CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Memo beantwoording Technische vragen bij Regionale Laadvisie Z26.000110

Gemeenteraad 4 februari 2026, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv vaststellen regionale laadvisie801 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

*Z26.000110*

Memo

onderwerp Memo beantwoording

datum 15/01/2026

kenmerk Z26.000110

ter attentie van fractie ChristenUnie/SGP

kopie aan

bijlage

afzender J Vijgen

telefoon 0180-330300

e-mail joep.vijgen@zuidplas.nl

cluster Ruimtelijk beleid

Vooruitlopend op de behandeling van de regionale laadvisie in de raadsvergadering zijn er vanuit de fractie ChristenUnie/SGP de volgende technische vragen gesteld: 1. In bijlage 1 regionale laadvisie wordt de netcongestie genoemd als vertragende factor voor de uitrol van meer laadpalen. In 2032 is de verwachting dat de netcongestie is opgeheven voor verzwaring van het stroomnet. Intussen groeit het aantal openbare laadpunten van 2570 naar 7675 in 2030. Is deze groei wel te realiseren ivm de netcongestie? 2. In sommige steden (bv Arnhem sinds 2023) worden laadpalen gekoppeld aan lantaarnpalen om zo optimaal gebruik te kunnen maken van parkeerplaatsen. Veelal zijn dit ook zg snelladers. Is dat voor onze gemeente ook een interessante ontwikkeling en zo ja, hoe gaat onze gemeente daarmee om? 3. Bij private opladers loopt de kabel nogal eens over de stoep omdat de auto op een openbare parkeerplaats voor het huis staat. Dit is niet toegestaan. Welke oplossingen heeft onze gemeente voor deze thuisladers om de kabel veilig op over de stoep te laten lopen? 4. Waarom wordt deze Laadvisie regionaal opgepakt door Midden-Holland, hoort dit bij haar takenpakket? 5. Wat gebeurt er als een van de deelnemende raden van Midden-Holland deze Laadvisie niet vaststelt? Hierbij bieden wij u de antwoorden op bovengenoemde vragen: 1.

Groei laadpunten en netcongestie In bijlage 1 van de Regionale Laadvisie wordt netcongestie genoemd als een vertragende factor voor de uitrol van laadinfrastructuur. Tot 1 januari 2026 was voor de realisatie van openbare laadpalen op een kleinverbruikersaansluiting geen sprake van netcongestie. Op 12 december 2025 heeft de ACM echter het nieuwe prioriteringskader netcongestie vastgesteld. Daarin krijgt laadinfrastructuur geen prioriteit en worden vanaf 1 juli 2026 aanvragen voor nieuwe en zwaardere aansluitingen van zowel klein- als grootverbruikers op één gezamenlijke wachtlijst geplaatst. Dit betekent dat het aannemelijk is dat een deel van de in de Laadvisie opgenomen groeiprognose (van 2.570 naar 7.675 openbare laadpunten in 2030) niet zonder meer

Pagina 1 van 2

onderwerp Memo beantwoording

registratienummer Z26.000110

realiseerbaar is. Of en in welke mate bijstelling nodig is, is op dit moment nog niet vast te stellen. Binnen het Nationaal Agenda Laadinfrastructuur (NAL) wordt op dit moment landelijk verkend welke mitigerende maatregelen mogelijk zijn om de groeiende vraag naar laadinfrastructuur ondanks netcongestie te kunnen blijven faciliteren. Later dit kwartaal verwachten we daar een beter beeld van te hebben. 2. Laadlichtmasten Zogenoemde laadlichtmasten kunnen ook voor onze gemeente een interessante aanvulling vormen op het bestaande instrumentarium. Samen met Regio Midden-Holland is het voornemen om in 2026 in kaart te brengen waar deze techniek technisch toepasbaar is en welke voor- en nadelen dit voor de regiogemeenten heeft. Binnen de nieuwe concessie voor openbare verlichting met ingangsdatum 1 juli 2026 is hier al rekening mee gehouden, zodat toepassing mogelijk is indien dit wenselijk en haalbaar blijkt. Daarbij geldt wel een belangrijke technische nuancering: laadlichtmasten werken op wisselstroom (AC) en niet op gelijkstroom (DC). Laadlichtmasten die op gelijkstroom laden verkeren nog in een experimentele fase en worden op dit moment niet als bewezen grootschalige oplossing beschouwd. 3.

Kabels over de stoep bij private laadpunten Het is niet toegestaan om een verlengd privaat laadpunt te realiseren door middel van een laadkabel over de openbare stoep, vanwege veiligheid, aansprakelijkheid en claimgedrag van openbare parkeerplekken. Onze gemeente biedt hiervoor op dit moment geen structurele oplossingen. Wel worden pilots in andere gemeenten gevolgd om te bezien of daaruit werkbare en juridisch houdbare oplossingen voortkomen die mogelijk later ook lokaal toepasbaar zijn.

4. Waarom een regionale laadvisie via Midden-Holland Het opstellen van de Laadvisie op regionaal niveau is logisch en doelmatig. De Regionale samenwerking Midden-Holland heeft onder meer als taak om uitvoering te geven aan de Regionale Energiestrategie (RES), de mobiliteitstransitie te coördineren en de afstemming met netbeheerders, provincie en Rijk te organiseren. Laadinfrastructuur raakt al deze beleidsterreinen tegelijk. Daarnaast spelen schaalvoordelen. Door regionaal samen te werken ontstaat één samenhangende markt voor laadpaalexploitanten, kan de schaarse netcapaciteit beter worden verdeeld en wordt voorkomen dat gemeenten elkaar onderling beconcurreren. 5. Gevolgen wanneer een gemeenteraad de Laadvisie niet vaststelt Wanneer een gemeenteraad de Regionale Laadvisie niet vaststelt, blijft deze van kracht voor de overige deelnemende gemeenten. De betreffende gemeente doet dan niet mee aan de gezamenlijke uitvoerings- en aanbestedingstrajecten, heeft minder invloed op locatiekeuzes en fasering en loopt het risico dat de ontwikkeling van laadinfrastructuur achterblijft. In de praktijk betekent dit dat marktpartijen en netbeheerders zich primair richten op de gemeenten die wel deelnemen. Dat vergroot het risico op minder laadpunten, langere wachttijden en hogere maatschappelijke kosten voor de energietransitie in de betreffende gemeente.

Pagina 2 van 2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16492934/1