende regeling is toegevoegd aan het voorliggende verzamelplan.
5
1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 worden de verschillende ontwikkelingen en reparaties beschreven. In hoofdstuk 3 is een beschrijving van het relevante rijks-, provinciale en gemeentelijke beleid opgenomen. In hoofdstuk 4 wordt het bestemmingsplan op haalbaarheid getoetst. Tot slot bevat hoofdstuk 5 de juridische planbeschrijving.
6
hoofdstuk 2 Planbeschrijving 2.1 Nieuwe ontwikkelingen Het verzamelplan heeft betrekking op 5 nieuwe ontwikkelingen. De ontwikkelingen aan de Knibbelweg 9a in Zevenhuizen en Grensweg 3 in Nieuwerkerk aan den IJssel betreffen het omzetten van een voormalige bedrijfswoning naar een plattelandswoning. Aan Groenendijk 134 in Nieuwerkerk aan den IJssel en woningen te realiseren. Aan de Noordelijke Dwarsweg 116 in Zevenhuizen is het voornemen het bestaande (bedrijfsmatige) bouwvlak te vergroten. Bij de percelen aan de Van Swaanswijckstraat 30 t/m 44 in Moerkapelle wordt een strook voorzien van een woonbestemming. De beoogde ontwikkelingen passen niet binnen de mogelijkheden van de geldende bestemmingsplannen. De initiatiefnemers hebben in een eerder stadium principeverzoeken ingediend bij de gemeente Zuidplas. Middels principebesluiten heeft de gemeente Zuidplas aangegeven positief tegenover de beoogde ontwikkelingen te staan. Een omgevingsvergunning voor afwijking van het bestemmingsplan kan slechts worden afgegeven indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. De vergunning moet dan ook voorzien zijn van een goede ruimtelijke onderbouwing. In toelichting paragraaf 2.1 worden per initiatief de huidige situatie en beoogde situatie beschreven, vervolgens worden de haalbaarheidsaspecten behandeld.
In toelichting hoofdstuk 3 wordt toegelicht in hoeverre de beoogde ontwikkelingen passen binnen de gestelde beleidskaders. 2.1.1 Groenendijk 134 in Nieuwerkerk aan den IJssel 2.1.1.1 Planomschrijving De initiatiefnemer is voornemens om op het perceel aan de Groenendijk 134 in Nieuwerkerk aan den IJssel twee vrijstaande woningen te realiseren. De planlocatie is gelegen tussen de Groenendijk en de Hollandse IJssel en ligt in het buurtschap Ver Hitland. Aan de westzijde van het plangebied is het recreatiegebied Hitland gelegen. Op 8 december 2020 is middels een principebesluit (kenmerk: B20.000534) door het college van burgemeester en wethouders aangegeven dat ze positief staan tegenover het plan aan de Groenendijk 134. De onderstaande afbeelding toont de begrenzing van de planlocatie.
Begrenzing planlocatie - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
7
De planlocatie aan de Groenendijk 134 maakt onderdeel uit van de ontwikkeling 'Zelling Ver Hitland', waarbij verschillende woningen worden gerealiseerd. In het vigerende bestemmingsplan geldt voor de planlocatie reeds een woonbestemming ten behoeve van de realisatie van een appartementengebouw met een bouwhoogte van 12 m en maximaal 9 wooneenheden. Vanwege bezwaren ten aanzien van de beoogde bouwhoogte wordt de realisatie van een appartementengebouw niet meer wenselijk geacht. Derhalve is het planvoornemen om hiervoor in de plaats twee vrijstaande woningen te realiseren met een oppervlakte van ca. 250 m² exclusief bijgebouwen. De volgende afbeelding toont de mogelijke toekomstige situatietekening.
Afbeelding toont de toekomstige situatietekening (bron: Heida Matsumoto Architecten d.d. 9 december 2020)
Ruimtelijke inpassing Ten opzichte van het vigerende bestemmingsplan, waarbinnen een appartementengebouw met een bouwhoogte van maximaal 12 m en maximaal 9 woningen mogelijk is, heeft de beoogde ontwikkeling van twee vrijstaande woningen minder impact op de omgeving ten aanzien van het bebouwingsbeeld, schaduwwerking, verkeersbewegingen en het groene karakter van de waterrand. Er dient rekening te worden gehouden met de dorpse identiteit. In dat opzicht is het planvoornemen voor twee vrijstaande woningen beter passend in de omgeving dan een appartementengebouw met een bouwhoogte van 12 meter. De bestaande woningen aan de westzijde van de planlocatie zijn gelegen op ruime percelen en hebben een inhoudsmaat van maximaal 1.800 m³. De beoogde woningen binnen Zelling Ver Hitland hebben een inhoudsmaat van maximaal 1.200 m³. De twee beoogde vrijstaande woningen hebben een inhoudsmaat van maximaal 1.500 m³, danwel één woning een inhoudsmaat van maximaal 2.000 m³, waarmee een geleidelijke overgang wordt gecreëerd. Verkeer en parkeren De beoogde situatie betreft de realisatie van maximaal twee vrijstaande woningen. Hiervoor geldt een verkeersgeneratie van maximaal 18 verkeersbewegingen per etmaal, uitgaande van de categorieën 'koop, huis, vrijstaand', 'rest bebouwde kom' en 'matig stedelijk' volgens de CROW-publicatie 381.
De bestaande infrastructuur is in staat om deze verkeersgeneratie te verwerken, mede omdat ten opzichte van de voormalige (planologische) situatie geen sprake zal zijn van een toename aan verkeersbewegingen.
8
In de 'Nota Parkeernormen 2019' is het onderhavige gebied deel van het gebiedstype 'Zone B'. De parkeernorm bedraagt, uitgaande van niet-gestapeld en groot (110 m² - 150 m²) 2,5 parkeerplaatsen per woning. De benodigde 5 parkeerplaatsen voor de beoogde woningen worden op eigen terrein gerealiseerd. 2.1.1.2 Geldend bestemmingsplan Voor het plangebied geldt het bestemmingsplan 'Verzamelplan Zuidplas', vastgesteld op 26 november 2019 door de gemeenteraad van de gemeente Zuidplas. De gronden hebben de bestemmingen 'Wonen' en 'Verkeer'. De gehele woonbestemming is voorzien van een bouwvlak, waarbinnen de bouwaanduiding 'gestapeld' geldt en de maatvoeringen 'maximum aantal wooneenheden: 9', 'maximum bebouwingspercentage: 45%' en 'maximum bouwhoogte: 12 m'. Voorts geldt de dubbelbestemming 'Waarde - Rivierzone'. De navolgende afbeelding geeft een uitsnede van de verbeelding weer.
Uitsnede geldende bestemmingsplan 'Verzamelplan Zuidplas'- plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Het voorgenomen plan betreft de realisatie van twee vrijstaande woningen. Omdat binnen de geldende bestemming 'Wonen' uitsluitend gestapelde woningen zijn toegestaan is de beoogde ontwikkeling in strijd met het geldende bestemmingsplan. Middels een nieuw bestemmingsplan wordt de beoogde ontwikkeling planologisch mogelijk gemaakt. Onderhavig bestemmingsplan voorziet in de wijziging van de bouwaanduiding 'gestapeld' naar 'vrijstaand'. Middels de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' wordt geregeld dat er 2 vrijstaande woningen zijn toegestaan en de maximale bouwhoogte wordt bijgesteld van 12 m naar een maximum van 11 m. Daarbij is geregeld dat bij twee woningen, deze gestaffeld gebouwd moeten worden, dus niet in dezelfde lijn. Omdat volgens de geldende woonbestemming de inhoud van een woning maximaal 800 m³ mag bedragen zal de aanduiding 'maximum volume' worden opgenomen, waarmee wordt geregeld dat de inhoud van een woning maximaal 1.500 m³ mag bedragen. Daarnaast wordt in het voorliggende bestemmingsplan mogelijk gemaakt om in plaats van twee woningen met een inhoudsmaat van maximaal 1.500 m³, één woning met een inhoudsmaat van maximaal 2.000 m³ te realiseren. Tevens worden de dubbelbestemmingen 'Waterstaat - Waterkering' en 'Waarde - Rivierzone' toegepast.
9
2.1.1.3 Milieu- en omgevingsaspecten Gelet op de aard van het voorliggende initiatief, de functiewijziging van maximaal negen gestapelde woningen naar maximaal twee vrijstaande woningen, is voor de aspecten: archeologie, ecologie, water, bodem, geluid, luchtkwaliteit externe veiligheid, bedrijf- en milieuzonering geen nader onderzoek nodig. Ter toelichting daarop het volgende: Bodem Het voorliggende plan voorziet in de wijziging van gestapelde woningen naar twee vrijstaande woningen. Hiermee is er geen sprake van een bestemmingswijziging naar een strenger bodemgebruik of wezenlijk andere gebruiksmogelijkheden van de gronden (in het kader van het aspect bodem). Het aspect bodem vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling Geluid De wijziging van gestapelde woningen naar twee vrijstaande woningen leidt niet tot een nieuwe situatie in de zin van de Wet geluidhinder: de afstand tot de weg blijft gelijk en het aantal geluidgehinderden zal afnemen ten opzichte van de huidige planologische situatie. Akoestisch onderzoek is dan ook niet nodig. Water Voor kleine ruimtelijke ontwikkelingen met een verhardingstoename tot 500 m² is geen compensatie noodzakelijk. Dat is in de voorliggende situatie het geval. Watercompensatie is dan ook niet aan de orde. Milieuzonering Met de beoogde ontwikkeling wordt voorzien in de realisatie van twee vrijstaande woningen.
Daarmee is sprake van een gevoelige bestemming. Derhalve is aan de hand van het geldende bestemmingsplan 'Hitland 2020' gekeken naar milieubelastende activiteiten in de omgeving van de planlocatie. Op een afstand van meer dan 100 m zijn twee agrarische bouwvlakken gelegen. Doordat op een kortere afstand tot de agrarische bouwvlakken reeds woningen zijn gelegen zal de beoogde ontwikkeling de betreffende bedrijfsactiviteiten niet belemmeren. Bovendien zijn binnen het plangebied reeds woningen toegestaan. Hiermee vormt het aspect milieuzonering geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van de voorgenomen ontwikkeling.
10
2.1.2 Grensweg 3 in Nieuwerkerk aan den IJssel 2.1.2.1 Planomschrijving Het initiatief betreft het omzetten van de agrarische bedrijfswoning naar een plattelandswoning. Het plangebied bevindt zich aan de Grensweg 3, ten noordoosten van Nieuwerkerk aan den IJssel. Aan de zuidwestzijde van het plangebied is een glastuinbouwbedrijf. Aan de overzijde van de Grensweg, langs de Tweede Tochtweg is een autohandelsonderneming gevestigd. Grenzend aan de planlocatie lopen verschillende watertochten, waarlangs eveneens de lokale ontsluitingswegen zijn gesitueerd (onder andere de Tweede Tochtweg en de Grensweg). De onderstaande afbeelding toont de begrenzing van de planlocatie.
Begrenzing planlocatie - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Op dit moment is het plangebied bebouwd met een voormalige bedrijfswoning. De bedrijfswoning maakte van oudsher onderdeel uit van een glastuinbouwbedrijf en heeft de status van bedrijfswoning. Omdat er geen relatie meer is tussen de voormalige bedrijfswoning en een glastuinbouwbedrijf, is het voornemen om de status van de bedrijfswoning te wijzigen naar 'plattelandswoning'. Een plattelandswoning is een voormalige agrarische bedrijfswoning die door derden, die geen functionele binding hebben met het bedrijf, mag worden bewoond. Hierbij wordt aan de plattelandswoning een lager beschermingsniveau toegekend dan aan een burgerwoning. De woning wordt immers nog gezien als onderdeel van de agrarische inrichting. Dit is geregeld in de Wet plattelandswoningen. De omzetting van de woning levert geen beperkingen op voor nabij gelegen agrarische bedrijven. De juridische status van 'plattelandswoning' brengt immers met zich mee dat binnen de Wet milieubeheer de woning nog wel onderdeel uitmaakt van de agrarische inrichting. In toelichting paragraaf 2.1.2.3 wordt aangetoond dat de woonfunctie aanvaardbaar is vanuit een oogpunt van een milieuhygiënisch verantwoord woon- en leefklimaat en er voor omliggende (agrarische) bedrijven geen sprake is van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. Initiatiefnemer heeft reeds een vooroverleg ingediend bij de gemeente Zuidplas.
Op 15 december 2020 is middels een principebesluit (kenmerk: B20.000604) door het college van burgemeester en wethouders aangegeven dat ze positief staat tegenover het plan. Verkeer en parkeren De functiewijziging naar 'plattelandswoning' heeft geen ruimtelijke gevolgen. Het gebruik en de bebouwing blijft ongewijzigd. Hierdoor zal het bestaande aantal verkeersbewegingen en de parkeerbehoefte niet wijzigen ten opzichte van de huidige situatie. Op dit moment wordt de parkeerbehoefte op eigen terrein voorzien en dat is ook zo in de beoogde nieuwe situatie.
11
2.1.2.2 Geldend bestemmingsplan De planlocatie is gelegen binnen de begrenzing van het bestemmingsplan 'Zuidplas West', vastgesteld op 2 juli 2009 door de gemeenteraad van de voormalige gemeente Nieuwerkerk aan den IJssel. De gronden hebben de bestemming 'Lintzone', waarbinnen de planlocatie is voorzien van een bouwvlak met de functieaanduiding 'bedrijfswoning'. Voorts gelden de gebiedsaanduidingen 'wro-zone - wijzigingsgebied 1', 'geluidzone - spoor, 'veiligheidszone - weg', 'veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen - weg - risicozone 1' en 'veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen - weg - risicozone 2'. Tevens geldt ter plaatse het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie', waarbinnen het plangebied niet is voorzien van een archeologische dubbelbestemming. De volgende afbeelding toont een fragment van de verbeelding ter plaatse van het plangebied.
Uitsnede geldende bestemmingsplan 'Zuidplas Noord' - plangebied wit omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Omdat de bedrijfswoning geen binding meer heeft met een agrarisch bedrijf is het huidig gebruik van de bedrijfswoning als burgerwoning in strijd met het geldende bestemmingsplan. Derhalve is het voornemen de bedrijfswoning te wijzigen in een plattelandswoning middels de functieaanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - plattelandswoning'. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet hierin, waarbij de plangrens is afgebakend langs het kadastrale perceel. Verder zullen de relevante gebiedsaanduidingen worden overgenomen. Tevens wordt aan de begripsbepalingen het begrip 'plattelandswoning' toegevoegd. Hiermee is duidelijk dat aangesloten wordt op de landelijke wet- en regelgeving omtrent plattelandswoningen. Verder zijn de volgende aanduidingen overgenomen: 'geluidzone - spoor, 'veiligheidszone weg', 'veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen - weg - risicozone 1' en 'veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen - weg - risicozone 2'.
2.1.2.3 Milieu- en omgevingsaspecten Gelet op de aard van het voorliggende initiatief, de functiewijziging van een bedrijfswoning naar een plattelandswoning, is voor de aspecten: archeologie, ecologie, bodem, geluid, luchtkwaliteit externe veiligheid, bedrijf- en milieuzonering geen nader onderzoek nodig. Ter toelichting daarop het volgende: Bodem Het voorliggende plan voorziet, met de omzetting van een bedrijfswoning naar een plattelandswoning, niet in een bestemmingswijziging naar een strenger bodemgebruik of wezenlijk andere gebruiksmogelijkheden van de gronden (in het kader van het aspect bodem). Ook zijn er geen aanwijzingen aanwezig die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging ter plaatse van de woning. De omzetting heeft geen gevolgen voor de eisen die gesteld worden aan de bodemkwaliteit. Een bodemonderzoek is derhalve niet noodzakelijk. Geluid In voorliggend bestemmingsplan gaat het om de herbestemming van een bedrijfswoning, een geluidsgevoelig object. De bedrijfswoning is gelegen nabij de Grensweg. Voor deze weg geldt vanuit de Wet
12
geluidhinder een onderzoeksplicht voor geluidsgevoelige objecten. Vanuit de Wet geluidhinder wordt er echter geen onderscheid gemaakt tussen een bedrijfswoning en een plattelandswoning. Er is dus geen sprake van een nieuwe situatie. Indien in de bestaande situatie sprake is van een overschrijding van de grenswaarde, moet in het verleden een ontheffing zijn aangevraagd in het kader van het geldende bestemmingsplan 'Zuidplas West'. Dit is niet het geval. Er kan derhalve vanuit worden gegaan dat er ten aanzien van het wegverkeerslawaai sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Milieuzonering Wonen wordt in het kader van bedrijven en milieuzonering gezien als een milieugevoelige bestemming. Derhalve moet gekeken worden of in de omgeving van het plangebied bedrijven aanwezig zijn met een milieucontour die over het plangebied ligt. Omdat de voormalige bedrijfswoning als plattelandswoning wordt bestemd, is de milieuhinder van het bedrijf waar het vanaf gesplitst wordt niet relevant. Daarnaast moet nog wel worden gekeken naar de eventuele milieugevolgen van bedrijven van derden. In de omgeving van het plangebied zijn enkel glastuinbouwbedrijven aanwezig. In de VNG-publicatie 'Bedrijven en milieuzonering' (editie 2009) wordt onderscheid gemaakt in nietbindende richtafstanden voor de omgevingstypen 'gemengd gebied' en 'rustige woonwijk' en 'rustig buitengebied'.
Lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd. In de omgeving van het plangebied, het (glas)tuinbouwgebied, komt relatief veel agrarische bedrijvigheid voor, waardoor deze wordt aangemerkt als een gemengd gebied. Dit betekent dat de richtafstanden met één afstandsstap kunnen worden verminderd, met uitzondering van het aspect gevaar. Voor een glastuinbouwbedrijf geldt een richtafstand van 10 m binnen gemengd gebied. De afstand tot de dichtstbijzijnde kas van derden is meer dan 10 m. Hiermee wordt voldaan aan de richtafstand van 10 m. Gezien het voorgaande vormt het aspect milieuzonering geen belemmering voor de bestemmingswijziging.
13
2.1.3 Knibbelweg 9a in Zevenhuizen 2.1.3.1 Planomschrijving Het initiatief betreft het omzetten van de agrarische bedrijfswoning naar een plattelandswoning. Het plangebied bevindt zich aan de Knibbelweg 9a, in het kassengebied ten noordoosten van Zevenhuizen. Aan de noordzijde van het plangebied is een glastuinbouwbedrijf gelegen met een waterbassin. De onderstaande afbeelding toont de begrenzing van de planlocatie.
Begrenzing planlocatie - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Op dit moment is het plangebied bebouwd met een voormalige bedrijfswoning. De bedrijfswoning maakt van oudsher onderdeel uit van een glastuinbouwbedrijf en heeft de status van bedrijfswoning. Omdat er geen relatie meer is tussen de voormalige bedrijfswoning en een glastuinbouwbedrijf, is het voornemen om de status van de bedrijfswoning te wijzigen naar 'plattelandswoning'. Een plattelandswoning is een voormalige agrarische bedrijfswoning die door derden, die geen functionele binding hebben met het bedrijf, mag worden bewoond. Hierbij wordt aan de plattelandswoning een lager beschermingsniveau toegekend dan aan een burgerwoning. De woning wordt immers nog gezien als onderdeel van de agrarische inrichting. Dit is geregeld in de Wet plattelandswoningen. De omzetting van de woning levert geen beperkingen op voor nabij gelegen agrarische bedrijven. De juridische status van 'plattelandswoning' brengt immers met zich mee dat binnen de Wet milieubeheer de woning nog wel onderdeel uitmaakt van de agrarische inrichting. In toelichting paragraaf 2.1.3.3 wordt aangetoond dat de woonfunctie aanvaardbaar is vanuit een oogpunt van een milieuhygiënisch verantwoord woon- en leefklimaat en er voor omliggende (agrarische) bedrijven geen sprake is van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. Initiatiefnemer heeft reeds een vooroverleg ingediend bij de gemeente Zuidplas.
Op 8 december 2020 is middels een principebesluit (kenmerk: B20.000529) door het college van burgemeester en wethouders aangegeven dat ze positief staat tegenover het plan. Verkeer en parkeren De functiewijziging naar 'plattelandswoning' heeft geen ruimtelijke gevolgen. Het gebruik en de bebouwing blijft ongewijzigd. Hierdoor zal het bestaande aantal verkeersbewegingen en de parkeerbehoefte niet wijzigen ten opzichte van de huidige situatie. Op dit moment wordt de parkeerbehoefte op eigen terrein voorzien en dat is ook zo in de beoogde nieuwe situatie. 2.1.3.2 Geldend bestemmingsplan De planlocatie is gelegen binnen de begrenzing van het bestemmingsplan 'Zuidplas Noord', vastgesteld op 16 juni 2009 door de gemeenteraad van de voormalige gemeente Zevenhuizen-Moerkapelle. De gronden
14
hebben de bestemming 'Lintzone', waarbinnen de planlocatie is voorzien van een bouwvlak met de functieaanduiding 'bedrijfswoning'. Voorts geldt de gebiedsaanduiding 'wro-zone - wijzigingsgebied 1'. Tevens geldt ter plaatse het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie', waarbinnen het plangebied niet is voorzien van een archeologische dubbelbestemming. De volgende afbeelding toont een fragment van de verbeelding ter plaatse van het plangebied.
Uitsnede geldende bestemmingsplan 'Zuidplas Noord' - plangebied wit omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Omdat de bedrijfswoning geen binding meer heeft met een agrarisch bedrijf is het huidig gebruik van de bedrijfswoning als burgerwoning in strijd met het geldende bestemmingsplan. Derhalve is het voornemen de functieaanduiding 'bedrijfswoning' te wijzigen in de functieaanduiding 'specifieke vorm van agrarisch plattelandswoning'. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet hierin, waarbij de plangrens is afgebakend langs het kadastrale perceel. Verder zullen de relevante gebiedsaanduidingen worden overgenomen. Tevens wordt aan de begripsbepalingen het begrip 'plattelandswoning' toegevoegd. Hiermee is duidelijk dat aangesloten wordt op de landelijke wet- en regelgeving omtrent plattelandswoningen. 2.1.3.3 Milieu- en omgevingsaspecten Gelet op de aard van het voorliggende initiatief, de functiewijziging van een bedrijfswoning naar een plattelandswoning, is voor de aspecten: archeologie, ecologie, bodem, geluid, luchtkwaliteit externe veiligheid, bedrijf- en milieuzonering geen nader onderzoek nodig. Ter toelichting daarop het volgende: Bodem Het voorliggende plan voorziet, met de omzetting van een bedrijfswoning naar een plattelandswoning, niet in een bestemmingswijziging naar een strenger bodemgebruik of wezenlijk andere gebruiksmogelijkheden van de gronden (in het kader van het aspect bodem).
Ook zijn er geen aanwijzingen aanwezig die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging ter plaatse van de woning. De omzetting heeft geen gevolgen voor de eisen die gesteld worden aan de bodemkwaliteit. Een bodemonderzoek is derhalve niet noodzakelijk. Geluid In voorliggend bestemmingsplan gaat het om de herbestemming van een bedrijfswoning, een geluidsgevoelig object. De bedrijfswoning is gelegen nabij de Knibbelweg. Voor deze weg geldt vanuit de Wet geluidhinder een onderzoeksplicht voor geluidsgevoelige objecten. Vanuit de Wet geluidhinder wordt er echter geen onderscheid gemaakt tussen een bedrijfswoning en een plattelandswoning. Er is dus geen sprake van een nieuwe situatie. Indien in de bestaande situatie sprake is van een overschrijding van de grenswaarde, moet in het verleden een ontheffing zijn aangevraagd in het kader van het geldende bestemmingsplan 'Zuidplas Noord'. Dit is niet het geval. Er kan derhalve vanuit worden gegaan dat er ten aanzien van het wegverkeerslawaai sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Water Voor deze locatie is op 8 januari 2021 de watertoets uitgevoerd. Daaruit kwamen geen belemmeringen naar voren.
15
Milieuzonering Wonen wordt in het kader van bedrijven en milieuzonering gezien als een milieugevoelige bestemming. Derhalve moet gekeken worden of in de omgeving van het plangebied bedrijven aanwezig zijn met een milieucontour die over het plangebied ligt. Omdat de voormalige bedrijfswoning als plattelandswoning wordt bestemd, is de milieuhinder van het bedrijf waar het vanaf gesplitst wordt niet relevant. Daarnaast moet nog wel worden gekeken naar de eventuele milieugevolgen van bedrijven van derden. In de omgeving van het plangebied zijn enkel glastuinbouwbedrijven aanwezig. In de VNG-publicatie 'Bedrijven en milieuzonering' (editie 2009) wordt onderscheid gemaakt in nietbindende richtafstanden voor de omgevingstypen 'gemengd gebied' en 'rustige woonwijk' en 'rustig buitengebied'. Lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd. In de omgeving van het plangebied, het (glas)tuinbouwgebied, komt relatief veel agrarische bedrijvigheid voor, waardoor deze wordt aangemerkt als een gemengd gebied. Dit betekent dat de richtafstanden met één afstandsstap kunnen worden verminderd, met uitzondering van het aspect gevaar. Voor een glastuinbouwbedrijf geldt een richtafstand van 10 m binnen gemengd gebied. De afstand tot de dichtstbijzijnde kas van derden is meer dan 10 m.
Hiermee wordt voldaan aan de richtafstand van 10 m. Gezien het voorgaande vormt het aspect milieuzonering geen belemmering voor de bestemmingswijziging.
16
2.1.4 Noordelijke Dwarsweg 116 in Zevenhuizen 2.1.4.1 Planomschrijving Aan de Noordelijke Dwarsweg 116, ten noordoosten van Zevenhuizen is een aannemersbedrijf gevestigd, met enkele opstallen en een bedrijfswoning. De omgeving kenmerkt zich door kleinschalige bedrijvigheid en glastuinbouw. Initiatiefnemer is voornemens om op de planlocatie aan de Noordelijke Dwarsweg 116 te voorzien in een opslagruimte ten behoeve van het reeds gevestigde aannemersbedrijf. Daarnaast zullen tegelijkertijd de bestaande opstallen worden gerenoveerd om versnippering van de opstallen tegen te gaan. In de toekomstige situatie ontstaat een samenhangend geheel. Initiatiefnemers hebben reeds een principeverzoek ingediend bij de gemeente Zuidplas voor het vergroten van het een bouwvlak en het vergroten van de opslagloods. Op 9 februari 2021 is middels een principebesluit (kenmerk: B20.000568) door het college van burgemeester en wethouders aangegeven dat ze positief staan tegenover het plan. De onderstaande afbeelding toont de begrenzing van de planlocatie.
Begrenzing planlocatie aan de Noordelijke Dwarsweg 116 - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Ruimtelijke inpassing De huidige bebouwing op het perceel Noordelijke Dwarsweg 116 te Zevenhuizen is toe aan groot onderhoud en renovatie. Het planvoornemen voorziet in renovatie van de aanwezige opstallen. Ook wordt de versnippering van de opstallen aangepakt. Er is gekozen om de twee gevels uiterst links en uiterst rechts hetzelfde te behandelen, namelijk met baksteen. Hierdoor komt het geheel tussen een soort “boeksteunen” te staan. De initiatiefnemer is voornemens om met dit plan de huidige bebouwing te renoveren en aan te laten sluiten om versnippering van bebouwing tegen te gaan. Daarnaast creëert het extra ruimte voor het aannemersbedrijf. Met de beoogde herinrichting van de planlocatie krijgt het perceel een samenhangend uiterlijk en draagt het bij aan stedenbouwkundige kwaliteit van de omgeving.
17
De onderstaande afbeelding toont de plattegrond van de toekomstige situatie.
Situatietekening beoogde situatie (bron: Oosterlaan Architecten)
2.1.4.2 Geldend bestemmingsplan De planlocatie is gelegen binnen de begrenzing van het bestemmingsplan 'Zuidplas Noord' vastgesteld op 16 juni 2009 door de gemeenteraad van de voormalige gemeente Zevenhuizen-Moerkapelle. De gronden hebben de bestemming 'Bedrijf', waarbinnen de planlocatie is voorzien van een bouwvlak met de functieaanduiding 'specifieke vorm van wonen - lintzone'. Voorts gelden de gebiedsaanduidingen 'wro-zone wijzigingsgebied 3', 'milieuzone', 'geluidzone - spoor, 'geluidzone - weg', 'milieuzone' en 'veiligheidszone leiding - gas - risicozone 2'. Tevens geldt ter plaatse het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie', waarbinnen het plangebied is voorzien van de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 3'. De volgende afbeelding toont een fragment van de verbeelding ter plaatse van het plangebied.
Uitsnede geldende planologisch regime - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
18
Initiatiefnemer is voornemens om op de planlocatie aan de Noordelijke Dwarsweg 116 de bestaande bedrijfsgebouwen uit te breiden ten behoeve van een opslagruimte. Doordat de toekomstige bebouwing buiten het bouwvlak is gelegen, is de beoogde ontwikkeling in strijd met het geldend bestemmingsplan. Om de beoogde ontwikkeling mogelijk te maken moet worden afgeweken van het bestemmingsplan door het bestaande bouwvlak te vergroten, het voorliggend bestemmingsplan voorziet hierin. Initiatiefnemer is voornemens het bouwvlak te vergroten met ongeveer 235 m² tot een totale oppervlakte van ongeveer 0,3 hectare. Verder zal worden aangesloten op de bestaande regeling uit het bestemmingsplan 'Zuidplas Noord'. Middels voorliggende toelichting wordt de ontwikkeling nader gemotiveerd en wordt aangetoond dat deze niet zal leiden tot onevenredige bezwaren op ruimtelijk en/of milieutechnisch vlak.
2.1.4.3 Milieu- en omgevingsaspecten Gelet op de aard van het voorliggende initiatief, de uitbreiding van een agrarisch bouwvlak, is voor de aspecten: archeologie, ecologie, water, bodem, geluid, luchtkwaliteit externe veiligheid, bedrijf- en milieuzonering geen nader onderzoek nodig, deze worden derhalve globaal onderbouwd. Archeologie Ter plaatse is de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 3' opgenomen. Ten aanzien van deze gebieden stelt de gemeente in haar beleid dat nader onderzoek nodig is bij ingrepen van meer dan 1.000 m² en dieper dan 30 cm onder maaiveld. Bij de voorgenomen ontwikkeling is sprake van de uitbreiding van het bouwvlak met een oppervlakte van ca. 235 m², waarmee nader onderzoek naar archeologische resten niet noodzakelijk is. De dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 3' wordt ook in het voorliggende bestemmingsplan gehanteerd. Hiermee kan worden gesteld dat met de voorgenomen ontwikkeling geen mogelijk voorkomende archeologische resten worden geschaad. Ecologie Er worden geen opstallen gesloopt en er is ter plaatse geen beschermde flora en fauna in het geding. Water Voor kleine ruimtelijke ontwikkelingen met een verhardingstoename tot 500 m² is geen compensatie noodzakelijk. Dat is in de voorliggende situatie het geval. Watercompensatie is dan ook niet aan de orde.
Bodem De bodemkwaliteit is in het kader van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) van belang indien er sprake is van functieveranderingen en/of een ander gebruik van de gronden. De bodem moet geschikt zijn voor de functie. Mocht er een verontreiniging te verwachten zijn dan wel mocht deze feitelijk aanwezig zijn, dan dient voor vaststelling van een plan en/of het nemen van het besluit inzichtelijk gemaakt te worden of de bodemverontreiniging de voorgenomen functie- en/of bestemmingswijziging in het kader van gezondheid en/of financieel gezien in de weg staat. Hierbij dient inzichtelijk gemaakt te worden of sprake is van een te verwachten of feitelijke verontreiniging. Dit is echter vooral van belang wanneer inrichtingen worden opgericht waarbij gedurende een groot deel van de dag mensen zullen verblijven. Bij de voorgenomen ontwikkeling is geen sprake van een inrichting waarin gedurende een groot deel van de dag mensen verblijven. Hiermee kan worden aangenomen dat de bodemgesteldheid ter plaatse geschikt is voor de voorgenomen functie- en/of bestemmingswijziging. Luchtkwaliteit De voorgenomen ontwikkeling kan, gelet op de beperkte omvang van de ontwikkeling, gezien worden als een NIBM-project; de ontwikkeling heeft niet in betekenende mate invloed op de luchtkwaliteit ter plaatse. Aan de andere kant is in dit geval geen sprake van de realisatie van een gevoelige bestemming.
Toetsing van het aspect luchtkwaliteit is derhalve niet noodzakelijk. Externe veiligheid Nabij het plangebied is de rijksweg A12 gelegen. Over deze weg vindt mogelijk transport van gevaarlijke stoffen plaats. Daarnaast is nabij de locatie een buisleiding voor het transport van aardgas gelegen. Het
19
plangebied is daarmee binnen het invloedsgebied van een buisleiding en een transportroute gelegen. Het groepsrisico dient daarmee nader te worden gemotiveerd. Het is van belang te onderzoeken of de personendichtheid binnen het invloedsgebied onevenredig toeneemt. Bij de voorgenomen ontwikkeling is geen sprake van het oprichten van nieuwe verblijfsruimten en zal geen sprake zijn van een onevenredige groei van het personeel, er is slechts sprake van een uitbreiding van bedrijfsruimte ten behoeve van opslag. Hiermee zal de personendichtheid niet in onevenredige mate toenemen, waarmee geen sprake zal zijn van een onevenredige toename van het groepsrisico. Milieuzonering Bij de voorgenomen ontwikkeling is sprake van uitbreiding van een bouwvlak ten behoeve van een aannemersbedrijf. In de VNG-publicatie 'Bedrijven en milieuzonering' (editie 2009) geldt voor een aannemersbedrijf milieucategorie 3.1 (SBI-2008: 41, 42, 42) met een richtafstand van 50 voor het aspect geluid. Vanwege de ligging aan de Noordelijke Dwarsweg geldt dat er sprake is van een 'gemengd gebied' waardoor de richtafstanden met één afstandsstap kunnen worden verminderd, met uitzondering van het aspect gevaar. In dit geval geldt een richtafstand van 30 m tot het dichtstbijzijnd gevoelig object.
De bedrijfswoningen aan de Noordelijke Dwarsweg 59 en 63 zijn de dichtstbijzijnde gevoelige objecten en bevinden zich op een afstand van meer dan 30 m. Hiermee wordt aan de gestelde richtafstanden voldaan en zal met de voorgenomen ontwikkeling geen onevenredige hinder worden veroorzaakt aan gevoelige objecten in de omgeving. Naast het feit dat een ruimtelijke ontwikkeling geen onevenredige hinder aan gevoelige objecten in de omgeving mag veroorzaken mag deze ook niet leiden tot beperkingen van de ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende bedrijven, functies en bestemmingen. Dit is echter vooral van belang wanneer sprake is van het oprichten van nieuwe gevoelige objecten. Bij de voorgenomen ontwikkeling is geen sprake van het oprichten van een nieuw gevoelig object. Hiermee zullen geen omliggende bedrijven, functies en bestemmingen in de ontwikkelingsmogelijkheden worden beperkt.
20
2.1.5 Van Swaanswijckstraat 30 t/m 44 in Moerkapelle 2.1.5.1 Planomschrijving In het vigerende bestemmingsplan 'Moerkapelle Dorp' geldt voor de kadastrale perceelnummers: 2087, 2101, 2065, 2159, 2067, 2200, 2115 en 2095 sectie B binnen de kadastrale gemeente Moerkapelle de bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied'. De betreffende perceelnummers zijn echter in de huidige situatie in gebruik als tuin doordat in het verleden de percelen bij woningen zijn getrokken. In het voorliggende bestemmingsplan wordt hiervoor een juiste planologische regeling getroffen door voor de hierboven genoemde perceelnummers een woonbestemming op te nemen. Onderstaande afbeelding toont de begrenzing van de planlocatie.
Huidige situatie plangebied (bron: Google Maps)
2.1.5.2 Geldend bestemmingsplan Het plangebied is gelegen binnen de begrenzing van het bestemmingsplan 'Moerkapelle Dorp', vastgesteld op 3 november 2011 door de gemeenteraad van de gemeente Zuidplas. De gronden hebben de bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied'. Tevens geldt ter plaatse het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie', waarbinnen het plangebied is voorzien van de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 3' De navolgende afbeelding geeft een uitsnede van de verbeelding weer.
Uitsnede geldende bestemmingsplan 'Moerkapelle Dorp' - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Het voornemen is om de bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied' te wijzigen in de bestemming 'Wonen', zonder bouwvlak. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet hierin. De bestaande dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie -3' zal behouden blijven. 2.1.5.3 Milieu- en omgevingsaspecten Gezien de aard van de ontwikkeling die dit bestemmingsplan mogelijk maakt vormen de milieu- en haalbaarheidsaspecten geen belemmering voor het voorgenomen plan.
21
2.2 Reparatie 2.2.1 Bierhoogtweg 7a en 19 in Zevenhuizen Op de percelen aan de Bierhoogtweg 7a en 19 in Zevenhuizen zijn twee vrijstaande woningen met diverse bijgebouwen gelegen. Ter plaatse geldt het bestemmingsplan 'Herziening Zuidplaspolder 1' (vastgesteld op 16 oktober 2018). Hierin gelden voor de percelen aan de Bierhoogtweg 7a en 19 de bestemmingen 'Wonen' en 'Tuin'. De onderstaande afbeelding toont een uitsnede van het geldend bestemmingsplan.
Linker afbeelding uitsnede geldend bestemmingsplan aan de Bierhoogtweg 7a en rechter afbeelding uitsnede van geldend bestemmingsplan aan de Bierhoogtweg 19 - plangebied globaal rood omkaderd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
De destijds bestaande bijbehorende bouwwerken zijn daarin niet goed meegenomen. Hierover heeft de Afdeling Bestuursrecht van de Raad van State (uitspraak 201809544/1/R3) zich als volgt uitgesproken: 'In beginsel moet legaal bestaande bebouwing als zodanig in het bestemmingsplan worden bestemd. Indien nieuwe planologische inzichten daartoe aanleiding geven en het belang bij de beoogde nieuwe bestemming zwaarder weegt dan de gevestigde rechten en belangen, kan uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening daarvan worden afgezien. In dat geval kan het bestaande legale bouwwerk onder het overgangsrecht worden gebracht als de raad aannemelijk maakt dat het bouwwerk op termijn zal worden verwijderd. Met het overgangsrecht wordt namelijk beoogd een tijdelijke situatie te overbruggen. In dit geval heeft de raad niet onderbouwd waarom het uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk is om de met een bouwvergunning opgerichte schuren van [appellante sub 3] niet als zodanig te bestemmen. De enkele stelling dat de omvang van de schuren niet past bij de bestemming "Wonen" acht de Afdeling onvoldoende, omdat dit argument niet is toegespitst op de specifieke situatie ter plaatse.
Daarnaast heeft de raad ter zitting erkend dat er geen concreet zicht is op het verwijderen van de legale bouwwerken.' Om die reden dient hiervoor een nieuw bestemmingsplan te worden vastgesteld. Bierhoogtweg 7a in Zevenhuizen Op het perceel aan de Bierhoogtweg 7a is een bijgebouw gesitueerd met een oppervlakte van ca. 320 m². Binnen de bestemming 'Wonen' is in artikel 12.2.4 onder g geregeld dat het gezamenlijke oppervlakte aan aan- en bijgebouwen maximaal 70 m² mag bedragen. Het bestaande bijgebouw van ca. 320 m² is daardoor in strijd met het geldend bestemmingsplan. In het verleden is echter een omgevingsvergunning verleend voor de realisatie van het bijgebouw, dit is echter niet verwerkt in het geldend planologisch regime. Met voorliggend bestemmingsplan wordt alsnog voorzien in een passende juridische regeling. Bierhoogtweg 19 in Zevenhuizen Op het perceel aan de Bierhoogtweg 19 zijn een tweetal bijgebouwen gesitueerd. Aan de voorzijde van het perceel is een bijgebouw gelegen met een oppervlakte van ca. 100 m² die voor een deel binnen de bestemming 'Tuin' is gelegen. Op het achtererf is, buiten het bouwvlak maar binnen de bestemming 'Wonen', een bijgebouw gelegen met een oppervlakte van ca. 200 m². In artikel 12.2.4 is geregeld dat
22
bijgebouwen uitsluitend binnen het bouwvlak mogen worden gerealiseerd met een gezamenlijk oppervlakte van maximaal 70 m². Daarnaast moeten bijgebouwen op tenminste 1 meter afstand uit de voorgevellijn van het hoofdgebouw worden gebouwd. Hierdoor zijn beide bijgebouwen in strijd met het geldend bestemmingsplan. In het verleden is echter een omgevingsvergunning verleend voor de realisatie van de bijgebouwen, dit is echter niet verwerkt in het geldend planologisch regime. Met voorliggend bestemmingsplan wordt alsnog voorzien in een passende juridische regeling. Vertaling in bestemmingsplan De onderhavige percelen worden in het stramien van dit verzamelplan voorzien van de bestemming 'Wonen'. De geconstateerde omissie wordt hersteld door in de regels op te nemen dat de bestaande, legaal aanwezige bijbehorende bouwwerken zijn toegestaan. Voorts houdt die regeling rekening met de nu geldende mogelijkheden.
2.2.2 Spoorweglaan 4 in Moordrecht In 1983 is voor het perceel aan de Spoorweglaan 4 in Moordrecht een vergunning verleend voor een vrijstaande woning. Echter geldt volgens het geldend bestemmingsplan 'Restveen en Groene Waterparel' (vastgesteld op 16 december 2008) ter plaatse van de gronden aan de Spoorweglaan 4 de bestemming 'Bedrijf' in plaats van een woonbestemming. Met voorliggend bestemmingsplan wordt de omissie hersteld door alsnog een woonbestemming toe te kennen aan de locatie. Onderstaande afbeelding toont een uitsnede van het geldend bestemmingsplan.
Uitsnede geldend bestemmingsplan 'Restveen en Groene Waterparel' - plangebied globaal rood omkaderd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Vertaling in bestemmingsplan Onderhavig plan herstelt de omissie en voorziet in de bestemmingswijziging van de bestemming 'Bedrijf' in de bestemming 'Wonen'. De afmeting van het bouwvlak is ontleend aan de oorspronkelijke afmetingen. Het bouwvlak krijgt de aanduidingen maximum aantal wooneenheden 1, de bouwaanduiding 'vrijstaand' en de aanduiding 'maximum goot- en bouwhoogte' van respectievelijk 4,5 en 8 m. Er is ook een regeling opgenomen voor bestaande, legaal aanwezige bijbehorende bouwwerken, aangezien hier meer aanwezig is dan regulier wordt toegelaten (ten hoogste 120 m²).
2.2.3 Bredeweg nabij nr. 110 t/m 116 in Zevenhuizen Aan de noordoostzijde van de Bredeweg, ter hoogte van de Bredeweg 114, in Zevenhuizen is een zone van de Bredeweg niet meegenomen in het bestemmingsplan 'Het Nieuwe Midden' (vastgesteld op 11 augustus 2011) of in het bestemmingsplan 'Zuidplas Noord' (vastgesteld op 10 augustus 2011). Derhalve geldt hier nog het bestemmingsplan 'Landelijk Gebied 1990' (vastgesteld op 28 augustus 1990). Een deel van deze zone wordt thans meegenomen in een ander bestemmingsplan. De resterende twee delen worden in het voorliggende bestemmingsplan van een verkeersbestemming en deels van de bestemming 'Water' voorzien. Onderstaande afbeelding toont de ligging van de betreffende zones aan Bredeweg in Zevenhuizen.
23
Globale begrenzing plangebied aan de Bredeweg in Zevenhuizen - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Vertaling naar het bestemmingsplan Door de ligging van de planlocatie ter plaatse van de Bredeweg zal de bestemming 'Verkeer' worden opgenomen. Het meest zuidelijke deel, ter hoogte van rijksweg A12, heeft de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - snelweg' gekregen. daarmee wordt geregeld dat hogere lichtmasten mogelijk blijft. Een deel van de planlocatie is gelegen binnen een waterpartij. Hiervoor is de bestemming 'Water' opgenomen. Verder is de planlocatie voorzien van de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 3' conform het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie'.
2.2.4 Bestemmingsplan Landelijk gebied Bestemmingsplan 'Landelijke gebied' uit 1996 is goeddeels vervangen door het bestemmingsplan 'Restveen en Groene Waterparel' (vastgesteld op 16 december 2008). Echter twee delen zijn niet geactualiseerd: zie onderstaande afbeelding.
1. Locatie Prinsessenkwartier in Moordrecht Aan de zuidwestrand van Moordrecht is het 'Prinsessenkwartier' (voorheen 'Boslocatie') gerealiseerd. Dat plan omvat 32 rijenwoningen, 28 appartementen, 6 twee-onder-een-kapwoningen en drie vrijstaande
24
woningen. Dit wijkje heeft een dorps karakter dat aansluit op het dorpse milieu van Moordrecht. De ontwikkeling van het plangebied paste binnen het bebouwd stedelijk gebied zoals destijds aangegeven in de provinciale verordening.
Overzichtstekening Prinsessenkwartier (bron: bestemmingsplan Prinsessenkwartier, 11 maart 2014)
Voor 11 rijwoningen aan de Prinses Amaliastraat is een apart bestemmingsplan opgesteld, omdat het een aanpassing betrof van het eerdere stedenbouwkundige plan (rijenwoningen in plaats van twee-ondereenkapwoningen). Voor de rest is nimmer een bestemmingsplan vastgesteld. Ter plaatse geldt het bestemmingsplan ’Landelijk gebied’, maar daarin hebben de gronden nog een bedrijfsbestemming, met de subbestemming 'bedrijfsverzamelgebouw'. Ook is dit deel niet meegenomen in het bestemmingsplan 'Restveen en Groene Waterparel'. In het voorliggende verzamelplan wordt alsnog een passende juridische regeling opgenomen voor het Prinsessenkwartier. Dit met uitzondering van het deel met de 11 rijenwoningen waarvoor wel reeds een bestemmingsplan is vastgesteld. De gerealiseerde en ook oorspronkelijk bedoelde typologie wordt vastgelegd en er wordt uitgegaan van de destijds bedoelde maten en aantallen. Verder worden de bestaande watergangen en -partijen voorzien van de bestemming 'Water'. Een groenstrook aan de oostrand van het plangebied wordt voorzien van de bestemming 'Groen'. Verder is de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering' opgenomen. 2.
Hollandsche IJssel Ter plaatse van de Hollandsche IJssel is de tweede locatie gelegen waar op dit moment nog het bestemmingsplan 'Landelijke gebied' uit 1996 geldt omdat de locatie niet is vervangen door het bestemmingsplan 'Restveen en Groene Waterparel' uit 2008. De begrenzing van het bestemmingsplan 'Restveen en Groene Waterparel' volgt hier niet de gemeentegrens, waardoor nog een deel valt onder het bestemmingsplan 'Landelijke gebied'. Dit wordt nu hersteld door de locatie te voorzien van de bestemming 'Water'.
2.2.5 Bestemmingsplan Hitland 2005 Het bestemmingsplan 'Hitland 2005' (vastgesteld op 28 juni 2005) is grotendeels vervangen door het bestemmingsplan 'Hitland 2020' (vastgesteld op 28 oktober 2020). Echter is ter plaatse van de Hollandsche IJssel per abuis een locatie niet geactualiseerd. Met voorliggend bestemmingsplan wordt de locatie alsnog geactualiseerd.
25
Onderstaande afbeelding toont de begrenzing van de planlocatie.
Begrenzing plangebied - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Vertaling in bestemmingsplan Ter plaatse van de Hollandsche IJssel geldt op dit moment nog het bestemmingsplan 'Hitland 2005' omdat de locatie niet is geactualiseerd door het bestemmingsplan 'Hitland 2020'. Dit wordt hersteld door de locatie te voorzien van de bestemming 'Water'. Daarnaast wordt de locatie voorzien van de dubbelbestemming 'Waarde - Rivierzone' en deels de dubbelbestemmingen 'Waarde - Ecologie' en 'Waterstaat - Waterkering'. 2.2.6 Bestemmingsplan Oosteinde Moordrecht Het bestemmingsplan 'Oosteinde Moordrecht' (vastgesteld op 11 april 1995) is grotendeels vervangen door het bestemmingsplan 'Moordrecht Buiten' (vastgesteld op 11 juni 2013). Echter zijn de gronden ter plaatse van de kadastrale perceelnummers 4901 en 4907, sectie C (kadastrale gemeente Moordrecht) niet geactualiseerd. Met voorliggend bestemmingsplan wordt de locatie alsnog geactualiseerd, in samenhang met de aanpassingen van het aangrenzende deel in het bestemmingsplan 'Aanpassing Oosteinde Moordrecht' (zie toelichting paragraaf 2.2.7). Onderstaande afbeelding toont de begrenzing van de planlocatie.
Begrenzing plangebied - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Vertaling in bestemmingsplan Middels voorliggend bestemmingsplan zal de locatie alsnog geactualiseerd worden. Hierbij wordt qua bestemming aangesloten op het bestemmingsplan 'Moordrecht Buiten', waarbinnen voor het aangrenzende
26
perceel een groenbestemming geldt. Hiertoe is in het voorliggende bestemmingsplan voor deze locatie de bestemming 'Groen' opgenomen.
2.2.7 Bestemmingsplan Aanpassing Oosteinde Moordrecht Het bestemmingsplan 'Aanpassing Oosteinde Moordrecht' (vastgesteld op 19 december 2000) is grotendeels vervangen door het bestemmingsplan 'Moordrecht Buiten' (vastgesteld op 11 juni 2013). Echter zijn de gronden ter plaatse van de kadastrale perceelnummer 4883, sectie C (kadastrale gemeente Moordrecht) niet geactualiseerd. Met voorliggend bestemmingsplan wordt de locatie alsnog geactualiseerd, in samenhang met de aanpassing van het aangrenzende deel in het bestemmingsplan 'Oosteinde Moordrecht' (zie toelichting paragraaf 2.2.6 ). Onderstaande afbeelding toont de begrenzing van de planlocatie.
Begrenzing plangebied - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Vertaling in bestemmingsplan Middels voorliggend bestemmingsplan zal de locatie alsnog geactualiseerd worden. Hierbij wordt qua bestemming aangesloten op het bestemmingsplan 'Moordrecht Buiten', waarbinnen voor het aangrenzende perceel een agrarische bestemming geldt. D bestemming 'Agrarisch' wordt ook in het voorliggende bestemmingsplan voor deze locatie opgenomen. Er wordt hierin geen agrarisch bouwvlak opgenomen. Uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.
2.2.8 Bestemmingsplan Esse Zoom Het bestemmingsplan 'Esse Zoom' (vastgesteld op 4 oktober 2005) is grotendeels vervangen. Echter zijn de gronden ter plaatse van de 's-Gravenweg 52 en 54 in Nieuwerkerk aan den IJssel per abuis niet geactualiseerd. Met voorliggend bestemmingsplan wordt de locatie alsnog geactualiseerd.
27
Onderstaande afbeelding toont de begrenzing van de planlocatie aan de 's-Gravenweg 52 en 54.
Begrenzing plangebied - plangebied rood omlijnd (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Vertaling in bestemmingsplan Middels voorliggend bestemmingsplan zal de locatie aan de 's-Gravenweg 52 en 54 alsnog geactualiseerd worden. Hierbij wordt qua bestemming aangesloten op het bestemmingsplan 'Esse Zoom', waarbinnen voor de planlocatie de bestemming 'Woondoeleinden (vrijstaand)' geldt. In de voorliggende situatie zal aan de locatie de bestemming 'Wonen' worden toegekend waarbinnen voor beide woningen het bestaande bouwvlak wordt overgenomen. Hierbinnen wordt de planlocatie per bouwvlak voorzien van de aanduidingen 'maximum aantal wooneenheden: 1', 'maximum goot- en bouwhoogte' van respectievelijk 6 en 9 m en de bouwaanduiding 'vrijstaand'. Er is ook een regeling opgenomen voor bestaande, legaal aanwezige bijbehorende bouwwerken, aangezien hier meer aanwezig is dan regulier wordt toegelaten en ook voor de voorgevel. Daarnaast zal uit het bestemmingsplan 'Parapluherziening Archeologie' de dubbelbestemming 'Waarde Archeologie - 4' worden overgenomen.
28
hoofdstuk 3 Beleidskader Het bestemmingsplan omvat verschillende nieuwe ontwikkelingen en een reparatie van verschillende geldende bestemmingsplannen. Wat betreft de reparatie gaat het om een beperkte aanpassing of wijziging van de geldende bestemming, waarbij geen nieuwe bouwmogelijkheden worden gegeven. Voor de nieuwe ontwikkelingen wordt, waar nodig, ingegaan op de relevante beleidskaders.
3.1 Nationaal beleid 3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) in werking getreden. Deze visie bevat de hoofdzaken van het strategisch rijksbeleid voor de fysieke leefomgeving. Dit is een combinatie van beleid uit de bestaande beleidsdocumenten, met en zonder wettelijke grondslag, en nieuw strategisch beleid. De grote en complexe opgaven zoals klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw zullen Nederland gaan veranderen. De NOVI schrijft een toekomstperspectief met de ambities van het rijk. In de NOVI zijn 21 nationale belangen met bijbehorende opgaven geformuleerd. Deze nationale belangen komen samen in vier prioriteiten: 1. 2. 3. 4.
ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; duurzaam economisch groeipotentieel; sterke en gezonde steden en regio's; toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.
Voor de vier NOVI-prioriteiten geldt steeds dat zowel voor de lange als de korte termijn maatregelen nodig zijn. Deze maatregelen dienen in de praktijk voortdurend op elkaar in te spelen. Bij de afweging van de belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving centraal voor zowel de bovenals de ondergrond. Planspecifiek Het voorliggende bestemmingsplan heeft geen directe raakvlakken met de NOVI.
3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening Op 30 december 2011 is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) in werking getreden. Voortaan heeft de wetgever in de Wro, ter waarborging van de nationale of provinciale belangen, de besluitmogelijkheden van lagere overheden begrensd. Indien nationale of provinciale belangen dat met het oog op een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk maken, kunnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur respectievelijk bij of krachtens provinciale verordening regels worden gesteld omtrent de inhoud van bestemmingsplannen. In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn 14 nationale belangen opgenomen die in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) zijn herbevestigd. Voor deze belangen is het Rijk verantwoordelijk en wil het resultaten boeken. Buiten deze belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. Het Barro is op 30 december 2011 in werking getreden en op 1 oktober 2012, 1 juli 2014 en 1 juli 2016 op onderdelen aangevuld. Planspecifiek De planonderdelen van het voorliggende verzamelplan vallen, met uitzondering van een plandeel in de Hollandsche IJssel, niet binnen één van de projecten aangewezen in het Barro. Voor het betreffende plandeel is de 'Waarde - Rivierzone' opgenomen. Vanuit het Barro vloeien geen specifieke randvoorwaarden voort voor die overige planonderdelen.