CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Was-wordt-tabel Verordening rechtspositie-renc A24.000600

Gemeenteraad 23 april 2024, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv Wijziging Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Zuidplas 2019805 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 2 - A24.000600

Bijlage 2 Was-wordt-tabel Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Zuidplas 2019 (gewijzigd model, januari 2024) Artikel 2, eerste en tweede lid wordt ‘€ 107,50 per maand’ vervangen door: € 120,- per maand (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst

Nieuwe tekst

1. Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a derde lid van de Gemeentewet, krijgt voor de duur van de activiteiten van die commissie een toelage van € 107,50 per maand, gebaseerd op de maandelijkse vergoeding voor de werkzaamheden als bedoeld in artikel 3.1.1 eerste lid Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a derde lid van de Gemeentewet, krijgt voor de duur van de activiteiten van die commissie een toelage van € 120,- per maand, gebaseerd op de maandelijkse vergoeding voor de werkzaamheden als bedoeld in artikel 3.1.1 eerste lid Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

2. Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4 eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers krijgt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage van € 107,50 per maand.

2. Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend van € 120,per maand.

Artikel 3 komt te luiden (artikel I, onderdeel B, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 3. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden voor reizen buiten de gemeente

Artikel 3. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden

1. Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur als bedoeld in artikel 97 Gemeentewet worden aan een raads- of commissielid vergoed: a.de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; b. bij gebruik van een eigen auto het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt. c. bij gebruik van eigen auto worden ook de parkeer-, veer- en tolkosten vergoed. d. de noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten.

1. Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads- of commissielid vergoed: a. de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; b. bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten;

2. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. 3. Als een raads- of commissielid een tijdelijke functionele beperking heeft, kan voor reizen als bedoeld in het eerste lid, een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking gesteld worden.

2. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. 3. Als een raads- of commissielid een functionele beperking heeft, kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld. 4. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raads- of

Bijlage 2 - A24.000600 commissielid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed.

Artikel 5, tweede lid (artikel I, onderdeel D, van het wijzigingsbesluit) komt te luiden: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

2. Een raads- of commissielid levert na beëindiging van zijn functie deze informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente.

2. Het raads- of commissielid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen na schoning is mogelijk tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer.

Artikel 8, tweede lid (artikel I, onderdeel E, van het wijzigingsbesluit) komt te luiden: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

2. Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratie en bewijsstukken.

2. Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken te overleggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft.

Artikel 9, Intrekking oude verordening komt te luiden: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

De ‘Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden’ wordt ingetrokken.

N.v.t.

Artikel 10, Inwerkingtreding komt te luiden: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na de datum van bekendmaking en publicatie van het Gemeenteblad waarin deze verordening wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2019.

Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na de datum van bekendmaking en publicatie van het Gemeenteblad waarin deze verordening wordt geplaatst.

Bijlage 2 - A24.000600

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13990781/1