Bijlage 2 Memo Toelichting participatieladder en -niveaus - april 2025 A25.001086
Tekst van het document
A25.001086 Bepalen participatieniveaus Afwegingskader Participatie Door antwoord te geven op de vragen in het Afwegingskader (bijlage bij het Kader Participatie), wordt bepaald of en hoe participatie bij een plan of project plaatsvindt. Eerst ligt de vraag voor of het onderwerp zich leent voor participatie en of aan de noodzakelijke randvoorwaarden is voldaan. Zo niet, dan is het verstandig om in dat specifieke geval van participatie af te zien. Als participatie niet juist wordt ingezet of slecht wordt uitgevoerd, werkt het contraproductief. In het Afwegingskader worden een aantal vragen gesteld. De antwoorden op de vragen in het afwegingskader bepalen of participatie zinvol is. En zo ja, welke participatieniveaus en middelen daarbij passen. In de vragen wordt onder andere gepeild wat de fysieke en maatschappelijk/politieke impact van een plan is, of er voldoende ruimte is voor keuzes en alternatieven is, en of er aan randvoorwaarden is voldaan zoals tijd en geld. De antwoorden hierop bepalen het participatieniveau(s) voor het betreffende plan. Participatieladder De mate van invloed die inwoners hebben wordt wel voorgesteld als een participatieladder (p.15 Kader Participatie). De participatieladder kent 6 treden, waarbij sprake is van toenemende invloed van inwoners en een toenemende gebondenheid aan de uitkomst door college en raad.
Er wordt 1 participatieniveau gekozen, soms in combinatie met niveau 1 Informeren. Dit laatste is eigenlijk overbodig omdat informeren reeds in elk participatieniveau is vervat, omdat informatie geven over een plan noodzakelijk is om te kunnen participeren. De ladder is dus niet cumulatief, in die zin dat bij de keuze voor bijv. niveau ‘Meebeslissen‘ eerst alle lagere niveaus worden doorlopen.
Participatieniveaus
Invloed bewoners en rol gemeente
Rol bestuur
Zelfbestuur
Inwoners nemen zelf beslissingen binnen het kader dat het bestuur geeft. Dat is het geval bij referenda en bij wijken dorpsraden. Buurt-, dorps- of wijkbewoners mogen bijvoorbeeld zelf bestemmingen geven aan een buurt-, dorps- of wijkbudget. Het bestuur geeft dan gecontroleerd en onder strikte voorwaarden bevoegdheden aan een groep burgers. Representativiteit, verantwoording en controle zijn dan goed geregeld. Het bestuur en inwoners bepalen samen de probleemagenda, samen wordt gezocht naar oplossingen en ook samen wordt beslist. College en raad moeten het resultaat overnemen en veel aandacht geven aan terugkoppeling naar de inwoners over hun inbreng.
Het bestuur laat de agenda en besluitvorming over aan de inwoners. Ook de beslissing ligt bij de inwoners. De ambtelijke diensten werken adviserend en ondersteunend.
Meebeslissen
Het bestuur en de inwoners bepalen samen de probleemagenda: samen wordt gezocht naar oplossingen en er wordt samen beslist.
Lilian Everaert, communicatieadviseur gebiedsontwikkeling, Cluster PMB, gemeente Zuidplas
Coproduceren
Adviseren
Raadplegen
Informeren
Inwoners nemen deel aan de beleidsof planvorming. Samen met beleidsambtenaren en eventueel externe deskundigen werken inwoners voorstellen uit. Ze investeren relatief veel tijd en nemen ook verantwoordelijkheid: ze zijn (mede-) aanspreekbaar op de geleverde voorstellen/plannen. College en raad moeten het resultaat zwaar mee laten wegen in de besluitvorming en veel aandacht geven aan terugkoppeling naar de deelnemers. Het college neemt wel het uiteindelijke besluit. Inwoners krijgen informatie over een onderwerp, overleggen daarover en komen tot een advies aan raad of college over dat onderwerp. Denk bijvoorbeeld aan adviesraden, klankbordgroepen en jury’s. Deelname vergt een redelijke tijdsinvestering. Inwoners nemen een duidelijke verantwoordelijkheid: ze zijn aanspreekbaar op hun advies. College en raad kunnen (een deel van) het advies naast zich neerleggen, maar ze zullen richting inwoners wel uitvoerig moeten beargumenteren waarom ze dat doen. De gemeente vraagt inwoners om hun mening, hun opvattingen of visie op bepaalde plannen of projecten. Dat wordt gedaan door bijvoorbeeld enquêtes, via het digitaal inwonerspanel, door een reactiemogelijkheid via internet of het organiseren van bijeenkomsten / (meedenk)sessies. De deelname is relatief kort en weinig inspannend. De resultaten van participatie wegen mee in de besluitvorming, maar zijn niet doorslaggevend.
De gemeente informeert inwoners over een plan of project, maar betrekt hen niet in het verdere traject.
Het bestuur en de inwoners bepalen samen de probleemagenda: er wordt dus samen een plan ontwikkeld dat uitgevoerd wordt. De overheid neemt de beslissing en verbindt zich hierbij aan de overeengekomen oplossing.
Het bestuur vraagt advies aan inwoners. De inwoners kunnen problemen aankaarten en oplossingen formuleren. Het gaat hier om het mobiliseren van inwoners om ideeën te genereren.
Het bestuur bepaalt de agenda maar luistert naar de mening van de inwoners, zonder de garantie dat dit tot verbintenissen leidt. Het gaat om een open, vrijblijvend gesprek.
Het bestuur bepaalt de agenda en houdt de inwoners met goede info op de hoogte.
Lilian Everaert, communicatieadviseur gebiedsontwikkeling, Cluster PMB, gemeente Zuidplas
Lilian Everaert, communicatieadviseur gebiedsontwikkeling, Cluster PMB, gemeente Zuidplas