Bijlage 2 Beantwoording technische vragen Referentiebeeld Maatschappelijke Voorzieningen Z21.002927
Tekst van het document
*Z21.002927*
Memo
onderwerp beantwoording technische vragen
datum 01/10/2021
kenmerk Z21.002927
ter attentie van
kopie aan
bijlage
afzender N. Bakker
telefoon 0180-330300
e-mail niels.bakker@zuidplas.nl
cluster Beleid Samenleving en Bestuursadvies
Technische vragen van de SP mw S. Rodenburg
1) Domein sport openbare ruimte. Bij de leidraad staat: de gehele buitenruimte is potentiële speelruimte. Wat verstaat men hieronder? Zijn er uitzonderingen? In elk dorp een JOP (jongeren ontmoetings plaats) Hoeveel van deze plaatsen zijn er nu volgens het college? (Graag inclusief dorp en specifieke locatie) Welke voorzieningen/criteria zijn er nodig voor het een JOP genoemd kan worden volgens het college? Onder ‘gehele buitenruimte is potentiele speelruimte’ verstaan we de ingerichte speelplekken maar ook de pleintjes, groenstroken en (nabij) parken. Variatie in speel en spelaanleidingen in te brengen creëert de mogelijkheid om overal te spelen. In Moerkapelle is een JOP bij dorpshuis Op Moer. In Zevenhuizen is een JOP op de Leliestraat en in Nieuwerkerk is een JOP bij ‘het Blok’. Een JOP is zoals u omschrijft een jongeren ontmoetingsplek. Dit kan in verschillende vormen ingevuld worden. In Moerkapelle en Zevenhuizen is er voor gekozen om een overkapping te plaatsen waar de jongeren droog kunnen zitten, maar waarbij er nog wel genoeg zicht is van buitenaf. In Nieuwerkerk heeft dit een andere vorm gekregen in de vorm van de binnen- en buitenruimte van het Blok. Waarbij er voldoende ruimte is vrijgemaakt voor de jongeren om samen te komen.
Ook zijn er andere vormen van ontmoetingsplekken mogelijk, waarbij er wordt gedacht aan een bredere doelgroep zoals een jong en oud voorziening of een buurttuin. Vanuit de gemeente wordt er wel gesproken met de jongeren om zo beter aan te sluiten bij de jongeren en daarnaast overlast te beperken. 2) Onderhoudskosten. (Pagina 14) Waarom zijn de verwachte onderhoudskosten tot 2030 zoveel hoger (tot zes keer) dan na 2030) Het huidige speel- en beweegplan heeft tot 2030 een financiële doorkijk voor de huidige 4 dorpen. Vanaf 2024 is er een grove schatting gemaakt voor de kosten van het 5 e dorp. Deze loopt mee tot 2030 met het huidige speel- en beweegplan. Vanaf 2030 zijn alleen de bedragen opgenomen van de geschatte onderhoudskosten voor het 5e dorp.
_________________________________________________________________________
Pagina 1 van 3
onderwerp
registratienummer
beantwoording technische vragen
Z21.002927
Technische vragen CU/SGP dhr P. Molenaar 1) In referentiebeeld maatschappelijke voorzieningen worden de kaders per domein aangegeven. Hoe verhouden deze kaders zich t.o.v. landelijk? Bij welk kader en welk leidraad presteert Zuidplas bovengemiddeld en waar onder gemiddeld t.o.v. landelijk? De domeinen sport & cultuur zijn het meest afwijkend in den lande. Dit komt omdat hierin geen wettelijke verplichting zit vanuit het Rijk. Gemeenten bepalen hierop hun eigen beleid. Er zijn wel landelijke benchmarks waarin gemeenten vergeleken kunnen worden met elkaar. Zo is in Zuidplas het in verenigingsverband sporten boven gemiddeld en laat nog steeds een stijgende trend zien daar waar de landelijke trend dalende is. Een andere opvallende benchmark is het animocijfer voor zwemmen. Daarin valt op dat in Zuidplas een laag animocijfer heeft voor de hoeveelheid zwemwater. Voor het domein onderwijs hebben wij een verplichting ten aanzien van de huisvesting. Er kan hier niet boven of onder gemiddeld gescoord worden. Vanuit zorg volgen wij de richtlijnen vanuit de GGD. Dit kan ook gezien worden als benchmark en volgt Zuidplas deze richtlijnen goed. 2) Waar zit nu al een scheefgroei in vraag en aanbod bij de vier domeinen in de bestaande dorpen, waar ontstaat nu al frictie? Is dit inzichtelijk te maken? Frictie is zichtbaar bij het domein sport.
Zoals gezegd is het verenigingsleven binnen Zuidplas goed. Dat heeft als gevolg dat er veel behoefte is aan ruimte (velden en sporthallen). De frictie zit hem ook in de landelijke trend. De vraag is of wij op termijn ook deze trend gaan volgen. Wat vervolgens weer invloed heeft op onze accommodaties maar ook op de inrichting van de buitenruimte. 3) Is door Corona het beeld van de genoemde kaders in vraag 1 aan het veranderen? Ja, ongebonden sporten is extra toegenomen door Corona. Dit heeft invloed op het verenigingsleven. Vooralsnog zijn deze signalen in beperkte mate in Zuidplas te horen maar dit kan nog veranderen. 4) Wordt het geactualiseerde referentiebeeld steeds aan de raad ter besluitvorming voorgelegd? Ja, elke 2 jaar tijdens de zomernota 5) Welke lessen met betrekking tot maatschappelijke voorzieningen zijn er te trekken uit de ervaringen door groei aan de bestaande dorpen? Denk o.a. aan tijdige scholenbouw. Een goede les die getrokken is, is dat maatschappelijke voorzieningen in een vroeg stadium betrokken zijn bij de opgave van het 5e dorp. Aan de voorkant is voor alle domeinen voldoende ruimte gereserveerd om een volwaardig en leefbaar dorp te realiseren. Daarnaast geeft het referentiebeeld tijdig weer wanneer uitbreiding in de andere dorpen extra maatschappelijke voorzieningen behoeven.
Door aan de voorkant inzichtelijk te hebben welke voorzieningen nodig zijn kunnen onderwijshuisvesting of andere voorzieningen in principe niet vergeten worden. 6) Langs welke criteria met betrekking tot maatschappelijke voorzieningen wordt de lat gelegd? Wat valt wel onder maatschappelijke voorzieningen en wat valt niet onder maatschappelijke voorzieningen. Hoe houd je hier oog voor? Voor het referentiebeeld maatschappelijke voorzieningen is uitgegaan van een gebouw of terrein met een publieke functie waarin de gemeente in meer of mindere mate een ondersteunende rol heeft. Dit kan een faciliterende/ondersteunende rol zijn bij het realiseren van kinderopvang tot het volledig ontwikkelen en financieren van onderwijshuisvesting.
Pagina 2 van 3
onderwerp
registratienummer
beantwoording technische vragen
Z21.002927
7) Kerken worden in dit stuk niet genoemd, waarom niet? Hoewel ruimte voor geloofsovertuigingen in Zuidplas een belangrijke plek inneemt binnen de maatschappij past dit niet binnen de criteria van dit referentiebeeld zoals in het antwoord van de vorige vraag is verwoord. Als voorbeeld zijn apotheken en huisartsen wel opgenomen in het referentiebeeld terwijl de gemeentelijke rol daarin ook beperkt is. Echter geeft de GGD wel richtlijnen en adviezen op het gebied van apotheken en huisartsen. Zo weten we voor het 5 e dorp hoeveel apotheken en huisartsen we, volgens de GGD, zouden moeten hebben. En kunnen we bij groei in de andere dorpen zien of dit gevolgen heeft op de druk van apotheken en huisartsen. Dat helpt ons ook weer in de gesprekken met deze partijen.
Pagina 3 van 3