Bijlage 3 Advies van de adviesgroep participatie A25.004364
Tekst van het document
Adviesrapport Participatietraject NBWZ Tijdelijke huisvesting scholen Nieuwbouw Basisscholen Wijk Zuidplas 22-11-2025
Inleiding De Adviesgroep is gevraagd om input op de kaders te geven voor locatiekeuze tijdelijke school Wijk Zuidplas (PWA, Wingerd, Gideon) in Nieuwerkerk a/d IJssel. De Adviesgroep bestaat uit acht inwoners van de wijk Zuidplas, een mix van omwonenden en schoolouders (inclusief een OR-lid), zodat verschillende perspectieven in de groep vertegenwoordigd zijn. Het proces kende verschillende uitdagingen. Het participatiedoel was niet duidelijk: in de uitnodiging stond dat de Adviesgroep zou adviseren over zowel kaders als locaties, maar in de presentaties en vergaderingen was de participatie aanvankelijk gericht op alleen kaders; later werd bevestigd dat beide tot het doel behoren, maar een motie beperkte het advies opnieuw tot kaders, wat afwijkt van de kaderstellende participatienota. Enkele leden hebben hierdoor onder protest deelgenomen. De beperkte scope — het vaststellen van kaders zonder de locatie te betrekken — bemoeilijkte concrete adviezen, omdat sommige kaders in belang variëren afhankelijk van de (toekomstige) locatie. De Adviesgroep had graag scenario’s gebruikt om tot een advies te komen, maar kreeg hiervoor geen gelegenheid. Gedurende het traject vroeg de Adviesgroep herhaaldelijk om onderbouwing van de totale ruimtebehoefte; deze was meerdere keren verschillend en aan het einde nog steeds niet beschikbaar, terwijl het ruimtebeslag een uitsluitcriterium vormt.
Tot slot namen ook de schoolbesturen niet deel aan de Adviesgroep; dit was wel het uitgangspunt van het participatietraject. Hoe in het ambtelijk advies hier mee om zal worden gegaan (de schoolbesturen zijn ingedeeld op hetzelfde niveau van de participatieladder als de inwoners, namelijk Adviseren), is onduidelijk. Desalniettemin heeft de Adviesgroep zich met goede intenties en betrokkenheid ingezet om tot een gezamenlijk advies te komen, deels onder eigen regie. De discussies waren inhoudelijk sterk en waren onder andere gericht op het vinden van een evenwicht tussen zo beperkt mogelijke ruimtebeslag, kwaliteit leer- en leefomgeving en haalbaarheid.
1
Werkwijze Meest relevante kaders Elk lid heeft de kaders afzonderlijk gewogen. Het doel was niet stemmen, maar gedeelde relevantie zichtbaar maken en tot een gedragen hoofdkader komen. Zo ontstond een duidelijke rode lijn: de groep heeft gezamenlijk bepaald welke kaders het meest relevant zijn voor de tijdelijke school en de locatiekeuze. De volledige set kaders staan in de bijlage 1, zonder weging. Doel van het advies In dit Adviesdocument wordt in thema’s toegelicht hoe de kaders die we hebben geformuleerd, gelezen dienen te worden en welke als meest belangrijk zijn gekenmerkt. Op basis hiervan is een duidelijke rode lijn ontstaan. De adviesgroep heeft zo gezamenlijk bepaald welke kaders het meest belangrijk zijn voor de tijdelijke school en voor de keuze van de locatie. Het adviesdocument geeft het college en de raad inzicht in onze afwegingen en biedt concrete handvatten voor de locatiekeuze. De groep spreekt de wens uit dat de gemeente bij de verdere uitwerking van dit project: ●
●
zorgvuldig omgaat met de genoemde adviezen, met een transparante terugkoppeling d.m.v. een navolgbaar eindverslag met onderbouwing van hoe onze adviezen worden meegenomen in besluitvorming, en toelichting over de weging van het perspectief van de inwoners en dat van de schoolbesturen, oog houdt voor zowel het belang van de leerlingen als dat van de omwonenden.
Samenvatting De adviesgroep hecht de meeste waarde aan kaders die: • • • • •
tijdelijkheid borgen (max. 3 jaar) met de zekerheid voor omwonenden van terugkeer naar minimaal de huidige functies van de locatie; de ruimtevraag doelmatig en kostentechnisch beheersbaar houden met een gefaseerde aanpak (schuifplan) waarbij geen tijdelijke sporthal nodig is; een gezonde leer- en werkomgeving borgen, met voldoende ruimte voor de huidige onderwijskundige functies in de tijdelijke gebouwen; het leefklimaat van omwonenden beschermen; lopend- en fietsend naar school stimuleren en extra autobewegingen minimaliseren.
Andere kaders spelen ook een rol; deze zijn opgenomen als aandachtspunten en randvoorwaarden die relevant worden bij de inrichting en uitwerking per locatie en zijn opgenomen in de tabel met alle kaders.
2
Hoofdkader - Richtinggevende kaders 1. Tijdelijkheid, max 3 jaar De tijdelijke school moet aantoonbaar tijdelijk zijn, voor 3 jaar. De voorziening wordt uitsluitend gebruikt voor het bieden van tijdelijke huisvesting aan deze scholen (PWA/Wingerd/Gideon wijk Zuidplas) met een totale gebruiksduur van maximaal drie jaar. Indien de voortgang van de nieuwbouw het mogelijk maakt om eerder terug te verhuizen, moet de tijdelijke voorziening ook eerder worden verwijderd. De zekerheid over tijdelijkheid voorkomt het ontstaan van (semi-)permanente functies of koppelkansen die de leefomgeving blijvend kunnen belasten, en kan een positief effect hebben op mogelijke weerstand van omwonenden. -
De vergunning moet hierop zijn ingericht (max 3 jaar) en expliciet uitsluitend een tijdelijke schoolfunctie voor PWA/Wingerd/Gideon toestaan. Terugbrengen locatie naar oorspronkelijke staat en daarbij hoort ook het verwijderen van tijdelijke nutsvoorzieningen Bij voorkeur de locatie – in overleg met omwonenden – na gebruik in betere staat terugbrengen, met functies die omwonenden belangrijk vinden.
2. Fasering volgens ‘slim schuifplan’ De adviesgroep adviseert een gefaseerde aanpak van de nieuwbouw volgens het ‘schuifplan’ met start nieuwbouw PWA en gymzaal: -
-
zodat er geen tijdelijke locatie opgezet hoeft te worden voor 3 scholen en een gymzaal. Door gefaseerd te werken, kan optimaal gebruik worden gemaakt van bestaande voorzieningen (zoals gymzaal) en slim geschoven worden tussen de drie scholen. deze aanpak maakt de tijdelijke huisvesting kleiner, efficiënter en zorgt voor een zo beperkt mogelijke negatieve impact op de leefomgeving, verkeersdruk en het groen. in één keer een grote tijdelijke school bouwen brengt een disproportioneel ruimtebeslag en mogelijk groenvernieting met zich mee. Het ruimtebeslag heeft vergaande consequenties als het gaat om locatiekeuze; een niet-gefaseerde aanpak leidt tot uitsluiting van sommige beoogde locaties danwel de noodzaak van meerdere tijdelijke locaties vanwege het ruimtebeslag. NB: in het kader van uitgangspunten van de gemeente is aangegeven dat de benodigde hoeveelheid ruimte een uitsluitingscriterium voor locaties is.
De Adviesgroep erkent dat de gefaseerde aanpak mogelijk betekent dat de tijdelijke locatie langer in gebruik wordt genomen dan wanneer de tijdelijke locatie alle functies (3 scholen onderbrengen met gymzaal) zou bevatten, maar er is breed gedragen consensus dat fasering het uitgangspunt moet zijn (doelmatigheid versus tijdigheid) - met een periode voor totale gebruiksduur van maximaal 3 jaar.
3. Realistische ruimtevraag De adviesgroep adviseert dat de tijdelijke school de ruimte krijgt die nodig is voor goed onderwijs en een gezond, fijn leerklimaat, zonder overdimensionering. Een te grote ruimtevraag kan ertoe leiden dat locaties afvallen; de gemeente heeft zelf aangegeven dat ruimtebeslag een uitsluitcriterium is. Daarom is het belangrijk dat de totale ruimtebehoefte transparant, navolgbaar en consistent wordt onderbouwd. Tot nu toe heeft de adviesgroep deze informatie niet volledig en niet eenduidig ontvangen, waardoor onduidelijkheid is blijven bestaan over de totale ruimtebehoefte.
3
De adviesgroep ziet de noodzaak voor een evenwicht: voldoende ruimte voor onderwijskwaliteit, zonder dat de omvang van de tijdelijke voorziening locaties onnodig uitsluit. Conclusie: waarborg de onderwijskundige en pedagogische functies die nodig zijn voor een gezond en goed functionerend leerklimaat en schoolsysteem – de tijdelijke school moet onderwijs kunnen bieden dat past bij het leerklimaat en onderwijsplan van de huidige school – met als basis de wettelijke norm voor tijdelijke schoolhuisvesting. Deze norm ligt lager dan de norm die in de gemeentelijke stukken is gebruikt, sluit beter aan bij het tijdelijke karakter en voorkomt onnodige aantasting van groen of overdimensionering. Zie voetnoot: 1. De adviesgroep vindt het belangrijk dat: •
voldoende ruimte wordt geborgd voor de onderwijskundige en pedagogische functies, zoals remedial teaching, spelend leren, logopedie, een bibliotheek/leeshoek, groepsruimtes en flexibiliteit in lokaalgrootte;
•
duidelijk wordt hoe de BSO-functie tijdens de tijdelijke huisvesting wordt gefaciliteerd, ook wanneer deze niet binnen de tijdelijke school wordt ondergebracht;
•
de gemeente faciliteert dat er voor belangrijke schoolactiviteiten, zoals een eindmusical, een geschikte externe ruimte beschikbaar is.
•
de berekening van de totale ruimtebehoefte transparant, navolgbaar en consistent wordt onderbouwd, inclusief leerlingengroei, parkeerplaatsen, mogelijke BSO-behoefte, bouwhoogte (uitwerking naar max. 3), normtellingen en marges.
¹ Wettelijk norm scholenbouw: 3,5 m² per leerling en een vaste voet van 70 m², met als richtwaarde 80 m² per groep bij tijdelijke bouwaard/dislocatie. Uitvoeringsbesluit voorzieningen in de huisvesting PO/VO (2022), artikel 3; Bijlagen I III bij de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs (2014 heden).
4. Gezonde leeromgeving De adviesgroep vindt het belangrijk dat de locatie van de tijdelijke school een gezond leerklimaat voor leerlingen en medewerkers waarborgt, zowel binnen als buiten. In de praktijk wordt bij tijdelijke bouw vaak afgeweken van de wettelijke GGD-normen voor luchtkwaliteit en geluid, maar de adviesgroep stelt dat deze normen als toetssteen moeten gelden en dat hiervan geen concessies mogen worden gedaan die de gezondheid of het leerklimaat verminderen. De volgende aspecten moeten worden geborgd: •
Geluid: maximaal 50 dB buiten en 33 dB binnen; dit is een belangrijk kader voor een gezond leerklimaat.
•
Luchtkwaliteit: binnen de bebouwde kom ten minste 25 meter van een N-weg (bij voorkeur 50 meter); cruciaal voor gezondheid en leerklimaat.
•
Ventilatie, daglicht, temperatuur en akoestiek: belangrijke factoren voor een gezond binnenklimaat; de adviesgroep vindt dat hier bij de tijdelijke school aandacht voor moet zijn.
•
Sociale veiligheid: o
Meerdere ingangen om o.a. bovenbouw en onderbouw te scheiden
4
o
bijzondere aandacht voor de komst van de Regionale Opvang Locatie (ROL) en de situering daarvan, en hoe dit zich verhoudt tot de locatiekeuze van de tijdelijke school (sociale veiligheid nabijheid ROL/wandel-fietsroutes).
Conclusie: bij de keuze van een tijdelijke locatie moet deze voldoen aan de relevante normen en aandachtspunten, zodat een gezond leerklimaat wordt gewaarborgd, ongeacht het tijdelijke karakter van de voorziening.
5. Leefklimaat omwonenden Het leefklimaat voor omwonenden is een kader waar net als het leerklimaat voor leerlingen, de Adviesgroep een hoog belang aan toekent. Het gaat hier om bescherming van het bestaande leefklimaat rondom de locatie: geluid, luchtkwaliteit, verkeersdrukte, parkeerdruk en sociale rust. De Adviesgroep vindt dat de tijdelijke school zo min mogelijk negatieve effecten op omwonenden mag hebben; leefbaarheid en gezondheid in de buurt moeten aantoonbaar beschermd worden. Bij de beoordeling van mogelijke locaties dient de bestaande milieubelasting te worden meegenomen, zodat de tijdelijke school de huidige situatie niet aanzienlijk verzwakt. Locaties met reeds hoge milieubelasting, zoals in de nabijheid van drukke wegen of snelwegen, verdienen hierbij specifieke aandacht. De Adviesgroep adviseert: -
-
om in de overweging voor locatiekeuze mee te nemen wat het effect is van de tijdelijke inpassing op de locaties voor de reeds bestaande milieu- en geluidsbelasting van de locaties, met een voorkeur voor inpassing op een locatie waar het leefklimaat op een goed niveau behouden kan blijven. aan te geven welke maatregelen noodzakelijk zijn per locatie om het bestaande leefklimaat te handhaven dan wel acceptabel te houden, zoals plaatsing geluidswal ed. Inzichtelijk te maken welke functies tijdelijk vervallen (speelvoorzieningen voor 0-16 jaar, sociale functies, hondenlosloopgebied), en hoe deze worden gecompenseerd. zorgvuldig om te gaan met behoud van openbaar groen, klimaatfunctie van groen, biodiversiteit en groenstructuren.
6. Mobiliteit: lopen en fietsen stimuleren, extra autoverkeer voorkomen De Adviesgroep vindt het belangrijk dat kinderen lopend of fietsend naar school kunnen. Uit eerdere participatie over de locatie permanente scholen is gebleken dat als de loop- of fietsafstand meer dan vijf minuten van de huidige locatie bedraagt, de kans op brengen met de auto aanzienlijk toeneemt. Lopend en fietsend naar school is een breedgedragen uitgangspunt, ook gedragen vanuit de scholen. Daarom vindt de Adviesgroep het belangrijk om locaties te kiezen die lopen en fietsen maximaal ondersteunen, met kindveilige loop/fietsroutes en om goede fietsvoorzieningen te realiseren. Extra autoparkeerplaatsen zijn minder gewenst. Dat verhoogt verkeersdruk en parkeerhinder en heeft negatieve effecten op leefklimaat en veiligheid. Concluderend: de adviesgroep vindt het wenselijk dat: ●
● ●
de tijdelijke school zo wordt gesitueerd dat lopen en fietsen voor leerlingen logisch en aantrekkelijk blijft. Goede fietsvoorzieningen zijn essentieel. Extra autoparkeerplaatsen zijn minder gewenst en dragen niet bij aan de doelstelling. de locatie binnen 5 minuten fiets- en loopafstand van de huidige scholen ligt; de school bereikbaar is via kindveilige routes; 5
●
bij de locatiekeuze rekening wordt gehouden met verkeersveiligheid en sociale veiligheid en bestaande drukte op omliggende wegen.
Overige kaders: Randvoorwaarden bij uitvoering en inrichting tijdelijke school Kaders over onderwijslogistiek, inrichting en functionaliteit worden gezien als relevante aspecten bij de verdere inrichting en uitvoering van de tijdelijke huisvesting. Het gaat om kaders zoals: ● ● ● ●
Inrichting binnen- en buitenruimte: relevant voor gebruik, maar minder bepalend voor de locatiekeuze. Beheer en onderhoud tijdelijke gebouwen – belangrijk voor continuïteit, maar pas aan de orde na locatiekeuze; Tijdelijke voorzieningen (zoals speeltoestellen of opslag) – nuttig in gebruiksfase, niet bepalend voor locatie; Technische randvoorwaarden en logistieke aspecten, onderdeel van het uitvoeringstraject: bouwlogistiek, beheer, maatregelen.
Daarnaast zijn ook kaders benoemd over het voorkomen van mogelijke vertragingen en het vinden van aansluiting op het gebiedspaspoort Nieuwerkerk a/d IJssel.
Mogelijke alternatieve locaties De Adviesgroep heeft niet de beschikking gekregen over richtlijnen voor het aandragen van mogelijke locaties buiten wijk Zuidplas (zoals bijv. locatiegrootte, voorwaarden voor afstand tot de huidige scholen, zoekgebied van andere scholen ed) en is niet gefaciliteerd in de vorm van een kaart of iets dergelijks voor het aanwijzen van alternatieve locaties. Tijdens de vergaderingen hebben meerdere locaties de revue gepasseerd. Belangrijke kanttekening is dat de Adviesgroep niet unaniem achter één locatie staat. Het betreft de volgende locaties: ● ● ● ● ●
Hertenkamp (Bospolderstraat), als zijnde een locatie die ook in het gebiedspaspoort als mogelijke ontwikkellocatie wordt genoemd Voormalig bonsaikwekerij (Ing. Lelystraat) Locaties Margrietveld, breder dan basketbalveld alleen (o.a. grasveld achter halfpipe) IJsbaan in het Hitland De Terp in het Oude Dorp, mocht die vrij komen.
Discussie De adviesgroep adviseert alleen over de kaders. Een voorkeurslocatie valt niet onder het advies. Het onderdeel ‘discussie’ is derhalve geen onderdeel van het advies. Door het toepassen van de hoofdkaders blijkt dat er verschillen zijn tussen de drie onderzochte locaties. Het kader ‘Tijdelijkheid’ is van toepassing op alledrie de locaties en geeft geen duidelijke voorkeur aan. Het kader ‘Fasering’ geeft richting aan het gebruiken van de huidige gymzaal. Het heeft voorkeur om de kinderen dicht bij deze faciliteiten te huisvesten, zodat geen langere afstand overbrugt hoeft te worden. Het kader ‘Realistische ruimtevraag’ geeft geen voorkeur voor een locatie. Het sluit ook geen locatie uit. Het kader ‘Gezonde leeromgeving’ geeft richting aan een locatie die voor zowel lucht als 6
geluid veiliger is voor de kinderen. Op één locatie wordt volgens de quickscan het aantal decibellen overschreden en ligt deze locatie dicht bij een drukke N-weg. Het kader ‘Leefklimaat omwonenden’ geeft richting aan de belasting voor omwonenden. Door extra verkeersdruk en beperking van groenfunctie heeft één locatie een lage voorkeur. Het kader ‘Mobiliteit’ geeft richting aan zoveel mogelijk fietsgebruik en ontmoediging van het gebruik van auto's. Een locatie dicht op de huidige locatie waarborgt het huidige verkeersgebruik het meest. Dicht op de huidige locatie zijn de huidige nutsvoorzieningen en speeltoestellen aanwezig.
7
Bijlage 1: Complete lijst kaders NBWZ 2025 A
Tijdelijkheid De tijdelijke huisvesting voor nieuwbouw scholen is voor maximaal drie jaar *Na 3 jaar wordt de locatie teruggebracht in de oorspronkelijke staat en functie, na overleg met de omwonenden *Tijdelijke nutsvoorzieningen worden daarna verwijderd. *Er komt geen tijdelijke sporthal en er worden geen extra functies toegevoegd *De vergunning moet hierop zijn ingericht en expliciet uitsluitend een tijdelijke schoolfunctie voor PWA/Wingerd/Gideon toestaan.
B
Fasering volgens ‘slim schuifplan’ Er wordt gekozen voor een gefaseerde aanpak i.p.v. één grote tijdelijke school. *De tijdelijke school moet gefaseerd worden gerealiseerd zodat wordt voorkomen dat in één keer een grote tijdelijke school wordt gebouwd die een disproportioneel ruimtebeslag heeft of meerdere locaties noodzakelijk maakt of locaties op voorhand locaties uitsluit vanwege het ruimtebeslag. Deze gefaseerde aanpak beperkt kosten, verkeersdruk en benodigde grondoppervlak en maakt optimaal gebruik van bestaande voorzieningen zoals gymzaal (schuifplan met start nieuwbouw PWA en de nieuwe permanente gymzaal, tijdelijk gebruik van gymzaal Gideon/Wingerd). *Schuifplan met gebruik van huidige gymzaal
C
Slim gebruik van ruimte en middelen *Voor de tijdelijke huisvesting van de school adviseren wij uit te gaan van de landelijke basisnormen voor tijdelijke scholenbouw¹: 3,5 m² per leerling en een vaste voet van 70 m², met als richtwaarde 80 m² per groep bij tijdelijke bouwaard/dislocatie. Deze normen sluiten aan bij het tijdelijke karakter van de voorziening en zorgen dat de ruimte doelmatig wordt gebruikt. De gemeente hanteert momenteel een hogere norm van circa 5,03 m² per leerling en een vaste voet van 200 m². Omdat voldoende ruimte een uitsluitingscriterium is, vinden wij het belangrijk dat dit criterium wordt toegepast op basis van de landelijke basisnormen voor tijdelijke scholenbouw. Wij vragen daarnaast om duidelijkheid en transparantie over de berekening, zodat helder is welke locaties passend zijn. ¹ Uitvoeringsbesluit voorzieningen in de huisvesting PO/VO (2022), artikel 3; Bijlagen I III bij de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs (2014 heden). *Compacte bouw/hoogbouw bijv. 3-laags indien mogelijk voor efficiënt gebruik van beperkte grond. *Parkeervoorzieningen volgens de (minmale) normen en fietsenstallingen ruimer om fietsen te stimuleren *Er wordt gewerkt met kostendoelmatige en flexibile gebouwen, zoals portocabins (in plaats van 'de modulaire school' met hoge verplaatsingskosten) 8
*In de tijdelijke huisvesting is voldoende ruimte voor de zaken die een school (zijn eigen) kleur geven, denk aan de bibliotheek op school, opslag van (buitenspeel)materiaal, spelend lerend bij de kleuters, ruimte voor hulpverleners die regulier in school rondlopen (denk aan logopediste, remedial teacher, intern begeleider, ruimte voor extra begeleiding cq. plus-klas). *De gemeente faciliteert in een ruimte waarin voorstellingen (denk aan eindmusical) en speciale gelegenheden (denk aan intocht sinterklaas, koffiemomenten met ouders) gevierd kunnen worden. *De tijdelijke huisvesting kent voldoende in- en uitgangen (ook op het plein), bij voorkeur door scheiding van onder-, midden- en bovenbouw, zodat alle leerlingen veilig (zowel fysiek als mentaal) aan hun schooldag kunnen beginnen. D
Gezonde leeromgeving Voor de leerlingen geldt dat de tijdelijke locatie een gezonde en veilige leeromgeving moet bieden. *Geluid moet op de tijdelijke locatie voldoen aan advies GGD volgens quickscan: 50db voor buiten en 33db voor binnen. *Lucht binnen de bebouwde kom: ten minste 25 meter (bij voorkeur ten minste 50 meter) van drukke weg N-weg. *de mate waarin een locatie hieraan voldoet, moet inzichtelijk worden gemaakt per locatie en integraal meegenomen in de afweging Er dient rekening te worden gehouden met de sociale veiligheid van de leerlingen *Afscherming tegen loslopende honden in de buurt van de leerlingen (in het geval van een losloopgebied) *Afscherming naar open water en sloten *Voorkom gebruik van de tijdelijke locatie als hangplek (voornamelijk grotere kans bij Margrietveld)
E
Leefklimaat omwonenden Het leefklimaat voor omwonenden moet blijven op een acceptabel niveau. *Daarbij moet inzicht worden verkregen in bestaande millieu- en geluidsbelasting op de omgeving (bijvoorbeeld nabij wegen en snelwegen) en hoe de tijdelijke school daar extra effecten aan toevoegt. *Beperking van het geluid van scholen naar omwonenden door optionele plaatsing geluidswal tussen scholen en woningen met ca 20 dB geluidsvermindering *Zorg dat drukke wegen niet extra worden belast zodat het huidige verkeer en leefklimaat niet worden veranderd.
F
Mobiliteit De Adviesgroep vindt het belangrijk dat kinderen lopend of fietsend naar school kunnen. *Per fiets en lopend goed bereikbaar (max respectievelijk 5 minuten vanaf huidige locatie) en kindveilige routes 9
*Voorkom toename autogebruik, (autogebruik zal volgens de enquête toenemen van 12% naar 47% indien meer dan 5 minuten van huidige locatie) *De tijdelijke schoollocatie moet voldoen aan eisen voor verkeersveiligheid en bereikbaarheid *Indien nodig kindveilige loop- en fietsroutes inrichten van en naar de school. *Extra autoparkeerplaatsen zijn minder gewenst en dragen niet bij aan de doelstelling. *Voorkom een dagelijkse mix van bouwverkeer en schoolverkeer
G
Overige kaders *Maximaal gebruik van de uitkomsten van participatiefase 1. *De schoolbeleving krijgt expliciete aandacht in keuze voor het type tijdelijke bouw, waarbij ook aandacht wordt besteed aan voldoende daglicht, groen, raambekleding en inrichting buitenspeelplaats. *Bij locatiekeuze heeft de schoolbeleving voorrang op de hoogte van de financien *Indien de tijdelijke huisvesting wordt geplaatst op een plek die nu wordt gebruikt als speelplek door kinderen, worden er passende vervangende speelplekken gerealiseerd, passend bij de leeftijdsgroepen (0-16 jaar) . Denk hierbij ook aan minimale/geen beperkingen bestaande wandel en fietsroutes *Uitgangspunten volgens gebiedspaspoort Nieuwerkerk (zoals behoud van groen) meenemen bij locatie-afweging. Mogelijke vertragingen mbv een risico-analyse: procedures/bezwaren.
*Voorkomen van vertragende procedures in het geval van andere eigenaren van de grond, inclusief omgevingsvergunningen *Gedegen informatie/onderbouwing over keuze locatie ter voorkoming van indienen van bezwaren van omwonenden bij locatiekeuze *Tijdelijke locatie scholen en komst van de ROL in de wijk Zuidplas: analyseer invloed van beide projecten op elkaar en neem de uitkomst mee in het veiligheidsplan van de ROL en en in de keuze van de tijdelijke locatie scholen *Techniek: Netcongestie - voorkomen van weigeren toekenning elektra aansluiting door netbeheerder *Plan maken voor overgang afsluiten elektra huidige locatie naar aansluiten elektra tijdelijke locatie (Energieneutraal)
10