CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 F 710 - Gewijzigde Programmabegroting ODMH 2024 - 2027 E23.004538

Gemeenteraad 21 november 2023, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv begrotingswijziging ODMH 2023 en 202415.172 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

In het kader van de rampenbestrijding bemensen we onder meer de teams Bouwbeheer en Milieubeheer. Waar nodig voeren onze medewerkers het overleg met betrokken partijen zoals gemeenten, welstands- en monumentencommissies, de regionale brandweer en de waterschappen ten behoeve van bovenstaande werkzaamheden en taken.

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

23 van 43

De niet-Wabo gerelateerde zaken in bezwaar- en beroepsprocedures, alsmede juridische advies voor de niet Wabo-taken blijven bij de gemeenten (met uitzondering van de afhandeling van verzoeken om planschade voor de gemeente Gouda). Leges De inning van de leges is en blijft een verantwoordelijkheid van de betreffende gemeente. Wel levert de ODMH de benodigde informatie voor de legesinning, zoals NAW-gegevens, de opgegeven bouwkosten en de hoogte van de op te leggen legesaanslag. Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Op 14 mei 2019 heeft de Eerste kamer ingestemd met de invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). De beoogde ingangsdatum van de wet is gekoppeld aan de invoeringsdatum van de Omgevingswet. Bij het opstellen van deze programmabegroting is de verwachte invoeringsdatum van de wet 1 januari 2023. Voor de implementatie van de wet zijn drie belangrijke randvoorwaarden gesteld: 1. Uit proefprojecten moet duidelijk blijken dat het stelsel borgt dat gerealiseerde bouwwerken voldoen aan het Bouwbesluit; 2. Er moeten voldoende kwaliteitsborgers beschikbaar zijn; 3. De ICT-voorziening zowel bij het rijk als bij de gemeenten moet op orde zijn (relatie met digitale stelsel Omgevingswet (DSO)). Doelen en inhoud wet Een van de hoofddoelen van de Wkb is de positie van de bouwconsument ten opzichte van de bouwende partijen te versterken.

Het tweede hoofddoel betreft een nieuw systeem van kwaliteitsborging bij bouwactiviteiten. Kort samengevat houdt dit in dat de bouwbesluittoets bij gevolgklasse 1 bouwwerken niet meer door de gemeente wordt uitgevoerd, maar door een gecertificeerde partij. Gevolgklasse 1 zijn kleinere bouwwerken, zoals schuren, aanbouw aan een woning, maar ook één (of meerdere) gehele woning(en). Bij oplevering van een bouwwerk geeft de kwaliteitsborger een verklaring af waarin staat dat het bouwwerk voldoet aan de voorschriften van het Bouwbesluit. Alle overige toetsing en toezicht blijven wel bij de gemeente. Het rijk evalueert de wet na drie jaar en bepaalt dan of ook andere gevolgklassen onder deze wet kunnen vallen. Consequenties Consequentie van het wegvallen van de toetsing op het bouwbesluit, is dat gemeenten voor dit deel van de toetsing geen leges kunnen innen en de Wkb voor gemeenten ook financiële gevolgen heeft. De ODMH bereidt zich voor op de ontwikkelingen door een impactanalyse en het uitvoeren van proefprojecten. In 2020 vond een landelijk onderzoek met meerdere omgevingsdiensten plaats. Uit het landelijke onderzoek en de impactanalyse van de ODMH uit 2020, blijken dat de Wkb bij BWT impact heeft op vergunningverlening en toezicht. De ODMH anticipeert waar mogelijk al op afname van de werkzaamheden.

Voor de bouwwerken zal de ODMH wel de vergunningaanvragen voor welstand en strijdigheid met het omgevingsplan blijven toetsen. In deze programmabegroting houden we in de meerjarenbegroting indicatief rekening met de Wkb. Ook blijft de gemeente bevoegd voor de handhaving. Kwaliteit uitvoering VTH taken Vanuit de huidige Wabo (dan wel vanuit de Omgevingswet na invoering daarvan) en de vastgestelde kwaliteitsverordening hebben het college van B & W, respectievelijk Gedeputeerde Staten, jaarlijks de

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

24 van 43

verplichting over de kwaliteit van de uitvoering van de VTH taken te rapporteren aan de gemeenteraad, respectievelijk Provinciale Staten. De kwaliteitscriteria 2.2, zowel voor de kritieke massa als voor de processen, zijn de basis voor de uitvoering van de taken door de ODMH. De kwaliteitscriteria 2.2 zijn een door de samenwerkende overheden ontwikkelde standaard voor de uitvoering van de taken. Jaarlijks rapporteren we hierover aan de opdrachtgevers. Voor de VTH-taken (Vergunning, Toezicht en Handhaving) op het gebied van bouw- en woningtoezicht voldoet de ODMH aan de landelijke kwaliteitscriteria. Door het samenvoegen van de BWT formatie uit Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Waddinxveen en Zuidplas is sprake van een bundeling van kennis en kunde en wordt goede dienstverlening gerealiseerd.

4.3

Wat mag het kosten?

Het begrotingstotaal van het programma bouw- en woningtoezicht bedraagt € 5.830.518. De complete begroting voor het jaar 2024 ziet er als volgt uit:

Programmabegroting 2023 BWT Baten

Lasten

Contractuele bijdragen Overige bijdragen Projectbaten Onttrekking reserves

-7.166.835 -30.000 -66.772 -

Personeelskosten Apparaatskosten Directe productkosten Projectlasten Financieringslasten Dotatie reserves

5.587.515 164.424 11.807 66.772 -

Totaal baten

-7.263.607

Totaal lasten

5.830.518

Saldo van baten en lasten

-1.433.089

Voor de gemeentelijke bijdragen voor het programma bouw- en woningtoezicht wordt verwezen naar bijlage 1 en 3.

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

25 van 43

5

Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien

5.1

Overhead

Als gevolg van het vernieuwde BBV wordt de overhead met ingang van begrotingsjaar 2018 apart gepresenteerd. De inhoudelijke programma’s milieu en bouw- en woningtoezicht bevatten geen kosten en opbrengsten van overhead meer. In het vernieuwde BBV wordt overhead gedefinieerd als ‘Alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces’. Overhead bestaat in elk geval uit: 1. Leidinggevenden primair proces (hiërarchisch). Projectleiding valt hier buiten. Het betreft alle hiërarchische leidinggevenden in het primair proces. Zij hebben een personele verantwoordelijkheid waaronder het voeren van functioneringsgesprekken. Niet: projectleiding en coördinatoren. 2. Financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie. Het betreft functies als controllers, financieel adviseurs en specialisten, planning & control, financiële verantwoording, administratieve organisatie, risicomanagement, (EDP) auditing, interne kwaliteitszorg, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie; 3. Human Resource (HR). Het betreft salarisadministratie, HRM-advies, organisatie- en formatieadvies, OR-ondersteuning, mobiliteitscentrum, coaching, leren en ontwikkelen, bedrijfsmaatschappelijk werk, ARBO, recruitment, arbeidsvoorwaarden, HR-control.

Het is exclusief opleidingen, welke door HR gegeven worden en gericht zijn op de directe uitvoeringspraktijk. 4. Inkoop (inclusief aanbesteding en contractmanagement). 5. Interne en externe communicatie m.u.v. klantcommunicatie (KCC). Het gaat om zowel interne als externe communicatie. Niet: projectcommunicatie en medewerkers die bij een projectbureau werken. 6. Juridische zaken. Het betreft juridische medewerkers die op de bedrijfsvoering afdeling werken of belast zijn met een bedrijfsvoeringstaak op een afdeling. Niet: afhandeling van bezwaar- en beroepschriften. Niet: juristen die primaire taken verrichten (bijvoorbeeld vergunningverlening). 7. Bestuurszaken en bestuursondersteuning. Het betreft bestuursadviseurs en bestuursondersteuner, zijnde de ambtelijke ondersteuning en beleidsadvisering van de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders. Niet: raadsgriffie (behoort tot facilitering bestuursorganen, taakveld 0.1). 8. Informatievoorziening en automatisering (ICT). Het betreft medewerkers informatisering en automatisering, systeem-en netwerkbeheer, werkplekondersteuning, helpdesk, ontwikkeling ICT projectmanagement, technisch applicatiebeheer en functioneel applicatiebeheer dat door bedrijfsvoering medewerkers wordt gedaan (het is exclusief functioneel beheer ten behoeve van primaire proces systemen). 9. Facilitaire zaken en Huisvesting.

Het is inclusief receptie, beveiliging en catering en gebouwenbeheerders. 10. DIV. Het betreft medewerkers die kaders stellen en richtlijnen ontwikkelen, zich bezighouden met expertise-ontwikkeling, adviseren bij procesinrichting en –aansluitingen op e-depot, DMS inrichten en beheren, zich bezighouden met postregistratie en e-depot, archiefonderzoeken en coördineren (niet zijnde leidinggevende), fysieke en digitale documenten verwerken, vernietigen en overbrengen en fysiek en digitaal archief opbouwen en beheren. Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

26 van 43

11.

Managementondersteuning primair proces. Het betreft secretariaten, office management en management assistentie in het primair proces.

Bovenstaande indeling kan terug gebracht worden tot de volgende uitgangspunten als men naar de gehele organisatie kijkt. • Directe kosten zoveel mogelijk direct toerekenen aan de betreffende taakvelden. • Ondersteunende taken zijn niet direct dienstbaar aan de externe klant of het externe product en behoren derhalve tot de overhead. Wanneer deze ondersteunende taken worden uitbesteed, behoren de uitbestedingskosten bedrijfsvoering tot de overhead (bijvoorbeeld uitbesteding salarisadministratie). • Sturende taken vervuld door hiërarchisch leidinggevenden behoren tot de overhead. De bijbehorende loonkosten behoren ondeelbaar tot de overhead. • De positionering van een functie binnen de organisatie heeft geen invloed op de beoordeling of er sprake is van overhead. Specifiek voor de ODMH kunnen de volgende conclusies getrokken worden: • De afdeling Bedrijfsvoering wordt toegerekend aan de overhead met uitzondering van het cluster Functioneel Applicatiebeheer, welke de systemen van het primair proces in beheer heeft. • De huisvestingslasten zijn overhead met uitzondering van de kosten die gemaakt worden voor de Zwanebloem. • Alle loonkosten van MT-leden en teamleiders van de afdelingen milieu en BWT behoren tot de overhead. • Alle loonkosten van de bedrijfskundige en communicatiemedewerkers behoren tot de overhead.

• De juristen op het gebied van milieu en BWT behoren tot het primair proces. Juristen op het gebied van P&O behoren tot de overhead. • Beleidsadvisering op het gebied van milieu en BWT behoort tot het primair proces.

5.2

Vennootschapsbelasting

Per 1 januari 2016 is de Wet Modernisering Vennootschapsbelastingplicht Overheidsondernemingen in werking getreden. Ondersteund door een fiscalist van Deloitte heeft de ODMH onderzocht welke gevolgen deze wet heeft voor de dienst. Geconcludeerd is dat de ODMH aangemerkt wordt als ondernemer in de zin van de wet voor een beperkt aantal van haar aanvullende taken. Niet voor de primaire taken voor milieu en BWT. Omdat op deze aanvullende taken geen winst behaald wordt, is de ODMH volledig vrijgesteld van aangifte én van de administratieve rompslomp die daarbij komt kijken. Om ook in de toekomst gevrijwaard te blijven van aangifte, moet de ODMH deze en eventuele nieuwe taken blijven monitoren.

5.3

Onvoorzien

De ODMH heeft net als voorgaande jaren geen post onvoorzien opgenomen in haar begroting.

5.4

Wat mag het kosten?

Het begrotingstotaal van de overhead bedraagt € 8.030.333. De complete begroting voor het jaar 2024 ziet er als volgt uit:

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

27 van 43

Programmabegroting 2024 Overhead Baten

Lasten

Contractuele bijdragen Overige bijdragen Financieringsbaten Onttrekking reserves

-666.904 -112.195 -46.543

Personeelskosten Apparaatskosten Directe productkosten Projectlasten Financieringslasten Dotatie reserves

5.124.781 2.816.884 88.668 -

Totaal baten

-825.642

Totaal lasten

8.030.333

Saldo van baten en lasten

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

7.204.692

28 van 43

6

Paragrafen

Artikel 26 van het BBV schrijft de volgende paragrafen voor.

6.1

Lokale heffingen

De paragraaf betreffende de lokale heffingen is voor het ODMH niet van toepassing.

6.2

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

De paragraaf weerstandsvermogen dient te omvatten: a. Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover het ODMH beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken; b. Een inventarisatie van de risico's, waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Hierbij dient bijvoorbeeld te worden gedacht aan risico’s in het kader van organisatieontwikkelingen, rechtmatigheid, garantieverplichtingen, voldoen aan formele voorschriften met betrekking tot de uitvoering van regelingen door het ODMH; c. Het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico’s en de realisatie daarvan. Weerstandsvermogen Bij het weerstandsvermogen gaat het om de mate waarin de ODMH in staat is middelen vrij te maken om substantiële tegenvallers op te vangen, zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd moet worden. Een buffer is daarom wenselijk. Bij het weerstandsvermogen gaat het dus om de robuustheid van de begroting. In de regeling voor de ODMH is bepaald dat de kosten, die niet uit andere inkomsten kunnen worden gedekt, ten laste van de deelnemende organisaties komen. Dat impliceert dat de financiële gevolgen van risico’s, die niet binnen de begroting van de ODMH kunnen worden opgevangen, uiteindelijk ten laste van de deelnemende organisaties zullen worden gebracht.

Deze bepaling zou tot de opvatting kunnen leiden, dat het voor de ODMH niet nodig is om over weerstandscapaciteit te beschikken. Daartegen staan de volgende argumenten: • De ODMH is zelfstandig rechtspersoon met eigen bevoegdheden en verantwoordelijkheden. • Het is onwerkbaar voor de ODMH (en voor de provincie en gemeenten) als de ODMH zich voor iedere tegenvaller tot hen moet wenden, met het verzoek om een (incidentele of structurele) verhoging van de bijdrage. Weerstandscapaciteit Wanneer een risico zich voordoet, welke niet kan worden opgevangen in de reguliere exploitatie, zal in eerste instantie een beroep gedaan worden op de weerstandscapaciteit. Tot de aanwezige weerstandscapaciteit kunnen worden gerekend (in volgorde van aanspreken bij het voordoen van een risico): 1. Algemene reserve 2. Verhoging jaarlijkse bijdrage 3. Verzilveren eventuele stille reserves De hoogte van de weerstandscapaciteit op basis van de geprognosticeerde standen is als volgt: Algemene reserve: € 1.152.500 (geprognosticeerde stand per begin 2024)

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

29 van 43

De omvang van het weerstandsvermogen van de ODMH is gerelateerd aan de risico’s die de organisatie loopt. Deze risico’s zijn begin 2023 opnieuw in kaart gebracht en ook financieel vertaald. Om aan te sluiten bij algemeen aanvaarde grondslagen is hierbij gebruik gemaakt van NARIS, de methodiek van het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR). De uitkomsten van de initiële risicoanalyse volgens deze methode zijn meegenomen in de Nota Weerstandsvermogen & Risicomanagement 2018. De uitgevoerde risico-inventarisatie inclusief kwantificering is een logische basis voor het bepalen van het gewenste weerstandsvermogen. Bij de actualisatie van begin 2023 is vooral gekeken naar de invloeden van de krappe arbeidsmarkt en de digitalisering van processen. De arbeidsmarkt is momenteel moeizaam en zorgt daarmee voor een risicoverhogend effect. Dit effect wordt door ons bestreden door het inzetten van goed scorende wervingsacties, al dan niet optrekkend met de andere omgevingsdiensten in Zuid-Holland. De digitalisering van de processen brengt vooral ICT-risico’s met zich mee. Hiervoor zijn diverse maatregelen getroffen om die te verkleinen. Die maatregelen betreffen onder andere de back-up en de beveiliging van alle systemen. Ook de Wifi binnen het MiddenHollandhuis is vernieuwd, waardoor een beter en stabiel bereik gerealiseerd is en uitval van systemen voorkomen wordt.

De uitgevoerde actualisatie van de risico-inventarisatie leidt tot een kleiner totaal aan risico’s dan in voorgaand jaar. Ook het gewenste weerstandsvermogen is daarom afgenomen ten opzichte van vorig jaar. De in NARIS uitgevoerde risicosimulatie op basis van de geactualiseerde inventarisatie levert de volgende tabel met de bij de zekerheidspercentages behorende bedragen voor het benodigde weerstandsvermogen op:

Zekerheidspercentage 10% 25% 50% 75% 80% 90% 95% 99%

Bedrag € 365.159 € 539.845 € 796.092 € 1.141.447 € 1.244.045 € 1.531.515 € 1.785.315 € 2.328.626

Uitgaande van het door het NAR geadviseerde zekerheidspercentage van 90% voor het totaal aan risico’s wordt het gewenste weerstandvermogen (streefhoogte van de algemene reserve) op basis van deze risico-inventarisatie bepaald op € 1.531.515. Conform de wens van het algemeen bestuur om het weerstandsvermogen van de ODMH te compartimenteren in een BWT- en een milieudeel, wordt het weerstandsvermogen in 2 delen gesplitst. Voor deze splitsing wordt de verhouding in risico’s tussen BWT en milieu als verdeelsleutel gehanteerd: 13% voor BWT en 31% voor milieu. Ook de overheadrisico’s van in totaal 56% worden in die verhouding verdeeld. Het gewenste gecompartimenteerde weerstandvermogen ziet er dan als volgt uit:

Gewenst weerstandvermogen: Aandeel BWT Aandeel milieu Totaal

€ 452.493 € 1.079.022 € 1.531.515

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

30 van 43

Het streefsaldo van het weerstandsvermogen bedraagt dus € 1.531.515. De aanwezige weerstandscapaciteit bedraagt op 1 januari 2024 naar verwachting € 1.152.500. Bij de initiële programmabegroting was dit € 1.402.500. Deze daling is het gevolg van de geraamde onttrekking in 2023 van € 250.000 om een deel van het gat in de begroting te dichten. Het gat dat ontstaan is door de disbalans in de index van de ODMH en de veel hogere werkelijke inflatie. Geconcludeerd kan worden dat de berekende aanwezige weerstandscapaciteit in 2024 naar verwachting 75,3% van het gewenste weerstandvermogen bedraagt. Het weerstandsvermogen zal door de onttrekking in 2023 onder het gewenste niveau zitten, maar de verwachting is dat dit op termijn weer kan worden hersteld. In de tussentijd blijft de ODMH haar risico’s en dekking zorgvuldig monitoren, zodat haar deelnemers te allen tijde weten hoe de dienst er voor staat. Ondanks het gecompartimenteerde weerstandsvermogen behoudt de ODMH één algemene reserve. Deze wordt dus niet feitelijk gesplitst, maar slechts gelabeld conform de risico-inventarisatie. Kengetallen Op grond van een ministeriële regeling moeten de volgende financiële kengetallen weergegeven worden. Verloop van de kengetallen

Kengetallen: netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte grondexploitatie belastingcapaciteit

Verslag 2022 12,5% 12,5% 18,8% 0,0% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2024 10,2% 10,2% 14,7% 0,0% n.v.t. n.v.t.

Verloop van de kengetallen

Kengetallen: netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte grondexploitatie belastingcapaciteit

Begroting 2023 11,3% 11,3% 18,4% -0,1% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2025 9,0% 9,0% 14,4% 0,0% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2026 7,8% 7,8% 14,0% 0,0% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2027 6,7% 6,7% 13,7% 0,0% n.v.t. n.v.t.

De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de medeoverheid ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Normaliter ligt de netto schuldquote tussen 0% en 90%. Pas bij 100% wordt de kritische norm bereikt. De ODMH voldoet dus ruim aan de norm. Het corrigeren voor alle verstrekte leningen wijzigt de netto schuldquote niet. De ODMH verstrekt immers geen leningen. Solvabiliteit gaat over de vraag of een organisatie in staat is om aan alle financiële verplichtingen te voldoen. Het solvabiliteitsratio zakt ten opzichte van de begroting 2023 als gevolg van de onttrekking aan de algemene reserve om een deel van het financiële gat als gevolg van de hoge inflatie in 2023 te dichten. Deze ratio is wel van voldoende niveau, waarmee aangegeven wordt dat de ODMH in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een organisatie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

31 van 43

daling van de lasten daarvoor nodig is. Uit de resultaten blijkt dat de structurele baten en lasten van de ODMH gelijk zijn, hetgeen een financieel gezonde situatie weergeeft. De kengetallen voor de grondexploitatie en de belastingcapaciteit zijn niet van toepassing op de ODMH.

6.3

Onderhoud kapitaalgoederen

In deze paragraaf dient inzicht te worden gegeven in de realisatie van het beleid ten aanzien van het onderhoud van kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties ten opzichte van de begroting. Het gaat hierbij tevens om het verlangde onderhoudsniveau, de (lange termijn) onderhoudsplanning voor alle belangrijke activa en het voorzieningenbeleid ter zake. Sinds begin 2015 is het Midden-Hollandhuis eigendom van de ODMH. Voor het meerjaren onderhoud is een voorziening beschikbaar, die gebaseerd is op het meerjarenonderhoudsplan. Begin 2023 is het meerjaren onderhoudsplan van het Midden-Hollandhuis geactualiseerd. Dit plan bestaat uit 2 delen. Een voor het onderhoud van het pand en een voor de technische installaties. Op basis van de actuele stand van zaken is voor beide delen een langjarige begroting opgesteld. Beide kennen een looptijd van 30 jaar. Op basis van deze actuele gegevens is in 2023 de jaarlijks benodigde dotatie opnieuw berekend. De benodigde dotatie voor 2024 bedraagt € 110.619. Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd.

6.4

Financiering

In deze paragraaf dient de realisatie van de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille te worden opgenomen. In de vergadering van het algemeen bestuur van de ODMH van 14 maart 2019 is het actuele Treasurystatuut vastgesteld. In dit statuut wordt de beleidsmatige infrastructuur van de treasuryfunctie vastgelegd in de vorm van uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten. Het statuut maakt een objectieve en transparante verantwoording vooraf en achteraf mogelijk. Jaarlijks wordt zowel in de begroting als in de jaarrekening een treasuryparagraaf opgenomen. In deze paragraaf worden de specifieke beleidsvoornemens respectievelijk de uitvoering van het beleid op het gebied van de treasury vastgelegd. In het kort wordt de huidige situatie weergegeven met betrekking tot een aantal aandachtspunten: Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft aan in welke mate in de financiering van investeringen mag worden voorzien in de vorm van kortlopende middelen. Volgens de wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) bedraagt de kasgeldlimiet 8,2% van het totaal van de (primitieve) begroting van ruim € 25,1 miljoen, ofwel ruim € 2,06 miljoen. De confrontatie van de kasgeldlimiet aan de netto vlottende schuld vindt per kwartaal plaats.

Geldstromenbeheer De kosten van het geldstromenbeheer hebben wij beperkt door gebruik te maken van het “pakket geïntegreerde dienstverlening“ van de Bank voor Nederlandse Gemeenten (BNG). Het betalingsverkeer is zoveel mogelijk uitgevoerd door de BNG. Vanaf december 2013 heeft de overheid het schatkistbankieren voor o.a. de gemeenschappelijke regelingen verplicht gesteld. Het nadeel van

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

32 van 43

deze verplichting is dat er nauwelijks nog rendement behaald kan worden op (tijdelijk) overtollige middelen. De ODMH bezit geen aandelen en financiële derivaten. Renterisicobeheer Bij het aantrekken van langlopende financiering stelt de wet Fido een norm waaraan het renterisico van de langlopende opgenomen leningen als geheel moet voldoen. Deze norm wordt aangeduid als de renterisiconorm en bedraagt 20% van het begrotingstotaal. De aflossingen en renteherzieningen van de bestaande leningenportefeuille mogen jaarlijks deze norm niet overschrijden. De renterisiconorm bedraagt 20% van het begrotingstotaal van € 25,1 miljoen ofwel € 5,0 miljoen. De toetsing van het renterisico aan de norm laat zien dat de ODMH binnen de norm blijft. De berekening van deze toetsing is als volgt: Renterisico's Renteherzieningen 2024 Aflossingen 2024 Renterisico 2024

89 89

Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal 2024 Percentage conform regeling Renterisiconorm 2024

25.145 20% 5.029

Toetsing renterisco aan norm Renterisico Renterisiconorm Onderschrijding

89 5.029 4.940

Bedragen x € 1.000,-

Financiering Tegelijk met het pand heeft de ODMH de bijbehorende geldlening van het ISMH overgenomen. Op 1 januari 2023 bedraagt deze geldlening € 2.767.060. De lening is annuïtair en het rentepercentage bedraagt sinds 1 juli 2013 3,62% met een rentevastperiode van 10 jaar. In 2023 wordt een nieuwe rentevastperiode afgesloten. Het nieuwe rentepercentage voor deze nieuwe en laatste periode van 10 jaar is medio maart 2023 vastgelegd op 3,34%, iets gunstiger dan het huidige percentage. Omdat de ODMH de jaarprogramma’s elk kwartaal vooruit in rekening brengt, is verdere financiering van de exploitatielasten niet noodzakelijk. Renteschema Het vernieuwde BBV stimuleert een eenduidige handelwijze met betrekking tot rente (harmonisering) en het eenduidig inzichtelijk maken van de wijze waarop de overheden met rente zijn omgegaan (transparantie). Daarbij is het uitgangspunt dat zoveel mogelijk wordt uitgegaan van de (verwachte) werkelijke rentelasten.

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

33 van 43

Renteschema Externe lasten over de korte en lange financiering Externe baten Saldo rentelasten en rentebaten Aan projectfinanciering toe te rekenen rente Aan taakvelden toe te rekenen externe rente Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld Treasury

Bedrag 88.668 -112.195 -23.527 0 0 0 0 0 0 -23.527

De ODMH betaalt alleen rente over haar geldlening voor het pand en rekent deze toe aan het taakveld 0.5 Treasury. Het renteresultaat is nihil. In onderstaand schema is de toerekening aan het pand omschreven als projectfinanciering.

6.5

Bedrijfsvoering

De afdeling Bedrijfsvoering levert diensten aan de overige afdelingen van de ODMH. Ook worden diensten aan de RDOG, Regio Midden-Holland en Omgevingsdienst NL geleverd. Dit gebeurt op basis van dienstverleningsovereenkomsten met genoemde organisaties. De afdeling Bedrijfsvoering ondersteunt de uitvoering van het programma. Het welslagen van het programma is mede afhankelijk van de doelmatigheid, transparantie en kwaliteit van de bedrijfsvoering. De externe dienstverlening is gebaat bij een goede interne bedrijfsvoering. De paragraaf bedrijfsvoering dient inzicht te geven in de stand van zaken en de realisatie van de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. Hierbij gaat het om de volgende onderwerpen: Human Resource (HR): Tot de reguliere taken van HR behoren onder andere het HR-beleid, werving en selectie, advisering en de personeels- en salarisadministratie. De ODMH streeft ernaar een inclusieve overheidsorganisatie te zijn, waar vacatures zijn voor hoog- en minder hoogopgeleiden maar ook voor participatiebanen. Wij voeren een actief stagebeleid en onderzoeken mogelijkheden voor gezamenlijke acties met andere omgevingsdiensten in de regio, met name op het terrein van arbeidsmarktcommunicatie. Dit om de toekomstige verwachte krapte op de arbeidsmarkt het hoofd te bieden. Externe inhuur De ODMH beperkt de inzet van externe inhuur zoveel mogelijk.

Jaarlijks bepalen wij de benodigde flexibele schil. Hierbij houden wij rekening met ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op onze personele behoefte. De flexibele schil is nodig om schommelingen in de personele behoefte op te kunnen opvangen met zo min mogelijk gevolgen voor ons personeel in vaste dienst. Schommelingen worden veroorzaakt door onder andere de conjunctuur en veranderingen in wetgeving zoals de Omgevingswet, Wet kwaliteitsborging voor het bouwen en de overdracht van provinciale bodemtaken naar gemeenten onder de Omgevingswet. Financieel beheer en Administratieve organisatie: Bij de vaststelling van de Financiële Verordening artikel 212 Gemeentewet en Controle verordening artikel 213 Gemeentewet is bepaald wanneer afzonderlijke nota’s moeten worden geactualiseerd:

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

34 van 43

- reserves en voorzieningen - tarieven - weerstandsvermogen en risicomanagement - onderhoud kapitaalgoederen en gebouwen - bedrijfsvoering

iedere 4 jaar; op verzoek van algemeen bestuur; iedere 4 jaar; iedere 4 jaar; iedere 4 jaar.

Facilitaire zaken: Tot de facilitaire taken behoren inkoop, receptie- en reprowerkzaamheden. Ook zorgt dit cluster voor het beheer van het pand aan de Thorbeckelaan 5, het Midden-Hollandhuis.

Duurzaam inkopen De ODMH streeft naar duurzame keuzes. Naast kwaliteit en doelmatigheid, is duurzaamheid een belangrijk uitgangspunt in ons inkoopproces. Op dit moment speelt onder andere de verduurzaming van ons kantoorpand. Informatisering en automatisering Wettelijke voorschriften maken het in toenemende mate noodzakelijk om efficiënt en met hoge kwaliteit te werken. Steeds meer informatie dient toegankelijk te zijn voor burgers, bedrijven en organisaties. Deze ontwikkelingen vereisen moderne ICT-apparatuur en hoge beschikbaarheid. Er wordt daarom gewerkt aan en geïnvesteerd in digitalisering van werkprocessen. Digitalisering Digitalisering is prominent aanwezig bij de ODMH. De kansen die digitalisering biedt, gebruiken wij om onze dienstverlening doorlopend te verbeteren. De ODMH heeft een actieve rol in de Altijd Actuele Digitale Vergunning (AADV). Daarnaast spelen onder andere de vervanging van de Wet openbaarheid bestuur (Wob) door de Wet open overheid (Woo) en de uitbouw van het Digitaal Stelsel Omgevingswet landelijke voorziening (DSO-LV). Informatieveiligheid De ODMH hecht grote waarde aan informatiebeveiliging. De Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) wordt onderschreven. Hieraan verbonden maatregelen zoals back-up, multi-factor-authenticatie, storage zijn doorgevoerd.

Met het aantrekken van een CISO streeft de ODMH naar optimalisatie van de informatiebescherming. Op het gebied van persoonsgegevens heeft de ODMH een Functionaris Gegevensbescherming (FG) die handelt op grond van de in de AVG en Wpg vastgelegde bepalingen. Samen met de andere Omgevingsdiensten in Zuid-Holland wordt bezien of meer intensieve samenwerking en/of het delen van functionarissen op het terrein van de informatiebeveiliging kan worden gerealiseerd. Digitale informatievoorziening: De afdeling DIV zorgt binnen de ODMH voor de (digitale) informatievoorziening.

6.6

Verbonden partijen

De ODMH heeft geen verbonden partijen (een privaat- dan wel publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeenschappelijke regeling een bestuurlijk én een financieel belang heeft). De relatie tussen de ODMH en de deelnemende provincie en gemeenten valt niet onder deze noemer. Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

35 van 43

6.7

Openbaarheid

Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) in werking getreden. Deze wet verplicht bestuursorganen om op termijn verschillende categorieën documenten uit eigen beweging openbaar te maken (actieve openbaarmakingsplicht). De ODMH is hiermee gestart.

6.8

Grondbeleid

De verplichte paragraaf Grondbeleid is niet van toepassing voor de ODMH.

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

36 van 43

7

Vaststelling begroting van baten en lasten 2024 - 2027

Het algemeen bestuur van de omgevingsdienst Midden-Holland, ▪ gezien het voorstel van het dagelijks bestuur van 14 augustus 2023, ▪ gezien de toezending van de ontwerpbegroting aan de raden van de deelnemende gemeenten en aan Provinciale Staten van de Provincie Zuid-Holland, twaalf weken voor de vaststelling in het algemeen bestuur, BESLUIT: De gewijzigde programmabegroting van baten en lasten voor de jaren 2024 – 2027 vast te stellen.

Aldus besloten in de openbare vergadering van het algemeen bestuur op 14 december 2023.

De secretaris,

De voorzitter,

………………

………………

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

37 van 43

Bijlagen

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

38 van 43

Bijlage 1: Bijdragen 2024

Organisatie

Milieu Regulier jaarprogramma Bezuiniging Overdracht bodemtaken Overige gevolgen invoering Ow Materieel budget Korting publicatiekosten EPRTR Veiligheidsonderzoek waterbodems Zwemportaal Incidentele bijdragen Totaal milieu Bouw- en woningtoezicht Regulier jaarprogramma Asbesttaken Sloopmelding en -toezicht Bezuiniging Afname a.g.v. invoering Wkb BRIKS-advisering Incidentele bijdragen Totaal bouw- en woningtoezicht Totaal Organisatie

Milieu Regulier jaarprogramma Bezuiniging Overdracht bodemtaken Overige gevolgen invoering Ow Materieel budget Korting publicatiekosten EPRTR Veiligheidsonderzoek waterbodems Zwemportaal Incidentele bijdragen Totaal milieu Bouw- en woningtoezicht Regulier jaarprogramma Asbesttaken Sloopmelding en -toezicht Bezuiniging Afname a.g.v. invoering Wkb BRIKS-advisering Incidentele bijdragen Totaal bouw- en woningtoezicht Totaal

Alphen aan den Rijn

Bodegraven Reeuwijk

Uren

Bijdrage

Uren

Bijdrage

Uren

Bijdrage

Uren

Bijdrage

31.756 8381.778 PM n.v.t.

3.502.646 92.430196.111 PM 5.000

14.251

1.571.867

15.344

1.692.424

19.316

2.130.530

729 PM

80.408 PM

802 PM

88.460 PM

1.363 PM

150.337 PM

n.t.b. 32.696

n.t.b. 3.611.327

n.t.b. 14.980

n.t.b. 1.652.275

n.t.b. 16.146

n.t.b. 1.780.883

450 21.129

49.634 2.330.502

17.566

1.937.452

23.700

2.614.080 750

82.724

750 21.879

82.724 2.413.226

3.001 75-

2.926 35.622

Gouda

Krimpenerwaard

331.006 8.272-

322.734 3.934.061

Provincie Zuid-Holland

872-

96.180-

1.176-

129.711-

n.t.b. 16.694 31.674

n.t.b. 1.841.272 3.493.547

n.t.b. 22.524 38.670

n.t.b. 2.484.369 4.265.252

Waddinxveen

Uren

Bijdrage

Uren

33.291

3.671.955

8.801

4.764PM n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.t.b. 28.527

525.463PM 54.500 30.0002.252 55.000 60.000 n.t.b. 3.288.244

n.v.t.

50.000

28.527

50.000 3.338.244

Bijdrage

Zuidplas

Totaal

Uren

Bijdrage

Uren

Bijdrage

970.739

14.915

1.645.106

453 PM

49.965 PM

874 PM

96.401 PM

137.674 8381.235 PM

n.t.b. 9.254

n.t.b. 1.020.704

n.t.b. 15.789

n.t.b. 1.741.507

450 138.521

15.185.267 92.430136.219 PM 59.500 30.0002.252 55.000 60.000 49.634 15.425.442

7.998

882.169

15.224

1.679.188

397-

43.789-

756-

83.386-

n.t.b. 7.601 16.855

n.t.b. 838.381 1.859.085

n.t.b. 14.468 30.257

n.t.b. 1.595.802 3.337.309

64.488 750 3.001 753.201n.v.t. n.t.b. 64.963 203.484

7.112.889 82.724 331.006 8.272353.06650.000 n.t.b. 7.215.281 22.640.724

Index 2024: 6,92% Uurtarief 2024: € 110,30

Toelichting overdracht bodemtaken Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet, naar verwachting op 1 januari 2024, zal het bevoegd gezag voor een substantieel deel van de huidige provinciale bodemtaken naar de gemeenten omgezet worden. Dit betekent voor de provincie een verlaging van het aantal uren en voor de Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

39 van 43

gemeenten een verhoging van het aantal uren. Onduidelijk is nog of gemeenten hiervoor (voldoende) middelen krijgen van het Rijk. Voor een klein gedeelte van deze nieuwe bodemtaken is heffing van leges mogelijk. Toelichting overige gevolgen invoering Omgevingswet Naast bovenstaande wijziging van de bodemtaken zal de Omgevingswet tot meer wijzigingen in het productenpakket van de ODMH leiden. De ODMH streeft ernaar deze wijzigingen budgettair neutraal uit te voeren. Toelichting bezuiniging In 2024 bezuinigt de gemeente Alphen aan den Rijn 2,5% op het totale jaarprogramma. Dit is conform de bepalingen in de Nota P&C. Toelichting reguliere jaarprogramma's BWT De jaarprogramma’s BWT van de gemeenten Bodegraven Reeuwijk en Gouda zijn gebaseerd op de vastgestelde jaarprogramma’s. De overige twee jaarprogramma's zijn gebaseerd op de basisniveaus van de betreffende gemeenten. Voor de gemeenten Bodegraven Reeuwijk en Gouda blijven de basisniveaus van respectievelijk 15.010 en 17.332 uur wel van toepassing. Toelichting asbesttaken De asbesttaken maken onderdeel uit van de BWT-taken. Voor de 4 BWT-gemeenten zijn deze taken opgenomen in het jaarprogramma voor BWT. Toelichting sloopmelding en – toezicht Met ingang van juni 2022 besteedt de gemeente Alphen aan den Rijn alle taken voor sloopmelding en -toezicht uit aan de ODMH.

Tot en met mei 2022 deed zij dat alleen voor de asbestgerelateerde taken. De omvang van dit takenpakket is jaarlijks 3.001 uur. Ook op deze uren wenst de gemeente Alphen aan den Rijn 2,5% te bezuinigen in 2024. Toelichting afname a.g.v. invoering Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Op 1 januari 2023 treedt naar verwachting de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking. De omvang van de taken voor de jaarprogramma's zal daardoor afnemen. Voor de effecten van de invoering op de jaarprogramma's is door de ODMH, op basis van diverse onderzoeksrapporten, een impactanalyse gemaakt. De uitkomsten daarvan zijn in de programmabegroting verwerkt.

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

40 van 43

Bijlage 2: Provinciale bijdragen 2022 - 2024

Werkplan

2022 Begroot

Realisatie

2023 Begroot

2024 Begroot

Structurele bijdrage * (uren) - Afname bodemtaken m.i.v. 2024 - Materieel budget - Creditering publicatiekosten Subtotaal

3.172.633 (33.291) 25.000 30.0003.167.633

3.172.633 (33.291) 15.469 30.0003.158.102

3.317.320 (33.291) 50.000 30.0003.337.320

3.671.967 (33.291) 525.46954.500 30.0003.170.998

Variabele bijdrage - Werkplan Spoed en Nazorg - Financiële bijdrage BRIKS-advisering gemeenten - E-PRTR - Extra inzet Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) - Veiligheidsonderzoek waterbodems - Coördinatie blauwalgenprotocol * - Vervanging zwemwaterborden - Intensivering toezicht (incl. aanvullend budget) - Grondwaterkwaliteitstaak * Subtotaal

1.215.750 50.000 2.239 25.637 55.000 9.530 45.000 89.000 1.492.156

386.090 48.616 2.239 7.386 47.406 35.320 75.692 602.749

721.000 50.000 2.252 22.000 60.000 10.092 45.000 80.000 45.414 1.035.758

n.t.b. 50.000 2.252 22.000 60.000 50.000 n.t.b. 184.252

Aanvullende bijdrage (meerjarig) - Zwemwaterportaal Subtotaal

60.000 60.000

44.741 44.741

60.000 60.000

60.000 60.000

Aanvullende bijdrage (eenjarig) - Projectondersteuning Planstudie N207 zuid * - Netwerk nieuwe energie * - Programmatische aanpak CE: ZZS afval en circulaire economie * - Kennisschakelpunt ZZS * - Afvalbrandpreventie - Vervoersmanagement Subtotaal

21.443 20.395 57.085 14.295 19.060 2.859 135.137

21.443 5.647 56.608 4.265 8.077 2.859 98.899

22.707 19.175 51.267 12.615 105.764

n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. -

Aanvullende bijdragen (buiten opdrachtbrief) - Erfgoed in gebiedsgenese Midden-Holland (restant 2021) - Ontwikkelen dashboard ODMH - Opstarten zakelijk regionaal energieloket (uitstel) - Aardkundige waarden 2022 - Opdracht voor presentatie ter kennisverdeling vervoer bij bedrijven - Commissie MER Krachtige IJsseldijken Krimpenerwaard Subtotaal

4.205 6.671 70.000 7.500 1.339 29.000 118.715

4.205 6.862 70.000 7.500 1.334 29.000 118.901

-

-

4.973.641

4.023.392

Totale provinciale bijdrage voor het werkplan

4.538.842

3.415.250

Toelichting Dit overzicht toont de gerealiseerde provinciale bijdragen voor het jaar 2022 en de begrote bijdragen voor de jaren 2023 en 2024. De items die met een asterisk (*) zijn aangeduid, zijn voor het jaar 2023 aangepast aan de aparte tarieven die gelden in dat jaar voor het 1e en het 2e half jaar.

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

41 van 43

Bijlage 3: Begroting op taakvelden

Taakveld Omschrijving 0.1 Bestuur 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van rekening van baten en lasten 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken 7.2 Riolering 7.4 Milieubeheer 8.3 Wonen en bouwen Totaal taakvelden

Taakveld Omschrijving 0.1 Bestuur 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van rekening van baten en lasten 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken 7.2 Riolering 7.4 Milieubeheer 8.3 Wonen en bouwen Totaal taakvelden

Jaarrekening 2022 Lasten Baten 25 6.939 -670 104 -22 10 -96 87 222 -305 525 -803 9.709 -14.209 6.210 -7.725 23.830 -23.830

Begroting 2023 Lasten Baten 24 7.004 -511 96 10 -54 232 -304 586 -896 10.279 -14.636 4.697 -6.527 22.928 -22.928

Begroting 2024 Lasten Baten 24 7.918 -667 89 -112 11 -55 239 -339 563 -891 10.423 -15.770 5.831 -7.264 25.097 -25.097

Begroting 2025 Lasten Baten 24 8.215 -694 81 -112 11 -76 246 -350 582 -921 10.764 -16.296 6.021 -7.495 25.944 -25.944

Begroting 2026 Lasten Baten 24 8.545 -721 73 -112 11 -76 256 -364 605 -958 11.192 -16.948 6.206 -7.733 26.912 -26.912

Begroting 2027 Lasten Baten 24 8.887 -750 65 -112 12 -76 266 -378 628 -996 11.621 -17.626 6.141 -7.705 27.644 -27.644

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

42 van 43

Bijlage 4: Informatie 2024 voor verbonden partijen

22.418.837 112

Alphen aan den Rijn 3.929.061 20

Bodegraven Reeuwijk 3.493.547 17

Eigen vermogen begin jaar Eigen vermogen ultimo jaar Vreemd vermogen begin jaar Vreemd vermogen ultimo jaar Financieel resultaat

1.752.000 1.687.000 10.659.000 10.495.000 -

x x x x x

x x x x x

x x x x x

Gewenst weerstandsvermogen Aanwezige weerstandscapaciteit Aanwezige weerstandscapaciteit in %

1.531.515 1.402.500 91,6%

x x x

x x x

x x x

10,2% 16,7% 0,0%

x x x

x x x

x x x

Omschrijving

Totaal

Belang deelnemer in ODMH Stemverhouding per AB-lid

Netto schuldquote Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Belang deelnemer in ODMH Stemverhouding per AB-lid

2.363.591 12

Provincie ZuidHolland 3.170.992 16

Eigen vermogen begin jaar Eigen vermogen ultimo jaar Vreemd vermogen begin jaar Vreemd vermogen ultimo jaar Financieel resultaat

x x x x x

Gewenst weerstandsvermogen Aanwezige weerstandscapaciteit Aanwezige weerstandscapaciteit in % Netto schuldquote Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Omschrijving

Krimpenerwaard

Waddinxveen

Gouda 4.265.252 21

Zuidplas

1.859.085 9

3.337.309 17

x x x x x

x x x x x

x x x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

Toelichting stemverhouding: Voor elke € 100.000 ingebracht (structureel) budget op basis van de laatst vastgestelde begroting ontstaat voor de betreffende deelnemer één stem. Elke deelnemer heeft twee AB-leden.

Gewijzigde Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland

43 van 43

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13422995/1